AEG F55600VI1P, tekst van de handleiding
Pagina's 15–23 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 15
NEDERLANDS 15
De deur openen als het apparaat in werking is
Als u de deur opent terwijl een programma loopt, stopt het apparaat. Het kan het energieverbruik en de programmaduur beïnvloeden. Als u de deur weer sluit, gaat het apparaat verder vanaf het punt van onderbreking.
Als de deur tijdens de droogfase langer dan 30 seconden wordt geopend, stopt het lopende programma.
De uitgestelde start annuleren tijdens het aftellen
Als u de uitgestelde start annuleert, moet u het programma en de opties opnieuw instellen.
Houd tegelijkertijd RESET ingedrukt tot het apparaat in de programmakeuzemodus staat.
Het programma annuleren
Houd tegelijkertijd RESET ingedrukt tot het apparaat in de programmakeuzemodus staat.
Controleer of er afwasmiddel in het afwasmiddeldoseerbakje aanwezig is voordat u een nieuw programma start.
Einde van het programma
Wanneer het programma is voltooid en u opent de deur, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.
Draai de waterkraan dicht.
10. AANWIJZINGEN EN TIPS
10.1 Algemeen
De volgende tips zorgen voor optimale schoonmaak- en droogresultaten en helpen ook het milieu te beschermen.
- Verwijder grotere etensresten van de borden en gooi ze in de vuilnisbak.
- Spoel de vaat niet eerst af. Gebruik indien nodig een voorwasprogramma (indien beschikbaar) of selecteer een programma met een voorwasfase.
- Gebruik altijd de hele ruimte van de mandjes.
- Zorg er bij het inladen van het apparaat voor dat de vaat helemaal kan worden bereikt en gewassen door het water uit de sproeiarmen. Zorg ervoor dat de vaat elkaar niet raakt of overlapt.
- U kunt apart vaatwasmiddel, glansmiddel en zout gebruiken of kiezen voor het gebruik van multitabletten (bijv. ''3in1'', ''4in1'', ''All in 1''). Volg de aanwijzing op de verpakking.
- U dient het juiste programma in te stellen voor het type lading en de mate van vervuiling. Het programma ECO biedt het meest efficiënte water-
en energieverbruik voor normaal vervuild serviesgoed en bestek.
10.2 Gebruik van zout, glansmiddel en vaatwasmiddel
- Gebruik enkel zout, glansmiddel en vaatwasmiddel voor afwasautomaten.
Overige producten kunnen het apparaat beschadigen.
- Multitabletten zijn doorgaans geschikt voor een waterhardheid tot 21 °dH. Bij een hogere waterhardheid moet zout, glansmiddel en vaatwasmiddel worden gebruikt naast het gebruik van multitabletten. Maar in gebieden met hard en erg hard water raden we het gebruik aan van enkelvoudig vaatwasmiddel (poeder, gel, tabletten zonder extra functies), glansmiddel en zout apart voor optimale reinigings- en droogresultaten.
- Vaatwasmiddeltabletten lossen bij korte programma's niet geheel op.
Om te voorkomen dat vaatwasmiddelresten op het servies achterblijven, raden we u aan om tabletten enkel bij lange programma's te gebruiken.
Pagina 16
16 www.aeg.com
- Gebruik niet meer dan de juiste hoeveelheid vaatwasmiddel. Zie de instructies van de vaatwasmiddelfabrikant.
10.3 Wat moet u doen als u wilt stoppen met het gebruik van multitabletten
Doe het volgende voordat u begint met het gebruiken van apart wasmiddel, zout en glansmiddel.
- 1. Stel het hoogste niveau van de waterontharder in.
- 2. Zorg ervoor dat het zout- en het glansmiddeldoseerbakje gevuld zijn.
- 3. Start het kortste programma met een spoelfase. Voeg geen vaatwasmiddel toe en ruim de mandjes niet in.
- 4. Als het programma is voltooid, wijzigt u de waterontharder in de waterhardheid van uw omgeving.
- 5. Stel de hoeveelheid glansmiddel in.
- 6. Schakel het glansmiddeldoseerbakje in.
10.4 De korven inruimen
- Gebruik het apparaat alleen om voorwerpen af te wassen die vaatwasbestendig zijn.
- Doe geen voorwerpen in het apparaat die gemaakt zijn van hout, hoorn, aluminium, tin en koper.
- Plaats geen voorwerpen in het apparaat die water kunnen absorberen (sponzen, keukenhanddoeken).
- Verwijder grotere etensresten van de borden en gooi ze in de vuilnisbak.
- Maak aangebrande voedselresten op de voorwerpen zachter.
- Plaats holle voorwerpen (bijv. kopjes, glazen en pannen) met de opening naar beneden.
- Zorg er voor dat glazen andere glazen niet aanraken.
- Doe bestek en kleine items in het bestekmandje.
- Leg lichte voorwerpen in het bovenrek. Zorg ervoor dat de voorwerpen niet verschuiven.
- Zorg er voor dat de sproeiarmen vrij kunnen ronddraaien voordat u een programma start.
10.5 Voor het starten van een programma
Controleer of:
- De filters schoon zijn en correct zijn geplaatst.
- De dop van het zoutreservoir goed dicht zit.
- De sproeiarmen niet zijn verstopt.
- Er regenereerzout en glansmiddel is toegevoegd (tenzij u gecombineerde afwastabletten gebruikt).
- De positie van de items in de mandjes correct is.
- Het programma van toepassing is op het type lading en de mate van bevuiling.
- De juiste hoeveelheid afwasmiddel is gebruikt.
10.6 De rekken uitruimen
- 1. Laat de borden afkoelen voordat u deze uit het apparaat neemt Hete borden zijn gevoelig voor beschadigingen.
- 2. Ruim eerst het onderrek en dan het bovenrek uit
Aan het einde van het programma kan er water aan de zijkanten en de deur van het apparaat achterblijven.
11. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
Vuile filters en verstopte sproeiarmen verminderen de wasresultaten. Controleer regelmatig de filters en reinig deze zo nodig.
Pagina 17
NEDERLANDS 17
11.1 De filters reinigen
Het filtersystem bestaat uit 3 delen.
| C B A |
|---|
| 1. Draai de filter (B) linksom en verwijder het. |
| 2. 3. Verwijder de filter (C) uit de filter (B). Verwijder de platte filter (A). |
| 4. Was de filters. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
- 5. Zorg ervoor dat er geen etensresten of vuil in of rond de rand van de opvangbak zitten.
- 6. Plaats de platte filter (A) terug. Zorg ervoor dat het goed onder de 2 geleidingen zit.
- 7. Plaats de filters (B) en (C) terug.
- 8. Plaats de filter (B) terug in de platte filter (A). Rechtsom draaien tot het vastzit.
LET OP!
Een onjuiste plaatsing van de filters kan leiden tot slechte wasresultaten en het apparaat beschadigen.
Pagina 18
18 www.aeg.com
11.2 De bovenste sproeiarm schoonmaken
We raden u aan om de bovenste sproeiarm regelmatig schoon te maken om te voorkomen dat vuil de gaten verstopt.
Verstopte gaten kunnen onbevredigende wasresultaten opleveren.
- 1. Trek het bovenrek naar buiten.
- 2. Om de sproeiarm los te maken van de korf, duwt u de sproeiarm naar boven in de richting van de lagere pijl en draait u hem tegelijkertijd met de wijzers van de klok mee.
- 3. Reinig de sproeiarm onder stromend water. Gebruik een smal en puntig gereedschap, bijv. een tandenstoker, om de vuildeeltjes uit de gaten te verwijderen.
- 4. Om de sproeiarm weer aan de korf te bevestigen, duwt u de sproeiarm
naar boven in de richting van de lagere pijl en draait u hem tegelijkertijd tegen de wijzers van de klok in, zodat hij op zijn plek vergrendelt.
11.3 Buitenkant reinigen
- Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte doek.
- Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
- Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of oplosmiddelen.
11.4 De binnenkant van de machine reinigen
- Reinig het apparaat zorgvuldig, inclusief de rubberen afdichting van de deur, met een zachte, vochtige doek.
- Als u regelmatig korte programma's gebruikt dan kunnen er vetresten en kalkaanslag achterblijven in het apparaat. Om dit te voorkomen raden wij aan om minstens twee keer per maand langdurige programma´s te gebruiken.
- Om de prestaties van uw apparaat op en top te houden raden we u aan een specifiek schoonmaakproduct voor vaatwasmachines te gebruiken (minstens eenmaal per maand). Volg de instructies op de verpakking van de producten zorgvuldig op.
12. PROBLEEMOPLOSSING
Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Kijk voordat u contact opneemt
met de klantenservice of u het probleem zelf kunt oplossen met behulp van de informatie in de tabel.
Pagina 19
NEDERLANDS 19
WAARSCHUWING!
Niet juist uitgevoerde reparaties kunnen de veiligheid van de gebruiker ernstig in gevaar brengen. Alle reparaties moeten worden uitgevoerd door bevoegd personeel.
Bij sommige problemen wordt er op de display een alarmcode weergegeven.
Het merendeel van de problemen die ontstaan kunnen worden opgelost zonder contact op te nemen met een erkend servicecentrum.
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| U kunt het apparaat niet activeren. | • Zorg dat de stekker in het stopcontact zit. • Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. |
| Het programma begint niet. | • Zorg dat de deur van het apparaat is gesloten. • Als de starttijdkeuze start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het einde van het aftellen. • Het apparaat is begonnen met de oplaadprocedure van de hars in de waterontharder. De duur van de procedure is ongeveer 5 minuten. |
| Het apparaat neemt geen water. Op het display verschijnt . | • Controleer of de waterkraan is geopend. • Zorg dat de waterdruk niet te laag is. Neem hiervoor zo nodig contact op met uw lokale waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of het filter in de toevoerslang niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. |
| Het apparaat pompt geen water weg. Op het display verschijnt . | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of het filter in de afvoerslang niet verstopt is. • Controleer of het binnenfiltersysteem niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de waterafvoerslang aanwezig zijn. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is aan. Op het display verschijnt . | • Draai de waterkraan dicht en neem contact op met de klantenservice. |
| Het apparaat stopt en start meerdere keren tijdens de werking. | • Dat is normaal. Het voorziet in optimale reinigingsresultaten en energiebesparing. |
| Het programma duurt te lang. | • Kies de optie TimeSaver om de programmaduur te verkorten. • Als de optie uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het aftellen is voltooid. |
Pagina 20
20 www.aeg.com
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| De resterende duur in het display wordt verlengd en schakelt bijna naar het eind van de programmaduur. | • Dit is geen storing. Het apparaat werkt goed. |
| Weinig lekkage uit de deur van het apparaat. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • De deur van het apparaat is niet gecentreerd op de kuip. Verstel de achterpoot (indien van toepassing). |
| De deur van het apparaat sluit moeilijk. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • Delen van het serviesgoed steken uit de korven. |
| Ratelende / kloppende geluiden vanuit het apparaat. | • Het serviesgoed is niet juist in de korven gerangschikt. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Zorg ervoor dat de sproeiarmen vrij kunnen ronddraai- en. |
| Het apparaat maakt kortsluiting. | • De stroomsterkte is onvoldoende om alle tegelijk werkende apparaten van stroom te voorzien. Controleer de stroomsterkte van het stopcontact en het vermogen op de meter, of zet één van de in gebruik zijnde apparaten uit. • Interne elektrische storing van het apparaat. Neem contact op met een servicecentrum. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik", of "Aanwijzingen en tips" voor andere mogelijke oorzaken.
Schakel het apparaat na controle aan en uit. Als het probleem opnieuw optreedt,
neemt u contact op met onze klantenservice.
Voor alarmcodes die niet in de tabel vermeld zijn, neemt u contact op met de klantenservice.
12.1 De was- en droogresultaten zijn niet naar tevredenheid
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Slechte wasresultaten. | • Raadpleeg "Dagelijks gebruik", "Aanwijzingen en tips" en de folder voor het laden van de korf. • Gebruik intensievere wasprogramma´s. |
Pagina 21
NEDERLANDS 21
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Slechte droogresultaten. | • Serviesgoed heeft te lang in het gesloten apparaat gestaan. • Het glansmiddel is op of de dosering van glansmiddel is niet voldoende. Stel de dosering van het glansmiddel in op een hogere stand. • Plastic voorwerpen moeten mogelijk met een doek worden afgedroogd. • Activeer voor de beste droogprestatie de optie Xtra-Dry. • We raden aan altijd glansmiddel te gebruiken, zelfs in combinatie met wastabletten. |
| Witte strepen of een blauwe waas op glazen en serviesgoed. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te hoog. Zet de dosering van het glansmiddel op een lagere stand. • Er is te veel vaatwasmiddel gebruikt. |
| Vlekken en opgedroogde watervlekken op glazen en servies. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te laag. Zet de dosering van het glansmiddel op een hogere stand. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. |
| Het serviesgoed is nat. | • Activeer voor de beste droogprestatie de optie Xtra-Dry. • Het programma heeft geen droogfase of heeft een droogfase met lage temperatuur. • Het glansmiddeldoseerbakje is leeg. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. • De kwaliteit van de multitabletten kan de oorzaak zijn. Probeer een ander merk of activeer het glansmiddeldoseerbakje en gebruik het glansmiddel samen met de multitabletten. |
| De binnenkant van het apparaat is nat. | • Dit is geen fout van het apparaat. Het wordt veroorzaakt door de vochtigheid in de lucht die tegen de wanden condenseert. |
| Opvallend veel schuim tijdens het wassen. | • Gebruik alleen wasmiddel voor afwasautomaten. • Het glansmiddeldoseerbakje is lek. Neem contact op met een servicecentrum. |
| Roestresten op bestek. | • Er wordt voor het wassen teveel zout in het water gebruikt. Zie 'De waterontharder instellen'. • Zilver en roestvrijstalen bestek zijn samen geplaatst. Zet zilveren en roestvrijstalen voorwerpen niet dicht bij elkaar. |
Pagina 22
22 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Er bevinden zich aan het einde van het programma resten van vaatwasmiddel in het vaatwasmiddeldoseerbakje. | • De vaatwastablet raakte klem in het vaatwasmiddeldoseerbakje en is daardoor niet volledig weggespoeld door het water. • Het water kan het vaatwasmiddel niet uit het vaatwasmiddeldoseerbakje spoelen. Zorg ervoor dat de bovenste sproeiarm niet geblokkeerd of verstopt is. • Zorg dat voorwerpen in de rekken het openen van het klepje van het afwasmiddeldoseerbakje niet kunnen belemmeren. |
| Geuren in het apparaat. | • Raadpleeg "Reiniging binnenkant". |
| Kalkresten op het serviesgoed, op de kuip en aan de binnenkant van de deur. | • Zie 'De waterontharder instellen'. |
| Dof, ontkleurd of afgeschilverd serviesgoed. | • Zorg dat alleen vaatwasmachinebestendige voorwerpen in het apparaat worden gewassen. • Laad de korf voorzichtig in en uit. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Leg tere voorwerpen in de bovenkorf. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik" of "Aanwijzingen en tips" voor mogelijke andere oorzaken.
13. TECHNISCHE INFORMATIE
| Afmetingen | Breedte / hoogte / diepte (mm) | 596 / 818-898 / 550 |
| Elektrische aansluiting 1) | Voltage (V) | 200 - 240 |
| Frequentie (Hz) | 50 / 60 | |
| Watertoevoerdruk | bar (minimaal en maximaal) | 0.5 - 8 |
| MPa (minimaal en maximaal) | 0.05 - 0.8 | |
| Watertoevoer | Koud water of warm water 2) | max. 60 °C |
| Vermogen | Couverts | 13 |
| Energieverbruik | Modus aan laten (W) | 5.0 |
| Energieverbruik | Uit-modus (W) | 0.10 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
- 1) Zie het typeplaatje voor andere waarden.
- 2) Als het hete water door een alternatieve, milieuvriendelijkere energiebron geproduceerd wordt (bijv. zonnepanelen en windenergie), gebruik dan een heetwatervoorziening om het energieverbruik te verminderen.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
14. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.