AEG L76850, tekst van de handleiding
Pagina's 19–47 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–18verder op pagina 48 →
Pagina 19
Gebruik 19
Alarmcodes
Als de werking van de wasmachine problemen oplevert kunnen er alarmcodes worden aangegeven, bijvoorbeeld E20 (zie paragraaf “Als zich een storing voordoet”)
Einde programma
Aan het einde van een programma, wordt er een knipperende nul (0) weergegeven op het display, het symbool «Deur» verdwijnt en de deur kan geopend worden.
Selectie van de toets START/PAUZE
Om het geselecteerde programma te starten, op de toets START/PAUZE drukken; het bijbehorende rode controlelampje stopt met knipperen en blijft continu branden. Het symbool «Deur» verschijnt op het display om aan te geven dat de machine gestart is en dat de wasmachinedeur vergrendeld is.
Het symbool «Deur» geeft aan of de wasmachinedeur wel of niet geopend kan worden:
- symbool «Deur» aan: de wasmachinedeur kan niet geopend worden.
Het apparaat is in werking.
- symbool «Deur» uit: de wasmachinedeur kan geopend worden. Het wasprogramma is afgelopen.
Om een lopend programma te onderbreken, op de toets START/PAUZE drukken: het rode controlelampje begint te knipperen.
Om het programma opnieuw te starten vanaf het punt waarop het werd onderbroken, nogmaals op de toets START/PAUZE drukken.
Als u een uitgestelde start geselecteerd heeft, begint de machine af te tellen. Als er een verkeerde optie is geselecteerd, knippert het gele controlelampje van de toets START/PAUZE 3 maal terwijl de tekst Err gedurende ongeveer 2 seconden wordt weergegeven.
Selectie van de toets Startuitstel
Voordat u het programma start, als u de start wilt uitstellen, druk dan herhaaldelijk op de toets STARTUITSTEL, om het gewenste uitstel te selecteren. Het bijbehorende
Pagina 20
20 Gebruik
symbool wordt op het display weergegeven. Het geselecteerde uitstel (max. 20 uur) wordt gedurende ongeveer 3 seconden weergegeven op het display, vervolgens verschijnt de duur van het programma weer.
U moet deze optie kiezen nadat u het programma hebt ingesteld en voordat u de toets START/PAUZE indrukt.
U kunt te allen tijde de Uitgestelde Start wijzigen of annuleren, voordat u op de toets START/PAUZE drukt.
Als het, gedurende de tijd van de uitgestelde start, nodig is om wasgoed toe te voegen, zet de wasmachine dan eerst op pauze door op de toets START/PAUZE te drukken. Wacht daarna enkele minuten tot het controlelampje «Deur» stopt met knipperen, voordat u de wasmachinedeur opent. Nadat u de deur weer gesloten heeft, nogmaals op de toets START/PAUZE drukken.
De start van het wasprogramma kan met deze toets worden uitgesteld met 30 min - 60 min - 90 min, 2 uur en daarna met stappen van een uur tot een maximum van 20 uur.
De uitgestelde start kiezen.
- Selecteer het programma en de gewenste opties.
- Selecteer het STARTUITSTEL.
- Druk op de toets START/PAUZE: de wasmachine begint af te tellen.
Het programma start na afloop van het ingestelde uitstel.
Annulering van van het Startuitstel nadat de toets START/PAUZE is ingedrukt:
- Druk op de toets START/PAUZE
- Druk eenmaal op de toets Startuitstel totdat het symbool «0’» wordt weergegeven.
- Druk nogmaals op de toets START/PAUZE.
De functie STARTUITSTEL kan niet geselecteerd worden in combinatie met het programma PUMPEN.
Weergave van het programmaverloop
Het verloop van het programma toont de de opeenvolgende fases van het geselecteerde wasprogramma voor de start van het programma. Tijdens het verloop van het wasprogramma, knippert er een streepje onder het symbool van de lopende programmafase. Aan het einde van elke fase brandt het streepje continu. Als het symbool «Overdosering» aan het einde van het programma wordt weergegeven, dan betekent dit dat er te veel wasmiddel is gebruikt.
Een optie of lopend programma wijzigen
Het is mogelijk alle opties van een lopend programma te wijzigen voordat de machine deze uitvoert. Voordat u een wijziging aan kan brengen, moet u de machine op pauze zetten door op de toets START/PAUZE te drukken.
Pagina 21
Gebruik 21
Als het programma al bezig is, kan het alleen gewijzigd worden door het opnieuw te starten. Draai de programmakeuzeknop op UIT en vervolgens op het nieuwe programma. Start het nieuwe programma door nogmaals op de toets START/PAUZE te drukken. Het water in de kuip zal niet worden weggepompt.
Een programma onderbreken
Druk op de toets START/PAUZE om het lopende programma te onderbreken; het bijbehorende controlelampje gaat knipperen. Druk nogmaals op de toets om het programma opnieuw te starten.
Een programma annuleren
Om een lopend programma te annuleren, de programmakeuzeknop op UIT draaien. U kunt nu een nieuw programma selecteren.
De deur openen nadat het programma is gestart
Zet eerst de machine op Pauze, door op de toets START/PAUZE te drukken.
- Als het symbool «Deur» verdwijnt, kan de wasmachinedeur geopend worden.
- Als het symbool «Deur» niet verdwijnt, betekent dit dat de machine al in opwarmingsfase verkeert, dat het waterpeil de onderste rand van de wasmachinedeur heeft overschreden of dat de trommel draait.
- In dat geval kan de deur niet worden geopend.
- Als het niet mogelijk is om de deur te openen, maar dit toch echt noodzakelijk is, trek dan de stekker van de wasmachine uit het stopcontact en draai de programmakeuzeknop op UIT. De deur kan na ongeveer 3 minuten worden geopend (let op het waterpeil en de temperatuur!). Om het programma verder te laten gaan, moet het opnieuw gestart worden.
Einde programma
De machine stopt automatisch. Het controlelampje van de toets START/PAUZE gaat uit, de weergave «0» knippert en er klinkt gedurende 2 minuten een geluidssignaal. Als u de optie «Spoelstop» hebt geselecteerd, gaat het symbool «Deur» branden en blijft de deur vergrendeld om aan te geven dat het water moet worden afgevoerd voordat de deur geopend kan worden.
Om het water af te voeren, de paragraaf over het deel «Spoelstop» raadplegen. Aan het einde van de cyclus de programmakeuzeknop op de stand UIT zetten om de wasmachine uit te schakelen. Verwijder het wasgoed uit de trommel en controleer goed of de trommel helemaal leeg is.
Trek altijd de stekker uit het stopcontact en draai de waterkraan dicht. Laat de deur open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
Pagina 22
22 Wasprogramma’s
Wasprogramma’s
| Programma/ Temperatuur | Soort wasgoed | Opties | Beschrijving van het programma | ||
|---|---|---|---|---|---|
| KATOEN 95° - 60° - 40° - 30° - Koud | Wit: bijvoorbeeld, lakens, tafellakens, huishoudlinnen, overhemden, bloesjes, ondergoed. | Korter centrifugeren/ / - (*) - - | Was op tussen 95°C en Kalt 3 spoelgangen Lang centrifugeren op maximale centrifugetoerental | ||
| 40-60 MIX 40° | Bonte was van katoen of linnen, overhemden, lingerie, badstof. | Centrif./ - - | / | Was op 40°C 3 spoelgangen Lang centrifugeren op maximale centrifugetoerental | |
| HYGIENE 60° | Speciaal programma voor wit katoen. | Centrif./ - | (*) | Was op 60°C 5 spoelgangen Lang centrifugeren op maximale centrifugetoerental | |
| JEANS 60° - 50° - 40° - 30° - Koud | Speciaal programma voor kleding van spijkerstof, broeken, overhemden, jacks. | Centrif./ , | / | Was op tussen 60°C en Koud 5 spoelgangen Lang centrifugeren op 1200 tpm | |
| SYNTHETICA 60° - 50° - 40° - 30° - Koud | Synthetische of gemengde stoffen, ondergoed, gekleurde kledingstukken, krimpvrije overhemden, bloesjes. | Centrif./ / - (*) - - | Was op tussen 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm | ||
| STRIJKVRIJ PLUS 60° - 50° - 40° - 30° - Koud | Synthetische of gemengde stoffen, ondergoed, gekleurde kledingstukken, krimpvrije overhemden, bloesjes. | Centrif./ - | Was op tussen 60°C en Koud 4 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm | ||
| FIJNE WAS 40° - 30 °- Koud | Tere weefsels, bijvoorbeeld gordijnen. | Centrif./ / - (*) - | Was op minder dan 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm | ||
Pagina 23
Wasprogramma’s 23
Wasprogramma’s
| Programma/ Temperatuur | Soort wasgoed | Opties | Beschrijving van het programma |
|---|---|---|---|
| VISCOSE 40° - Koud | Kledingstukken van viscose. | Centrif./ - (*) | - Was op minder dan 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| KORT SPOELEN | Aparte spoelgang kledingstukken die met de hand gewassen zijn. | Centrif./ | 3 spoelgangen Lang centrifugeren |
| POMPEN | Om het laatste spoelwater af te voeren bij programma’s met Spoelstop en Nachtcyclus . | Waterafvoer | |
| CENTRIFUGEREN | Afzonderlijk centrifugeren voor katoen. | Centrif. | Water afvoeren en lang centrifugeren |
| DEKENS 40° - 30° | Korte wascyclus voor dekbedden. | Centrif. | Was op 40°-30°C 2 spoelgangen Kort centrifugeren op 800 tpm |
| WOL PLUS (HANDWAS) 40° - 30° - Koud | Speciaal programma voor wollen kledingstukken met het label «zuiver wol, krimpvrij, wasbaar in de machine». | Centrif./ | Was op tussen 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| LINGERIE 40° - 30° - Koud | Speciaal programma voor erg tere artikelen die met de hand moeten worden gewassen. | Centrif./ | Was op tussen 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| ZIJDE 30° - Koud | Zijde artikelen die behoedzaam gewassen en gecentrifugeerd moeten worden. | Centrif./ | Was op tussen 30°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
Pagina 24
24 Wasprogramma’s
Wasprogramma’s
| Programma/ Temperatuur | Soort wasgoed | Opties | Beschrijving van het programma |
|---|---|---|---|
| SPORTKLEDING 40° - 30° - Koud | Speciaal programma voor sportkleding. | Centrif./ | Was op tussen 40°C en Koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 800 tpm |
| OUTDOOR 40° - 30° - Koud | Speciaal programma voor erg vuile buitensportkleding. | Centrif./ / | Voorwas op 30° Was op tussen 40° en koud 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| KORT - 20MIN. 30° | Voor licht vervuild textiel, behalve wol. | Centrif. | Was op 30° 2 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| KORT INTENSIEF 60° - 50° - 40° | Te gebruiken voor licht vervuild of slechts eenmaal gedragen wasgoed van katoen of linnen of gemengd. | Centrif./ | Was op tussen 60° en 40°C 3 spoelgangen Kort centrifugeren op 1200 tpm |
| ECO 60° | Wit en bont katoen Economy, licht of normaal vervuilde kledingstukken, overhemden, bloesjes, ondergoed. | Centrif./ / - - - | Was op 60°C 2 spoelgangen Lang centrifugeren op maximale centrifugetoerental |
| UIT | Om een lopend programma te annuleren en om de machine uit te schakelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
(*) Niet mogelijk in combinatie met wastemperaturen onder de 40°C.
Pagina 25
25 Wasprogramma’s
Soort wasgoed/Programma
KATOEN
SYNTHETICA, FIJNE WAS en VISCOSE JEANS STRIJKVRIJ PLUS DEKENS WOL PLUS (HANDWAS)
LINGERIE en ZIJDE
SPORTKLEDING EN OUTDOOR
KORT - 20 MIN.
KORT INTENSIEF ECO
Wasprogramma’s
Max. belading
7 kg 3,5 kg 3,5 kg 1,5 kg
2 kg
2 kg
1 kg
2 kg
3 kg
5 kg
7 kg
Pagina 26
26 Programma-informatie
Programma-informatie
HYGIENE
40-60 MIX
JEANS
SRIJKVRIJ PLUS
VISCOSE
DEKENS
WOL PLUS (HANDWAS
LINGERIE
ZIJDE
SPORTKLEDING
Wasprogramma voor wasgoed van wit katoen. Dit programma verbetert de verwijdering van micro-organismes dankzij het wassen op 60°C en een extra spoelgang. Om deze actie doelmatiger te maken, in het vakje «Vlekken» een speciaal «Hygiëne»-middel toevoegen en de optie «Vlekken» kiezen.
Programma voor witte of bonte was die geschikt is voor wassen op verschillende temperaturen. Dit programma kan gebruikt worden voor wasgoed dat, volgens het onderhoudsetiket, over het algemeen zowel op 40°C als op 60°C gewassen kan worden en dat apart gewassen moet worden. Zodoende wordt de capaciteit van de trommel beter gebruikt en kan er energie bespaard worden. U krijgt het wasresultaat van een normaal programma op 60° C.
Met dit programma is het mogelijk om vrijetijdskleding te wassen van spijkerstof en jersey zoals broeken, overhemden of jassen, die gemaakt zijn van hi-tech-materialen. (De optie Extra spoelgang wordt automatisch ingeschakeld).
Als u dit programma selecteert wordt het wasgoed behoedzaam gewassen en gecentrifugeerd om eventuele kreukels te voorkomen. Op deze manier kunt u gemakkelijker strijken. De machine zal een extra spoelgang uitvoeren.
Speciaal programma voor kledingstukken van viscose, deze worden «zachter» gewassen dan met een programma Fijne was en intensiever dan met het handwasprogramma.
Wascyclus voor een enkel dekbed.
Wasprogramma’s voor in de machine wasbare wol en wollen kledingstukken die met de hand gewassen kunnen worden, evenals tere weefsels die voorzien zijn van het « handwas» .
Dit programma is geschikt voor erg tere kledingstukken, zoals lingerie, bh’s met kant enz.
Een programma voor tere weefsels zoals kledingstukken van zijde en gemengde synthetische stoffen.
Speciaal programma voor sportkleding. Als u dit programma selecteert, voeg dan geen extra additieven toe.
)
Pagina 27
Programma-informatie 27
Programma-informatie
OUTDOOR
KORT - 20 MIN.
KORT INTENSIEF
ECO
KORT-SPOELEN
POMPEN
CENTRIFUGEREN
Met dit programma kan ernstig vervuilde sportkleding gewassen worden. (De optie Voorwas wordt automatisch ingeschakeld.) Wij ontraden u om wasmiddel in het vakje te gieten om het verwijderen van modder te vergemakkelijken). De maximumwastemperatuur is 40°C.
Speciaal programma op 30 °C, met een duur van ongeveer 20 minuten, ideaal om wasgoed op te frissen: bijv. een sportjasje dat slechts eenmaal gedragen of licht vervuild is of om nieuwe kledingstukken te wassen.
Snel wasprogramma om te gebruiken voor licht vervuild wasgoed, kleurecht katoen en gemengde stoffen.
Dit programma is alleen bedoeld voor licht of normaal vervuilde artikelen van katoen. De temperatuur wordt verlaagd en de wasduur wordt verlengd. Met deze functie kunt u een goede wasefficiëntie bereiken door energie te besparen.
Met dit programma, kunt u met de hand gewassen kledingstukken spoelen en centrifugeren. De machine voert 3 spoelgangen uit, gevolgd door een laatste lange centrifugefase. De centrifugesnelheid kan verminderd worden door op de toets CENTRIFUGEREN te drukken.
Om het laatste spoelwater af te voeren bij programma’s met Spoelstop en Nachtcyclus . Draai de programmakeuzeknop op UIT, selecteer vervolgens het programma Waterafvoer en druk op de toets START/PAUZE.
Aparte centrifugegang voor kledingstukken die met de hand gewassen zijn en na de programma’s met de optie Spoelstop . en Nachtcyclus Voordat u dit programma selecteert, moet de keuzeknop op UIT gedraaid zijn. U kunt de snelheid kiezen door op de toets te drukken die hoort bij het soort textiel dat gecentrifugeerd moet worden.
Pagina 28
28 Dagelijks gebruik
Dagelijks gebruik
Het wasgoed sorteren
Wij adviseren u het wasgoed te sorteren:
- aan de ene kant het wasgoed dat tegen energiek wassen en centrifugeren kan;
- aan de andere kant, fijne was die met enige voorzichtigheid behandeld dient te worden;
- voor gemengde ladingen, wasgoed dat uit artikelen van verschillende textielsoorten bestaat, een programma en een temperatuur kiezen die geschikt is voor de meest tere weefsels.
Houd u aan de wassymbolen op de etiketten, waarvan elk kledingstuk voorzien is, en de wasvoorschriften van de fabrikant.
Temperaturen
95° of 90°
60°/50°
40°-30°-KOUD
voor linnen, normaal vervuild wit katoen (bijvoorbeeld theedoeken, handdoeken, tafelkleden, lakens ...)
voor normaal vervuilde kleurechte kleding (bijv.
overhemden, nachthemden, pyjama’s....) van linnen, katoen of synthetische weefsels en voor licht vervuild wit katoen (bijv. ondergoed).
voor tere weefsels (bijv. vitrage), gemengde was inclusief synthetische weefsels en wollen kledingstukken met het label «zuiver wol, wasbaar in de machine, krimpvrij»
Voordat u het wasgoed in de trommel doet
Was «witte» en bonte was apart. Wit kan in de was zijn «witheid» verliezen. Nieuwe, gekleurde kledingstukken kunnen, als ze voor het eerst gewassen worden, hun kleur verliezen en afgeven op ander wasgoed.
Was dit soort kleding de eerste keer dan ook apart.
Verwijder kleine metalen voorwerpen (spijkers, spelden, paperclips) die in binnenzakken en broekzakken kunnen zitten.
Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind ceinturen of lange riemen vast.
Verwijder hardnekkige vlekken vóór het wassen.
Wrijf bijzonder vervuilde delen in met een speciaal wasmiddel of reinigingspasta.
Pagina 29
Dagelijks gebruik 29
Behandel gordijnen met speciale zorg. Verwijder haken of stop ze in een zak of net. Verwijder loszittende knopen, spelden en nietjes.
Maximale belading
De hoeveelheid wasgoed die in de trommel wordt geladen mag de maximumcapaciteit van de machine niet overschrijden. Deze capaciteit is afhankelijk van de textielsoort (zie «Wasprogramma’s»). Niet alle textielsoorten hebben evenveel ruimte nodig en ze hebben evenmin hetzelfde vermogen om water op te nemen.
Algemene regels :
Katoen, linnen: trommel vol maar niet volgepropt;
Synthetica (kreukherstellend): trommel niet meer dan half vol; Fijne was en wol: trommel niet meer dan een derde gevuld.
Indien u wast bij een maximale belading maakt u efficiënt gebruik van water en energie.
Als de kleding sterk vervuild is of als deze veel water opneemt, laad de trommel dan minder vol.
Vul de trommel, bij een gemengde was, aan de hand van de meest kwetsbare vezels.
Het gewicht van wasgoed
De volgende gewichten zijn zuiver indicatief:
badjas 1200 gram servet 100 gram dekbedovertrek 700 gram laken 500 gram kussensloop 200 gram tafelkleed 250 gram badstof handdoek 200 gram theedoek 100 gram
| nachthemd | 200 gram |
|---|---|
| damesslip | 100 gram |
| herenwerkoverhemd | 600 gram |
| herenoverhemd | 200 gram |
| herenpyjama | 500 gram |
| bloes | 100 gram |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
herenslip 100 gram
Pagina 30
30 Dagelijks gebruik
Vlekken verwijderen
De kans bestaat dat hardnekkige vlekken niet kunnen worden verwijderd met alleen water en wasmiddel. Het is daarom aan te bevelen vlekken eerst te behandelen alvorens het kledingstuk te wassen.
Bloed: behandel verse bloedvlekken met koud water. Laat opgedroogde vlekken een nacht in water met een speciaal middel inweken. Inzepen, wrijven en uitspoelen.
Verf op oliebasis: dep de vlek met een oplosmiddel nadat u het kledingstuk op een schone doek gelegd hebt; herhaal de handeling enkele keren.
Opgedroogde vetvlekken: Leg het kledingstuk op een schone doek en dep de vlek met terpentine.
Roest: gebruik een roestverwijderingsproduct en volg de aanwijzingen van de fabrikant zorgvuldig op. Controleer, bij oude roestvlekken, of het textiel bestand is tegen het product.
Schimmelvlekken: behandel de vlekken met bleekmiddel (alleen witte en kleurechte weefsels).
Gras: licht inzepen en de vlek behandelen met bleekmiddel (alleen witte en kleurechte weefsels).
Balpeninkt en lijm: dep de vlek met aceton (*) nadat u het kledingstuk op een schone doek gelegd hebt.
Lippenstift: dep de vlek met aceton zoals hierboven, en behandel de vlekken met gedenaturaliseerde alcohol. Behandel eventueel achtergebleven vlekken op witte artikelen met bleekmiddel.
Rode wijn: laten weken in water met een reinigingsproduct. Uitspoelen en behandelen met behulp van azijnzuur of citroenzuur, daarna uitspoelen. Behandel eventueel achtergebleven sporen met bleekmiddel.
Inkt: behandel de stof, afhankelijk van het soort inkt, met aceton (*) en daarna met azijnzuur; Behandel eventueel achtergebleven sporen op witte stoffen met bleekmiddel, daarna uitspoelen.
Teervlekken: leg wat verse boter op de vlek, laat het even rusten, dep hem vervolgens met terpentine.
(*) gebruik geen aceton op kunstzijde.
Keuze van het wasmiddel
Wasmiddelfabrikanten geven de hoeveelheid te gebruiken wasmiddel voor de hoeveelheid wasgoed aan op de verpakking. Houd u aan de aanbevolen doses en aanbevelingen op de verpakking.
Wij ontraden u tegelijkertijd verschillende soorten wasmiddelen te gebruiken, uw wasgoed kan dan beschadigd raken.
Pagina 31
Dagelijks gebruik 31
Dosering van wasmiddelen en additieven
Het type en de te gebruiken hoeveelheid wasmiddel hangen af van het type weefsel, de hoeveelheid wasgoed, de mate van vervuiling en de hardheid van het water.
Volg de instructies van de wasmiddelenfabrikant over de te gebruiken hoeveelheden.
Gebruik minder wasmiddel als:
- als u een kleine lading wast,
- het wasgoed licht vervuild is,
- er veel schuimvorming is tijdens het wassen.
Als het water zacht is, kunt u de doses enigszins verminderen. Als het water kalkhoudend is, (het gebruik van een ontkalkingsmiddel wordt aanbevolen) of als het wasgoed niet erg vuil is of weinig vlekken heeft, kunt u de dosis iets groter maken.
Informatie over de hardheid van het water in uw omgeving kan worden verkregen bij het desbetreffende waterleidingbedrijf of bij elke andere competente instantie.
Graden van waterhardheid
Graden
| graad | Kenmerk | Duits | Frans |
|---|---|---|---|
| °dH | °T.H. | ||
| 1 | zacht | 0-7 | 0-15 |
| 2 | gemiddeld | 8-14 | 16-25 |
| 3 | dure | 15-21 | 26-37 |
| 4 | erg hard | > 21 | > 37 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
Opmerking: gebruik alleen lichtschuimende wasmiddelen, die in de handel verkrijgbaar zijn, die speciaal ontwikkeld zijn voor gebruik in wasmachines. Gebruik specifieke producten voor het wassen van wol.
Wasmiddelen en additieven
Wij ontraden u tegelijkertijd verschillende soorten wasmiddelen te gebruiken, uw wasgoed kan dan beschadigd raken.
Waspoeder kan zonder beperkingen gebruikt worden.
Vloeibare wasmiddelen dienen niet gebruikt te worden als de voorwas is geselecteerd.
Voor alle cycli zonder voorwas, kunnen deze in een wasbol gegoten worden die
Pagina 32
32 Dagelijks gebruik
direct in de trommel gelegd wordt, of in het wasmiddelvakje, in beide gevallen is het noodzakelijk de wascyclus onmiddellijk te starten.
Als u uw wasgoed vervolgens in een wasdroger droogt, vergeet dan niet de wasbol te verwijderen.
Vloeibare wasmiddelen worden met name aanbevolen voor lagere temperaturen, d.w.z. 30°C en 40°C, terwijl voor hogere temperaturen, van 60°C tot 90°C waspoeder wordt aangeraden.
Wasmiddelen in tabletvorm of in doses moeten in het vakje «hoofdwas» van de wasmiddellade van uw wasmachine geplaatst worden.
Wasverzachter of stijfsel moeten in het vakje met het teken worden gegoten voordat het wasprogramma gestart wordt.
Houd u, bij de behandeling van vlekken vóór het begin van de wascyclus, aan de door de fabrikant van het product aanbevolen doses en aanwijzingen. Als u wasmiddel gebruikt voor de behandeling van vlekken, moet u de wascyclus onmiddellijk starten.
Wasverzachter
Giet een wasverzachter in vloeibare vorm in het vakje van de wasmiddellade dat hiervoor bedoeld is. Houd u aan de op de fles aangegeven dosering, afhankelijk van de eigenschap van de gebruikte wasverzachter, normaal of geconcentreerd. Overschrijd de maximale doses niet.
Pagina 33
Internationale wassymbolen 33
Internationale wassymbolen
Internationale behandelingsetiketten
| NORMAAL WASGOED | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| TEER WASGOED | Wassen op 95°C | Wassen op 60°C | Wassen op 40°C | Wassen op 30°C | Teer goed met de hand wassen | Niet wassen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
| BLEKEN | Koud bleken met bleekwater of chloorbleek- Niet bleken middel in verdunde oplossing mogelijk | |
| STRIJKEN | Hoge temperatuur Matige temperatuur Lage temperatuur (max. 200°C) (max. 150°C) (max. 100°C) | Niet strijken |
| CHEMISCH REINIGEN | Chemisch reinigen Chemisch reinigen Chemisch reinigen (alle gebruikelijke (alle oplosmiddelen (alleen olieoplosmid-oplosmiddelen) m.u.v. delen en R113) trichlooretheen) | Niet chemisch reinigen |
| DROGEN | hoge temperatuur matige temperatuur Wasgoed uitge- Wasgoed han- Wasgoed op Drogen in droogspreid drogen gend drogen hangertje drogen trommel mogelijk | Niet in de droogtrommel drogen |
Pagina 34
34 Onderhoud en reiniging
Onderhoud en reiniging
U moet het apparaat loskoppelen van de elektrische voeding, voordat u welke reinigings- of onderhoudswerkzaamheden dan ook kunt uitvoeren.
Ontkalken
Over het algemeen is het niet nodig de machine te ontkalken, als het wasmiddel goed gedoseerd wordt. Als er kalkaanslag is, gebruik dan een speciaal niet corrosief product, dat speciaal ontwikkeld is voor wasmachines, dat normaal in de handel verkrijgbaar is.
Houd u aan de aangegeven dosering die op de verpakking is vermeld.
Na elke wasbeurt
Laat de deur na ieder gebruik op een kier staan. Dit helpt om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes in de kuip te voorkomen.
Normaal onderhoud
Bij wasbeurten op lage temperaturen is het mogelijk dat er aanslag aan de binnenkant van de trommel blijft zitten.
Wij raden u daarom aan regelmatig een onderhoudswasbeurt uit te voeren. Om een onderhoudswasbeurt uit te voeren :
- Moet de trommel leeg zijn.
- Dient u het heetste wasprogramma voor katoen te selecteren.
- Dient u een normale hoeveel wasmiddel te gebruiken, dit moet waspoeder zijn met biologische eigenschappen.
Buitenkant
Schoonmaken met zeepsop.
Zorgvuldig afspoelen en afdrogen. Gebruik nooit schuurmiddelen of caustische middelen.
Wasmiddellade
De wasmiddellade moet regelmatig schoongemaakt worden.
- 1. Trek de wasmiddellade met een ruk naar buiten.
- 2. Verwijder het bovenste element van het wasverzachtervakje.
Pagina 35
Onderhoud en reiniging 35
- 3. Maak alle onderdelen schoon onder stromend water.
- 4. Druk het element voor de wasverzachter vast tot de aanslag zodat het goed vastzit.
Behuizing van de wasmiddellade
Trek de wasmiddellade uit zijn behuizing. Gebruik een kleine borstel om de resten wasmiddel te verwijderen die zich vastgezet hebben aan de binnenkant van de behuizing. Spoel de wasmiddellade goed af voordat u hem weer op zijn plaats zet.
De pomp
De pomp moet regelmatig worden gecontroleerd en in het bijzonder als
- de wasmachine het water niet goed afvoert of niet centrifugeert
- de wasmachine tijdens het water afvoeren een abnormaal geluid maakt als gevolg van veiligheidsspelden, munten, enz. die de pomp blokkeren.
Ga als volgt te werk :
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Wacht indien nodig tot het water is afgekoeld.
- 3. Open het pompdeurtje.
- 4. Zet een opvangbak op de grond om eventueel gemorst water op te vangen.
- 5. Trek de noodafvoerslang naar buiten, plaats hem in de opvangbak en verwijder de dop.
Pagina 36
36 Onderhoud en reiniging
- 6. Als er geen water meer naar buiten komt, het deksel van de pomp losschroeven en verwijderen. Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen.
- 7. Verwijder eventuele voorwerpen uit het schoepenrad van de pomp, door dit rond te draaien.
- 8. Controleer of het mogelijk is het schoepenrad dat helemaal achter op het pomplichaam zit te draaien. (het is normaal dat het schoepenrad van de pomp onregelmatig draait). Als het onmogelijk blijkt het schoepenrad te draaien, neem dan contact op met de klantenservice.
- 9. Plaats de dop terug op de noodafvoerslang en zet de slang terug op zijn plaats.
- 10. Schroef het pompdeksel weer helemaal vast.
- 11. Sluit het pompdeurtje.
Belangrijk!
Als het apparaat in werking is en afhankelijk van het geselecteerde programma kan er heet water in de pomp aanwezig zijn. Verwijder het pompdeksel nooit tijdens een wascyclus ; wacht altijd tot de machine de cyclus heeft afgemaakt en tot u het wasgoed uit de trommel heeft gehaald. Wanneer u het deksel weer vastschroeft dient u goed te controleren of het stevig is vastgezet om lekkages te voorkomen en te verhinderen dat jonge kinderen het kunnen verwijderen.
Het filter van de watertoevoerslang
Als het water erg hard is of sporen van kalkaanslag bevat, of als u merkt dat het langer duurt voordat de machine met water gevuld is,
Pagina 37
Onderhoud en reiniging 37
kan het filter verstopt zijn.
Daarom is het goed om het zo nu en dan schoon te maken.
Draai de waterkraan dicht. Schroef de watertoevoerslang los. Maak het filter met een harde, ruwe borstel schoon. Draai de waterslang weer goed vast.
Bevriezingsgevaren
Als de machine wordt blootgesteld aan temperaturen onder 0°C, dient u enkele voorzorgsmaatregelen te treffen:
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Schroef de toevoerslang van het leidingwater los.
- 4. Plaats het uiteinde van de kleine noodafvoerslang en dat van de watertoevoerslang in een opvangbak op de grond en laat het water er uitstromen.
- 5. Schroef de watertoevoerslang weer aan de kraan en zet de noodafvoerslang weer op zijn plaats, na eerst de stop te hebben teruggeplaatst. Op die manier is het water dat nog in de leidingen zat afgetapt, waardoor ijsvorming en daarmee beschadiging van het apparaat voorkomen wordt.
- 6. Als u de machine opnieuw op wilt starten, controleer dan of de omgevingstemperatuur boven de 0°C ligt
Machine legen in geval van nood
Als de machine niet leeg wil lopen, ga dan als volgt te werk om het water af te voeren:
- 1. trek de stekker uit het stopcontact;
- 2. draai de waterkraan dicht;
- 3. wacht indien nodig totdat het water is afgekoeld.
- 4. open het pompdeurtje;
- 5. zet een opvangbak op de vloer, maak de kleine noodafvoerslang los, hang deze in de bak. Trek de stop eruit. Het water zou door de zwaartekracht in de opvangbak moeten lopen. Plaats als de opvangbak vol is de stop terug op de slang. Gooi de opvangbak leeg. Herhaal deze procedure totdat er geen water meer uit de slang komt;
- 6. reinig indien nodig de pomp, zoals hierboven beschreven;
- 7. zet de kleine noodafvoerslang terug op zijn plaats, nadat u de dop er weer opgezet hebt;
- 8. schroef het pompdeksel vast en sluit het deurtje.
Pagina 38
38 Als zich een storing voordoet
Als zich een storing voordoet
Wij raden u met klem aan de volgende controles van uw apparaat ui te voeren voordat u contact opneemt met de klantenservice. Het is mogelijk dat het een eenvoudig probleem is dat u zelf op kunt lossen
Tijdens de werking kan het gele controlelampje van de toets «START/PAUZE» gaan knipperen; een van de volgende foutcodes wordt weergegeven op het display en gedurende 20 seconden klinkt er een geluidssignaal om aan te geven dat er een storing is.
- E10 : probleem van wateraanvoer
- E20 : probleem van waterafvoer
- E40 : deur open.
- EF0 : probleem van waterlekkage.
Als het probleem eenmaal is opgelost, op de toets «START/PAUZE» drukken om het programma opnieuw te starten. Als het probleem, na alle controles, nog steeds niet opgelost is, neem dan contact op met de klatenservice van uw leverancier.
Storing
De wasmachine start niet:
Mogelijke oorzaak/Oplossing
De deur is niet goed gesloten. E40.
- Doe de deur goed dicht.
Het apparaat is niet goed aangesloten.
- Sluit het apparaat aan.
De machine is niet goed aangesloten.
- Controleer de elektrische installatie in uw woning.
De hoofdzekering is doorgebrand.
- Vervang de zekering.
De keuzeknop staat niet goed en de toets «START/PAUZE» is niet ingedrukt.
- Draai de aan keuzeknop en druk nogmaals op de toets «START/PAUZE».
De uitgestelde start is geselecteerd.
- Als het wasgoed onmiddellijk moet worden gewassen, annuleer dan de uitgestelde start.
Pagina 39
Als zich een storing voordoet 39
Storing
De machine wordt niet gevuld met water:
Er stroomt water in de machine en dat loopt meteen weer weg:
De wasmachine voert het water niet af en/of centrifugeert niet:
Er ligt water rond de wasmachine:
Mogelijke oorzaak/Oplossing
De watertoevoerkraan is dicht. E10
- Draai de watertoevoerkraan open.
De watertoevoerslang is plat gedrukt of geknikt. E10
- Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang. Het filter van de watertoevoerslang is verstopt. E10
- Maak het filter van de watertoevoerslang schoon.
De deur is niet goed gesloten. E40
- Doe de deur goed dicht.
Het uiteinde van de afvoerslang zit te laag.
- Raadpleeg de paragraaf van het deel «Waterafvoer».
De afvoerslang is plat gedrukt of geknikt. E20
- Controleer de aansluiting van de afvoerslang.
De afvoerpomp is verstopt. E20
- Maak de afvoerpomp schoon.
| De optie Spoelstop | of is geselecteerd. |
| • Schakel de optie | of uit. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld.
- Verdeel het wasgoed opnieuw.
U heeft te veel wasmiddel gebruikt of een wasmiddel dat niet geschikt is voor gebruik in een wasmachine (te veel schuimvorming).
- Verminder de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander, geschikter wasmiddel.
Controleer of er lekkages zijn bij de koppelstukken van de slangen. Dit is niet altijd gemakkelijk te zien, omdat het water langs de slang naar beneden loopt; controleer of de slang vochtig is.
- Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang.
De afvoerslang is beschadigd.
- Vervang de slang, indien nodig.
De dop op de noodafvoerslang is na het schoonmaken van de pomp niet op zijn plaats gezet.
- Plaats de dop terug op de noodafvoerslang en zet de slang terug op zijn plaats.
Pagina 40
40 Als zich een storing voordoet
Storing
Onbevredigende wasresultaten:
De deur gaat niet open:
De machine staat te schudden of maakt lawaai:
Mogelijke oorzaak/Oplossing
Er is te weinig wasmiddel gebruikt of een wasmiddel dat niet geschikt is voor gebruik in een wasmachine.
- Verhoog de dosering van het wasmiddel of gebruik een ander, geschikter wasmiddel.
Hardnekkige vlekken zijn niet behandeld vóór het wassen.
- Gebruik normaal in de handel verkrijgbare producten om hardnekkige vlekken te behandelen
U heeft geen geschikt programma of geschikte temperatuur geselecteerd.
- Controleer of u de juiste temperatuur en het juiste programma geselecteerd heeft.
Er zit te veel wasgoed in de trommel.
- Stop wat minder wasgoed in de trommel.
Het programma is niet afgelopen.
- Wacht tot de wascyclus is afgelopen.
De vergrendelingsvoorziening van de deur is niet uitgeschakeld.
- Wacht tot het controlelampje «DEUR» verdwenen is.
Er staat water in de trommel.
- Selecteer het programma «Waterafvoer» of «centrifugeren om het water af te voeren.
U heeft de beveiligingsvoorzieningen voor het transport en de verpakking niet verwijderd.
- Controleer of het apparaat goed geïnstalleerd is.
U heeft de voetjes niet afgesteld.
- Controleer of het apparaat waterpas staat.
Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld.
- Verdeel het wasgoed opnieuw.
Er zit weinig wasgoed in de trommel.
- Laad het wasgoed op de juiste wijze in de trommel.
De binnenverlichting werkt niet: • Neem contact op met de Klantenservice.
Pagina 41
Als zich een storing voordoet 41
Storing
Centrifugeren begint traag of de machine centrifugeert niet:
De machine maakt een ongebruikelijk geluid:
Er is geen water zichtbaar in de trommel
Op het display wordt de alarmcode EFO weergegeven
Mogelijke oorzaak/Oplossing
De elektronische voorziening voor onbalans is ingeschakeld omdat het wasgoed niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld. Om het wasgoed beter de verdelen draait de trommel in beide richtingen. Dit kan verschillende keren nodig zijn voordat de onbalans verdwijnt. Daarna gaat de machine door met het normale centrifugeren. Als na 10 minuten het wasgoed nog steeds niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld, zal de machine niet centrifugeren. Verdeel het wasgoed in dat geval met de hand in de trommel en selecteer het programma centrifugeren.
De machine is uitgerust met een motor die, in vergelijking met traditionele motoren, een ongebruikelijk geluid maakt. Deze nieuwe motor zorgt voor een soepelere start en een betere verdeling van het wasgoed in de trommel tijdens het centrifugeren, alsmede voor een betere stabiliteit van het apparaat.
Machines die gebaseerd zijn op moderne technologie werken erg zuinig en verbruiken minder water dan de oude, zonder dat dit van invloed is op de prestatie van de machine.
Het systeem ter voorkoming van waterschade is geactiveerd.
- Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact en bel de klantenservice van uw leverancier.
Als het niet mogelijk is om de storing op te lossen of op te sporen, neem dan contact op met de klantenservice. Als u contact opneemt met een klantenservice, vermeld dan het model, het serienummer, het productnummer en de datum van aanschaf van het apparaat.
Pagina 42
42 Technische gegevens
Technische gegevens
Breedte
Hoogte
Diepte (inclusief deur)
Afmetingen
Aansluitspanning - totale vermogen - zekering
Druk van het toevoerwater
Maximale belading
Centrifugesnelheid
Informatie over de elektrische aansluiting staat op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur van het apparaat
Minimum Maximum
Katoen
Maximaal
0,05 MPa 0,80 MPa
7 kg
1400 tpm (L74850) 1600 tpm (L76850)
Pagina 43
Verbruikswaarden 43
Verbruikswaarden
Programma
Katoen 95°
Hygiene 60° 40-60 MIX 40°
Jeans 60°
Synthetica 60°
Strijkvrij Plus 40°
Fijne was 40°
Viscose 40°
Kort-Spoelen
Waterverbruik
Energieverbruik(in
Programmaduur
(in liter)
kWh)
(in minuten)
Pompen
Centrifugeren
Dekens 40°
Wol Plus40°
Lingerie 40°
Zijde 30°
Sportkleding 40°
Outdoor 40°
KORT-20 MIN.- 3 Kg 30°
Kort Intensief 60°
(*) Eco 60°
De verbruiksgegevens op deze kaart zijn zuiver indicatief, ze kunnen variëren afhankelijk van de hoeveelheid en soort wasgoed, de temperatuur van het aangevoerde water en van de omgevingstemperatuur. Ze hebben betrekking op de hoogste temperatuur voor elk wasprogramma.
(*) Het programma «ECO» met een belading van 7 kg is het referentieprogramma voor de gegevens die op het energielabel staan, overeenkomstig de EEG 92/75 richtlijnen.
Pagina 44
44 Installatie
Installatie
Uitpakken
Voordat u de machine in gebruik neemt moet u absoluut de veiligheidsvoorzieningen en de verpakking verwijderen die ten behoeve van het transport zijn aangebracht.
Bewaar deze onderdelen; ze moeten weer gemonteerd worden in geval van een toekomstig transport van de machine.
- 1. Nadat u al het verpakkingsmateriaal verwijderd heeft, de machine voorzichtig op zijn achterkant leggen om de basis van piepschuim van de onderkant te kunnen verwijderen.
- 2. Zet het apparaat weer overeind en verwijder de bevestiging van de elektrische voedingskabel en de afvoerslang van hun beugel op de achterkant van het apparaat.
- 3. Schroef de drie bouten los met de bijgeleverde sleutel.
Pagina 45
Installatie 45
- 4. Schuif de betreffende plastic afstandstukken naar buiten.
- 5. Open de vuldeur, neem de watertoevoerslang uit de trommel en verwijder het polystyreen blokje dat bevestigd is op de afdichting van de deur.
- 6. Maak het kleine gaatje aan de bovenkant en de twee grotere gaten dicht met de bijbehorende plastic doppen, die in het zakje zitten van de gebruiksaanwijzing.
- 7. Sluit de wateraanvoerslang aan op de wijze zoals beschreven in paragraaf «Aansluiting op de waterleiding».
Het verplaatsen van een onvolledig apparaat kan schade toebrengen aan de interne componenten en tot lekkages en storingen in de werking leiden. Bovendien kunnen misvormingen optreden als het ergens tegenaan stoot.
Plaatsing en waterpas zetten
Installeer de machine op een vlakke harde vloer. Zorg ervoor dat de machine geen muren of andere keukenapparaten raakt. De kraan, de installatie voor de afvoer en het stopcontact moeten in de buurt van de slangen van de machine en de voedingskabel zitten. De machine mag niet geïnstalleerd worden op een vorstgevoelige plaats.
Plaats het apparaat op de gekozen plek en zet hem zorgvuldig waterpas, door aan de voor dit doel bedoelde stelpootjes te draaien. Controleer, indien nodig, of de machine goed staat met een waterpas. gebruik een sleutel om de stand, indien nodig, aan te passen.
Pagina 46
46 Installatie
Automatisch pootje: Het achterste pootje aan de linkerkant van uw wasmachine is gemaakt als schokdempend pootje, daarom helt de machine enigszins naar de linker achterkant als de machine beladen is. Het automatische pootje garandeert dat het apparaat niet beweegt, zelfs niet op de hoogste centrifugesnelheden. In principe hoeft het automatische pootje niet te worden afgesteld.
Wateraansluiting
Een waterslang is meegeleverd; deze is te vinden in de trommel van de machine. Gebruik voor de aansluiting nooit een eerder gebruikte slang.
- 1. Open de deur en haal de slang uit de trommel.
- 2. Sluit de watertoevoerslang aan op het apparaat.
Sluit de toevoerslang nooit verticaal aan. Richt de slang naar een hoek in de richting (rechts of links) die het dichtst bij de waterkraan is.
- 3. Om de richting van de toevoerslang aan te passen de borgring op de achterkant van het apparaat losdraaien. Nadat u de toevoerslang gemonteerd heeft, de borgring weer goed vastdraaien om lekkages te voorkomen.
- 4. Schroef het koppelstuk van de toevoerslang op de watertoevoerkraan met schroefdraad (20x27).
Gebruik altijd de bij de machine geleverde slang.
Goed vastdraaien om lekkages te voorkomen.
De watertoevoerslang mag niet verlengd worden. Als de slang te kort is en u de kraan niet wilt verplaatsen, zult u een nieuwe, langere slang moeten kopen die speciaal voor dit doel is gemaakt.
Waterstopvoorziening
De toevoerslang is uitgerust met een voorziening tegen waterschade. Als de binnenste slang door natuurlijke slijtage beschadigd zou raken, dan zal deze voorziening de watertoevoer naar het apparaat blokkeren. Deze storing wordt aangegeven door het verschijnen van een rood vlak op het kleine display «A». Draai in dit geval de waterkraan dicht en neem contact op met de klantenservice. Corrigeer,
Pagina 47
Installatie 47
indien nodig, de positie van de toevoerslang op de achterkant van de machine door de borgring los te draaien. Draai de borgring weer goed vast, om lekkages te voorkomen. Als de aansluiting gemaakt wordt op een nieuwe leiding of op een leiding die lang niet gebruikt is, adviseren wij u een bepaalde hoeveelheid water weg te laten lopen voordat u de toevoerslang monteert. Op die manier voorkomt u dat zand of roest het filter dat in het apparaat zit verstopt.
Waterafvoer
Het uiteinde van de afvoerslang kan op twee verschillende manieren geplaatst worden :
Over de rand van een gootsteen met behulp van een slanggeleider van kunststof, die bij de machine is geleverd. Zorg er in dit geval voor dat het uiteinde niet van de rand kan losschieten als de wasmachine aan het leeglopen is.
U kunt de slang met een stuk touw aan de kraan vastbinden of aan de wand bevestigen.
In een afvoerpijp (of in een aftakking van de gootsteenafvoer).
In een afvoerpijp op een hoogte waarvan de afstand tot de grond tussen de 60 cm en 90 cm moet zijn. Het uiteinde van de afvoerslang moet altijd geventileerd zijn om eventuele overheveling te voorkomen. Bovendien mag de afvoerslang nergens een bocht maken. De slang moet op het niveau van de grond geplaatst worden, het gebogen uiteinde moet op de eerder aangegeven hoogte zitten.
De afvoerslang mag niet geknikt zijn.
De afvoerslang kan verlengd worden tot een maximum van 4 meter. Een extra afvoerslang en koppelstuk is verkrijgbaar bij de Klantenservice bij u in de buurt.