AEG IKE96654FB, tekst van de handleiding
Pagina's 2–16 van 72 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 17 →
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................5
- 3. INSTALLATIE..................................................................................................7
- 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT.......................................................... 8
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................... 9
- 6. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 16
- 7. ONDERHOUD EN REINIGING.....................................................................19
- 8. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................. 19
- 9. TECHNISCHE GEGEVENS..........................................................................21
- 10. ENERGIEZUINIGHEID............................................................................... 22
- 11. MILIEUBESCHERMING..............................................................................23
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te
Pagina 3
worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
Pagina 4
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
Pagina 5
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren 2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
- Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren.
- Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
Pagina 6
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan.
- Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
Pagina 7
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
- Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke
apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLATIE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoer
- De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90°C of hoger.
Neem contact op met de servicedienst.
Het aansluitsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde elektricien.
3.4 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.
min.
500mm
min.
50mm
Pagina 8
| 65± 1mm | 55± 1mm 490± 1mm |
| het apparaat boven | een lade wordt |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Als geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG Induction Hob - Worktop installation
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling kookplaat
1 Inductiekookoppervlak
2 Bedieningspaneel
Pagina 9
4.2 Indeling Bedieningspaneel
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tiptoets | Opmerking | |
|---|---|---|
| 1 | De kookplaat in- en uitschakelen. | |
| 2 | Om Blokkering of Kinderbeveiligingsinrichting in en uit te schakelen. | |
| 3 | Om de actieve zone weer te geven. | |
| 4 | Indicatielampje CountUp Timer. | |
| 5 | Indicatielampje Timer met aftelfunctie. | |
| 6 | - | Timerdisplay: 00 - 99 minuten. |
| 7 | Om Bridge in en uit te schakelen en om tussen de modi te schakelen. | |
| 8 | Om Timer functies te selecteren. | |
| 9 | / | Om de tijd te verlengen of te verkorten. |
| 10 | Om Hob²Hood in en uit te schakelen. | |
| 11 | Om Pauze in en uit te schakelen. | |
| 12 | Om PowerBoost in te schakelen. | |
| 13 | - | Om een warmte-instelling in te stellen: 0 - 9. |
| 14 | Om PowerSlide in en uit te schakelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen.
Pagina 10
Het bedieningspaneel gaat aan als u de kookplaat aanzet en gaat uit als u de kookplaat uitschakelt.
5.2 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- u gedurende 50 seconden geen kookgerei op de kookplaats zet,
- u binnen 50 seconden na het plaatsen van het kookgerei geen warmtestand instelt,
- u iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Als het geluidssignaal klinkt, schakelt de kookplaat uit. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- de kookplaat te heet wordt (b.v. als een pan droogkookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken.
- u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na een tijdje gaat de kookplaat uit.
De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:
| Warmte-instelling | De kookplaat wordt uitgeschakeld na |
|---|---|
| 1 - 2 | 6 uur |
| 3 - 4 | 5 uur |
| 5 | 4 uur |
| 6 - 9 | 1,5 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
5.3 De kookzone gebruiken
LET OP!
Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. Er bestaat een risico dat de elektronische onderdelen beschadigen.
Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone.
Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan.
Als u het kookgerei op de juiste positie plaatst, herkent de kookplaat deze en gaat de relevante regelbalk aan. Een rode kookzoneaanduiding verschijnt boven de regelbalk en geeft de positie van de pan aan.
Elk vierkant op het bedieningspaneel staat voor een kookzone op de inductiekookzone. De zone-aanduidingen geven aan welke kookzone er wordt geregeld met de juiste regelbalk.
5.4 Warmte-instelling
Pagina 11
- 1. Druk op de gewenste warmte-instelling op de regelbalk. U kunt uw vinger ook langs de regelbalk bewegen om de warmte-instelling voor een kookzone in te stellen of te wijzigen.
- 2. Druk op 0 om een kookzone uit te schakelen.
Als u eenmaal een pan op de kookzone zet en de kookstand instelt, blijft deze gedurende 2 minuten gelijk nadat u de pan heeft verwijderd. De regelbalk en de aanduiding van de kookzone knipperen gedurende 2 minuten. Als u de pan binnen deze tijd weer op de kookzone plaatst reactiveert de kookstand. Zo niet wordt de kookzone uitgeschakeld.
5.5 PowerBoost
Deze functie activeert meer vermogen voor de geschikte inductiekookzone, afhankelijk van de grootte van het kookgerei. De functie kan maar voor een beperkte periode worden geactiveerd.
Druk op om de functie voor de kookzone te activeren.
Het symbool wordt rood.
De functie wordt automatisch uitgeschakeld.
Raadpleeg voor maximale tijdsduur 'Technische gegevens'.
5.6 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)
WAARSCHUWING!
/ / Zolang het indicatielampje brandt, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicatielampjes / / verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.7 timer opties
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te geven hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de warmte-instelling in en dan de functie.
- 1. Raak aan om de functie in te schakelen of de tijd te wijzigen.
De timercijfers en de indicatoren en
verschijnen op het scherm. wordt rood
en wordt wit.
Als de timer is wordt ingesteld, verdwijnen alle aanduidingen na 4 seconden.
- 2. Raak of aan om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten).
Na 3 seconden gaat de timer automatisch
aftellen. De indicatoren , , en
verdwijnen. blijft rood.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal
en knippert . Om het signaal te stoppen,
raakt u aan.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De indicatielampjes en gaan
branden. Gebruik of om op het display in te stellen. U kunt ook het warmteniveau instellen op 0. Als gevolg daarvan hoort u een geluid en wordt de timer geannuleerd.
CountUp Timer
Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang een kookzone werkt.
Pagina 12
Raak tweemaal aan om de functie in te schakelen.
De aanduiding wordt rood en de timer gaat automatisch optellen.
Om de functie uit te schakelen: raak aan.
Raak aan wanneer de indicatielampjes gaan branden.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken.
Zet een pan op een kookzone om het bedieningspaneel te zien.
- 1. Raak aan totdat de indicator rood wordtom de functie te activeren.
- 2. Tik op of om de tijd in te stellen. De functie wordt automatisch na 4 seconden
gestart. De indicatoren , , en
verdwijnen. blijft rood.
Als u de functie instelt, kunt u de pan verwijderen.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal
en knippert . Tik op om het signaal uit te schakelen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
gaan
aan. De aanduidingen en branden. Gebruik of om display in te stellen.
op het
De functie heeft geen invloed op de werking van eender welke kookzone.
5.8 Bridge
Deze functie verbindt twee kookzones en deze werken dan samen als één kookzone. U kunt de functie gebruiken met groot kookgerei.
- 1. Plaats het kookgerei op twee kookzones. Het kookgerei moet het midden van beide zones bedekken.
wordt wit.
- 2. Tik op om de functie in te schakelen.
- 3. Stel de warmte-instelling in.
Het kookgerei dient het midden van beide zones te bedekken maar niet voorbij de gebiedsmarkering komen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De kookzones werken onafhankelijk.
5.9 PowerSlide
Met deze functie kunt u de temperatuur aanpassen door het kookgerei naar een andere positie op het inductiekookoppervlak te verplaatsen.
De functie verdeelt de verticale kookzone in drie zones met verschillende warmte-instellingen. De kookplaat detecteert de positie van het kookgerei en past het van te voren ingestelde warmte-instelling overeenkomstig aan. U kunt de pan in de voorste, de middelste of de achterste positie zetten. Als je het kookgerei in de voorste positie plaatst, krijg je de hoogste warmte-instelling. Om het te verminderen, verplaatst u het kookgerei naar de middelste of
Pagina 13
achterste positie.
Gebruik slechts één pan als je de functie gebruikt.
Als u de warmte-instelling wilt wijzigen, tilt u het kookgerei op en plaatst u het op een andere plek om het gebied.
- De zoneaanduiding geeft beide zones in een brug aan, zelfs als maar een van de zones in gebruik is.
- U kunt de warmte-instelling alleen handmatig aanpassen als minstens een van de zones automatisch wordt geactiveerd.
- 1. Raak aan om de functie te activeren. Het symbool licht rood op en de regelbalk geeft de standaard warmte-instelling weer. Alle kookzones werken 9 minuten.
Na 9 minuten klinkt er een geluidssignaal en worden de lege kookzones uitgeschakeld.
Raak aan om deze functie te hervatten.
- 2. Plaats de pan of zet deze naar behoefte naar een andere positie.
- 3. U kunt de standaard warmte-instelling voor elke positie afzonderlijk wijzigen.
De kookplaat zal uw instellingen onthouden voor de volgende keer dat u de functie activeert.
Om de functie uit te schakelen: raak aan. Het symbool wordt wit.
5.10 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werking is kunnen en worden gebruikt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld.
De functie stopt de timerfuncties niet.
- 1. Om de functie in te schakelen: druk op
.
Het symbool wordt rood. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1.
- 2. Om de functie uit te schakelen, druk op
.
Het symbool wordt wit. De vorige kookstand verschijnt.
5.11 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werking is. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Tik op om de functie in te schakelen. Het symbool wordt rood en knippert.
Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt. Het symbool wordt wit.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
5.12 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt.
Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geen kookstand in.
Raak aan totdat het lampje rood wordt om de functie te activeren.
De regelbalken verdwijnen. Schakel de kookplaat uit.
Als u de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief.
Om de functie gedurende één kooksessie te deactiveren: Schakel de kookplaat in met
. gaat branden. Raak aan totdat deze wit wordt. De regelbalken verschijnen.
Pagina 14
Stel de warmte in binnen 50 seconden.U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat
uitschakelt met is de functie nog steeds actief.
Om de functie permanent te deactiveren: activeer de kookplaat en stel geen kookstand
in. Raak aan totdat het wit wordt. De regelbalken verschijnen. Schakel de kookplaat uit.
5.13 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen)
Schakel eerst de kookplaat uit.
- 1. Raak 3 seconden aan om de functie in te schakelen.
Het display gaat aan en uit.
- 2. Gedurende 3 seconden aanraken. of gaat aan.
- 3. Raak op de timer aan om één van het volgende te kiezen:
- - de geluiden zijn uit
- - de geluiden zijn aan
- 4. Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt.
Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:
- u kiest
- Kookwekker afgaat
- Timer met aftelfunctie afgaat
- u iets op het bedieningspaneel plaatst.
5.14 Hob²Hood
Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale afzuigkap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap heeft een infraroodontvanger. De snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen.
Voor de meeste afzuigkappen wordt het afstandsbedieniningssysteem uitgeschakeld. Inschakelen voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.
De functie automatisch bedienen
Stel de automatische modus in op H1 - H6 om de functie automatisch te bedienen. De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert als u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af.
De verlichting activeren
U kunt de kookplaat instellen om de verlichting automatisch te activeren als u de kookplaat aan zet. Zet daarvoor de automatische modus op H1 - H6.
De verlichting van de afzuigkap gaat uit 2 minuten nadat u de kookplaat heeft uitgeschakeld.
| Automatische | modi | ||
|---|---|---|---|
| Automatische ver-lichting | Koken1) | Bakken2) | |
| Modus H0 | Uit | Uit | Uit |
| Modus H1 | Aan | Uit | Uit |
| Modus H23) | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H3 | Aan | Uit | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H4 | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H5 | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 2 |
Pagina 15
| Automatische ver-lichting | Koken1) | Bakken2) | |
|---|---|---|---|
| Modus H6 | Aan | Ventilatorsnelheid 2 | Ventilatorsnelheid 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
- 1) De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
- 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
- 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert niet op de temperatuur.
De automatische modus veranderen
- 1. Schakel het apparaat uit.
- 2. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit.
| 3. Raak | 3 seconden aan. |
| 4. Raak gaat. | een paar keer aan tot |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
aan
- 5. Raak van de timer aan om een automatische modus te selecteren. Als u stopt met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert.
Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedienen op het kookplaatpaneel.
De ventilatorsnelheid handmatig bedienen
U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen.
Raak aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening van de functie uit zodat u de ventilatorsnelheid handmatig kunt veranderen.
Als u op drukt, wordt de ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als u een intensief niveau
bereikt en weer op drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met
ventilatorsnelheid 1, raakt u aan.
Schakel de kookplaat uit en weer aan om de automatische bediening van de functie te activeren.
5.15 Stroommanagement
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones (verbonden met dezelfde fase). De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
- Kookzones zijn gegroepeerd volgens de locatie en het aantal fasen van de kookplaat. Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading van 3680 W. Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- Voor kookzones met verminderd vermogen toont het bedieningspaneel de maximaal mogelijke warmte-instellingen.
- Als er geen hogere warmte-instelling beschikbaar is verlaag dit dan eerst voor de andere kookzones.
- De activering van de functie is afhankelijk van het aantal en de grootte van de pannen.
Zie de afbeelding voor mogelijke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdeeld.
Pagina 16
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 Pannen
Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snel.
Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
- Om oververhitting te voorkomen en de prestaties van de zones te verbeteren, moet het kookgerei zo dik en vlak mogelijk zijn.
- Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat het kookgerei op de kookplaat worden gezet.
- Let er altijd op dat u het kookgerei niet schuift of wrijft op de randen en hoeken van het glas , omdat dit het glasoppervlak kan beschadigen.
Panmaterialen
- goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
- niet goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
- water op de hoogste kookstand binnen korte tijd wordt verwarmd,
- een magneet op de onderkant van het kookgerei plakt.
Afmetingen van pannen
- Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan. Raadpleeg
"Technische gegevens" > "Specificatie van kookzones" voor de juiste afmetingen van kookgerei. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone.
- De efficiëntie van een kookzone hangt samen met de diameter van de pan.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" >
"Specificatie van de kookzone").
- Pannen met een diameter kleiner dan een bepaalde kookzone ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt opgewekt, wat resulteert in een langzamere opwarming.
- Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat pannen tijdens het koken niet dicht bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren.
Raadpleeg de technische gegevens.