AEG F66600VI1P, tekst van de handleiding
Pagina's 17–24 van 72 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 17
NEDERLANDS 17
- Leg kleine voorwerpen in de bestekmand.
- Leg lichte voorwerpen in het bovenrek. Zorg ervoor dat de voorwerpen niet verschuiven.
- Zorg er voor dat de sproeiarm vrij kan ronddraaien voordat u een programma start.
10.5 Voor het starten van een programma
Controleer of:
- De filters schoon zijn en correct zijn geplaatst.
- De dop van het zoutreservoir goed dicht zit.
- De sproeiarmen niet zijn verstopt.
- Er regenereerzout en glansmiddel is toegevoegd (tenzij u gecombineerde afwastabletten gebruikt).
- De positie van de items in de mandjes correct is.
- Het programma van toepassing is op het type lading en de mate van bevuiling.
- De juiste hoeveelheid afwasmiddel is gebruikt.
10.6 De rekken uitruimen
- 1. Laat de borden afkoelen voordat u deze uit het apparaat neemt. Hete borden zijn gevoelig voor beschadigingen.
- 2. Ruim eerst het onderrek en dan het bovenrek uit.
Aan het einde van het programma kan er water aan de zijkanten en de deur van het apparaat achterblijven.
11. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
Vuile filters en verstopte sproeiarmen verminderen de wasresultaten. Controleer regelmatig de filters en reinig deze zo nodig.
11.1 De filters reinigen
Het filtersystem bestaat uit 3 delen.
- 1. Draai de filter (B) linksom en verwijder het.
Pagina 18
18 www.aeg.com
- 2. Verwijder de filter (C) uit de filter (B).
- 3. Verwijder de platte filter (A).
- 4. Was de filters.
- 5. Zorg ervoor dat er geen etensresten of vuil in of rond de rand van de opvangbak zitten.
- 6. Plaats de platte filter (A) terug. Zorg ervoor dat het goed onder de 2 geleidingen zit.
- 7. Plaats de filters (B) en (C) terug.
- 8. Plaats de filter (B) terug in de platte filter (A). Rechtsom draaien tot het vastzit.
LET OP!
Een onjuiste plaatsing van de filters kan leiden tot slechte wasresultaten en het apparaat beschadigen.
11.2 De bovenste sproeiarm schoonmaken
We raden u aan om de bovenste sproeiarm regelmatig schoon te maken om te voorkomen dat vuil de gaten verstopt.
Verstopte gaten kunnen onbevredigende wasresultaten opleveren.
- 1. Trek het bovenrek naar buiten.
- 2. Om de sproeiarm los te maken van de korf, duwt u de sproeiarm naar boven in de richting van de lagere pijl en draait u hem tegelijkertijd met de wijzers van de klok mee.
- 3. Reinig de sproeiarm onder stromend water. Gebruik een smal en puntig gereedschap, bijv. een tandenstoker,
Pagina 19
NEDERLANDS 19
om de vuildeeltjes uit de gaten te verwijderen.
- 4. Om de sproeiarm weer aan de korf te bevestigen, duwt u de sproeiarm naar boven in de richting van de lagere pijl en draait u hem tegelijkertijd tegen de wijzers van de klok in, zodat hij op zijn plek vergrendelt.
11.3 Buitenkant reinigen
- Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte doek.
- Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
- Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of oplosmiddelen.
11.4 De binnenkant van de machine reinigen
- Reinig het apparaat zorgvuldig, inclusief de rubberen afdichting van de deur, met een zachte, vochtige doek.
- Als u regelmatig korte programma's gebruikt dan kunnen er vetresten en kalkaanslag achterblijven in het apparaat. Om dit te voorkomen raden we aan minstens 2 keer per maand progamma's met een lange duur te gebruiken.
- Om de prestaties van uw apparaat op en top te houden raden we u aan iedere maand een specifiek schoonmaakproduct voor vaatwasmachines te gebruiken. Volg de instructies op de verpakking van de producten zorgvuldig op.
12. PROBLEEMOPLOSSING
Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Kijk voordat u contact opneemt met de klantenservice of u het probleem zelf kunt oplossen met behulp van de informatie in de tabel.
WAARSCHUWING!
Niet juist uitgevoerde reparaties kunnen de veiligheid van de gebruiker ernstig in gevaar brengen. Alle reparaties moeten worden uitgevoerd door bevoegd personeel.
Bij sommige problemen wordt er op de display een alarmcode weergegeven.
Het merendeel van de problemen die ontstaan kunnen worden opgelost zonder contact op te nemen met een erkend servicecentrum.
Pagina 20
20 www.aeg.com
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| U kunt het apparaat niet activeren. | • Zorg dat de stekker in het stopcontact zit. • Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. |
| Het programma begint niet. | • Zorg dat de deur van het apparaat is gesloten. • Als startuitstel is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het einde van het aftellen. • Het apparaat is begonnen met de oplaadprocedure van de hars in de waterontharder. De duur van de procedure is ongeveer 5 minuten. |
| Het apparaat wordt niet gevuld met water. Op het display verschijnt . | • Controleer of de waterkraan is geopend. • Zorg dat de waterdruk niet te laag is. Neem hiervoor zo nodig contact op met uw lokale waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of het filter in de toevoerslang niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. |
| Het apparaat pompt geen water weg. Op het display verschijnt . | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of het filter in de afvoerslang niet verstopt is. • Controleer of het binnenfiltersysteem niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de waterafvoerslang aanwezig zijn. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is aan. Op het display verschijnt . | • Draai de waterkraan dicht en neem contact op met de service-afdeling. |
| Het apparaat stopt en start meerdere keren tijdens de werking. | • Dat is normaal. Het voorziet in optimale reinigingsresultaten en energiebesparing. |
| Het programma duurt te lang. | • Kies de optie TimeSaver om de programmaduur te verkorten. • Als de optie uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het aftellen is voltooid. |
| De resterende duur in het display wordt verlengd en schakelt bijna naar het eind van de programmaduur. | • Dit is geen storing. Het apparaat werkt goed. |
| Kleine lekkage uit de deur van het apparaat. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • De deur van het apparaat is niet gecentreerd op de kuip. Verstel de achterpoot (indien van toepassing). |
Pagina 21
NEDERLANDS 21
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| De deur van het apparaat sluit moeilijk. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • Delen van het serviesgoed steken uit de korven. |
| Ratelende / kloppende geluiden vanuit het apparaat. | • Het serviesgoed is niet juist in de korven gerangschikt. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Zorg ervoor dat de sproeiarmen vrij kunnen ronddraai- en. |
| Het apparaat maakt kortsluiting. | • De stroomsterkte is onvoldoende om alle tegelijk werkende apparaten van stroom te voorzien. Controleer de stroomsterkte van het stopcontact en het vermogen op de meter, of zet één van de in gebruik zijnde apparaten uit. • Interne elektrische storing van het apparaat. Neem contact op met een servicecentrum. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik", of "Aanwijzingen en tips" voor andere mogelijke oorzaken.
Schakel het apparaat na controle aan en uit. Als het probleem opnieuw optreedt,
neemt u contact op met onze klantenservice.
Voor alarmcodes die niet in de tabel vermeld zijn, neemt u contact op met de service-afdeling.
12.1 De was- en droogresultaten zijn niet naar tevredenheid
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Slechte wasresultaten. | • Raadpleeg "Dagelijks gebruik", "Aanwijzingen en tips" en de folder voor het laden van de korf. • Gebruik intensievere wasprogramma´s. • Maak de inspuiters van de sproeiarm en het filter schoon. Zie "Onderhoud en reiniging". |
| Slechte droogresultaten. | • Serviesgoed heeft te lang in het gesloten apparaat gestaan. • Het glansmiddel is op of de dosering van glansmiddel is niet voldoende. Stel de dosering van het glansmiddel in op een hogere stand. • Plastic voorwerpen moeten mogelijk met een doek worden afgedroogd. • Activeer voor de beste droogprestatie de optie Xtra-Dry. • We raden aan altijd glansmiddel te gebruiken, zelfs in combinatie met wastabletten. |
Pagina 22
22 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Witte strepen of een blauwe waas op glazen en serviesgoed. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te hoog. Zet de dosering van het glansmiddel op een lagere stand. • Er is te veel vaatwasmiddel gebruikt. |
| Vlekken en opgedroogde watervlekken op glazen en servies. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te laag. Zet de dosering van het glansmiddel op een hogere stand. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. |
| Het serviesgoed is nat. | • Activeer voor de beste droogprestatie de optie Xtra-Dry. • Het programma heeft geen droogfase of heeft een droogfase met lage temperatuur. • Het glansmiddeldoseerbakje is leeg. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. • De kwaliteit van de multitabletten kan de oorzaak zijn. Probeer een ander merk of activeer het glansmiddeldoseerbakje en gebruik het glansmiddel samen met de multitabletten. • Houd de deur van de vaatwasser een tijdje op een kier voordat u de vaat eruit haalt. |
| De binnenkant van het apparaat is nat. | • Dit is geen fout van het apparaat. Het wordt veroorzaakt door de vochtigheid in de lucht die tegen de wanden condenseert. |
| Opvallend veel schuim tijdens het wassen. | • Gebruik alleen wasmiddel voor afwasautomaten. • Het glansmiddeldoseerbakje is lek. Neem contact op met een servicecentrum. |
| Roestresten op bestek. | • Er wordt voor het wassen teveel zout in het water gebruikt. Zie 'De waterontharder instellen'. • Zilver en roestvrijstalen bestek zijn samen geplaatst. Zet zilveren en roestvrijstalen voorwerpen niet dicht bij elkaar. |
| Er bevinden zich aan het einde van het programma resten van vaatwasmiddel in het vaatwasmiddeldoseerbakje. | • De vaatwastablet raakte klem in het vaatwasmiddeldoseerbakje en is daardoor niet volledig weggespoeld door het water. • Het water kan het vaatwasmiddel niet uit het vaatwasmiddeldoseerbakje spoelen. Zorg ervoor dat de bovenste sproeiarm niet geblokkeerd of verstopt is. • Zorg dat voorwerpen in de rekken het openen van het klepje van het afwasmiddeldoseerbakje niet kunnen belemmeren. |
| Geuren in het apparaat. | • Raadpleeg "Reiniging binnenkant". |
Pagina 23
NEDERLANDS 23
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Kalkresten op het serviesgoed, op de kuip en aan de binnenkant van de deur. | • Het zoutniveau is laag, controleer de bijvulaanduiding. • De dop van het zoutreservoir zit los. • U heeft hard kraanwater. Zie 'De waterontharder instellen'. • Gebruik zelfs met multitabletten zout en stel de waterontharder in. Zie 'De waterontharder instellen'. • Indien de kalkaanslag blijft bestaan, reinigt u het apparaat met reinigingsmiddelen die hier speciaal voor zijn bestemd. • Probeer een ander wasmiddel. • Neem contact op met de wasmiddelfabrikant. |
| Dof, ontkleurd of afgeschilverd serviesgoed. | • Zorg dat alleen vaatwasmachinebestendige voorwerpen in het apparaat worden gewassen. • Laad de korf voorzichtig in en uit. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Leg tere voorwerpen in de bovenkorf. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik" of "Aanwijzingen en tips" voor mogelijke andere oorzaken.
13. TECHNISCHE INFORMATIE
| Afmetingen | Breedte / hoogte / diepte (mm) | 596 / 818-898 / 550 |
| Elektrische aansluiting 1) | Voltage (V) | 200 - 240 |
| Frequentie (Hz) | 50 / 60 | |
| Watertoevoerdruk | bar (minimaal en maximaal) | 0.5 - 8 |
| MPa (minimaal en maximaal) | 0.05 - 0.8 | |
| Watertoevoer | Koud water of warm water 2) | max. 60 °C |
| Vermogen | Couverts | 13 |
| Energieverbruik | Modus aan laten (W) | 5.0 |
| Energieverbruik | Uit-modus (W) | 0.10 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
- 1) Zie het typeplaatje voor andere waarden.
- 2) Als het hete water door een alternatieve, milieuvriendelijkere energiebron geproduceerd wordt (bijv. zonnepanelen en windenergie), gebruik dan een heetwatervoorziening om het energieverbruik te verminderen.
Pagina 24
24 www.aeg.com
14. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.