naslaan.comZoekenAlle merken

AEG L6FB9ECO, tekst van de handleiding

Pagina's 16–37 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–15verder op pagina 38 →

Pagina 16

16 www.aeg.com

Het lampje van de optie en het lampje van de ingestelde waarde branden. Nadat de knopStart/Pauze wordt aangeraakt, begint het apparaat met aftellen.

8.7 Tijd besparen

Deze optie is raadzaam om het wasprogramma in te korten.

Gebruik deze optie voor wasgoed met normale of lichte vervuiling of om wasgoed op te frissen.

Raak deze knop eenmaal aan om de tijdsduur te verminderen.

Raak bij een kleinere lading deze knop tweemaal aan om een extra kort programma in te stellen.

Het lampje van de optie en het lampje van de ingestelde waarde branden.

8.8 Start/Pauze

Raak toets Start/Pauze aan om het draaiende programma te starten, te pauzeren of te onderbreken.

9. PROGRAMMA’S

9.1 Programmatabel

Wasprogramma’s

ProgrammaProgrammabeschrijving
Wasprogramma’s
Eco 40-60Wit katoen en kleurvast katoen. Normaal vervuilde was. Het energieverbruik daalt en de duurtijd van het wasprogramma neemt toe, waardoor goede wasresultaten worden gegarandeerd.
KatoenWit en bont katoen zwaar tot normaal vervuild.
SyntheticaSynthetische of gemengde stoffen. Normaal vervuilde was.
Fijne wasFijne stoffen zoals acryl, viscose en gemengde stoffen hebben een milde wasbeurt nodig. Voor normaal en licht bevuild wasgoed.
Wol/ZijdeMachinewasbestendige wol, handwasbestendige wol en andere stoffen met «handwas»-symbool1).
20 min. - 3 kgKatoen en synthetische items licht vervuild of slechts eenmaal gedragen.
Katoen 20°Gemengde was (katoenen en synthetische stoffen)2).
JeansDenim kleding en jersey items. Normale vervuiling. Dit programma voert een behoedzame spoelfase uit die is ontwikkeld voor denim. Het vermindert vervaging en voorkomt dat waspoederresten op de vezels achterblijven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

Pagina 17

NEDERLANDS 17

Programma

Machine clean

Centrifugeren/ Pompen

Programmabeschrijving

Onderhoudscyclus met heet water om de trommel te reinigen en op te frissen en resten te verwijderen die geuren kunnen veroorzaken. Gebruik deze cyclus voor de beste resultaten eenmaal per maand. Verwijder voordat u deze cyclus laat draaien alle voorwerpen uit de trommel. Zet in het wasfasevak van het wasmiddeldoseerbakje de flap van het vak recht omhoog. Schenk in het wasfasevakje een kop bleekmiddel of wasmachinereiniger. NIET beide tegelijkertijd gebruiken.

Na het reinigen van de trommel moet nog een spoelcyclus met een lege trommel zonder wasmiddel worden gedraaid om enige resten van bleekmiddel te verwijderen.

Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Om het wasgoed te centrifugeren en het water uit de trommel te pompen.

Programmatemperatuur, maximum centrifugetoerental en maximum belading

Programma

Standaard tempe‐ Referentie centrifu‐ Maximale lading ratuur geersnelheid

Temperatuurbereik Centrifugeersnelheidsbereik

Wasprogramma’s
Eco 40-6040°C 1)
60 °C - 30 °C2)
1400 rpm 1400 rpm - 800 rpm9 kg
Katoen40°C 95°C - Koud1400 rpm 1400 rpm - 800 rpm9 kg
Synthetica40°C
60 °C - Koud
1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm4 kg
Fijne was30 °C
40 °C - Koud
1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm4 kg
Wol/Zijde40°C
40 °C - Koud
1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm1,5 kg
20 min. - 3 kg30 °C
40 °C - 30 °C
1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm3,5 kg

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Pagina 18

18 www.aeg.com

ProgrammaStandaard temperatuur
Temperatuurbereik
Referentie centrifugeersnelheid
Centrifugeersnelheidsbereik
Maximale lading
Katoen 20°Koud1400 rpm 1400 rpm - 800 rpm9 kg
Jeans40 °C
60 °C - Koud
1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm9 kg
Machine clean60 °C1200 rpm 1200 rpm - 800 rpm
Centrifugeren/Pompen 3)-1400 rpm 1400 rpm - 800 rpm9 kg

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Voor de bereikte temperatuur in het wasgoed, de duur van het programma en andere gegevens wordt verwezen naar het hoofdstuk 'Verbruikswaarden'.

De meest efficiënte programma's op het gebied van energieverbruik zijn over het algemeen programma's die presteren bij lagere temperaturen en een langere duur.

De watertemperatuur van de wasfase kan verschillen van de temperatuur die is aangegeven voor het geselecteerde programma.

Compatibiliteit programma-opties

OPTIES
Centrifugeren■ ■■ ■■ ■■ ■■ ■

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Pagina 19

NEDERLANDS 19

OPTIES
Niet centrifugeren ■ ■ ■ ■ ■ ■■■ ■ ■
Spoelstop ■ ■ ■ ■ ■■■
Vlekken 1) ■ ■ ■■
Voorwas ■ ■ ■■■
Alleen spoelen ■ ■ ■ ■ ■ ■■■ ■
Extra Spoelen ■ ■ ■ ■■■
Tijd besparen2) ■ ■ ■ ■■■
Startuitstel ■ ■ ■ ■ ■ ■■■ ■ ■
1) Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40 °C.
2) Als u de kortste cyclusduur instelt, adviseren wij u de grootte van de lading te verminderen. Het is mogelijk om de volledige lading te gebruiken, maar het wasresultaat kan dan minder bevredigend zijn. Geschikte wasmiddelen voor wasprogramma's
Programma Universeel Universele Vloeistof Fijne was poeder1) vloeistof voor ge‐ en wol (Liquid Uni‐ kleurde versal) wasSpeciaal
Eco 40-60 ▲ ▲ ▲----
Katoen ▲ ▲ ▲----
Synthetica ▲ ▲ ▲----
Fijne was -- -- --▲▲
Wol/Zijde -- -- --▲▲
20 min. - 3 kg -- ▲ ▲----
Katoen 20° ▲ ▲ ▲----

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

Pagina 20

20 www.aeg.com

ProgrammaUniverseel poeder1)Universele vloeistof (Liquid Universal)Vloeistof voor gekleurde wasFijne was en wolSpeciaal
Jeans----▲▲▲

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

▲ = Aanbevolen -- = Niet aanbevolen

9.2 Woolmark Apparel Care - Blauw

De wolwascyclus van de machine is goedgekeurd door Woolmark voor het wassen van wollen kleding waarvan in het label staat dat het handwas is, op voorwaarde dat de kledingstukken worden gewassen volgens de instructies op het label in het kledingstuk en die van de fabrikant van deze wasmachine. Volg de instructies op het wasvoorschrift in de kleding. M1512

Het Woolmark-symbool is een certificeringsmerk in vele landen.

10. INSTELLINGEN

10.1 Veiligheid van kinderen

Met deze optie kunt u voorkomen dat kinderen met het bedieningspaneel spelen.

indicatielampje aan/uit gaat. U kunt deze optie inschakelen:

Het apparaat behoudt de keuze van deze optie nadat u het heeft uitgeschakeld.

10.2 Geluidssignalen

Er klinkt een geluidssignaal als het programma voltooid is (gedurende 2 minuten opeenvolgende geluiden).

Voor het uitschakelen/inschakelen van de geluidssignalen raakt u gedurende 6 seconden tegelijkertijd toets Tijd Besparen en Startuitstel aan.

Als u de geluidssignalen uitschakelt, werken ze wel als er een storing optreedt.

10.3 Permanent extra spoelen

Met deze optie kunt bij elke programma automatisch een extra spoelbeurt instellen.

display aan/uit gaat.

Pagina 21

NEDERLANDS 21

11. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT

aangegeven met . Deze handeling activeert het afvoersysteem.

Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de trommel en de kuip.

12. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

12.1 De machine inschakelen

voor om het apparaat in te schakelen.

Er klinkt een korte toon (indien ingeschakeld). De programmaknop stelt automatisch in op het katoenprogramma.

12.2 Wasgoed in de machine doen

Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.

LET OP!

Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen de deur blijft klemmen. Er kan waterlekkage of beschadigd wasgoed ontstaan.

LET OP!

Het wassen van hele vette of olieachtige vlekken kan schade aan de rubberen delen van de wasmachine veroorzaken.

Pagina 22

22 www.aeg.com

12.3 Wasmiddel en additieven (wasverzachter, vlekkenmiddel) toevoegen

Vakje voor voorwasmiddel, weekprogramma of vlekkenverwijderaar.

Wasmiddelvakje voor wasfase.

Bakje voor vloeibare toevoegingen (wasverzachter, stijfsel).

Dit is het maximale niveau voor vloeibare toevoegingen.

Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.

Volg altijd de instructies op die u op de verpakking van het wasmiddel aantreft. We raden u wel aan het maximaal aangegeven niveau niet te overschrijden ( ). Deze hoeveelheid zal u echter de beste wasresultaten geven.

Verwijder na de wascyclus indien vereist achtergebleven wasmiddel uit het wasmiddelvakje.

12.4 De stand van de klep controleren

1

2

Pagina 23

NEDERLANDS 23

Met de klep in de stand OMLAAG:

Zorg bij het sluiten van de lade dat de klep geen blokkering veroorzaakt.

12.5 Een programma instellen

Het lampje van de knop Start/Pauze knippert.

Op het display verschijnt de geschatte programmaduur.

Als een keuze niet mogelijk is gaat de aanwijzing niet aan en klinkt er en geluidssignaal.

12.6 Een programma starten met een uitgestelde start

Druk op toets Start/Pauze.

Het aftellen van de uitgestelde start wordt op het display weergegeven. Als het aftelproces voltooid is, wordt het programma gestart.

De aanpassing voor PROSENSE begint nadat het aftellen is beëindigd.

Het annuleren van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen

De uitgestelde start annuleren:

Het wijzigen van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen

De uitgestelde start wijzigen:

12.7 Een programma starten

Raak toets Start/Pauze aan om het programma te starten.

Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.

Pagina 24

24 www.aeg.com

Het programma start en de deur wordt vergrendeld. Op het display verschijnt

het indicatielampje .

De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.

12.8 De ladingdetectie ProSense

De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.

Na aanraking van de toets Start/Pauze gaat de aanduiding voor de maximaal bepaalde lading uit, knippert de

aanduiding en begint ProSense met detectie van het wasgoed:

de aanduiding en de tijdstippen knipperen en de trommel draait kort rond.

gaat de aanduiding uit en stoppen de tijdstippen met knipperen. De programmaduur wordt overeenkomstig aangepast en kan worden verlengd of verkort. En na 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.

In het geval er na de ladingdetectie een overladen trommel blijkt, gaat de

aanduiding in het display knipperen:

In dit geval is het gedurende 30 seconden mogelijk het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.

Raak na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd toets Start/Pauze aan om het programma weer te starten. De fase ProSense kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).

Belangrijk! Als het wasgoed niet wordt verminderd, gaat het wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kunt u niet de beste wasresulaten verwachten.

Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.

De waarneming ProSense wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma´s (zonder gekozen overslafase).

12.9 Een programma onderbreken en de opties wijzigen

U kunt als een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:

Het bijbehorende indicatielampje knippert.

12.10 Draaiend programma annuleren

Nu kunt u een nieuw wasprogramma kiezen.

Als de Lavamat-fase al voltooid is en de machine al met water gevuld wordt, begint het nieuwe programma zonder herhaling van de Lavamatfase. Het water en wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen. De display toont de maximumduur van het programma en werkt dit 20 minuten na de start van het nieuwe programma bij.

Pagina 25

NEDERLANDS 25

12.11 Openen van de deur - kledingstukken toevoegen

Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachine vergrendeld.

Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kunt u de deur niet openen.

Het programma of startuitstel gaat verder.

12.12 Einde van het programma

Wanneer het programma is voltooid, stopt het apparaat automatisch. De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).

In het display gaat alle wasfaseaanduidingen continu branden

en toont de tijdzone .

Het lampje van de toets Start/Pauze gaat uit.

Het deur ontgrendelt en de aanduiding

gaat uit.

Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.

Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste gekozen programma in het display weergegeven. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.

12.13 Laat het water weglopen na afloop van de cyclus

Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:

aanduiding voor gesloten deur

het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.

Pagina 26

26 www.aeg.com

Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.

12.14 Stand-by-optie

De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:

Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.

Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.

De tijd van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.

Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.

Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet door de stand-by-functie gedeactiveerd om u eraan te herinneren het water weg te pompen.

13. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

13.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet

We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.

Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.

Pagina 27

13.2 Hardnekkige vlekken

Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.

We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.

Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.

13.3 Type en hoeveelheid wasmiddel

De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:

aangegeven maximumniveau ( ) te overschrijden.

27

NEDERLANDS

ze altijd in de trommel, niet in het wasmiddeldoseerbakje.

Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:

Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:

13.4 Milieutips

Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan de volgende tips ter harte te nemen:

"Waterhardheid".

13.5 Waterhardheid

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan. In gebieden waar het water zacht is, is het gebruik van een waterontharder niet nodig.

Pagina 28

28 www.aeg.com

Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.

Gebruik de juiste hoeveelheid waterontharder. Volg altijd de instructies

die u vindt op de verpakking van het product.

14. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

14.1 Schema periodieke reiniging

Periodieke reiniging helpt de levensduur van uw apparaat te verlengen.

Houd na elke cyclus de deur en de wasmiddeldispenser een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.

Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.

Indicatief schema periodieke reiniging:

OntkalkenTwee keer per jaar
OnderhoudswasbeurtEenmaal ter maand
Deurafdichting reinigenIedere twee maanden
Trommel reinigenIedere twee maanden
Wasmiddeldoseerbakje reinigenIedere twee maanden
De filter van de afvoerpomp reinigenTwee keer per jaar
De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigenTwee keer per jaar

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.

14.2 Vreemde voorwerpen verwijderen

Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw cyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.

Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met een erkend servicecentrum.

14.3 Buitenkant reinigen

Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog. Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.

LET OP!

Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.

LET OP!

Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.

Pagina 29

NEDERLANDS 29

14.4 Ontkalken

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.

Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.

De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

14.5 Onderhoudswasbeurt

Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswasbeurt uit. Ga als volgt te werk:

14.6 Deurrubber

Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer regelmatig de afdichting. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.

Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

14.7 De trommel reinigen

Controleer de trommel regelmatig om roestdeeltjes te voorkomen.

Voor een complete reiniging:

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

14.8 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen

Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:

Pagina 30

30 www.aeg.com

1

uitsparing zijn verwijderd. Reinig de uitsparing met gebruik van een kleine borstel.

2

14.9 De afvoerpomp reinigen

Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.

Reinig de afvoerpomp als:

WAARSCHUWING!

Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.

Pagina 31

NEDERLANDS 31

Voor reiniging van de pomp gaat u als volgt te werk:

2 1 180˚

WAARSCHUWING!

Controleer of de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als deze niet roteert: neem contact op met onze servicedienst. Zorg er ook voor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.

Pagina 32

32 www.aeg.com

Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, moet u het afvoersysteem opnieuw activeren:

14.10 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen

Het wordt aanbevolen beide filters van de toevoerslang en -klep geregeld te reinigen ter verwijdering van aanslag dat met de tijd opgehoopt:

1 2 3
2.Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien.
3.Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met tandenborstel.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)

een

20°

45°

14.11 Noodafvoer

Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.

Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:

Pagina 33

NEDERLANDS 33

14.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst

Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.

5.

Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.

WAARSCHUWING!

Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.

De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.

15. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

15.1 Alarmcodes en mogelijke storingen

Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).

WAARSCHUWING!

Voordat u een handeling verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.

Bij enkele problemen geeft het display een alarmcode weer en kan de Start/Pauze -knop continu knipperen:

ProbleemMogelijke oplossing
Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.• Zorg ervoor dat de waterkraan geopend is.
• Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf.
• Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is.
• Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn.
• Zorg dat de positie van de watertoevoerslang correct is.
• Zorg dat de filter van de toevoerslang en de filter van de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

Pagina 34

34 www.aeg.com

Het apparaat pompt geen water weg.• Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is.
• Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft.
• Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
• Zorg dat de aansluiting van de waterafvoerslang correct is.
• Stel het afvoerprogramma in als u een programma zonder afvoerfase instelt.
• Stel het afvoerprogramma in als u een optie heeft gekozen waarbij water in de kuip blijft.
De deur is open of niet goed gesloten.• Controleer of de deur goed gesloten is.
Interne fout. Geen communicatie tussen elektronische elementen van de machine.• Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan.
• Als de alarmcode weer verschijnt, neem dan contact op met een erkend servicecentrum.
De stroomtoevoer is niet stabiel.• Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
Als het display andere alarmcodes aangeeft, schakel het apparaat dat uit en weer in. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine.
ProbleemMogelijke oplossing
Het programma start niet.• Controleer of de netstekker is aangesloten op het stopcontact.
• Controleer of de deur van het apparaat gesloten is.
• Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand.
• Verzeker u ervan dat Start/Pauze bediend is.
• Als de uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot de afloop van de afteltijd.
• Schakel het kinderslot uit.
• Controleer de stand van de knop op het gekozen programma.
De machine vult zich met water en pompt dit direct weg.• Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)

Pagina 35

NEDERLANDS 35

ProbleemMogelijke oplossing
De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal.• Stel het centrifugeerprogramma in.
• Controleer of de afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig de filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
• Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem wordt mogelijk veroorzaakt door problemen met de balans.
Er ligt water op de vloer.• Zorg dat de aansluitingen van de waterslangen goed vast zitten en dat er geen lekken zijn.
• Zorg ervoor dat de watertoevoer- en afvoerslangen niet beschadigd zijn.
• Zorg dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveelheid gebruikt.
U kunt de deur van het apparaat niet openen.• Zorg ervoor dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel.
• Zorg dat het wasprogramma voltooid is.
• Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich water in de trommel bevindt.
• Verzeker u ervan dat er elektrische stroom op de machine staat.
• Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing van het apparaat. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
De machine maakt abnormale geluiden en trilt.• Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
• Zorg dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
• Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te klein.
De programmaduur neemt toe of neemt af tijdens het draaien van het programma.• Het Lavamat System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie Lavamat System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'.
Het wasresultaat is niet bevredigend.• Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel.
• U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald.
• Zorg dat u de juiste temperatuur instelt.
• Verminder de hoeveelheid wasgoed.
Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus.• Verminder de hoeveelheid wasmiddel.
Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade.• Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel).
• Verzeker u ervan dat u het wasmiddelvakje heeft gebruikt volgens de instructie in deze gebruiksaanwijzing.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

Pagina 36

36 www.aeg.com

Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.

Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met het geautoriseerd servicecentrum.

De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje.

16. VERBRUIKSWAARDEN

16.1 Inleiding

Deze gebruikershandleiding rapporteert twee verschillende tabellen om een geleidelijke overgang van een verordening naar de andere te bevorderen:

Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.

De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een weblink naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.

Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.

16.2 Legenda

kgWasgoed. u:mm Programmaduur.
kWhEnergieverbruik. °C Temperatuur in de was.
LiterWaterverbruik. rpm Centrifugeersnelheid.
%Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

Pagina 37

NEDERLANDS 37

Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als u de standaardinstelling van een programma wijzigt.

16.3 Volgens Verordening (EU) 2019/2023 van de Commissie

Eco 40-60 pro-kg grammakWhLiter u:mm%°C rpm1)
Volledige belading 90.96060 3:405237 1351
Halve belading 4,50.72047 2:455238 1351
Kwartbelading 2,50.35040 2:455428 1351
1) Maximale centrifugesnelheid.
Stroomverbruik in verschillende modi
Uit (W)Stand-by (W)Uitgestelde start (W)
0,300,304,00

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.

16.4 In overeenstemming met Verordening 1061/2010

Standaard katoenprogram‐ Lading ma's. (kg)Energieverbruik (kWh)Waterver‐ Gemid‐ Restebruik (li‐ delde pro‐ rend ter) gramma‐ vocht duur (mi‐ (%)1) nuten)
Voor standaard 60°C katoen:
9 Stel Eco 40-60 in op 60°C
0,9552 248 52
Voor standaard 60°C katoen:
4,5 Stel Eco 40-60 in op 60°C
0,6443 209 52
Voor standaard 40°C katoen:
4,5 Stel Eco 40-60 in op 30°C
0,6144 205 52
1) Aan het einde van de centrifugeerfase.
Uit-modus (W)Modus aan laten (W)
0,300,30

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

← pagina's 2–15verder op pagina 38 →Inhoud