AEG KIF6840IS, tekst van de handleiding
Kookplaat · AEG · 24 pagina's in het Nederlands · pdf: 100 pagina's, 1,2 MB
Storingen op pagina 21
Pagina 21
Vanaf de titel; het begin van pagina 21 staat in de pdf.
9. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen messen of ander scherp, metalen gereedschap om het glasoppervlak te reinigen.
De afdruk op de flexibele inductiekookzone kan vies worden of van kleur veranderen door het bewegen van kookgerei. U kunt het gebied op de beschreven manier reinigen.
8.2 Het glazen oppervlak van de kookplaat reinigen
- Verwijder onmiddellijk: gesmolten kunststof, plastic folie, zout, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken.
Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.
- Verwijder dit als de kookplaat voldoende afgekoeld is: kalkringen, waterringen, vetvlekken, glanzende metaalverkleuring. Reinig de kookplaat met een mild schurende reinigingsmelk en een antikras, fijne spons (zie Algemene informatie). Veeg de kookplaat na het reinigen droog met een microvezeldoek.
- Blijvende vlekken en vlekken: oefen matige druk uit en schrob het oppervlak met een antikras, delicate spons (zie
Algemene informatie) en een licht schurende reinigingsmelk totdat de vlekken niet langer zichtbaar zijn.
Pagina 22
9.1 Wat moet je doen als ...
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Je kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen. | De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïnstalleerd. | Controleer of de kookplaat goed aangesloten is op het lichtnet. |
| De zekering is doorgeslagen. | Verzeker je ervan dat de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installateur. | |
| Je stelde gedurende 50 seconden geen kookstand in. | Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 50 seconden in. | |
| Je hebt 2 of meer sensorvelden tegelijkertijd aangeraakt. | Raak slechts één sensorveld aan. | |
| Pauze is in werking. | Zie "Pause". | |
| Water of vetvlekken op het bedieningspaneel. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Je kunt een constant piepgeluid horen. | De elektrische aansluiting is verkeerd. | Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektricien. |
| Je kunt de maximale warmtestand niet instellen voor één van de kookzones. Je kunt een van de kookzones niet inschakelen. | De andere zones verbruiken het maximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. | Verlaag de warmtestand van de andere kookzones die op dezelfde fase zijn aangesloten. Zie 'Stroommanagement'. |
| Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitgeschakeld, klinkt er een geluidssignaal. | Je hebt iets op een of meer sensorvelden geplaatst. | Verwijder het voorwerp van de sensorvelden. |
| De kookplaat wordt uitgeschakeld. | Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. | Verwijder het voorwerp van het sensorveld. |
| De restwarmte-indicator gaat niet aan. | De zone is niet heet omdat deze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. | Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet te zijn, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| Hob²Hood werkt niet. | Je hebt het bedieningspaneel afgedekt. | Verwijder het voorwerp van het bedieningspaneel. |
| Je maakt gebruik van een hele hoge pan die het signaal blokkeert. | Gebruik een kleinere pan, verander van kookzone of bedien de afzuigkap handmatig. | |
| Het bedieningspaneel wordt heet bij aanraking. | Het kookgerei is te groot of je plaatst het te dicht bij het bedieningspaneel. | Plaats grotere pannen indien mogelijk op de achterste kookzones. |
| Er klinkt geen geluidsignaal wanneer je de tiptoetsen van het bedieningspaneel aanraakt. | De signalen zijn uit. | Schakel de geluiden in. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. |
Pagina 23
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De flexibele inductiekookzone verwarmt de pan niet. | De pan staat op een verkeerde plek op de flexibele inductiekookzone. | Plaats de pan op de juiste plek op de flexibele inductiekookzone. De plaats van de pan is afhankelijk van de ingeschakelde functie of modus. Zie ‘Flexibele inductiekookruimte’. |
| De diameter van de panbodem is verkeerd voor de ingeschakelde functie of functiemodus. | Gebruik alleen pannen met een diameter die geschikt is voor de ingeschakelde functie of functiemodus. Zie ‘Flexibele inductiekookruimte’. | |
| gaat aan. | Kinderbeveiligingsinrichting of Blokkering werkt. | Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokkering". |
| De bedieningsbalk knippert. | Er staat geen pan op de zone, of de zone is niet volledig bedekt. | Zet een pan op de zone, zodat de pan de zone volledig bedekt. |
| De pan is niet geschikt. | Gebruik kookgerei dat geschikt is voor inductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingen en tips'. | |
| De diameter van de bodem van de pan is te klein voor de zone. | Gebruik pannen met de juiste afmetingen. Raadpleeg de technische gegevens. | |
| FlexiBridge (Flexible Bridge) is in werking. Eén of meerdere delen van de werkende functiemodus niet afgedekt door de pan. | Plaats de pan op het juiste aantal gedeelten van de functiemodus die in werking is of wijzig de functiemodus. Zie ‘Flexibele inductiekookruimte’. | |
| Opwarmen duurt lang. | Pan is te klein en ontvangt slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd. | Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone"). |
| gaat aan. | PowerSlide is in werking. Er worden twee pannen op de flexibele inductiekookzone geplaatst of het kookgerei dekt meer dan één kookzone die door de functie wordt geactiveerd. | Gebruik slechts één pan. Zie ‘Flexibele inductiekookruimte’. |
| en een getal gaan branden. | Er is een fout opgetreden in de kookplaat. | Schakel de kookplaat uit en schakel deze na 30 seconden weer in. Wanneer weer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Steek de stekker van de kookplaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
9.2 Als je geen oplossing kunt vinden...
Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een
erkende serviceafdeling. Verstrek de gegevens van het typeplaatje. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Is dit niet het geval, dan is het onderhoud door een servicemonteur of dealer niet gratis, ook niet
Pagina 24
tijdens de garantieperiode. De informatie over garantieperiode en geautoriseerde servicecentra staat in het garantieboekje.
10. TECHNISCHE GEGEVENS
10.1 Typeplaatje
Model KIF6840IS Type 62 D4A 21 AA Inductie 7.35 kW Serienr. ................ AEG
PNC 949 598 632 00
220 - 240 V / 400 V 2N, 50 - 60 Hz Gemaakt in: Duitsland 7.35 kW
10.2 Specificatie kookzones
| Kookzone | Nominaal vermogen (max warmte-instelling) [W] | PowerBoost [W] | PowerBoost maximale duur [min] | Diameter van het kookgerei [mm] |
|---|---|---|---|---|
| Middenachter | 2300 | 3200 | 10 | 125 - 210 |
| Rechtsvoor | 1800 | 2800 | 10 | 145 - 180 |
| Flexibel inductiekookgebied | 2300 | 3200 | 10 | minimaal 105 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde kleine marge verschillen van de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht en kookresultaat kookgerei met een
bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in de tabel). Gebruik geen kookgerei dat groter is dan de diameter van de kookzone.
11. ENERGIEVERBRUIK
11.1 Productinformatie volgens de EU Ecodesign regulering
| Modelnummer | KIF6840IS |
|---|---|
| Type kookplaat | Inbouwkookplaat |
| Aantal kookzones | 2 |
| Aantal kookgebieden | 1 |
| Verwarmingstechnologie | Inductie |
Pagina 25
| Diameter van ronde kookzones (Ø) | Middenachter Rechtsvoor | 21.0 cm 18.0 cm |
| Lengte (L) en breedte (W) van het kookgebied | Links | L 41.8 cm W 24.8 cm |
| Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) | Middenachter Rechtsvoor | 190.8 Wh/kg 194.2 Wh/kg |
| Energieverbruik van het kookgebied (EC electric cooking) | Links | 187.0 Wh/kg |
| Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) | 189.2 Wh/kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
11.2 Energiebesparende
Je kunt energie besparen tijdens het dagelijks koken als je de onderstaande aanwijzingen volgt.
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats, indien mogelijk, altijd de deksels op het kookgerei.
- Plaats het kookgerei direct in het midden van de kookzone.
- Gebruik de restwarmte om het voedsel warm te houden of om het te laten smelten.
11.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken
| Stroomverbruik in uit-modus | 0.3 W |
| De maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken | 2 min |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
12. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren.
Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................4
- 3. INSTALLEREN................................................................................................7
- 4. PRODUCTBESCHRIJVING............................................................................9
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................. 10
- 6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE.............................................................14
- 7. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 18
- 8. ONDERHOUD EN REINIGING.....................................................................21
- 9. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................. 21
- 10. TECHNISCHE GEGEVENS........................................................................24
- 11. ENERGIEVERBRUIK..................................................................................24
- 12. MILIEUBESCHERMING..............................................................................25
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te
Pagina 3
worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
Pagina 4
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat je het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Pagina 5
2.1 Installeren
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
- Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren.
- Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
Pagina 6
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkoppervlak en plaats geen voedsel in direct contact met het apparaat.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer om elektrische schokken te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
- Als je voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer je ermee kookt.
- De dampen die boven hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die bevochtigd zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te vermijden.
- Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
Pagina 7
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
- Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke
apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLEREN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoer
- De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90°C of hoger.
Neem contact op met de servicedienst.
Het aansluitsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde elektricien.
3.4 De afdichting bevestigen - Geïntegreerde installatie
- 1. Reinig de sponningen in het werkblad.
- 2. Snijd de meegeleverde 3x10 mm afdichtingsstreep in vier strepen. De strepen moeten dezelfde lengte hebben als de sponningen.
- 3. Knip de uiteinden van de strepen in een hoek van 45°. Ze moeten nauwkeurig in de hoeken van de sponningen passen.
- 4. Bevestig de strepen aan de rabbels. Rek de strippen niet uit. Plak de uiteinden van de strippen niet over elkaar heen.
Dicht na plaatsing van de kookplaat de kier tussen het werkblad en het glaskeramiek met siliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen niet onder het glaskeramiek komen.
3.5 De afdichting bevestigen - Installatie aan bovenkant
- 1. Reinig het werkblad rond het uitgesneden gebied.
- 2. Bevestig de meegeleverde 2x6 mm afdichtstrip tegen de onderrand van de kookplaat langs de buitenrand van de keramische plaat. Rek het niet uit. Zorg dat de uiteinden van de afdichtstrip zich in het midden van een van de zijden van de kokplaat bevinden.
Pagina 8
- 3. Tel een paar millimeter bij de af te knippen lengte van de afdichtstrip.
- 4. Duw de twee uiteinden van de afdichtstrip samen.
3.6 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.
min.
500mm
min.
50mm
Als het apparaat boven een lade wordt geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
INSTALLATIE OP DE BOVENKANT
| min. 50 | |||
| ▸ min. | |||
| min.min. | |||
| ▸ 10 60 | 28 | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
GEÏNTEGREERDE INSTALLATIE
- min.
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG Induction Hob - Worktop installation
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - inbouwinstallatie" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
Pagina 9
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG induction hob flush installation
4. PRODUCTBESCHRIJVING
4.1 Indeling van het kookoppervlak
1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel
3 Flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties
4.2 Indeling Bedieningspaneel
Om het bedieningspaneel en de zoneposities te zien, activeert u het apparaat met Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tiptoets | Functie | Opmerking |
|---|---|---|
| AAN / UIT | De kookplaat in- en uitschakelen. | |
| Hob²Hood | De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. | |
| Pauze | De functie in- en uitschakelen. | |
| - | De tijd verlengen of verkorten. | |
| / |
Pagina 10
| Tiptoets | Functie | Opmerking | |
|---|---|---|---|
| 5 | - | Timerfunctie instellen. | |
| 6 | - | Timerdisplay | De tijd in minuten weergeven. |
| 7 | FlexiBridge (Flexible Bridge) | Om over te schakelen tussen drie modi van de functie. | |
| 8 | PowerSlide | De functie in- en uitschakelen. | |
| 9 | - | Bedieningsstrip | Het instellen van de kookstand. |
| 10 | PowerBoost | Het inschakelen van de functie. | |
| 11 | Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting | Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen.
Het bedieningspaneel gaat aan als u de kookplaat aanzet en gaat uit als u de kookplaat uitschakelt.
Als de kookplaat is uitgeschakeld kunt u
alleen zien.
5.2 Warmte-instelling
- 1. Druk op de gewenste warmte-instelling op de regelbalk. U kunt uw vinger ook langs de regelbalk bewegen om de warmte-instelling voor een kookzone in te stellen of te wijzigen.
- 2. Druk op 0 om een kookzone uit te schakelen.
Als u eenmaal een pan op de kookzone zet en de kookstand instelt, blijft deze gedurende
50 seconden gelijk nadat u de pan heeft verwijderd. De regelbalk knippert voor de tweede helft van die tijd. Als u de pan binnen deze tijd weer op de kookzone plaatst reactiveert de kookstand. Zo niet wordt de kookzone uitgeschakeld.
5.3 PowerBoost
Deze functie activeert meer vermogen voor de geschikte inductiekookzone, afhankelijk van de grootte van het kookgerei. De functie kan maar voor een beperkte periode worden geactiveerd.
Druk op om de functie voor de kookzone te activeren.
De functie wordt automatisch uitgeschakeld.
Raadpleeg voor maximale tijdsduur 'Technische gegevens'.
5.4 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)
WAARSCHUWING!
/ / Zolang het indicatielampje brandt, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
Pagina 11
De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicatielampjes / / verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.5 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- u gedurende 50 seconden geen kookgerei op de kookplaats zet,
- u binnen 50 seconden na het plaatsen van het kookgerei geen warmtestand instelt,
- u iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Als het geluidssignaal klinkt, schakelt de kookplaat uit. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- de kookplaat te heet wordt (b.v. als een pan droogkookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken.
- u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na een tijdje gaat de kookplaat uit.
De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:
| Warmte-instelling | De kookplaat wordt uitgeschakeld na |
|---|---|
| 1 - 2 | 6 uur |
| 3 - 4 | 5 uur |
| 5 | 4 uur |
| 6 - 9 | 1,5 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
5.6 timer opties
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te geven hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de warmte-instelling in en dan de functie.
- 1. Raak aan om de functie in te schakelen of de tijd te wijzigen.
De timercijfers en de indicatoren en
verschijnen op het scherm.
Als de timer niet wordt ingesteld, verdwijnen
en na 3 seconden.
- 2. Raak of aan om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten).
Na 3 seconden gaat de timer automatisch
aftellen. De indicatoren , en verdwijnen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal
en knippert . Om het signaal te stoppen,
raakt u aan.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De indicatielampjes en gaan
branden. Gebruik of om op het display in te stellen. U kunt ook het warmteniveau instellen op 0. Als gevolg daarvan hoort u een geluid en wordt de timer geannuleerd.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken.
Plaats een pan op een kookzone om het
symbool te zien.
- 1. Raak om de functie te activeren.
- 2. Tik op of om de tijd in te stellen. De functie wordt automatisch na 4 seconden gestart.
Als u de functie instelt, kunt u de pan verwijderen.
Pagina 12
Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal
en knippert . Tik op om het signaal uit te schakelen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
gaan
aan. De aanduidingen en branden. Gebruik of om display in te stellen.
op het
De functie heeft geen invloed op de werking van eender welke kookzone.
5.7 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werking is kunnen , en
worden gebruikt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld.
- 1. Om de functie in te schakelen: druk op
.
De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1.
- 2. Om de functie uit te schakelen, druk op
.
De vorige kookstand verschijnt.
5.8 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werking is. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Tik op om de functie in te schakelen.
Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
5.9 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt.
Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geen kookstand in.
Raak aan totdat u het geluid hoort en de indicator oplicht om de functie te activeren. De regelbalken verdwijnen. Schakel de kookplaat uit.
Als u de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief.
Om de functie gedurende één kooksessie te deactiveren: Schakel de kookplaat in met
. gaat branden. Raak aan totdat u het geluid hoort en de indicator uit gaat. De regelbalk verschijnt. Stel de warmte in binnen 50 seconden.U kunt de kookplaat bedienen.
Als u de kookplaat uitschakelt met is de functie nog steeds actief.
Om de functie permanent te deactiveren: activeer de kookplaat en stel geen kookstand
in. Raak totdat u een geluid hoort en de indicator uit gaat. De regelbalken verschijnen. Schakel de kookplaat uit.
5.10 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen)
Schakel eerst de kookplaat uit.
- 1. Raak 3 seconden aan om de functie in te schakelen.
Het display gaat aan en uit.
- 2. Gedurende 3 seconden aanraken. of gaat aan.
- 3. Raak op de timer aan om één van het volgende te kiezen:
- - de geluiden zijn uit
- - de geluiden zijn aan
- 4. Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt.
Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:
- u kiest
- Kookwekker afgaat
- Timer met aftelfunctie afgaat
- u iets op het bedieningspaneel plaatst.
Pagina 13
5.11 Stroommanagement
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones (verbonden met dezelfde fase). De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
- Kookzones zijn gegroepeerd volgens de locatie en het aantal fasen van de kookplaat. Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading van 3680 W. Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- Voor kookzones met verminderd vermogen toont het bedieningspaneel de maximaal mogelijke warmte-instellingen.
- Als er geen hogere warmte-instelling beschikbaar is verlaag dit dan eerst voor de andere kookzones.
- De activering van de functie is afhankelijk van het aantal en de grootte van de pannen.
Zie de afbeelding voor mogelijke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdeeld.
5.12 Hob²Hood
Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale kap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap hebben een infraroodontvanger. De snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. Je kunt de ventilator ook handmatig van de kookplaat bedienen.
Bij de meeste afzuigkappen is het afstandsbedieningssysteem in eerste instantie uitgeschakeld. Als de functie is uitgeschakeld, activeert u deze voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.
De functie automatisch bedienen
Om de functie te bedienen, stelt u de automatische modus automatisch in op H1 - H6 De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert wanneer u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af.
Het lampje inschakelen
Je kunt de kookplaat instellen om het licht automatisch te activeren wanneer je de kookplaat activeert. Zet daarvoor de automatische modus op H1 - H6.
Het lampje op de afzuigkap gaat 2 minuten na het uitschakelen van de kookplaat uit.
| Automatische | modi | ||
|---|---|---|---|
| Automatisch lampje | Koken1) | Bakken2) | |
| Modus H0 | Uit | Uit | Uit |
| Modus H1 | Aan | Uit | Uit |
| Modus H23) | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H3 | Aan | Uit | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H4 | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 1 |
| Modus H5 | Aan | Ventilatorsnelheid 1 | Ventilatorsnelheid 2 |
Pagina 14
| Automatisch lampje | Koken1) | Bakken2) | |
|---|---|---|---|
| Modus H6 | Aan | Ventilatorsnelheid 2 | Ventilatorsnelheid 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
- 1) De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
- 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
- 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert niet op de temperatuur.
De automatische modus veranderen
- 1. Schakel het apparaat uit.
- 2. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit.
| 3. Raak | 3 seconden aan. |
| 4. Raak gaat. | een paar keer aan tot |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
aan
- 5. Raak van de timer aan om een automatische modus te selecteren. Als u stopt met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt
voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert.
Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedienen op het kookplaatpaneel.
De ventilatorsnelheid handmatig bedienen
U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen.
Raak aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening van de functie uit zodat u de ventilatorsnelheid handmatig kunt veranderen.
Als u op drukt, wordt de ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als u een intensief niveau
bereikt en weer op drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met
ventilatorsnelheid 1, raakt u aan.
Schakel de kookplaat uit en weer aan om de automatische bediening van de functie te activeren.
6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 FlexiBridge-functie
De flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties. De gebieden kunnen worden gecombineerd in twee kookzones met verschillende maten, of in één grote kookzone. De zijkanten van de zones die samen werken, lichten op en zijn verbonden met kortere verlichte lijnen. U kiest de combinatie van de secties door de modus te kiezen die van toepassing is op de grootte van het kookgerei dat u wilt gebruiken. Er zijn drie modi: Standaard (automatisch
geactiveerd als u de kookplaat aanzet), Bigmodus (grote overbrugging) en Max-modus (maximale overbrugging).
Gebruik de twee linker bedieningsknoppen voor de warmte-instelling.
Schakelen tussen de modi
Gebruik het sensorveld om te schakelen
tussen de modi: .
Verder lezen op pagina 15Inhoud