AEG L6FB84M, tekst van de handleiding
Wasmachine · AEG · 38 pagina's in het Nederlands · pdf: 40 pagina's, 1,3 MB
Storingen op pagina 32
Pagina 32
Vanaf de titel; het begin van pagina 32 staat in de pdf.
15. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.11 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
14.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
Pagina 33
NEDERLANDS 33
15.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat u een handeling verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij enkele problemen geeft het display een alarmcode weer en kan de Start/Pauze -knop continu knipperen:
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Zorg ervoor dat de waterkraan geopend is. • Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf. • Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg dat de positie van de watertoevoerslang correct is. • Zorg dat de filter van de toevoerslang en de filter van de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". |
| Het apparaat pompt geen water weg. | • Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft. • Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". • Zorg dat de aansluiting van de waterafvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als u een programma zonder afvoerfase instelt. • Stel het afvoerprogramma in als u een optie heeft gekozen waarbij water in de kuip blijft. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen elektronische elementen van de machine. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer verschijnt, neem dan contact op met een erkend servicecentrum. |
| De stroomtoevoer is niet stabiel. | • Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is. |
| Het beschermingssysteem tegen waterlekkage is aan. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
Pagina 34
34 www.aeg.com
Als het display andere alarmcodes aangeeft, schakel het apparaat dat uit en weer in. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine.
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Controleer of de netstekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. • Verzeker u ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als de uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot de afloop van de afteltijd. • Schakel het kinderslot uit. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| De machine vult zich met water en pompt dit direct weg. | • Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeerprogramma in. • Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". • Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem wordt mogelijk veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er ligt water op de vloer. | • Zorg dat de aansluitingen van de waterslangen goed vast zitten en dat er geen lekken zijn. • Zorg ervoor dat de watertoevoer- en afvoerslangen niet beschadigd zijn. • Zorg dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| U kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Zorg ervoor dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Zorg dat het wasprogramma voltooid is. • Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich water in de trommel bevindt. • Verzeker u ervan dat er elektrische stroom op de machine staat. • Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing van het apparaat. Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Zorg dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te klein. |
Pagina 35
NEDERLANDS 35
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De programmaduur neemt toe of neemt af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
| Het wasresultaat is niet bevredigend. | • Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. • U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald. • Zorg dat u de juiste temperatuur instelt. • Verminder de hoeveelheid wasgoed. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). • Verzeker u ervan dat u het wasmiddelvakje heeft gebruikt volgens de instructie in deze gebruiksaanwijzing. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met het geautoriseerd servicecentrum.
De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje.
16. VERBRUIKSWAARDEN
16.1 Inleiding
Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
Pagina 36
36 www.aeg.com
16.2 Legenda
| kg | Wasgoed. u:mm Duur programma. |
|---|---|
| kWh | Energieverbruik. °C Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. rpm Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
16.3 In overeenstemming met Verordening van de
Commissie (EU) 2019/2023
| Eco 40-60 pro-kg gramma | kWh | Liter u:mm | % | °C rpm1) |
|---|---|---|---|---|
| Volledige lading 8 | 0.910 | 52 3:25 | 53 | 41 1351 |
| Halve belading 4 | 0.510 | 42 2:40 | 53 | 34 1351 |
| Kwartbelading 2 | 0.175 | 33 2:35 | 54 | 22 1351 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | ||||
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | ||
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
16.4 Veelvoorkomende programma's
Deze waarden zijn slechts indicatief.
Pagina 37
NEDERLANDS 37
| Programma | kg | kWh | Liter | u:mm | % | °C | rpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen2) 95 °C | 8 | 2.45 | 80 | 4:05 | 52 | 85 | 1400 |
| Katoen 60 °C | 8 | 1.75 | 75 | 3:50 | 52 | 55 | 1400 |
| Katoen 20°3) 20 °C | 8 | 0.30 | 75 | 2:50 | 52 | 20 | 1400 |
| Synthetica 40 °C | 3 | 0.60 | 55 | 2:15 | 35 | 40 | 1200 |
| Fijne was4) 30 °C | 2 | 0.40 | 50 | 1:15 | 35 | 30 | 1200 |
| Wol/Zijde 30 °C | 1,5 | 0.30 | 60 | 1:05 | 30 | 30 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
- 1) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
- 2) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 3) Geschikt voor licht vervuilde katoen, synthetische en gemengde stoffen.
- 4) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
17. SNELSTARTGIDS
17.1 Dagelijks gebruik
Steek de stekker in het stopcontact.
Draai de waterkraan open.
Doe het wasgoed in de machine.
Plaats het wasmiddel en andere behandelmiddelen in de juiste vakken van de wasmiddeldoseerbakje.
- 1. Druk op de Aan/Uit toets om het apparaat aan te zetten. Draai de programmaknop om het gewenste wasprogramma in te stellen.
- 2. Stel de gewenste opties (1) in met de corresponderende tiptoetsen. Om het programma te starten, drukt u op de Start/Pauze -toets (2).
- 3. Het apparaat start.
Neem aan het einde van het programma het wasgoed er uit.
Druk op de Aan/Uit -toets om het apparaat uit te zetten.
Pagina 38
38 www.aeg.com
17.2 Reinigen van het afvoerpompfilter
1
180˚
Reinig het filter regelmatig en in het bijzonder als de alarmcode op het display verschijnt.
17.3 Programma’s
| Programma’s | Belading | Productbeschrijving |
|---|---|---|
| Eco 40-60 | 8 kg | Wit en bont katoen. Normaal vervuilde kledingstukken. |
| Katoen | 8 kg | Wit katoen en bont katoen. |
| Synthetica | 3 kg | Synthetische of gemengde stoffen.. |
| Fijne was | 2 kg | Delicate stoffen zoals acryl, viscose en polyester. |
| Wol/Zijde | 1,5 kg | Machinewasbare wol, handwasbare wol en fijne was. |
| 20 min. - 3 kg | 3 kg | Katoenen en synthetische kledingstukken, licht vervuild of slechts eenmaal gedragen. |
| Katoen 20° | 8 kg | Gemengde stoffen. Katoen en synthetische stoffen. |
| Strijkvrij | 3 kg | Synthetische stoffen die voorzichtig gewassen moeten worden. |
| Anti-allergie | 8 kg | Witte katoenen kleding. Dit programma verwijdert meer dan 99,99% van de bacteriën en vi-russen1). Het zorgt ook voor een goede vermindering van allergenen. |
| Centrifugeren/Pompen | 8 kg | Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Programma voor centrifugeren en wegpompen van water. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
- 1) Getest op Staphylococcus aureus, Enterococcus faecium, Candida albicans, Pseudomonas aeruginosa en MS2 Bacteriophage in externe tests uitgevoerd door Swissatest Testmaterialien AG in 2021 (testrapport nr. 202120117).
Pagina 39
NEDERLANDS 39
18. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het
symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
2 www.aeg.com
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE................................................................................. 3
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN........................................................................ 5
- 3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT................................................................ 7
- 4. TECHNISCHE GEGEVENS..................................................................................8
- 5. MONTAGE ...........................................................................................................8
- 6. ACCESSOIRES.................................................................................................. 12
- 7. BEDIENINGSPANEEL........................................................................................13
- 8. KNOP EN TOETSEN..........................................................................................14
- 9. PROGRAMMA’S ................................................................................................16
- 10. INSTELLINGEN................................................................................................ 20
- 11. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT......... 20
- 12. DAGELIJKS GEBRUIK..................................................................................... 21
- 13. AANWIJZINGEN EN TIPS................................................................................25
- 14. ONDERHOUD EN REINIGING.........................................................................27
- 15. PROBLEEMOPLOSSING.................................................................................32
- 16. VERBRUIKSWAARDEN...................................................................................35
- 17. SNELSTARTGIDS............................................................................................37
- 18. MILIEUBESCHERMING................................................................................... 39
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen. Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Registreer je product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE EN SERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje.
Waarschuwingen en veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
Pagina 3
NEDERLANDS 3
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen.
- Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zij voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- Houd reinigingsmiddelen uit de buurt van kinderen.
- Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als de deur open staat.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
Pagina 4
4
www.aeg.com
1.2 Algemene veiligheid
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en soortgelijke toepassingen, zoals:
- keukenruimten van personeel in winkels, kantoren en andere werkruimten;
- door gasten in hotels, motels, bed & breakfast en andere woonomgevingen;
- ruimtes voor gemeenschappelijk gebruik in gebouwen of flats of in wasserettes.
- De maximale lading van het apparaat is 8 kg.
Overschrijd de maximale belading van elk programma niet (zie het hoofdstuk 'Programma's').
- De waterdruk bij het watertoevoerpunt van de aansluiting moet liggen tussen 0,5 bar (0,05 MPa) en 8 bar (0,8 MPa).
- De ventilatieopeningen in de onderkant mogen niet worden afgedekt door tapijt, een mat of andere soorten vloerbedekking.
- Het apparaat moet op de waterleiding worden aangesloten met de nieuwe meegeleverde slangsets, of andere nieuwe slangsets geleverd door het geautoriseerd servicecentrum.
- Oude slangsets mogen niet opnieuw worden gebruikt.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties met elektriciteit te voorkomen.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat je onderhoudshandelingen verricht.
- Gebruik geen waterstralen onder druk en/of stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
Pagina 5
NEDERLANDS 5
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
De installatie moet voldoen aan de relevante nationale voorschriften.
- Verwijder alle verpakking en de transportbouten, inclusief de rubberen mof met kunststof afstandhouder.
- Bewaar de transportbouten op een veilige plek. Als het apparaat verplaatst moet worden in de toekomst, moeten ze opnieuw bevestigd worden om de trommel te vergrendelen om interne schade te voorkomen.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Gebruik of installeer het apparaat niet op plekken waar de temperatuur onder de 0°C komt of waar het wordt blootgesteld aan weersomstandigheden.
- Zorg ervoor dat de vloer van de plaats waar u het apparaat installeert, vlak, stabiel, hittebestendig en schoon is.
- Zorg dat er lucht tussen het apparaat en de vloer kan circuleren.
- Als het apparaat op zijn permanente plaats wordt geplaatst, moet u nagaan of het waterpas staat. Is dit niet het geval, stel de stelpootjes hier dan op af.
- Installeer het apparaat niet direct boven de vloerafvoer.
- Sproei geen water op het apparaat en stel het niet bloot aan overmatige vochtigheid.
- Plaats het apparaat niet op een plek waar de deur niet helemaal open kan.
- Plaats geen gesloten bak om mogelijke waterlekkage op te vangen onder het apparaat. Neem contact op met het geautoriseerd servicecentrum om te raadplegen welke accessoires gebruikt mogen worden.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg dat u de netstekker en het netsnoer niet beschadigt. Indien de voedingskabel moet worden vervangen, dan moet dit gebeuren door onze Klantenservice.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Raak de stroomkabel of stekker niet aan met natte handen.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
2.3 Wateraansluiting
- Het toevoerwater mag niet warmer zijn dan 25°C.
- Beschadig de waterslangen niet.
- Indien buizen lang niet zijn gebruikt, er reparaties hebben plaatsgevonden of er nieuwe apparaten zijn geplaatst (watermeters, enz.), moet je, voordat de nieuwe buizen worden aangesloten, het water laten stromen totdat het schoon en helder is.
- Zorg ervoor dat er geen zichtbare waterlekken zijn tijdens en na het eerste gebruik van het apparaat.
- Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met de erkende klantenservice voor vervanging van de toevoerslang.
- Bij het uitpakken van het apparaat is het mogelijk dat je water uit de afvoerslang ziet stromen. Dit komt
Pagina 6
6
www.aeg.com
door het testen met water van het apparaat in de fabriek.
- Je kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met de erkende klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
- Zorg ervoor dat de kraan na installatie bereikbaar is.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, elektrische schokken, brand, brandwonden en schade aan het apparaat.
- Volg de veiligheidsinstructies op de verpakking van het wasmiddel op.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Was geen stoffen die zwaar bevuild zijn met olie, vet of andere vettige substanties. Dit kan rubberen onderdelen van de wasmachine beschadigen. Was dergelijke stoffen met de hand voor, voordat u ze in de wasmachine stopt.
- Raak de glazen deur niet aan als een programma in werking is. Het glas kan heet worden.
- Zorg ervoor dat alle metalen voorwerpen van het wasgoed zijn verwijderd.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zijn beschikbaar gedurende 10 jaar nadat het model is stopgezet: motor- en motorborstels, transmissie tussen motor en trommel, pompen, schokdempers en veren, wastrommel,
trommelspin en aanverwante kogellagers, verwarmers en verwarmingselementen, inclusief warmtepompen, leidingen en aanverwante apparatuur, waaronder slangen, kleppen, filters en aquastops, printplaten, elektronische displays, drukschakelaars, thermostaten en sensoren, software en firmware met inbegrip van resetsoftware, deur, deurscharnier en afdichtingen, andere afdichtingen, deurvergrendelingsassemblage, plastic randapparatuur zoals wasmiddeldispensers. Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat.
Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact en koppel het apparaat los van de watertoevoer.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
- Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in de trommel vast komen te zitten.
- Gooi het apparaat weg conform de lokale voorschriften voor de verwijdering van elektrische en elektronische apparatuur (AEEA).
Pagina 7
NEDERLANDS 7
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Bijzondere eigenschappen
Je nieuwe wasautomaat voldoet aan alle moderne eisen voor een effectieve behandeling van wasgoed met een laag water-, energie- en wasmiddelverbruik en een milde behandeling van het wasgoed.
- De ProSense System stemt de programmaduur automatisch af op het wasgoed in de trommel om perfecte wasresultaten te behalen in zo min mogelijk tijd. Lees de paragraaf “De
ProSense System ladingdetectie” voor meer informatie.
3.2 Apparaatoverzicht
- 1 Bovenblad
- 2 Wasmiddellade
- 3 Bedieningspaneel
- 4 Handgreep
- 5 Typeplaatje
- 6 Filter afvoerpomp
- 7 Voetjes voor het waterpas zetten van het apparaat
Mod. xxxxxxxxx Prod.No. 910000000
000V ~ 00Hz 0000 W
00A
8 Afvoerslang
9 Aansluiting van de watertoevoerslang
10 Netsnoer
11 Transportbouten
12 Slangensteun
Op het typeplaatje staan de modelnaam (A), het productnummer (B), de elektrische vermogens (C) en het serienummer (D).
Pagina 8
8 www.aeg.com
4. TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmeting Breedte / hoogte / totale diepte | 59,6 cm /84,7 cm /57,7 cm |
| Elektrische aansluiting Spanning (Voltage) Totaal vermogen Zekering Frequentie | 230 V 2200 W 10 A 50 Hz |
| Het beschermdeksel biedt bescherming tegen vaste stoffen en vochtigheid, behalve op plaatsen waar de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht biedt | IPX4 |
| Watertoevoerdruk Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 8 bar (0,8 MPa) |
| Watertoevoer 1) | Koud water |
| Maximale belasting Katoen | 8 kg |
| Centrifugeersnelheid Maximale centrifugeersnelheid | 1351 rpm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
- 1) Sluit de waterinlaatslang aan op een waterkraan met een 3/4'' -schroefdraad.
5. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Uitpakken
- 1. Open de deur. Haal al het wasgoed uit de trommel.
Accessoires die bij het apparaat worden geleverd, kunnen per model verschillen.
- 2. Plaats het verpakkingselement op de vloer achter het apparaat en leg het voorzichtig op de achterzijde.
Verwijder de
3.
polystyreenbescherming van de onderkant.
1
2 LET OP!
Leg de wasmachine niet op zijn voorzijde.
Zet het apparaat weer rechtop. Verwijder het aansluitsnoer en de
Pagina 9
NEDERLANDS 9
afvoerslang van de slanghouders.
WAARSCHUWING!
U kunt het water in de afvoerslang zien stromen. Dit komt doordat de wasmachine in de fabriek is getest.
- 4. Verwijder de drie bouten met de sleutel die bij het apparaat geleverd is. Trek de bouten met de plastic tussenstukken eruit.
Wij raden u aan om alle transportbouten en verpakking te bewaren voor als u het apparaat gaat verplaatsen.
- 5. Plaats de plastic doppen, die u in de zak met de gebruiksaanwijzing aantreft, in de openingen.
5.2 Plaatsing en waterpas zetten
- 1. Installeer het apparaat op een vlakke harde vloer.
Zorg ervoor dat het apparaat geen muren of andere apparaten raakt.
- 2. Gebruik de stelvoetjes om het apparaat waterpas te zetten.
WAARSCHUWING!
Plaats geen karton, hout of vergelijkbare materialen onder de voeten van het apparaat om deze waterpas te stellen.
x4
Het apparaat moet waterpas en stabiel staan.
Een juiste afstelling van het apparaat voorkomt trillingen en lawaai en het bewegen van het apparaat als deze in bedrijf is.
Als het apparaat op een plint wordt geïnstalleerd of als er een wasdroger op de wasmachine wordt gezet, maak dan gebruik van de accessoires die in het hoofdstuk 'Accessoires' worden beschreven. Lees de met de accessoires en het apparaat meegeleverde instructies zorgvuldig door.
Pagina 10
10 www.aeg.com
5.3 De toevoerslang
- 1. Sluit de watertoevoerslang aan op de achterkant van het apparaat.
- 2. Plaats hem naar rechts of links afhankelijk van de positie van de waterkraan.
| ▸ 45º 20º | ||
|---|---|---|
| Zorg ervoor toevoerslang geplaatst. 3. Maak indien om hem in 4. Sluit de watertoevoerslang een koudwaterkraan schroefdraad. | de | dat de niet verticaal is nodig de ringmoer los juiste stand te zetten. aan op met 3/4'- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
WAARSCHUWING!
Het toevoerwater mag niet warmer zijn dan 25 °C.
LET OP!
Zorg ervoor dat de koppelingen niet lekken.
Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met de erkende klantenservice voor vervanging van de toevoerslang.
5.4 Waterstop
De watertoevoerslang is voorzien van een waterstop. Dit toestel voorkomt lekkage in de slang door natuurlijke slijtage.
Het rode gedeelte in het venster «A» toont deze storing.
A
Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en neemt u contact op met de erkende klantenservice om de slang te laten vervangen.
5.5 Waterafvoer
De afvoerslang moet rechtstreeks in een afvoerpijp op een hoogte van niet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm van de vloer worden geplaatst.
U kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met de erkende klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
De afvoerslang kan op verschillende manieren worden aangesloten:
Pagina 11
NEDERLANDS 11
- 1. Maak een U-vorm van de afvoerslang en plaats hem rond de plastic slanggeleider.
- 2. Aan de rand van een gootsteen - Maak de geleider vast aan de waterkraan of aan de wand.
Zorg dat de plastic geleider niet kan bewegen als het apparaat water afvoert.
Zorg ervoor dat het uiteinde van de afvoerslang niet in water is ondergedompeld. Er kan een vuil water teruglopen in het apparaat.
- 3. Op een staande leiding met een ventilatiegat - Steek de afvoerslang direct in een afvoerleiding. Zie de illustratie.
Het einde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. dat de binnendiameter van de afvoerpijp (min. 38 mm - min. 1.5") groter moet zijn dan de buitendiameter van de afvoerslang.
- 4. Als het uiteinde van de afvoerslang er zo uitziet (zie de afbeelding), dan kunt u het direct in de standpijp plaatsen.
- 5. Zonder de plastic slanggeleider aan een gootsteenafvoer - Doe de afvoerslang in de gootsteenafvoer en zet deze vast met een klem. Zie de illustratie.
Zorg dat de afvoerslang een bocht maakt om te voorkomen dat deeltjes uit de gootsteen in het apparaat komen.
- 6. Plaats de slang direct op een ingebouwde afvoerleiding in de kamerwanden zet vast met een klem.
Pagina 12
12 www.aeg.com
5.6 Elektrische aansluiting
Aan het einde van de installatie kunt u de stekker in het stopcontact steken.
Het typeplaatje aan de binnenrand van de deur van het apparaat en het hoofdstuk 'Technische gegevens' geven de benodigde elektrische waarden aan. Zorg ervoor dat ze compatibel zijn met de netvoeding.
Controleer of de elektrische installatie in uw woning geschikt is voor het maximale vereiste vermogen; houd hierbij rekening met andere apparaten die in gebruik zijn.
Sluit het apparaat aan op een geaard stopcontact.
Het aansluitsnoer moet na de installatie van het apparaat toegankelijk zijn.
Neem voor alle elektrische werkzaamheden die nodig zijn om dit apparaat te installeren contact op met ons geautoriseerde servicecentrum.
De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade of letsel die voortkomt uit het niet opvolgen van bovengenoemde veiligheidsvoorschriften.
6. ACCESSOIRES
6.1 Verkrijgbaar op www.aeg.com/shop of bij een erkende dealer
Lees de met het accessoire meegeleverde instructies zorgvuldig door.
Alleen geschikte accessoires die door AEG zijn goedgekeurd waarborgen de veiligheidsnormen van het apparaat. Als nietgoedgekeurde onderdelen worden gebruikt, worden alle claims ongeldig verklaard.
6.2 Set bevestigingsplaatjes
Als u het apparaat op een plint installeert die geen accessoire is meegeleverd bij AEG, zet het apparaat dan vast in de bevestigingsplaten.
Lees de met het accessoire meegeleverde instructies zorgvuldig door.
6.3 Tussenstuk
De droogtrommel kan uitsluitend op de wasautomaat worden gezet met gebruik van het juiste tussenstuk.
Pagina 13
NEDERLANDS 13
WAARSCHUWING!
Zet de droogtrommel niet onder de wasautomaat.
Controleer of het tussenstuk compatibel is door de diepte van uw apparaten op te meten.
7. BEDIENINGSPANEEL
7.1 Beschrijving bedieningspaneel
- 1 Programmakeuzeknop
- 2 Display
- 3 Startuitstel aanraaktoets
- 4 Tijd besparen aanraaktoets
- 5 Start/Pauze aanraaktoets
- 6 Extra aanraaktoets • Vlekken -optie
- Voorwas -optie
- Alleen spoelen -optie Centrifugeren tiptoets voor verminderopties
- Niet centrifugeren -optie
- Spoelstop -optie
Temperatuur aanraaktoets
Aan/Uit drukknop
Pagina 14
14 www.aeg.com
7.2 Display
A
| A | De digitale aanduiding kan weergeven: • Programmaduur (bijv. ). • Uitsteltijd (bijv. of ). • Cycluseinde ( ). • Waarschuwingscode ( ). |
| B | Aanduiding extra spoelen. Deze gaat branden als deze optie wordt geselecteerd. |
| C | De aanduiding knippert tijdens de waarneming van de wasgoedlading. |
| D | Aanduiding kinderslot. |
| E | Aanduiding vergrendelde deur. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
8. KNOP EN TOETSEN
8.1 Aan/Uit
Druk een paar seconden op deze knop te drukken kunt u het apparaat in- of uitschakelen. Er klinken twee verschillende geluiden als het apparaat in- of uitgeschakeld wordt.
Omdat de stand-by-functie het apparaat automatisch uitschakelt om het energiegebruik in een aantal gevallen te beperken, moet u het apparaat wellicht weer inschakelen.
Raadpleeg de paragraaf over stand-by in het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik' voor meer informatie.
8.2 Inleiding
Niet alle opties en functies zijn beschikbaar voor alle wasprogramma's. Controleer de verenigbaarheid van de opties en functies met de wasprogramma's in het 'Programmaoverzicht'. Een optie of functie kan een andere uitsluiten. In zo'n geval staat het apparaat niet toe dat u de onverenigbare opties of functies samen instelt.
Zorg dat het scherm en de toetsen altijd schoon en droog zijn.
Pagina 15
NEDERLANDS 15
8.3 Temperatuur
Wanneer het gewenste programma is gekozen, stelt uw machine automatisch een standaard temperatuur voor.
Stel deze optie in om de standaardtemperatuur te wijzigen.
De aanduiding = koud water van de ingestelde temperatuur gaat aan (het apparaat verwarmt het water niet).
8.4 Centrifugeren
Als u een programma instelt, stelt het apparaat automatisch de maximaal toegestane centrifugeersnelheid in.
Raak deze toets herhaaldelijk aan om:
De Spoelstop te activeren
- Stel deze optie in om te voorkomen dat het wasgoed kreukt.
- Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
- Er is water in de trommel nadat het programma is voltooid.
- De deur blijft vergrendeld en de trommel draait regelmatig om kreuken te verminderen.
- U moet het water afvoeren om de deur te ontgrendelen.
- Als u de Start/Pauze knop aanraakt, voert het apparaat de centrifugeerfase uit en pompt het water weg.
Het apparaat zal het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
De optie Niet centrifugeren activeren
- Stel deze optie in om alle centrifugeerfasen uit te schakelen.
Alleen de afvoerfase is beschikbaar.
- Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
- Stel deze optie in voor zeer fijne stoffen.
- De spoelfase verbruikt meer water voor sommige wasprogramma’s.
De centrifugeersnelheid kan worden verlaagd.
8.5 Extra
Druk meerdere malen op deze knop om één van de beschikbare opties te activeren.
- Vlekken
Kies deze optie om een fase tegen vlekken aan het programma toe te voegen en het zwaar vervuilde of bevlekte wasgoed met een vlekverwijderaar te behandelen.
Giet de vlekverwijderaar in het vak. De vlekverwijderaar wordt in de toepasselijke fase van het wasprogramma toegevoegd.
Deze optie kan de duur van het programma verlengen.
Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40 °C.
- Voorwas
Gebruik deze functie om een voorwasfase op 30 °C toe te voegen vóór de wasfase.
Deze optie wordt aanbevolen voor zwaar vervuild wasgoed, met in het bijzonder zand, stof, modder en andere vaste deeltjes.
Deze optie kan de duur van het programma verlengen.
- Alleen spoelen
Het apparaat voert alleen de spoelfase, het centrifugeren en het wegpompen van het water van het gekozen programma uit.
Het relevante indicatielampje gaat branden.
8.6 Startuitstel
Met deze optie kunt u het starten van een programma uitstellen naar een handiger tijdstip.
Druk herhaaldelijk op de knop om de gewenste uitsteltijd in te stellen. De tijd wordt met stappen van 30 minuten verhoogd tot 90' en van 2 tot maximaal 20 uur.
Pagina 16
16 www.aeg.com
Het lampje van de optie en het lampje van de ingestelde waarde branden. Nadat de knopStart/Pauze wordt aangeraakt, begint het apparaat met aftellen.
8.7 Tijd besparen
Deze optie is raadzaam om het wasprogramma in te korten.
Gebruik deze optie voor wasgoed met normale of lichte vervuiling of om wasgoed op te frissen.
Raak deze knop eenmaal aan om de tijdsduur te verminderen.
Raak bij een kleinere lading deze knop tweemaal aan om een extra kort programma in te stellen.
Het lampje van de optie en het lampje van de ingestelde waarde branden.
8.8 Start/Pauze
Raak toets Start/Pauze aan om het draaiende programma te starten, te pauzeren of te onderbreken.
9. PROGRAMMA’S
9.1 Programmatabel
Wasprogramma's
| Programma | Programmabeschrijving |
|---|---|
| Wasprogramma's | |
| Eco 40-60 | Wit katoen en kleurvast katoen.. Normaal vervuilde kledingstukken. Het energieverbruik daalt en de duurtijd van het wasprogramma neemt toe, waardoor goede wasresultaten worden gegarandeerd. |
| Katoen | Wit en bont katoen, zwaar en normaal vervuild katoen. |
| Synthetica | Synthetische of gemengde stoffen.. Normaal vervuilde kledingstukken. |
| Fijne was | Fijne stoffen zoals acryl, viscose en gemengde stoffen hebben een milde wasbeurt nodig. Voor normaal en licht bevuild wasgoed. |
| Wol/Zijde | Machinewasbestendige wol, handwasbestendige wol en andere stoffen met «handwas»-symbool1). |
| 20 min. - 3 kg | Katoen en synthetische items licht vervuild of slechts eenmaal gedragen. |
| Katoen 20° | Gemengde was (katoenen en synthetische stoffen)2). |
| Strijkvrij | Synthetische stoffen die voorzichtig gewassen moeten worden. Normaal en licht bevuild wasgoed.3) |
Verder lezen op pagina 17Inhoud