AEG L89496FL, tekst van de handleiding
Pagina's 19–29 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 19
- Het indicatielampje van de toets Start/
Pauze 4 gaat uit.
- Het deurvergrendelingssymbool gaat uit.
- Druk op toets 1 om het apparaat uit te schakelen. Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste ingestelde programma in de display weergegeven. Draai de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- Haal het wasgoed uit de wasmachine.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- Laat de deur iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
- Draai de waterkraan dicht.
Het wasprogramma is voltooid, maar er staat water in de trommel:
- De trommel draait regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
NEDERLANDS 19
- De deur blijft vergrendeld.
- U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen.
Het water wegpompen:
- 1. Verlaag zo nodig de centrifugesnelheid.
- 2. Druk op de toets Start/Pauze 4 . Het apparaat voert het water af en centrifugeert.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Schakel het apparaat uit.
Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifugeren.
9. AANWIJZINGEN EN TIPS
9.1 Wasgoed sorteren
- Verdeel het wasgoed in: wit, bont, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte weefsels kunnen uitlopen als zij de eerste keer worden gewassen. We raden daarom aan om dit soort kleding de eerste keer dan ook apart te wassen.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Maak riemen vast.
- Maak alle zakken leeg en vouw alle artikelen open.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met geverfde opdrukken binnenstebuiten.
- Verwijder hardnekkige vlekken.
- Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met de gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een zak of kussensloop.
- Niet in de machine wassen:
- Wasgoed zonder zomen of met scheuren
- Beugelbeha's.
- Gebruik een waszakje om kleine stuk wasgoed te wassen.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase. Als dit gebeurt, kunt u de artikelen handmatig verdelen in de trommel en de centrifugefase opnieuw starten.
9.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
Pagina 20
20 www.aeg.com
We raden u aan om deze vlekken te verwijderen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
9.3 Wasmiddelen en nabehandelingsmiddelen
- Gebruik alleen wasmiddelen en nabehandelingsproducten die bedoeld zijn voor gebruik in een wasautomaat.
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik niet meer dan de benodigde hoeveelheid wasmiddel om het milieu te beschermen.
- Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van deze producten.
- Gebruik de juiste producten voor het type en de kleur stof, de programma-
temperatuur en de mate van vervuiling.
- Stel geen voorwasfase in als u vloeibare wasmiddelen gebruikt.
- Als uw machine geen wasmiddellade heeft met klepje, voeg dan het vloeibare wasmiddel toe met een doseerbal.
9.4 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de producten.
10. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat reinigt.
10.1 Ontkalken
Het water dat wij gebruiken, bevat kalk. Als het nodig is dient u waterverzachter te gebruiken om deze kalk te verwijderen.
Gebruik een speciaal product voor wasautomaten. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de producent.
Doe dit apart van het wassen van wasgoed.
10.2 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen brandspiritus, oplosmiddelen of chemische producten.
10.3 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswas uit. Om dit te doen:
- Haal al het wasgoed uit de trommel.
- Stel het heetste wasprogramma in voor katoen
- Gebruik de juiste hoeveelheid poederwasmiddel met biologische eigenschappen.
Houd de deur enige tijd open na elke wasbeurt, om schimmels te voorkomen en onprettige geurtjes te verwijderen.
Pagina 21
NEDERLANDS 21
10.4 Deurrubber
10.5 Trommel
Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen. Gebruik alleen speciale producten om roestdeeltjes uit de trommel te verwijderen.
10.6 Wasmiddeldoseerlade
De wasmiddeldoseerlade reinigen:
1
2
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
Ga als volgt te werk:
- Reinig de trommel met een speciaal product voor roestvrij staal.
- Start een kort programma voor katoen op de maximale temperatuur met een kleine hoeveelheid wasmiddel.
- 1. Druk op de hendel.
- 2. Trek de doseerlade naar buiten.
- 3. Verwijder het bovenste gedeelte van het vakje voor vloeibare nabehandelingsmiddelen.
- 4. Maak alle onderdelen schoon met water.
- 5. Maak de ruimte van de wasmiddeldoseerlade schoon met een borstel.
- 6. Plaats de wasmiddeldoseerlade terug in de ruimte.
Pagina 22
22
| www.aeg.com | ||
| 10.7 Afvoerpomp | WAARSCHUWING! | |
| 1. Trek de stekker uit het stop- | ||
| Controleer de afvoerpomp regelmatig en zorg dat deze schoon | contact. | |
| is. | 2. Verwijder het filter niet als het apparaat in gebruik is. | |
| De pomp schoonmaken als: | Reinig de afvoerpomp niet als het water in de machine | |
| • Het apparaat geen water wegpompt. | heet is. Het water moet koud | |
| • De trommel niet kan draaien. | zijn voordat u de afvoer- | |
| • Het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door een blokkade in de afvoerpomp. | pomp kunt reinigen. | |
| • De display een alarmcode weergeeft door een probleem met de waterafvoer. | ||
| De afvoerpomp reinigen: | ||
| 1. | Open het afvoerpompdeurtje. | |
| 2. | Trek de klep naar voren om hem te verwijderen. | |
| 3. | Plaats een bak onder de uitsparing van de afvoerpomp om het uitstromende water op te vangen. | |
| 4. | Druk de twee hendels in en trek het afvoerkanaal naar voren om het water eruit te laten stromen. | |
| 5. | Als de bak vol met water is, duwt u | |
| 1 | het afvoerkanaal terug en leegt u de bak. Herhaal stap 4 en 5 tot er geen water meer uit de afvoerpomp stroomt. | |
| 6. | Duw het afvoerkanaal terug en draai het filter om het te verwijderen. | |
| 2 |
Pagina 23
NEDERLANDS 23
2
1
10.8 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter
Het kan nodig zijn filters te reinigen als:
- Het apparaat niet met water wordt gevuld.
- De machine langdurig water vult.
De watertoevoerfilters schoonmaken:
- 7. Verwijder stof en voorwerpen uit de pomp.
- 8. Zorg dat het schoepenrad op de juiste wijze kan draaien. Neem als dit niet lukt, contact op met de klantenservice.
- 9. Reinig het filter onder de waterkraan en plaats het terug in de speciale geleiders van de pomp.
- 10. Zorg ervoor dat het filter stevig vastzit om waterlekkage te voorkomen.
- 11. Plaats de klep terug en sluit het afvoerpompdeurtje.
- Het lampje van toets 4 knippert en de display het bijbehorende alarm weergeeft. Raadpleeg 'Probleemoplossing'.
WAARSCHUWING!
Trek de stekker uit het stopcontact.
- 1. Draai de waterkraan dicht.
- 2. Verwijder de watertoevoerslang van de kraan.
- 3. Reinig het filter in de toevoerslang met een harde borstel.
Pagina 24
24 www.aeg.com
20°
45°
10.9 Noodafvoer
Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing.
Als dit optreedt, voert u stap (1) tot en met (6) van "De afvoerpomp reinigen" uit.
Maak de pomp zo nodig schoon.
Plaats het afvoerkanaal terug en sluit de afvoerpompklep.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerlade.
- 2. Start het programma om water af te voeren.
10.10 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan
- 4. Verwijder de toevoerslang achter de machine.
- 5. Reinig het filter in de klep met een harde borstel of een handdoek.
- 6. Installeer de watertoevoerslang opnieuw. Zorg ervoor dat de koppelingen stevig vast zitten om lekkage te voorkomen.
- 7. Draai de waterkraan open.
0 °C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Verwijder de watertoevoerslang.
- 4. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 5. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 6. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0 °C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
11. PROBLEEMOPLOSSING
Het apparaat start niet of stopt tijdens het programma.
Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Indien dit niet lukt,
neem contact op met de service afdeling.
Pagina 25
NEDERLANDS 25
Bij sommige problemen werken de geluidssignalen en toont de display een alarmcode:
- - Het apparaat wordt niet goed gevuld met water.
- - Het apparaat pompt geen water weg.
- - De deur is open of niet goed gesloten.
•
- Anti-overstromingsbeveiliging is aan.
WAARSCHUWING!
Schakel het apparaat uit voordat u controles uitvoert.
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat wordt niet met water gevuld. | De waterkraan is gesloten. | Draai de waterkraan open. |
| De watertoevoerslang is beschadigd. | Controleer of de watertoevoerslang niet is beschadigd. | |
| De filters in de watertoevoerslang zijn verstopt. | Reinig de filters Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| De waterkraan is verstopt of aangezet met kalkaanslag. | Maak de waterkraan schoon. | |
| De aansluiting van de watertoevoerslang is niet correct. | Zorg dat de aansluiting altijd correct is. | |
| De waterdruk is te laag. | Neem contact op met het waterleidingbedrijf. | |
| Het apparaat pompt geen water af. | De waterafvoerslang is beschadigd. | Controleer of de waterafvoerslang niet is beschadigd. |
| Het filter in de afvoerpomp is geblokkeerd. | Reinig het filter of maak de afvoerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| De aansluiting van de waterafvoerslang is niet correct. | Zorg dat de aansluiting altijd correct is. | |
| Er is een wasprogramma zonder afvoerfase ingesteld. | Stel het afvoerprogramma in. | |
| De functie 'Spoelstop' is aan. | Stel het afvoerprogramma in. | |
| De deur is open of niet goed gesloten. | Sluit de deur goed. |
Pagina 26
26 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| De anti-overstromingsbeveiliging is aan. | • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact. • Draai de waterkraan dicht. • Neem contact op met de klantenservice. | |
| De centrifugefase werkt niet. | De centrifugefase staat uit. | Stel het centrifugeprogramma in. |
| Het filter in de afvoerpomp is geblokkeerd. | Reinig het filter of maak de afvoerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". | |
| Balansproblemen met de waslading. | Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de centrifugefase opnieuw. | |
| Het programma start niet. | De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Steek de stekker in het stopcontact. |
| De zekering in de meterkast is doorgebrand. | Vervang de zekering. | |
| U hebt niet op toets 4 gedrukt. | Als u op de toets 4 drukt: | |
| De uitgestelde start is ingesteld. | Annuleer de uitgestelde start om het programma direct te starten. | |
| Het kinderslot is geactiveerd. | Schakel de kinderbeveiliging uit. | |
| Er ligt water op de vloer. | Lekkage bij de koppelingen van de waterslangen. | Zorg dat de koppelingen goed zijn aangedraaid. |
| Lekkage van de afvoerpomp. | Zorg dat het filter van de afvoerpomp goed is bevestigd. | |
| De waterafvoerslang is beschadigd. | Controleer of de watertoevoerslang niet is beschadigd. | |
| U kunt de deur van het apparaat niet openen. | Er is geen elektrische voeding. | Zorg ervoor dat het apparaat stroom krijgt. |
| Het wasprogramma is bezig. | Laat het wasprogramma beëindigen. | |
| Er staat water in de trommel. | Kies het programma pompen of centrifugeren. | |
| Het apparaat heeft een storing. | Neem contact op met de service-afdeling. Als u de deur moet openen, lees dan zorgvuldig “Nooddeuropening”. |
Pagina 27
NEDERLANDS 27
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Mogelijke oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat maakt een abnormaal geluid. | Het apparaat staat niet waterpas. | Het apparaat waterpas afstellen. Raadpleeg "Montage". |
| U hebt de verpakking en/of de transportbouten niet verwijderd. | Verwijder de verpakking en/of de transportbouten. Raadpleeg "Montage". | |
| De lading is erg klein. | Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. | |
| Het apparaat vult zich met water en pompt dit direct weg. | Het uiteinde van de afvoerslang hangt te laag. | Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. |
| De cyclus is korter dan de weergegeven tijd. | Het apparaat berekent een nieuwe tijd aan de hand van de wasgoedlading. | Zie het hoofdstuk ‘Verbruikswaarden’. |
| De cyclus is langer dan de weergegeven tijd. | Een wasgoedlading die niet in balans is verlengt de duur. | Dit is normaal gedrag van het apparaat. |
| Het wasresultaat is niet bevredigend. | Het door u gebruikte wasmiddel was niet correct of onvoldoende. | Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. |
| U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald. | Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen. | |
| Onjuiste temperatuur ingesteld. | Zorg dat u de juiste temperatuur instelt. | |
| Te veel wasgoed geladen. | Verminder de hoeveelheid wasgoed. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het werd onderbroken. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met onze klantenservice.
Als het display andere alarmcodes aangeeft, neemt u contact op met onze klantenservice.
12. NOODDEUROPENING
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld.
Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is.
Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voor het openen van de deur:
Pagina 28
28 www.aeg.com
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de watertemperatuur en het wasgoed niet heet zijn. Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie “Water afvoeren in een noodgeval” in het hoofdstuk “Onderhoud en reiniging”).
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de knop om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 3. Open de filterklep.
- 4. Trek de noodontgrendeling omlaag en open tegelijkertijd de deur van het apparaat.
- 5. Verwijder het wasgoed.
- 6. Sluit de filterklep.
13. TECHNISCHE INFORMATIE
| Afmetingen | Breedte / hoogte / diepte | 600 / 850 / 605 mm |
| Totale diepte | 640 mm | |
| Aansluiting aan het elektriciteitsnet: | Voltage Totale stroom Zekering Frequentie | 230 V 2200 W 10A 50 Hz |
| De beschermkap biedt bescherming tegen vaste stoffen en vochtigheid, behalve op de plaatsen waar de lage spanningsapparatuur geen bescherming heeft tegen vocht | IPX4 | |
Pagina 29
NEDERLANDS 29
| Waterdruk | Minimaal | 0,5 bar (0,05 MPa) |
|---|---|---|
| Maximaal | 8 bar (0,8 MPa) | |
| Watertoevoer 1) | Koud water | |
| Maximale belading | Katoen | 9 kg |
| Centrifugeersnelheid | Maximaal | 1400 toeren per minuut |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
- 1) Sluit de slang aan op een kraan met 3/4”-schroefdraad.
14. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.