AEG LR86XDOSE, tekst van de handleiding
Pagina's 30–50 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 9–29verder op pagina 51 →
Pagina 30
- Volg altijd de instructies op die je op de verpakking van het wasmiddel aantreft. We raden je wel aan het maximaal aangegeven niveau niet te over‐
schrijden ( ). Deze hoeveelheid zal u echter de beste wasresultaten geven.
Verwijder na de wascyclus indien vereist achtergebleven wasmiddel uit het wasmiddelvakje.
Ga als volgt te werk
- 1. Open het wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Als er een voorwasfase is ingesteld,
plaats je het waspoeder in het vakje .
- 3. Kies voor de hoofdwas het juiste compartiment, afhankelijk van het type wasmiddel:
- a) Doe het waspoeder in het vakje .
- b) Giet het vloeibare wasmiddel in hetzelfde vakje nadat je het betreffende bakje hebt
geplaatst .
- c) Plaats de tabletten in het vakje . Zorg ervoor dat de Pods® optie wordt geactiveerd.
- 4. Giet wasverzachter in het vak .
- 5. Sluit het doseerbakje voor het wasmiddel.
12.4 Een programma kiezen
- 1. Draai de programmaknop op het gewenste wasprogramma. Het bijbehorende controlelampje gaat branden.
Eco 40-60 is het standaard voorgestelde programma wanneer het apparaat wordt ingeschakeld, het programma waarop de
Pagina 31
informatie van het energielabel betrekking heeft.
Het controlelampje van de knop Start/Pauze
knippert.
Het display toont een indicatieve programmaduur, de maximale aangegeven lading voor het ingestelde programma (slechts voor een paar seconden), de standaardtemperatuur, de standaardcentrifugeersnelheid en de wasfaseaanduidingen (indien beschikbaar).
- 2. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, raak je de bijbehorende toetsen aan.
- 3. Stel indien gewenst een of meer opties in door de desbetreffende knoppen aan te raken. De bijhorende aanduidingen gaan vervolgens aan in het display en de aangegeven informatie wijzigt.
Indien een keuze niet mogelijk is klinkt er een geluidssignaal.
12.5 Een programma starten
Raak de toets Start/Pauze aan om het programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt met knipperen en blijft aan.
Het programma start, de deur wordt vergrendeld. De display toont het
indicatielampje .
De afvoerpomp gaat in werking kort voordat het apparaat zich met water vult.
12.6 Een programma starten met de Klaar over optie
- 1. Raak dit herhaaldelijk aan totdat het display de gewenste tijd binnen het programma weergeeft. Het
controlelampje gaat branden.
- 2. Druk op de toets Start/Pauze .
De trommel begint te draaien om de ProSense schatting uit te voeren, indien voorzien in het geselecteerde programma.
- 3. Het apparaat begint af te tellen tot het einde van het programma en het programma start op het juiste moment om
te eindigen op het tijdstip dat is ingesteld via deze optie.
Om deze optie te wijzigen of te annuleren:
- 1. Schakel het apparaat uit met de Aan/Uit knop.
- 2. Schakel het apparaat opnieuw in.
- 3. Stel het programma opnieuw in.
12.7 De ProSense-ladingdetectie
De programmaduur in het display is van toepassing op een middelmatige/grote lading.
Na het instellen van een afwasprogramma
gaat het pictogram op het display branden als het programma dit ondersteunt.
Nadat de knop Start/Pauze wordt aangeraakt, ProSense begint het met de waarneming van de wasgoedlading:
- 1. Het apparaat detecteert de lading in de eerste 30 seconden: het indicatielampje
knippert, de balkjes onder het
pictogram bewegen heen en weer en de trommel draait kort.
- 2. Wanneer de trommel stopt met draaien, toont het display de nieuwe programmaduur, die kan toenemen of afnemen, aangepast aan de gedetecteerde lading, het aantal balken geeft de lading in kwart aan (van 1 tot 4, 4 balken in geval van overbelasting), de indicator voor de maximale aangegeven lading gaat weer aan. Na nog eens 30 seconden gaat de watertoevoer stromen.
Pagina 32
In geval van overbelasting van de trommel gaat het indicatielampje voor maximale aangegeven belasting
weer aan met het indicatielampje knipperen. In dit geval is het gedurende deze 30 seconden mogelijk om het apparaat te pauzeren en de overtollige kledingstukken te verwijderen.
Raak, na eenmaal de overtollige kleding te hebben verwijderd, de
toets Start/Pauze aan om het programma weer te starten. De fase ProSense kan tot driemaal toe worden herhaald (zie punt 1).
Belangrijk! Als de hoeveelheid wasgoed niet wordt verminderd, gaat het wasprogramma ondanks teveel lading toch van start. In dit geval kun je niet de beste wasresultaten verwachten.
Circa 20 minuten na de start van het programma kan de programmaduur afhankelijk van de capaciteit van de wateropname van de stoffen weer worden aangepast.
De ProSense-detectie wordt alleen uitgevoerd met volledige wasprogramma ´s (zonder gekozen overslafase).
De ProSense is niet beschikbaar bij sommige programma's, zoals Wol, programma's met korte cycli en zonder wasfase.
In bepaalde programma's kan de duur van de cyclus hetzelfde zijn voor verschillende ladingsgroottes, maar het water- en energieverbruik worden toch op maat afgesteld om de beste resultaten te bereiken.
12.8 Indicatielampjes programmafase
Als het programma start, knippert de aanduiding van de draaiende fase en de andere faseaanduidingen branden.
De was- of voorwasfase is bijv. bezig:
.
Als de fase is voltooid, stopt de bijhorende aanduiding met knipperen en gaat continu branden. De volgende aanduiding begint te knipperen.
De spoelfase is bijv. bezig:
.
Als u de Plus Steam selecteert, gaat de stoomfase-indicator branden.
.
De stoomfase is bezig:
De antikreukfase is bezig:
.
12.9 Een programma onderbreken en de opties wijzigen
U kunt als er een programma bezig is maar een paar opties wijzigen:
- 1. Druk op de knop Start/Pauze . Het bijbehorende indicatielampje knippert.
- 2. Wijzig de opties. De weergegeven informatie in het display wijzigt overeenkomstig.
- 3. Druk nogmaals op de toets Start/Pauze
.
Het wasprogramma gaat verder.
12.10 Een actief programma stoppen
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het programma te annuleren en om het apparaat uit te schakelen.
- 2. Druk opnieuw op de Aan/Uit -knop om het apparaat aan te zetten.
U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen.
Pagina 33
Als de ProSense -fase al voltooid is en de machine al met water gevuld wordt, begint het nieuwe programma zonder herhaling van de ProSense fase. Het water en wasmiddel worden niet weggepompt om verspilling te voorkomen. De display toont de maximumduur van het programma en werkt dit 20 minuten na de start van het nieuwe programma bij.
12.11 De deur openen - kledingstukken toevoegen
Als een programma of het startuitstel in werking is, wordt het deksel van het apparaat vergrendeld.
Als de temperatuur en het waterniveau in de trommel te hoog zijn en/of de trommel nog draait, kun je de deur niet openen.
U kunt eenvoudig de deur openen om bepaalde items toe te voegen of te
verwijderen wanneer het pictogram brandt.
- 1. Druk op de toets Start/Pauze .
Op het display gaat het gerelateerde deurvergrendelingslampje uit.
- 2. Open de deur van het apparaat. Indien nodig kunt u items toevoegen of uitnemen.
- 3. Sluit de deur en druk op de Start/Pauze
knop.
Het programma of het startuitstel gaat verder.
Als het pictogram uit gaat, kan de deur worden geopend als het programma is voltooid. U kunt ook een centrifugeer- of afvoerprogramma/-optie instellen en dan op
de Start/Pauze knop drukken. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app.
12.12 Einde van het programma
Als het programma is afgelopen, stopt het apparaat automatisch. De akoestische signalen werken (als deze actief zijn).
In het display gaan alle wasfaseaanduidingen
continu branden en toont de tijdzone .
Het lampje van Start/Pauze -toets gaat uit.
De deur ontgrendelt en de aanduiding gaat uit.
- 1. Druk op de knop Aan/Uit om het apparaat uit te zetten.
Vijf minuten na afloop van het programma schakelt energiebesparingsfunctie het apparaat automatisch uit.
Als u het apparaat weer inschakelt, wordt Eco 40-60 voorgesteld als standaardprogramma. Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
- 2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
- 3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
- 4. Laat de deur en de wasmiddeldoseerlade iets openstaan om de vorming van schimmel en onaangename geuren te voorkomen.
- 5. Draai de waterkraan dicht.
12.13 Water afvoeren na het einde van de cyclus
Indien u een programma heeft gekozen of een optie die het water van de laatste spoelbeurt niet wegpompt, wordt het programma voltooid, maar:
- Het display toont de indicator , de optie-
indicator of en de deur
vergrendeld-indicator . Het
indicatielampje van de lopende fase knippert.
- De trommel draait nog regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen.
- De deur blijft vergrendeld.
- Je moet het water afvoeren om de deur te openen:
Pagina 34
- 1. Raak indien nodig de Centrifugeren -knop aan om het centrifugeertoerental dat door het apparaat wordt voorgesteld te verlagen.
- 2. Druk op de toets :
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat het water weg en gaat centrifugeren.
- Indien u heeft ingesteld, pompt het apparaat alleen het water weg.
De optieaanduiding of gaat uit, terwijl
de aanduiding knippert en dan uitgaat.
- 3. Als het programma is voltooid, gaat het
symbool deur vergrendeld uit en kunt u de deur openen.
- 4. Druk een paar seconden op de knop Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
Het apparaat zal hoe dan ook het water na circa 18 uur automatisch uit het apparaat wegpompen.
12.14 Stand-by optie
De stand-by-functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:
- Je hebt het apparaat 5 minuten voordat je
op de Start/Pauze -knop drukt, niet gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
- 5 minuten na beëindiging van het wasprogramma.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om het apparaat in te schakelen.
Het apparaat stelt Eco 40-60 voor als standaardprogramma.
Draai aan de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.
Als je een programma of optie instelt die eindigt met water in de trommel, wordt het apparaat niet gedeactiveerd door de stand-by-functie om je eraan te herinneren dat je het water weg moet pompen.
Als de functie Wi-Fi altijd aan actief is, gaat alleen het indicatielampje met tussenpozen aan en uit.
13. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
13.1 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje open om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
|---|---|
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
Pagina 35
13.2 Vreemde voorwerpen verwijderen
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert. Raadpleeg 'De waslading' in 'Aanwijzingen en tips'.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en de trommel. Raadpleeg de paragrafen 'Deurafdichting met dubbele lip', 'De trommel reinigen', 'De afvoerpomp reinigen' en 'De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen'. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
13.3 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met milde zeep en warm water. Maak alle oppervlakken volledig droog.
Gebruik geen schuursponsjes of krassend materiaal.
LET OP!
Gebruik geen alcohol, oplosmiddelen of chemische producten.
LET OP!
Reinig de metalen oppervlakken niet met een reinigingsmiddel op chloorbasis.
13.4 Ontkalken
Als het water in uw omgeving hard of medium hard is, raden we u aan om een waterontharder voor wasmachines te gebruiken (zo af en toe ontkalken).
Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
13.5 Onderhoudswas
Bij herhaald en langdurig gebruik op lage temperatuur en korte programma's kunnen er afzettingen en pluisjes worden afgezet en kunnen bacteriële groei en biofilm in de trommel en het inwendige compartiment van de machine ontstaan. Dit kan slechte geurtjes en meeldauw veroorzaken.
Om deze afzettingen te verwijderen en de hygiëne in de machine te bevorderen dient u minstens éénmaal per maand een onderhoudswas uit te voeren.
- 1. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 2. Draai een katoenprogramma op de hoogste temperatuur met een geringe hoeveelheid waspoeder of draai, indien beschikbaar het programma Machine clean.
13.6 Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer het deurrubber regelmatig en reinig het indien nodig zoals beschreven in het volgende diagram. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
Pagina 36
13.7 Het wasmiddelbakje reinigen
Voer om mogelijke afzettingen van gedroogd wasmiddel of gestolde wasverzachter en/of schimmelvorming in de wasmiddellade te voorkomen elke twee maanden de volgende reinigingsprocedure uit zoals uitgelegd in de volgende diagrammen:
- 1. Open het wasmiddeldoseerbakje. Duw de pal zoals aangegeven in de afbeelding naar beneden en trek de lade uit.
1
2
- 2. Verwijder het vakje voor vloeibaar wasmiddel, indien geplaatst.
- 3. Til het bovendeksel van de compartimenten op om het te verwijderen.
- 4. Was het wasmiddeldoseerbakje en eventueel inzetstuk onder stromend water.
- 5. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte. Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
LET OP!
Gebruik geen scherpe of metalen borstels en sponzen.
Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het bovenste en onderste gedeelte van de holte. Gebruik een klein borsteltje om de holte te reinigen.
- 6. Draai de dispenser naar boven en open de onderste afdekking zoals aangegeven in de afbeelding: trek eerst de zijlipjes naar buiten en verwijder vervolgens de onderste afdekking.
Pagina 37
2 1 CLICK
- 7. Zorg ervoor dat achtergebleven wasmiddel volledig is verwijderd uit het transporttraject. Gebruik alleen zachte vochtige kleding.
- 8. Plaats het onderste deksel terug in zijn positie door de gaten op de ladehaken uit te lijnen zoals aangegeven in de afbeelding. Sluit het tot u "klik" hoort.
LET OP!
Druk op het onderste deksel zoals aangegeven op de afbeelding. Zorg ervoor dat dit volledig gesloten is.
- 9. Hermonteer de lade als volgt:
- a. Plaats het onderste deksel en druk tot u "klik" hoort.
- b. Plaats het bovenste deksel en druk totdat je "klik" hoort.
- c. Plaats de container voor vloeibaar wasmiddel, indien nodig.
- 10. Plaats het wasmiddeldoseerbakje in de geleiders en sluit het. Draai het spoelprogramma zonder kleding in de trommel.
.
13.8 Het filter van de afvoerpomp reinigen
WAARSCHUWING!
Haal de stekker uit het stopcontact.
Controleer het filter van de afvoerpomp regelmatig en houd het schoon.
Het filter van de afvoerpomp reinigen indien:
- de machine geen water wegpompt,
Pagina 38
- de trommel niet ronddraait,
- het apparaat een ongebruikelijk geluid maakt door de blokkering van de
| • | afvoerpomp. Op het display verschijnt de alarmcode . |
| WAARSCHUWING! | |
| • • | Verwijder het filter niet als het apparaat in werking is. Reinig de pomp niet zolang het water in de machine heet is. Wacht tot het water is afgekoeld |
| Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om het pompfilter te reinigen: 1. Open het pompdeksel. | |
| 2 1 | |
| 2. 3. | Plaats een geschikte bak onder de afvoerpompopening om het afgepompte water op te vangen. Open de afvoerklep naar beneden. Houd altijd een oude doek bij de hand om het eventueel gemorste water te kunnen opvegen als je het filter verwijdert. |
| 4. | Draai het filter 180 graden naar links om het te openen, zonder verwijdering. Laat het water wegstromen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
- 5. Als de bak vol is met water, draait u het filter terug en leegt u de bak.
- 6. Herhaal stappen 4 en 5 totdat er geen water meer uitloopt.
- 7. Draai het filter naar links om het te verwijderen.
1
2
- 8. Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
- 9. Controleer of de pompwaaier onbelemmerd kan ronddraaien. Als deze niet roteert, neem dan contact op met onze servicedienst.
- 10. Reinig het filter onder de waterkraan.
Pagina 39
- 11. Zet het filter terug in de speciaal geleidingen door hem met de klok mee te draaien. Zorg ervoor dat u het filter goed vastdraait om lekkage te voorkomen.
- 12. Sluit het pompdeksel.
Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, moet u het afvoersysteem opnieuw activeren:
- a. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddellade.
- b. Start het programma om het water af te voeren.
De trommel reinigen
Controleer de trommel regelmatig om ongewenste aanslag te voorkomen.
Roestaanslag in de trommel kan voorkomen vanwege roestende vreemde voorwerpen in de was of door leidingwater dat ijzer bevat
Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
Maak de trommel niet schoon met zure ontkalkingsmiddelen, schuurmiddelen die chloor of ijzer of staalwol bevatten.
Voor een grondige reiniging:
- 1. Reinig de trommel met speciale producten voor roestvrij staal.
Volg altijd de instructies die je op de verpakking van het product vindt.
- 2. Haal al het wasgoed uit de trommel.
- 3. Draai een kort katoenprogramma op een hoge temperatuur met een lege trommel en een kleine hoeveelheid waspoeder of, indien beschikbaar, gebruikt u het Machine clean programma. Als uw apparaat kan worden verbonden met wifi, Machine clean kan het speciale programma ook worden gedownload via de APP.
- 4. Voeg handmatig een kleine hoeveelheid waspoeder of een specifiek product toe aan de lege trommel om achtergebleven resten weg te spoelen.
Het display kan soms aan het einde van
een cyclus het pictogram weergeven: dit is een aanbeveling om de "reiniging van de trommel" uit te voeren. Zodra de trommelreiniging is uitgevoerd, verdwijnt het pictogram.
Pagina 40
13.9 De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen
Het wordt aanbevolen om de filters van de inlaatslang en -klep twee keer per jaar te reinigen om eventuele afzettingen te verwijderen die zich in de loop van de tijd hebben opgehoopt. Ga te werk zoals beschreven in de volgende diagrammen om filters te reinigen:
- 1. Verwijder de toevoerslang van de kraan en reinig het filter.
- 2. Verwijder de toevoerslang van het apparaat door de ringmoer los te draaien.
- 3. Reinig het klepfilter aan de achterzijde van het apparaat met een tandenborstel.
- 4. Draai de slang bij het weer aansluiten op het apparaat naar links of rechts (niet in verticale positie) afhankelijk van de positie van uw waterkraan.
13.10 Noodafvoer
Als het apparaat het water niet kan wegpompen, voert u dezelfde procedure uit zoals beschreven in de paragraaf 'Reinigen van de afvoerpomp'. Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water met de noodafvoerprocedure afvoert, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren:
- 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerbakje.
- 2. Start het programma om het water weg te pompen.
13.11 Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd op een plek waar de temperatuur 0°C of daaronder kan bereiken, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact.
- 2. Draai de waterkraan dicht.
- 3. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.
- 4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de noodafvoerprocedure.
- 5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw.
Pagina 41
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.
14. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
14.1 Alarmcodes en mogelijke storingen
Het apparaat start niet of stopt tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabellen).
WAARSCHUWING!
Voordat je controles uitvoert, moet je de stekker uit het stopcontact trekken.
Bij sommige problemen wordt op de display een alarmcode weergegeven en kan de Start/Pauze -knop continue knipperen:
Als de machine te vol geladen is, moet je een aantal items uit de trommel verwijderen en/of tegen de deur duwen en tegelijkertijd op de toets Start/Pauze drukken totdat het controlelampje stopt met knipperen (zie de onderstaande afbeelding).
Probleem Mogelijke oplossing
Pagina 42
| Het apparaat wordt niet goed gevuld met water. | • Controleer of de waterkraan geopend is. • Controleer of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contact op met je plaatselijke waterleidingbedrijf. • Controleer of de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken, beschadigingen of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de watertoevoerslang correct is. • Zorg ervoor dat het filter van de toevoerslang en het filter van de klep niet verstopt zijn. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. |
| De machine pompt geen water weg. | • Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of de afvoerslang geen knikken of bochten heeft. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Zorg ervoor dat de aansluiting van de afvoerslang correct is. • Stel het afvoerprogramma in als je een programma instelt zonder afvoerfase. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Stel het afvoerprogramma in als je een optie instelt die eindigt met water in de kuip. |
| De deur is open of niet goed gesloten. | • Controleer of de deur goed gesloten is. |
| Interne fout. Geen communicatie tussen de elektronische elementen van het apparaat. | • Het programma werd niet juist voltooid of het apparaat is te vroeg gestopt. Schakel het apparaat uit en weer aan. • Als de alarmcode weer wordt weergegeven, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| De anti-overstromingsbeveiliging is ingeschakeld. | • Koppel het apparaat los en draai de waterkraan dicht. Neem contact op met de erkende servicedienst. |
| Als de display andere alarmcodes aangeeft, schakel je het apparaat uit en weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met de erkende servicedienst. Raadpleeg onderstaande tabel voor mogelijke oplossingen in geval van een ander probleem met de drogertrommel. | |
| Probleem | Mogelijke oplossing |
| Het programma start niet. | • Controleer of de stekker is aangesloten op het stopcontact. • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Controleer of er geen beschadigde zekering in het zekeringenkastje is. • Verzeker je ervan dat Start/Pauze bediend is. • Als de optie voor uitgestelde start ingesteld is, annuleer je de instelling of wacht je tot het aftellen voorbij is. • Schakel de kinderbeveiliging uit, als deze actief is. • Controleer de stand van de knop op het gekozen programma. |
Pagina 43
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| Het apparaat wordt met water gevuld, maar dat wordt onmiddellijk afgetapt. | • Zorg ervoor dat de afvoerslang zich in de juiste positie bevindt. De slang kan te laag hangen. Raadpleeg 'Montage-instructies'. |
| De centrifugeerfase werkt niet of de wasfase duurt langer dan normaal. | • Stel het centrifugeprogramma in. Als het afvoerprogramma niet beschikbaar is in het programmakeuzewiel, kan het worden ingesteld via de app. • Zorg ervoor dat het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig het filter indien nodig. Raadpleeg 'Onderhoud en reiniging'. • Pas de kleding in de kuip handmatig aan en start de centrifugeerfase opnieuw. Dit probleem kan worden veroorzaakt door problemen met de balans. |
| Er is water op de vloer. | • Verzeker je ervan dat de koppelingen van de waterslangen stevig vastzitten en dat er geen waterlekkage is. • Verzeker je ervan dat de watertoevoerslang en de afvoerslang niet beschadigd zijn. • Zorg ervoor dat je het juiste wasmiddel en in de juiste hoeveelheid gebruikt. |
| Je kunt de deur van het apparaat niet openen. | • Verzeker je ervan dat er geen wasprogramma is gekozen dat eindigt met water in de trommel. • Verzeker je ervan dat het afwasprogramma is afgelopen. • Stel het afvoerprogramma of het centrifugeprogramma in als er water in de trommel zit. Als de centrifugeer- en afvoerprogramma's niet beschikbaar zijn in de programmakeuzeknop, kunnen deze worden ingesteld via de app. • Verzeker je ervan dat het apparaat elektriciteit krijgt. • Dit probleem kan worden veroorzaakt door een storing in het apparaat. Neem contact op met de erkende servicedienst. Als je de deur moet openen, lees je zorgvuldig 'Nooddeuropening'. • Zorg ervoor dat de Remote Start Mode niet is ingeschakeld. Schakel het uit. |
| De display geeft de aanduiding voor het draadloze netwerk niet weer . | • Controleer het draadloze signaal. • Zorg dat de draadloze verbinding aanstaat. Raadpleeg paragraaf 'Configureren van de draadloze verbinding van de wasmachine' in hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstelling'. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met de aanbieder van je draadloze service als je nog meer problemen met het draadloze netwerk ondervindt. |
| De app kan geen verbinding maken met het apparaat. | • Controleer het draadloze signaal. • Controleer of je smartapparaat is verbonden met het draadloze netwerk. • Controleer je thuisnetwerk en router. • Herstart de router. • Neem contact op met je aanbieder van je draadloze service als je problemen met het draadloze netwerk heeft. • Het apparaat, het smart-toestel of beide dienen nogmaals te worden geconfigureerd, omdat er een nieuwe router is geïnstalleerd of omdat de routerconfiguratie is gewijzigd. |
Pagina 44
| Probleem | Mogelijke oplossing |
|---|---|
| De app kan niet frequent verbinding maken met het apparaat. | • Zorg ervoor dat het draadloze signaal het apparaat bereikt. Probeer de thuisrouter zo dicht als mogelijk naar het apparaat te verplaatsen of overweeg een versterker van het draadloze bereik aan te schaffen. • Zorg ervoor dat het draadloze signaal niet wordt verstoord door een magnetron. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de afstandsbediening. |
| Het display toont . Alle knoppen zijn inactief, behalve de Aan/Uit . | • Het apparaat downloadt beschikbare updates. Wacht totdat het updateproces is voltooid. Als je het apparaat tijdens de update deactiveert, wordt deze hervat wanneer je het apparaat opnieuw activeert. |
| De machine maakt abnormale geluiden en trilt. | • Verzeker je ervan dat deze waterpas staat. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Verzeker je ervan dat de verpakking en/of de transportbouten verwijderd zijn. Raadpleeg 'Montage-instructies'. • Voeg meer wasgoed toe aan de trommel. De lading is mogelijk te klein. |
| De programmaduur neemt toe of af tijdens het draaien van het programma. | • Het ProSense Technology kan de duur van het programma aanpassen aan het type en de hoeveelheid wasgoed. Zie 'Beladingsdetectie ProSense Technology' onder het hoofdstuk 'Dagelijks gebruik'. |
| De wasresultaten zijn niet bevredigend. | • Verhoog de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander wasmiddel. • Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijderen voordat je het wasgoed wast. • Zorg ervoor dat je de juiste temperatuur instelt. • Verminder de wasgoedlading. |
| Te veel schuim in de trommel tijdens de wascyclus. | • Verminder de hoeveelheid wasmiddel of het aantal tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik. |
| Na de wascyclus is er wat wasmiddel achtergebleven in de wasmiddellade. | • Verzeker je ervan dat je het wasmiddelvakje hebt gebruikt volgens de instructies in deze gebruiksaanwijzing. • Zorg ervoor dat je verse tabletten of wasmiddelen voor eenmalig gebruik gebruikt. Bewaar ze in hun doos en sluit ze na gebruik, volgens de aanbevelingen van de fabrikant. Directe blootstelling aan het milieu kan hun karakteristiek en hun gedrag in het Pods®compartiment wijzigen, met name in combinatie met bepaalde opties (bijv. Startuitstel). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
Schakel na de controle de machine in. Het programma wordt voortgezet vanaf het punt van onderbreking.
Als het probleem opnieuw optreedt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje.
14.2 Nooddeur openen
In het geval van een stroomstoring of apparaatstoring blijft de deur van het apparaat vergrendeld. Het wasprogramma gaat verder als er weer stroom is. Als de deur door een storing vergrendeld blijft, is het mogelijk om de deur te openen met een noodontgrendeling.
Voordat je de deur opent:
Pagina 45
LET OP!
Gevaar voor brandwonden! Zorg ervoor dat de watertemperatuur niet te hoog is en dat het wasgoed niet heet is. Wacht indien nodig tot de watertemperatuur en het wasgoed zijn afgekoeld.
- 2. Haal de stekker uit het stopcontact.
- 3. Open de filterklep.
- 4. Trek de noodvergrendelingstrekker eenmaal naar beneden. Trek die nogmaals naar beneden, houd hem gespannen en open in de tussentijd de deur van het apparaat.
LET OP!
Gevaar voor verwonding! Zorg ervoor dat de trommel niet draait. Wacht indien nodig tot de trommel stopt met draaien.
Zorg ervoor dat het waterpeil in de trommel niet te hoog is. Voer indien nodig een noodafvoerprocedure uit (zie 'Water afvoeren in een noodgeval' in het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging').
Ga als volgt te werk om de deur te openen:
- 1. Druk op de toets Aan/Uit om het apparaat uit te schakelen.
- 5. Verwijder het wasgoed en sluit vervolgens de deur van het apparaat.
- 6. Sluit de filterklep.
15. VERBRUIKSWAARDEN
15.1 Opmerking
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die je vindt op het typeplaatje van het apparaat.
Waarden en programmaduur kunnen verschillen afhankelijk van verschillende omstandigheden (bijv. kamertemperatuur, watertemperatuur en -druk, ladinggrootte en type wasgoed, voedingsspanning) en ook als je de standaardinstelling van een programma wijzigt.
Pagina 46
15.2 In overeenstemming met Verordening van de Commissie (EU) 2019/2023
| Eco 40-60 programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % 1) | °C | tpm2) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Volledige belading | 10.0 | 0.335 | 72.0 | 03:58 | 53.00 | 25.0 | 1351 |
| Halve belading | 5.0 | 0.285 | 52.0 | 02:59 | 53.00 | 25.0 | 1351 |
| Kwartbelading | 2.5 | 0.185 | 35.0 | 02:10 | 54.00 | 25.0 | 1351 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
- 1) Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht.
- 2) Maximale centrifugesnelheid.
Stroomverbruik in verschillende modi
| Uit (W) | Stand-by (W) | Uitgestelde start (W) | Netwerkgebonden standby (W) |
|---|---|---|---|
| 0.50 | 0.50 | 4.00 | 2.001) |
| De tijd tot de Uit-/Stand-bymodus | is maximaal 15 minuten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
- 1) Het energieverbruik van de aangesloten functie is ongeveer 17,5 kWh per jaar. Raadpleeg het hoofdstuk 'Wifi - Connectiviteitsinstelling' om deze functie los te koppelen.
15.3 Veelvoorkomende programma's
Deze waarden zijn slechts indicatief.
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % 1) | °C | tpm2) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Katoen 3) 95 °C | 10.0 | 3.450 | 95.0 | 04:05 | 52.00 | 85.0 | 1400 |
| Katoen 60 °C | 10.0 | 2.350 | 90.0 | 03:55 | 52.00 | 55.0 | 1400 |
| Katoen 4) 20 °C | 10.0 | 0.500 | 90.0 | 03:00 | 52.00 | 20.0 | 1400 |
| Synthetica 40 °C | 5.0 | 0.950 | 65.0 | 02:45 | 35.00 | 40.0 | 1200 |
| Fijne was 5) 30 °C | 2.0 | 0.350 | 55.0 | 01:05 | 35.00 | 30.0 | 1200 |
Pagina 47
| Programma | kg | kWh | Liter | uu:mm | % 1) | °C | tpm2) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Wol 30 °C | 3.0 | 0.500 | 80.0 | 01:15 | 30.00 | 30.0 | 1200 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)
- 1) Resterend vocht aan het einde van de centrifugeerfase. Hoe hoger de centrifugeersnelheid, hoe hoger het geluid en hoe lager het resterende vocht.
- 2) Referentie-indicator van de centrifugeersnelheid.
- 3) Geschikt voor het wassen van zwaar vervuild textiel.
- 4) Geschikt voor het wassen van licht vervuilde katoenen, synthetische en gemengde stoffen.
- 5) Het werkt ook als een snelle wascyclus voor licht vervuild wasgoed.
16. SNELHANDLEIDING
16.1 Dagelijks gebruik
- 3 4
- 3 3
- Steek de stekker in het stopcontact.
- Open de waterkraan.
- Druk op de Aan/Uit -toets om het apparaat aan te zetten (1).
- Draai de programmaknop om het gewenste wasprogramma in te stellen (2).
- Stel de gewenste opties in met de overeenkomstige tiptoetsen (3).
- Plaats het wasgoed in de trommel, één item tegelijk zonder overschrijding van de maximale voorgestelde lading. Sluit de deur en zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen de deur blijft klemmen.
- Plaats het wasmiddel en andere behandelmiddelen in de juiste vakken van
het wasmiddeldoseerbakje. Als je tabletten gebruikt, activeer dan de Pods®- optie
- Om het programma te starten, druk op de
Start/Pauze -toets (4).
- Het apparaat start.
- Neem aan het einde van het programma het wasgoed er uit.
- Druk op deAan/Uit -toets om het apparaat uit te zetten.
Pagina 48
16.2 Reinigen van het filter van de afvoerpomp
1
180˚
Reinig het filter regelmatig en in het bijzonder als de alarmcode op het display verschijnt.
16.3 Programma’s
| Programma’s | Belading | Productbeschrijving |
|---|---|---|
| PowerClean 59min | 8.0 kg | Katoen en synthetische stoffen. Dit programma zorgt in een korte tijd voor goede wasprestaties. De standaard programmaduur is ontwikkeld bij een wasgoedlading van 5 kg. Als u een kleinere of grotere lading wast, wordt de wastijd automatisch verkort of verlengd, waardoor perfecte resultaten worden verkregen. |
| Eco 40-60 | 10.0 kg | Lage energiecyclus voor katoen. Verlaagt de temperatuur en verlengt de tijd om goede wasresultaten te bereiken. |
| Katoen | 10.0 kg | Witte en gekleurde katoenen stoffen. Ideaal voor normaal en zwaar bevuild wasgoed. |
| Synthetica | 5.0 kg | Synthetische of gemengde stoffen. |
| Fijne was | 2.0 kg | Delicate stoffen zoals acryl, viscose en polyester. |
| Wol | 3.0 kg | Machinewasbare wol, handwasbare wol en fijne was. |
| 20 min. - 3 kg | 3.0 kg | Katoenen en synthetische kledingstukken, licht vervuild of slechts eenmaal gedragen. |
| Stoom | 2.0 kg | Katoenen en synthetische artikelen die moeten ontkreuken. |
| Outdoor | 2.0 kg1) 1.0 kg2) | Moderne outdoorsportkleding. |
| Hygiëne | 10.0 kg | Witte katoenen stoffen. Dit programma verwijdert meer dan 99,99% van de bacteriën en virussen 3) Het zorgt ook voor een goede vermindering van allergenen. |
| Spoelen | 10.0 kg | Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen. Programma voor spoelen en centrifugeren. |
Pagina 49
Programma’s Belading
Productbeschrijving
Om het wasgoed te centrifugeren en het water uit de trommel af te voeren. Alle stoffen, behalve wol en zeer delicate stoffen.
Centrifugeren/Pompen 10.0 kg
- 1) Wasprogramma.
- 2) Wasprogramma en waterafstotende fase.
- 3) Getest op Staphylococcus aureus, Enterococcus faecium, Candida albicans, Pseudomonas aeruginosa en MS2 Bacteriophage in een externe test uitgevoerd door Swissatest Testmaterialien AG in 2021 (Testrapport nr. 202120117).
Door het apparaat te laden tot de maximale aangegeven, wordt het energie- en capaciteit die voor elk programma is waterverbruik verminderd.
Geschikte wasmiddelen voor wasprogramma’s
| Universele | |||||
| Vloeistof voor | |||||
| Universeel | vloeistof (Li‐ | Fijne was en | |||
| Programma | gekleurde | Speciaal | |||
| poeder1) | quid Universal) | was | wol | ||
| PowerClean | |||||
| -- | ▲ | ▲ | -- | -- | |
| 59min | |||||
| Eco 40-60 | ▲ | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Katoen | ▲ | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Synthetica | ▲ | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Fijne was | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
| Wol | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
| 20 min. - 3 kg | -- | ▲ | ▲ | -- | -- |
| Outdoor | -- | -- | -- | ▲ | ▲ |
| Hygiëne | ▲ | ▲ | -- | -- | ▲ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
- 1) Bij een temperatuur hoger dan 60 °C wordt het gebruik van waspoeder aanbevolen.
▲ = Aanbevolen
-- = Niet aanbevolen
16.4 Type en hoeveelheid wasmiddel.
- Gebruik uitsluitend wasmiddelen en andere middelen die speciaal bedoeld zijn voor wasmachines. Volg eerst deze algemene regels:
- waspoeder (ook tabletten en wasmiddelen met een enkele dosis) voor alle soorten stoffen, met uitzondering van delicate stoffen. Kies bij voorkeur voor waspoeder met bleekmiddel voor witte was en hygiënisch wassen,
- vloeibare wasmiddelen (ook wasmiddelen voor eenmalig gebruik), bij voorkeur voor wasprogramma's op lage temperatuur (max. 60 °C) voor alle weefselsoorten of speciale middelen voor wollen artikelen.
- Meng geen verschillende soorten wasmiddelen.
- Gebruik minder wasmiddel als:
- je een kleine lading wast,
- het wasgoed licht vervuild is,
- er grote hoeveelheden schuim zijn tijdens het wassen.
Onvoldoende wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- onbevredigende wasresultaten,
- het wasgoed dat grijs wordt,
Pagina 50
- vettige kleding,
- schimmel in het apparaat.
Overmatig wasmiddel kan leiden tot de volgende dingen:
- schuimen,
- verminderd waseffect,
- ontoereikend spoelen,
- een grotere impact op het milieu.
16.5 Schema periodieke reiniging
Periodiek reinigen helpt de levensduur van je apparaat te verlengen.
Houd na elke cyclus de deur en het wasmiddeldoseerbakje een beetje open om luchtcirculatie te krijgen en de vochtigheid in het apparaat te drogen.
Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: sluit de waterkraan en trek de stekker uit het stopcontact.
Indicatief schema voor periodiek reinigen:
| Ontkalken | Twee keer per jaar |
|---|---|
| Onderhoudswas | Eenmaal ter maand |
| Deurafdichting reinigen | Iedere twee maanden |
| Trommel reinigen | Iedere twee maanden |
| Wasmiddeldoseerbakje reinigen | Iedere twee maanden |
| De filter van de afvoerpomp reinigen | Twee keer per jaar |
| De filter van de toevoerslang en de klepfilter reinigen | Twee keer per jaar |
| Controleer de trommel regelmatig op kalkaanslag. We raden aan om af en toe een cyclus uit te voeren met een leeg vat en een ontkalkingsproduct. Vreemde voorwerpen verwijderen | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
Zorg ervoor dat de zakken leeg zijn en dat alle losse elementen zijn vastgebonden voordat u uw wascyclus uitvoert.
Verwijder alle vreemde voorwerpen (zoals metalen clip, knoppen, munten, enz.) die u kunt vinden in de deurafdichting, de filters en
de trommel. Neem indien nodig contact op met het erkende servicecentrum.
Deurrubber
Dit apparaat is ontworpen met een zelfreinigend afvoersysteem, waardoor lichte pluisvezels die van de kleding vallen met het water kunnen worden afgevoerd. Controleer het deurrubber regelmatig en reinig het indien nodig zoals beschreven in het volgende diagram. Munten, knoppen en andere kleine voorwerpen kunnen aan het einde van de cyclus worden teruggevonden.
Maak schoon indien nodig met een ammoniakmiddel zonder het oppervlak van de afdichting te bekrassen.
Verwijder indien noodzakelijk pluizen en andere voorwerpen uit de filterholte.
16.6 Configureren van de draadloze verbinding met het apparaat
- 1. Druk een paar seconden op de knop Aan/Uit om het apparaat in te schakelen. Wacht ongeveer 10 seconden voordat je verdergaat met de draadloze configuratie.
- 2. Selecteer een programma door aan de programmakeuzeknop te draaien.
- 3. Houd de Start via App knop enkele seconden ingedrukt totdat u een 'klik'
hoort. Laat de knop los. verschijnt 5 seconden op het display en het controlelampje begint te knipperen. De draadloze module start op.
Zorg ervoor dat je APP klaar is voor verbinding.
- 4. Na ongeveer 10 seconden verschijnt (Access Point) op het display.