AEG L7WBG854W, tekst van de handleiding
Pagina's 41–54 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 41
NEDERLANDS 41
- = Droogprogramma op lage temperatuur
- = Het artikel is niet geschikt voor de droogtrommel.
16.9 Duur van het droogprogramma
De droogtijd kan variëren afhankelijk van:
- snelheid van de laatste keer centrifugeren
- droogheidsniveau
- soort wasgoed
- het gewicht van het wasgoed
16.10 Extra drogen
Als het wasgoed aan het einde van het droogprogramma nog steeds vochtig is, stelt u nogmaals een korte droogfase in.
WAARSCHUWING!
Om kreuken en krimpen te voorkomen dient u het wasgoed niet te lang te drogen.
16.11 Algemene tips
Raadpleeg de tabel "Droogprogramma's" om de gemiddelde droogtijden op te zoeken.
Het drogen van wasgoed zal beter gaan naarmate u het vaker doet. Houd bij hoe lang uw droogprogramma's duren.
Statische lading na het drogen voorkomen:
- 1. Gebruik wasverzachter tijdens de wasfase.
- 2. Gebruik speciale wasverzachter voor droogautomaten.
Na afloop van het droogprogramma dient u het wasgoed meteen uit de trommel te halen.
17. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
17.1 Schema periodieke reiniging
Periodieke reiniging helpt de levensduur van uw apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en de wasmiddeldispenser een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema periodieke reiniging:
Ontkalken Twee keer per jaar
| Onderhoudswasbeurt | Eenmaal ter maand |
|---|---|
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Pluis in de trommel verwijderen | Twee keer per maand1) |
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 41)
- 1) raadpleegt u het hoofdstuk ''Pluis in de stoffen''.
Pagina 42
42 www.aeg.com
In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.
17.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert.
Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
17.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
17.4 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
17.5 Onderhoudswasbeurt
Bij herhaaldelijke en voortdurend gebruik van programma´s bij lage temperaturen kunnen er wasmiddelresten en pluizen achterblijven en kan er bacteriëngroei in de trommel en de kuip ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Draai om deze resten te verwijderen en de binnenkant van het apparaat hygiënisch te reinigen regelmatig een onderhoudswasbeurt (minstens eenmaal per maand):
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Maschinenreinigung.
17.6 Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer regelmatig de afdichting. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Pagina 43
NEDERLANDS 43
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
17.7 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen. Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat.
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u op de verpakking van het product vindt.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen of met schuurmiddelen die chloor, ijzer of staal bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u op de verpakking van het product vindt.
- 2. Draai een kort katoenprogramma op een hoge temperatuur met een lege trommel en een kleine hoeveelheid waspoeder of, indien beschikbaar, draait u het Maschinenreinigung - programma.
17.8 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen
Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:
- 1. Open de lade. Duw de pal zoals aangegeven in de afbeelding naar beneden en trek de lade uit.
1
2
- 2. Verwijder het bovenste deel van het additievencompartiment om reiniging te vergemakkelijken. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte.
Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
- 3. Spoel de wasmiddellade uit onder stromend warm water om eventuele sporen van opgehoopt wasmiddel te verwijderen. Plaats het bovenste gedeelte na reiniging terug op zijn plek.
- 4. Plaats de wasmiddellade in de geleiders en sluit de lade. Draai het spoelprogramma zonder kleding in de trommel.
Pagina 44
44 www.aeg.com
17.9 Maak de afvoerpomp schoon
WAARSCHUWING!
Haal de netstekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Reinig de afvoerpomp wanneer:
- Het apparaat pompt geen water weg.
- de trommel niet ronddraait.
- het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door een blokkade in de afvoerpomp.
- Op het display verschijnt de
alarmcode .
WAARSCHUWING!
- Verwijder het filter niet als het apparaat in gebruik is.
- Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld
Voor reiniging van de pomp gaat u als volgt te werk:
- 1. Open het pompdeksel.
2
1
- 2. Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen.
- 3. Open de afvoerklep naar beneden.
Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.
- 4. Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder verwijdering. Laat het water wegstromen.
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
Pagina 45
NEDERLANDS 45
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Verzeker u ervan dat de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als hij niet roteert: neem contact op met een erkend servicecentrum.
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
12. Sluit het pompdeksel.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- a. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- b. Start het programma om water af te voeren.
17.10 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
Het wordt aanbevolen beide filters van de toevoerslang en -klep geregeld te reinigen ter verwijdering van aanslag dat met de tijd opgehoopt:
- 1. Verwijder de toevoerslang van de kraan en reinig het filter.
Pagina 46
46 www.aeg.com
- 2. Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien.
- 3. Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met een tandenborstel.
- 4. Draai de slang bij het weer aansluiten op het apparaat naar links of rechts (niet in verticale positie) afhankelijk van de positie van uw waterkraan.
17.11 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om het water weg te pompen.
17.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
Pagina 47
NEDERLANDS 47
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
18. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
18.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij enkele problemen geeft het display een alarmcode weer en kan de Start/Pauze-Départ/Pause -knop continu knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet je een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze-
Départ/Pause drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
Probleem Mogelijke oplossing
Pagina 48
48 www.aeg.com
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. |
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| De stroomtoevoer is niet stabiel. | • Wacht totdat de stroomtoevoer stabiel is. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine.
Pagina 49
NEDERLANDS 49
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze-Départ/Pause bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
Pagina 50
50 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). • Verzeker je ervan dat je het wasmiddelvakje hebt gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. |
| Het apparaat droogt niet of droogt niet goed. | • Draai de waterkraan aan. • Verzeker je ervan dat het afvoerfilter niet verstopt is. • Verminder de wasgoedlading. • Verzeker je ervan dat je de juiste cyclus hebt ingesteld. Stel zo nodig een korte droogtijd opnieuw in. |
| Het wasgoed zit vol met verschillende kleuren. | De stoffen die zijn gewassen in de vorige cyclus hebben pluisjes van een andere kleur afgegeven: • De droogfase helpt bij het verwijderen van pluisjes. • Reinig de kleding met een pluisjesverwijderaar. Als er veel pluis in de trommel zit, moet je het speciale programma gebruiken om deze te reinigen (zie 'Pluisjes in de stoffen' voor meer informatie). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
18.2 Nooddeuropening
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voor het openen van de deur:
LET OP!
Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is.
Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
Pagina 51
NEDERLANDS 51
LET OP!
Gevaar voor letsel! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie "Water afvoeren in een noodgeval" in het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging").
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de knop Aan/Uit-Marche/ Arrêt om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Haal de netstekker uit het stopcontact.
- 3. Open de klep van de filter.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
- 5. Haal het wasgoed uit de trommel en sluit de deur van het apparaat.
- 6. Sluit het klepje.
19. VERBRUIKSWAARDEN
19.1 Inleiding
Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
Pagina 52
52 www.aeg.com
19.2 Legenda
| kg | Wasgoed. uu:mm | Duur programma. |
|---|---|---|
| kWh | Energieverbruik. °C | Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. tpm | Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de cyclus. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht aan het einde van de wascyclus. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
19.3 In overeenstemming met Verordening van de
Commissie (EU) 2019/2023
Alleen wassen
| Eco 40-60 pro-kg gramma | kWh | Liter uu:mm | % | °C tpm1) |
|---|---|---|---|---|
| Volledige belading 8 | 0.720 | 57.0 3:30 | 53.00 | 37.0 1400 |
| Halve belading 4 | 0.539 | 42.0 2:45 | 53.00 | 36.0 1400 |
| Kwartbelading 2 | 0.150 | 27.0 2:45 | 54.00 | 24.0 1400 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Was- en droogcyclus | ||||
| Eco 40-60pro-gramma en kast‐ kg droogniveau | kWh | Liter uu:mm | % | °C tpm1) |
| Volledige belading 5 | 3.955 | 82.0 6:20 | 0.00 | 37.0 1400 |
| Halve belading 2.5 | 2.190 | 45.0 4:25 | 0.00 | 35.0 1400 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | ||||
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | ||
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
Pagina 53
NEDERLANDS 53
19.4 Veelvoorkomende programma's - Alleen wassen
| Deze waarden zijn slechts indicatief. | |||||||
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
| Katoen-Coton 2) 95 °C | 8 | 2.750 | 100.0 | 3:30 | 52.00 | 85.0 | 1400 |
| Katoen-Coton 60 °C | 8 | 1.950 | 95.0 | 3:10 | 52.00 | 55.0 | 1400 |
| Katoen-Coton 3) 20 °C | 8 | 0.360 | 95.0 | 3:00 | 52.00 | 20.0 | 1400 |
| Synthetica-Synthétiques 40 °C | 3 | 0.600 | 60.0 | 2:10 | 35.00 | 40.0 | 1200 |
| Fijne was Délicats 4) 30 °C | 2 | 0.350 | 55.0 | 1:10 | 35.00 | 30.0 | 1200 |
| Wol-Laine 30 °C | 1.5 | 0.400 | 50.0 | 1:10 | 30.00 | 30.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
- 1) Maximale centrifugesnelheid.
- 2) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 3) Geschikt voor het wassen van licht vervuilde katoenen, synthetische en gemengde stoffen.
- 4) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
19.5 Veelvoorkomende programma's - Wassen en drogen
| Deze waarden zijn slechts indicatief. | |||||||
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % | °C | tpm1) |
| Synthetica-Synthétiques 40°C | 3 | 1.800 | 70.0 | 3:25 | 1.00 | 40.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
- 1) Maximale centrifugesnelheid.
Pagina 54
54 www.aeg.com
20. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het
symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.