AEG L6FBXLWASH, tekst van de handleiding
Pagina's 18–36 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 18
18 www.aeg.com
Programmatemperatuur, maximale centrifugeersnelheid en maximale lading
| Programma | Standaard temperatuur Temperatuurbereik | Maximale centrifugeersnelheid Bereik centrifugeersnelheid | Maximale lading |
|---|---|---|---|
| Wasprogramma's | |||
| Katoen | 40 °C 95 °C - Koud | 1400 tpm 1400 tpm - 400 tpm | 10 kg |
| Synthetica | 40 °C 60 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 3 kg |
| Fijne Was | 40 °C 40 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 3 kg |
| Wol/Zijde | 40 °C 40 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 1,5 kg |
| Anti-Allergie | 60 °C | 1400 tpm 1400 tpm - 400 tpm | 10 kg |
| 20 min. - 3 kg | 30 °C 40 °C - 30 °C | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 3 kg |
| Outdoor | 30 °C 40 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 2,5 kg1) 1 kg2) |
| Jeans | 40 °C 60 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 10 kg |
| Machine Clean | 60 °C 60 °C | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | |
| Pompen/Centrifugeren | 1400 tpm 1400 tpm- | 10 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
- 1) Wasprogramma.
- 2) Wasprogramma en waterdichtheidsbehandeling.
Pagina 19
NEDERLANDS 19
Toepasbaarheid programma-opties
Opties
| TPM | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ■ | ■ | |||||||||
| ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ||||
| ■ | ■ | ■ | ||||||||
| Vlekken1) | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | |||||
| Voorwas | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | |||||
| ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | |||||
| ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ||
| 2) | ■ | ■ | ■ | ■ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Tijd Besparen3) ■ ■ ■ ■ Startuitstel ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■ ■ Soft Plus ■ ■ ■ ■ ■
- 1) Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40°C.
- 2) Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 30°C.
- 3) Als u een kortste cyclusduur instelt, adviseren wij u de grootte van de lading te verminderen. Het is mogelijk om de volledige lading te gebruiken, maar het wasresultaat kan dan minder bevredigend zijn.
Pagina 20
20 www.aeg.com
7.2 Woolmark Apparel Care - Blauw
De wolwascyclus van de machine is goedgekeurd door Woolmark voor het
wassen van wollen kleding waarvan in het label staat dat het handwas is, op voorwaarde dat de kledingstukken worden gewassen volgens de instructies op het label in het kledingstuk en die van de fabrikant van deze wasmachine. Volg de instructies op het wasvoorschrift in de kleding. M1512
In het VK, Ierland, Hong Kong en India is het Woolmark-symbool is een certificeringshandelsmerk.
8. INSTELLINGEN
8.1 Veiligheid van kinderen
Met deze optie kunt u voorkomen dat kinderen met het bedieningspaneel spelen.
- Voor het inschakelen/uitschakelen van deze optie raakt u tegelijkertijd TPM en Vlekken/Voorwas aan tot het
indicatielampje aan/uit gaat. U kunt deze optie inschakelen:
- Nadat u toets Start/Pauze aanraakt: alle knoppen en de programmaknop worden uitgeschakeld (behalve de toets Aan/Uit).
- Voordat u toets Start/Pauze aanraakt: kan het apparaat niet starten.
Het apparaat behoudt de keuze van deze optie nadat u het heeft uitgeschakeld.
8.2 Geluidssignalen
Er klinkt een geluidssignaal als het programma voltooid is (gedurende 2 minuten opeenvolgende geluiden).
Voor het uitschakelen/inschakelen van de geluidssignalen raakt u gedurende 6 seconden tegelijkertijd toets Vlekken/ Voorwas en Startuitstel aan.
Als u de geluidssignalen uitschakelt, werken ze wel als er een storing optreedt.
8.3 Permanent extra spoelen
Met deze optie kunt bij elke programma automatisch een extra spoelbeurt instellen.
- Voor het inschakelen/uitschakelen van deze optie raakt u tegelijkertijd Temp. °C en TPM aan tot het relevante indicatielampje aan/uit gaat.
Het display toont boven de
9. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT
- 1. Zorg ervoor dat alle transportbouten uit het apparaat zijn verwijderd.
- 2. Zorg ervoor dat er stroom aanwezig is er dat de waterkraan openstaat.
- 3. Giet een kleine hoeveelheid wasmiddel in het vak dat wordt
aangegeven met .
- 4. Stel het programma voor katoen in op de hoogste temperatuur zonder
Pagina 21
NEDERLANDS 21
wasgoed in de trommel en start het programma.
Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de trommel en de kuip.
10. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
10.1 Het apparaat inschakelen
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan open.
- 3. Druk een paar seconden op de knop voor Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
Er klinkt een korte toon (indien ingeschakeld). De programmaknop stelt automatisch in op het katoenprogramma.
Het display geeft de maximale lading aan, de standaardtemperatuur, het maximale centrifugeertoerental, de faseaanduidingen die het programma heeft en de cyclusduur.
10.2 Wasgoed in de machine doen
- 1. Open de deur van het apparaat.
- 2. Schud de items voor u ze in de wasautomaat plaatst.
- 3. Plaats het wasgoed stuk voor stuk in de trommel.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.
- 4. Doe de deur stevig dicht.
LET OP!
Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen de deur blijft klemmen. Er kan waterlekkage of beschadigd wasgoed ontstaan.
10.3 Wasmiddel en additieven (wasverzachter, vlekkenmiddel) toevoegen
Vakje voor voorwasmiddel, weekprogramma of vlekkenverwijderaar.
Wasmiddelvakje voor wasfase.
Bakje voor vloeibare toevoegingen (wasverzachter, stijfsel).
Dit is het maximale niveau voor vloeibare toevoegingen.
Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.
Volg altijd de instructies op die u op de verpakking van het wasmiddel aantreft. We raden u wel aan het maximaal aangegeven niveau niet te overschrijden ( ). Deze hoeveelheid zal u echter de beste wasresultaten geven.
Pagina 22
22 www.aeg.com
Verwijder indien nodig na een wascyclus wasmiddelresten uit het wasmiddeldoseerbakje.
10.4 De stand van de klep controleren
- 1. Trek de wasmiddeldoseerlade uit tot deze niet meer verder kan.
- 2. Druk de hendel in om de lade uit te trekken.
1
2
- 3. Draai de klep omhoog om poederwasmiddel te gebruiken.
- 4. Draai de klep omlaag om vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
Met de klep in de stand OMLAAG:
- Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmiddelen.
- Giet niet meer vloeibaar wasmiddel in het vakje dan de limiet op de klep.
- Stel de voorwasfase niet in.
- Stel de startuitstelfunctie niet in.
- 5. Meet het wasmiddel en wasverzachter af.
- 6. Sluit de wasmiddeldoseerlade voorzichtig.
Zorg bij het sluiten van de lade dat de klep geen blokkering veroorzaakt.
10.5 Een programma instellen
- 1. Draai de programmaknop op het gewenste wasprogramma. Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
Het lampje van de knop Start/Pauze knippert.
Het display toont de maximaal bepaalde lading voor het programma, de standaardtemperatuur, het maximale centrifugeertoerental, de wasfaseaanduidingen (indien aanwezig) en een indicatieve programmaduur.
- 2. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, raakt u de bijbehorende toetsen aan.
- 3. Stel indien gewenst een of meer opties in door de desbetreffende knoppen aan te raken. De bijhorende aanduidingen gaan vervolgens aan in het display en de aangegeven informatie wijzigt.
Als een keuze niet mogelijk is gaat de aanwijzing niet aan en klinkt er en geluidssignaal.
10.6 Een programma starten met een uitgestelde start
- 1. Druk herhaaldelijk op de toets Startuitstel totdat het display de gewenste uitsteltijd weergeeft. Het
indicatielampje gaat uit.
- 2. Raak de Start/Pauze-knop aan. Het aftellen van de uitgestelde start wordt op het display weergegeven. Als het aftelproces voltooid is, wordt het programma gestart.
De aanpassing door PROSENSE begint nadat het aftellen is beëindigd.
Het annuleren van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start annuleren:
- 1. Druk op Start/Pauze om het apparaat te pauzeren. Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de knop
Startuitstel tot het display toont.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze om het programma onmiddellijk te starten.
Het wijzigen van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start wijzigen:
- 1. Druk op Start/Pauze om het apparaat te pauzeren. Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de toets Startuitstel totdat het display de gewenste uitsteltijd weergeeft.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze om het aftellen opnieuw te laten beginnen.
10.7 Een programma starten
Raak toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.
Het programma start en de deur wordt vergrendeld. Op het display verschijnt
het indicatielampje .
De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.
10.8 De ladingdetectie ProSense
Na op toets Start/Pauze te hebben gedrukt:
- 1. Het indicatielampje knippert.
- 2. De ProSense start met de waarneming van de wasgoedlading om de werkelijke programmaduur te
berekenen. De aanduiding en de tijdstippen knipperen.
- 3. Na circa 15 minuten toont het display de nieuwe programmaduur: de
aanduiding gaat uit en de tijdstippen stoppen met knipperen. Het apparaat past de programmaduur automatisch aan de lading aan om in de kortst mogelijke tijd zo perfect mogelijke wasresultaten te krijgen. De programmaduur kan langer of korter worden.
Pagina 24
24 www.aeg.com
De waarneming ProSense wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma´s (zonder gekozen overslafase).
10.9 Programmafase-indicatielampjes
Als het programma start, knippert de aanduiding van de draaiende fase en de andere faseaanduidingen branden.
De was- of voorwasfase is bijv. bezig:
.
Als de fase is voltooid, stopt de bijhorende aanduiding met knipperen en gaat continu branden. De volgende aanduiding begint te knipperen.
De spoelfase is bijv. bezig:
.
10.10 Een programma onderbreken en de opties wijzigen
U kunt als een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:
- 1. Druk op toets Start/Pauze.
Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties. De weergegeven informatie in het display wijzigt overeenkomstig.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze. Het wasprogramma gaat verder.
10.11 Een actief programma annuleren
- 1. Druk op de toets Aan/Uit om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen. U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Als de fase ProSense al is uitgevoerd en de toevoer van water al stroomt, begint het nieuwe programma zonder de fase ProSense te herhalen. Het water en het wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen.
10.12 De deur openen
Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kunt u de deur niet openen.
Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachine vergrendeld.
- 1. Druk op toets Start/Pauze.
Op het display gaat het indicatielampje van de deurvergrendeling uit.
- 2. Open de deur van het apparaat. Indien nodig kunt u items toevoegen of uitnemen.
- 3. Sluit de deur van de machine en druk op de toets Start/Pauze.
Het programma of startuitstel gaat verder.
10.13 Einde van het programma
Wanneer het programma is voltooid, stopt het apparaat automatisch. De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
In het display gaat alle wasfaseaanduidingen continu branden
en toont de tijdzone .
Het lampje van de toets Start/Pauze gaat uit.
Het deur ontgrendelt en de aanduiding
gaat uit.
- 1. Druk op de Aan/Uit-knop om het apparaat uit te zetten.
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.
Pagina 25
NEDERLANDS 25
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste gekozen programma in het display weergegeven. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur en het wasmiddeldoseerbakje iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
- 5. Draai de waterkraan dicht.
10.14 Laat het water weglopen na afloop van de cyclus
Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:
- Het display toont de aanduiding ,
de optieaanduiding of en de aanduiding van vergrendelde deur
. Het indicatielampje van de
draaiende fase knippert.
- De trommel draait nog regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen:
- 1. Raak indien nodig de toets TPM aan om het centrifugeertoerental dat door het apparaat wordt voorgesteld te verlagen.
- 2. Druk op toets Start/Pauze:
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat het water weg en gaat centrifugeren.
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat alleen het water weg.
De optieaanduiding of gaat uit,
terwijl de aanduiding knippert en dan uitgaat.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op de knop voor Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
10.15 Stand-by-optie
De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Het apparaat is 5 minuten voordat u op de knop Start/Pauze drukt niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na afloop van het wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet door de stand-by-functie gedeactiveerd om u eraan te herinneren het water weg te pompen.
11. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
11.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, bont, synthetisch, fijne was en wol.
Pagina 26
26 www.aeg.com
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte weefsels kunnen uitlopen als zij de eerste keer worden gewassen. We raden daarom aan om dit soort kleding de eerste keren dan ook apart te wassen.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Rol riemen op.
- Maak alle zakken leeg en vouw alles open.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (Bijv. beugelbh's, riemen, panty's, etc.).
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (zie 'Openen van de deur als er een programma draait of de uitgestelde start staat ingesteld'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze. De centrifugeerfase gaat door.
11.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
11.3 Wasmiddelen en andere behandelingen
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines:
- waspoeder voor alle weefselsoorten, – waspoeder voor fijne was (max.
40°C) en wollen artikelen, – vloeibare wasmiddelen, voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- Gebruik de verschillende soorten wasmiddelen niet tegelijkertijd.
- Denk aan het milieu en gebruik niet meer dan de aanbevolen hoeveelheid wasmiddel.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het
aangegeven maximumniveau ( ) te overschrijden.
- Gebruik de aanbevolen wasmiddelen voor het type en de kleur van het wasgoed, voor de programmatemperatuur en voor de mate van vervuiling.
11.4 Milieutips
- Stel een programma in zonder de voorwasfase om wasgoed dat normaal vervuild is te wassen.
- Start een wasprogramma altijd met de maximum toegestane hoeveelheid wasgoed.
- Als u de vlekken voorbehandelt, kunt u een vlekkenverwijderaar gebruiken als u een programma op een lage temperatuur gebruikt.
- Controleer de waterhardheid van uw plaatselijke systeem om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken.
Zie "Waterhardheid".
11.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan. In gebieden waar het water zacht is, is het gebruik van een waterontharder niet nodig.
Pagina 27
NEDERLANDS 27
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid waterontharder. Volg altijd de instructies
die u vindt op de verpakking van het product.
12. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
12.1 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
12.2 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
12.3 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer
regelmatig een onderhoudswasbeurt uit. Ga als volgt te werk:
- Haal al het wasgoed uit de trommel.
- Selecteer het katoenprogramma met de hoogste temperatuur of gebruik, indien beschikbaar, het programma Machine Clean. Voeg een kleine hoeveelheid waspoeder toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
12.4 Deurrubber
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
12.5 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om roestdeeltjes te voorkomen.
Voor een complete reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
- 2. Laat een kort katoenprogramma op hoge temperatuur draaien of gebruik, indien beschikbaar, programma Machine Clean. Voeg een kleine hoeveelheid waspoeder toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
Pagina 28
28 www.aeg.com
12.6 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen
Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:
- 1. Open de lade. Duw de pal zoals aangegeven in de afbeelding naar beneden en trek de lade uit.
1
2
- 2. Verwijder het bovenste gedeelte van het vak voor toevoegingen om het reinigen te vereenvoudigen en spoel het af onder de kraan met warm water om resten van opgehoopt wasmiddel te verwijderen. Plaats het bovenste gedeelte na reiniging terug op zijn plek.
- 3. Zorg ervoor dat alle wasmiddelresten van de boven- en onderkant van de uitsparing zijn verwijderd. Reinig de uitsparing met gebruik van een kleine borstel.
- 4. Steek de wasmiddellade in de geleiderail en sluit hem. Draai het spoelprogramma zonder wasgoed in de trommel te plaatsen.
12.7 Afvoerpomp reinigen
WAARSCHUWING!
Haal de netstekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Reinig de afvoerpomp wanneer:
- Het water niet wordt afgepompt uit de machine.
- De trommel niet ronddraait.
- De machine abnormale geluiden maakt wegens blokkering van de afvoerpomp.
- Het display toont de alarmcode
.
Pagina 29
NEDERLANDS 29
WAARSCHUWING!
- Verwijder het filter niet als de machine in werking is.
- Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld
Voor reiniging van de pomp gaat u als volgt te werk:
- 1. Open het pompdeksel.
- 2. Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen.
- 3. Open de afvoerklep naar beneden.
Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.
- 4. Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder verwijdering. Laat het water wegstromen.
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Verzeker u ervan dat de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als hij niet roteert: neem contact op met een erkend servicecentrum.
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
Pagina 30
30 www.aeg.com
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
- 12. Sluit het pompdeksel.
12.8 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
Het wordt aanbevolen beide filters van de toevoerslang en -klep geregeld te reinigen ter verwijdering van aanslag dat met de tijd opgehoopt:
- 1. Verwijder de toevoerslang van de kraan en reinig het filter.
- 2. Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien.
- 3. Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met een tandenborstel.
- 4. Draai de slang bij het weer aansluiten op het apparaat naar links of rechts (niet in verticale positie) afhankelijk van de positie van uw waterkraan.
Pagina 31
NEDERLANDS 31
20°
45°
12.9 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals die is beschreven in de paragraaf 'Reinigen van het afvoerfilter'. Maak de pomp zo nodig schoon.
12.10 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of
daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
13. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Introductie
Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking.
Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Als het probleem aanhoudt, neemt u contact op met de Servicedienst.
In geval van ernstige problemen klinkt het geluidssignaal, geeft het display een alarmcode weer en kan de toets
Start/Pauze voortdurend knipperen:
- - Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.
- - Het apparaat pompt geen water weg.
- - De deur is open of niet goed gesloten. Controleer de deur!
•
Als het apparaat overladen is, neemt u wat voorwerpen uit de trommel en/of duwt u tegen de deur en drukt u tegelijkertijd op de knop Start/Pauze totdat de
aanduiding stopt met knipperen (zie de afbeelding hieronder).
- De stroomtoevoer is onstabiel. Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
Pagina 32
32 www.aeg.com
- - Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. Schakel het uit en terug aan.
- - Het beschermingssysteem tegen waterlekkage is in werking getreden. Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem
contact op met de erkende servicedienst.
WAARSCHUWING!
Voordat u een handeling verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.
13.2 Mogelijke storingen
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Verzeker u ervan dat de netstekker is aangesloten op het stopcontact. • Verzeker u ervan dat de klep van het apparaat gesloten is. • Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. • Verzeker u ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als uitgestelde start gekozen is: annuleer de instelling of wacht op het einde van de aftelprocedure. • Schakel het kinderslot uit. |
| Het apparaat wordt niet goed met water gevuld. | • Verzeker u ervan dat de waterkraan geopend is. • Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf. • Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Verzeker u ervan dat de aansluiting van de waterinlaatslang in orde is. • Verzeker u ervan dat het filter van de inlaatslang en het filter van het ventiel niet verstopt zijn. Zie 'Onderhoud en reiniging'. |
| Het apparaat wordt met water gevuld maar dat wordt onmiddellijk afgetapt | • Verzeker u ervan dat de aftapslang in de juiste positie is. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| Het water niet wordt afgepompt uit de machine. | • Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft. • Verzeker u ervan dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". • Verzeker u ervan dat de aansluiting van de aftapslang in orde is. • Kies het aftapprogramma als u een programma zonder afpompfase kiest. • Kies het afpompprogramma als u een programma kiest dat eindigt met water in de trommel. |
Pagina 33
NEDERLANDS 33
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Kies het centrifugeerprogramma. • Verzeker u ervan dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". • Verdeel het wasgoed met de hand in de trommel en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan veroorzaakt zijn door evenwichtsproblemen. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker u ervan dat de koppelingen van de waterslangen goed afgedicht zijn en dat er geen waterlekkage is. • Zorg ervoor dat de watertoevoer- en afvoerslangen niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| U kunt de klep van de machine niet openen. | • Ga na of een wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Controleer of het wasprogramma is voltooid. • Kies het afpomp- of centrifugeerprogramma als er water in de trommel is. • Verzeker u ervan dat er elektrische stroom op de machine staat. • Dit probleem kan veroorzaakt zijn door een storing in de machine, Neem contact op met een erkend servicecentrum. Als u de deur moet openen, lees dan zorgvuldig “Nooddeuropening”. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Zorg ervoor dat de machine goed waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker u ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Leg meer wasgoed in de trommel. De belading kan te gering zijn. |
| De programmaduur neemt toe of neemt af tijdens het draaien van het programma. | • De functie ProSense kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
| De wasresultaten laten te wensen over. | • Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten voor het verwijderen van hardnekkige vlekken voordat u het wasgoed wast. • Verzeker u ervan dat u de juiste temperatuur gekozen heeft. • Verminder de wasgoedbelading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel. |
Pagina 34
34 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Ga na of de flap in de juiste positie is (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). • Verzeker u ervan dat u het wasmiddelvakje heeft gebruikt volgens de instructie in deze gebruiksaanwijzing. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem zich nogmaals voordoet: neem contact op met een erkend servicecentrum.
Als het display andere alarmcodes toont. Schakel de machine uit en zet hem weer aan. Als het probleem zich blijft voordoen: neem contact op met een erkend servicecentrum.
14. VERBRUIKSGEGEVENS
De toegekende waarden komen voort uit laboratoriumomstandigheden met relevante standaarden. Verschillende oorzaken kunnen de gegevens wijzigen: de hoeveelheid en het type wasgoed en de omgevingstemperatuur. Waterdruk, de toevoerstroom en de temperatuur van de watertoevoer kunnen ook invloed hebben op de duur van het wasprogramma.
De technische specificaties kunnen ter verbetering van de productkwaliteit zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Tijdens het wasprogramma kan de technologie Prosense de wasduur en de verbruikwaarden laten variëren. Raadpleeg voor meer informatie de paragraaf 'De ladingdetectie Prosense' in het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'.
| Programma’s | Belading (kg) | Energieverbruik (kWh) | Waterverbruik (liter) | Geschatte programmaduur (minuten) | Resterende vochtigheid |
|---|---|---|---|---|---|
| (%)1) | |||||
| Katoen 60°C | 10 | 2,04 | 87 | 240 | 52 |
| Katoen 40°C | 10 | 1,40 | 83 | 210 | 52 |
| Synthetica 40°C | 3 | 0,80 | 61 | 140 | 35 |
| Fijne Was 40°C | 3 | 0,56 | 75 | 95 | 35 |
| Wol/Zijde 30°C | 1,5 | 0,42 | 62 | 75 | 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
| Standaard katoenprogramma´s | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Standaard 60°C katoen | 10 | 1,02 | 57 | 252 | 52 |
Pagina 35
NEDERLANDS 35
| Programma’s Belading (kg) | Energieverbruik (kWh) | Waterverbruik (liter) | Geschatte programmaduur (minuten) | Resterende vochtigheid (%)1) |
|---|---|---|---|---|
| Standaard 60°C katoen 5 | 0,75 | 46 | 205 | 52 |
| Standaard 40°C katoen 5 | 0,67 | 46 | 205 | 52 |
| 1) Aan het einde van de centrifugefase. | ||||
| Uit-modus (W) | 0.30 | |||
| Modus aan laten (W) | 0.30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
De gegevens in de bovenstaande tabel zijn in overeenstemming met verordening 1015/2010 van de Europese Commissie tot uitvoering van de richtlijn 2009/125/EG
15. TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmetingen Breedte / Hoogte/ Diepte/ Totale diepte | 600 mm/ 850 mm/ 630 mm/ 660 mm |
| Aansluiting op het elek- Spanning triciteitsnet Totaal vermogen Zekering Frequentie | 230 V 2200 W 10 A 50 Hz |
| Niveau van bescherming tegen het binnendringen van vaste deeltjes en vocht gewaarborgd door het beschermdeksel, behalve wanneer de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht heeft | IPX4 |
| Druk watertoevoer Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 8 bar (0.8 MPa) |
| Watertoeover 1) | Koud water |
| Toelaatbare maximum Katoen belading | 10 kg |
| Energiebesparingsklasse | A+++ -20% |
| Centrifugeersnelheid Maximum | 1400 tpm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
- 1) Sluit de waterinlaatslang aan op een waterkraan met een 3/4'' -schroefdraad.
Pagina 36
36 www.aeg.com
16. ACCESSOIRES
16.1 Verkrijgbaar op www.aeg.com/shop of bij uw geautoriseerde verkooppunt
Alleen geschikte accessoires die door AEG zijn goedgekeurd waarborgen de veiligheidsnormen van het apparaat. Als nietgoedgekeurde onderdelen worden gebruikt, worden alle claims ongeldig verklaard.
16.2 Tussenstuk
De droogtrommel kan uitsluitend op de wasautomaat worden gezet met gebruik van het juiste tussenstuk dat is vervaardigd en goedgekeurd door AEG.
Controleer of het tussenstuk compatibel is door de diepte van uw apparaten op te meten.
Het tussenstuk kan uitsluitend worden gebruikt met de apparaten die worden gespecificeerd in de folder die zich bij de accessoires bevindt.
Lees de met de accessoires en het apparaat meegeleverde instructies zorgvuldig door.
WAARSCHUWING!
Zet de droogtrommel niet onder de wasautomaat.
17. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.