AEG L7FEQ96ES, tekst van de handleiding
Pagina's 39–59 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 14–38verder op pagina 60 →
Pagina 39
NEDERLANDS 39
11.4 Over-the-air-update
De app kan een update voorstellen voor uw apparaat.
De update wordt alleen via de app geaccepteerd.
Als er een programma loopt, meldt de app dat de update aan het einde van het programma start.
Tijdens de update verschijnt op het
apparaat op het display.
Schakel het apparaat niet uit of trek de stekker niet uit het stopcontact tijdens het bijwerken.
Het apparaat zal weer bruikbaar zijn aan het einde van de update, zonder enige kennisgeving over een succesvolle update.
Als er een fout optreedt, verschijnt op het
apparaat op het display: druk op een willekeurige knop of draai aan de knop om terug te keren naar normaal gebruik.
12. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
12.1 Het apparaat inschakelen
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Open de waterkraan.
- 3. Druk een paar seconden op de knop Aan Uit/Marche Arrêt om het apparaat in te schakelen.
Er klinkt een korte toon (indien ingeschakeld). De programmakeuzeknop wordt automatisch ingesteld op het standaardprogramma.
Het display toont de programmaduur, de maximale lading (slechts enkele seconden), de standaardtemperatuur, de standaardcentrifugeersnelheid en de aanduidingen van de fasen waaruit het programma bestaat.
12.2 Wasgoed in de machine doen
- 1. Open de deur van het apparaat.
- 2. Schud de artikelen goed door elkaar voordat je ze in de machine stopt.
- 3. Doe het wasgoed een voor een in de trommel.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel doet.
- 4. Sluit de deur stevig.
LET OP!
Controleer of er geen wasgoed tussen het deurrubber en de deur blijft zitten. Hierdoor kan waterlekkage en/of schade aan het wasgoed ontstaan.
LET OP!
Het wassen van zwaar geoliede, vettige vlekken kan leiden tot beschadiging van rubberen onderdelen van het apparaat.
12.3 Wasmiddelen en andere behandelingen gebruiken
Als beide AutoDose-tanks zijn ingeschakeld in het ingestelde programma, worden wasmiddel en wasverzachter automatisch geladen.
Pagina 40
40 www.aeg.com
Als een van de AutoDose-tanks of beide tanks uitgeschakeld zijn (OFF) in het ingestelde programma, gaat u verder met het handmatig vullen van het product in het juiste compartiment.
12.4 Een programma kiezen
Als je de automatische dosering van het wasmiddel of de wasverzachter wilt wijzigen, ga je naar de AutoDoseconfiguratiemodus voordat je verder gaat met het instellen van een programma. De configuratiemodus kan mogelijk tijdelijke instellingen annuleren. Raadpleeg de paragraaf “AutoDoseconfiguratiemodus” in het hoofdstuk “De AutoDose Technologie (Automatisch doseren)”.
- 1. Draai de programmaknop op het gewenste wasprogramma. Het bijbehorende controlelampje gaat branden.
Het controlelampje van de knop Start/ Pauze/Départ/Pause knippert.
Het display toont een indicatieve programmaduur, de maximale aangegeven lading voor het ingestelde programma (slechts voor een paar seconden), de standaardtemperatuur, de standaardcentrifugeersnelheid en de wasfaseaanduidingen (indien beschikbaar).
- 2. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, raak je de bijbehorende toetsen aan.
- 3. Stel indien gewenst een of meer opties in door de desbetreffende knoppen aan te raken. De bijhorende aanduidingen gaan vervolgens aan in het display en de aangegeven informatie wijzigt.
Als een keuze niet mogelijk is, gaat het controlelampje niet aan en klinkt er een geluidssignaal.
12.5 Een programma starten
WAARSCHUWING!
Controleer of het afwasmiddeldoseerbakje goed gesloten is. Anders begint het programma niet.
Raak de Start/Pauze/Départ/Pause toets aan om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.
Op het display begint het indicatielampje van de werkingsfase te knipperen.
Het programma start en de deur wordt vergrendeld. Op het display verschijnt
het indicatielampje .
De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.
12.6 Een programma starten met een uitgestelde start
- 1. Druk hier herhaaldelijk op totdat het display de gewenste uitsteltijd
weergeeft. Het controlelampje gaat branden.
- 2. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/ Pause .
Het aftellen van de uitgestelde start wordt op het display weergegeven. Als het aftelproces voltooid is, wordt het programma gestart.
De ProSense schatting begint nadat het aftellen is beëindigd.
Het annuleren van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start annuleren:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/ Pause om het apparaat te pauzeren. Het bijbehorende controlelampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de knop
Startuitstel/Départ Différé totdat het display weergeeft.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/ Pauze/Départ/Pause om het programma onmiddellijk te starten.
Pagina 41
NEDERLANDS 41
Het wijzigen van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/
Pause om het apparaat te pauzeren.
Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de toets Startuitstel/Départ Différé totdat het display de gewenste uitsteltijd weergeeft.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze/
Départ/Pause om het aftellen opnieuw te laten beginnen.
12.7 De ProSense ladingdetectie
De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.
Nadat je de Start/Pauze/Départ/Pause-knop aangeraakt hebt, gaat de aanduiding voor de maximaal bepaalde lading uit, knippert het controlelampje
en begintProSense met de detectie van de lading van het wasgoed:
- 1. Het toestel detecteert de lading in de eerste 30 seconden: het
controlelampje gaat aan en
het controlelampje knippert, de trommel draait kort.
- 2. Het apparaat past de programmaduur automatisch aan de lading aan, om in de kortst mogelijke tijd perfecte wasresultaten te krijgen.
De programmaduur kan langer of korter worden.
Aan het einde van de ladingdetectie, als de wasgoedlading lager is dan het aangegeven maximumgewicht voor het geselecteerde programma, toont het display de nieuwe programmaduur. Na nog eens 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.
In het geval er na de ladingdetectie een overladen trommel blijkt te zijn, is het
controlelampje permanent aan en is
op het display
het controlelampje aan het knipperen.
In dit geval is het gedurende 30 seconden mogelijk om het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.
Raak, na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd, de toets Start/ Pauze/Départ/Pause aan om het programma weer te starten. De ProSense-fase kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).
Belangrijk! Als de hoeveelheid wasgoed niet wordt verminderd, gaat het wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kun je niet de beste wasresultaten verwachten.
Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.
De ProSense-detectie wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma's (zonder geselecteerde overslafase).
De ProSense is niet beschikbaar bij sommige programma's zoals: Wol Laine/Zijde Soie, Spoelen, en Spinprogramma's met korte cycli.
12.8 Indicatielampjes programmafase
Als het programma start, knippert de aanduiding van de draaiende fase en de andere faseaanduidingen branden.
De was- of voorwasfase is bijv. bezig:
.
Als de fase is voltooid, stopt de bijhorende aanduiding met knipperen en gaat continu branden. De volgende aanduiding begint te knipperen.
Pagina 42
42 www.aeg.com
De spoelfase is bijv. bezig:
.
Indien je de Plus Steam kiest, gaan de stoomfaseaanduidingen branden.
.
De stoomfase is bezig:
De antikreukfase is bezig:
.
12.9 Een programma onderbreken en de opties wijzigen
U kunt als er een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/ Pause .
Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties. De weergegeven informatie in het display wijzigt overeenkomstig.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/ Pauze/Départ/Pause .
Het wasprogramma gaat verder.
12.10 Een actief programma stoppen
- 1. Druk op de knop Aan Uit/Marche Arrêt om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de Aan Uit/Marche Arrêt -knop om het apparaat aan te zetten.
U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Als de ProSense -fase al voltooid is en de machine al met water gevuld wordt, begint het nieuwe programma zonder herhaling van de ProSense fase. Het water en wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen. De display toont de maximumduur van het programma en werkt dit 20 minuten na de start van het nieuwe programma bij.
12.11 Openen van de deur - kledingstukken toevoegen
Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachine vergrendeld.
Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kunt u de deur niet openen.
- 1. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/ Pause .
Op het display gaat het indicatielampje van de deurvergrendeling uit.
- 2. Open de deur van het apparaat. Indien nodig kunt u items toevoegen of uitnemen.
- 3. Sluit de deur en druk op de toets Start/Pauze/Départ/Pause .
Het programma of startuitstel gaat verder.
- 4. De deur kan worden geopend wanneer het programma is voltooid. U kunt ook een centrifugeer- of afvoerprogramma/-optie instellen en dan op de knop Start/Pauze/Départ/ Pause drukken. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen ze worden ingesteld via App.
12.12 Einde van het programma
Wanneer het programma is voltooid, stopt het apparaat automatisch. De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
In het display gaan alle wasfaseaanduidingen continu branden
en toont de tijdzone .
Het lampje van Start/Pauze/Départ/ Pause toets gaat uit.
Het deur ontgrendelt en de aanduiding
gaat uit.
- 1. Druk op de Aan Uit/Marche Arrêt - knop om het apparaat uit te zetten.
Pagina 43
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste gekozen programma in het display weergegeven. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur en het wasmiddeldoseerbakje iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
- 5. Draai de waterkraan dicht.
12.13 Water afvoeren na het einde van de cyclus
Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:
- Het display toont de indicator , de
optie-indicator of en de deur
vergrendeld-indicator . Het indicatielampje van de lopende fase
knippert.
- De trommel draait nog regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- Je moet het water afvoeren om de deur te openen:
- 1. Raak indien nodig de Centrif./
Essorage -knop aan om het centrifugeertoerental dat door het apparaat wordt voorgesteld te verlagen.
- 2. Druk op de knop Start/Pauze/Départ/
Pause :
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat het water weg en gaat centrifugeren.
NEDERLANDS 43
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat alleen het water weg.
De optieaanduiding of gaat uit,
terwijl de aanduiding knippert en dan uitgaat.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat
het symbool deur vergrendeld uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op de knop Aan Uit/Marche Arrêt om het apparaat uit te schakelen.
Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
12.14 Stand-byoptie
De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Je hebt het apparaat 5 minuten voordat je op de Start/Pauze/Départ/
Pause -knop drukt, niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan Uit/
Marche Arrêt om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na beëindiging van het wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan Uit/
Marche Arrêt om het apparaat in te schakelen.
Het einde van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als je een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet gedeactiveerd door de stand-by-functie om je eraan te herinneren dat je het water weg moet pompen.
Pagina 44
44 www.aeg.com
13. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt.
We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was hardnekkige vlekken met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (raadpleeg hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze/
Départ/Pause. De centrifugeerfase gaat door.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind riemen, koorden, veters, linten en andere losse elementen vast.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (bijv. beugelbh's, riemen, panty's, veters, linten, etc.).
- Maak de zakken leeg en vouw de artikelen open.
13.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
Spuit geen vlekkenverwijderaar op kledingstukken in de buurt van het apparaat, omdat het corrosief is voor de plastic onderdelen.
13.3 Type en hoeveelheid wasmiddel
De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden
Pagina 45
beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines. Volg eerst deze algemene regels:
- waspoeders (ook tabletten en wasmiddelen voor eenmalig gebruik) voor alle soorten stoffen, met uitzondering van delicate stoffen. Kies bij voorkeur voor waspoeder met bleekmiddel voor witte was en hygiënisch wassen, – vloeibare wasmiddelen (ook wasmiddelen voor eenmalig gebruik), bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- De keuze en hoeveelheid wasmiddel zal afhangen van: type stof (delicaat, wollen, katoen, enz.), de kleur van de kleding, de grootte van de lading, de mate van vervuiling, wastemperatuur en hardheid van het gebruikte water.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het
)
aangegeven maximumniveau ( te overschrijden.
- Meng geen verschillende soorten wasmiddelen.
- Gebruik minder wasmiddel als:
- je een kleine lading wast,
- het wasgoed licht vervuild is,
- er grote hoeveelheden schuim zijn tijdens het wassen.
- Wanneer je wasmiddeltabs of -pods gebruikt, plaats deze dan altijd in de trommel, niet in het wasmiddeldoseerbakje en volg de aanbevelingen van de fabrikant op.
Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- onbevredigende wasresultaten,
- het wasgoed dat grijs wordt,
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
- verminderd waseffect,
45
NEDERLANDS
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
13.4 Ecologische tips
Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan om de volgende tips ter harte te nemen:
- Normaal vuile was kan zonder voorwas worden gewassen om wasmiddel, water en tijd te besparen (ook het milieu wordt zo beschermd!)
- Door het apparaat te laden tot de maximale capaciteit die voor elk programma is aangegeven, wordt het energie- en waterverbruik verminderd.
- Met de juiste voorbehandeling kunnen vlekken en beperkte vervuiling worden verwijderd; het wasgoed kan vervolgens op een lagere temperatuur worden gewassen.
- Om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken, raadpleegt u de hoeveelheid voorgesteld door de producent van het wasmiddel en controleert u de waterhardheid van uw huishoudelijk systeem. Zie
"Waterhardheid".
- Stel de maximaal mogelijke centrifugeersnelheid in voor het geselecteerde wasprogramma voordat u uw was droogt in een wasdroger. Dit bespaart energie tijdens het drogen!
13.5 Waterhardheid
Als het water in uw omgeving hard of medium hard is, raden we u aan om een waterontharder voor wasmachines te gebruiken.
In gebieden waar het water zacht is, is het niet nodig om een waterontharder te gebruiken.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
Pagina 46
46 www.aeg.com
14. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.1 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
|---|---|
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Het wasmiddeldoseerbakje en de AutoDose-tanks reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.
14.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert.
Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
14.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
14.4 Ontkalken
Als het water in uw omgeving hard of medium hard is, raden we u aan om een waterontharder voor wasmachines te gebruiken.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we
Pagina 47
NEDERLANDS 47
raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
14.5 Onderhoudswas
Bij herhaald en langdurig gebruik op lage temperatuur en korte programma's kunnen er afzettingen en pluisjes worden afgezet en kunnen bacteriële groei en biofilm in de trommel en het inwendige compartiment van de machine ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Om deze afzettingen te verwijderen en de hygiëne in de machine te bevorderen dient u minstens éénmaal per maand een onderhoudswas uit te voeren.
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Deactiveer AutoDose-functie voor wasmiddel en verzachter.
- 3. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Machine clean.
14.6 Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer regelmatig de afdichting. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
14.7 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen.
Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen, schuurmiddelen die chloor of ijzer of staalwol bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Deactiveer AutoDose -functie voor wasmiddel en verzachter.
- 3. Voer een Katoen/Coton - programma uit met de hoogste temperatuur. Als uw apparaat kan worden aangesloten op wifi, kan het speciale programma Machine clean ook worden gedownload via de APP.
- 4. Voeg handmatig een kleine hoeveelheid waspoeder of een specifiek product toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
Het display kan soms aan het einde van een cyclus het
pictogram weergeven: dit is een aanbeveling om de "reiniging van de trommel" uit te voeren. Zodra de trommelreiniging is uitgevoerd, verdwijnt het pictogram.
Pagina 48
48 www.aeg.com
14.8 Reinigen van het wasmiddeldoseerbakje en de AutoDose reservoirs
LET OP!
Verander niet van merk of type wasmiddel, wasverzachter of additieven in de tanks zonder beide tanks vooraf te reinigen.
Zorg er vóór het reinigen voor dat alle vakken leeg zijn.
Voer af en toe de volgende reinigingsprocedure uit om mogelijke afzettingen van gedroogd wasmiddel, gestolde wasverzachter, schimmelvorming in het wasmiddeldoseerbakje en/ofgestolde vloeibare additieven in de AutoDose reservoirs te voorkomen:
- 1. Open het wasmiddeldoseerbakje. Druk de pal in volgens de afbeelding en trek de wasmiddellade uit.
- 2. Verwijder het inzetstuk van de ontharder en, indien geplaatst, het vakje voor vloeibaar wasmiddel.
- 3. Druk de pal aan de achterkant in zoals aangegeven in de afbeelding en til het bovenste deksel op om deze te verwijderen.
- 4. Om wasmiddelresten te verwijderen of als u verkeerde additieven in de reservoirs plaatst, leegt u de lade in
Pagina 49
NEDERLANDS 49
een wasbak of in geschikte containers om de vloeistof op te vangen.
- 5. Was de lade en alle inzetstukken onder stromend water of reinig ze met een vochtige doek.
LET OP!
Gebruik geen scherpe of metalen borstels en sponzen. Was de lade niet in een vaatwasser.
- 6. Draai de dispenser zijwaarts naar beneden en open het onderste deksel zoals aangegeven in de afbeelding.
het transporttraject. Gebruik alleen zachte vochtige kleding.
- 8. Plaats het onderste deksel terug in zijn positie door de gaten op de ladehaken uit te lijnen zoals aangegeven in de afbeelding. Sluit het tot u "klik" hoort.
LET OP!
Druk op het onderste deksel zoals aangegeven op de afbeelding. Zorg ervoor dat dit volledig gesloten is.
- 7. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit
Pagina 50
50 www.aeg.com
WAARSCHUWING!
Reinig pompen of sensoren die aan de achterkant van de wasmiddellade zijn aangebracht niet met scherpe en metalen borstels of gereedschappen. Gebruik indien nodig alleen zachte, vochtige doekjes.
WAARSCHUWING!
Als er resten achterblijven op de achterzijde van tanks, moet u de wasmiddellade in warm water weken. Gebruik geen gereedschap om het schoon te maken. Verwijder voor het weken de handgreep door op de rode knop te drukken en schuif de handgreep zoals aangegeven in de afbeelding.
- 9. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte. Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
- 10. Hermonteer de lade als volgt:
- a. Plaats de handgreep indien die gedemonteerd werd.
- b. Plaats het onderste deksel en druk tot u "klik" hoort.
- c. Plaats het bovenste deksel op het tankcompartiment en druk totdat u "klik" hoort.
- d. Vervang onderdelen in het handmatige compartiment.
- 11. Plaats de wasmiddellade in de geleiders en sluit deze voorzichtig totdat u "klik" hoort. Draai het spoelprogramma zonder kleding in de trommel.
Om de functionaliteit te herstellen, vult u de tanks met wasmiddel en verzachter.
14.9 De afvoerpomp reinigen
WAARSCHUWING!
Haal de stekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Pagina 51
NEDERLANDS 51
Reinig de afvoerpomp als:
- de machine geen water wegpompt,
- de trommel niet ronddraait,
- het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door de blokkering van de afvoerpomp.
- Op het display verschijnt de
alarmcode .
WAARSCHUWING!
- Verwijder het filter niet als het apparaat in werking is.
- Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld
Voor reiniging van de pomp ga je als volgt te werk:
- 1. Open het pompdeksel.
- 2. Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen.
- 3. Open de afvoerklep naar beneden.
Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als je het filter verwijdert.
- 4. Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder
verwijdering. Laat het water wegstromen.
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Controleer of de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als deze niet roteert, neem dan contact op met onze servicedienst.
Pagina 52
52 www.aeg.com
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
- 12. Sluit het pompdeksel.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, moet u het afvoersysteem opnieuw activeren:
- a. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddellade.
- b. Start het programma om het water af te voeren.
14.10 De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen
Het wordt aanbevolen beide filters van de toevoerslang en -klep geregeld te reinigen ter verwijdering van aanslag dat met de tijd opgehoopt:
- 1. Verwijder de toevoerslang van de kraan en reinig het filter.
| 1 2 3 | |
|---|---|
| 2. | Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien. |
| 3. | Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met een tandenborstel. |
| 4. | Draai de slang bij het weer aansluiten op het apparaat naar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
links
Pagina 53
NEDERLANDS 53
of rechts (niet in verticale positie) afhankelijk van de positie van uw waterkraan.
20°
45°
14.11 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om het water weg te pompen.
14.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
15. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
15.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode weergegeven en kan de Start/Pauze/Départ/Pause -knop continue knipperen:
Probleem Mogelijke oplossing
Pagina 54
54 www.aeg.com
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. |
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
: Frequentie van de voedingsbron is buiten bereik.
: Voedingsspanning is te hoog.
: Voedingsspanning is te laag.
•
De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld.
Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst.
Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de drogertrommel.
Pagina 55
NEDERLANDS 55
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze/Départ/Pause bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Controleer of het afwasmiddeldoseerbakje goed gesloten is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. • Zorg ervoor dat de Start via App niet is ingeschakeld. Schakel het uit. |
Pagina 56
56 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De display geeft de aanduiding voor het draadloze netwerk niet weer . | • Controleer het draadloze signaal. • Zorg dat de draadloze verbinding aanstaat. Raadpleeg paragraaf 'Configureren van de draadloze verbinding van de wasmachine' in hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstelling'. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met de aanbieder van je draadloze service als je nog meer problemen met het draadloze netwerk ondervindt. |
| De app kan geen verbinding maken met het apparaat. | • Controleer het draadloze signaal. • Controleer of je smartapparaat is verbonden met het draadloze netwerk. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met je aanbieder van je draadloze service als je problemen met het draadloze netwerk heeft. • Het apparaat, het smart-toestel of beide dienen nogmaals te worden geconfigureerd, omdat er een nieuwe router is geïnstalleerd of omdat de routerconfiguratie is gewijzigd. |
| De app kan niet frequent verbinding maken met het apparaat. | • Zorg ervoor dat het draadloze signaal het apparaat bereikt. Probeer de thuisrouter zo dicht als mogelijk naar het apparaat te verplaatsen of overweeg een versterker van het draadloze bereik aan te schaffen. • Zorg ervoor dat het draadloze signaal niet wordt verstoord door een magnetron. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de afstandsbediening. |
| Het display toont . Alle knoppen zijn inactief, behalve de Aan Uit/Marche Arrêt . | • Het apparaat downloadt beschikbare updates. Wacht totdat het updateproces is voltooid. Als je het apparaat tijdens de update deactiveert, wordt deze hervat wanneer je het apparaat opnieuw activeert. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
Pagina 57
NEDERLANDS 57
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. • Zorg er bij het gebruik van AutoDose-tanks voor dat ze niet leeg zijn. • Verifieer bij gebruik van AutoDose-tanks de vooraf ingestelde dosering wasmiddel/wasverzachter. Raadpleeg de paragraaf 'Basisinstellingen' in het hoofdstuk 'De AutoDose-technologie'. • Zorg ervoor dat je de AutoDose-tanks hebt gereinigd voordat je een ander merk en type reinigingsmiddel, wasverzachter of andere additieven gebruikt. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel of het aantal tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik. • Verifieer bij gebruik van AutoDose-tanks de vooraf ingestelde dosering wasmiddel/wasverzachter. Raadpleeg de paragraaf 'Basisinstellingen' in het hoofdstuk 'De AutoDose-technologie'. |
| Het wasmiddel/ wasverzachter-niveau daalt niet in de Auto-Dose-tanks na het wassen. | • Dit is normaal: tanks zijn vrij groot en het verbruik van wasmiddelen is mogelijk niet zo duidelijk. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
15.2 Nooddeur openen
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voordat je de deur opent:
LET OP!
Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is.
Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
LET OP!
Gevaar voor verwonding! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Pagina 58
58 www.aeg.com
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie 'Water afvoeren in een noodgeval' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de toets Aan Uit/Marche Arrêt om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Haal de stekker uit het stopcontact.
- 3. Open de filterklep.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die
nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
- 5. Verwijder het wasgoed en sluit vervolgens de deur van het apparaat.
- 6. Sluit de filterklep.
16. VERBRUIKSWAARDEN
16.1 Inleiding
Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
16.2 Legenda
| kg | Wasgoed. uu:mm Duur programma. |
|---|---|
| kWh | Energieverbruik. °C Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. tpm Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht. |
Pagina 59
NEDERLANDS 59
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
16.3 In overeenstemming met Verordening van de
Commissie (EU) 2019/2023
| Eco 40-60 pro-kg gramma | kWh | Liter | uu:mm | % | °C tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|
| Volledige belading 9 | 0.820 | 55.0 | 3:40 | 52.00 | 35.0 1551 |
| Halve belading 4.5 | 0.540 | 45.0 | 2:35 | 52.00 | 33.0 1551 |
| Kwartbelading 2.5 | 0.185 | 38.0 | 2:30 | 54.00 | 23.0 1551 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | |||||
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | Netwerkgebonden stand-by (W) | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)
2.001)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
- 1) Het energieverbruik van de aangesloten functie is ongeveer 17,5 kWh per jaar. Raadpleeg het hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstelling' om deze functie los te koppelen.
16.4 Veelvoorkomende programma's
Deze waarden zijn slechts indicatief.
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen/Coton 2) 95 °C | 9 | 2.700 | 90.0 | 4:05 | 44.00 | 85.0 | 1600 |
| Katoen/Coton 60 °C | 9 | 1.600 | 85.0 | 3:50 | 44.00 | 55.0 | 1600 |
| Katoen/Coton 3) 20 °C | 9 | 0.350 | 85.0 | 3:00 | 44.00 | 20.0 | 1600 |