AEG L9WE06CB, tekst van de handleiding
Pagina's 19–39 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–18verder op pagina 40 →
Pagina 19
NEDERLANDS 19
| Programma | Programmabeschrijving |
|---|---|
| Katoen Eco | Wit en bont katoen. Normaal, zwaar of licht bevuild. Katoen Eco-programma. Dit programma op 60 ºC met een lading van 10 kg is het referentieprogramma voor de gegevens die op het energielabel staan, in overeenstemming met de richtlijnen EG 96/60. Stel dit programma in voor een goed wasresultaat en om het stroomverbruik te verlagen. De tijd van het wasprogramma wordt verlengd. |
| Synthetica | Synthetische of gemengde stoffen. Normale vervuiling. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
| Was- en droogprogramma | |
|---|---|
| Gemengde stoffen (katoen en synthetische stoffen). Com- | |
| NonStop 3u/3kg | plet programma om maximaal 3 kg wasgoed in een keer te wassen en drogen. Het duurt maar 3 uur. Ook verschijnt de indicator op de display. |
| Extra wasprogramma's | |
| Zijde | Speciaal programma voor zijde en gemengde synthetische stoffen. |
| Wol/Handwas | Machinewasbestendige wol, handwasbestendige wol en andere stoffen met «handwas»-symbool1). |
| Outdoor | Gebruik geen wasverzachter en zorg ervoor dat er geen wasverzachter resten in de wasmiddeldoseerlade achter zijn gebleven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Buitenkleding, technische kleding, sportkleding, waterbestendige en ademende jassen, jassen met een verwijderbare fleecelaag of binnenvoering.
Door een gecombineerd was- en droogprogramma te draaien, dient de droogfase ook als een hersteller van de waterafstootbaarheid.
Zorg ervoor dat het verzorgingsetiket aangeeft dat het kledingstuk mag worden gedroogd in de wasdroger.
Stoomprogramma
Pagina 20
20 www.aeg.com
| Programma | Programmabeschrijving |
|---|---|
| Stoom | Stoomprogramma's2) Stoom kan worden gebruikt voor droge, gewassen of eenmaal gedragen wasgoed. Deze programma's kunnen kreukels en luchtjes verminderen en het wasgoed zachter maken. Gebruik nooit een reinigingsmiddel. Verwijder vlekken indien nodig door te wassen of plaatselijk vlekkenverwijderaar te gebruiken. Stoomprogramma's hebben geen hygiënische cyclus. Stel het stoomprogramma niet in voor dit type kleding: |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
- kleding die bij een temperatuur lager dan 40°C gewassen moet worden.
- kleding waar op het wasvoorschrift niet staat of het geschikt is voor de droger.
- Artikelen met label "Alleen chemisch reinigen".
Speciale programma's
Spoelen
Om het wasgoed te spoelen en te centrifugeren. Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Verlaag de centrifugeersnelheid afhankelijk van het type wasgoed.
Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Om het wasgoed te centrifugeren en het water uit de trommel te pompen.
Centrifugeren/Pompen
- 1) Tijdens deze cyclus draait de trommel langzaam om te zorgen voor een zacht wasproces. Het kan lijken dat de trommel niet draait of niet goed draait, maar dat is normaal voor dit programma.
- 2) Als u een stoomprogramma instelt met gedroogde was, zal de was aan het eind van de cyclus vochtig aanvoelen. Het is beter om de kleren ongeveer 10 minuten in de frisse lucht te drogen om de vochtigheid te laten verdampen. Voor optimaal resultaat dient u het wasgoed na afloop van het programma meteen uit de trommel te halen. Na een stoomcyclus kunt u de items toch nog strijken, maar dan uiteraard met veel minder moeite.
Programmatemperatuur, maximum centrifugetoerental en maximum belading
Programma Maximale lading
| Standaard temperatuur | Referentie centrifugeersnelheid |
| Temperatuurbereik | Centrifugeersnelheidsbereik |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
| Wasprogramma's | |||
|---|---|---|---|
| Katoen | 40°C 95 °C - koud | 1600 tpm 1600 tpm - 400 tpm | 10 kg |
| Katoen Eco | 60 °C 60°C - 40 °C | 1600 tpm 1600 tpm - 400 tpm | 10 kg |
Pagina 21
NEDERLANDS 21
| Programma | Standaard temperatuur Temperatuurbereik | Referentie centrifugeersnelheid Centrifugeersnelheidsbereik | Maximale lading |
|---|---|---|---|
| Synthetica | 40°C 60 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 4 kg |
| NonStop 3u/3kg | 30 °C 40 °C - 30 °C | 1200 tpm | 3 kg |
| Zijde | 30 °C | 1000 tpm 1000 rpm - 1000 rpm | 0.5 kg |
| Wol/Handwas | 40 °C 40 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 1.5 kg |
| Outdoor | 30 °C 40 °C - Koud | 1200 tpm 1200 tpm - 400 tpm | 2 kg |
| Stoom | 1 kg | ||
| Spoelen | 1600 tpm 1600 tpm - 400 tpm | 10 kg | |
| Centrifugeren/Pompen | 1600 tpm 1600 tpm - | 10 kg | |
| Compatibiliteit programma-opties | |||
| Opties | |||
| ■ Centrifugeren | ■ ■ | ■ ■ ■ | ■ ■ |
| ■ Spoelstop | ■ ■ | ■ ■ | ■ |
Pagina 22
22 www.aeg.com
| Opties | ||||
|---|---|---|---|---|
| Extra stil | ||||
| Niet centrifugeren | ■1) | |||
| Extra Spoelen | ■ | ■ | ||
| Voorwas | ||||
| Vlekken2) | ||||
| Startuitstel | ■ ■ | ■ ■ | ■ | |
| Tijd besparen3) | ||||
| Anti-kreuk | ||||
| Droogtijd | ■ | ■ | ||
| Droogtegraad | ■4) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
- 1) Als u de optie Niet centrifugeren selecteert, dan voert het apparaat alleen de afvoercyclus uit.
- 2) Deze optie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40 °C.
- 3) Als u de kortste cyclusduur instelt, adviseren wij u de grootte van de lading te verminderen. Het is mogelijk om de volledige lading te gebruiken, maar het wasresultaat kan dan minder bevredigend zijn.
- 4) Strijkdroog is niet beschikbaar met dit programma.
Pagina 23
NEDERLANDS 23
7.2 Woolmark Apparel Care - Blauw
- De wolwascyclus van de machine is goedgekeurd door Woolmark voor het wassen van wollen kleding met een wasetiket voor de handwas, mits de kledingstukken worden gewassen
volgens de instructies op het etiket in het kledingstuk en die van de fabrikant van deze wasmachine.
M1230
- De droogcyclus voor wol van deze machine is getest en goedgekeurd door de Woolmark Company. De cyclus is geschikt voor wollen kleding die volgens het etiket op de hand moet worden gewassen op voorwaarde dat de kleding op een door Woolmark aangeraden manier op de hand gewassen is en gedroogd wordt volgens de instructies van de fabrikant. M1399
In het VK, Ierland, Hong Kong en India is het Woolmark-symbool is een certificeringshandelsmerk.
7.3 Automatisch drogen
| Droogheidsniveau | Soort stof | Lading |
|---|---|---|
| Extra droog Artikelen van badstof | Katoen en linnen (badjassen, badhanddoeken, etc.) | tot 6 kg |
| Kastdroog1) Voor spullen die opgeruimd worden | Katoen en linnen (badjassen, badhanddoeken, etc.) | tot 6 kg |
| Synthetische en gemengde stoffen (truien, blouses, ondergoed, huishoudlinnen en beddengoed) | tot 4 kg | |
| Wollen items (wollen truien) | tot 1 kg | |
| Buitensportkleding (buitenkleding, technische en sportkleding, waterproof en ademende jassen, jacks) | tot 2 kg | |
| Zijde (zijden kleding en zeer delicate artikelen) | tot 0,5 kg |
Pagina 24
24 www.aeg.com
| Droogheidsniveau | Soort stof | Lading |
|---|---|---|
| Strijkdroog (Iron Dry) Geschikt voor artikelen die gestreken moeten worden | Katoen en linnen (lakens, tafellakens, overhemden, etc.) | tot 6 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
- 1) Aanwijzingen voor testinstituten Testprestaties, volgens EN 50229, moeten worden uitgevoerd met de EERSTE drooglading van de maximale droogcapaciteit (samenstelling volgens EN61121) door selectie van het programma AUTOMATISCH KASTDROOG voor Katoen Eco. De TWEEDE drooglading met de restlading moet worden getest door selectie van het programma AUTOMATISCH KASTDROOG voor Katoen Eco.
7.4 Ingestelde droogtijd
| Droogheidsniveau | Soort stof | Lading (kg) | Centrifugesnelheid (tpm) | Voorgestelde duur (min) |
|---|---|---|---|---|
| Extra droog Artikelen van badstof | Katoen en linnen (badjassen, badhanddoeken, etc.) | 6 | 1600 | 280 - 300 |
| 4 | 1600 | 170- 190 | ||
| 2 | 1600 | 120 - 130 | ||
| Kastdroog Voor spullen die opgeruimd worden | Katoen en linnen (badjassen, badhanddoeken, etc.) | 6 | 1600 | 270 - 290 |
| 4 | 1600 | 160 - 180 | ||
| 2 | 1600 | 110 - 120 | ||
| Synthetische en gemengde stoffen (truien, blouses, ondergoed, huishoudlinnen en beddengoed) | 4 | 1200 | 170 - 190 | |
| 2 | 1200 | 100 - 120 | ||
| Wol (wollen truien) | 1 | 1200 | 90 - 110 | |
| Buitensportkleding (buitenkleding, technische en sportkleding, waterproof en ademende jassen, jacks) | 2 | 1200 | 140 - 160 | |
| 1 | 1200 | 90 - 110 | ||
| Zijde (zijden kleding en zeer delicate artikelen) | 0,5 | 1000 | 60 - 80 | |
| Strijkdroog (Iron Dry) Geschikt voor artikelen die gestreken moeten worden | Katoen en linnen (lakens, tafellakens, overhemden, etc.) | 6 | 1600 | 160 - 180 |
| 4 | 1600 | 100 - 120 | ||
| 2 | 1600 | 50 - 60 |
Pagina 25
NEDERLANDS 25
8. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT
Tijdens de installatie of voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, kunt u wat water in het apparaat waarnemen. Dit is restwater dat in het apparaat is achtergebleven nadat in de fabriek een volledige functietest werd uitgevoerd om te garanderen dat het apparaat in perfect functionerende staat aan de klant wordt geleverd en is geen reden voor ongerustheid.
- 1. Zorg ervoor dat alle transportbouten uit het apparaat zijn verwijderd.
- 2. Zorg ervoor dat er stroom aanwezig is er dat de waterkraan openstaat.
- 3. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel dat wordt
aangegeven met .
Deze handeling activeert het afvoersysteem.
- 4. Giet een kleine hoeveelheid wasmiddel in het vak dat wordt
aangegeven met .
- 5. Stel het programma voor katoen in op de hoogste temperatuur zonder wasgoed in de trommel en start het programma.
Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de trommel en de kuip.
9. INSTELLINGEN
9.1 Kinderslot
Met deze optie kunt u voorkomen dat kinderen met het bedieningspaneel spelen.
- Voor het inschakelen/uitschakelen van deze optie raakt u tegelijkertijd Vlekken/Voorwas en Startuitstel aan
tot het indicatielampje aan/uit gaat.
U kunt deze optie inschakelen:
- Nadat u toets Start/Pauze aanraakt: alle knoppen en de programmaknop worden uitgeschakeld (behalve de toets Aan/Uit).
- Voordat u toets Start/Pauze aanraakt: kan het apparaat niet starten.
Het apparaat behoudt de keuze van deze optie nadat u het heeft uitgeschakeld.
9.2 Geluidssignalen
Dit apparaat is uitgevoerd met verschillende geluidssignalen, die werken als:
- u het apparaat activeert (speciale korte toon).
- u het apparaat deactiveert (speciale korte toon).
- u een toets aanraakt (klikgeluid).
- u een foutieve keuze maakt (3 korte tonen).
- Het programma voltooid is (gedurende 2 minuten opeenvolgende geluiden).
- Het apparaat een storing ondergaat (gedurende 5 minuten opeenvolgende geluiden).
Voor het uitschakelen/inschakelen van de geluidssignalen raakt u gedurende 6 seconden tegelijkertijd toets Startuitstel en Tijd besparen aan.
Als u de geluidssignalen uitschakelt, werken ze wel als er een storing optreedt.
9.3 Permanent extra spoelen
Met deze optie kunt iedere keer u een nieuw programma instelt een of twee extra spoelbeurten laten draaien.
- Raak de knoppen Temperatuur en Centrifugeren tegelijkertijd eenmaal
Pagina 26
26 www.aeg.com
aan om een extra spoelbeurt toe te
voeren. verschijnt op het display.
- Raak de knoppen Temperatuur en Centrifugeren tegelijkertijd tweemaal aan om twee extra spoelbeurten toe
te voeren. verschijnt op het display.
- Raak de knoppen Temperatuur en Centrifugeren tegelijkertijd driemaal aan om de extra spoelbeurten te verwijderen. Het display toont alleen
.
10. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
10.1 Het apparaat inschakelen
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan open.
- 3. Druk een paar seconden op de knop voor Aan/Uit om het apparaat in te schakelen. Het lampje van de knop Start/Pauze begint te knipperen. De programmakeuzeknop staat automatisch ingesteld op het katoenprogramma en alleen het indicatielampje Wassen is aan dat zich boven de Modus-knop bevindt.
Het display geeft de maximale lading aan, de standaardtemperatuur, het maximale centrifugeertoerental, de faseaanduidingen die het programma heeft en de cyclusduur.
10.2 Wasgoed in de machine doen
- 1. Open de deur van het apparaat.
- 2. Schud de items voor u ze in de wasautomaat plaatst.
- 3. Plaats het wasgoed stuk voor stuk in de trommel.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.
- 4. Doe de deur stevig dicht.
LET OP!
Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen de deur blijft klemmen. Er kan waterlekkage of beschadigd wasgoed ontstaan.
10.3 Vullen met wasmiddel en toevoegingen
Vakje voor voorwasmiddel, weekprogramma of vlekkenverwijderaar.
Wasmiddelvakje voor wasfase.
Vakje voor vloeibare toevoegingen (textielversteviger, stijfsel).
Pagina 27
NEDERLANDS 27
Dit is het maximale niveau voor vloeibare toevoegingen.
Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.
Volg altijd de instructies op die u op de verpakking van het wasmiddel aantreft. We raden u wel aan het maximaal aangegeven niveau niet te overschrijden ( ). Deze hoeveelheid zal u echter de beste wasresultaten geven.
Verwijder na de wascyclus indien vereist achtergebleven wasmiddel uit het wasmiddelvakje.
10.4 De stand van de klep controleren
- 1. Trek de wasmiddeldoseerlade uit tot deze niet meer verder kan.
- 2. Druk de hendel in om de lade uit te trekken.
- 3. Draai de klep omhoog om poederwasmiddel te gebruiken.
Draai de klep omlaag om vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
Met de klep in de stand OMLAAG:
- Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmiddelen.
- Giet niet meer vloeibaar wasmiddel in het vakje dan de limiet op de klep.
- Stel de voorwasfase niet in.
- Stel de startuitstelfunctie niet in.
Meet het wasmiddel en wasverzachter af.
Sluit de wasmiddeldoseerlade voorzichtig.
Pagina 28
28 www.aeg.com
Zorg bij het sluiten van de lade dat de klep geen blokkering veroorzaakt.
10.5 Een programma instellen
- 1. Draai de programmaknop op het gewenste wasprogramma. Het bijbehorende indicatielampje gaat branden.
Het lampje van de knop Start/Pauze knippert.
Het display toont de maximaal bepaalde lading voor het programma, de standaardtemperatuur, het maximale centrifugeertoerental, de wasfaseaanduidingen (indien aanwezig) en een indicatieve programmaduur.
- 2. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, raakt u de bijbehorende toetsen aan.
- 3. Stel indien gewenst een of meer opties in door de desbetreffende knoppen aan te raken. De bijhorende aanduidingen gaan vervolgens aan in het display en de aangegeven informatie wijzigt.
Om alleen te wassen, dient u ervoor te zorgen dat alleen de aanduiding Wassen aan is die zich boven de Modusknop bevindt.
Als een keuze niet mogelijk is gaat de aanwijzing niet aan en klinkt er en geluidssignaal.
10.6 Een programma starten
Raak de Start/Pauze toets aan om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft branden.
Op het display begint het indicatielampje van de werkingsfase te knipperen.
Het programma start en de deur wordt vergrendeld. Op het display verschijnt
het indicatielampje .
De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.
10.7 Een programma starten met een uitgestelde start
- 1. Druk hier herhaaldelijk op totdat het display de gewenste uitsteltijd weergeeft. Het controlelampje Startuitstel gaat branden.
- 2. Druk op de knop Start/Pauze .
Het aftellen van de uitgestelde start wordt op het display weergegeven. Als het aftelproces voltooid is, wordt het programma gestart.
De ProSense schatting begint nadat het aftellen is beëindigd.
Het annuleren van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start annuleren:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze om het apparaat te pauzeren. Het bijbehorende controlelampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de knop Startuitstel totdat het display weergeeft.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/
Pauze om het programma onmiddellijk te starten.
Het wijzigen van de uitgestelde start als het afstellen is begonnen
De uitgestelde start wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze om het apparaat te pauzeren. Het
Pagina 29
NEDERLANDS 29
bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Druk herhaaldelijk op de toets Startuitstel totdat het display de gewenste uitsteltijd weergeeft.
- 3. Druk nogmaals op toets Start/Pauze om het aftellen opnieuw te laten beginnen.
10.8 De ladingdetectie ProSense
De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.
Na aanraking van de toets Start/Pauze gaat de aanduiding voor de maximaal bepaalde lading uit, knippert de
aanduiding en begint ProSense met detectie van het wasgoed:
- 1. Het toestel detecteert de lading in de eerste 30 seconden: de indicator
en de tijdpuntjes flikkeren, de trommel draait kort.
- 2. Aan het einde van de ladingdetectie
gaat de aanduiding uit en stoppen de tijdstippen met knipperen. De programmaduur wordt overeenkomstig aangepast en kan worden verlengd of verkort. En na 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.
In het geval er na de ladingdetectie een overladen trommel blijkt te zijn, zal het
lampje op het display knipperen:
In dit geval is het gedurende 30 seconden mogelijk het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.
Raak na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd de toets Start/ Pauze aan om het programma weer te starten. De fase ProSense kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).
Belangrijk! Als het wasgoed niet wordt verminderd, gaat het wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kunt u niet de beste wasresulaten verwachten.
Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.
De ProSense-detectie wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma´s (zonder gekozen overslafase).
10.9 Programmafase-indicatielampjes
Als het programma start, knippert de aanduiding van de draaiende fase en de andere faseaanduidingen branden.
De was- of voorwasfase is bijv. bezig:
.
Als de fase is voltooid, stopt de bijhorende aanduiding met knipperen en gaat continu branden. De volgende aanduiding begint te knipperen.
De spoelfase is bijv. bezig:
.
Indien u het programma Stoom kiest,
gaat de stoomfase-indicator branden.
10.10 Een programma onderbreken en de opties wijzigen
U kunt als er een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze . Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties. De weergegeven informatie in het display wijzigt overeenkomstig.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/ Pauze .
Het wasprogramma gaat verder.
Pagina 30
30 www.aeg.com
10.11 Een actief programma stoppen
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de Aan/Uit -knop om het apparaat aan te zetten. U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Als de ProSense -fase al voltooid is en de machine al met water gevuld wordt, begint het nieuwe programma zonder herhaling van de ProSense fase. Het water en wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen. De display toont de maximumduur van het programma en werkt dit 20 minuten na de start van het nieuwe programma bij.
10.12 Openen van de deur - kledingstukken toevoegen
Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachine vergrendeld.
Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kunt u de deur niet openen.
- 1. Druk op de knop Start/Pauze .
Op het display gaat het indicatielampje van de deurvergrendeling uit.
- 2. Open de deur van het apparaat. Indien nodig kunt u items toevoegen of uitnemen.
- 3. Sluit de deur en druk op de toets Start/Pauze .
Het programma of startuitstel gaat verder.
- 4. De deur kan worden geopend als het programma is voltooid of stel centrifugeren- of drainageprogramma/optie en druk op de knop Start/Pauze .
10.13 Einde van het programma
Wanneer het programma is voltooid, stopt het apparaat automatisch. De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
In het display gaan alle wasfaseaanduidingen continu branden
en toont de tijdzone .
Het lampje van Start/Pauze toets gaat uit.
Het deur ontgrendelt en de aanduiding
gaat uit.
knippert aan het einde van het programma als de trommel overladen is.
- 1. Druk op de Aan/Uit -knop om het apparaat uit te zetten.
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfuncie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt het einde van het als laatste gekozen programma in het display weergegeven. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur en het wasmiddeldoseerbakje iets open staan om de vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen.
- 5. Draai de waterkraan dicht.
10.14 Laat het water weglopen na afloop van de cyclus
Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:
- Het display toont de aanduiding ,
de optieaanduiding of en de aanduiding van vergrendelde deur
Pagina 31
NEDERLANDS 31
. Het indicatielampje van de
draaiende fase knippert.
- De trommel draait nog regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen:
- 1. Raak indien nodig de toets Centrifugeren aan om het centrifugeertoerental dat door het apparaat wordt voorgesteld te verlagen.
- 2. Druk op de knop Start/Pauze :
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat het water weg en gaat centrifugeren.
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat alleen het water weg.
De optieaanduiding of gaat uit,
terwijl de aanduiding knippert en dan uitgaat.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op de knop Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
10.15 Stand-by-optie
De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Het apparaat is 5 minuten voordat u op de knopStart/Pauze drukt, niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na afloop van het wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde programma wordt weergegeven op het display.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als u een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet gedeactiveerd door de stand-by-functie om u eraan te herinneren het water weg te pompen.
11. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Dit apparaat is een automatische wasdroogcombinatie.
11.1 NON-STOP-programma - Wassen en drogen
Niet alle programma's zijn compatibel met de droogfunctie. Het programma NonStop 3u/3kg is al een compleet was- en droogprogramma.
U kunt uw wasgoed wassen en drogen met een 'non-stop programma'. Ga als volgt te werk:
Pagina 32
32 www.aeg.com
- 1. Houd de Aan/Uit-knop enkele seconden ingedrukt om het apparaat in te schakelen.
- 2. Steek de was een voor een in het apparaat.
- 3. Vul de bakjes met wasmiddel en additieven.
- 4. Draai de programmaknop op het wasprogramma. Op het display verschijnt de standaard temperatuur en centrifugesnelheid. Indien nodig aanpassen aan uw wasgoed. Het display toont ook de maximaal aanbevolen lading voor de wasfase.
- 5. Stel de gewenste opties in als die beschikbaar zijn.
- 6. Druk eenmaal op de toets Modus om ook de droogfunctie in te schakelen.
De indicatielampjes Wassen en Drogen gaan branden. De lampjes
en verschijnen op het display. Het display geeft ook de maximaal aanbevolen lading aan voor een was- en droogprogramma (bijv. 6 kg voor katoen).
Zorg er bij het drogen van een grote lading voor dat de kledingstukken niet opgerold zitten en gelijk verdeeld zijn in de trommel.
Aan het begin van de droogcyclus (3 à 5 minuten) kan er een ietwat luider geluid gehoord worden. Dit komt door de compressor en is normaal voor apparaten die worden aangedreven door een compressor zoals koelkasten, vriezers, enz.
11.2 Wassen en drogen - automatische niveaus
- 1. Tik herhaaldelijk op de toets Droogtegraad tot de display de gewenste droogte weergeeft. De lampjes in de display branden als volgt:
- a. Strijkdroog: voor katoen;
- b. Kastdroog: voor katoen en synthetische stoffen;
- c. Extra droog: voor katoen;
De tijd op de display is de duur van beide cycli wassen en drogen.
Voor een goede droging met verbruik van minder energie in een kortere tijd laat de machine u niet toe een lage centrifugeersnelheid in te stellen voor de te wassen en drogen items.
- 2. Tik op de toets Start/Pauze om het programma te starten. De ProSenseschatting gaat van start.
In de display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op de display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
11.3 Wassen en op tijd drogen
- 1. Tik herhaaldelijk op de toets Droogtijd om de gewenste tijd in te stellen (zie de "Drogen op tijd"-tabel in het hoofdstuk "Programma´s"). Het indicatielampje van het droogniveau gaat uit en de indicatie
gaat aan.
De minimale droogtijd is 10 minuten. Telkens als u deze toets aantikt, wordt de droogtijd met 5 minuten verlengd. Op de display verschijnt de nieuwe ingestelde tijdwaarde.
- 2. Druk op de Start/Pauze om het programma te starten. De ProSenseschatting gaat van start.
In de display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op de display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
11.4 Aan het einde van het programma
- Het apparaat stopt automatisch.
Pagina 33
NEDERLANDS 33
| • | De geluidssignalen weerklinken (als ze | 1. |
| actief zijn). | 2. | |
| • | In het display gaat het symbool aan. | |
| • | Het lampje van toets Start/Pauze gaat | |
| uit. De deur vergrendeld gaat uit | ||
| • | Druk een paar seconden op de knop Aan/Uitom het apparaat uit te schakelen. | |
| Een paar minuten na afloop van het programma schakelt de energiebesparende functie het apparaat automatisch uit. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Haal het wasgoed uit het apparaat. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
Na de droogfase reinigt u de trommel, de pakking en de binnenkant van de deur met een natte doek.
Het lampje verschijnt op het display om u eraan te herinneren het luchtfilter te reinigen (raadpleeg 'Luchtfilters reinigen' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
12. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Dit apparaat is een automatische wasdroogcombinatie.
12.1 Voorbereiding op het drogen
- 1. Houd de toets Aan/Uit enkele seconden ingedrukt om de machine in te schakelen.
Met een programma waarin alleen wordt gedroogd, toont de display de maximale lading niet en is de schatting ProSense uitgeschakeld.
- 2. Laad het wasgoed één voor één.
- 3. Draai de programmaknop naar het programma dat geschikt is voor het drogen van het wasgoed.
- 4. Tik tweemaal op de toets Modus om wassen uit te schakelen en alleen te drogen. Het Drogen-lampje brandt.
De lampjes en verschijnen op de display.
Bij het drogen van veel wasgoed moet u er voor goede droogprestaties voor zorgen dat het wasgoed niet is opgerold en dat het gelijkmatig in de trommel verdeeld is.
12.2 Drogen - automatische niveaus
- 1. Tik toets Droogtegraad herhaaldelijk aan tot het display de gewenste droogte weergeeft. De lampjes in het display branden als volgt:
- a. Strijkdroog: voor katoenen kleding;
- b. Kastdroog: voor katoen en synthetische stoffen;
- c. Extra droog: voor katoenen kleding.
Op het display verschijnt de programmaduur van het drogen.
Voor een goede droging met verbruik van minder energie in een kortere tijd laat het apparaat u niet toe een lage centrifugeersnelheid in te stellen voor de te wassen en drogen items.
- 2. Raak toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
Pagina 34
34 www.aeg.com
In het display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op het display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
12.3 Ingesteld tijddrogen
- 1. Tik herhaaldelijk op de knop Droogtijd om de gewenste tijd in te stellen (zie de "Drogen op tijd"-tabel in het hoofdstuk "Programma´s"). Het indicatielampje van het droogniveau gaat uit en de indicatie
gaat aan.
De minimale droogtijd is 15 minuten. Telkens als u deze toets aantikt wordt de droogtijd met 5 minuten verlengd. Op de display verschijnt de nieuwe ingestelde tijdwaarde.
- 2. Raak Start/Pauze aan om het programma te starten.
In het display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op het display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
12.4 Aan het einde van het programma
- Het apparaat stopt automatisch.
- De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
- In het display gaat het symbool aan.
- Het lampje van toets Start/Pauze gaat
uit. De deur vergrendeld gaat uit
- Druk een paar seconden op de knop Aan/Uitom het apparaat uit te schakelen.
Een paar minuten na afloop van het programma schakelt de energiebesparende functie het apparaat automatisch uit.
- 1. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 2. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
Na de droogfase reinigt u de trommel, de pakking en de binnenkant van de deur met een natte doek.
Het lampje verschijnt op het display om u eraan te herinneren het luchtfilter te reinigen (raadpleeg
'Luchtfilters reinigen' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
13. PLUISJES OP KLEDING
Tijdens de was- en/of droogfase geven bepaalde soorten stoffen (spons, wol, sweaterstof) pluisjes af.
Deze afgegeven pluisjes kunnen tijdens de volgende cyclus aan de stoffen kleven.
Dit nadeel verergert bij technische stoffen.
Ter voorkoming van pluisjes in uw wasgoed, bevelen wij u het volgende aan:
- Was geen donkere stoffen na het wassen en drogen van lichtgekleurde stoffen (handdoeken, wol en sweaterstof) en vice versa.
- Laat dit soort stoffen in de openlucht drogen wanneer ze voor het eerst gewassen zijn.
- Reinig het afvoerfilter.
- Na de droogfase reinigt u de lege trommel, de pakking en de deur grondig met een natte doek.
Voor het verwijderen van pluisjes in de trommel, stelt u een speciaal programma in:
- Maak de trommel leeg.
- Maak de trommel, pakking en deur grondig schoon met een natte doek.
- Stel het spoelprogramma in.
- Druk tegelijkertijd op de knoppen Vlekken/Voorwas en Anti-kreuk totdat
Pagina 35
NEDERLANDS 35
het display CLE weergeeft om de reinigingsfunctie te activeren.
- Raak toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
Gebruik als het apparaat veelvuldig wordt gebruikt, regelmatig het programma CLE.
14. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt.
We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (bijv. beugelbh's, riemen, panty's, veters, linten, etc.).
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (raadpleeg hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze. De centrifugeerfase gaat door.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind riemen,
koorden, veters, linten en andere losse elementen vast.
- Maak de zakken leeg en vouw de artikelen open.
14.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
14.3 Wasmiddelen en nabehandelingsmiddelen
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines:
- waspoeder voor alle soorten weefsels, – waspoeder voor delicate stoffen (40 °C max) en wol, – vloeibare wasmiddelen, bij voorkeur voor wasprogramma's bij lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle soorten materiaal, of speciaal voor alleen wol (wasmiddelflap in positie B gedraaid in het hoofdwasvak).
- Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar.
- Gebruik geen wasmiddeltabletten in het wasmiddelvak.
Pagina 36
36 www.aeg.com
- Denk aan het milieu en gebruik niet meer dan de aanbevolen hoeveelheid wasmiddel.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het
aangegeven maximumniveau ( ) te overschrijden.
- Gebruik de aanbevolen wasmiddelen voor het type en de kleur van het wasgoed, voor de programmatemperatuur en voor de mate van vervuiling.
- Als uw machine geen wasmiddeldoseerbakje heeft met klepje, voeg dan het vloeibare wasmiddel toe met een doseerbol (meegeleverd bij het wasmiddel).
14.4 Tips voor milieuvriendelijk gebruik
- Kies een programma zonder voorwas om normaal vervuild wasgoed te wassen.
- Start het wasprogramma altijd met de maximaal toegestane wasgoedbelading.
- Als u de vlekken voorbehandelt of een vlekkenverwijderaar gebruikt, stel dan een programma in met een lage temperatuur.
- Controleer de waterhardheid van uw plaatselijke systeem om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken.
Zie "Waterhardheid".
14.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterontharder niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
14.6 De droogfase voorbereiden
- Draai de waterkraan open.
- Controleer of de afvoerslang goed is aangesloten. Zie het hoofdstuk over de installatie voor meer informatie.
- Raadpleeg voor informatie over de maximale wasgoedlading bij droogprogramma's de droogprogrammatabel.
14.7 Items die niet geschikt zijn voor de droger
Stel voor dit wasgoed geen droogprogramma in:
- Synthetische gordijnen.
- Kledingstukken met metalen invoegstukken.
- Nylon kousen.
- Dekbedden.
- Bedspreien.
- Dekbedovertrekken.
- Slaapzakken.
- Stoffen met restjes haarspray, nagellakremover of iets dergelijks.
- Kledingstukken met schuimrubber of met materialen die hierop lijken.
14.8 Wasvoorschriften in de kleding
Bij het drogen van uw wasgoed moet u zich houden aan de voorschriften van de fabrikant:
- = Het artikel is geschikt voor de droogtrommel
- = Droogprogramma op hoge temperatuur
- = Droogprogramma op lage temperatuur
- = Het artikel is niet geschikt voor de droogtrommel.
14.9 Duur van het droogprogramma
De droogtijd kan variëren afhankelijk van:
- snelheid van de laatste keer centrifugeren
- droogheidsniveau
- soort wasgoed
Pagina 37
NEDERLANDS 37
- het gewicht van het wasgoed
14.10 Extra drogen
Als het wasgoed aan het einde van het droogprogramma nog steeds vochtig is, stelt u nogmaals een korte droogfase in.
WAARSCHUWING!
Om kreuken en krimpen te voorkomen dient u het wasgoed niet te lang te drogen.
14.11 Algemene tips
Raadpleeg de tabel "Tijddrogen" om de gemiddelde droogtijden op te zoeken. Het drogen van wasgoed zal beter gaan naarmate u het vaker doet. Houd bij hoe lang uw droogprogramma's duren.
Statische lading na het drogen voorkomen:
- 1. Gebruik wasverzachter tijdens de wasfase.
- 2. Gebruik speciale wasverzachter voor droogautomaten.
- 3. Schenk geen wasmiddel of wasverzachter in het apparaat voor het uitvoeren van een droogcyclus.
- 4. Droog geen ruwe en gladde textiel samen om te voorkomen dat de gladde kledingstukken worden verschroeid.
- 5. Verwijder alle voorwerpen uit de zakken van de kledingstukken, in het bijzonder voorwerpen die kunnen smelten.
Zorg dat u uw wasgoed aan het einde van het droogprogramma zo snel mogelijk uit het apparaat haalt.
15. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
15.1 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
15.2 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
15.3 Onderhoudswas
Bij herhaaldelijke en voortdurend gebruik van programma´s bij lage temperaturen kunnen er wasmiddelresten en pluizen achterblijven en kan er bacteriëngroei in de trommel en de kuip ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Draai om deze resten te verwijderen en de binnenkant van het apparaat hygiënisch te reinigen regelmatig een onderhoudswasbeurt (minstens eenmaal per maand):
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Machine reinigen.
Pagina 38
38 www.aeg.com
15.4 Deurrubber
Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
15.5 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen. Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen, schuurmiddelen die chloor of ijzer of staal bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
- 2. Draai een kort katoenprogramma op een hoge temperatuur met een lege trommel en een kleine hoeveelheid waspoeder of, indien beschikbaar, gebruikt u het Machine reinigen programma.
15.6 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen
Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:
- 1. Open de lade. Duw de pal zoals aangegeven in de afbeelding naar beneden en trek de lade uit.
1
2
- 2. Verwijder het bovenste gedeelte van het vak voor toevoegingen om het reinigen te vereenvoudigen en spoel het af onder de kraan met warm water om resten van opgehoopt wasmiddel te verwijderen. Plaats het bovenste gedeelte na reiniging terug op zijn plek.
- 3. Zorg ervoor dat alle wasmiddelresten van de boven- en onderkant van de uitsparing zijn verwijderd. Reinig de uitsparing met gebruik van een kleine borstel.
Pagina 39
NEDERLANDS 39
- 4. Steek de wasmiddellade in de geleiderail en sluit hem. Draai het spoelprogramma zonder wasgoed in de trommel te plaatsen.
15.7 De luchtfilters reinigen
De luchtfilters vangen de pluizen op. De pluizen ontstaan tijdens het drogen van de kleding in de droogautomaat.
- Aan het einde van elke droogcyclus
zal het lampje in de display branden om u te laten weten dat de hoofdluchtfilter gereinigd moet worden (zie afbeeldingen van 1 tot 5). Het geluidssignaal werkt.
- Af en toe knippert het lampje om u eraan te herinneren dat beide luchtfilters moeten worden gereinigd: de hoofdluchtfilter en de secundaire luchtfilter (voor de secundaire filter, zie afbeeldingen van 6 tot 8). Het geluidssignaal werkt.
Reinig de luchtfilters regelmatig om de beste droogprestaties te verkrijgen. Verstopte filters maken cycli langer en verhogen het energieverbruik.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen water om de filters te reinigen om te voorkomen dat plastic vezels in de wateromgeving stromen. Gooi de pluis in een vuilnisbak.
- 1. Druk op de haak om de hoofdluchtfilter te openen.
- 2. Trek de hoofdluchtfilter eruit.
- 3. Open het deksel van de hoofdluchtfilter door het naar boven te trekken.
- 4. Reinig de hoofdluchtfilter met uw hand en indien nodig met een stofzuiger. Gooi de pluis in een vuilnisbak.