naslaan.comZoekenAlle merken

AEG 69476IU-MN, tekst van de handleiding

Pagina's 14–33 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–13verder op pagina 35 →

Pagina 14

14 www.aeg.com

Om de functie in werking te stellen moet de kookzone koud zijn.

Om de functie voor een kookzone in

te schakelen: raak aan ( gaat aan). Raak meteen de gewenste kookstand

aan. Na 3 seconden gaat branden.

De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.

5.10 PowerBoost

Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand.

Om de functie voor een kookzone in

te schakelen: raak aan. gaat aan.

Om de functie uit te schakelen: wijzig de kookstand.

5.11 Timer

Timer met aftelfunctie

U kunt deze functie gebruiken om in te stellen hoe lang de kookzone moet werken voor een kooksessie.

Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie.

Kookzone instellen:raak meerdere malen aan tot het lampje van de gewenste kookzone brandt.

De functie inschakelen: raak van de timer aan om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone langzaam gaat knipperen, wordt de tijd afgeteld.

Resterende tijd weergeven: selecteer

de kookzone met . Het indicatielampje van de kookzone gaat sneller knipperen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven.

Om het juiste tijdstip van de dag te

.

wijzigen: selecteer de kookzone met

Raak of aan.

De functie uitschakelen: stel de

kookzone in met en raak aan. De resterende tijd telt af naar 00. Het indicatielampje van de kookzone gaat uit.

Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordt uitgeschakeld.

Het geluidssignaal stopzetten: Raak aan.

CountUp Timer (De timer met optelfunctie)

Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang de kookzone werkt.

Kookzone instellen:raak meerdere malen aan tot het lampje van de gewenste kookzone brandt.

De functie inschakelen: raak van de

timer aan. gaat aan. Als het lampje van de kookzone langzaam knippert, wordt de tijd opgeteld. De display

schakelt tussen en getelde tijd (minuten).

Om in de gaten te houden hoelang de kookzone werkt: selecteer de kookzone

met . Het indicatielampje van de kookzone gaat sneller knipperen. De display geeft aan hoe lang de zone werkt.

De functie uitschakelen: stel de

kookzone in met en raak of aan. Het indicatielampje van de kookzone gaat uit.

Kookwekker

U kunt deze functie gebruiken als kookwekker terwijl de kookplaat is ingeschakeld en de kookzones niet werken. De warmtestand op het display

toont .

De functie inschakelen: Raak aan.

Raak of van de timer aan om de tijd in te stellen. Als de tijd verstreken is,

Pagina 15

NEDERLANDS 15

klinkt er een geluidssignaal en knippert

00.

Het geluidssignaal stopzetten: Raak aan.

De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones.

5.12 STOP+GO

Deze functie stelt alle kookzones die in werking zijn in op de laagste kookstand.

Als de functie in gebruik is, kunt u de kookstand niet wijzigen.

De functie stopt de timerfunctie niet.

Om de functie in te schakelen: raak

aan. gaat branden.

Om de functie uit te schakelen: raak aan. De vorige kookstand gaat aan.

5.13 Blokkering

U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd.

Stel eerst de kookstand in.

Om de functie in te schakelen: raak

aan. gaat gedurende 4 seconden aan.De timer blijft aan.

Om de functie uit te schakelen: raak aan. De vorige kookstand gaat aan.

Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.

5.14 Kinderbeveiliging van de oven

Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt.

Om de functie in te schakelen: schakel

de kookplaat in met . Stel geen kookstand in. Raak 4 seconden aan.

gaat aan. Schakel de kookplaat uit

met .

Om de functie uit te schakelen: schakel

de kookplaat in met . Stel geen kookstand in. Raak 4 seconden aan.

gaat aan. Schakel de kookplaat uit

met .

De functie gedurende één kooksessie onderdrukken: zet de kookplaat aan

met . gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt

met , treedt de functie weer in werking.

5.15 Vermogensbeheer-functie

Pagina 16

16 www.aeg.com

6. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

6.1 Kookgerei

Bij een inductiekookzone zorgt een sterk elektromagnetisch veld ervoor dat het kookgerei erg snel heet wordt.

Gebruik de inductiekookzones met geschikt kookgerei.

Materiaal van het kookgerei

Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:

De bodem van het kookgerei moet zo dik en vlak mogelijk zijn.

Afmetingen van de pannen

Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de grootte van de bodem van de pan aan.

De efficiëntie van de kookzone heeft betrekking op de diameter van het kookgerei. Kookgerei met een diameter die kleiner is dan het minimum, ontvangt slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd.

6.2 Minimale diameter van het kookgerei

KookzoneDiameter van het kookgerei (mm)
Linksachter125 - 210
Rechtsachter125 - 210
Rechtsvoor125 - 210
Linksvoor125 - 210

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

6.3 Lawaai tijdens gebruik

Als u dit hoort:

Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect van de kookplaat te maken.

6.4 Öko Timer (Eco-timer)

Om energie te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerder uit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kookt.

6.5 Voorbeelden van kooktoepassingen

De correlatie tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is niet lineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, is dit niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een

Pagina 17

NEDERLANDS 17

kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gebruikt.

De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn.

VerwarmingsstandGebruik om:Tijd (min)Tips
- 1Bereide gerechten warmhouden.zoals nodigEen deksel op het kookgerei doen.
1 - 3Hollandaisesaus, smelten: boter, chocolade, gelatine.5 - 25Van tijd tot tijd mengen.
1 - 3Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren.10 - 40Met deksel bereiden.
3 - 5Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op melkbasis, reeds bereide gerechten opwarmen.25 - 50Voeg minimaal twee keer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door.
5 - 7Stomen van groenten, vis en vlees.20 - 45Voeg een paar eetlepels vocht toe.
7 - 9Aardappelen stomen.20 - 60Gebruik max. ¼ l water voor 750 g aardappelen.
7 - 9Bereiden van grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen.60 - 150Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten
9 - 12Lichtjes braden: kalfsoester, cordon bleu van kalfsvlees, koteletten, rissoles, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, donuts.zoals nodigHalverwege de bereidingstijd omdraaien.
12 - 13Door-en-door gebraden, opgebakken aardappelen, lendenbiefstukken, steaks.5 - 15Halverwege de bereidingstijd omdraaien.
14Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees), frituren van friet.
Aan de kook brengen van grote hoeveelheden activeerd.water. PowerBoost is ge-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

7. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

7.1 Algemene informatie

Pagina 18

18 www.aeg.com

7.2 De kookplaat schoonmaken

de speciale schraper schuin op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.

Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek.

8. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

8.1 Elektronische tijdschakelklok

1 2 3 4 5
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat
6 7 8 9 10 te bedienen.
TiptoetsFunctieBeschrijving
1 -WEERGAVEToont de huidige instellingen van het apparaat.
2AAN / UITHet apparaat in- en uitschakelen
3OPTIESOm een ovenfunctie of een automatisch programma in te stellen.
4MIJN FAVORIETE PROGRAMMAHet opslaan van uw favoriete programma's. Gebruik deze functie om uw favoriete programma rechtstreeks te openen, ook als het apparaat is uitgeschakeld.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Pagina 19

NEDERLANDS 19

TiptoetsFunctieBeschrijving
5TEMPERATUUR / SNEL OPWARMENDe temperatuur in de oven of de temperatuur van de vleesthermometer instellen en controleren (indien aanwezig). Als u de knop drie seconden ingedrukt houdt, wordt de functie Snel opwarmen in- en uitgeschakeld. Rechtstreekse toegang tot de temperatuurinstelling van de eerste ovenfunctie wanneer het apparaat is uitgeschakeld.
6OMHOOG, OM-LAAGOmhoog of omlaag gaan in het menu.
7OKDe selectie of instelling bevestigen.
8OVENVERLICH-TINGHet lampje in- of uitschakelen.
9KLOKDe klokfuncties instellen.
10KOOKWEKKERDe Kookwekker instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

8.2 Display

Andere indicaties op het display:

A. Ovenfunctiesymbool

B. Display van temperatuur/tijd

C. Weergave Klok/restwarmte/ kookwekker

D. Indicatielampjes voor de klokfuncties

E. Restwarmte-indicatie /

Opwarmindicatie /

Snelverhitindicatie

F. Nummer van een ovenfunctie/het programma

SymboolNaamBeschrijving
FunctiesU kunt een ovenfunctie kiezen.
Automatisch programmaU kunt een automatisch programma kiezen.
Mijn favoriete programmaHet programma Favoriet is in werking.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Pagina 20

20 www.aeg.com

SymboolNaamBeschrijving
/kg / gEen automatisch programma met gewichtinvoer is in werking.
/u / minEen klokfunctie is in werking.
Temperatuur / Snel opwarmenDe functie werkt.
HuishoudelijkDe actuele temperatuur wordt aangegeven.
HuishoudelijkU kunt deze temperatuur wijzigen.
DeurslotDe functie deurvergrendeling is ingeschakeld.
BinnenverlichtingU hebt het licht uitgeschakeld.
KookwekkerDe kookwekker staat aan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

8.3 Voorverwarmindicatie

Als u een ovenfunctie inschakelt, gaan de balkjes op het display branden. De balkjes geven aan dat de temperatuur in het apparaat toe- of afneemt.

Wanneer het apparaat de ingestelde temperatuur heeft bereikt, verdwijnen de balkjes van het display.

8.4 Het apparaat gebruiken

U kunt het apparaat gebruiken in:

8.5 Ovenfuncties

OvenfunctieApplicatie
HeteluchtOm op twee ovenniveaus te bakken of om voedsel te drogen.Stel de temperatuur 20 - 40°C lager in dan voor Boven + Onderwarmte
Pizza HeteluchtOm gerechten op één niveau te bakken met intensief bruineren en een krokantere korst. Stel de temperatuur 20 - 40°C lager in dan voor boven- en onderwarmte.
Lage Temperatuur GarenVoor het bereiden van mals en sappig braadvlees.
Boven-/Onder-warmteVoor het bakken en braden op een ovenniveau.
Bevroren GerechtenOm kant-en-klaar-gerechten zoals patat, aardappelpartjes of loempia's krokant te maken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

Pagina 21

NEDERLANDS 21

OvenfunctieApplicatie
CirculatiegrillVoor het braden van grotere stukken vlees of gevogelte met botten op één niveau. Ook om te gratineren en te bruinen.
Grill IntensVoor het roosteren van plat voedsel in grote hoeveelheden en voor het maken van toast.
GrillOm plat voedsel te grillen en brood te roosteren.
Hetelucht (vochtig)Voor het bakken van taarten, gebak, brood. Om tijdens de bereiding energie te besparen. Deze functie moet worden gebruikt in overeenstemming met de Hetelucht (vochtig) om de gewenste kookresultaten te bereiken. Raadpleeg het hoofdstuk aanwijzingen en tips, Hetelucht (vochtig) voor meer informatie over de aanbevolen instellingen. Deze functie wordt gebruikt om de energie-efficiëntieklasse vast te stellen overeenkomstig EN 60350-1.
Warm houdenOm het voedsel warm te houden.
OntdooienDeze functie kan gebruikt worden om bevroren voedsel te ontdooien zoals groente en fruit. De ontdooitijd hangt af van de hoeveelheid en dikte van het voedsel.
OnderwarmteVoor het bakken van taarten met een knapperige bodem en het inmaken van voedsel.
ECO-bradenAls u deze functie tijdens het koken gebruikt, kunt u het energieverbruik optimaliseren. Voor meer informatie over de aanbevolen instellingen raadpleegt u het hoofdstuk 'Aanwijzingen en tips' met de equivalente ovenfunctie (Circulatiegrill).
Pyrolytische reinigingAutomatische pyrolytische reiniging van de oven. Hierdoor worden vuilresten in de oven verbrand.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

8.6 De ovenfunctie instellen

Het display geeft de ingestelde temperatuur, het symbool en het nummer van de ovenfunctie weer.

Als u het apparaat activeert en geen ovenfunctie of programma instelt, wordt het apparaat na 20 seconden automatisch uitgeschakeld.

Pagina 22

22 www.aeg.com

8.7 Temperatuur wijzigen

Raak of om de temperatuur in stappen van 5 °C te wijzigen.

Wanneer het apparaat de ingestelde temperatuur heeft bereikt, weerklinkt er drie keer een geluidssignaal en gaat de verwarmingsindicatie uit.

8.8 Temperatuur opvragen

U kunt de temperatuur in het apparaat controleren wanneer de functie of het programma in werking is.

Het temperatuur-/tijddisplay geeft de temperatuur in het apparaat aan.

8.9 Functie Snel opwarmen

Leg geen voedsel in de oven wanneer de functie Snel opwarmen is ingeschakeld.

De functie Snel opwarmen is niet bij elke ovenfunctie beschikbaar. Als de Fouttoon is ingeschakeld in het Instelmenu zal als deze functie niet beschikbaar is voor de ingestelde functie, er een geluidssignaal klinken. Raadpleeg "Het instelmenu gebruiken".

De functie Snel opwarmen verlaagt de opwarmtijd.

Om deze functie te activeren, tik op en houd meer dan drie seconden ingedrukt.

Als u de functie Snel opwarmen activeert, gaan de balkjes op het display

één voor één knipperen en gaat branden om aan te geven dat de functie werkt.

8.10 Gebruik van de functie Mijn favoriet programma

Gebruik deze functie voor het opslaan van uw favoriete temperatuur- en tijdinstellingen van een ovenfunctie of programma.

raakt u aan. Het apparaat start het programma Favoriet.

Wanneer de functie in werking is, kunt u de tijd en temperatuur veranderen.

functie raakt u aan. Het apparaat beëindigt het programma Favoriet.

8.11 Gebruik van het Kinderslot

Het kinderslot voorkomt dat het apparaat per ongeluk in werking wordt gesteld.

Als de pyrolysefunctie actief is, wordt de deur vergrendeld. Er verschijnt een melding op het display als u een tiptoets aanraakt.

deactiveer het apparaat met . Stel geen ovenfunctie in.

Er klinkt een geluidssignaal.

SAFE verschijnt op het display. De deur blijft vergrendeld.

Om het Kinderslot te deactiveren, herhaal stap 2.

8.12 Gebruik van de Functievergrendeling

U kunt de functie alleen inschakelen als het apparaat in werking is.

Toetsblokkering voorkomt dat een ovenfunctie per ongeluk wordt ingeschakeld.

Pagina 23

NEDERLANDS 23

Loc verschijnt op het display.

Om de Functievergrendeling te deactiveren, herhaal stap 3.

Als de pyrolysefunctie actief is, wordt de deur vergrendeld. Er verschijnt een melding op het display als u een tiptoets aanraakt.

U kunt het apparaat uitschakelen als de toetsblokkering aan is. Als u het apparaat uit zet, wordt de toetsblokkering uitgeschakeld.

8.13 Gebruik van het instellingenmenu

U kunt het instellingenmenu alleen instellen wanneer de oven is uitgeschakeld.

Het instellingenmenu laat u toe om functies in het hoofdmenu te activeren en deactiveren. Het display toont SET en het nummer van de instelling.

BeschrijvingIn te stellen waarde
1QUICK STARTAAN/UIT
2RESTWARMTE-INDICATIEAAN/UIT
3REINIGINGSHERINNERINGAAN/UIT
4TOETSVOLUME1)KLIKKEN / PIEPEN / UIT
5FOUTTOONAAN/UIT
6DEMO MODUSActiveringscode: 2468
7ONDERHOUDSMENU-
8INSTELLINGEN RESETTENJA / NEE

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Het display geeft "SET1" weer en "1" knippert.

Raak om het Instellingenmenu te

verlaten aan of houd vast.

8.14 Automatische uitschakeling

Om veiligheidsredenen wordt het apparaat na een tijdje automatisch uitgeschakeld als een ovenfunctie werkt en u geen instellingen wijzigt.

Temperatuur (°C)Uitschakeltijd (u)
30 - 11512.5
120 - 1958.5
200 - 2455.5

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

24 www.aeg.com

Temperatuur (°C)Uitschakeltijd (u)
250 - maximum1.5

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Na een automatische uitschakeling, raakt u een tiptoets aan om het apparaat weer in werking te stellen.

De automatische uitschakeling werkt niet met de functies: licht, langzaam garen, duur, einde, tijduitstel.

8.15 Helderheid van het display

Er zijn twee standen voor de helderheid van het display:

AAN/UIT), keert het display gedurende 10 seconden terug naar helderheid voor overdag.

Wanneer de kookwekker eindigt, keert het display terug naar helderheid voor 's nachts.

8.16 Koelventilator

Als de oven in werking is, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van de oven koel te houden. Na het uitschakelen van de oven blijft de ventilatie doorgaan totdat de oven is afgekoeld.

8.17 De accessoires plaatsen

Bakrooster:

Plaats het rooster tussen de geleidestangen van de roostersteun en zorg ervoor dat de pootjes omlaag staan.

Bakplaat / Diepe pan:

Schuif de bakplaat / diepe pan tussen de geleidestangen van de roostersteun.

Bakrooster en bakplaat / diepe pan samen:

Plaats de bakplaat / diepe pan tussen de geleiders van de inschuifrails en het bakrooster op de geleiders erboven.

8.18 Telescopische geleiders - de ovenaccessoires plaatsen

Met de telescopische geleiders kunt u de roosters eenvoudig plaatsen en verwijderen.

Pagina 25

NEDERLANDS 25

LET OP!

Reinig de telescopische geleiders niet in de afwasautomaat. Maak de telescopische geleiders niet vet.

LET OP!

Zorg dat u de telescopische geleiders helemaal in de oven schuift voordat u de ovendeur sluit.

Bakrooster:

Plaats het bakrooster op de telescopische geleiders zodat de pootjes naar beneden zijn gericht.

Door de verhoogde rand die om het rooster loopt is het kookgerei bovendien beveiligd tegen wegglijden.

Braadpan:

Plaats de braadpan op de telescopische geleiders.

Bakrooster en braadpan samen:

Plaats het rooster en de braadpan samen op de telescopische geleider.

9. OVEN - KLOKFUNCTIES

9.1 Tabel met klokfuncties

KlokfunctieApplicatie
DAGTIJDDe tijd van de dag controleren of wijzigen. U kunt de dagtijd alleen wijzigen als het apparaat aanstaat.
DUURInstellen hoe lang het apparaat in werking is.
EINDEInstellen wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld.
TIJDUITSTELCombineren van de functie TIJDSDUUR en EINDE.
QUICK STARTHet apparaat wordt op een later tijdstip met één aanraking van de tiptoets met de benodigde instellingen gestart.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Pagina 26

26 www.aeg.com

KlokfunctieApplicatie
KOOKWEKKERVoor het instellen van een afteltijd. Deze functie heeft geen invloed op de werking van de oven. U kunt de KOOKWEKKER op elk gewenst moment instellen, ook als het apparaat uit staat.
00:00TIMER MET OPTEL-FUNCTIEOm de optelfunctie in te stellen; toont hoe lang het apparaat in werking is. Deze functie heeft geen invloed op de werking van het apparaat. Deze wordt onmiddellijk ingeschakeld wanneer de oven begint met opwarmen. De OPTELTIMER is niet geactiveerd als TIJDSDUUR en EINDE zijn ingesteld.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

9.2 TIMER MET OPTELFUNCTIE

herhaaldelijk op tot in het display knippert.

9.3 De DUUR instellen

Wanneer de ingestelde tijd eindigt, weerklinkt er gedurende twee minuten

een geluidssignaal en knipperen en de tijd in het display. Het apparaat wordt uitgeschakeld.

9.4 Het EINDE instellen

te stellen en of om te bevestigen. U stelt eerst de minuten en dan de uren in.

Wanneer de ingestelde tijd eindigt, weerklinkt er gedurende twee minuten

een geluidssignaal en knipperen en de tijd in het display. Het apparaat wordt automatisch uitgeschakeld.

9.5 SET+GO instellen

U kunt de functie SET+GO alleen gebruiken als de DUUR is ingesteld.

Het display geeft en met een indicatie weer. Deze indicatie wordt weergegeven wanneer de klokfunctie wordt geactiveerd.

Pagina 27

NEDERLANDS 27

9.6 De KOOKWEKKER instellen

en "00" knipperen in het display.

bevestig met .

Wanneer de ingestelde tijd eindigt, weerklinkt er gedurende twee minuten een geluidssignaal en knipperen "00:00"

en in het display.

9.7 De tijdvertragingsfunctie instellen

De items DUUR en EINDE kunnen tegelijkertijd worden gebruikt, wanneer de oven op een later tijdstip automatisch wordt in- en uitgeschakeld. In dit geval

wordt de DUUR eerst ingesteld, en

dan EINDE (zie "De DUUR instellen" en "Het EINDE instellen").

Wanneer de tijdvertragingsfunctie wordt ingeschakeld, geeft het display het statische symbool van de ovenfunctie

weer, met een punt en

. De punt geeft aan welke klokfunctie zich op het display voor de klok-/ restwarmte bevindt.

10. OVEN - AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

10.1 Automatische programma's

ProgrammanummerProgrammanaam
1GEBRADEN VLEES
2GEROOSTERD VARKENSVLEES
3GEROOSTERD KALFSVLEES
4GEROOSTERD LAMSVLEES
5GEROOSTERD WILD
6HELE KIP
7VISFILET
8PIZZA
9QUICHE LORRAINE
10CITROENCAKE
11KWARKTAART

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Pagina 28

28 www.aeg.com

ProgrammanummerProgrammanaam
12GOOIT
13VOLKORENBROOD
14DEEG LATEN RIJZEN
15AARDAPPELGRATIN
16LASAGNE
17CANNELLONI
18KANT-EN-KLARE TAART
19AFBAKPIZZA
20KANT-EN-KLARE AARDAPPELGERECHTEN
10.2 Automatische programma'sOp het display verschijnt: de kooktijd, duursymbool, , een standaard gewicht, een maateenheid (kg, g).

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

symbool knippert.

10.3 Automatische programma's met gewichtinvoer

Als u het gewicht van het vlees instelt, berekent het apparaat de braadtijd.

met of . Tik op .

minuten een geluidssignaal.

knippert.

10.4 Automatische programma's met vleesthermometer (geselecteerde modellen)

De kerntemperatuur van het gerecht is standaard en kan in programma's met de vleesthermometer niet worden veranderd. Het programma eindigt wanneer het apparaat de ingestelde kerntemperatuur heeft bereikt.

Pagina 29

NEDERLANDS 29

Op het display verschijnt de kooktijd,

en .

Wanneer de ingestelde tijd is verlopen, klinkt er gedurende twee minuten een geluidssignaal. De waarde van de

kerntemperatuur en knipperen.

11. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

De temperaturen en baktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn afhankelijk van de recepten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediënten.

Verwarm de lege oven altijd 20 minuten voordat u gaat koken voor op de vereiste temperatuur voor het voedsel.

11.1 Bakken

instellingen zoals temperatuur, gaartijd en ovenniveau aan de tabelwaarden aan.

10 - 15 minuten langer zijn.

Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet. De verschillen verminderen tijdens het bakproces.

11.2 Baktips

BakresultaatMogelijke oorzaakOplossing
De onderkant van de cake is niet voldoende gebruind.De rekstand is incorrect.Plaats de cake op een lagere rekstand.
De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig.De oventemperatuur is te hoog.De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur lager in.
De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig.Te korte baktijd.Baktijd verlengen. U kunt de baktijd niet verlagen door een hogere temperatuur in te stellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)

Pagina 30

30 www.aeg.com

BakresultaatMogelijke oorzaakOplossing
De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig.Er zit te veel vloeistof in het mengsel.Minder vocht gebruiken. Let op de kneedtijden, vooral bij het gebruik van keukenmachines.
De cake is te droog.De oventemperatuur is te laag.De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur hoger in.
De cake is te droog.Te lange baktijd.De volgende keer dat u een cake bakt, gebruikt u een kortere baktijd.
De cake wordt ongelijkmatig bruin.De oventemperatuur is te hoog en de baktijd te kort.De baktemperatuur lager instellen en de baktijd verlengen.
De cake wordt ongelijkmatig bruin.Het deeg is niet gelijkmatig verdeeld.Verdeel het deeg gelijkmatig over de bakplaat.
De cake wordt niet gaar binnen de aangegeven baktijd.De oventemperatuur is te laag.De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur een beetje hoger in.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

11.3 Bereiding met hete lucht

Bakken op één ovenniveau

Bakken in een bakblik

GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Tulband of brioche150 - 16050 - 702
Moskovisch gebak / vruchtencake140 - 16050 - 901 - 2
Biscuittaart zonder vet150 - 1601)25 - 403
Taartbodem - zandtaartdeeg170 - 1801)10 - 252
Taartbodem - zacht cakedeeg150 - 17020 - 252
Appeltaart (2 vormen Ø 20 cm, diagonaal geplaatst)16060 - 902 - 3

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)

Pagina 31

NEDERLANDS 31

Gebak / brood op bakplaat

GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Kruimeltaart (droog)150 - 16020 - 403
Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/ roerdeeg) 1)15035 - 553
Vruchtentaart met kruimeldeeg160 - 17040 - 803
1) Gebruik braadpan. Koekjes
GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Zandkoekjes150 - 16010 - 203
Zandtaartdeeg/ Deegreepjes14020 - 353
Koekjes gemaakt van roerdeeg150 - 16015 - 203
Eiwitgebak / schuimgebak80 - 100120 - 1503
Bitterkoekjes100 - 12030 - 503
Koekjes gemaakt van gistdeeg150 - 16020 - 403
Klein bladerdeeggebak170 - 1801)20 - 303
Broodjes1601)10 - 353
Kleine cakes (20 stuks/bakplaat)1501)20 - 353
1) Oven voorverwarmen.
Tabel voor ovenschotels en gegratineerde gerechten
GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Stokbroden bedekt met gesmolten kaas160 - 1701)15 - 301
Gevulde groente160 - 17030- 601

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)

Pagina 32

32 www.aeg.com

Bakken op meerdere niveaus

Gebak / brood op bakplaat

GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte 2 standen
Roomsoezen / Eclairs160 - 1801)25 - 452 / 4
Kruimeltaart150 - 16030 - 452 / 4
1) Oven voorverwarmen.
Koekjes/small cakes/gebak/broodjes
GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte 2 standen
Zandkoekjes150 - 16020 - 402 / 4
Zandtaartdeeg/ Deegreepjes14025 - 452 / 4
Koekjes gemaakt van roerdeeg160 - 17025 - 402 / 4
Eiwitgebak, schuimgebak80 - 100130 - 1702 / 4
Bitterkoekjes100 - 12040 - 802 / 4
Koekjes gemaakt van gistdeeg160 - 17030 - 602 / 4
Klein bladerdeeggebak170 - 1801)30 - 502 / 4
Broodjes1801)25- 402 / 4
Kleine cakes (20 stuks/bakplaat)1501)20 - 402 / 4

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)

11.4 Boven- en onderwarmte op één niveau

Bakken in een bakblik

GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Tulband of brioche160 - 18050 - 702
Moskovisch gebak/vruchtencake150 - 17050 - 901 - 2
Biscuittaart zonder vet1701)25 - 403
Taartbodem van zandtaartdeeg190 - 2101)10 - 252
Taartbodem - zacht cakedeeg170 - 19020 - 252

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)

Pagina 33

NEDERLANDS 33

GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Appeltaart (2 vormen Ø 20 cm, diagonaal geplaatst)18060 - 901 - 2
Hartige taart (bijv. quiche lorraine)180 - 22035 - 601
Kwarktaart160 - 18060 - 901 - 2
1) Oven voorverwarmen. Gebak op bakplaat
GerechtTemperatuur (°C)Tijd (min)Roosterhoogte
Vlechtbrood/broodkrans170 - 19040 - 502
Kerststol160 - 1801)50 - 702
Brood (roggebrood):
1. Eerste deel van het bakproces.
2. Tweede deel van het bakproces.
1. 2301)
2. 160 - 1801)
1. 20
2. 30 - 60
1 - 2
Roomsoezen/tompoezen190 - 2101)20 - 353
Koninginnenbrood (opgerolde cake met jam)180 - 2001)10 - 203
Kruimeltaart (droog)160 - 18020 - 403
Amandelcake/suikertaart190 - 2101)20 - 303
Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/ sponsdeeg) 2)17035 - 553
Vruchtentaart met kruimeldeeg170 - 19040 - 603
Plaatkoek met kwetsbare garnering (bijv. kwark, room, puddingvulling)160 - 1801)40 - 803
Pizza (met veel garnering)190 - 2101)30 - 501 - 2
Pizza (dunne korst)220 - 2501)15 - 251 - 2
Ongedesemd brood230 - 25010 - 151
Vlaaien (CH)210 - 23035 - 501

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

← pagina's 2–13verder op pagina 35 →Inhoud