naslaan.comZoekenAlle merken

AEG L6WBJ846W, tekst van de handleiding

Pagina's 15–37 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–14verder op pagina 38 →

Pagina 15

Met deze optie kun je de standaardtemperatuur wijzigen en de gewenste temperatuur instellen, het bijbehorende indicatielampje gaat branden.

Als je het programma instelt Katoen - Coton bij 20°C, verwarmt het apparaat het water niet.

7.4 TPM

Als je een programma instelt, kiest het apparaat automatisch de standaard centrifugeersnelheid.

Tik herhaaldelijk op deze toets om de centrifugeersnelheid te wijzigen of om in te stellen:

Activeer de optieSpoelstop

Het apparaat zal het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.

Activeer de optie Niet centrifugeren

De centrifugeersnelheid kan worden verlaagd.

7.5 Voorwas

Gebruik deze functie om een voorwasfase toe te voegen voor de wasfase.

Deze optie wordt aanbevolen voor zwaar vervuild wasgoed, met name als dit zand, stof, modder en andere vaste deeltjes bevat.

Om deze optie te activeren/deactiveren raak je de knop Temp. °C en de knop TPM

tegelijkertijd aan totdat het controlelampje aan-/uitgaat op het display.

Deze optie kan de duur van het programma verlengen.

7.6 Droogtegraad - Séchage

Met deze toets kun je een van de 3 automatische droogniveaus instellen die door het apparaat worden voorgesteld, in de programma's waar u selecteerbaar bent.

Het bijbehorende droogniveau-indicatielampje gaat branden:

Je kunt niet alle automatische niveaus voor alle stofsoorten instellen.

7.7 Vlekken

Selecteer deze optie om een voorwasfase aan een programma toe te voegen om sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken met een vlekkenverwijderaar te behandelen.

Giet de vlekkenverwijderaar in compartiment

. De vlekkenverwijderaar wordt in de juiste fase van het wasprogramma toegevoegd.

Om deze optie te activeren/deactiveren raak je de knop TPM en de knop Droogtegraad - Séchage tegelijkertijd aan

Pagina 16

totdat het controlelampje aan-/uitgaat op het display.

Door deze optie kan het programma langer duren.

Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40 °C.

7.8 Startuitstel - Départ Différé

Met deze optie kun je het starten van een programma uitstellen naar een handiger tijdstip.

Tik herhaaldelijk op de toets om de gewenste uitsteltijd in te stellen. De tijd wordt met stappen van 30 minuten verhoogd tot 90' en van 2 tot maximaal 20 uur.

Na het starten van de cyclus met de toets Start/Pauze - Départ Pause geeft het display de gekozen uitsteltijd weer en begint het apparaat met aftellen.

7.9 Droogtijd - Minuterie

Raak in het programma waar het selecteerbaar is deze toets aan om de tijd in te stellen die past bij de stoffen die Je moet drogen (zie tabel 'Tijddrogen'). Het display toont de ingestelde waarde.

Telkens als je op deze toets drukt, wordt de tijdswaarde met 5 minuten verlengd.

Je kunt niet alle tijdwaarden instellen voor verschillende soorten stoffen.

7.10 Kinderslot

Met deze optie kun je voorkomen dat kinderen met het bedieningspaneel spelen.

Je kunt deze optie activeren:

Het apparaat behoudt de keuze van deze optie nadat je het hebt uitgeschakeld.

7.11 Start/Pauze - Départ Pause

Raak de toets Start/Pauze - Départ Pause aan om het apparaat te starten, te pauzeren of het draaiende programma te onderbreken.

Pagina 17

8. PROGRAMMA’S

8.1 Programmatabel

Programma
Standaardtemperatuur Temperatuurbereik
Maximale lading Referentie centrifugeersnelheidProgrammabeschrijving (Soort lading en mate van vervuiling)
Eco 40-60 (Alleen wassen-modus)
40 °C1)
8 kg 1600 tpmWit katoen en kleurvast katoen. Normaal vervuilde kledingstukken.
Eco 40-60 + Kastdroogniveau (modus Wassen en drogen) 40 °C2)4 kg 1600 tpm
Eco 40-60 + Kastdroogniveau (Alleen drogen-modus)4 kgWit katoen en kleurvast katoen.
Katoen - Coton 40 °C 95°C - 20°C8 kg 1600 tpmWit katoen en bont katoen. Voor normaal, zwaar en licht bevuild wasgoed.
Synthetica - Synthétiques 40 °C 60°C - 20°C3 kg 1200 tpmSynthetische of gemengde stoffen. Normaal vervuilde kledingstukken.
Fijne was - Délicats 30 °C 40°C - 20°C2 kg 1200 tpmFijne stoffen zoals acryl, viscose en gemengde stoffen hebben een milde wasbeurt nodig. Voor normaal en licht bevuild wasgoed.
Wol - Laine 40 °C 40°C - 20°C1.5 kg 1200 tpmMachinewasbestendige wol, handwasbestendige wol en andere stoffen met «handwas»-symbool3).
20 min. - 3 kg 30 °C
40 °C - 30 °C
3 kg 1200 tpmKatoen en synthetische stoffen . Licht vervuild of slechts eenmaal gedragen.
8 kgAlle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen.
Centrifugeren/Pompen - Essorage/Vidange 4)1600 tpmOm het wasgoed te centrifugeren en het water uit de trommel af te voeren.
Spoelen - Rinçage Koud8 kg 1600 tpmHet wasgoed spoelen en centrifugeren. Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Verlaag de centrifugeersnelheid afhankelijk van het type wasgoed.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

Pagina 18

Programma
Standaardtemperatuur Temperatuurbereik
Maximale lading Referentie centrifugeersnelheidProgrammabeschrijving (Soort lading en mate van vervuiling)
®
Wol - Laine
1 kgDroogprogramma voor wol. Voorzichtig drogen voor wol die met de hand gewassen moet worden. Het wasgoed onmiddellijk na het voltooien van het programma uit het apparaat halen.
Fijne was - Délicats2 kgDroogprogramma voor fijne was.
Synthetica - Synthétiques3 kgDroogprogramma voor synthetische artikelen en gemengde stoffen.
Katoen - Coton4 kgDroogprogramma voor katoenen kledingstukken.
NonStop 1h/1kg 30 °C
40 °C - 30 °C
1 kg 1200 tpmCompleet programma samengesteld uit een wasfase en een droogfase voor een kleine belading van gemengde overhemden.
Stoom - Vapeur1 kgKatoen, synthetische en gemengde artikelen. Speciale stoomcyclus zonder wassen, die gebruikt kan worden om uw gedroogde was te bereiden voor het strijken of opfrissen van kleding die eenmaal gedragen is. Dit programma vermindert kreuken, geurtjes en ontspant de vezels. Gebruik geen wasmiddel.
1) In overeenstemming met Verordening van de Commissie EU 2019/2023. Dit programma bij standaard temperatuur en centrifugeersnelheid, in wasmodus, met een nominale capaciteit van 8 kg, is in staat om normaal bevuild katoenen wasgoed dat wasbaar is verklaard bij 40 °C of 60 °C, samen in dezelfde cyclus te reinigen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

Voor de bereikte temperatuur in het wasgoed, de duur van het programma en andere gegevens wordt verwezen naar het hoofdstuk 'Verbruikswaarden'.

De meest efficiënte programma's op het gebied van energieverbruik zijn over het algemeen programma's die presteren bij lagere temperaturen en een langere duur.

Pagina 19: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 20

Katoen - Coton■
NonStop 1h/1kg
Stoom - Vapeur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

▲ = Alleen Kastdroog optie is beschikbaar.

Geschikte wasmiddelen voor elk programma

ProgrammaUniverseel poeder1)Universele vloeistof (Liquid Universal)Vloeistof voor gekleurde wasFijne was en wolSpeciaal
Eco 40-60▲▲▲----
Katoen - Coton▲▲▲----
Synthetica - Synthétiques▲▲▲----
Fijne was - Délicats------▲▲
Wol - Laine------▲▲
20 min. - 3 kg--▲▲----
NonStop 1h/1kg--▲▲----

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)

▲ = Aanbevolen. -- = Niet aanbevolen.

Pagina 21: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 22

DroogtegraadSoort stofLading (kg)Centrifugeersnelheid (tpm)Voorgestelde duur (min)
Synthetische en gemengde stoffen.
(truien, blouses, ondergoed, huishoudlinnen en beddengoed)
3120090 - 105
1120040 - 50
Fijne was
(acryl, viscose en fijne gemengde stoffen)
21200120 - 140
1120065 - 85
Wol
(wollen truien)
1120080 - 100
Strijkdroog
Geschikt voor kledingstukken die gestreken moeten worden.
Katoen en linnen
(lakens, tafelkleden, overhemden, enz.)
41600110 - 125
2160065 - 75
1160040 - 50

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK

Tijdens de installatie of voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, kunt u wat water in het apparaat waarnemen. Dit is restwater dat in het apparaat is achtergebleven nadat in de fabriek een volledige functietest werd uitgevoerd om te garanderen dat het apparaat in perfect functionerende staat aan de klant wordt geleverd, en is geen reden voor ongerustheid.

met .

Deze handeling activeert het afvoersysteem.

het vak dat wordt aangegeven met .

10. DAGELIJKS GEBRUIK

10.1 Wasgoed in de machine doen

Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.

Pagina 23

LET OP!

Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen het rubber en de deur terechtkomt. Er kan waterlekkage of beschadigd wasgoed ontstaan.

10.2 Vullen met wasmiddel en toevoegingen

Vakje voor voorwasmiddel, weekprogramma of vlekkenverwijderaar.

Wasmiddelvakje voor wasfase.

Vakje voor vloeibare toevoegingen (textielversteviger, stijfsel).

Dit is het maximale niveau voor vloeibare toevoegingen.

Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.

Gebruik wasmiddelen altijd volgens de aanwijzingen op de verpakking.

10.3 De stand van de klep controleren

A

B

Pagina 24

Met de klep in de stand OMLAAG:

Zorg bij het sluiten van de lade dat de klep geen blokkering veroorzaakt.

10.4 Het apparaat inschakelen

10.5 Een programma kiezen

Als een keuze niet mogelijk is, gaat het controlelampje niet aan en klinkt er een geluidssignaal.

10.6 Een programma starten zonder uitgestelde start

Druk op de toets Start/Pauze - Départ Pause om het programma te starten.

Het desbetreffende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.

Het programma start, de deur is vergrendeld.

De display toont het indicatielampje .

De afvoerpomp kan een korte tijd werken als het apparaat water vult.

10.7 De ProSense System ladingdetectie

Na op de toets Start/Pauze - Départ Pause te hebben gedrukt:

Tijdens deze fase knipperen de twee punten die uren van minuten scheiden.

Het apparaat past de programmaduur automatisch aan de lading aan om in de kortst mogelijke tijd zo perfect mogelijke wasresultaten te krijgen.

De ProSense System is niet beschikbaar bij alle programma's, bijvoorbeeld: Wol - Laine en bij programma's met korte cycli.

10.8 Een programma starten met Uitgestelde start

De deur van het apparaat wordt vergrendeld en het aftellen voor de uitgestelde start begint.

Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het programma automatisch gestart.

Voordat je op de toets Start/Pauze - Départ Pause drukt om het apparaat te starten, kun je de instelling van de uitgestelde start annuleren of wijzigen.

Pagina 25

10.9 De uitgestelde start annuleren

De uitgestelde start annuleren:

Het bijbehorende indicatielampje knippert.

Différé totdat op het display verschijnt.

10.10 Onderbreken van een programma en een optie wijzigen

Je kunt slechts enkele functies wijzigen voordat ze gaan werken.

Het bijbehorende indicatielampje knippert.

Het programma gaat verder.

10.11 Een actief programma stoppen

Je kunt nu een nieuw wasprogramma instellen.

Voordat je het nieuwe programma start, kan het apparaat het water afvoeren. Zorg er in dat geval voor dat het wasmiddel nog in het wasmiddelbakje zit, als je het wasmiddel niet opnieuw bijvult.

10.12 De deur openen

Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kun je de deur niet openen.

Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van het apparaat vergrendeld.

Op het display gaat het bijbehorende deurvergrendelingssymbool uit.

Het programma (of startuitstel) gaat verder.

10.13 Einde programma

Als het programma is afgelopen, stopt het apparaat automatisch. Het geluidssignaal werkt.

Op het display gaat branden en de

aanduiding deur vergrendeld gaat uit.

Het lampje van toets Start/Pauze - Départ Pause gaat uit.

Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfunctie het apparaat automatisch uit.

Als je het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste gekozen programma in het display weergegeven. Draai aan de programmatoets om een nieuwe cyclus in te stellen.

10.14 Water afvoeren na het einde van de cyclus

Het afwasprogramma is voltooid, maar er bevindt zich water in de trommel:

De trommel draait regelmatig om kreuken in het wasgoed te voorkomen.

Het deurvergrendelingssymbool brandt. De deur blijft vergrendeld.

Pagina 26

Je moet het water afvoeren om de deur te openen:

Het apparaat pompt het water weg en centrifugeert.

deurvergrendelingssymbool uit waarna je de deur kunt openen.

Het apparaat pompt en centrifugeert automatisch na ongeveer 18 uur.

10.15 AUTO Stand-by optie

De functie AUTO Stand-by schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:

Druk opnieuw op de toets Aan/Uit - Marche/Arrêt om het apparaat in te schakelen.

Druk opnieuw op de toets Aan/Uit - Marche/Arrêt om het apparaat in te schakelen.

De tijd van het laatste programma wordt weergegeven op het display.

Draai aan de programmatoets om een nieuwe cyclus in te stellen.

Als je een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet door de functie AUTO Stand-bygedeactiveerd om je eraan te herinneren het water weg te pompen.

11. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

Dit apparaat is een automatische wasdroogcombinatie.

11.1 Gecombineerd programma wassen en drogen

Voor goede droogprestaties niet de maximale droogladingen overschrijden die in de gebruikershandleiding worden aanbevolen. Stel geen centrifugeersnelheid in die lager is dan de automatische snelheid van het ingestelde programma.

Het display toont de indicatielampjes van de verschillende wasfases.

Het NonStopprogramma is al een compleet was- en droogprogramma en het is niet nodig om de Droogtegraad - Séchage of de Droogtijd - Minuterie .

Pagina 27

11.2 Wassen en automatisch drogen

Op het display verschijnt het indicatielampje

. De tijdswaarde op het display is de duur van de was- en droogcycli, berekend op een standaardlading.

Om een goed droogresultaat te krijgen, is het niet mogelijk om een te lage centrifugeersnelheid in te stellen voor de kledingstukken die moeten worden gewassen en gedroogd.

De aanduiding deur vergrendeld gaat branden.

Het display toont regelmatig een nieuwe tijdswaarde.

De laatste minuten van de droogcyclus voert het apparaat de antikreukbeveiliging en de koelfasen uit.

11.3 Wassen en tijdgestuurd drogen

Voor een goede droging laat het apparaat jou niet een te lage centrifugeersnelheid instellen

voor de te wassen en te drogen kledingstukken.

Op het display verschijnt het lampje . Het display toont de ingestelde droogwaarde.

Bijvoorbeeld: .Na enkele seconden toont

het display de definitieve tijdwaarde , d.w.z. de totale duurtijd van de was- en droogcycli (wassen + drogen + anti-kreuk + koelfasen).

Als je na het wassen slechts 10 minuten droogtijd instelt, berekent het apparaat ook de duur van de anti-kreukbeveiliging en de koelfasen.

Op het display verschijnt het lampje . De deur wordt vergrendeld. Het display toont regelmatig een nieuwe tijdswaarde.

11.4 Einde van het programma

Het apparaat stopt automatisch. De geluidssignalen werken.

Voor meer informatie, raadpleeg "Aan het einde van het droogprogramma" van het vorige hoofdstuk.

12. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

Dit apparaat is een automatische wasdroogcombinatie.

12.1 Instelling drogen

WAARSCHUWING!

Controleer of de waterkraan geopend is.

Pagina 28

gewenste droogprogramma . Het

display toont de droogindicatie .

Voor goede droogprestaties niet de maximale droogladingen overschrijden die in de gebruikershandleiding worden aanbevolen. Stel geen centrifugeersnelheid in die lager is dan de automatische snelheid van het ingestelde programma.

12.2 Drogen bij automatische niveaus

Het wasgoed kan worden gedroogd op vooraf ingestelde droogniveaus:

Het display toont een tijdswaarde, berekend op de standaardlading. Als de hoeveelheid wasgoed meer of minder is dan de standaardafmetingen, past het apparaat automatisch de tijdswaarde tijdens de cyclus aan.

vergrendeld . De droogindicator gaat knipperen.

Je kunt niet alle droogniveaus gebruiken voor ieder type wasgoed.

12.3 Tijdgestuurd drogen

Het wasgoed kan ook worden gedroogd met een handmatig tijdgestuurd droogprogramma:

tijdwaarde: bijv. . Telkens als je op deze toets drukt, wordt de tijdswaarde met 5 minuten verlengd.

. Het apparaat berekent ook de duur van de anti-kreukbeveiliging en de koelfasen.

.

Als je slechts 10 minuten droogt, voert het apparaat alleen een afkoelfase uit. Als het wasgoed niet voldoende droog is, stel dan een korte droogtijd in.

12.4 Einde van het droogprogramma

Het apparaat stopt automatisch.

Pause gaat uit.

Als de deur vergrendeld is en gaat uit op het display, kun je de deur openen.

Een paar minuten na het einde van het programma schakelt de energiebesparende functie het apparaat automatisch uit.

Pagina 29

13. PLUIS IN DE STOFFEN

Tijdens de was- en/of droogfase geven bepaalde soorten stoffen (spons, wol, sweaterstof) pluisjes af.

De vrijgekomen pluisjes kunnen tijdens de volgende cyclus aan de stoffen blijven kleven.

Dit ongemak is nog groter bij technische stoffen.

Om het pluisjes in uw wasgoed te voorkomen:

Ga als volgt te werk om pluisjes uit de trommel te verwijderen:

Gebruik, als het apparaat veelvuldig wordt gebruikt, regelmatig het programma CLE.

14. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

14.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet

Pause. De centrifugeerfase gaat door.

Pagina 30

14.2 Hardnekkige vlekken

Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.

We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.

Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.

Spuit geen vlekkenverwijderaar op kledingstukken in de buurt van het apparaat, omdat het corrosief is voor de plastic onderdelen.

14.3 Type en hoeveelheid wasmiddel

De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:

maximumniveau ( ) te overschrijden.

Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:

Pagina 31

Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:

14.4 Ecologische tips

Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan om de volgende tips ter harte te nemen:

14.5 Waterhardheid

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.

Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.

Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

14.6 De droogfase voorbereiden

14.7 Items die niet geschikt zijn voor de droger

Stel voor dit wasgoed geen droogprogramma in:

14.8 Wasvoorschriften in de kleding

Bij het drogen van uw wasgoed moet u zich houden aan de voorschriften van de fabrikant:

14.9 Duur van het droogprogramma

De droogtijd kan variëren afhankelijk van:

Pagina 32

14.10 Extra drogen

Als het wasgoed aan het einde van het droogprogramma nog steeds vochtig is, stelt u nogmaals een korte droogfase in.

WAARSCHUWING!

Om kreuken en krimpen te voorkomen dient u het wasgoed niet te lang te drogen.

14.11 Algemene tips

Raadpleeg de tabel "Droogprogramma's" om de gemiddelde droogtijden op te zoeken.

Het drogen van wasgoed zal beter gaan naarmate u het vaker doet. Houd bij hoe lang uw droogprogramma's duren.

Statische lading na het drogen voorkomen:

Na afloop van het droogprogramma dient u het wasgoed meteen uit de trommel te halen.

15. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

15.1 Schema periodieke reiniging

Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.

Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje open om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.

Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.

Indicatief schema voor periodiek reinigen:

OntkalkenTwee keer per jaar
OnderhoudswasEenmaal ter maand
Deurafdichting reinigenIedere twee maanden
Trommel reinigenIedere twee maanden
Pluis in de trommel verwijderenTwee keer per maand1)
Wasmiddeldoseerbakje reinigenIedere twee maanden
De filter van de afvoerpomp reinigenTwee keer per jaar

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)

Twee keer per jaar

De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen

In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.

15.2 Vreemde voorwerpen verwijderen

Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.

Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.

15.3 Buitenkant reinigen

Het apparaat alleen schoonmaken met zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog. Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.

Pagina 33

LET OP!

Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.

LET OP!

Gebruik de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.

15.4 Ontkalken

Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.

Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen.

Gebruik alleen speciale producten voor wasmachines om roestdeeltjes te verwijderen. Doe dit apart van het wassen van wasgoed.

Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.

15.5 Onderhoudswas

Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswasbeurt uit. Ga als volgt te werk:

15.6 Deurafdichting met val met dubbele lip

Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen

met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer het deurrubber regelmatig en reinig het indien nodig zoals beschreven in het volgende diagram. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.

Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.

Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.

Controleer en verwijder voorwerpen (indien aanwezig) die in de vouw vast kunnen komen te zitten.

Controleer of er geen wasgoed tussen het deurrubber en de deur is achtergebleven.

Gebruik een vochtige doek om achtergebleven vuil of waterresten in het deurrubber weg te vegen nadat het programma is voltooid.

15.7 Het wasmiddelbakje reinigen

Om mogelijke afzettingen van gedroogd wasmiddel of gestolde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen, voert u om de twee maanden de volgende reinigingsprocedure uit zoals uitgelegd in de volgende diagrammen:

Pagina 34

15.8 Het filter van de afvoerpomp reinigen

Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.

Reinig het afvoerfilter niet als het water in het apparaat heet is. Verwijder het filter niet als het apparaat in werking is.

Reinig het filter van de afvoerpomp als:

- Het apparaat pompt geen water weg.

- De trommel draait niet rond het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt als gevolg van de blokkering van de afvoerpomp.

Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.

Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om het pompfilter te reinigen:

Pagina 35: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 36

15.9 De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen

Het wordt aanbevolen om de filters van de inlaatslang en -klep twee keer per jaar te reinigen om eventuele afzettingen te verwijderen die zich in de loop van de tijd hebben opgehoopt. Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om filters te reinigen:

15.10 Noodafvoer

Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing.

Pagina 37

Als dit optreedt, voert u stappen (1) tot (8) uit van "Het afvoerfilter reinigen". Maak de pomp zo nodig schoon.

Als u het water afpompt met gebruikmaking van de noodafpompprocedure, moet u het aftapsysteem opnieuw activeren:

15.11 Voorzorgsmaatregelen bij vorst

Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0° C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.

WAARSCHUWING!

Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.

De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.

16. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING!

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

16.1 Alarmcodes en mogelijke storingen

Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).

WAARSCHUWING!

Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.

← pagina's 2–14verder op pagina 38 →Inhoud