AEG BSE782220M, tekst van de handleiding
Pagina's 17–38 van 60 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–16verder op pagina 39 →
Pagina 17
| Gerecht | |
|---|---|
| Kip | Kippenvleugels, vers |
| Kippenvleugels, bevroren | |
| Kippenpoten, vers | |
| Kippenpoten, bevroren | |
| Gepocheerde kippenborst | |
| Kip, 2 helften | |
| Hele kip | |
| Hele eend | - |
| Hele gans | - |
| Hele kalkoen | - |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Voedselcategorie: Vlees
| Gerecht | |
|---|---|
| Rundvlees | Gekookt rundvlees |
| Gebraden vlees | |
| Gehaktbrood | |
| Rosbief | Rauw |
| Rauw | |
| Medium | |
| Medium | |
| Bien cuit | |
| Bien cuit | |
| Scandinavisch rundvlees | Rauw |
| Medium | |
| Bien cuit |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
NEDERLANDS 17
| Gerecht | |
|---|---|
| Varkensvlees | Chipolataworstjes |
| Spare ribs | |
| Varkensschenkel, voorgekookt | |
| Varkensvlees | |
| Varkensrug | |
| Varkensrug | |
| Varkenslapje, gerookt | |
| Varkenslapje, gepocheerd | |
| Varkensnek | |
| Varkensbraadstuk | |
| Geroosterd varkensvlees | |
| Gekookte ham | |
| Kalfsvlees | Kalfsschenkel |
| Kalfsrug | |
| Geroosterd kalfsvlees | |
| Lamsvlees | Lamsbout |
| Geroosterd lamsvlees | |
| Lamsrug | |
| Lamsgebraad, medium | |
| Lamsgebraad, medium |
Pagina 18: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 19
| Gerecht | |
|---|---|
| Kwarktaart, bakblik | - |
| Brownies | - |
| Koninginnenbrood (opgerolde cake met jam) | - |
| Plaatkoek | - |
| Kruimeltaart | - |
| Suikerkoek | - |
| Flanbodem | Zandkoekjes taartbodem |
| Roerdeeg biscuit | |
| Vruchtentaart | Vruchtentaart taartbodem |
| Roerdeeg vruchtentaart | |
| Gistdeeg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Voedselcategorie: Brood/Broodjes
| Gerecht | |
|---|---|
| Broodjes | Broodjes |
| Broodjes, voorgebakken | |
| Broodjes, bevroren | |
| Ciabatta | - |
| Baguette | Baguettes, voorgebakken |
| Baguettes, bevroren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
NEDERLANDS 19
| Gerecht | |
|---|---|
| Brood | Broodkrans |
| Witbrood | |
| Vlechtbrood | |
| Bruin brood | |
| Roggebrood | |
| Volkoren brood | |
| Ongedesemd brood | |
| Brood/Broodjes, bevroren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Voedselcategorie: Groenten
Gerecht
Broccoli, roosjes - Broccoli, heel - Bloemkool, roosjes - Bloemkool, heel - Wortelen - Courgetteplakjes - Asperges, groene - Asperges, wit - Paprikareepjes - Spinazie, vers - Preiringen - Sperziebonen - Plakjes champig- - nons
Gepelde tomaten - Spruitjes - Selderij, blokjes - Erwten - Aubergine - Venkel -
Pagina 20
20 www.aeg.com
Gerecht
Artisjokken
Rode bietjes
Schorseneren
Koolrabireepjes
Witte bonen
Savooiekool
Voedselcategorie: Crèmes en terrines
| Gerecht | |
|---|---|
| Eiervla | - |
| Caramelflan | - |
| Terrines | - |
| Eieren | Zachtgekookt ei |
| Middelhard gekookt ei | |
| Hardgekookt ei | |
| Gebakken eieren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Voedselcategorie: Bijgerechten
Gerecht
Frietjes, dun
Frietjes, dik
Frietjes, bevroren
Aardappelkroketjes
Aardappelpartjes
Rösties
Gekookte aardappels, kwartjes
Gekookte aardappelen
Aardappelen in de schil
Aardappelballetjes
Broodballetjes
Gerecht
Deegballen, hartig
Deegballen, zoet
Rijst
Verse tagliatelle
Polenta
Indien het noodzakelijk is het gewicht of de kerntemperatuur van het gerecht te wijzigen, gebruikt
u of om de nieuwe waarden in te stellen.
6.7 Een verwarmingsfunctie instellen
- 1. Schakel de oven in.
- 2. Selecteer het menu: Verwarmingsfuncties.
- 3. Druk op om te bevestigen.
- 4. Selecteer een ovenfunctie.
- 5. Druk op om te bevestigen.
- 6. Stel de temperatuur in.
- 7. Druk op om te bevestigen.
6.8 Bereiding met stoom
De klep van de waterlade bevindt zich in het bedieningspaneel.
WAARSCHUWING!
Gebruik uitsluitend koud leidingwater. Gebruik geen gefilterd (gedemineraliseerd) of gedistilleerd water. Gebruik geen andere vloeistoffen. Schenk geen ontvlambare of alcoholische vloeistoffen in het waterreservoir.
- 1. Druk op het deksel van het waterreservoir om het reservoir te openen.
- 2. Vul de waterlade tot het maximale niveau met koud water (ongeveer
950 ml) tot het geluidssignaal klinkt of het display het bericht toont. De watervoorraad is voldoende voor ca.
Pagina 21
NEDERLANDS 21
50 minuten. Vul de waterlade niet verder dan zijn maximum capaciteit.
Er bestaat een risico dat er water lekt, overloopt en meubelen beschadigt.
- 3. Plaats het waterreservoir terug op zijn oorspronkelijke plaats.
- 4. Oven inschakelen.
- 5. Stel de stoomverwarmingsfunctie en de temperatuur in.
- 6. Stel zo nodig de functie in: Duur
of: Eindtijd .
De stoom verschijnt na ca. 2 minuten. Als de oven de ingestelde temperatuur bereikt, klinkt er een geluidssignaal.
Als de waterlade droog komt te staan, klinkt het geluidssignaal en moet de waterlade zoals hierboven beschreven bijgevuld worden om het stoomkoken voort te zetten.
Aan het einde van de kooktijd klinkt er een geluidssignaal.
- 7. Oven uitschakelen.
- 8. Leeg het waterreservoir wanneer u klaar bent met stomen.
Raadpleeg de reinigingsfunctie: Reservoir ledigen.
LET OP!
De oven is heet. Gevaar voor brandwonden.
- 9. Na bereiding met stoom kan er stoom op de bodem van de ruimte condenseren. Droog de bodem van de ruimte altijd als de oven koud is. Laat de oven volledig uitdrogen met de deur geopend. Om het drogen te
verspoedigen kunt u de deur sluiten en de oven verwarmen met de functie: Hetelucht bij een temperatuur van 150 °C gedurende circa 15 minuten.
6.9 Indicatielampje bij voorverwarmen
Wanneer u een verwarmingsfunctie inschakelt, gaat het balkje op het display branden. Het balkje geeft aan dat de oventemperatuur toeneemt. Als de temperatuur bereikt is, zoemt de zoemer 3 maal en knippert de balk om vervolgens te verdwijnen.
6.10 Snel opwarmen
Deze functie verkort de opwarmtijd.
Leg geen voedsel in de oven wanneer de functie Snel opwarmen is ingeschakeld.
Als u de functie wilt activeren, houdt u
3 seconden ingedrukt. Het indicatielampje voorverwarmen wisselt. Deze functie is niet beschikbaar voor sommige ovenfuncties.
6.11 Restwarmte
Wanneer u de oven uitschakelt, geeft het display de restwarmte aan. U kunt de warmte gebruiken om het eten warm te houden.
Pagina 22
22 www.aeg.com
7. KLOKFUNCTIES
7.1 Tabel met klokfuncties
| Klokfunctie | Applicatie |
|---|---|
| Kookwekker | Om een afteltijd in te stellen (max. 2 uur en 30 minuten). Deze functie heeft geen invloed op de werking van de oven. Ook te gebruiken als de oven is uitgeschakeld. Gebruik om de functie in te schakelen. Druk op of om de minuten in te stellen en op om te starten. |
| Duur | Om de werkingsduur van de oven in te stellen (max. 23 uur 59 min.). |
| Eindtijd | Voor het instellen van de uitschakeltijd van een verwarmingsfunctie (max. 23 uur en 59 min). |
| Als u de tijd voor | een klokfunctie instelt, |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
begint het aftellen van de tijd na 5 seconden.
Als u de klokfuncties: Duur, Eindtijd gebruikt, schakelt de oven de warmte-elementen na 90% van de ingestelde tijd uit. De oven gebruikt de restwarmte om het kookproces voor te zetten totdat de tijd is verstreken (3 - 20 minuten).
7.2 De klokfuncties instellen
Alvorens u de functies: Duur, Eindtijd gebruikt, moet u een verwarmingsfunctie en temperatuur instellen. De oven wordt automatisch uitgeschakeld
U kunt de functies: Duur en Eindtijd tegelijkertijd gebruiken als u wilt dat de oven op een later tijdstip wordt geactiveerd of juist uitgezet.
De functies: Duur en Eindtijd werken niet als u de vleesthermometer gebruikt.
- 1. Stel de verwarmingsfunctie in.
- 2. Druk herhaaldelijk op totdat het display de benodigde klokfunctie en het bijhorende symbool weergeeft.
- 3. Druk op of om de gewenste tijd in te stellen.
- 4. Druk op om te bevestigen.
Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. De oven gaat uit. Op het display verschijnt een melding.
- 5. Druk op een symbool om het signaal uit te zetten.
7.3 Heat+Hold
Voorwaarden voor de functie:
- De ingestelde temperatuur is hoger dan 80 °C.
- De functie: Duur is ingesteld.
De functie: Heat+Hold houdt het voorbereide gerecht gedurende 30 minuten warm op 80 °C. Deze functie wordt ingeschakeld wanneer de bak- of braadprocedure is geëindigd.
U kunt in het menu de functie in- of uitschakelen: Basis instellingen.
- 1. Schakel de oven in.
- 2. Selecteer de verwarmingsfunctie.
- 3. Stel de temperatuur boven 80 °C in.
- 4. Druk herhaaldelijk op totdat het display het volgende toont: Heat +Hold.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
- 5. Druk op om te bevestigen. Wanneer de functie beëindigt, klinkt er een geluidssignaal.
7.4 Verleng tijd
De functie: Verleng tijd zorgt dat de verwarmingsfunctie door blijft gaan als de Duur is geëindigd.
Niet van toepassing op verwarmingsfuncties met de vleesthermometer.
- 1. Wanneer de bereidingstijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Druk op een willekeurig symbool.
Op het display wordt het bericht weergegeven.
- 2. Druk op om te activeren of te annuleren.
- 3. Stel de lengte van de functie in.
- 4. Druk op .
om
8. AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Online recepten
De recepten voor de automatische programma's vindt u op onze website.Om het receptenboek te vinden, controleert u het PNC-nummer op het typeplaatje op het voorste frame van de ovenholte.
8.2 Recepten met Receptenautomaat
Deze oven bevat een serie recepten die u kunt gebruiken. De recepten kunnen niet worden gewijzigd.
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Selecteer het menu: Recepten. Druk
op om te bevestigen.
- 3. Selecteer de categorie en het
gerecht. Druk op om te bevestigen.
- 4. Een recept selecteren. Druk op om te bevestigen.
Bij gebruik van de functie: Handmatig, gebruikt de oven de automatische instellingen. U kunt ze veranderen, net als bij andere functies.
8.3 Recepten met Per gewicht
Deze functie berekent automatisch de braadtijd. Als u de functie wilt gebruiken, moet u het gewicht van het gerecht instellen.
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Selecteer het menu: Recepten. Druk
op om te bevestigen.
- 3. Selecteer de categorie en het
gerecht. Druk op om te bevestigen.
- 4. Selecteer de functie: Per gewicht.
Druk op om te bevestigen.
- 5. Druk op of om het gewicht van het gerecht in te stellen. Druk op
om te bevestigen.
Het automatische programma start.
- 6. U kunt het gewicht te allen tijde
wijzigen. Tik op of om de letter te wijzigen.
- 7. Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Druk op een willekeurig symbool om het signaal uit te zetten.
Bij sommige programma's moet het voedsel na 30 minuten worden gekeerd. Op het display verschijnt een herinnering.
Pagina 24
24 www.aeg.com
9. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES
| 3. Steek de stekker van de | |
| WAARSCHUWING! | voedingssensor in de aansluiting aan |
| Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. | de voorkant van het apparaat. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
9.1 Voedingssensor
De voedingssensor meet de temperatuur in het voedsel. Wanneer het voedsel de ingestelde temperatuur heeft bereikt, wordt het apparaat uitgeschakeld.
Er worden twee temperaturen ingesteld:
- de oventemperatuur (minimum 120 °C),
- de voedselkerntemperatuur.
LET OP!
Gebruik alleen de meegeleverde voedingssensor en de originele vervangende onderdelen.
Instructies voor de beste resultaten:
- Ingrediënten moeten op kamertemperatuur zijn.
- De voedingssensor mag niet worden gebruikt voor vloeibare gerechten.
- Tijdens het koken met de voedingssensor in het gerecht blijven en de stekker in de aansluiting.
- Gebruik de aanbevolen instellingen voor de vleesthermometer. Zie het hoofdstuk 'Nuttige aanwijzingen en tips'.
Het apparaat berekent een geschatte eindtijd van de bereidingsduur. Dit is afhankelijk van de hoeveelheid eten, de ingestelde ovenfunctie en de temperatuur.
Voedselcategorieën: vlees, gevogelte en vis
- 1. Schakel het apparaat in.
- 2. Plaats de punt van de voedingssensor in het midden van het vlees of de vis, indien mogelijk in het dikste gedeelde. Zorg ervoor dat ten minste 3/4 van de voedingssensor in het gerecht zit.
Het display geeft het symbool van de voedingssensor weer.
- 4. Druk binnen 5 seconden op of
om de voedselkerntemperatuur in te stellen.
- 5. Selecteer de verwarmfunctie en, indien nodig, de temperatuur.
- 6. Om de temperatuur van de voedselkerntemperatuur te wijzigen
druk op .
Als de ingestelde temperatuur voor het gerecht is bereikt, klinkt er een geluidssignaal. Het apparaat wordt automatisch uitgeschakeld.
- 7. Druk op een symbool om het signaal uit te zetten.
- 8. Haal de stekker van de voedingssensor uit het stopcontact en haal het gerecht uit het apparaat.
Pagina 25
NEDERLANDS 25
WAARSCHUWING!
Er bestaat een risico op verbrandingsgevaar aangezien de voedingssensor heet wordt. Wees voorzichtig wanneer u de stekker eruit haalt en de voedingssensor uit het gerecht haalt.
Voedselcategorie: ovenschotel
- 1. Schakel het apparaat in.
- 2. Plaats de helft van de ingrediënten in de ovenschaal.
- 3. Steek de punt van de voedselsensor precies in het midden van de stoofschotel. De voedingssensor moet stevig op zijn plaats blijven tijdens het bakproces. Gebruik een solide ingrediënt om dat te bereiken.
Gebruik de rand van de ovenschaal om het silicone handvat van de voedingssensor te ondersteunen. De punt van de voedingssensor mag de bodem van de ovenschaal niet aanraken.
- 4. Bedek de voedingssensor met de resterende ingrediënten.
- 5. Steek de stekker van de voedingssensor in de aansluiting aan de voorkant van het apparaat.
Het display geeft het symbool van de voedingssensor weer.
- 6. Druk binnen 5 seconden op of
om de voedselkerntemperatuur in te stellen.
- 7. Selecteer de verwarmfunctie en, indien nodig, de temperatuur.
- 8. Om de temperatuur van de voedselkerntemperatuur te wijzigen
druk op .
Wanneer het gerecht op de ingestelde temperatuur is, hoort u een geluidssignaal. Het apparaat wordt automatisch uitgeschakeld.
- 9. Druk op een symbool om het signaal uit te zetten.
- 10. Haal de stekker van de voedingssensor uit het stopcontact en haal het gerecht uit het apparaat.
WAARSCHUWING!
Er bestaat een risico op verbrandingsgevaar aangezien de voedingssensor heet wordt. Wees voorzichtig wanneer u de stekker eruit haalt en de voedingssensor uit het gerecht haalt.
9.2 De accessoires plaatsen
Bakrooster:
Plaats het rooster tussen de geleidestangen van de roostersteun .
Pagina 26
26
| www.aeg.com | ||
|---|---|---|
| Bakplaat/ | Diepe | pan: |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Schuif de bakplaat /diepe pan tussen de geleidestangen van de roostersteun.
Bakrooster en bakplaat / diepe pansamen:
Plaats de bakplaat /diepe pan tussen de geleiders van de inschuifrails en het bakrooster op de geleiders erboven.
Kleine inkepingen bovenaan verhogen de veiligheid.
Deze inkepingen zorgen er ook voor dat ze niet omkantelen. De hoge rand rond het rooster voorkomt dat het kookgerei van het rooster afglijdt.
10. EXTRA FUNCTIES
10.1 Favoriet
U kunt uw favoriete instellingen als duur, temperatuur of verwarmingsfunctie opslaan. De instellingen zijn beschikbaar in het menu: Favoriet. U kunt 20 programma's opslaan.
Een programma opslaan
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Stel een verwarmingsfunctie of een automatisch programma in.
- 3. Druk herhaaldelijk op tot het display toont: OPSLAAN.
- 4. Druk op om te bevestigen. Het display geeft de eerste vrije geheugenpositie weer.
- 5. Druk op om te bevestigen.
- 6. Voer de naam van het programma in. De eerste letter knippert.
of om de letter te
- 7. Druk op wijzigen.
- 8. Druk op
.
De volgende letter knippert.
- 9. Herhaal stap 7 indien nodig.
- 10. Druk op en houdt de knop ingedrukt om op te slaan.
U kunt een geheugenpositie overschrijven. Wanneer het display de eerste vrije geheugenpositie aangeeft,
om
druk op of en druk op een bestaand programma te overschrijven.
U kunt de naam van een programma wijzigen in het menu: Wijzig programmanaam.
Het programma inschakelen
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Selecteer het menu: Favoriet.
- 3. Druk op om te bevestigen.
- 4. Selecteer de naam van uw favoriete programma.
- 5. Druk op om te bevestigen.
Pagina 27
NEDERLANDS 27
10.2 Gebruik van het Kinderslot
Als het Kinderslot aanstaat, kan de oven niet per ongeluk worden geactiveerd.
- 1. Druk op om het display aan te zetten.
- 2. Druk tegelijkertijd op en totdat het display een bericht toont.
Herhaal stap 2 om het kinderslot uit te schakelen.
10.3 Toetsblokkering
Deze functie voorkomt dat een verwarmingsfunctie per ongeluk wordt ingeschakeld. U kunt deze alleen inschakelen als de oven in werking is.
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Stel de verwarmingsfunctie of - instelling in.
- 3. Druk herhaaldelijk op tot het display toont: Toetsblokkering.
- 4. Druk op om te bevestigen.
Druk op om de functie uit te schakelen. Op het display verschijnt een
melding. Druk herhaaldelijk op en
vervolgens op om te bevestigen.
Als u de oven uitzet, schakelt de functie ook uit.
10.4 Set + Go
Met deze functie kunt u een verwarmingsfunctie (of programma) instellen en later met een aanraking van een symbool gebruiken.
- 1. Oven inschakelen.
- 2. Stel de verwarmingsfunctie in.
- 3. Druk herhaaldelijk op tot het display toont: Duur.
- 4. Stel de tijd in.
- 5. Druk herhaaldelijk op tot het display toont: Set + Go.
- 6. Druk op om te bevestigen.
Druk op een symbool (behalve voor ) om de functie te starten: Set + Go. De ingestelde verwarmingsfunctie start.
Wanneer de verwarmingsfunctie is voltooid, klinkt er een signaal.
- Toetsblokkering is aan wanneer de verwarmingsfunctie actief is.
- Het menu: Basis instellingen laat u de functie: Set + Go in- en uitschakelen.
10.5 Automatische uitschakeling
Om veiligheidsredenen schakelt de oven na bepaalde tijd automatisch uit als er een ovenfunctie in werking is en u geen instellingen wijzigt.
| (°C) | (u) |
|---|---|
| 30 - 115 | 12,5 |
| 120 - 195 | 8,5 |
| 200 - 230 | 5,5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
De automatische uitschakeling werkt niet met de functies: Binnenverlichting, Voedselsensor,Duur, Eindtijd.
10.6 Helderheid van het display
Er zijn twee standen voor de helderheid van het display:
- Helderheid 's nachts - wanneer de oven uitstaat, is de helderheid van het display tussen 22.00 uur en 06.00 uur lager.
- Helderheid overdag:
- als de oven wordt ingeschakeld;
- als u tijdens helderheid 's nachts een symbool aanraakt (behalve
AAN/UIT), keert het display gedurende 10 seconden terug naar helderheid voor overdag.
- als de oven wordt uitgeschakeld en u een functie instelt:
Kookwekker. Wanneer de functie eindigt, keert het display terug naar helderheid voor 's nachts.
Pagina 28
28 www.aeg.com
10.7 Koelventilator
Als de oven in werking is, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van de oven koel te
houden. Na het uitschakelen van de oven blijft de ventilatie doorgaan totdat de oven is afgekoeld.
11. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
De temperaturen en baktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn afhankelijk van de recepten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediënten.
11.1 Kookadviezen
Uw oven kan anders bakken of roosteren dan de oven die u tot nu toe gebruikt heeft. De onderstaande tabellen tonen aanbevolen instellingen voor temperatuur, kooktijd en rekstand voor specifieke soorten voedsel.
Als u voor een speciaal recept de instelling niet kunt vinden, zoek dan naar een soortgelijk recept.
11.2 Binnenzijde van de deur
Aan de binnenkant van de deur vindt u het volgende:
- de nummers van de inzetniveaus.
- A privacy reminder from Google Search Results Informatie over de verwarmingsfuncties, aanbevolen rekstanden en temperaturen voor gerechten.
11.3 Nuttige tips voor speciale opwarmfuncties van de oven
Warm houden
Met deze functie houdt u het voedsel warm. De temperatuur wordt automatisch ingesteld op 80 °C.
Borden warmen
Met deze functie kunt u borden en schalen verwarmen voor het opdienen. De temperatuur wordt automatisch ingesteld op 70 °C.
Verdeel de opgestapelde borden en schalen gelijkmatig over het ovenrek. Gebruik de eerste rekstand. Verwissel ze halverwege de verwarmtijd van plaats.
Ontdooien
Haal het gerecht uit de verpakking en plaats het op een bord. Dek het voedsel niet af, want het kan tijdens het ontdooien uitzetten. Gebruik de eerste rekstand.
11.4 Stoom
Wees voorzichtig met het openen van de ovendeur als de functie is geactiveerd. Er kan stoom vrijkomen.
Sterilisatie
Met deze functie kunt u items (bijv. babyflessen) steriliseren.
Plaats de schone items ondersteboven in het midden van het rooster op de eerste roosterstand.
Vul de lade tot het maximale niveau en stel een tijdsduur in van 40 minuten.
Koken
Met deze functie kunt u allerlei soorten voedsel bereiden, vers of ingevroren. Met deze functie kunt u groente, vlees, vis, deegwaren, rijst, maïsgriesmeel en eieren bereiden, opwarmen, ontdooien, pocheren of blancheren.
U kunt een maaltijd met een paar gerechten tijdens één enkele kooksessie bereiden. Om ervoor te zorgen dat alle gerechten tegelijk klaar zijn, begint u met het voedsel met de langste kooktijd en voegt u vervolgens de resterende
Pagina 29
gerechten toe op het juiste moment, zoals aangegeven in de kooktabellen
Voorbeeld: De totale tijd van deze kooksessie is 40 min. Eerst doet u Gekookte aardappels, kwartjes erin, na 20 min. voegt u Zalmfilets toe en dan Broccoli, roosjes na 30 min.
(min)
Gekookte aardappels, kwartjes
Zalmfilets
Broccoli, roosjes
Gebruik de grootste benodigde hoeveelheid water als u meer dan één gerecht tegelijkertijd bereidt.
Gebruik de tweede rekstand.
GROENTEN
| Stel de | temperatuur in op 99 °C. |
|---|---|
| (min) | |
| 8 - 10 | Broccoli, roosjes, verwarm de oven voor |
| 10 | Gepelde tomaten |
| 10 - 15 | Spinazie, vers |
| 10 - 15 | Courgette, plakjes |
| 15 | Groente, geblancheerd |
| 15 - 20 | Plakjes champignons |
| 15 - 20 | Paprikareepjes |
| 15 - 25 | Broccoli, heel |
| 15 - 25 | Asperges, groene |
| 15 - 25 | Aubergines |
| 15 - 25 | Pompoen, blokjes |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
NEDERLANDS 29
| GROENTEN | |
|---|---|
| Stel de | temperatuur in op 99 °C. |
| (min) | |
| 15 - 25 | Tomaten |
| 20 - 25 | Bonen, geblancheerd |
| 20 - 25 | Botersla, roosjes |
| 20 - 25 | Savooiekool |
| 20 - 30 | Selderij, blokjes |
| 20 - 30 | Uien, ringen |
| 20 - 30 | Erwten |
| 20 - 30 | Peultjes / Kaiser paprika |
| 20 - 30 | Zoete aardappelen |
| 20 - 30 | Venkel |
| 20 - 30 | Wortelen |
| 25 - 35 | Asperges, wit |
| 25 - 35 | Spruitjes |
| 25 - 35 | Bloemkool, roosjes |
| 25 - 35 | Koolrabi, reepjes |
| 25 - 35 | Witte bonen |
| 30 - 40 | Maiskolf |
| 35 - 45 | Schorseneren |
| 35 - 45 | Bloemkool, heel |
| 35 - 45 | Sperziebonen |
| 40 - 45 | Kool, wit of rood, reepjes |
| 50 - 60 | Artisjokken |
| 55 - 65 | Gedroogde bonen, geweekt, verhouding water/ bonen 2:1 |
| 60 - 90 | Zuurkool |
Pagina 30: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 31
NEDERLANDS 31
| VIS | ||
|---|---|---|
| (min) | (°C) | |
| 20 - 30 | Forel, 0,25 kg | 85 |
| 30 - 40 | Garnalen, bevroren | 75 - 85 |
| 40 - 45 | Zalm, forel, 1 kg | 85 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
| VLEES | ||
|---|---|---|
| (min) | (°C) | |
| 15 - 20 | Chipolataworstjes | 80 |
| 20 - 30 | Beierse kalfsworst / Witte worst | 80 |
| 20 - 30 | Weense worst | 80 |
| 25 - 35 | Gepocheerde kippenborst | 90 |
| 55 - 65 | Gekookte ham, 1 kg | 99 |
| 60 - 70 | Gepocheerde kip, 1 - 1,2 kg | 99 |
| 70 - 90 | Casselerrib, gepocheerd | 90 |
| 80 - 90 | Kalfsvlees / Varkenshaas, 0,8 - 1 kg | 90 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
| VLEES | |
|---|---|
| (min) | (°C) |
| 110 - Tafelspitz 120 | 99 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
EIEREN
Stel de temperatuur in op 99 °C.
(min)
Zachtgekookt ei
Middelhard gekookt ei
Hardgekookt ei
11.5 Combinatiefunctie: Circulaviegrill + Stoom
U kunt deze functies combineren om tegelijkertijd vlees, groenten en bijgerechten te bereiden.
- 1. Stel de functie in: Circulaviegrill voor het braden van vlees.
- 2. Voeg de bereide groenten en bijgerechten toe.
- 3. Laat de oven afkoelen tot een temperatuur van ongeveer 90 °C. U kunt de ovendeur op de eerste stand gedurende 15 minuten openen.
- 4. Stel de functie in: Stoom. Bereid alle gerechten samen totdat ze gaar zijn.
Gebruik de eerste rekstand voor vlees en de derde rekstand voor groenten.
Pagina 32
32 www.aeg.com
| Circulaviegrill Eerste stap: vlees koken | Stoom Tweede stap: groenten toevoegen | ||
|---|---|---|---|
| (°C) (min) | (°C) | (min) | |
| Rosbief, 1 kg / Spruitjes, polenta | 180 60 - 70 | 99 | 40 - 50 |
| Geroosterd varkensvlees, 1 kg / Aardappelen / Groenten, jus | 180 60 - 70 | 99 | 30 - 40 |
| Geroosterd kalfsvlees, 1 kg / Rijst / Groenten | 180 50 - 60 | 99 | 30 - 40 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
11.6 Hoge vochtigheid
Gebruik de tweede rekstand.
| (°C) | (min) | |
|---|---|---|
| Afbakbroodjes | 200 | 15 - 20 |
| Afbakstokbroodjes, 40 - 50 g | 200 | 15 - 20 |
| Broodjes, 40 - 60 g | 180 - 200 | 25 - 35 |
| Bevroren afbakstok-broodjes, 40 - 50 g | 200 | 25 - 35 |
| Gehaktbrood, rauw, 0,5 kg | 180 | 30 - 40 |
| Pasta gebakken | 170 - 190 | 40 - 50 |
| Lasagne | 170 - 180 | 45 - 55 |
| Brood, 0,5 - 1 kg | 180 - 190 | 45 - 60 |
| Aardappelgratin | 160 - 170 | 50 - 60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
| (°C) | (min) | |
|---|---|---|
| Custard / Flan, in kleine schotels | 90 | 35 - 45 |
| Gebakken eier- en | 90 - 110 | 15 - 30 |
| Terrines | 90 | 40 - 50 |
| Dunne visfilet | 85 | 15 - 25 |
| Dikke visfilet | 90 | 25 - 35 |
| Kleine vis, tot 0,35 kg | 90 | 20 - 30 |
| Hele vis, tot 1 kg | 90 | 30 - 40 |
| Dumplings | 120 - 130 | 40 - 50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
11.7 Lage vochtigheid
Gebruik de tweede rekstand tenzij anders aangegeven.
Pagina 33
NEDERLANDS 33
| (°C) | (min) | |
|---|---|---|
| Kip, 1 kg | 180 - 210 | 50 - 60 |
| Varkenshaas, gerookt, 0,6 - 1 kg, 2 uur weken | 160 - 180 | 60 - 70 |
| Rosbief, 1 kg | 180 - 200 | 60 - 90 |
| Eend, 1,5 - 2 kg | 180 | 70 - 90 |
| Geroosterd kalfsvlees, 1 kg | 180 | 80 - 90 |
| Geroosterd varkensvlees, 1 kg | 160 - 180 | 90 - 100 |
| Gans, 3 kg, gebruik de eerste rekstand | 170 | 130 - 170 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
11.8 Regenereren
Gebruik de tweede rekstand.
| (°C) | (min) | |
|---|---|---|
| Eénpansgerechten | 110 | 10 - 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
| (°C) | (min) | |
|---|---|---|
| Pastaschotel | 110 | 10 - 15 |
| Rijst | 110 | 10 - 15 |
| Dumplings | 110 | 15 - 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
11.9 Bakken
Gebruik de eerste keer de laagste temperatuur.
Bij het bereiden van cake op meerdere niveaus kan de baktijd ca. 10 - 15 minuten langer zijn.
Als de cake niet overal even hoog is, wordt de cake niet overal even bruin. Als de cake niet overal even bruin wordt, hoeft u de temperatuurinstelling niet te wijzigen. De verschillen verminderen tijdens het bakken.
Tijdens het bakken kunnen bakplaten in de oven vervormen. Wanneer de bakplaten afkoelen, verdwijnt de vervorming.
11.10 Baktips
| Bakresultaat | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De onderkant van de cake is niet voldoende gebakken. | De rekstand is incorrect. | Plaats de cake op een lagere rekstand. |
| De cake zakt in en wordt klef, of streperig. | De oventemperatuur is te hoog. | Stel de volgende keer de oventemperatuur iets lager in. |
| Te korte baktijd. | Stel volgende keer een langere baktijd en een lagere oventemperatuur in. |
Pagina 34
34 www.aeg.com
| Bakresultaat | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De cake is te droog. | De oventemperatuur is te laag. | Stel de volgende keer de oventemperatuur hoger in. |
| Te lange baktijd. | Stel volgende keer een kortere baktijd in. | |
| De cake wordt ongelijkmatig gebakken. | De oventemperatuur is te hoog en de baktijd te kort. | De oventemperatuur lager instellen en de baktijd verlengen. |
| Het cakebeslag is niet gelijkmatig verdeeld. | Verspreid de volgende keer het cakebeslag gelijkmatig over de bakplaat. | |
| De cake wordt niet gaar binnen de in het recept aangegeven baktijd. | De oventemperatuur is te laag. | Stel de volgende keer de oventemperatuur iets hoger in. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
11.11 Bakken op één niveau
| BAKKEN IN BAKVORMEN | ||||
|---|---|---|---|---|
| (°C) | (min) | |||
| Tulband / Brioche | Hetelucht | 150 - 160 | 50 - 70 | 1 |
| Zandgebak / Fruitgebak | Hetelucht | 140 - 160 | 70 - 90 | 1 |
| Taartbodem - zandtaartdeeg, verwarm de oven voor | Hetelucht | 150 - 160 | 20 - 30 | 2 |
| Taartbodem - zacht cakedeeg | Hetelucht | 150 - 170 | 20 - 25 | 2 |
| Kwarktaart | Boven + onderwarmte | 170 - 190 | 60 - 90 | 1 |
Pagina 35
NEDERLANDS 35
| CAKE / GEBAK / BROOD OP BAKPLATEN | ||||
|---|---|---|---|---|
| Verwarm de lege oven voor, tenzij anders aangegeven. | ||||
| (°C) | (min) | |||
| Plaatbrood / Broodkrans, voorverwarming is niet nodig | Boven + onderwarmte | 170 - 190 | 30 - 40 | 3 |
| Christstollen | Boven + onderwarmte | 160 - 180 | 50 - 70 | 2 |
| Roggebrood: | Boven + onderwarmte | eerst: 230 dan: 160 - 180 | 20 30 - 60 | 1 |
| Roomsoezen / Eclairs | Boven + onderwarmte | 190 - 210 | 20 - 35 | 3 |
| Koninginnenbrood (opgerolde cake met jam), | Boven + onderwarmte | 180 - 200 | 10 - 20 | 3 |
| Kruimeltaart, droog, voorverwarming is niet nodig | Hetelucht | 150 - 160 | 20 - 40 | 3 |
| Beboterde amandeltaart / Suikerkoek | Boven + onderwarmte | 190 - 210 | 20 - 30 | 3 |
| Vruchtentaart, voorverwarming is niet nodig | Boven + onderwarmte | 180 | 35 - 55 | 3 |
| Plaatkoek met delicate garnering (bijvoorbeeld kwark, room, puddingvulling) | Boven + onderwarmte | 160 - 180 | 40 - 60 | 3 |
Pagina 36
36 www.aeg.com
| KOEKJES EN BISCUITS | |||
|---|---|---|---|
| Gebruik de derde | rekstand. | ||
| (°C) | (min) | ||
| Zanddeeg / Schuim-taartmengsel | Hetelucht | 150 - 160 | 15 - 25 |
| Schuimgebakjes | Hetelucht | 80 - 100 | 120 - 150 |
| Bitterkoekjes | Hetelucht | 100 - 120 | 30 - 50 |
| Gistdeegkoekjes | Hetelucht | 150 - 160 | 20 - 40 |
| Koekjes van bladerdeeg, verwarm de oven voor | Hetelucht | 170 - 180 | 20 - 30 |
| Broodjes, verwarm de oven voor | Boven + onderwarmte | 190 - 210 | 10 - 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
11.12 Ovenschotels en gegratineerde gerechten
| Gebruik de eerste | rekstand. | ||
|---|---|---|---|
| (°C) | (min) | ||
| Pasta gebakken | Boven + onderwarmte | 180 - 200 | 45 - 60 |
| Lasagne | Boven + onderwarmte | 180 - 200 | 25 - 40 |
| Groentegratin, verwarm de oven voor | Circulaviegrill | 170 - 190 | 15 - 35 |
| Stokbroden met gesmolten kaas | Hetelucht | 160 - 170 | 15 - 30 |
| Melkrijst | Boven + onderwarmte | 180 - 200 | 40 - 60 |
| Visschotels | Boven + onderwarmte | 180 - 200 | 30 - 60 |
| Gevulde groente | Hetelucht | 160 - 170 | 30 - 60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
11.13 Bakken op meerdere Gebruik voor 2 bakplaten de eerste en niveaus de vierde rekstand.
Gebruik de functie: Hetelucht.
Pagina 37
NEDERLANDS 37
| CAKE / GEBAK / BAKPLATEN | BROOD | OP |
|---|---|---|
| (°C) | (min) | |
| Roomsoezen / Eclairs, verwarm de oven voor | 160 - 180 | 25 - 45 |
| Kruimeltaart | 150 - 160 | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
| KOEKJES EN BISCUITS | ||
|---|---|---|
| (°C) | (min) | |
| Zandkoekjes | 150 - 160 | 20 - 40 |
| Schuimgebakjes | 80 - 100 | 130 - 170 |
| Bitterkoekjes | 100 - 120 | 40 - 80 |
| Gistdeegkoekjes | 160 - 170 | 30 - 60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
| KOEKJES EN BISCUITS | ||
|---|---|---|
| (°C) | (min) | |
| Koekjes van bladerdeeg, verwarm de oven voor | 170 - 180 | 30 - 50 |
| Broodjes | 180 | 20 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
11.14 Tips voor braden
Gebruik hittebestendig kookgerei. Braad mager vlees afgedekt.
Braad grote vleesstukken direct in de diepe bakplaat of op een bakrooster boven de bakplaat.
Doe wat water in de bakplaat om te voorkomen dat druipend vet verbrandt. Draai het braadstuk na 1/2 - 2/3 van de gaartijd.
Rooster vlees en vis in grote stukken (1 kg of meer).
Bedruip vleesstukken meerdere malen met hun eigen sap tijdens het roosteren.
11.15 Braden
Gebruik de eerste rekstand.
| RUNDVLEES | ||||
|---|---|---|---|---|
| (°C) | (min) | |||
| Stoofvlees | 1 - 1,5 kg | Boven + onderwarmte | 230 | 120 - 150 |
| Rosbief of ossenhaas, rood, verwarm de oven voor | 1 cm dik | Circulaviegrill | 190 - 200 | 5 - 6 |
| Rosbief of ossenhaas, medium, verwarm de oven voor | 1 cm dik | Circulaviegrill | 180 - 190 | 6 - 8 |
Pagina 38
38 www.aeg.com
| RUNDVLEES | ||||
|---|---|---|---|---|
| (°C) | (min) | |||
| Rosbief of ossenhaas, gaar, verwarm de oven voor | 1 cm dik | Circulaviegrill | 170 - 180 | 8 - 10 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
| VARKENSVLEES | |||
|---|---|---|---|
| Gebruik de functie: Circulaviegrill. | |||
| (kg) | (°C) | (min) | |
| Schouder / Nek / Hamlap | 1 - 1,5 | 150 - 170 | 90 - 120 |
| Karbonade / Spare ribs | 1 - 1,5 | 170 - 190 | 30 - 60 |
| Gehaktbrood | 0,75 - 1 | 160 - 170 | 50 - 60 |
| Varkensschenkel, voorgekookt | 0,75 - 1 | 150 - 170 | 90 - 120 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
| KALFSVLEES | |||
|---|---|---|---|
| Gebruik de functie: Circulaviegrill. | |||
| (kg) | (°C) | (min) | |
| Geroosterd kalfsvlees | 1 | 160 - 180 | 90 - 120 |
| Kalfsschenkel | 1,5 - 2 | 160 - 180 | 120 - 150 |