AEG LR76AQ964, tekst van de handleiding
Pagina's 35–55 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 13–34verder op pagina 56 →
Pagina 35
| Programma | Universeel poeder1) | Universele vloeistof (Liquid Universal) | Vloeistof voor gekleurde was | Fijne was en wol | Speciaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Hygiëne | ▲ | ▲ | -- | -- | ▲ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
- 1) Bij een temperatuur hoger dan 60 °C wordt het gebruik van waspoeder aanbevolen.
▲ = Aanbevolen -- = Niet aanbevolen
12. WIFI - CONNECTIVITEITSINSTELLING
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u het smartapparaat moet aansluiten op het WiFinetwerk en moet koppelen met mobiele apparaten.
Met behulp van deze functionaliteit kunt u meldingen ontvangen en uw apparaat bedienen en controleren vanaf uw mobiele apparaten.
De wifi-functie is uitgeschakeld als standaard fabrieksinstelling.
Om het apparaat aan te sluiten om alle functies en diensten te kunnen gebruiken hebt u het volgende nodig:
- Draadloos thuisnetwerk met ingeschakelde internetverbinding.
- Mobiel apparaat dat is verbonden met het draadloze netwerk.
| Wi-Fi module parameters | |
|---|---|
| Frequentie | 2.412 - 2.472 GHz voor de Europese markt |
| Protocol | IEEE 802.11b/g/n |
| Maximaal vermogen | <20 dBm |
| Versleuteling | WPA, WPA2, WPA3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
12.1 QR-code op typeplaatje
SCANNING...
Mod. xxxxxxxxx
Prod.No. 910000000 00
000V ~ 00Hz 0000 W
00A
00000000
QR-code kan op twee manieren worden gebruikt:
- Scan de QR-code met de ingebouwde camera-app om onze app te downloaden uit de app store op je smartapparaat en volg de vereiste stappen.
- Uw smartapparaat koppelen aan een apparaat om het proces te vereenvoudigen. Scan de QR-code met de in onze app ingebouwde QRcodescanner.
Pagina 36
12.2 De App installeren en configureren
Met App kun je jouw wasgoed besturen via een mobiel apparaat.
Het bevat een groot aantal programma's, handige functies en productinformatie die perfect op het apparaat zijn afgestemd. Het is gepersonaliseerde wasservice - allemaal vanaf je mobiele apparaat.
Om het apparaat te verbinden met de toepassing, ga je ernaast staan met je mobiele apparaat.
Zorg ervoor dat je mobiele apparaat is verbonden met het draadloze netwerk.
- 1. Ga naar de App Store op uw smartapparaat of scan de QR-code (zie paragraaf 'QR-code op typeplaatje').
- 2. Download en installeer onze app.
- 3. Start de toepassing. Selecteer het land en de taal en meld u aan met uw emailadres en wachtwoord. Als je nog geen account hebt, maak dan een nieuw account aan waarbij je de instructies volgt in de App.
- 4. Volg de instructies op die de App aangeeft voor het registreren en configureren van het apparaat.
12.3 Configureren van de draadloze verbinding met het apparaat
- 1. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat in te schakelen. Wacht ongeveer 10 seconden voordat je verdergaat met de draadloze configuratie.
- 2. Selecteer een programma door aan de programmakeuzeknop te draaien.
- 3. Houd de Start via App knop enkele seconden ingedrukt totdat u een 'klik'
hoort. Laat de knop los. verschijnt 5 seconden op het display en het controlelampje begint te knipperen. De draadloze module start op.
Zorg ervoor dat je APP klaar is voor verbinding.
- 4. Na ongeveer 10 seconden verschijnt (Access Point) op het display.
Het toegangspunt zal gedurende ongeveer 5 minuten open staan.
- 5. Configureer de App op je smartphone of tablet en volg de instructies om het apparaat aan te sluiten op je wifinetwerk.
- 6. Als de connectiviteit is geconfigureerd, staat de indicator op het display wanneer het programmainformatiescherm terugkeert.
Telkens als u het apparaat inschakelt, duurt het ongeveer 10 seconden voordat het apparaat automatisch op het netwerk wordt aangesloten. Wanneer de indicator stopt met knipperen, is de verbinding gereed.
Pagina 37
Om de draadloze verbinding uit te
schakelen, houd u de Start via App -toets gedurende een paar seconden tegelijkertijd ingedrukt tot het eerste akoestische signaal.
Laat de knop los. verschijnt 5 seconden op het display.
Als je het apparaat uit- en weer inschakelt, wordt de draadloze verbinding automatisch uitgeschakeld.
Om de draadloze toegangsgegevens te
verwijderen, houd je de Start via App knop een paar seconden ingedrukt tot het
tweede akoestische signaal: verschijnt een paar seconden op het display.
12.4 Starten op afstand
Met de Starten op afstand-functie kun je een cyclus starten via de afstandsbediening.
De afstandsbediening wordt automatisch geactiveerd wanneer je op de Start/
Pauze -toets drukt om het programma te starten, maar het is ook mogelijk om op afstand een wasprogramma te starten. Deze functie wordt gedeactiveerd wanneer de deur open is.
Wanneer de app is geïnstalleerd en de draadloze verbinding is voltooid, kunt u de Starten op afstand-functie activeren:
- 1. Tik op de Start via App -knop en het
controlelampje knippert een paar seconden op het display.
- 2. Tik op de Start/Pauze -toets om de functie “Starten op afstand” te activeren
stopt
voordat het controlelampje met knipperen.
De controlelampjes en verschijnen op het programmaoverzichtsscherm en de deur wordt vergrendeld. Nu is het mogelijk om het programma op afstand te starten.
Wanneer je de toets Start/Pauze
aanraakt nadat het controlelampje stopt met knipperen, wordt de Starten op afstand-functie niet geactiveerd, maar start het ingestelde programma.
Om de Starten op afstand-functie te
verwijderen, tik je op de Start via App - toets en bevestig je dit door op de Start/
Pauze -toets te drukken.
12.5 Over-the-air-update
De app kan een update voorstellen voor uw apparaat.
Als er een programma loopt, meldt de app dat de update aan het einde van het programma start.
Tijdens de update verschijnt op het apparaat
op het display.
Schakel het apparaat niet uit of trek de stekker niet uit het stopcontact tijdens het bijwerken.
Het apparaat zal weer bruikbaar zijn aan het einde van de update, zonder enige kennisgeving over een succesvolle update.
Als er een fout optreedt, verschijnt op het
apparaat op het display: druk op een willekeurige knop of draai aan de knop om terug te keren naar normaal gebruik.
12.6 Wifi altijd aan
De functie "Wifi altijd aan" is beschikbaar in de app.
Deze functie houdt het apparaat verbonden met het netwerk, zelfs als het apparaat is uitgeschakeld.
Het indicatielampje gaat met tussenpozen aan en uit.
Pagina 38
Het is mogelijk om het apparaat in te
schakelen door op de Aan/Uit toets te drukken of via de app.
De functie "Wifi altijd aan" kan uw energieverbruik beïnvloeden.
13. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Het apparaat inschakelen
- 1. Steek de stekker in het stopcontact.
- 2. Open de waterkraan.
- 3. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
Er klinkt een korte tune. Het apparaat stelt automatisch een standaardprogramma voor. Het relevante indicatielampje gaat branden.
Het display toont het standaard programma, Eco 40-60, programmaduur, de maximale lading (enkele seconden), de standaardtemperatuur, de standaardcentrifugeersnelheid en de aanduidingen van de fasen waaruit het programma bestaat.
13.2 Wasgoed in de machine doen
- Open de deur van het apparaat.
- Schud de artikelen goed door elkaar voordat je ze in de machine stopt.
- Doe het wasgoed een voor een in de trommel.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel doet.
- Sluit de deur stevig.
LET OP!
- Controleer of er geen wasgoed tussen het deurrubber en de deur blijft zitten. Hierdoor kan waterlekkage en/of schade aan het wasgoed ontstaan.
- Het wassen van sterk olieachtige, vettige vlekken of het gebruik van parfum kan leiden tot schade aan rubberen onderdelen van het apparaat.
13.3 Wasmiddelen en andere behandelingen gebruiken
Als beide AutoDose-tanks zijn ingeschakeld in het ingestelde programma, worden wasmiddel en wasverzachter automatisch geladen.
Als een van de AutoDose-tanks of beide tanks uitgeschakeld zijn (OFF) in het ingestelde programma, gaat u verder met het handmatig vullen van het product in het juiste compartiment.
13.4 Een programma kiezen
Als je de automatische dosering van het wasmiddel of de wasverzachter wilt wijzigen, ga je naar de AutoDoseconfiguratiemodus voordat je verder gaat met het instellen van een programma. De configuratiemodus kan mogelijk tijdelijke instellingen annuleren. Raadpleeg de paragraaf “AutoDose-configuratiemodus” in het hoofdstuk “De AutoDose Technologie (Automatisch doseren)”.
- 1. Draai de programmaknop op het gewenste wasprogramma. Het bijbehorende controlelampje gaat branden.
Eco 40-60 is het standaard voorgestelde programma wanneer het apparaat wordt
Pagina 39
ingeschakeld, het programma waarop de informatie van het energielabel betrekking heeft.
Het controlelampje van de knop Start/Pauze
knippert.
Het display toont een indicatieve programmaduur, de maximale aangegeven lading voor het ingestelde programma (slechts voor een paar seconden), de standaardtemperatuur, de standaardcentrifugeersnelheid en de wasfaseaanduidingen (indien beschikbaar).
- 2. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, raak je de bijbehorende toetsen aan.
- 3. Stel indien gewenst een of meer opties in door de desbetreffende knoppen aan te raken. De bijhorende aanduidingen gaan vervolgens aan in het display en de aangegeven informatie wijzigt.
Indien een keuze niet mogelijk is klinkt er een geluidssignaal.
13.5 Een programma starten
WAARSCHUWING!
Controleer of het afwasmiddeldoseerbakje goed gesloten is. Anders begint het programma niet.
Raak de toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft aan.
Het programma start, de deur wordt vergrendeld. De display toont het
indicatielampje .
De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.
13.6 Een programma starten met de Klaar over optie
- 1. Raak dit herhaaldelijk aan totdat het display de gewenste tijd binnen het programma weergeeft. Het
controlelampje gaat branden.
- 2. Druk op de toets Start/Pauze .
De trommel begint te draaien om de ProSense schatting uit te voeren, indien voorzien in het geselecteerde programma.
- 3. Het apparaat begint af te tellen tot het einde van het programma en het programma start op het juiste moment om te eindigen op het tijdstip dat is ingesteld via deze optie.
Om deze optie te wijzigen of te annuleren:
- 1. Schakel het apparaat uit met de Aan/Uit
knop.
- 2. Schakel het apparaat opnieuw in.
- 3. Stel het programma opnieuw in.
13.7 De ProSense-ladingdetectie
De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.
Na het instellen van een afwasprogramma
gaat het pictogram op het display branden als het programma dit ondersteunt.
Nadat de knop Start/Pauze wordt aangeraakt, ProSense begint het met de waarneming van de wasgoedlading:
- 1. Het apparaat detecteert de lading in de eerste 30 seconden: het indicatielampje
knippert, de balkjes onder het
pictogram bewegen heen en weer en de trommel draait kort.
- 2. Wanneer de trommel stopt met draaien, toont het display de nieuwe programmaduur, die kan toenemen of afnemen, aangepast aan de gedetecteerde lading, het aantal balken geeft de lading in kwart aan (van 1 tot 4, 4 balken in geval van overbelasting), de indicator voor de maximale aangegeven lading gaat weer aan. Na nog eens 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.
Pagina 40
In geval van overbelasting van de trommel gaat het indicatielampje voor maximale aangegeven belasting
weer aan met het indicatielampje knipperen. In dit geval is het gedurende deze 30 seconden mogelijk om het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.
Raak, na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd, de
toets Start/Pauze aan om het programma weer te starten. De fase ProSense kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).
Belangrijk! Als de hoeveelheid wasgoed niet wordt verminderd, gaat het wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kun je niet de beste wasresultaten verwachten.
Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.
De ProSense-detectie wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma ´s (zonder gekozen overslafase).
De ProSense is niet beschikbaar bij sommige programma's, zoals Wol, programma's met korte cycli en zonder wasfase.
13.8 Indicatielampjes programmafase
Als het programma start, knippert de aanduiding van de draaiende fase en de andere faseaanduidingen branden.
De was- of voorwasfase is bijv. bezig:
.
Als de fase is voltooid, stopt de bijhorende aanduiding met knipperen en gaat continu branden. De volgende aanduiding begint te knipperen.
De spoelfase is bijv. bezig:
.
Als u de Plus Steam selecteert, gaat de stoomfase-indicator branden.
.
De stoomfase is bezig:
De antikreukfase is bezig:
.
13.9 Een programma onderbreken en de opties wijzigen
U kunt als er een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze . Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties. De weergegeven informatie in het display wijzigt overeenkomstig.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/Pauze
.
Het wasprogramma gaat verder.
13.10 Een actief programma stoppen
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de Aan/Uit -knop om het apparaat aan te zetten.
U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Als de ProSense -fase al voltooid is en de machine al met water gevuld wordt, begint het nieuwe programma zonder herhaling van de ProSense fase. Het water en wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen. De display toont de maximumduur van het programma en werkt dit 20 minuten na de start van het nieuwe programma bij.
Pagina 41
13.11 De deur openen - kledingstukken toevoegen
Als een programma of het startuitstel in werking is, wordt het deksel van het apparaat vergrendeld.
Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kun je de deur niet openen.
U kunt eenvoudig de deur openen om bepaalde items toe te voegen of te
verwijderen wanneer het pictogram brandt.
- 1. Druk op de toets Start/Pauze . Op het display gaat het gerelateerde deurvergrendelingslampje uit.
- 2. Open de deur van het apparaat. Indien nodig kunt u items toevoegen of uitnemen.
- 3. Sluit de deur en druk op de Start/Pauze
knop.
Het programma of het startuitstel gaat verder.
Als het pictogram uit gaat, kan de deur worden geopend als het programma is voltooid. U kunt ook een centrifugeer- of afvoerprogramma/-optie instellen en dan op
de Start/Pauze knop drukken. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app.
13.12 Einde van het programma
Als het programma is afgelopen, stopt het apparaat automatisch. De akoestische signalen werken (als deze actief zijn).
In het display gaan alle wasfaseaanduidingen
continu branden en toont de tijdzone .
Het lampje van Start/Pauze -toets gaat uit.
De deur ontgrendelt en de aanduiding gaat uit.
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het apparaat uit te zetten.
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfunctie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt Eco 40-60 voorgesteld als standaardprogramma. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur en de wasmiddeldoseerlade iets openstaan om de vorming van schimmel en onaangename geuren te voorkomen.
- 5. Draai de waterkraan dicht.
13.13 Water afvoeren na het einde van de cyclus
Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:
- Het display toont de indicator , de optie-
indicator of en de deur
vergrendeld-indicator . Het
indicatielampje van de lopende fase knippert.
- De trommel draait nog regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- Je moet het water afvoeren om de deur te openen:
- 1. Raak indien nodig de Centrifugeren -knop aan om het centrifugeertoerental dat door het apparaat wordt voorgesteld te verlagen.
- 2. Druk op de toets :
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat het water weg en gaat centrifugeren.
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat alleen het water weg.
De optieaanduiding of gaat uit, terwijl
de aanduiding knippert en dan uitgaat.
Pagina 42
- 3. Als het programma is voltooid, gaat het
symbool deur vergrendeld uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
13.14 Stand-by optie
De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Je hebt het apparaat 5 minuten voordat je
op de Start/Pauze -knop drukt, niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na beëindiging van het wasprogramma.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
Het apparaat stelt Eco 40-60 voor als standaardprogramma.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als je een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet gedeactiveerd door de stand-by-functie om je eraan te herinneren dat je het water weg moet pompen.
Als de functie Wi-Fi altijd aan actief is, gaat alleen het indicatielampje met tussenpozen aan en uit.
14. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.1 Voor u het wasgoed in de trommel doet
- Verdeel het wasgoed in: wit, gekleurd, synthetisch, fijne was en wol.
- Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
- Was witte en bonte artikelen niet samen.
- Sommige bonte items kunnen verkleuren met de eerste wasbeurt. We raden je aan ze apart te wassen voor de eerste paar keren.
- Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met opdrukken binnenstebuiten.
- Behandel hardnekkige vlekken voor.
- Was hardnekkige vlekken met een speciaal wasmiddel.
- Wees voorzichtig met gordijnen. Verwijder de haken of stop de gordijnen in een waszak of kussensloop.
- Een zeer kleine lading kan problemen veroorzaken bij de centrifugefase die
leiden tot overmatige trillingen. Als dit voorkomt: a. onderbreek het programma en open de deur (raadpleeg hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'); b. herverdeel de lading met de hand zodat de items gelijkmatig over de trommel zijn verdeeld; c. druk op de toets Start/Pauze. De centrifugeerfase gaat door.
- Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen, haakjes en drukknopen. Bind riemen, koorden, veters, linten en andere losse elementen vast.
- Was geen wasgoed zonder zomen of met scheuren. Gebruik een waszakje om kleine items te wassen (bijv. beugelbh's, riemen, panty's, veters, linten, etc.).
Pagina 43
- Maak de zakken leeg en vouw de artikelen open.
14.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te behandelen voordat u deze artikelen in de machine stopt.
Er zijn speciale vlekkenverwijderaars verkrijgbaar. Gebruik een speciale vlekkenverwijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof.
Spuit geen vlekkenverwijderaar op kledingstukken in de buurt van het apparaat, omdat het corrosief is voor de plastic onderdelen.
14.3 Type en hoeveelheid wasmiddel
De keuze van het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveelheden beïnvloedt niet alleen uw wasprestaties, maar helpt ook om
verspilling te voorkomen en het milieu te beschermen:
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines. Volg eerst deze algemene regels:
- waspoeder (ook tabletten en wasmiddelen met een enkele dosis) voor alle soorten stoffen, met uitzondering van delicate stoffen. Kies bij voorkeur voor waspoeder met bleekmiddel voor witte was en hygiënisch wassen, – vloeibare wasmiddelen (ook wasmiddelen voor eenmalig gebruik), bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- De keuze en hoeveelheid wasmiddel zal afhangen van: type stof (delicaat, wollen, katoen, enz.), de kleur van de kleding, de grootte van de lading, de mate van vervuiling, wastemperatuur, tijd en hardheid van het gebruikte water.
- Volg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel of de andere toevoegingen zonder het aangegeven
maximumniveau ( ) te overschrijden.
- Meng geen verschillende soorten wasmiddelen.
- Gebruik minder wasmiddel als:
- je een kleine lading wast,
- de programmaduur is verkort met de Time Manager-knop.
- het wasgoed licht vervuild is,
- er grote hoeveelheden schuim zijn tijdens het wassen.
- Wanneer je wasmiddeltabs of -pods gebruikt, plaats deze dan altijd in de trommel, niet in het wasmiddeldoseerbakje en volg de aanbevelingen van de fabrikant op.
Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- onbevredigende wasresultaten,
- het wasgoed dat grijs wordt,
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
Pagina 44
- verminderd waseffect,
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
14.4 Tips voor besparen
Om water, energie en wasmiddel te besparen, raden we u aan deze tips te volgen:
- Normaal vuile was kan zonder voorwas worden gewassen om wasmiddel, water en tijd te besparen.
- Door het apparaat te laden tot de maximale capaciteit die voor elk programma is aangegeven, wordt het energie- en waterverbruik verminderd.
- Met de juiste voorbehandeling kunnen vlekken en beperkte vervuiling worden verwijderd; het wasgoed kan vervolgens op een lagere temperatuur worden gewassen.
- Om de juiste hoeveelheid wasmiddel te gebruiken, raadpleegt u de hoeveelheid voorgesteld door de producent van het wasmiddel en controleert u de waterhardheid van uw huishoudelijk systeem. Zie "Waterhardheid".
- Als u een wasdroger hebt, wordt aanbevolen om de maximaal mogelijke centrifugeersnelheid voor het geselecteerde wasprogramma te gebruiken om energie te besparen tijdens het drogen.
- Gebruik bij voorkeur korte cycli bij lagere temperaturen.
14.5 Waterhardheid
Als het water in uw omgeving hard of medium hard is, raden we u aan om een waterontharderadditief voor wasmachines te gebruiken.
In gebieden waar het water zacht is, is het niet nodig om een waterontharder te gebruiken.
Neem contact op met het plaatselijke waterleidingbedrijf voor de waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de waterontharder. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van het product.
15. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
15.1 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje open om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen: dit voorkomt schimmels en geurtjes.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
|---|---|
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Het wasmiddeldoseerbakje en de AutoDosetanks reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
In de volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe u elk onderdeel moet reinigen.
Pagina 45
15.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
15.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
15.4 Ontkalken
Als het water in uw omgeving hard of medium hard is, raden we u aan om een waterontharder voor wasmachines te gebruiken.
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
De normale wasmiddelen bevatten al wateronthardende middelen, maar we raden aan af en toe een cyclus te draaien met een lege trommel en een ontkalkingsproduct.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
15.5 Onderhoudswas
Bij herhaald en langdurig gebruik op lage temperatuur en korte programma's kunnen er afzettingen en pluisjes worden afgezet en kunnen bacteriële groei en biofilm in de trommel en het inwendige compartiment van de machine ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Om deze afzettingen te verwijderen en de hygiëne in de machine te bevorderen dient u minstens éénmaal per maand een onderhoudswas uit te voeren.
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Deactiveer AutoDose-functie voor wasmiddel en verzachter.
- 3. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Machine clean.
15.6 Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer het deurrubber regelmatig en reinig het indien nodig zoals beschreven in het volgende diagram. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Pagina 46
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
15.7 De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen.
Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen, schuurmiddelen die chloor of ijzer of staalwol bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
- 2. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 3. Deactiveer AutoDose -functie voor wasmiddel en verzachter.
- 4. Draai een kort katoenprogramma op een hoge temperatuur met een lege trommel en een kleine hoeveelheid waspoeder of, indien beschikbaar, gebruikt u het Machine clean programma. Als uw apparaat kan worden verbonden met wifi, Machine clean kan het speciale programma ook worden gedownload via de APP.
- 5. Voeg handmatig een kleine hoeveelheid waspoeder of een specifiek product toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
Het display kan soms aan het einde van
een cyclus het pictogram weergeven: dit is een aanbeveling om de "reiniging van de trommel" uit te voeren. Zodra de trommelreiniging is uitgevoerd, verdwijnt het pictogram.
15.8 Reinigen van het wasmiddeldoseerbakje en de AutoDose reservoirs
LET OP!
Als u het type wasmiddel wijzigt als merk, concentratie en dikte, wordt aanbevolen om de wasmiddellade te reinigen.
Zorg er vóór het reinigen voor dat alle vakken leeg zijn.
Voer om mogelijke afzettingen van gedroogd wasmiddel, gestolde wasverzachter, schimmelvorming in de wasmiddellade en/of gestolde vloeibare additieven in de AutoDose reservoirs te voorkomen elke twee maanden de volgende reinigingsprocedure uit zoals uitgelegd in de volgende diagrammen:
- 1. Open het wasmiddeldoseerbakje. Druk de pal in volgens de afbeelding en trek de wasmiddellade uit.
- 2. Verwijder het inzetstuk van de ontharder en, indien geplaatst, het vakje voor vloeibaar wasmiddel.
Pagina 47
- 3. Druk de pal aan de achterkant in zoals aangegeven in de afbeelding en til het bovenste deksel op om deze te verwijderen.
- 4. Om wasmiddelresten te verwijderen of als u verkeerde additieven in de reservoirs plaatst, leegt u de lade in een wasbak of in geschikte containers om de vloeistof op te vangen.
- 5. Was de lade en alle inzetstukken onder stromend water of reinig ze met een vochtige doek.
LET OP!
Gebruik geen scherpe of metalen borstels en sponzen. Was de lade niet in een vaatwasser.
- 6. Draai de dispenser zijwaarts naar beneden en open het onderste deksel zoals aangegeven in de afbeelding.
Pagina 48
- 7. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het transporttraject. Gebruik alleen zachte vochtige kleding.
- 8. Plaats het onderste deksel terug in zijn positie door de gaten op de ladehaken uit te lijnen zoals aangegeven in de afbeelding. Sluit het tot u "klik" hoort.
LET OP!
Druk op het onderste deksel zoals aangegeven op de afbeelding. Zorg ervoor dat dit volledig gesloten is.
WAARSCHUWING!
Reinig pompen of sensoren die aan de achterkant van de wasmiddellade zijn aangebracht niet met scherpe en metalen borstels of gereedschappen. Gebruik indien nodig alleen zachte, vochtige doekjes.
WAARSCHUWING!
Als er resten achterblijven op de achterzijde van tanks, moet u de wasmiddellade in warm water weken. Gebruik geen gereedschap om het schoon te maken. Verwijder voor het weken de handgreep door op de rode knop te drukken en schuif de handgreep zoals aangegeven in de afbeelding.
- 9. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte. Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
Pagina 49
- 10. Hermonteer de lade als volgt:
- a. Plaats de handgreep indien die gedemonteerd werd.
- b. Plaats het onderste deksel en druk tot u "klik" hoort.
- c. Plaats het bovenste deksel op het tankcompartiment en druk totdat u "klik" hoort.
- d. Vervang onderdelen in het handmatige compartiment.
- 11. Plaats de wasmiddellade in de geleiders en sluit deze voorzichtig totdat u "klik" hoort. Draai het spoelprogramma zonder kleding in de trommel.
Om de functionaliteit te herstellen, vult u de tanks met wasmiddel en verzachter.
15.9 Het filter van de afvoerpomp reinigen
WAARSCHUWING!
Haal de stekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Reinig het filter van de afvoerpomp als:
- de machine geen water wegpompt,
- de trommel niet ronddraait,
- het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door de blokkering van de afvoerpomp.
- Op het display verschijnt de alarmcode
.
WAARSCHUWING!
- Verwijder het filter niet als het apparaat in werking is.
- Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld
Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om het pompfilter te reinigen:
Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als u het filter verwijdert.
- 1. Open het pompdeksel.
2
1
- 2. Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen.
- 3. Open de afvoerklep naar beneden. Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als je het filter verwijdert.
Pagina 50
- 4. Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder verwijdering. Laat het water wegstromen.
180˚
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Controleer of de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als deze niet roteert, neem dan contact op met onze servicedienst.
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
- 12. Sluit het pompdeksel.
Pagina 51
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, moet u het afvoersysteem opnieuw activeren:
- a. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddellade.
- b. Start het programma om het water af te voeren.
15.10 De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen
Het wordt aanbevolen om de filters van de inlaatslang en -klep twee keer per jaar te reinigen om eventuele afzettingen te verwijderen die zich in de loop van de tijd hebben opgehoopt. Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om filters te reinigen:
- 1. Verwijder de toevoerslang van de kraan en reinig het filter.
- 2. Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien.
- 3. Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met een tandenborstel.
- 4. Draai de slang bij het weer aansluiten op het apparaat naar links of rechts (niet in verticale positie) afhankelijk van de positie van uw waterkraan.
15.11 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
Pagina 52
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om het water weg te pompen.
15.12 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
16. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
16.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Pagina 53
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode
weergegeven en kan de Start/Pauze -knop continue knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet je een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. |
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
Pagina 54
•
Interne fout. Geen communicatie tussen de elektroni‐ • sche elementen van het apparaat.
Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan.
Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst.
: Frequentie van de voedingsbron is buiten bereik.
: Voedingsspanning is te hoog.
: Voedingsspanning is te laag.
De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld.
•
Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst.
Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst.
Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de drogertrommel.
Probleem
Het programma start niet.
Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt.
De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal.
Er is water op de vloer.
Mogelijke oplossing
- Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact.
- Controleer of de deur van het apparaat gesloten is.
- Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is.
- Verzeker je ervan dat Start/Pauze bediend is.
- Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is.
- Controleer of het afwasmiddeldoseerbakje goed gesloten is.
- Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is.
- Controleer de stand van de knop op het gekozen programma.
- Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'.
- Stel het centrifugeprogramma in. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app.
- Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig.
Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'.
- Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw.
Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans.
- Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is.
- Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn.
- Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt.
Pagina 55
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. • Zorg ervoor dat de Remote Start Mode niet is ingeschakeld. Schakel het uit. |
| De display geeft de aanduiding voor het draadloze netwerk niet weer . | • Controleer het draadloze signaal. • Zorg dat de draadloze verbinding aanstaat. Raadpleeg paragraaf 'Configureren van de draadloze verbinding van de wasmachine' in hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstelling'. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met de aanbieder van je draadloze service als je nog meer problemen met het draadloze netwerk ondervindt. |
| De app kan geen verbinding maken met het apparaat. | • Controleer het draadloze signaal. • Controleer of je smartapparaat is verbonden met het draadloze netwerk. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met je aanbieder van je draadloze service als je problemen met het draadloze netwerk heeft. • Het apparaat, het smart-toestel of beide dienen nogmaals te worden geconfigureerd, omdat er een nieuwe router is geïnstalleerd of omdat de routerconfiguratie is gewijzigd. |
| De app kan niet frequent verbinding maken met het apparaat. | • Zorg ervoor dat het draadloze signaal het apparaat bereikt. Probeer de thuisrouter zo dicht als mogelijk naar het apparaat te verplaatsen of overweeg een versterker van het draadloze bereik aan te schaffen. • Zorg ervoor dat het draadloze signaal niet wordt verstoord door een magnetron. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de afstandsbediening. |
| Het display toont . Alle knoppen zijn inactief, behalve de Aan/Uit . | • Het apparaat downloadt beschikbare updates. Wacht totdat het updateproces is voltooid. Als je het apparaat tijdens de update deactiveert, wordt deze hervat wanneer je het apparaat opnieuw activeert. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense Technology kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense Technology' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |