AEG L76479NFL, tekst van de handleiding
Pagina's 19–27 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 19
NEDERLANDS 19
Het apparaat voert het water af en centrifugeert.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifugeren.
10.15 AUTO Stand-by-optie
De AUTO Stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Het apparaat is 5 minuten voordat u op de knop Start/Pauze drukt niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na afloop van het wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet door de AUTO Stand-by functie gedeactiveerd om u eraan te herinneren het water weg te pompen.
11. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
11.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, bont, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte weefsels kunnen uitlopen als zij de eerste keer worden gewassen. We raden daarom aan om dit soort kleding de eerste keer dan ook apart te wassen.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Rol riemen op.
- Maak alle zakken leeg en vouw alle artikelen open.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met geverfde opdrukken binnenstebuiten.
- Verwijder hardnekkige vlekken.
- Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een zak of kussensloop.
- Was geen wasgoed in het apparaat zonder zomen of met scheuren.
Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (Bijv. beugelbh's, riemen, panty's, etc.).
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase. Als dit gebeurt, kunt u de artikelen handmatig verdelen in de trommel en de centrifugefase opnieuw starten.
11.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te verwijderen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
11.3 Wasmiddelen en nabehandelingsmiddelen
- Gebruik alleen wasmiddelen en nabehandelingsproducten die
Pagina 20
20 www.aeg.com
bedoeld zijn voor gebruik in een wasautomaat:
- waspoeder voor alle soorten weefsels, – waspoeder voor delicate stoffen (40 °C max) en wol, – vloeibare wasmiddelen, bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (60 °C max.) voor alle soorten weefsels, of speciaal voor alleen wol.
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik niet meer dan de benodigde hoeveelheid wasmiddel om het milieu te beschermen.
- Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van deze producten.
- Gebruik de juiste producten voor het type en de kleur stof, de programmatemperatuur en de mate van vervuiling.
- Als uw machine geen wasmiddeldoseerbakje heeft met klepje, voeg dan het vloeibare wasmiddel toe met een doseerbol (meegeleverd bij het wasmiddel).
- Start een wasprogramma altijd met de maximum hoeveelheid wasgoed.
- Gebruik indien nodig een vlekkenverwijderaar als u een programma met een lage temperatuur instelt.
- Controleer de waterhardheid van uw plaatselijke systeem om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken
11.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterverzachter. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
11.4 Milieutips
- Stel een programma in zonder de voorwasfase om wasgoed dat normaal vervuild is te wassen.
12. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
12.1 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen brandspiritus, oplosmiddelen of chemische producten.
12.2 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen.
Gebruik alleen speciale producten voor wasmachines om roestdeeltjes te verwijderen. Doe dit apart van het wassen van wasgoed.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
Pagina 21
NEDERLANDS 21
12.3 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswas uit. Om dit te doen:
- Haal al het wasgoed uit de trommel.
- Stel het katoenprogramma in met de hoogste temperatuur met een kleine hoeveelheid wasmiddel.
12.4 Deurrubber
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
12.5 Het afwasmiddeldoseerbakje reinigen
- 1. 2.
- 3. 4.
12.6 Het afvoerfilter schoonmaken
Reinig het afvoerfilter niet als het water in de machine heet is.
Pagina 22: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
12.7 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
| 1 | 2 | 3 |
|---|---|---|
| 3. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
12.8 Noodafvoer
Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing.
Als dit optreedt, voert u stappen (1) tot
- (9) uit van 'Het afvoerfilter reinigen'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om water af te voeren.
Pagina 24
24 www.aeg.com
| 12.9 Voorzorgsmaatregelen bij vorst | 5. | Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw. |
| WAARSCHUWING! | ||
| Als het apparaat is geïnstalleerd in een | ||
| gebied waar de temperatuur lager is dan 0° C, dan dient u het resterende water uit | Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0 | |
| de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen. | °C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. | |
| De fabrikant is niet | ||
| 1. Trek de stekker uit het stopcontact. | verantwoordelijk voor | |
| 2. Draai de waterkraan dicht. | schade die door lage | |
| 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen. | temperaturen is veroorzaakt. | |
| 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
13. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Introductie
Het apparaat start niet of stopt niet tijdens de werking.
Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Neem indien dit niet lukt contact op met de erkende servicedienst.
Bij sommige problemen werken de geluidssignalen en toont de display een alarmcode:
- - Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.
- - Het apparaat pompt geen water weg.
- - De deur is open of niet goed gesloten. Controleer de deur!
- - De stroomtoevoer is onstabiel.
Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
- - Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. Schakel uit en terug aan.
- - Het beschermingssysteem tegen waterlekkage is in werking getreden. Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst.
WAARSCHUWING!
Schakel het apparaat uit voordat u controles uitvoert.
13.2 Mogelijke storingen
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | Zorg dat de stekker in het stopcontact zit. |
| Zorg dat de deur van het apparaat is gesloten. | |
| Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. | |
| Zorg ervoor dat de toets Start/Pauze is ingedrukt. |
Pagina 25
NEDERLANDS 25
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Als de starttijdkeuze is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot de afloop van de uitgestelde start. | |
| Schakel het kinderslot uit. | |
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | Controleer of de waterkraan is geopend. |
| Zorg dat de waterdruk niet te laag is. Neem hiervoor zo nodig contact op met uw lokale waterleidingbedrijf. | |
| Controleer of de waterkraan niet verstopt is. | |
| Zorg ervoor dat de filter van de toevoerslang en de filter van de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. | |
| Zorg ervoor dat de positie van de watertoevoerslang correct is. | |
| Het apparaat vult zich niet met water en pompt dit direct weg. | Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. De slang kan te laag hangen. |
| Het apparaat pompt geen water weg. | Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. |
| Controleer of er geen knikken of bochten in de waterafvoerslang aanwezig zijn. | |
| Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| Zorg ervoor dat de aansluiting van de waterafvoerslang correct is. | |
| Stel het afvoerprogramma in als u een programma zonder afvoerfase instelt. | |
| Stel het afvoerprogramma in als u een optie heeft gekozen waarbij water in de kuip blijft. | |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wascyclus duurt langer dan normaal. | Stel het centrifugeprogramma in. |
| Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de centrifugefase opnieuw. Dit probleem wordt mogelijk veroorzaakt door problemen met de balans. |
Pagina 26
26 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Er ligt water op de vloer. | Zorg ervoor dat de aansluitingen van de waterslangen goed vast zitten en dat er geen lekken zijn. |
| Controleer of de waterafvoerslang niet is beschadigd. | |
| Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveelheid gebruikt. | |
| U kunt de deur van het apparaat niet openen. | Zorg ervoor dat het wasprogramma voltooid is. |
| Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich water in de trommel bevindt. | |
| Zorg ervoor dat het apparaat stroom krijgt. | |
| Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing van het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. | |
| Het apparaat maakt een abnormaal geluid. | Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg "Montage". |
| Zorg ervoor dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg "Montage". | |
| Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te klein. | |
| De cyclus is korter dan de weergegeven tijd. | Het apparaat berekent een nieuwe tijd aan de hand van de wasgoedlading. Zie het hoofdstuk "Verbruikswaarden". |
| De cyclus is langer dan de weergegeven tijd. | Een wasgoedlading die niet in balans is verlengt de duur. Dit is normaal gedrag van het apparaat. |
| Het wasresultaat is niet bevredigend. | Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. |
| Gebruik voor het verwijderen van hardnekkige vlekken speciale producten voordat u het wasgoed wast. | |
| Zorg dat u de juiste temperatuur instelt. | |
| Verminder de hoeveelheid wasgoed. | |
| U kunt geen optie instell- en. | Zorg dat u alleen op de gewenste knop(pen) drukt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het werd onderbroken.
Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst. Als de display andere alarmcodes aangeeft. Het apparaat uit en weer aanzetten. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Pagina 27
NEDERLANDS 27
14. TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmetingen Breedte / hoogte / diepte / totale diepte | 600 mm/ 850 mm/ 545 mm/ 578 mm |
| Aansluiting op het elek- Spanning triciteitsnet Totale stroom Zekering Frequentie | 230 V 2.200 W 10 A 50 Hz |
| Het beschermdeksel biedt bescherming tegen vaste stoffen en vochtigheid, behalve op plaatsen waar de laagspanningsapparatuur geen bescherming tegen vocht biedt | IPX4 |
| Watertoevoerdruk Minimum Maximum | 0,5 bar (0,05 MPa) 8 bar (0,8 MPa) |
| Watertoevoer 1) | Koud water |
| Maximale belading Katoen | 7 kg |
| Energiebesparingsklasse | A+++ |
| Centrifugeersnelheid Maximum | 1400 tpm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
- 1) Sluit de watertoevoerslang aan op een kraan met 3/4" schroefdraad.
15. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.