AEG L76485HFL, tekst van de handleiding
Pagina's 17–32 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 17
gaat aan, of de display toont het bijbehorende symbool.
- 5. Druk op toets 4 om het programma te starten. Het lampje van toets 4 is aan.
De afvoerpomp kan even werken als het apparaat gevuld wordt met water.
De wasmachine past de cyclustijd automatisch aan op het wasgoed dat u in de trommel hebt gedaan, voor perfecte wasresultaten binnen een minimaal benodigde tijd. Na ongeveer 15 minuten vanaf de start van het programma geeft de display de nieuwe tijdwaarde weer.
7.4 Een programma onderbreken
- 1. Als u op de toets 4 drukt: Het indicatielampje knippert.
- 2. Als u opnieuw op toets 4 drukt.
Het wasprogramma gaat verder.
7.5 Een programma annuleren
- 1. Druk op toets 1 om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op toets 1 om het apparaat in te schakelen. U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Het apparaat pompt geen water weg.
7.6 Een functie wijzigen
U kunt slechts enkele functies wijzigen voordat ze gaan werken.
- 1. Als u op de toets 4 drukt: Het indicatielampje knippert.
- 2. De ingestelde functie wijzigen.
7.7 Het startuitstel instellen
- 1. Druk herhaaldelijk op toets 5 tot het aantal minuten of uren op de
NEDERLANDS 17
display verschijnt. De bijbehorende symbolen gaan branden.
- 2. Druk op toets 4 , het apparaat begint het aftellen van de uitgestelde start.
Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het wasprogramma automatisch gestart.
Voordat u op toets 4 drukt om het apparaat te starten, kunt u de instelling van de uitgestelde start annuleren of wijzigen.
7.8 De uitgestelde start annuleren
- 1. Als u op de toets 4 drukt: Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op toets 5 tot de display 0’ toont.
- 3. Als u op de toets 4 drukt: Het programma wordt gestart.
7.9 Deur openen
Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachine vergrendeld.
De deur van het apparaat openen:
- 1. Druk op toets 4 . Het deurvergrendelingssymbool in de display gaat uit.
- 2. Open de deur van het apparaat.
- 3. Sluit de deur van de machine en druk op toets 4 . Het programma of startuitstel gaat verder.
Als de temperatuur en het waterpeil in de trommel te hoog zijn, blijft het symbool voor de deurvergrendeling aan en kunt u de deur niet openen. U opent in dat geval de deur als volgt:
- 1. Schakel het apparaat uit.
- 2. Wacht enkele minuten.
- 3. Zorg ervoor dat er zich geen water in de trommel bevindt.
Als u het apparaat uit zet, dient u het programma opnieuw in te stellen.
Pagina 18
18 www.aeg.com
7.10 Aan het einde van het programma.
- Het apparaat stopt automatisch.
- De geluidssignalen klinken.
- In de display gaat het symbool aan.
- Het indicatielampje van de toets Start/
Pauze 4 gaat uit.
- Het deurvergrendelingssymbool gaat uit.
- Druk op toets 1 om het apparaat uit te schakelen. Vijf minuten na het einde van het programma wordt het apparaat door de energiebesparende functie automatisch uitgeschakeld.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste ingestelde programma in de display weergegeven. Draai de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- Haal het wasgoed uit de wasmachine.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- Laat de deur iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
- Draai de waterkraan dicht.
Het wasprogramma is voltooid, maar er staat water in de trommel:
- De trommel draait regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen.
Het water wegpompen:
- 1. Verlaag zo nodig de centrifugesnelheid.
- 2. Druk op de toets Start/Pauze 4 . Het apparaat voert het water af en centrifugeert.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen
- 4. Schakel het apparaat uit.
Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifugeren.
8. AANWIJZINGEN EN TIPS
8.1 Wasgoed sorteren
- Verdeel het wasgoed in: wit, bont, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte weefsels kunnen uitlopen als zij de eerste keer worden gewassen. We raden daarom aan om dit soort kleding de eerste keer dan ook apart te wassen.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Maak riemen vast.
- Maak alle zakken leeg en vouw alle artikelen open.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met geverfde opdrukken binnenstebuiten.
- Verwijder hardnekkige vlekken.
- Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met de gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een zak of kussensloop.
- Niet in de machine wassen:
- Wasgoed zonder zomen of met scheuren
- Beugelbeha's.
- Gebruik een waszakje om kleine stuk wasgoed te wassen.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase. Als dit gebeurt, kunt u de artikelen handmatig verdelen in de trommel en de centrifugefase opnieuw starten.
8.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
Pagina 19
NEDERLANDS 19
We raden u aan om deze vlekken te verwijderen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
8.3 Wasmiddelen en nabehandelingsmiddelen
- Gebruik alleen wasmiddelen en nabehandelingsproducten die bedoeld zijn voor gebruik in een wasautomaat.
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik niet meer dan de benodigde hoeveelheid wasmiddel om het milieu te beschermen.
- Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van deze producten.
- Gebruik de juiste producten voor het type en de kleur stof, de programmatemperatuur en de mate van vervuiling.
- Stel geen voorwasfase in als u vloeibare wasmiddelen gebruikt.
- Als uw machine geen wasmiddellade heeft met klepje, voeg dan het vloeibare wasmiddel toe met een doseerbal.
8.4 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met de plaatselijke waterautoriteit voor de waterhardheid in uw gebied.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de producten.
Gelijkwaardige eenheden meten de waterhardheid:
- Duitse graden (°dH).
- Franse graden (°TH)
- mmol/l (millimol per liter - een internationale eenheid voor de hardheid van water).
- Clarke-graden.
Waterhardheidstabel
| Niveau | Type | Waterhardheid | |||
|---|---|---|---|---|---|
| °dH | °TH | mmol/l | Clarke | ||
| 1 | zacht | 0-7 | 0-15 | 0-1.5 | 0-9 |
| 2 | medium | 8-14 | 16-25 | 1.6-2.5 | 10-16 |
| 3 | hard | 15-21 | 26-37 | 2.6-3.7 | 17-25 |
| 4 | erg hard | > 21 | > 37 | >3.7 | >25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
9. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat reinigt.
9.1 Ontkalken
Het water dat wij gebruiken, bevat kalk. Als het nodig is dient u waterverzachter
te gebruiken om deze kalk te verwijderen.
Gebruik een speciaal product voor wasautomaten. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de producent.
Doe dit apart van het wassen van wasgoed.
Pagina 20
20 www.aeg.com
9.2 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswas uit. Om dit te doen:
- Haal al het wasgoed uit de trommel.
- Stel het heetste wasprogramma in voor katoen
- Gebruik de juiste hoeveelheid poederwasmiddel met biologische eigenschappen.
Houd de deur enige tijd open na elke wasbeurt, om schimmels te voorkomen en onprettige geurtjes te verwijderen.
9.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
9.5 Deurrubber
9.6 Wasmiddeldoseerlade
De wasmiddeldoseerlade reinigen:
1 LET OP!
Gebruik geen brandspiritus, oplosmiddelen of chemische producten.
9.4 Trommel
Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen. Gebruik alleen speciale producten om roestdeeltjes uit de trommel te verwijderen.
Ga als volgt te werk:
- Reinig de trommel met een speciaal product voor roestvrij staal.
- Start een kort programma voor katoen op de maximale temperatuur met een kleine hoeveelheid wasmiddel.
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
- 1. Druk op de hendel.
- 2. Trek de doseerlade naar buiten.
Pagina 21
NEDERLANDS 21
9.7 Afvoerpomp
Controleer de afvoerpomp regelmatig en zorg dat deze schoon is.
De pomp schoonmaken als:
- Het apparaat geen water wegpompt.
- De trommel niet kan draaien.
- Het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door een blokkade in de afvoerpomp.
- De display een alarmcode weergeeft door een probleem met de waterafvoer.
De afvoerpomp reinigen:
- 3. Verwijder het bovenste gedeelte van het vakje voor vloeibare nabehandelingsmiddelen.
- 4. Maak alle onderdelen schoon met water.
- 5. Maak de ruimte van de wasmiddeldoseerlade schoon met een borstel.
- 6. Plaats de wasmiddeldoseerlade terug in de ruimte.
WAARSCHUWING!
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Verwijder het filter niet als het apparaat in gebruik is.
Reinig de afvoerpomp niet als het water in de machine heet is. Het water moet koud zijn voordat u de afvoerpomp kunt reinigen.
- 1. Open het afvoerpompdeurtje.
- 2. Trek de klep naar voren om hem te verwijderen.
Pagina 22
22 www.aeg.com
9.8 De filters van de toevoerslang en de klepfilters
Het kan nodig zijn filters te reinigen als:
- Het apparaat wordt niet met water gevuld.
- De machine langdurig water vult.
- 3. Plaats een bak onder de uitsparing van de afvoerpomp om het uitstromende water op te vangen.
- 4. Druk de twee hendels in en trek het afvoerkanaal naar voren om het water eruit te laten stromen.
- 5. Als de bak vol met water is, duwt u het afvoerkanaal terug en leegt u de bak. Herhaal stap 4 en 5 tot er geen water meer uit de afvoerpomp stroomt.
- 6. Duw het afvoerkanaal terug en draai het filter om het te verwijderen.
- 7. Verwijder stof en voorwerpen uit de pomp.
- 8. Zorg dat het schoepenrad op de juiste wijze kan draaien. Neem als dit niet lukt, contact op met de klantenservice.
- 9. Reinig het filter onder de waterkraan en plaats het terug in de speciale geleiders van de pomp.
- 10. Zorg ervoor dat het filter stevig vastzit om waterlekkage te voorkomen.
- 11. Plaats de klep terug en sluit het afvoerpompdeurtje.
- Het lampje van toets 4 knippert en de display het bijbehorende alarm weergeeft. Raadpleeg 'Probleemoplossing'.
WAARSCHUWING!
Trek de stekker uit het stopcontact.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
| Om de koudwater-toevoerfilters schoon | te maken: |
|---|---|
| 1. Draai de koudwaterkraan dicht. 2. Verwijder de watertoevoerslang van de kraan. 3. Reinig het filter in de toevoerslang voor het koud water met een harde borstel. | |
| 4. Verwijder de toevoerslang voor het koud water achter de machine. 5. Reinig het filter in de klep voor koud water met een harde borstel of een handdoek. | |
| 45° 20° | 6. Installeer de watertoevoerslang voor koud water opnieuw. Zorg ervoor dat de koppelingen stevig vast zitten om lekkage te voorkomen. 7. Draai de koudwaterkraan open |
| Om de toevoerfilters van warm water schoon te maken, volgt u dezelfde stappen (1) t.e.m. (7) van ‘De koudwater-toevoerfilters schoonmaken’. | |
| 9.9 Noodafvoer Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing. Als dit optreedt, voert u stap (1) tot en met (6) van "De afvoerpomp reinigen" uit. Maak de pomp zo nodig schoon. Plaats het afvoerkanaal terug en sluit de afvoerpompklep. Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren: 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerlade. 2. Start het programma om water af te voeren. | 9.10 Voorzorgsmaatregelen bij vorst Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0 °C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen. 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Draai de waterkraan dicht. 3. Verwijder de watertoevoerslang. 4. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen. 5. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure. 6. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw. |
Pagina 24
24 www.aeg.com
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0 °C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
10. PROBLEEMOPLOSSING
| Het apparaat start niet of stopt tijdens het programma. | • | - Het apparaat pompt geen water weg. |
| Probeer eerst het probleem zelf op te | ||
| lossen (zie tabel). Indien dit niet lukt, neem contact op met de service afde- | • | - De deur is open of niet goed gesloten. |
| ling. | • | - Anti-overstromingsbeveiliging is aan. |
| Bij sommige problemen werken de | ||
| geluidssignalen en toont de display | WAARSCHUWING! | |
| een alarmcode: | Schakel het apparaat uit voordat | |
| • - Het apparaat wordt niet gevuld met water. | u controles uitvoert. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat wordt niet met water gevuld. | De waterkranen zijn dicht. | Draai de waterkranen open. |
| De watertoevoerslangen zijn beschadigd. | Verzeker u ervan dat de watertoevoerslangen niet zijn beschadigd. | |
| De filters in de watertoevoerslangen zijn verstopt. | Reinig de filters Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| De waterkranen zijn verstopt of aangezet met kalkaanslag. | Maak de waterkranen schoon. | |
| De aansluiting van de wateraanvoerslangen is niet correct | Zorg dat de aansluiting altijd correct is. | |
| De waterdruk is te laag. | Neem contact op met het waterleidingbedrijf. | |
| Het apparaat pompt geen water weg. | De waterafvoerslang is beschadigd. | Controleer of de waterafvoerslang niet is beschadigd. |
| Het filter in de afvoerpomp is geblokkeerd. | Reinig het filter of maak de afvoerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". |
Pagina 25
NEDERLANDS 25
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| De aansluiting van de waterafvoerslang is niet correct. | Zorg dat de aansluiting altijd correct is. | |
| Er is een wasprogramma zonder afvoerfase ingesteld. | Stel het afvoerprogramma in. | |
| De functie 'Spoelstop' is aan. | Stel het afvoerprogramma in. | |
| De deur is open of niet goed gesloten. | Sluit de deur goed. | |
| Het beschermingssysteem tegen lekkage is aan. | • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact. • Draai de waterkranen dicht. • Neem contact op met de klantenservice. | |
| De centrifugefase werkt niet. | De centrifugefase staat uit. | Stel het centrifugeprogramma in. |
| Het filter in de afvoerpomp is geblokkeerd. | Reinig het filter of maak de afvoerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| Balansproblemen met de waslading. | Verdeel de artikelen handmatig in de trommel en start de centrifugefase opnieuw. | |
| Het programma start niet. | De stekker zit niet in het stopcontact. | Steek de stekker in het stopcontact. |
| De zekering in de meterkast is doorgebrand. | Vervang de zekering. | |
| U hebt niet op toets 4 gedrukt. | Druk op toets 4 . | |
| Startuitstel is ingesteld. | Annuleer de uitgestelde start om het programma direct te starten. | |
| Het kinderslot is geactiveerd. | Het kinderslot uitschakelen. | |
| Er ligt water op de vloer. | Lekkage bij de koppelingen van de waterslangen. | Zorg dat de koppelingen goed zijn aangedraaid. |
| Lekkage van de afvoerpomp. | Zorg dat het filter van de afvoerpomp goed is bevestigd. | |
| De waterafvoerslang is beschadigd. | Controleer of de watertoevoerslang niet is beschadigd. |
Pagina 26
26 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| U kunt de deur van het apparaat niet openen. | Het wasprogramma is bezig. | Laat het wasprogramma beëindigen. |
| Er staat water in de trommel. | Kies het programma pompen of centrifugeren. | |
| Het apparaat maakt een abnormaal geluid. | Het apparaat staat niet waterpas. | Het apparaat waterpas afstellen. Raadpleeg "Montage". |
| U hebt de verpakking en/of de transportbouten niet verwijderd. | Verwijder de verpakking en/of de transportbouten. Raadpleeg "Montage". | |
| De lading is erg klein. | Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. | |
| Het apparaat vult zich met water en pompt dit direct weg. | Het uiteinde van de afvoerslang hangt te laag. | Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. |
| Het wasresultaat is niet bevredigend. | Het door u gebruikte wasmiddel was niet correct of onvoldoende. | Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. |
| U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald. | Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen. | |
| Onjuiste temperatuur ingesteld. | Zorg dat u de juiste temperatuur instelt. | |
| Te veel wasgoed geladen. | Verminder de hoeveelheid wasgoed. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het werd onderbroken. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met onze klantenservice.
Als de display andere alarmcodes aangeeft, neemt u contact op met onze klantenservice.
11. MONTAGE
11.1 Set bevestigingsplaatjes (4055171146)
Verkrijgbaar bij uw geautoriseerde verkooppunt.
Zet het apparaat goed vast met de bevestigingsplaatjes als u het apparaat op een plint plaatst.
Volg de instructies die bij de set zijn meegeleverd.
Pagina 27
NEDERLANDS 27
11.2 Uitpakken
- 1. Gebruik de handschoenen. De externe folie eraf trekken. Gebruik zo nodig een mes.
- 2. Verwijder de kartonnen deksel.
- 3. Verwijder de piepschuim verpakkingsmaterialen.
- 4. De interne folie eraf trekken.
- 5. Open de deur. Verwijder het piepschuim blok van de deur en alle andere onderdelen uit de trommel.
Pagina 28
28 www.aeg.com
1
- 6. Plaats het piepschuim verpakkingsmateriaal op de vloer achter het apparaat. Plaats het apparaat met de achterzijde voorzichtig op het kartonnen deksel. Zorg dat u de slangen niet beschadigt.
- 7. Verwijder de piepschuim bescherming van de onderkant.
- 8. Zet het apparaat weer rechtop.
- 9. Verwijder het aansluitsnoer en de afvoerslang van de slanghouders.
- 10. Draai de drie transportbouten los. Gebruik de bij het apparaat geleverde moersleutel.
- 11. Trek de bouten met de plastic tussenstukken eruit.
2
Pagina 29
NEDERLANDS 29
- 12. Doe de plastic dopjes in de gaatjes. U vindt deze doppen in de zak van de gebruikershandleiding.
WAARSCHUWING!
Verwijder alle transportbouten en verpakking voordat u het apparaat installeert.
Wij raden u aan om alle transportbouten en verpakking te bewaren voor als u het apparaat gaat verplaatsen.
11.3 Plaatsing en waterpas zetten
x4
LET OP!
Plaats geen karton, hout of vergelijkbare materialen onder de voeten van het apparaat om deze waterpas te stellen.
- Installeer het apparaat op een vlakke harde vloer.
- Zorg ervoor dat de vloerbedekking de luchtcirculatie onder het apparaat niet stopt.
- Zorg ervoor dat het apparaat geen muren of andere apparaten raakt.
- Gebruik de stelvoetjes om het apparaat waterpas te zetten. Een juiste afstelling van het apparaat voorkomt trillingen en lawaai en het bewegen van het apparaat als deze in bedrijf is.
- Het apparaat moet waterpas en stabiel staan.
Pagina 30
30 www.aeg.com
11.4 De toevoerslangen
20o
45 o
A
B
Gebruik geen verlengslang als een van de toevoerslangen te kort is. Neem contact op met de klantenservice om de toevoerslang die te kort is te vervangen.
Waterstop
A
11.5 Waterafvoer
Er zijn verschillende procedures om de afvoerslang aan te sluiten:
- Sluit de slangen aan op het apparaat. Draai de toevoerslangen alleen naar links of rechts. Maak de ringmoer los om hem in de juiste stand te zetten.
LET OP!
Zorg dat u de koud en warm water toevoerslangen correct aansluit:
- (A) Koud water
- (B) Warm water.
- Sluit de watertoevoerslangen aan op een koud- en warmwaterkranen met 3/4-schroefdraad.
LET OP!
Zorg ervoor dat de koppelingen niet lekken.
De watertoevoerslangen zijn voorzien van een waterstop. Dit toestel voorkomt lekkage in de slang door natuurlijke slijtage. Het rode gedeelte in het venster «A» toont deze storing.
Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en neemt u contact op met de klantenservice om de slang te laten vervangen.
Pagina 31
NEDERLANDS 31
Met de plastic slanggeleider.
Zonder de plastic slanggeleider.
•
•
•
•
•
Op de rand van een gootsteen.
Zorg dat de plastic geleider niet kan bewegen als het apparaat water afvoert. Bevestig de geleider op de waterkraan of wand.
Op een standpijp met ventilatieopening.
Raadpleeg de illustratie. Rechtstreeks in een afvoerpijp op een hoogte van niet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm. Het einde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. dat de binnendiameter van de afvoerpijp groter moet zijn dan de buitendiameter van de afvoerslang.
Op een gootsteenafvoer.
Raadpleeg de illustratie. Plaats de afvoerslang in de gootsteenafvoer en draai vast met een clip. Zorg dat de afvoerslang een bocht maakt om te voorkomen dat resterende deeltjes uit de gootsteen in het apparaat komen.
Direct op een ingebouwde afvoerpomp in de kamerwand en zet vast met een klem.
Pagina 32
32 www.aeg.com
U kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met de klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
12. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.