naslaan.comZoekenAlle merken

AEG IAE64411FB, tekst van de handleiding

Pagina's 45–58 van 212 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 59 →

Pagina's 1–44: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 45

VOOR PERFECTE RESULTATEN

Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen.

Ga naar onze website voor:

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:

www.aeg.com/support

Registreer je product voor een betere service:

www.registeraeg.com

Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat: www.aeg.com/shop

KLANTENSERVICE EN SERVICE

Gebruik altijd originele onderdelen.

Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje.

Waarschuwingen en veiligheidsinformatie

Algemene informatie en tips

Milieu-informatie

Wijzigingen voorbehouden.

INHOUDSOPGAVE

1. VEILIGHEIDSINFORMATIE

Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit

Pagina 46

uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen

1.2 Algemene veiligheid

Pagina 47

het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.

Pagina 48

2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

2.1 Installeren

WAARSCHUWING!

Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.

WAARSCHUWING!

Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.

•

•

•

•

•

•

•

•

•

•

2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!•
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.•
•Alle elektrische aansluitingen moeten
worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.•
•Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
•Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je
welke werkzaamheden dan ook uitvoert.•
•Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)

Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.

Gebruik het juiste netsnoer.

Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.

Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.

Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.

Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.

Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.

Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.

De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.

Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.

Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken. Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.

Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen:

stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.

De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening

Pagina 49

hebben met een minimale breedte van 3 mm.

2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!

Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.

WAARSCHUWING!

Risico op brand en explosie

lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.

WAARSCHUWING!

Risico op schade aan het apparaat.

2.4 Onderhoud en reiniging

2.5 Service

Pagina 50

2.6 Verwijdering

WAARSCHUWING!

Gevaar voor letsel of verstikking.

3. INSTALLATIE

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

3.1 Voor montage

Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.

Serienummer ...........................

3.2 Ingebouwde kookplaten

Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.

3.3 Aansluitsnoer

3.4 Montage

Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.

min.

500mm

min.

50mm

Als het apparaat boven een lade wordt geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.

Pagina 51: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 52

4.2 Bedieningspaneel lay-out

Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.

Tip‐ Functie Opmerking toets

1 AAN / UIT De kookplaat in- en uitschakelen.

2Blokkering / KinderbeveiligingsinrichtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.
3SenseBoil®De functie in- en uitschakelen.
De indicatoren boven het symbool geven de voortgang van de functie aan.
4PauzeDe functie in- en uitschakelen.
5KookstanddisplayDe kookstand weergeven.
6Timerindicatie voor de kookzonesGeeft aan voor welke zone u de tijd instelt.
7TimerdisplayDe tijd in minuten weergeven.
8Hob²HoodDe handmatige modus van functie in- en uitschakelen.
9-Om de kookzone te selecteren.
10/-De tijd verlengen of verkorten.
11PowerBoostHet inschakelen van de functie.
12BedieningsstripHet instellen van de kookstand.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

4.3 Kookstanddisplays

Scherm

Beschrijving

De kookzone is uitgeschakeld.

De kookzone wordt gebruikt.

-

Pagina 53

SchermBeschrijving
Pauze is in werking.
SenseBoil® is in werking.
Automatisch opwarmen is in werking.
PowerBoost is in werking.
+ cijferEr is een storing.
/ /OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met koken / warmhoudstand / restwarmte.
Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt.
Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op de kookzone geplaatst.
Automatische uitschakeling is in werking.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)

4.4 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)

WAARSCHUWING!

/ / Zolang het indicatielampje aanstaat, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.

De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.

De indicatielampjes / / verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen

tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt.

Het indicatielampje kan ook verschijnen:

Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.

5. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

5.1 In- of uitschakelen

Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen.

5.2 Automatische uitschakeling

De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:

Pagina 54

geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.

symbool gaat branden en na 2 minuten schakelt de kookzone automatisch uit.

aan en schakelt de kookplaat uit.

De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:

Warmte-instelling De kookplaat wordt

, 1 - 3uitgeschakeld na
6 uur
4 - 75 uur
8 - 94 uur
10 - 141,5 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

5.3 De kookstand

Voor het instellen of wijzigen van de kookstand:

Raak de bedieningsstrip aan bij de juiste kookstand of beweeg uw vinger langs de bedieningsstrip totdat u de jusite kookstand heeft bereikt.

5.4 SenseBoil®

De functie past de temperatuur van het water automatisch aan zodat de pan niet overkookt zodra het kookpunt is bereikt.

Wanneer er nog restwarmte

( / / ) op de kookzone die u wilt gebruiken aanwezig is, wordt een akoestisch signaal uitgezonden en zal de functie niet starten.

Er verschijnt een knipperend - pictogram voor kookzones waarop u de functie momenteel kunt gebruiken.

De functie start.

Als u niet binnen 5 seconden een kookzone kiest, wordt de functie niet geactiveerd.

Zodra de functie start, gaan de indicatoren boven het symbool

één voor één aan totdat het water het kookpunt bereikt.

Wanneer de functie het kookpunt detecteert, geeft de kookplaat een akoestisch signaal en verandert het verwarmingsniveau automatisch in 8.

Wanneer alle kookzones al in gebruik zijn of er zich restwarmte op alle kookzones bevindt, laat de kookplaat een pieptoon horen, knipperen de indicatoren

boven en start de functie niet. Voor het uitschakelen van de functie raakt u

aan. De functie wordt gedeactiveerd en de warmte-instelling daalt tot 0, of raak de bedieningsbalk aan en pas de kookstand handmatig aan.

De functie Pauze en het optillen van de pan schakelen

SenseBoil® uit.

5.5 Het gebruik van de kookzones

Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte

Pagina 55

automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan.

5.6 Automatisch opwarmen

Activeer deze functie om in een kortere tijd een gewenste kookstand te krijgen. Als het aan staat, werkt de zone in het begin op de hoogste kookstand en gaat daarna verder met koken op de gewenste kookstand.

Om de functie in werking te stellen moet de kookzone koud zijn.

Om de functie voor een kookzone in te

schakelen: raak aan ( gaat aan). Raak meteen de gewenste kookstand aan. Na 3

seconden gaat branden.

De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.

5.7 PowerBoost

Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand.

Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.

Om de functie voor een kookzone in te

schakelen: raak aan. gaat aan.

De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.

5.8 Timer

U kunt deze functie gebruiken om de lengte van één kooksessie in te stellen.

Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie.

Om de kookzone in te stellen: tik

herhaaldelijk op totdat het lampje van een kookzone verschijnt.

Om de functie te activeren: tik op van de timer om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, wordt de tijd afgeteld.

Om de resterende tijd te zien: tik op om de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven.

Om de tijd te wijzigen: tik op om de kookzone in te stellen. Tik op of .

Om de functie te deactiveren: tik op om de kookzone in te stellen en tik vervolgens

op . De resterende tijd telt terug tot 00. Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.

Als de aftelling beëindigd is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordt uitgeschakeld.

Om de functie te stoppen: tik op .

Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang de kookzone werkt.

Om de kookzone in te stellen: tik

herhaaldelijk op totdat het lampje van een kookzone verschijnt.

Om de functie te activeren: tik op van

de timer. verschijnt. Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, wordt de tijd

opgeteld. Het display schakelt tussen en de getelde tijd (in minuten).

Om in de gaten te houden hoelang de

kookzone werkt: tik op om de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. De display geeft aan hoe lang de zone werkt.

Om de functie te deactiveren: tik op en

tik vervolgens op of . Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.

U kunt deze functie gebruiken wanneer de kookplaat is ingeschakeld maar de

Pagina 56

kookzones niet werken. De warmtestand op

het display toont .

Om de functie te activeren: tik op en tik

vervolgens op of van de timer om de tijd in te stellen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00.

Om de functie te stoppen: tik op .

De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones.

5.9 Pauze

Deze functie stelt alle kookzones die in werking zijn in op de laagste kookstand.

Als de functie in werking is, zijn alle andere symbolen op de bedieningspanelen vergrendeld.

De functie stopt de timerfunctie niet.

Tik op om de functie in te schakelen.

gaat aan.De kookstand wordt verlaagd naar 1.

Voor het uitschakelen van de functie raakt u

aan. De vorige kookstand gaat aan.

5.10 Blokkering

U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd.

Stel eerst de kookstand in.

De functie inschakelen: raak aan. gaat gedurende 4 seconden aan. De timer blijft aan.

De functie uitschakelen: Raak aan. De vorige kookstand gaat aan.

Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.

5.11 Kinderbeveiligingsinrichting

Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt.

Om de functie te activeren: activeer de

kookplaat met . Stel geen warmteinstelling

in. Raak 4 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaat uit met .

Om de functie te deactiveren: activeer de

kookplaat met . Stel geen warmteinstelling

in. Raak 4 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaat uit met .

Om de functie voor slechts één kooksessie te onderdrukken: activeer de

kookplaat met . gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de kookplaat bedienen.

Als u de kookplaat uitschakelt met , treedt de functie weer in werking.

5.12 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen)

Schakel de kookplaat uit. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit.

Raak 3 seconden aan. of gaat

branden. Raak van de timer aan om één van het volgende te kiezen:

Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt.

Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:

5.13 Stroommanagement

Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones. De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.

Pagina 57

beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.

Zie de afbeelding voor mogelijke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdeeld.

5.14 Hob²Hood

Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale afzuigkap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap heeft een infraroodontvanger. De snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen.

Voor de meeste afzuigkappen wordt het afstandsbedieningssysteem uitgeschakeld. Inschakelen voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.

De functie automatisch bedienen

Stel de automatische modus in op H1 – H6 om de functie automatisch te bedienen. De kookplaat wordt oorspronkelijk ingesteld op H5.De afzuigkap reageert als u de kookplaat in gebruik neemt. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af.

Automatische modi

Automa‐ Koken1) Bakken2) tische

verlichting
Modus H0UitUitUit
Modus H1AanUitUit
Modus H2 3)AanVentilatorsnelheid 1Ventilatorsnelheid 1
Modus H3AanUitVentilatorsnelheid 1
Modus H4AanVentilatorsnelheid 1Ventilatorsnelheid 1
Modus H5AanVentilatorsnelheid 1Ventilatorsnelheid 2
Modus H6AanVentilatorsnelheid 2Ventilatorsnelheid 3

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)

De automatische modus veranderen

Pagina 58

3. Raak3 seconden aan.
4. Raak gaat.een paar keer aan tot

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 58)

aan

Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedienen op het kookplaatpaneel.

Als u stopt met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert.

De ventilatorsnelheid handmatig bedienen

U kunt de functie ook handmatig bedienen.

Raak daartoe aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening

van de functie uit zodat u de ventilatorsnelheid handmatig kunt

veranderen. Als u op drukt, wordt de ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als u

een intensief niveau bereikt en weer op drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met

ventilatorsnelheid 1, raakt u aan.

Schakel de kookplaat uit en weer aan om de automatische bediening van de functie te activeren.

De verlichting activeren

U kunt de kookplaat instellen om de verlichting automatisch te activeren als u de kookplaat aan zet. Zet daarvoor de automatische modus op H1 – H6.

De verlichting van de afzuigkap gaat uit 2 minuten nadat u de kookplaat heeft uitgeschakeld.

6. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

6.1 Pannen

Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snel.

Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.

Panmaterialen

Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:

Afmetingen van pannen

Pannen met een diameter kleiner dan het minimum ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd.

← begin van de handleidingverder op pagina 59 →Inhoud