AEG L9WEN066CB, tekst van de handleiding
Pagina's 39–60 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 15–38verder op pagina 61 →
Pagina 39
NEDERLANDS 39
Niet-automatische was&droog-programma's
In sommige wasprogramma’s kunt u de Wassen- en Drogen-modus combineren om een volledig was&droog-programma uit te voeren.
Ga als volgt te werk:
- 1. Houd na het laden van het wasgoed en het wasmiddel de toets Aan/Uit enkele seconden ingedrukt om het apparaat in te schakelen.
- 2. Draai de programmaknop naar het gewenste wasprogramma. Het display toont de standaardtemperatuur en spoelen.
Vervang ze indien nodig, op basis van uw wasgoed. Het display toont ook de maximaal aanbevolen lading voor de wasfase.
- 3. Stel de gewenste opties in, als die beschikbaar zijn.
- 4. Druk eenmaal op de toets Modus om ook de droogfunctie in te schakelen.
De indicatielampjes Wassen en Drogen gaan branden. De lampjes
en verschijnen op het display. Het display geeft ook de maximaal aanbevolen lading aan voor een was- en droogprogramma (bijv. 6 kg voor katoen).
- 5. Open de deur en plaats de stukken wasgoed een voor een. Op het display wordt het gewicht van het wasgoed aangepast met stappen van 0,5 kg en de programmaduur wordt overeenstemmend aangepast.
- 6. Sluit de deur.
- 7. Doe het wasmiddel en de aanvullende middelen in het juiste vakje.
Zorg er bij het drogen van een grote lading wasgoed voor dat de kledingstukken niet opgerold zitten en gelijkmatig verdeeld zijn in de trommel.
Aan het begin van de droogcyclus (3 à 5 minuten) hoort u mogelijk een iets harder geluid. Dit komt door de compressor en is normaal voor apparaten die worden aangedreven door een compressor zoals koelkasten, vriezers, enz.
14.2 Wassen en drogen - automatische niveaus
- 1. Tik herhaaldelijk op de toets Droogtegraad tot de display de gewenste droogte weergeeft. De lampjes in de display branden als volgt:
- a. Strijkdroog: voor katoen;
- b. Kastdroog: voor katoen en synthetische stoffen;
- c. Extra droog: voor katoen;
De tijd op de display is de duur van beide cycli wassen en drogen.
Voor een goede droging met verbruik van minder energie in een kortere tijd laat de machine u niet toe een lage centrifugeersnelheid in te stellen voor de te wassen en drogen items.
- 2. Tik op de toets Start/Pauze om het programma te starten. De ProSenseschatting gaat van start.
In de display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op de display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
14.3 Wassen en op tijd drogen
- 1. Tik herhaaldelijk op de toets Droogtijd om de gewenste tijd in te stellen (zie de "Drogen op tijd"-tabel in het hoofdstuk "Programma´s"). Het
Pagina 40
40 www.aeg.com
indicatielampje van het droogniveau
gaat uit en de indicatie gaat aan. De minimale droogtijd is 10 minuten. Telkens als u deze toets aantikt, wordt de droogtijd met 5 minuten verlengd. Op de display verschijnt de nieuwe ingestelde tijdwaarde.
- 2. Druk op de Start/Pauze om het programma te starten. De ProSenseschatting gaat van start.
In de display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op de display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
14.4 Aan het einde van het programma
- Het apparaat stopt automatisch.
- De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
- In het display gaat het symbool aan.
- Het lampje van toets Start/Pauze gaat
uit. De deur vergrendeld gaat uit
- Druk een paar seconden op de knop Aan/Uitom het apparaat uit te schakelen.
Een paar minuten na afloop van het programma schakelt de energiebesparende functie het apparaat automatisch uit.
- 1. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 2. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
Na de droogfase reinigt u de trommel, de pakking en de binnenkant van de deur met een natte doek.
Het lampje verschijnt op het display om u eraan te herinneren het luchtfilter te reinigen (raadpleeg
'Luchtfilters reinigen' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
15. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Dit apparaat is een automatische wasdroogcombinatie.
15.1 Voorbereiding op het drogen
- 1. Houd de toets Aan/Uit enkele seconden ingedrukt om de machine in te schakelen.
Met een programma waarin alleen wordt gedroogd, toont de display de maximale lading niet en is de schatting ProSense uitgeschakeld.
- 2. Laad het wasgoed één voor één.
- 3. Draai de programmaknop naar het programma dat geschikt is voor het drogen van het wasgoed.
- 4. Tik tweemaal op de toets Modus om wassen uit te schakelen en alleen te
drogen. Het Drogen-lampje brandt.
De lampjes en verschijnen op de display.
Bij het drogen van veel wasgoed moet u er voor goede droogprestaties voor zorgen dat het wasgoed niet is opgerold en dat het gelijkmatig in de trommel verdeeld is.
15.2 Drogen - automatische niveaus
- 1. Tik toets Droogtegraad herhaaldelijk aan tot het display de gewenste droogte weergeeft. De lampjes in het display branden als volgt:
- a. Strijkdroog: voor katoenen kleding;
- b. Kastdroog: voor katoen en synthetische stoffen;
Pagina 41
NEDERLANDS 41
- c. Extra droog: voor katoenen kleding.
Op het display verschijnt de programmaduur van het drogen.
Voor een goede droging met verbruik van minder energie in een kortere tijd laat het apparaat u niet toe een lage centrifugeersnelheid in te stellen voor de te wassen en drogen items.
- 2. Raak toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
In het display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op het display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
15.3 Ingesteld tijddrogen
- 1. Tik herhaaldelijk op de knop Droogtijd om de gewenste tijd in te stellen (zie de "Drogen op tijd"-tabel in het hoofdstuk "Programma´s"). Het indicatielampje van het droogniveau
gaat uit en de indicatie gaat aan. De minimale droogtijd is 15 minuten. Telkens als u deze toets aantikt wordt de droogtijd met 5 minuten verlengd. Op de display verschijnt de nieuwe ingestelde tijdwaarde.
- 2. Raak Start/Pauze aan om het programma te starten.
In het display gaat het indicatielampje
voor vergrendelde deur aan en het
indicatielampje van de lopende fase begint te knipperen.
Op het display wordt ook de resterende programmatijd weergegeven.
15.4 Aan het einde van het programma
- Het apparaat stopt automatisch.
- De geluidssignalen weerklinken (als ze actief zijn).
- In het display gaat het symbool aan.
- Het lampje van toets Start/Pauze gaat
uit. De deur vergrendeld gaat uit
- Druk een paar seconden op de knop Aan/Uitom het apparaat uit te schakelen.
Een paar minuten na afloop van het programma schakelt de energiebesparende functie het apparaat automatisch uit.
- 1. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 2. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
Na de droogfase reinigt u de trommel, de pakking en de binnenkant van de deur met een natte doek.
Het lampje verschijnt op het display om u eraan te herinneren het luchtfilter te reinigen (raadpleeg
'Luchtfilters reinigen' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
16. PLUIS IN DE STOFFEN
Tijdens de was- en/of droogfase geven bepaalde soorten stoffen (spons, wol, sweaterstof) pluisjes af.
De vrijgekomen pluisjes kunnen tijdens de volgende cyclus aan de stoffen blijven kleven.
Dit ongemak is nog groter bij technische stoffen.
Om het pluisjes in uw wasgoed te voorkomen:
- Was geen donkere stoffen na het wassen en drogen van lichtgekleurde stoffen (handdoeken, wol en sweaterstof) en vice versa.
- Laat dit soort stoffen in de open lucht drogen wanneer ze voor het eerst zijn gewassen.
- Reinig het afvoerfilter.
- Na de droogfase reinigt u de lege trommel, de pakking en de deur met een natte doek.
Pagina 42
42 www.aeg.com
Ga als volgt te werk om pluisjes uit de trommel te verwijderen:
- Maak de trommel leeg.
- Reinig de trommel, de pakking en de deur met een natte doek.
- Stel het spoelprogramma in.
- Druk tegelijkertijd op de Vlekken/ Voorwas en de Anti-kreuk toets, totdat het display CLE weergeeft, om de reinigingsfunctie te activeren.
- Raak de Druk op de toets Start/Pauze om het programma te starten.
Voer het CLE-programma regelmatig uit als het apparaat vaak wordt gebruikt.
17. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
17.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt.
We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was hardnekkige vlekken met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (raadpleeg hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze. De centrifugeerfase gaat door.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind
riemen, koorden, veters, linten en andere losse elementen vast.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (bijv. beugelbh's, riemen, panty's, veters, linten, etc.).
- Maak de zakken leeg en vouw de artikelen open.
17.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
Spuit geen vlekkenverwijderaar op kledingstukken in de buurt van het
Pagina 43
apparaat, omdat het corrosief is voor de plastic onderdelen.
17.3 Type en hoeveelheid wasmiddel
De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines. Volg eerst deze algemene regels:
- waspoeders (ook tabletten en wasmiddelen voor eenmalig gebruik) voor alle soorten stoffen, met uitzondering van delicate stoffen. Kies bij voorkeur voor waspoeder met bleekmiddel voor witte was en hygiënisch wassen, – vloeibare wasmiddelen (ook wasmiddelen voor eenmalig gebruik), bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- De keuze en hoeveelheid wasmiddel zal afhangen van: type stof (delicaat, wollen, katoen, enz.), de kleur van de kleding, de grootte van de lading, de mate van vervuiling, wastemperatuur en hardheid van het gebruikte water.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het
aangegeven maximumniveau ( ) te overschrijden.
- Meng geen verschillende soorten wasmiddelen.
- Gebruik minder wasmiddel als:
- je een kleine lading wast, – het wasgoed licht vervuild is,
NEDERLANDS 43
- er grote hoeveelheden schuim zijn tijdens het wassen.
- Wanneer je wasmiddeltabs of -pods gebruikt, plaats deze dan altijd in de trommel, niet in het wasmiddeldoseerbakje en volg de aanbevelingen van de fabrikant op.
Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- onbevredigende wasresultaten,
- het wasgoed dat grijs wordt,
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
- verminderd waseffect,
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
17.4 Ecologische tips
Om water en energie te besparen en om het milieu te helpen beschermen, raden wij u aan om de volgende tips ter harte te nemen:
- Normaal vuile was kan zonder voorwas worden gewassen om wasmiddel, water en tijd te besparen (ook het milieu wordt zo beschermd!)
- Door het apparaat te laden tot de maximale capaciteit die voor elk programma is aangegeven, wordt het energie- en waterverbruik verminderd.
- Met de juiste voorbehandeling kunnen vlekken en beperkte vervuiling worden verwijderd; het wasgoed kan vervolgens op een lagere temperatuur worden gewassen.
- Om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken, raadpleegt u de hoeveelheid voorgesteld door de producent van het wasmiddel en controleert u de waterhardheid van uw huishoudelijk systeem. Zie
"Waterhardheid".
- Stel de maximaal mogelijke centrifugeersnelheid in voor het geselecteerde programma om energie te besparen tijdens de droogfase!
Pagina 44
44
www.aeg.com
17.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor wasautomaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
17.6 De droogfase voorbereiden
- Draai de waterkraan open.
- Controleer of de afvoerslang goed is aangesloten. Zie het hoofdstuk over de installatie voor meer informatie.
- Raadpleeg voor informatie over de maximale wasgoedlading bij droogprogramma's de droogprogrammatabel.
17.7 Items die niet geschikt zijn voor de droger
Stel voor dit wasgoed geen droogprogramma in:
- Synthetische gordijnen.
- Kledingstukken met metalen invoegstukken.
- Nylon kousen.
- Dekbedden.
- Bedspreien.
- Dekbedovertrekken.
- Slaapzakken.
- Stoffen met restjes haarspray, nagellakremover of iets dergelijks.
- Kledingstukken met schuimrubber of met materialen die hierop lijken.
17.8 Wasvoorschriften in de kleding
Bij het drogen van uw wasgoed moet u zich houden aan de voorschriften van de fabrikant:
- = Het artikel is geschikt voor de droogtrommel
- = Droogprogramma op hoge temperatuur
- = Droogprogramma op lage temperatuur
- = Het artikel is niet geschikt voor de droogtrommel.
17.9 Duur van het droogprogramma
De droogtijd kan variëren afhankelijk van:
- snelheid van de laatste keer centrifugeren
- droogheidsniveau
- soort wasgoed
- het gewicht van het wasgoed
17.10 Extra drogen
Als het wasgoed aan het einde van het droogprogramma nog steeds vochtig is, stelt u nogmaals een korte droogfase in.
WAARSCHUWING!
Om kreuken en krimpen te voorkomen dient u het wasgoed niet te lang te drogen.
17.11 Algemene tips
Raadpleeg de tabel "Tijddrogen" om de gemiddelde droogtijden op te zoeken. Het drogen van wasgoed zal beter gaan naarmate u het vaker doet. Houd bij hoe lang uw droogprogramma's duren.
Statische lading na het drogen voorkomen:
- 1. Gebruik wasverzachter tijdens de wasfase.
- 2. Gebruik speciale wasverzachter voor droogautomaten.
- 3. Schenk geen wasmiddel of wasverzachter in het apparaat voor het uitvoeren van een droogcyclus.
- 4. Droog geen ruwe en gladde textiel samen om te voorkomen dat de gladde kledingstukken worden verschroeid.
- 5. Verwijder alle voorwerpen uit de zakken van de kledingstukken, in het bijzonder voorwerpen die kunnen smelten.
Pagina 45
NEDERLANDS 45
Zorg dat u uw wasgoed aan het einde van het droogprogramma zo snel mogelijk uit het apparaat haalt.
18. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
18.1 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje op een kier om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
|---|---|
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Pluis in de trommel verwijderen | Twee keer per maand1) |
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
| Primaire luchtfilter | Na elke cyclus |
| Secundaire luchtfilter | Wanneer het controlelampje knippert |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
Twee keer per jaar
De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen
- 1) Raadpleeg het hoofdstuk ''Pluis in de stoffen''.
In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.
18.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw cyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met een erkend servicecentrum.
18.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
Pagina 46
46 www.aeg.com
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
18.4 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterontharder voor wasautomaten aan.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
18.5 Onderhoudswasbeurt
Bij herhaaldelijke en voortdurend gebruik van programma´s bij lage temperaturen kunnen er wasmiddelresten en pluizen achterblijven en kan er bacteriëngroei in de trommel en de kuip ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Draai om deze resten te verwijderen en de binnenkant van het apparaat hygiënisch te reinigen regelmatig een onderhoudswasbeurt (minstens eenmaal per maand):
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Machine Clean.
18.6 Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer regelmatig de
afdichting. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
18.7 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen. Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat.
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u op de verpakking van het product vindt.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen of met schuurmiddelen die chloor, ijzer of staal bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die u op de verpakking van het product vindt.
- 2. Draai een kort katoenprogramma op een hoge temperatuur met een lege trommel en een kleine hoeveelheid waspoeder of, indien beschikbaar, draait u het Machine Clean - programma.
Pagina 47
NEDERLANDS 47
18.8 Het wasmiddeldoseerbakje reinigen
Om mogelijke afzetting van opgedroogd wasmiddel of geklonterde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen dient u af en toe de volgende reinigingsprocedure uit te voeren:
- 1. Open de lade. Duw de pal zoals aangegeven in de afbeelding naar beneden en trek de lade uit.
1
2
- 2. Verwijder het bovenste deel van het additievencompartiment om reiniging te vergemakkelijken. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte.
Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
- 3. Spoel de wasmiddellade uit onder stromend warm water om eventuele sporen van opgehoopt wasmiddel te verwijderen. Plaats het bovenste gedeelte na reiniging terug op zijn plek.
- 4. Plaats de wasmiddellade in de geleiders en sluit de lade. Draai het spoelprogramma zonder kleding in de trommel.
18.9 De luchtfilters reinigen
De luchtfilters vangen de pluizen op. De pluizen ontstaan tijdens het drogen van de kleding in de droogautomaat.
- Aan het einde van elke droogcyclus zal het lampje in de display
Pagina 48
48 www.aeg.com
branden om u te laten weten dat de hoofdluchtfilter gereinigd moet worden (zie afbeeldingen van 1 tot 5). Het geluidssignaal werkt.
- Af en toe knippert het lampje om u eraan te herinneren dat beide luchtfilters moeten worden gereinigd: de hoofdluchtfilter en de secundaire luchtfilter (voor de secundaire filter, zie afbeeldingen van 6 tot 8). Het geluidssignaal werkt. Reinig de luchtfilters regelmatig om de beste droogprestaties te verkrijgen. Verstopte filters maken cycli langer en verhogen het energieverbruik.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen water om de filters te reinigen om te voorkomen dat plastic vezels in de wateromgeving stromen. Gooi de pluis in een vuilnisbak.
- 1. Druk op de haak om de hoofdluchtfilter te openen.
- 2. Trek de hoofdluchtfilter eruit.
- 3. Open het deksel van de hoofdluchtfilter door het naar boven te trekken.
- 4. Reinig de hoofdluchtfilter met uw hand en indien nodig met een stofzuiger. Gooi de pluis in een vuilnisbak.
- 5. Sluit het deksel van de hoofdluchtfilter.
- 6. Trek de secundaire filter eruit.
- 7. Reinig de secundaire luchtfilter met uw hand en indien nodig met een
Pagina 49
NEDERLANDS 49
8.
9.
stofzuiger. Gooi de pluis in een vuilnisbak.
Plaats de secundaire luchtfilter terug.
Plaats de hoofdluchtfilter terug en sluit die stevig.
+
WAARSCHUWING!
De opening van de hoofdluchtfilter mag niet worden geblokkeerd door een voorwerp.
Als u het wasgoed alleen wast met uw wasdroogcombinatie, dan is het normaal dat het primaire luchtfilter een beetje vochtig is.
18.10 Maak de afvoerpomp schoon
WAARSCHUWING!
Haal de netstekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Reinig de afvoerpomp wanneer:
- Het apparaat pompt geen water weg.
- de trommel niet ronddraait.
- het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door een blokkade in de afvoerpomp.
- Op het display verschijnt de
alarmcode .
WAARSCHUWING!
- Verwijder het filter niet als het apparaat in gebruik is.
- Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld
WAARSCHUWING!
Reinig de afvoerfilter iedere keer u het speciale programma CLE uitvoert voor de verwijdering van pluizen.
Voor reiniging van de pomp gaat u als volgt te werk:
- 1. Open het pompdeksel.
Pagina 50
50 www.aeg.com
- 2. Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen.
- 3. Open de afvoerklep naar beneden.
Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.
- 4. Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder verwijdering. Laat het water wegstromen.
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Verzeker u ervan dat de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als hij niet roteert: neem contact op met een erkend servicecentrum.
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
Pagina 51
NEDERLANDS 51
12. Sluit het pompdeksel.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- a. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- b. Start het programma om water af te voeren.
18.11 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
Het kan nodig zijn filters te reinigen als:
- Het apparaat wordt niet gevuld met water.
- Het apparaat heeft veel tijd nodig om op te vullen met water.
- Het lampje van de toets Start/Pauze knippert en de display het bijbehorende alarm toont. Raadpleeg het hoofdstuk "Probleemoplossing".
| De watertoevoerfilters schoonmaken: | ||
| • | Draai de waterkraan dicht. | |
| • | Verwijder de watertoevoerslang van de | |
| 1 | kraan. | |
| • | Reinig het filter in de toevoerslang met een harde borstel. | |
| 2 |
Pagina 52
52 www.aeg.com
20°
45°
18.12 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om het water weg te pompen.
- Verwijder de toevoerslang achter de machine.
- Reinig het filter in de klep met een harde borstel of een handdoek.
- Installeer de watertoevoerslang opnieuw.
Zorg ervoor dat de koppelingen stevig vast zitten om lekkage te voorkomen.
- Draai de waterkraan open.
18.13 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
Pagina 53
NEDERLANDS 53
WAARSCHUWING!
Zorg dat de temperatuur hoger is dan 5 °C en dat het water uit de kraan stroomt voordat u het apparaat weer gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
19. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
19.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode weergegeven en kan de Start/Pauze -knop continue knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet je een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze
drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
Probleem Mogelijke oplossing
Pagina 54
54 www.aeg.com
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. |
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| De stroomtoevoer is niet stabiel. | • Wacht totdat de stroomtoevoer stabiel is. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| : controleer het luchtfilter. | • Zorg ervoor dat het luchtfilter schoongemaakt is. • Zorg ervoor dat het luchtfilter correct geplaatst is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de wasmachine.
Pagina 55
NEDERLANDS 55
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. • Zorg ervoor dat de Starten op afstand niet is ingeschakeld. Schakel het uit. |
Pagina 56
56 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De display geeft de aanduiding voor het draadloze netwerk niet weer . | • Controleer het draadloze signaal. • Zorg dat de draadloze verbinding aanstaat. Raadpleeg paragraaf 'Configureren van de draadloze verbinding van de wasmachine' in hoofdstuk 'Wifi - instelling connectiviteit'. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met de aanbieder van je draadloze service als je nog meer problemen met het draadloze netwerk ondervindt. |
| De app kan geen verbinding maken met het apparaat. | • Controleer het draadloze signaal. • Controleer of je smartapparaat is verbonden met het draadloze netwerk. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met je aanbieder van je draadloze service als je problemen met het draadloze netwerk heeft. • Het apparaat, het smart-toestel of beide dienen nogmaals te worden geconfigureerd, omdat er een nieuwe router is geïnstalleerd of omdat de routerconfiguratie is gewijzigd. |
| De app kan niet frequent verbinding maken met het apparaat. | • Zorg ervoor dat het draadloze signaal het apparaat bereikt. Probeer de thuisrouter zo dicht als mogelijk naar het apparaat te verplaatsen of overweeg een versterker van het draadloze bereik aan te schaffen. • Zorg ervoor dat het draadloze signaal niet wordt verstoord door een magnetron. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de afstandsbediening. |
| Op het display verschijnt . Alle knoppen zijn inactief, behalve de Aan/Uit . | • Het apparaat downloadt beschikbare updates. Wacht totdat het updateproces is voltooid. Als je het apparaat tijdens de update deactiveert, wordt deze hervat wanneer je het apparaat opnieuw activeert. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense System kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense System' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
Pagina 57
NEDERLANDS 57
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel of het aantal tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Ga na of de klep zich in de juiste positie bevindt (OMHOOG voor waspoeder - OMLAAG voor vloeibaar wasmiddel). • Verzeker je ervan dat je het wasmiddelvakje hebt gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. |
| De trommel is leeg en de display geeft aan dat er een zeker gewicht in is. | • Druk op de knop Aan/Uit om de machine uit te schakelen en weer in te schakelen om een leeggewicht in te stellen. |
| De trommel is vol, maar op de display wordt 0,0 kg weergegeven. | • Je hebt het wasgoed geladen voordat je het apparaat inschakelde. Druk op de Aan/Uit-knop om het apparaat uit te zetten. • Maak de trommel leeg en volg de vereiste stappen. (Zie onder 'Wasgoed laden') |
| Na een stoomprogramma zijn kledingstukken gedeeltelijk nat. | Zorg ervoor dat het apparaat goed waterpas staat. Pas het apparaat aan door de pootjes hoger of lager te zetten. |
| Het apparaat droogt niet of droogt niet goed. | • Draai de waterkraan aan. • Verzeker je ervan dat de luchtfilters niet verstopt zijn. Controleer het hoofdfilter en het tweede filter. • Verzeker je ervan dat het afvoerfilter niet verstopt is. • Verminder de wasgoedlading. • Verzeker je ervan dat je de juiste cyclus hebt ingesteld. Stel zo nodig een korte droogtijd opnieuw in. |
| De droogcyclus is te lang. | • Verzeker je ervan dat de luchtfilters goed schoon zijn. • Verzeker je ervan dat je wasgoedlading de aangegeven lading voor het ingestelde programma niet overschrijdt. • Verzeker je ervan de kamertemperatuur in het juiste bereikt valt. |
| Het wasgoed zit vol met verschillende kleuren. | De stoffen die zijn gewassen in de vorige cyclus hebben pluisjes van een andere kleur afgegeven: • De droogfase helpt bij het verwijderen van pluisjes. • Reinig de kleding met een pluisjesverwijderaar. Als er veel pluis in de trommel zit, moet je het speciale programma gebruiken om deze te reinigen (zie 'Pluisjes in de stoffen' voor meer informatie). |
Pagina 58
58 www.aeg.com
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
19.2 Nooddeuropening
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voor het openen van de deur:
LET OP!
Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is.
Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
LET OP!
Gevaar voor letsel! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie "Water afvoeren in een noodgeval" in het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging").
20. VERBRUIKSWAARDEN
20.1 Inleiding
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Haal de netstekker uit het stopcontact.
- 3. Open de klep van de filter.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
- 5. Haal het wasgoed uit de trommel en sluit de deur van het apparaat.
- 6. Sluit het klepje.
Zie de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
Pagina 59
NEDERLANDS 59
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk 'Productbeschrijving' voor de positie van het typeplaatje.
20.2 Legenda
| kg | Wasgoed. u:mm | Duur programma. |
|---|---|---|
| kWh | Energieverbruik. °C | Temperatuur in de was. |
| Liter | Waterverbruik. tpm | Centrifugeersnelheid. |
| % | Resterend vocht aan het einde van de cyclus. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht aan het einde van de wascyclus. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
20.3 In overeenstemming met Verordening van de
Commissie (EU) 2019/2023
Alleen wassen
| Eco 40-60 programma | kg | kWh | Liter | u:mm | % | °C | tpm1) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Volledige lading | 10 | 0.900 | 61 | 3:55 | 52 | 37 | 1551 |
| Halve belading | 5 | 0.605 | 47 | 2:50 | 52 | 33 | 1551 |
| Kwartbelading | 2.5 | 0.200 | 38 | 2:30 | 54 | 23 | 1551 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)
- 1) Maximale centrifugesnelheid.
Pagina 60
60 www.aeg.com
Was- en droogcyclus
| Eco 40-60pro-gramma en kast‐ kg droogniveau | kWh Liter | u:mm | % | °C tpm1) |
|---|---|---|---|---|
| Volledige lading 6 | 3.000 55 | 9:40 | 0 | 39 1551 |
| Halve belading 3 | 1.795 43 | 5:35 | 0 | 35 1551 |
| 1) Maximale centrifugesnelheid. Stroomverbruik in verschillende modi | ||||
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | Netwerkgebonden stand-by (W) | |
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | 2.001) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 60)
De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus is maximaal 15 minuten.
- 1) Het energieverbruik van de aangesloten functie is ongeveer 17,5 kWh per jaar. Raadpleeg het hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstellingen' om deze functie los te koppelen.
20.4 Veelvoorkomende programma's - Alleen wassen
| Deze waarden zijn slechts indicatief. | ||||||
| Programma | kg | kWh Liter | u:mm | % | °C | tpm1) |
| Katoen2) 95 °C | 10 | 2.90 90 | 4:05 | 44 | 85 | 1600 |
| Katoen 60 °C | 10 | 1.70 85 | 3:50 | 44 | 55 | 1600 |
| Katoen3) 20 °C | 10 | 0.35 85 | 3:00 | 44 | 20 | 1600 |
| Synthetica 40 °C | 4 | 0.80 55 | 2:15 | 35 | 40 | 1200 |
| Fijne was4) 30 °C | 2 | 0.40 60 | 1:05 | 35 | 30 | 1200 |