AEG HVB8453IB, tekst van de handleiding
Kookplaat · AEG · 27 pagina's in het Nederlands · pdf: 32 pagina's, 0,6 MB
Storingen op pagina 24
Pagina 24
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat te doen als...
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Je kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen. | De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïnstalleerd. | Controleer of de kookplaat goed aangesloten is op het lichtnet. Raadpleeg het aansluitdiagram. |
| De zekering is doorgeslagen. | Verzeker je ervan dat de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installateur. | |
| Er is geen gastoevoer. | Controleer de gasaansluiting. | |
| Stel gedurende 50 seconden geen kookstand in. | Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 50 seconden in. | |
| Je hebt 2 of meer sensorvelden tegelijkertijd aangeraakt. | Raak slechts één sensorveld aan. | |
| Water of vetvlekken op het bedieningspaneel. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Pauzeer-functie werkt. | Raadpleeg “Dagelijks gebruik”. | |
| De schuifregelaars beginnen te knipperen, het vermogensniveau wordt verlaagd tot het minimum (niveau 1) en vergrendeld. | De kookplaat is oververhit geraakt door intensief gebruik en levert automatisch een tijdelijk verminderd uitgangsvermogen. | Wacht even tot de kookplaat is afgekoeld. |
| Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitgeschakeld, klinkt er een geluidssignaal. | Je hebt iets op een of meer sensorvelden geplaatst. | Verwijder het voorwerp van de sensorvelden. |
| De kookplaat wordt uitgeschakeld. | Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. | Verwijder het voorwerp van het sensorveld. |
| Het indicatielampje van de reset knippert. | De resetprocedure is vereist. | Zie "Indeling bedieningspaneel" (alsof er een waarschuwing verschijnt). |
| Hob²Hood-functie werkt niet. | Je hebt het bedieningspaneel afgedekt. | Verwijder het voorwerp van het bedieningspaneel. |
| De sensorvelden worden heet. | De pan is te groot of je plaatst deze te dicht bij de bedieningsknoppen. | Plaats groot kookgerei indien mogelijk op de achterste branders. |
| Er klinkt geen geluidsignaal wanneer je de sensorvelden van het bedieningspaneel aanraakt. | De signalen zijn uit. | Schakel de geluiden in. Raadpleeg “Dagelijks gebruik”. |
Pagina 25
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Je kunt een paar seconden na het uitschakelen van de vlam horen als de vlam uitgaat en de ontsteking automatisch wordt uitgevoerd. | Luchtstromen rond de brander. | Zorg ervoor dat de luchtstromen van ramen of deuren de vlam niet doven. |
| De deksel of kroon van de brander is niet goed geplaatst. | Plaats het branderdeksel en de kroon in de juiste positie. | |
| Metalen deel van de vlambeveiliging is vuil. | Raadpleeg “Onderhoud en reiniging”. | |
| gaat aan. | Automatische uitschakeling werkt. | Schakel de kookplaat uit en weer aan. |
| Het indicatielampje boven het symbool gaat aan. | Kinderbeveiligingsinrichting of Vergrendelen werkt. | Zie "Kinderbeveiligingsinrichting" en "Vergrendelen". |
| gaat aan. | De vlam gaat niet branden na 3 pogingen. De deksel of kroon van de brander is niet goed geplaatst. Het metalen deel van de vlambeveiliging is vuil (raadpleeg “Onderhoud en reiniging”). | Schakel de kookplaat uit en weer in om de waarschuwing te resetten. Wanneer de displayfunctie na de animatie weer verschijnt, raak je gedurende 3 seconden aan. Als je ziet, wordt de waarschuwing gereset. |
| Je kunt een constant piepgeluid horen. | De elektrische aansluiting is verkeerd. | Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektricien. |
| - gaat aan. | De kookplaat is te heet. | Wacht een paar minuten totdat de kookplaat is afgekoeld. Zet groot kookgerei indien mogelijk op de achterste branders. |
| - gaat aan. | De kookplaat is oververhit. | Wacht 30 minuten en volg de procedure alsof verschijnt. Als het probleem aanhoudt, neemt dan contact op met een erkende servicedienst. |
| - gaat aan. | Tijdelijke storingstoestand. | Volg dezelfde procedure die je ook volgt als waarschuwing verschijnt. Als het probleem aanhoudt, neemt dan contact op met een erkende servicedienst. |
| - gaat aan. | Er zijn te veel pogingen geweest om de waarschuwing te wissen. | Wacht 15 minuten. Volg dezelfde procedure die je ook volgt als waarschuwing verschijnt. Als het probleem aanhoudt, neemt dan contact op met een erkende servicedienst. |
Pagina 26
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| - | gaan aan. | Er is een fout opgetreden in de kookplaat. | Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
| - | gaan aan. | Er is een fout opgetreden in de kookplaat. | Koppel de kookplaat enige tijd los van de stroomtoevoer. Koppel de zekering los van het elektrische systeem van het huis. Sluit hem opnieuw aan. Als opnieuw gaat branden, neem dan contact op met een erkend servicecentrum. |
| gaat aan. | Er bevindt zich vuil rond de brander. | Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. | |
| Het thermokoppel van de geselecteerde brander is nog steeds te heet om de ontsteking van de brander opnieuw te kunnen starten. | Wacht tot de brander automatisch ontsteekt. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
8.2 over Als neem op geval
| Als je geen oplossing kunt vinden... je niet zelf het probleem kunt verhelpen, dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens het typeplaatje. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Als dit niet het is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer niet gratis, ook | tijdens de garantieperiode. De informatie garantieperiode en geautoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje. 8.3 Labels meegeleverd in de zak met accessoires Bevestig de stickers zoals hieronder weergegeven: |
| A B C | |
| MOD. MOD. MOD. TYPE PROD.NO. PROD.NO. PROD.NO. IP20 0049 SER.NO. SER.NO SER.NO 03 IT DATA DATA MADE IN ITALY | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
A. Plak het op de garantiekaart en verstuur B. Plak het op de garantiekaart en bewaar dit deel (indien van toepassing). dit deel (indien van toepassing).
Pagina 27
C. Plak het op het instructieboekje.
9. TECHNISCHE GEGEVENS
9.1 Afmetingen kookplaat
| Breedte | 800 mm |
| Diepte | 520 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
9.2 Overige technische gegevens
| TOTAAL VERMO-GEN: | Origineel gas: | G20Y20/G25 (2E+Y20) 20/25 mbar (BE) | 8,15 kW |
| G20Y20 (2EY20) 20 mbar (LU) | 8,15 kW | ||
| Gasvervanging: (alleen voor BE) | G30 (3+) 28-30 mbar | 593 g/h | |
| G31 (3+) 37 mbar | 582 g/h | ||
| Elektrische voeding: | 220-240 V ~ 50-60 | Hz | |
| Apparaatcategorie: | II2E+Y203+ (BE) I2EY20 (LU) | ||
| Gasaansluiting: | R 1/2" | ||
| Apparaatklasse: | 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
9.3 Gasbranders voor AARDGAS G20/G25 20/25 mbar (BE) - G20 20 mbar (LU) / G20Y20/G25 20/25 mbar (BE) - G20Y20 20 mbar (LU)
| BRANDER | NORMAAL VERMOGEN kW | MINIMAAL VERMOGEN kW | INSPUITMARKERING |
|---|---|---|---|
| Ultrasnel | 3,5 | 1,6 | 151 |
| Semi-snel | 1,8 | 0,55 | 103x |
| Sudderbrander | 1,05 | 0,4 | 79x |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
9.4 Gasbranders voor LPG G30/G31 28-30/37 mbar (alleen voor BE)
| BRANDER | NORMAAL | MINIMAAL | INSPUITMAR‐ | NOMINALE GASSTROOM g/h | |
|---|---|---|---|---|---|
| VERMOGEN kW | VERMOGEN kW | KERING | G30 28-30 mbar | G31 37 mbar | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
| Ultrasnel | 3,3 | 1,6 | 90x | 240 | 236 |
|---|---|---|---|---|---|
| Semi-snel | 1,9 | 0,55 | 67 | 138 | 136 |
| Sudderbrander | 1,05 | 0,4 | 52 | 76 | 75 |
Pagina 28
10. ENERGIEZUINIGHEID
10.1 Productinformatie volgens EU Ecodesign-regelgeving
| Modelnummer | HVB8453IB | |
| Type kookplaat | Inbouwkookplaat | |
| Aantal gasbranders | 4 | |
| Energetisch rendement per gasbrander (EE gas burner) | Links - Ultrasnel | 59,0% |
| Middenachter - Semi-snel | 58,7% | |
| Rechtsachter - Semi-snel | 57,9% | |
| Rechtsvoor - Sudder | niet van toepassing | |
| Energetisch rendement voor het gasfornuis (EE gas hob) | 58,5% |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
EN 30-2-1: Huishoudelijke kooktoestellen die gas verbranden - Deel 2-1 : Verstandig gebruik van energie - Algemeen
10.2 Energiebesparend
- Controleer voor gebruik of de branders en pannendragers correct zijn bevestigd.
- Gebruik kookgerei met diameters geschikt voor de grootte van de branders.
- Plaats de pan in het midden van de brander.
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats, indien mogelijk, altijd de deksels op het kookgerei.
- Zet het vuur zachter waneer de vloeistof begint te koken om de vloeistof heel zacht te laten sudderen.
- Gebruik indien mogelijk een snelkookpan.
Raadpleeg de gebruikershandleiding.
10.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken
| Stroomverbruik in stand-by | 0.5 W |
| De maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken | 2 min |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
11. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren.
Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Electrolux Appliances AB - Contact Address: Al. Powstancow Slaskich 26, 30-570 Krakow, Poland
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................5
- 3. MONTAGE ..................................................................................................... 8
- 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................ 13
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................. 15
- 6. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 19
- 7. ONDERHOUD EN REINIGING.....................................................................22
- 8. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................. 24
- 9. TECHNISCHE GEGEVENS..........................................................................27
- 10. ENERGIEZUINIGHEID............................................................................... 28
- 11. MILIEUBESCHERMING..............................................................................28
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te
Pagina 3
worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
Pagina 4
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- LET OP: Het kookproces moet bewaakt worden. Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
- Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- In geval van glasbreuk van de kookplaat:
- schakel alle branders en alle elektrische verwarmingselementen onmiddellijk uit en isoleer het apparaat van de stroomvoorziening, – raak het oppervlak van het apparaat niet aan, – gebruik het apparaat niet.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- Als het apparaat rechtstreeks op de stroomvoorziening wordt aangesloten, is er een alpolige isolatieschakelaar met een contactopening nodig op alle polen. De volledige ontkoppeling, in overeenstemming met de voorwaarden die gespecificeerd zijn in overspanningscategorie III, moet worden gegarandeerd. De aardkabel is hiervan uitgesloten.
Pagina 5
- Let er bij het leiden van de stroomkabel op dat de kabel niet rechtstreeks in contact komt (bijvoorbeeld met behulp van isolatiehuls) met onderdelen die temperaturen van meer dan 50°C boven kamertemperatuur kunnen bereiken.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Dit apparaat is geschikt voor de volgende
markten: BE LU
2.1 Installeren
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet
kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades zorg er dan voor dat de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en de bovenste lade voldoende is voor luchtcirculatie.
- De onderkant van het apparaat kan heet worden. Installeer een onbrandbaar scheidingspaneel onder het apparaat om te voorkomen dat de onderkant kan worden aangeraakt.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van
Pagina 6
toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
2.3 Gasaansluiting
LET OP!
Bij gebruik van een gasfles moet je deze altijd op een vlak horizontaal oppervlak houden (met de gasklep bovenaan).
- Alle gasaansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
- Controleer vóór installatie of de plaatselijke distributieomstandigheden (gassoort en -druk) en de afstelling van het apparaat met elkaar te combineren zijn.
- Zorg ervoor dat er lucht in het apparaat circuleert.
- De informatie over de gastoevoer staat op het typeplaatje.
- Dit apparaat mag niet aangesloten worden op een inrichting dat producten afvoert voor verbranding. Sluit het apparaat aan volgens de geldende installatieregels.
Volg de vereisten voor voldoende ventilatie.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
LET OP!
Het gebruik van een gaskooktoestel resulteert in de productie van warmte, vocht en verbrandingsproducten in de ruimte waarin het apparaat wordt geïnstalleerd. Zorg ervoor dat de keuken goed geventileerd is, vooral wanneer het apparaat in gebruik is.
Langdurig intensief gebruik van het apparaat kan extra ventilatie vereisen. Dit is bijvoorbeeld het verhogen van mechanische ventilatie waar aanwezig, extra ventilatie om de verbrandingsproducten veilig te verwijderen naar buitenlucht (externe lucht), terwijl het ook ruimtelucht ververst met extra ventilatie. Raadpleeg een bevoegde persoon voordat je de extra ventilatie installeert.
Pagina 7
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voorafgaand aan het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Laat nooit een brander aan met leeg kookgerei of zonder kookgerei.
- Leg geen aluminiumfolie op het apparaat.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer, aluminium of met een beschadigde bodem
kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
- Gebruik alleen stabiel kookgerei met een juiste vorm en diameter die groter is dan de afmetingen van de branders.
- Zorg ervoor dat het kookgerei in het midden van de branders staat.
- Gebruik geen grote pannen die de randen van het apparaat overschrijden. Dit kan het apparaat beschadigen.
- Gebruik alleen de accessoires die bij het apparaat zijn geleverd.
- Plaats geen vlamverdeler op de brander.
- Zorg dat geen zure vloeistoffen, zoals azijn, citroensap of kalkaanslagverwijderaar, de kookplaat aanraken. Dit kan matte plekken veroorzaken.
- Verkleuring van het email of roestvrij staal is niet van invloed op de werking van het apparaat.
2.5 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- De branders niet in de afwasautomaat reinigen.
2.6 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van
Pagina 8
het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.7 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
- Maak de externe gasleidingen plat.
3. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Model ....................................... Productnummer (PNC) ........................................ Serienummer ...........................
3.2 Gasaansluiting
WAARSCHUWING!
De volgende instructies over montage, aansluiting en onderhoud moeten door gekwalificeerd personeel in overeenstemming met de geldende normen en voorschriften worden uitgevoerd.
Het is noodzakelijk dat de aansluiting op de gasleiding wordt uitgevoerd door middel van een AGB-kraan. Kies vaste aansluitingen of gebruik een flexibele leiding van AGB (roestvrij staal) conform de geldende voorschriften (NBN D 51.003). Als u flexibele metalen leidingen gebruikt, zorg er dan voor dat deze niet in aanraking komen met bewegende onderdelen en dat deze niet bekneld raken. Wees ook voorzichtig met het plaatsen van de kookplaat met een oven.
Controleer of de gastoevoerdruk van het apparaat voldoet aan de aanbevolen waarden. De verstelbare aansluiting wordt op de uitbreidingsbrug bevestigd met behulp van een schroefdraadmoer R 1/2". Alle onderdelen in de afbeelding zijn al in de fabriek gemonteerd. Voordat het apparaat de fabriek verlaat, is het getest om u de beste resultaten te geven.
A
A. Einde van as met schroefdraad
Vloeibaar gas (alleen voor België)
Gebruik de houder voor de rubber vloeibaar gasslang. Gebruik altijd de pakking. Ga vervolgens verder met de gasaansluiting.
De flexibele leiding is voorbereid op gebruik als:
- deze kan niet warmer worden dan kamertemperatuur, hoger dan 30°C;
- het niet langer is dan 1500mm;
- deze geen afklemmingen vertoont;
- deze niet wordt belast met trek- of torsiekrachten;
- deze niet in aanraking komt met scherpe randen of hoeken;
- deze eenvoudig kan worden onderzocht om te verzekeren dat deze in orde is.
Pagina 9
De controle voor behoud van de flexibele leiding bestaat uit het controleren of:
- deze geen barsten, sneden, sporen van verbranden op de twee uiteinden en over de volledige lengte vertoont;
- het materiaal niet verhard is, maar de correcte elasticiteit vertoont;
- de bevestigingsklemmen niet verroest zijn;
- de levensduur niet verlopen is.
Als er een of meer defecten zichtbaar zijn, mag de leiding niet worden gerepareerd, maar moet deze worden vervangen.
WAARSCHUWING!
Controleer na montage of de afdichting van elke leidingaansluiting correct is. Gebruik een zeepoplossing, geen vlam!
3.3 Vervanging van injectoren (alleen voor België)
WAARSCHUWING!
Informatie uitsluitend bedoeld voor erkende installateurs.
- 1. Verwijder de pannendragers.
- 2. Verwijder de kappen en kronen van de brander.
- 3. Verwijder met een dopsleutel 7 de injectoren en vervang ze door de sproeiers die nodig zijn voor het type gas dat je gebruikt (zie de tabel in het hoofdstuk "Technische gegevens").
- 4. Plaats alle onderdelen terug, waarbij je dezelfde procedure in omgekeerde volgorde uitvoert.
- 5. Vervang het typeplaatje (vlak bij de gastoevoerleiding) door het nieuwe type
gastoevoer. Je vindt deze plaat in de zak die bij het apparaat geleverd is.
Als de gastoevoerdruk kan worden gewijzigd of anders is dan de benodigde druk, moet je een geschikte drukregelaar op de gastoevoerleiding plaatsen.
3.4 Gasselectie
WAARSCHUWING!
Informatie uitsluitend bedoeld voor erkende installateurs.
- 1. De kookplaat uitschakelen.
- 2. Druk op en houd gedurende 3 seconden ingedrukt.
- 3. Houd binnen 7 seconden de ruimte onder
de drie verlichte LED's naast de 3 seconden ingedrukt.
- 4. Druk op het symbool van de middelste brander totdat op het display G1 verschijnt.
- 5. Druk op het symbool van de middelste brander om naar de gasselectiemodus te gaan.
Timerdisplay geeft het geselecteerde gastype weer.
- 6. Druk op aan om het gastype volgens onderstaande tabel in te stellen.
- 7. Druk op het symbool van de middelste brander om het gastype te bevestigen.
Druk op om de modus te verlaten of wacht totdat Automatische uitschakeling-functie inschakelt.
| Gasselectie | ||
|---|---|---|
| 0 | 1 | 2 |
| G20/G25 20/25 mbar / G20Y20/G25 20/25 mbar | Vloeibaar gas 29 mbar | Veiligheidsrisico, gebruik geen gasselectie 2. Gebruik alleen gasselecties 0 en 1, afhankelijk van de gastoevoer. |
Pagina 10
3.5 Aanpassing minimumniveau (alleen voor België)
WAARSCHUWING!
Informatie uitsluitend bedoeld voor erkende installateurs.
Schakel de kookplaat uit voordat u aanpassingen doet.
Het minimumniveau van de branders afstellen:
- 1. De kookplaat uitschakelen.
- 2. Druk op en houd gedurende 3 seconden ingedrukt.
- 3. Houd binnen 7 seconden de ruimte onder
de drie verlichte LED's naast het symbool gedurende 3 seconden ingedrukt.
- 4. Druk 3 keer op het symbool van de middelste brander.
Op de display verschijnt G2-stand.
- 5. Druk op het symbool van de middelste brander om de modus te openen.
- 6. Wacht na het kiezen van de stand 5 seconden.
De brander brandt op het minimale niveau en
de bedieningsbalk toont .
- 7. Om de waarde te verhogen of te verlagen en het minimumniveau aan te passen,
drukt u op of symbolen van de middelste brander.
- 8. Wacht 5 seconden voor het versturen van de gekozen waarde naar het voedingsbord.
- 9. Controleer of het minimumniveau correct
is en druk op het symbool om het minimumniveau te bevestigen.
Als het minimale niveau niet juist is, herhaal dan stappen 6 en 7.
- 10. Druk op het symbool van de middelste brander om de volgende brander te selecteren en herhaal de stappen 5-8. De procedure begint bij de middelste brander en gaat door de linkerbrander, de
rechterbrander vooraan naar de rechterbrander achteraan.
Druk op om de modus te verlaten.
WAARSCHUWING!
Zorg dat de vlam niet uitgaat als u de knop snel van de maximale stand naar de minimale stand draait.
WAARSCHUWING!
Stel de G3- en G4-standen niet in. Het is alleen voor geautoriseerde servicecentra.
3.6 Elektrische aansluiting
- Zorg ervoor dat de nominale spanning en het type vermogen op het typeplaatje overeenkomen met de spanning en het vermogen van de lokale stroomvoorziening.
- Dit apparaat wordt geleverd met een netsnoer. Het moet voorzien zijn van een geschikte stekker die de belasting op het typeplaatje aankan. Zorg ervoor dat u de stekker in een correct stopcontact steekt.
- Gebruik altijd een correct geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Zorg ervoor dat de netvoedingsstekker na montage bereikbaar is.
- Trek niet aan de netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Er bestaat brandgevaar als het apparaat op een verlengkabel, een adapter of een meervoudige aansluiting is aangesloten.
Zorg ervoor dat de aardingsaansluiting voldoet aan de normen en voorschriften.
- Laat het netsnoer niet heter worden dan een temperatuur van 90°C.
3.7 Aansluitsnoer
Gebruik voor het vervangen van de aansluitkabel alleen de speciale kabel of het equivalent daarvan. Het kabeltype is:
H05V2V2-F T90.
Zorg ervoor dat de doorsnede van het snoer geschikt is voor de voltagebelasting en de bedrijfstemperatuur. De groen/gele aardedraad moet ca. 2 cm langer zijn dan de bruine (of zwarte) fasedraad .
Pagina 11
B
L
N
- 1. Sluit de groen/gele (aarde) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'E'
of het aardesymbool , of groen/geel gekleurd.
- 2. Sluit de blauwe (nul) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'N', of blauw gekleurd.
- 3. Sluit de bruine (onder spanning staande) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'L'. Deze moet altijd worden aangesloten op de netwerkfase.
3.8 Montage
INSTALLATIE AAN BOVENKANT
min.
650mm
min.
150mm
A
< 20 mm
A
B
Pagina 12
| ▸ ▸ ▸ | min. 38 mm min. 2 mm¹) |
| 1) Tenzij anders aangegeven in de oveninstallatie. 6. | |
| A | |
| 7. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
8.
9.
10. LET OP!
Monteer het apparaat alleen op een werkblad met een plat oppervlak.
LET OP!
Monteer het apparaat alleen op een werkblad met een plat oppervlak.
Pagina 13
3.9 Installeren van kookplaat onder de afzuigkap
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten. In elk geval mag deze afstand niet minder zijn dan 650 mm.
A. Verwijderbaar paneel (optioneel)
B. Ruimte voor aansluitingen
Keukeneenheid met oven
De elektrische aansluiting van de kookplaat en de oven moeten afzonderlijk worden geïnstalleerd, om veiligheidsredenen en zodat de oven gemakkelijk uit de eenheid kan worden verwijderd.
3.10 Mogelijkheden voor insertie
Het paneel dat onder de kookplaat is geïnstalleerd, moet gemakkelijk te verwijderen zijn. Ook moet het gemakkelijk toegankelijk zijn voor het geval dat er technische ondersteuning nodig is.
Keukenmeubel met
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling van het kookoppervlak
1 Ultrasnelle brander
2 Semi-snelle brander
3 Hulpbrander
4 Bedieningspaneel
Pagina 14
4.2 Indeling bedieningspaneel
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tiptoets | Functie | Omschrijving | |
|---|---|---|---|
| 1 | Aan/uit | Het apparaat in- en uitschakelen. | |
| 2 | Pauze | De functie in- en uitschakelen. | |
| 3 | Timer | De functie instellen. | |
| 4 | / | - | De tijd verlengen of verkorten. |
| 5 | - | Timerdisplay | De tijd in minuten weergeven. |
| 6 | Resetten | De kookplaat resetten (zie "Problemen oplossen"). | |
| 7 | Hob²Hood | De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. | |
| 8 | - | Bedieningsstrip | Het instellen van de kookstand. |
| 9 | Vergrendeling/kinderbeveiliging | Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
4.3 Indicatielampjes op de display
| Indicatielampje | Omschrijving |
|---|---|
| + cijfer | Er is een storing. |
| Er is een waarschuwing (raadpleeg “Probleemoplossing”). | |
| / / | OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm houden/restwarmte. |
Pagina 15
4.4 Aanduiding voor heet oppervlak
WAARSCHUWING!
Indien de kookzone tijdens het koken heet wordt, toont de instellingsaanduiding
een waarschuwing / / voor heet oppervlak als de zone wordt uitgeschakeld. De indicator heet oppervlak wordt weergegeven totdat de kookzone afkoelt, de kookplaat wordt losgekoppeld of de stroom wordt uitgeschakeld.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Overzicht brander
$
%
&
' (
A. Branderkap
B. Branderkroon
C. Ontstekingskaars
D. Thermokoppel
E. Vlam van de piloot
5.2 De brander ontsteken
Steek de brander altijd aan voordat je er kookgerei op plaatst.
WAARSCHUWING!
Wees bijzonder voorzichtig bij het gebruik van open vuur in de keukenomgeving. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld in het geval van onjuist gebruik van de vlam.
- 1. Houd ingedrukt om de kookplaat in te schakelen.
De kookplaat wordt uitgeschakeld wanneer deze na 50 seconden niet is gebruikt.
- 2. Druk na de lichtanimatie, wanneer u op het display ziet, op de gewenste kookstand op de bedieningsbalk.
Als de brander na een paar pogingen niet ontsteekt, controleer dan of de kroon en de dop goed zijn geplaatst .
Als de brander tijdens normaal gebruik automatisch begint te vonken en de vlam automatisch wordt aangepast, controleer dan of het metalen deel van de ontstekingsbougie en de vlambeveiliging schoon zijn (zie 'Onderhoud en reiniging').
Pagina 16
Als de brander per ongeluk uitgaat, ontsteekt de kookplaat de brander 3 keer opnieuw. Als de vlam hierna nog steeds
niet gaat branden, verschijnt .
Schakel de kookplaat uit wanneer de
waarschuwing verschijnt, en schakel deze vervolgens weer in. Wanneer de
displayfunctie na de animatie weer
gedurende 3
verschijnt, raak je seconden aan.
Als je ziet, wordt de waarschuwing gereset (raadpleeg “Probleemoplossing”).
verschijnt wanneer wordt geprobeerd de brander onmiddellijk opnieuw te starten nadat de vlam is uitgeschakeld. Wacht ongeveer 10 seconden voordat u de brander opnieuw start.
Vlam van de piloot
De vlam rondom het thermokoppel is een waakvlam. Het voorkomt onverwachte uitschakeling.
5.3 De brander uitzetten
Om de vlam te doven de bedieningsknop
naar de uit-positie schuiven.
WAARSCHUWING!
Draai de vlam altijd lager of schakel hem uit voordat u de pan van de brander haalt
5.4 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- alle branders zijn gedeactiveerd,
- je de kookstand niet instelt nadat je de kookplaat hebt ingeschakeld;
- je iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het object of reinig het bedieningspaneel.
- u een brander niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na enige tijd wordt de kookplaat uitgeschakeld.
De relatie tussen de kookstand en de tijd waarna de kookplaat wordt uitgeschakeld:
| Niveau | Tijd (uren) |
|---|---|
| 1 | 6 |
| 2 | 3 |
| 3 | 3 |
| 4 | 1,5 |
| 5 | 1,5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
5.5 Menustructuur
De tabel toont de basismenustructuur.
Gebruikersinstellingen
| Symbool | Instellingen | Mogelijke opties |
|---|---|---|
| b | Geluid | Aan / Uit (--) |
| H | Afzuigkapmodus | 0 - 6 |
| E | Alarm / foutgeschiedenis | De lijst met recente alarmen / fouten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Om gebruikersinstellingen in te voeren: 3
seconden ingedrukt houden . Houd
vervolgens ingedrukt. De instellingen verschijnen op de linker timers.
Verder lezen op pagina 17Inhoud