AEG L8TEN65C, tekst van de handleiding
Pagina's 18–38 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–17verder op pagina 39 →
Pagina 18
18 www.aeg.com
Compatibiliteit van programmaopties
| OPTIES | |||
|---|---|---|---|
| TPM ■ | ■ ■ ■ ■ | ■ ■ | ■ ■ |
| Spoelstop ■ | ■ ■ ■ ■ | ■ | ■ |
| Extra stil ■ | ■ ■ ■ | ||
| Vlekken1) ■ | ■ ■ | ||
| Voorwas ■ | ■ ■ | ||
| Extra Spoelen ■ | ■ ■ ■ | ■ | ■ |
| Anti-Allergie | ■ | ||
| Tijd Besparen2) ■ | ■ ■ ■ ■ | ||
| Alleen spoelen ■ | ■ ■ ■ ■ | ■ ■ | ■ ■ |
| Alleen centrifugeren ■ | ■ ■ ■ ■ | ■ ■ | ■ ■ |
| Alleen water wegpom‐ ■ pen | ■ ■ ■ ■ | ■ ■ | ■ ■ |
| Startuitstel ■ | ■ ■ ■ ■ ■ | ■ ■ | ■ ■ |
| Plus Steam1) ■ | ■ ■ | ||
| Soft Plus ■ | ■ ■ ■ | ■ | |
| 1) Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40 °C. 2) Als u de kortste cyclusduur instelt, adviseren wij u de grootte van de lading te verminderen. gelijk om de volledige lading te gebruiken, maar het wasresultaat kan dan minder bevredigend Geschikte wasmiddelen voor wasprogramma’s | Het is mo-zijn. | ||
| Universeel Programma poeder1) | Universele Vloeistof vloeistof (Li‐ Fijne was voor ge‐ Speciaal quid Univer‐ en wol kleurde was sal) | ||
| Eco 40-60 ▲ | ▲ ▲ | -- | -- |
| Katoen ▲ | ▲ ▲ | -- | -- |
Pagina 19
NEDERLANDS 19
| Programma | Universeel poeder1) | Universele vloeistof (Liquid Universal) | Vloeistof voor gekleurde was | Fijne was en wol | Speciaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Synthetica | ▲ | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Fijne Was | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
| Wol/Zijde | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
| 20 min. - 3 kg | -- | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Outdoor | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
- 1) Bij een temperatuur hoger dan 60 °C wordt het gebruik van waspoeder aanbevolen.
▲ = Aanbevolen -- = Niet aanbevolen
9. WOOLMARK APPAREL CARE - GROEN
De wolwascyclus van de machine is goedgekeurd door Woolmark voor het wassen van wollen kleding waarvan in het label staat dat het handwas is, op voorwaarde dat de kledingstukken worden gewassen volgens de instructies op het label in het kledingstuk en die van de fabrikant van deze wasmachine. Volg de instructies op het wasvoorschrift in de kleding. M1734
Het Woolmark-symbool is een certificeringsmerk in vele landen.
10. OPTIES
10.1 Inleiding
Niet alle opties en functies zijn beschikbaar voor alle wasprogramma's. Controleer de verenigbaarheid van de opties en functies met de wasprogramma's in het 'Programmaoverzicht'. Een optie of functie kan een andere uitsluiten. In zo'n geval staat het apparaat niet toe dat u de onverenigbare opties of functies samen instelt.
Zorg dat het scherm en de toetsen altijd schoon en droog zijn.
10.2 Aan/Uit
Druk een paar seconden op deze knop te drukken kunt u het apparaat in- of uitschakelen. Er klinken twee verschillende geluiden als het apparaat in- of uitgeschakeld wordt.
Omdat de stand-by-functie het apparaat automatisch uitschakelt om het energiegebruik in een aantal gevallen te beperken, moet u het apparaat wellicht weer inschakelen.
Raadpleeg de paragraaf over stand-by in het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik' voor meer informatie.
Pagina 20
20 www.aeg.com
10.3 Anti-Allergie
Stel deze optie in met het programma voor witte Katoen items. Wanneer de optie is geselecteerd, kan noch de temperatuur, noch de cyclustijd worden
gewijzigd. Optie Tijd Besparen en Extra stil zijn niet beschikbaar.
De overeenkomstige aanduiding boven de aanraakknoppen brandt.
Deze optie verwijdert micro-organismes dankzij een wasfase met een temperatuur die gedurende een aantal minuten boven de 60°C wordt gehouden. Dit helpt in de verwijdering van ziektekiemen, bacteriën, micro-organismen en andere deeltjes. De toevoeging van stoom met een extra spoelbeurt zorgt voor een juiste verwijdering van wasmiddelresten en pollen/allergenen en maakt het geschikt voor de tere en gevoelige huid.
10.4 Tijd Besparen
Met deze optie kunt u de programmaduur inkorten.
- Bij normaal of licht vervuild wasgoed wordt het aanbevolen het wasprogramma in te korten. Raak deze knop eenmaal aan om de tijdsduur te verminderen.
- Raak bij een kleinere lading deze knop tweemaal aan om een extra kort programma in te stellen.
Op het display verschijnt het
indicatielampje .
Deze optie kan ook worden gebruikt om de duur van het Stoom-programma te verkorten.
10.5 Temp. °C
Wanneer het gewenste programma is gekozen, stelt uw machine automatisch een standaard temperatuur voor.
Stel deze optie in om de standaardtemperatuur te wijzigen.
De aanduiding = koud water van de ingestelde temperatuur gaat aan (het apparaat verwarmt het water niet).
10.6 TPM
Als u een programma instelt, kiest het apparaat automatisch het maximale centrifugeersnelheid.
Raak deze toets herhaaldelijk aan om:
- Het centrifugeersnelheid in te stellen.
De display toont alleen de centrifugesnelheden die voor het ingestelde programma beschikbaar zijn.
- Activeer de optie Spoelstop.
Het laatste spoelwater wordt niet weggepompt, om te voorkomen dat het wasgoed kreukt. Het wasprogramma eindigt met water in de trommel en de laatste centrifugeerfase wordt niet uitgevoerd.
Op het display verschijnt het
indicatielampje .
Het deksel blijft vergrendeld. De trommel draait regelmatig om kreuken te beperken. U moet het water afvoeren om het deksel te kunnen openen.
Raak toets Start/Pauze aan: het apparaat voert de centrifugeerfase uit en pompt het water weg.
- Activeer de Extra stil-optie.
Alle centrifugefasen (tussendoor en de laatste centrifugeerfase) worden overgeslagen en het programma eindigt met water in de trommel. Zo wordt voorkomen dat de was kreukt.
Omdat dit programma heel stil is, is het geschikt voor nachtelijk gebruik als er goedkopere stroomtarieven beschikbaar zijn. Bij sommige programma's wordt voor de spoelingen meer water gebruikt.
Op het display verschijnt het
indicatielampje .
Het deksel blijft vergrendeld. De trommel draait regelmatig om kreuken te beperken. U moet het water afvoeren om het deksel te kunnen openen.
Raak de Start/Pauze-toets aan: het apparaat voert alleen de pompfase uit.
Pagina 21
NEDERLANDS 21
Het apparaat zal het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
10.7 Vlekken/Voorwas
Druk meerdere malen op deze knop om een van de twee opties te activeren.
De overeenkomstige indicatie verschijnt op het display.
- Vlekken
Kies deze optie om een fase voor vlekken aan het programma toe te voegen en het zwaar vervuilde of bevlekte wasgoed met een vlekkenverwijderaar te behandelen.
Doe de vlekkenverwijderaar in het vak
. De vlekkenverwijderaar wordt in de geschikte fase van het wasprogramma toegevoegd.
Deze optie kan de programmaduur verlengen en is niet beschikbaar met een temperatuur onder de
40 °C.
- Voorwas
Gebruik deze functie om een voorwasfase op 30°C toe te voegen vóór de wasfase.
Deze optie wordt aanbevolen voor erg vuil wasgoed, met name wanneer het zand, stof, modder en andere vaste deeltjes bevat.
Deze optie kan de duur van het programma verlengen.
10.8 Extra Spoelen
Met deze optie kunt u naar gelang de gekozen wasprogramma´s maximaal 3 spoelbeurten toevoegen.
Deze functie is handig voor personen met wasmiddelallergie en in gebieden waar het water erg zacht is.
De aanduiding toont het aantal gekozen spoelbeurten.
Deze optie verlengt de duur van het programma.
Als de Extra Spoelen als standaardoptie is ingesteld en u een compatibel wasprogramma kies, toont
het display . In dit geval kunt u door toets Extra Spoelen in te drukken slechts één spoelbeurt toevoegen.
10.9 Tiptoets voor overslaan van fase (Extra)
Door deze toets aan te raken kunt u het volgende instellen:
- Alleen spoelen -optie. Het apparaat voert alleen de spoelgang, het centrifugeren en het wegpompen van het water van het gekozen programma uit.
- Alleen centrifugeren -optie. Het apparaat voert alleen de centrifugeerfase van het gekozen wasprogramma uit.
- Alleen water wegpompen -optie.
Het apparaat voert alleen de pompfase van het gekozen wasprogramma uit.
Bij de vierde aanraking stelt het apparaat de standaardinstelling van het wasprogramma weer voor.
10.10 Plus Steam
Deze optie voegt aan het einde van het wasprogramma een stoomfase toe gevolgd door een korte antikreukfase. De stoomfase vermindert de kreuken in de stoffen en vereenvoudigt het strijken.
De aanduiding knippert tijdens de stoomfase op het display.
De trommel voert gedurende ongeveer 30 minuten soepele bewegingen uit. De duur van de stoomfase verandert overeenkomstig de selectie. Als de Plus Steam-optie is ingesteld, eindigt het programma met een antikreukfase waarin de trommel af en toe wordt gedraaid om kreuken te voorkomen. Het
display geeft aan dat het
Pagina 22
22 www.aeg.com
indicatielampje continu brandt en dat
het indicatielampje begint te knipperen. Start/Pauze-knop brandt ook. Aan het einde van de antikreukfase stopt de trommel, gaat het indicatielampje uit en wordt de deur ontgrendeld. De gebruiker kan op elk moment de antikreukfase beëindigen door:
- gedurende een paar seconden op de Aan/Uit-knop te drukken om het apparaat in of uit te schakelen;
- de keuzeknop naar een andere stand te draaien.
Een kleine lading wasgoed geeft betere resultaten.
10.11 Startuitstel
Met deze optie kunt u het starten van een programma uitstellen naar een handiger tijdstip.
Druk herhaaldelijk op de knop om de gewenste uitsteltijd in te stellen. De tijd wordt met stappen van 30 minuten verhoogd tot 90' en van 2 tot maximaal 20 uur.
Na het aanraken van de toetsStart/ Pauze geeft het display de aanduiding
en de gekozen uitsteltijd weer en begint het apparaat af te tellen.
10.12 Start/Pauze
Raak toets Start/Pauze aan om het draaiende programma te starten, te pauzeren of te onderbreken.
11. INSTELLINGEN
11.1 Geluidssignalen
Voor het deactiveren van de geluidssignalen wanneer het programma voltooid is, raakt u gedurende 3 seconden tegelijkertijd toetsen Anti-Allergie en Extra Spoelen aan.
De geluidssignalen blijven werken als er een storing optreedt.
11.2 Kinderslot
Met deze optie kunt u voorkomen dat kinderen met het bedieningspaneel spelen.
- Voor het inschakelen/uitschakelen van deze optie raakt u tegelijkertijd Vlekken/Voorwas en Extra Spoelen
aan/uit
aan tot het indicatielampje gaat.
U kunt deze optie inschakelen:
- Nadat u toets Start/Pauze aanraakt: alle knoppen en de programmaknop worden uitgeschakeld (behalve de toets Aan/Uit).
- Voordat u toets Start/Pauze aanraakt: kan het apparaat niet starten.
Het apparaat behoudt de keuze van deze optie nadat u het heeft uitgeschakeld.
11.3 Soft Plus
Kies de optie Soft Plus om de verdeling van de wasverzachter te optimaliseren en de zachtheid van de was te verbeteren.
Dit wordt aanbevolen als u de wasverzachter gebruikt.
Deze optie verlengt de duur van het programma enigszins.
Om deze optie te activeren/deactiveren raakt u de knop Temp. °C en de knop TPM. tegelijkertijd aan tot het controlelampje boven het
controlelampje aan of uit gaat.
11.4 Permanent extra spoelen
Via deze optie kunt u permanent een extra spoelgang krijgen als u een programma kiest waarbij dit kan worden gekozen.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
| • | Om deze optie te activeren/ | Deze optie voegt twee spoelfases toe |
| deactiveren raakt u de knop Extra | en het display toont . | |
| Spoelen en de knop Extra tegelijkertijd aan waarna het desbetreffende controlelampje aan of uit gaat. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
12. VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Tijdens de installatie of voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, kunt u wat water in het apparaat waarnemen. Dit is restwater dat in het apparaat is achtergebleven nadat in de fabriek een volledige functietest werd uitgevoerd om te garanderen dat het apparaat in perfect functionerende staat aan de klant wordt geleverd en is geen reden voor ongerustheid.
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan open.
- 3. Giet 2 liter water in het wasmiddeldoseerbakje voor de wasfase.
Dit activeert het afvoersysteem.
- 4. Doe een klein beetje wasmiddel in het doseervakje voor de wasfase.
- 5. Stel het programma voor katoen in op de hoogste temperatuur zonder wasgoed en start het programma. Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de trommel en de kuip.
13. DAGELIJKS GEBRUIK
A
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Het apparaat inschakelen
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan open.
- 3. Druk op toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
Er klinkt een korte toon.
2.
Druk op de toets A.
13.2 Wasgoed in de machine doen
- 1. Open het deksel.
De trommel gaat automatisch open.
- 3. Doe de was in de trommel, één item tegelijk.
- 4. Schud de items voor u ze in de wasautomaat plaatst.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.
- 5. Sluit de trommel en het deksel.
Pagina 24
24 www.aeg.com
LET OP!
Voordat u de deur van de machine sluit, dient u erop te letten dat de trommel goed is gesloten.
13.3 Wasmiddelvakjes. Wasmiddel en additieven gebruiken
- 1. Doseer de gespecificeerde wasmiddelen en de wasverzachter.
- 2. Doe het wasmiddel en de wasverzachter in de juiste vakjes.
Volg altijd de instructies op die u op de verpakking van het wasmiddel aantreft. We raden u wel aan het maximaal aangegeven niveau niet te overschrijden. Deze hoeveelheid zal u echter de beste wasresultaten geven.
Voeg vloeibare wasmiddelen toe aan een doseerbol (geleverd door de fabrikant van het wasmiddel). Plaats de doseerbol in de trommel van de wasmachine, bovenop de kledingstukken.
Wasmiddelvakje voor de voorwasfase.
De MAX-tekens geven het maximale niveau aan van de hoeveelheid wasmiddel (poeder of vloeibaar).
Voeg wasmiddel toe (waspoeder of vloeibaar) als u een programma met vlekbehandeling instelt.
Wasmiddelvakje voor de wasfase.
De MAX-tekens geven het maximale niveau aan van de hoeveelheid wasmiddel (poeder of vloeibaar).
Vakje voor vloeibare toevoegingen (wasverzachter, stijfsel).
De M -markering geeft het maximale niveau aan voor vloeibare toevoegingen.
Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.
Pagina 25
NEDERLANDS 25
13.4 Vloeibaar of poederwasmiddel
1
2 CLICK
3 CLICK
- Positie A voor waspoeder (fabrieksinstelling).
- Positie B voor vloeibaar wasmiddel.
Als je vloeibaar wasmiddel gebruikt:
- Gebruik geen geleiachtige of dikvloeibare wasmiddelen.
- Doe er niet meer vloeistof in dan het maximale niveau.
- Stel de uitgestelde start niet in.
13.5 Een programma instellen
- 1. Draai de programmaschakelaar. Het bijbehorende programmaindicatielampje gaat branden.
Het lampje van toets Start/Pauze knippert in het rood.
De display toont de standaard temperatuur, de centrifugesnelheid en de lege indicatiebalkjes van de beschikbare functies.
- 2. om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, drukt u op de bijbehorende toetsen.
- 3. Stel de beschikbare functies in.
A
4
B
13.6 Een programma starten zonder een uitgestelde start
Druk op toets Start/Pauze om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.
Op het display gaat de aanduiding van de werkende fase knipperen.
Het programma start en de deksel wordt vergrendeld. Op het display verschijnt
het symbool .
De afvoerpomp kan even werken als het apparaat gevuld wordt met water.
13.7 Cyclustijd herberekening
Na ongeveer 15 minuten na de start van het programma:
- Het apparaat past de cyclustijd automatisch aan op het wasgoed dat u in de trommel hebt gedaan, voor perfecte wasresultaten binnen een minimaal benodigde tijd.
- Op de display verschijnt de nieuwe tijdwaarde.
Pagina 26
26 www.aeg.com
13.8 Een programma starten met een uitgestelde start
- 1. Druk herhaaldelijk op toets Startuitstel tot het aantal minuten of uren op de display verschijnt.
Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
- 2. Als u op de toets Start/Pauze drukt: Het aftellen van de uitgestelde start wordt op het display weergegeven. Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het wasprogramma automatisch gestart.
Voordat u op toets Start/ Pauze drukt om het apparaat te starten, kunt u de instelling van de uitgestelde start annuleren of wijzigen.
13.9 De uitgestelde start annuleren
De uitgestelde start annuleren:
- 1. Druk op Start/Pauze om het apparaat op pauze te zetten.
Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op Startuitstel tot
het display staat.
- 3. Druk weer op Start/Pauze om het programma direct te starten.
13.10 Onderbreken van een programma en een optie wijzigen
U kunt slechts enkele functies wijzigen voordat ze gaan werken.
- 1. Druk op toets Start/Pauze.
Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de ingestelde optie.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze. Het wasprogramma gaat verder.
13.11 Een actief programma annuleren
- 1. Druk op toets Aan/Uit om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Het apparaat voert het water af voordat u een nieuw programma start. Zorg er in dit geval voor dat het wasmiddel nog in het doseerbakje zit, zo niet vul het dan bij.
13.12 De ProSenseladingdetectie
De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.
Nadat u de toets Start/Pauze aangeraakt hebt, gaat de aanduiding voor de maximaal bepaalde lading uit, knippert
het controlelampje en begint ProSense met de detectie van de lading van het wasgoed:
- 1. Het toestel detecteert de lading in de
eerste 30 seconden: de indicator en de tijdpuntjes flikkeren, de trommel draait kort.
- 2. Aan het einde van de ladingdetectie
gaat de aanduiding uit en stoppen de tijdstippen met knipperen. De programmaduur wordt overeenkomstig aangepast en kan worden verlengd of verkort. En na 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.
In het geval er na de ladingdetectie een overladen trommel blijkt te zijn, zal het
lampje op het display knipperen:
In dit geval is het gedurende 30 seconden mogelijk het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.
Raak, na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd, de toets Start/ Pauze aan om het programma weer te starten. De fase ProSense kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).
Belangrijk! Als de hoeveelheid wasgoed niet wordt verminderd, gaat het
Pagina 27
NEDERLANDS 27
wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kun je niet de beste wasresultaten verwachten.
Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.
De ProSense-detectie wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma´s (zonder gekozen overslafase).
De ProSense is niet bij sommige programma's beschikbaar, zoals Wol/ Zijde, programma's met korte cycli en zonder wasfase.
13.13 Open het deksel van het apparaat als het programma in werking is:
LET OP!
Als de temperatuur en het waterpeil in de trommel te hoog zijn, blijft het symbool
aan en kunt u het deksel niet openen.
Ga als volgt te werk om het deksel te openen:
- 1. Druk een paar seconden op de knop Aan/Uitom het apparaat uit te schakelen.
- 2. Wacht een paar minuten met het openen van het deksel.
- 3. Sluit het deksel.
- 4. Activeer het apparaat en stel het programma weer in.
13.14 Het deksel openen als de functie uitgestelde start is ingesteld.
Als het startuitstel in werking is, is het deksel van het apparaat vergrendeld.
Om het deksel van het apparaat te openen:
- 1. Als u op de toets Start/Pauze drukt:
Het -lampje gaat uit.
- 2. Open het deksel.
- 3. Sluit de deksel en druk op toets Start/ Pauze.
Het startuitstel gaat door.
13.15 Einde programma
Wanneer het programma is voltooid, stopt het apparaat automatisch. Als het geluidssignaal actief is, weerklinkt het signaal.
Op het display gaat aan en het
indicatielampje deksel vergrendeld gaat uit.
Het lampje van toets Start/Pauze gaat uit.
- 1. Druk op toets Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste ingestelde programma in het display weergegeven. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen
13.16 Laat het water weglopen na afloop van de cyclus
Het wasprogramma is voltooid, maar er staat water in de trommel:
De trommel draait regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
Het indicatielampje van het deksel brandt. Het deksel blijft vergrendeld.
U moet het water afvoeren om het deksel te kunnen openen:
Pagina 28
28 www.aeg.com
- 1. De centrifugeersnelheid zo nodig verlagen.
- 2. Druk op de knop Start/Pauze. Het apparaat voert het water af en centrifugeert.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifugeren.
13.17 AUTOMATISCHE UITSCHAKELING-optie
De AUTOMATISCHE UITSCHAKELINGfunctie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Het apparaat is 5 minuten voordat u op de knop Start/Pauze drukt niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na afloop van het wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet door de AUTOMATISCHE
UITSCHAKELING functie gedeactiveerd om u eraan te herinneren het water weg te pompen.
14. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt.
We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was hardnekkige vlekken met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de
gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (raadpleeg hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze. De centrifugeerfase gaat door.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind riemen, koorden, veters, linten en andere losse elementen vast.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (bijv. beugelbh's, riemen, panty's, veters, linten, etc.).
Pagina 29
- Maak de zakken leeg en vouw de artikelen open.
14.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
14.3 Type en hoeveelheid wasmiddel
De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines. Volg eerst deze algemene regels:
- waspoeder voor alle soorten weefsels, met uitzondering van fijne was. Kies bij voorkeur voor waspoeder met bleekmiddel voor witte was en hygiënisch wassen, – vloeibare wasmiddelen, voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor
NEDERLANDS 29
alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- De keuze en hoeveelheid wasmiddel zal afhangen van: type stof (delicaat, wollen, katoen, enz.), de kleur van de kleding, de grootte van de lading, de mate van vervuiling, wastemperatuur en hardheid van het gebruikte water.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het
aangegeven maximumniveau ( ) te overschrijden.
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik minder wasmiddel als:
- u een kleine lading wast,
- het wasgoed licht vervuild is,
- er grote hoeveelheden schuim zijn tijdens het wassen.
- Bij het gebruik van wasmiddeltabletten of -pods, plaatst u ze altijd in de trommel, niet in het wasmiddeldoseerbakje.
Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- onbevredigende wasresultaten,
- het wasgoed dat grijs wordt,
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
- verminderd waseffect,
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
14.4 Ecologische tips
Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan om de volgende tips ter harte te nemen:
- Normaal vuile was kan zonder voorwas worden gewassen om wasmiddel, water en tijd te besparen (ook het milieu wordt zo beschermd!)
- Door het apparaat te laden tot de maximale capaciteit die voor elk programma is aangegeven, wordt het energie- en waterverbruik verminderd.
- Met de juiste voorbehandeling kunnen vlekken en beperkte vervuiling worden verwijderd; het wasgoed kan
Pagina 30
30 www.aeg.com
vervolgens op een lagere temperatuur worden gewassen.
- Om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken, raadpleegt u de hoeveelheid voorgesteld door de producent van het wasmiddel en controleert u de waterhardheid van uw huishoudelijk systeem. Zie
"Waterhardheid".
- Stel de maximaal mogelijke centrifugeersnelheid in voor het geselecteerde wasprogramma voordat u uw was droogt in een wasdroger. Dit bespaart energie tijdens het drogen!
van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
14.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik
15. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
15.1 Schema periodieke reiniging
Periodieke reiniging helpt de levensduur van uw apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en de wasmiddeldispenser een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema periodieke reiniging:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
|---|---|
| Onderhoudswasbeurt | Eenmaal ter maand |
| Dekselafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
|---|---|
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.
15.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw cyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien
Pagina 31
NEDERLANDS 31
nodig contact op met een erkend servicecentrum.
15.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog. Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
15.4 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen.
Gebruik alleen speciale producten voor wasmachines om roestdeeltjes te verwijderen. Doe dit apart van het wassen van wasgoed.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
achterblijft in de trommel. Voer regelmatig een onderhoudswasbeurt uit. Ga als volgt te werk:
- Haal al het wasgoed uit de trommel.
- Kies het katoenprogramma met de hoogste temperatuur met een kleine hoeveelheid wasmiddel.
15.6 Dekselafdichting
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant. Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
15.7 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om roestdeeltjes te voorkomen.
Voor een complete reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
- 2. Laat een kort katoenprogramma op hoge temperatuur draaien of gebruik, indien beschikbaar, programma Machine Clean. Voeg een kleine hoeveelheid waspoeder toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
15.5 Onderhoudswas
Bij programma's met lage temperaturen is het mogelijk dat er wat wasmiddel
15.8 Het wasmiddelbakje reinigen
Pagina 32
32 www.aeg.com
15.9 Het afvoerfilter reinigen
Reinig het afvoerfilter niet als het water in het apparaat heet is.
- Houd altijd een doek bij de hand om eventueel morsen van water op te nemen.
- 4 5
15.10 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
- 1. 2.
| 1 | 2 | 3 |
|---|---|---|
| 3. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
4.
90O
Pagina 33
NEDERLANDS 33
15.11 Noodafvoer
Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing.
Als dit optreedt, voert u stappen (1) tot
- (5) uit van "Het afvoerfilter reinigen". Maak de pomp zo nodig schoon.
15.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0° C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
16. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
16.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat u controles uitvoert, moet u de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode weergegeven en kan de knop Start/Pauze continu knipperen:
| Probleem | Mogelijke oplossing |
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met uw plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg "Onderhoud en reiniging". |
Pagina 34
34 www.aeg.com
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg "Onderhoud en reiniging". • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als u een programma instelt zonder afvoerfase. • Stel het afvoerprogramma in als u een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neemt u contact op met een erkende servicedienst. |
| De stroomtoevoer is niet stabiel. | • Wacht totdat de stroomtoevoer stabiel is. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakelt u het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neemt u contact op met de erkende servicedienst. Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine. | |
| Probleem | Mogelijke oplossing |
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Zorg dat het deksel en de trommeldeur gesloten zijn. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Zorg ervoor dat Start/Pauze is aangeraakt. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleert u de instelling of wacht u tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg "Montage-instructies". |
Pagina 35
NEDERLANDS 35
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg "Onderhoud en reiniging". • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker u ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker u ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveelheid daarvan gebruikt. |
| U kunt het deksel van het apparaat niet openen. | • Verzeker u ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker u ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. • Verzeker u ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker u ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg "Montage-instructies". • Verzeker u ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg "Montage-instructies". • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • De ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie "De ProSense System ladingdetectie" in het hoofdstuk "Dagelijks gebruik". |
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat u het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat u de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Zorg dat de klep zich op de juiste positie bevindt. • Verzeker u ervan dat u het wasmiddelvakje heeft gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. |
Pagina 36
36 www.aeg.com
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
17. VERBRUIKSWAARDEN
17.1 Inleiding
Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
17.2 Legenda
| kg | Wasgoed. u:mm Duur programma. |
|---|---|
| kWh | Energieverbruik. °C Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. rpm Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
Pagina 37
NEDERLANDS 37
17.3 In overeenstemming met Verordening van de
Commissie (EU) 2019/2023
| Eco 40-60 pro-kg gramma | kWh | Liter u:mm | % | °C rpm1) |
|---|---|---|---|---|
| Volledige lading 6 | 0.780 | 50 3:15 | 53 | 43 1451 |
| Halve belading 3 | 0.300 | 38 2:35 | 53 | 28 1451 |
| Kwartbelading 1,5 | 0.160 | 34 2:25 | 54 | 23 1451 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | ||||
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | ||
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
17.4 Veelvoorkomende programma's
Deze waarden zijn slechts indicatief.
| Programma | kg | kWh | Liter | u:mm | % | °C | rpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen2) 90 °C | 6 | 2.35 | 85 | 4:05 | 44 | 85 | 1500 |
| Katoen 60 °C | 6 | 1.70 | 80 | 3:45 | 44 | 55 | 1500 |
| Katoen 20°3) 20 °C | 6 | 0.25 | 80 | 2:45 | 44 | 20 | 1500 |
| Synthetica 40 °C | 3 | 0.55 | 55 | 2:15 | 35 | 40 | 1200 |
| Fijne Was4) 30 °C | 2 | 0.30 | 50 | 1:00 | 35 | 30 | 1200 |
Pagina 38
38 www.aeg.com
| Programma | kg | kWh | Liter | u:mm | % | °C | rpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Wol/Zijde 30 °C | 1,5 | 0.20 | 45 | 1:05 | 30 | 30 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
- 1) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
- 2) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 3) Geschikt voor licht vervuilde katoen, synthetische en gemengde stoffen.
- 4) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
18. SNELSTARTGIDS
18.1 Dagelijks gebruik
1
2
Steek de stekker in het stopcontact.
Draai de waterkraan open.
Doe het wasgoed in de machine.
Plaats het wasmiddel en andere behandelmiddelen in de juiste vakken van de wasmiddeldoseerbakje.
- 1. Druk op de Aan/Uit toets om het apparaat aan te zetten. Draai de programmaknop om het gewenste wasprogramma in te stellen.
- 2. Stel de gewenste opties (1) in met de corresponderende tiptoetsen. Om het programma te starten, drukt u op de Start/Pauze -toets (2).
- 3. Het apparaat start.
Neem aan het einde van het programma het wasgoed er uit.
Druk op de Aan/Uit -toets om het apparaat uit te zetten.
18.2 Reinigen van het filter van de afvoerpomp
Reinig het filter regelmatig en in het
op het
bijzonder als de alarmcode display verschijnt.