AEG NII84B30FB, tekst van de handleiding
Pagina's 31–43 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina's 1–30: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 31
Wijzigingen voorbehouden.
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE.....................31
- 2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES...................33
- 3. MONTAGE............................................... 35
- 4. PRODUCTBESCHRIJVING.....................37
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK............................ 37
- 6. KOOKGIDS.............................................. 40
- 7. ONDERHOUD EN REINIGING................41
- 8. PROBLEEMOPLOSSING........................ 41
- 9. TECHNISCHE GEGEVENS.....................42
- 10. ENERGIEVERBRUIK.............................42
- 11. HET MILIEUPERSPECTIEF.................. 43
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees de meegeleverde instructies voordat je het apparaat installeert en gebruikt zorgvuldig. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeien uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen en gooi deze op de juiste manier weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt tijdens gebruik en afkoeling.
NEDERLANDS 31
Pagina 32
- Activeer altijd de kinderbeveiliging, indien beschikbaar.
- Kinderen mogen het apparaat niet zonder toezicht reinigen of onderhouden.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfastkamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de gemiddelde huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- LET OP! Het kookproces moet in de gaten worden gehouden (inclusief de automatische kookfuncties).
Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Onbeheerd koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en kan leiden tot brand.
32 NEDERLANDS
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Let erop de verwarmingselementen niet aan te raken.
- Rook duidt op oververhitting. Gebruik nooit water om een kookvuur te doven.
Schakel het apparaat uit en dek de vlammen af met bijvoorbeeld een branddeken of een deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat je het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
Pagina 33
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijder je de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant,
2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
2.1 Installation
WAARSCHUWING!
Alleen een gekwalificeerde technicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Raadpleeg het installatieboekje voor gedetailleerde montage-instructies.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat, omdat het zwaar is. Gebruik
•
•
•
•
•
•
een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties met elektriciteit te voorkomen.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen, of die door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven, of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
Dicht de gesneden oppervlakken van de kast af met een afdichtmiddel om zwellingen door vocht te voorkomen. Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam om te voorkomen dat heet kookgerei uit het apparaat valt wanneer de deur of het raam wordt geopend.
Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
- Bewaar er geen kleine voorwerpen of papier in die de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen aantasten.
Pagina 34
- Houd minimaal 2 cm afstand tussen de onderkant van het apparaat en de inhoud van de lade.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- Het apparaat moet is afgedrukt.
- Koppel het apparaat los van de stroomtoevoer vóór elke interventie.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met het elektrische vermogen van de netstroom.
- Losse of onjuiste netsnoeren of stekkers kunnen leiden tot oververhitting van de aansluiting.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Laat het netsnoer niet in de war raken.
- Zie erop toe dat een elektrocutiebescherming is geïnstalleerd.
- Installeer een trekontlastingsklem op het netsnoer.
- Zorg ervoor dat het netsnoer of de stekker (indien van toepassing) geen hete oppervlakken kan raken.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Voorkom beschadiging van de stekker en het snoer. Als vervanging nodig is, moet dit worden gedaan door ons geautoriseerde servicecentrum of een gekwalificeerde elektricien.
- Elektrocutiebescherming van onder spanning staande en geïsoleerde onderdelen moet stevig worden bevestigd en mag niet zonder gereedschap kunnen worden verwijderd.
- Sluit de stekker pas aan op het stopcontact aan het einde van de installatie. Zorg voor toegang tot de stekker na installatie.
- Sluit de stekker niet aan als het stopcontact loszit.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker zelve.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder
34 NEDERLANDS
worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet over een isolatie-apparaat beschikken dat het apparaat op alle polen loskoppelt van het elektriciteitsnet, met een contactopeningsafstand van ten minste 3 mm.
- Als de E3-code verschijnt, koppelt u het apparaat los en controleert u de elektrische aansluiting en de netspanning.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- Wijzig de specificaties van dit apparaat niet.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zie erop toe dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat niet onbeheerd achter tijdens de werking ervan.
- Schakel de kookzones na elk gebruik uit.
- Plaats geen bestek of pannendeksels op de kookzones, omdat deze dan heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer om elektrische schokken te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones wanneer het apparaat in werking is.
- Plaats het voedsel voorzichtig in de hete olie, omdat dit spatten kan veroorzaken.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Hete vetten en oliën kunnen brandbare dampen afgeven. Houd vlammen en hete voorwerpen uit de buurt.
Pagina 35
- Hete oliedampen kunnen zelfontbranding veroorzaken.
- Gebruikte olie met voedselresten kan zelfs bij lagere temperaturen ontbranden.
- Plaats geen brandbare producten in de buurt van het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te voorkomen.
- Plaats geen hete pannen op het glazen oppervlak van het apparaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Voorkom dat voorwerpen of kookgerei op het apparaat vallen om schade aan het oppervlak te vermijden.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til het kookgerei altijd op wanneer u het op het kookoppervlak moet verplaatsen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie
te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om beschadiging van het oppervlak te voorkomen.
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat je het schoonmaakt.
- Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met je plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Koppel het apparaat los van de netvoeding, knip vervolgens het elektrische snoer af en gooi het weg.
3. MONTAGE
3.1 Vóór de installatie
Zoek voor toekomstig gebruik het typeplaatje aan de onderkant van de kookplaat en noteer het serienummer.............. .
3.2 De kookplaat monteren
Voor installatieafmetingen en visuele begeleiding, zie de installatieschema's op de eerste pagina's van de gebruikershandleiding.
Als u de kookplaat onder een afzuigkap installeert, raadpleegt u de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimale afstand tussen de apparaten.
Als het apparaat boven een lade wordt geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
3.3 Aansluitsnoer
WAARSCHUWING!
Alle elektrische aansluitingen moeten door een gekwalificeerde elektricien worden aangelegd.
- De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel
- Om een beschadigd netsnoer te vervangen, gebruikt u het kabeltype:
H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90 °C of hoger. Een enkele draad moet een minimale doorsnede hebben volgens de onderstaande tabel. Neem contact op met onze serviceafdeling. Het vervangen van de verbindingskabel mag alleen worden gedaan door een gekwalificeerde elektricien.
NEDERLANDS 35
Pagina 36
- Aansluitingen via contactstekkers, het boren of solderen van de draadeinden en het aansluiten van de kabel zonder kabelhuls zijn verboden.
Eenfasige aansluiting
- 1. Verwijder de huls voor het kabeluiteinde van de zwarte, bruine en blauwe draden.
- 2. Verwijder een deel van de isolatie van de bruine, zwarte en blauwe kabeluiteinden.
- 3. Sluit de uiteinden van de zwarte en bruine kabels aan.
- 4. Breng een nieuwe draadeindhuls aan op het uiteinde van de gedeelde draad (speciaal gereedschap vereist).
- 5. Sluit de uiteinden van twee blauwe kabels aan.
- 6. Breng een nieuwe draadeindhuls aan op het uiteinde van de gedeelde draad (speciaal gereedschap vereist).
Tweefasige aansluiting
- 1. Verwijder de kabeleindhuls van de blauwe draden.
- 2. Verwijder een deel van de isolatie van de blauwe kabeluiteinden.
- 3. Sluit de uiteinden van twee blauwe kabels aan.
- 4. Breng een nieuwe kabeleindhuls aan op het gemeenschappelijke kabeluiteinde (speciaal gereedschap vereist).
| 400V2N~ | 220-240V~ |
|---|---|
| N L1 L2 | N L |
| Tweefasige aansluiting: 400 V2N~ (5x1,5 mm² or 4x2,5 mm²) | Eenfasige aansluiting: 220 - 240 V~ (5x1,5 mm² or 3x4 mm²) |
| Groen - geel | Groen - geel |
| N Blauw en blauw | Blauw en N blauw |
| L1 Zwart | Zwart en L bruin |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
| Tweefasige aanslui | Eenfasige aansluiting: |
|---|---|
| ting: 400 V2N~ (5x1,5 mm² or 4x2,5 mm²) | 220 - 240 V~ (5x1,5 mm² or 3x4 mm²) |
| L2 Bruin |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
| 220-240 V~ N N L1 L2 | |
| 220 - 240 V~ (5x1,5 mm²) | |
| Groen - geel | |
| N | Blauw en blauw |
| L1 | Zwart |
| L2 | Bruin |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
3.4 Energiebeperking
Energiebeperking bepaalt hoeveel stroom de kookplaat in totaal gebruikt, binnen de grenzen van de zekeringscapacitiet van de huisinstallatie. De kookplaat is standaard op het hoogst mogelijke vermogensniveau ingesteld. Zorg ervoor dat het gekozen vermogen aansluit op de zekeringenkast in huis.
Als het vermogensniveau lager is dan of gelijk is aan 2.000 W, kunt u SenseBoil® / SenseFry niet activeren.
Om het vermogensniveau te verlagen of verhogen:
- 1. Open het menu: houd gedurende 3
seconden ingedrukt. Houd vervolgens ingedrukt.
- 2. Druk op op de voorste timer totdat verschijnt.
- 3. Druk op / op de voorste timer om door de instellingen te bladeren.
- 4. Druk op om af te sluiten.
Vermogensniveaus:
P73 - 7.350 W, P15 - 1.500 W, P20 - 2.000 W, P25 - 2.500 W, P30 - 3.000 W, P35 - 3.500 W, P40 - 4.000 W, P45 - 4.500 W, P50 - 5.000 W, P60 - 6.000 W
Pagina 37
4. PRODUCTBESCHRIJVING
4.1 Indeling van het kookoppervlak
1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel
4.2 Symbolen op het bedieningspaneel en het display
Symbool / indicatielampje
Aan / Uit
| Symbool / indicatielampje | |
|---|---|
| Pauzeren | |
| , / | Timer |
| SenseFry | |
| SenseBoil® | |
| Bridge | |
| Hob²Hood | |
| PowerBoost | |
| Blokkering/Kinderbeveiligingsin-richting | |
| + cijfer | Er is een storing. |
| / / | OptiHeat Control |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
5. DAGELIJKS GEBRUIK
5.1 Gebruik van de kookplaat
Houd ingedrukt om de kookplaat te activeren of te deactiveren. Zet het kookgerei op de kookzone en stel een warmteinstelling in met behulp van de instellingsbalk. Druk op 0 om de kookzone te deactiveren.
Eco-timer
Om energie te besparen, wordt de kookzone gedeactiveerd kort voordat de timer stopt.
5.2 Pannen
De basis van het kookgerei moet zo dik en plat mogelijk zijn. Reinig en droog het kookgerei voordat u het op de kookplaat zet. Schuif of sleep het kookgerei niet op de rand- en en hoeken van het glas om te voorkomen dat het oppervlak afbrokkelt of beschadigd raakt. Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om schade aan de elektronische onderdelen te voorkomen.
Zie erop toe dat het kookgerei compatibel is met inductie (dat wil zeggen dat een magneet aan de basis blijft kleven). Gebruik voor een
optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone. Kookgerei met een kleinere diameter warmt mogelijk langzamer op, terwijl kookgerei een met een grotere diameter oververhit kan raken en het bedieningspaneel kan beschadigen.
Kookgereimateriaal
- geschikt: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (met een markering van compatibiliteit van de fabrikant).
- Niet geschikt: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein.
Geluiden tijdens bedrijf
De geluiden kunnen verschillen afhankelijk van het materiaal waar het kookgerei van gemaakt is en de huidige kookstand. Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect te maken.
- kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwich-constructie).
NEDERLANDS 37
Pagina 38
- fluitend geluid: er wordt een hoge kookstand geactiveerd en het kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwich-constructie).
- zoemen: er wordt een hoge kookstand geactiveerd.
- klikken: elektrische schakeling treedt op .
- sissend, zoemend: de koelventilator werkt.
- ritmisch geluid: kookgerei wordt gedetecteerd.
5.3 Pandetectie
Deze functie geeft de aanwezigheid van kookgerei op de kookplaat aan en deactiveert de kookzones als er geen kookgerei wordt gedetecteerd binnen 120 sec.
5.4 Automatische uitschakeling
Als veiligheidsmaatregel schakelt de kookplaat onder bepaalde omstandigheden automatisch uit (bijv. wanneer alle kookzones zijn gedeactiveerd, wanneer er geen warmteinstelling is geselecteerd na activering, of wanneer kookgerei droog kookt).
5.5 / / OptiHeat Control (3- staps restwarmte-indicator)
Het indicatielampje geeft aan dat een kookzone nog heet is. Zolang het indicatielampje zichtbaar is, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte. Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.6 Stroommanagement
Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd om de zekeringen van de huisinstallatie te beschermen. Voor kookzones met verminderd vermogen knippert het bedieningspaneel tweemaal en toont het de maximaal mogelijke warmte-instellingen.
5.7 PowerBoost
Om de maximale kookstand voor een beperkte tijd te activeren. U kunt deze gebruiken om water sneller aan de kook te brengen.
Druk op P om te activeren. Zodra de tijd is verstreken, keert de kookzone terug naar de hoogste warmteinstelling. Om de functie uit te schakelen: wijzig de warmte-instelling.
5.8 Timer
Om aan te geven hoe lang een kookzone moet werken.
Stel een warmteinstelling in op de kookzone
en druk op . Stel de tijd in met / en
38 NEDERLANDS
bevestig met . Wanneer de ingestelde tijd verstreken is, wordt de kookzone uitgescha
keld. Om de timer te annuleren, drukt u op
en vervolgens op totdat 00 op het scherm verschijnt.
U kunt de functie ook gebruiken als kookwekker wanneer de kookplaat aanstaat, maar
geen van de kookzones werkt. Druk op en stel de tijd in met behulp van / .
5.9 Pauzeren
De functie stelt alle actieve kookzones in op de laagste warmteinstelling.
De functie stopt geen actieve timers.
Druk op om te activeren/deactiveren.
5.10 Blokkering/
Kinderbeveiligingsinrichting
Om het bedieningspaneel indien nodig te vergrendelen/ontgrendelen.
Om het bedieningspaneel tijdens het koken
kort te vergrendelen: druk eenmaal op . Druk er nogmaals op om te ontgrendelen. Om onbedoelde werking van de kookplaat te
voorkomen: houd gedurende 3 sec ingedrukt terwijl alle zones zijn gedeactiveerd en schakel de kookplaat vervolgens uit. Als je de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief. Om de functie te deactiveren,
schakelt u de kookplaat in, houdt u gedurende 3 sec ingedrukt en schakelt u de kookplaat weer uit.
5.11 Bridge
Twee kookzones aan een kant met elkaar verbinden, zodat deze als één zone werken. U kunt er gebruik van maken om met groot kookgerei te koken (bijv. plancha). Zorg ervoor dat het kookgerei het midden van beide kookzones bedekt. Als het kookgerei tussen het middelpunt van elke zone in wordt geplaatst, wordt de functie niet geactiveerd.
- 1. Stel de warmteinstelling in voor een van de zones.
- 2. Druk op .
- 3. Wijzig de kookstand indien nodig.
Druk op om de functie te deactiveren.
Pagina 39
5.12 SenseBoil®
Om de temperatuur van het water automatisch aan te passen, zodat het niet kookt zodra het kookpunt is bereikt.
- 1. Plaats een pot gevuld met koud water op een kookzone zonder restwarmte.
- 2. Druk op .
Zodra het water het kookpunt bereikt, neemt de warmteinstelling automatisch af.
Druk op of 0 om de functie te deactiveren.
Aanwijzingen en tips:
- De functie is het meest geschikt voor het koken van water en het koken van hele, ongepelde aardappelen.
- Om overkoken te voorkomen laat u 4 cm vanaf de rand van de pot ongevuld.
- Gebruik tussen 1 en 5 l water.
- Voeg pas zout toe als het kookpunt is bereikt.
- Gebruik de functie niet met leeg kookgerei.
- De functie werkt niet met kookgerei met anti-aanbaklaag.
- Het is niet mogelijk om Bridge te activeren terwijl de functie in werking is.
5.13 SenseFry
Voor het bakken met automatisch geregelde warmteniveaus, speciaal voor verschillende soorten gerechten. De kookplaat handhaaft de temperatuur tijdens het koken zonder dat deze handmatig hoeft te worden aangepast, waardoor oververhitting en verbranding van voedsel wordt voorkomen.
- 1. Druk op .
- 2. Wijzig het standaard warmteniveau door
herhaaldelijk op te drukken.
- 3. Doe pas olie en voedsel in de pan als de kookplaat aangeeft dat de pan de beoogde temperatuur heeft bereikt. Gebruik alleen koud kookgerei met een dikke, platte bodem.
Druk op om te deactiveren.
Hints:
- Laag niveau: omelet, gebakken eieren, gebakken aardappelen (rauw)
- Gemiddeld niveau: roerei, visfilet, vissticks, zeevruchten, hamburger, gehaktballen, kotelet, kipfilet, kalkoenfilet, escalope, filet, biefstuk (medium / goed gebakken), gebakken worstjes, gebakken aardappelpasteitjes, groenten
- Hoog niveau: biefstuk (bleu), gehakt. Om te controleren of de pan geschikt is, zet u deze ondersteboven neer. Plaats een liniaal op de basis van de pan en probeer een munt van 1, 2 of 5 eurocent (of een munt van vergelijkbare dikte) tussen de liniaal en de pan te passen. De pan is geschikt als de munt niet tussen de liniaal en de pan past.
5.14 Hob²Hood
De functie verbindt de kookplaat met de afzuigkap via een infrarood-signaalcommunica-tor. De afzuigkap past de ventilatorsnelheid aan op basis van de temperatuur van de kookzone. U kunt de afzuigkapventilator ook handmatig bedienen.
Voor de meeste afzuigkappen is de functie standaard geactiveerd. Zie de gebruikershandleiding van de afzuigkap voor meer informatie.
Automatische modus
De automatische modus biedt verschillende snelheidsopties (H0 - Off tot H6 - Intens). Om de standaardoptie (H5) te wijzigen, gaat u naar de gebruikersinstellingen. Zie "Menustructuur".
Voor opties H1 – H6 wordt de verlichting van de afzuigkap automatisch geactiveerd wanneer u de kookplaat inschakelt.
Wanneer u de kookplaat uitschakelt, kan de afzuigkapventilator gedurende een bepaalde tijd blijven werken om eventuele aanhoudende geuren na het koken weg te zuigen. Na die tijd schakelt de ventilator automatisch uit.
Handmatige modus
Schakel de kookplaat in en druk op . De automatische modus wordt uitgeschakeld. Wijzig de ventilatorsnelheid door herhaaldelijk
op te drukken.
Om de automatische modus te activeren, schakelt u de kookplaat uit en weer in.
Pagina 40
Aanwijzingen en tips
- Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuigkap niet (bijv. door het bedieningspaneel van de kookplaat af te dekken).
- Bescherm het paneel van de afzuigkap tegen direct zonlicht en halogeenlicht.
- Gebruik geen andere op afstand bediende apparaten terwijl de functie werkt, omdat deze het signaal kunnen storen.
5.15 Menustructuur
| Symbool | Instellingen |
|---|---|
| b | Geluid |
| P | Energiebeperking |
| H | Automatische modus van de ventilator |
| E | Alarm / foutgeschiedenis |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
Om de gebruikersinstellingen in te voeren:
houd gedurende 3 sec ingedrukt. Houd
vervolgens ingedrukt.
Navigeren door het menu: het menu bestaat uit het instellingssymbool en een waarde. Om door de instellingen te bladeren, drukt
u op op de voorste timer. Om de instel
lingswaarde te wijzigen, drukt u op of op de voorste timer. Om het menu te verla
ten: druk op .
5.16 Tips voor energiebesparing
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats op kookgerei altijd een deksel, waar mogelijk.
- Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of om het te laten smelten. Zie "Energie-efficiëntie" voor meer informatie.
6. KOOKGIDS
De gegevens in de tabel dienen alleen als richtlijn.
| Warmte | Gebruik om het volgende te doen: | Tijd (min) |
|---|---|---|
| 1 | Houd gekookt voedsel warm. Doe een deksel op het kookgerei. | indien nodig |
| 1 - 2 | Hollandaisesaus bereiden; smelt boter, chocolade, gelatine. Roer af en toe. | 5 - 25 |
| 2 | Luchtige omeletten, gebakken eieren. Kook met een deksel erop. | 10 - 40 |
| 2 - 3 | Gerechten op basis van rijst en melk sudderen, kant-en-klare maaltijden opwarmen. Voeg ten minste twee keer zoveel vloeistof toe als rijst, meng melkgerechten tot halfweg de kooktijd. | 25 - 50 |
| 3 - 4 | Stoofgroenten, vis, vlees. Voeg een paar eetlepels water toe. Controleer de hoeveelheid water tijdens het koken. | 20 - 45 |
| 4 - 5 | Stoom aardappelen en andere groenten. Vul de pot met 1-2 cm water. Controleer het waterpeil tijdens het koken. Houd het deksel op de pot. | 20 - 60 |
| 4 - 5 | Grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen koken. Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten. | 60 - 150 |
| 6 - 7 | Escalopes, kalfs-cordonbleu, koteletten, stoofschotels, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, donuts. Draai om wanneer nodig. | indien nodig |
| 7 - 8 | Röstli, gebraad, steaks frituren. Draai om wanneer nodig. | 5 - 15 |
| 9 | Kook water, kook pasta, schroei vlees (goulash, braadpan), frituur frietjes. | |
| Grote hoeveelheden water koken. PowerBoost is geactiveerd. |
Pagina 41
7. ONDERHOUD EN REINIGING
7.1 Het kookplaat reinigen
- Reinig de kookplaat na elk gebruik.
- Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem.
- Laat kookgerei niet droog koken of overmatige temperaturen bereiken.
- Gebruik geen kookgerei dat is gemaakt van materialen die niet compatibel zijn met inductie. Dergelijke materialen kunnen krassen of vlekken op het oppervlak van de kookplaat veroorzaken.
- Krassen of donkere vlekken op het glasoppervlak hebben geen invloed op de prestaties van de kookplaat.
- Gebruik geen messen of ander scherp, metalen gereedschap om het glasoppervlak te reinigen.
- Gebruik een aanbevolen schraper alleen als extra gereedschap na standaard reinigen.
•
•
•
Wacht tot de kookplaat is afgekoeld en reinig het oppervlak met een vochtige doek en een niet-schurend vaatwasmiddel. Droog de oppervlakte na reiniging af met een zachte doek.
Verwijder onmiddellijk: gesmolten kunststof, plastic folie, zout, suiker en voedsel met suiker. Gebruik een schraper en wees voorzichtig om geen brandverwondingen op te lopen.
Verwijderen wanneer de kookplaat voldoende koel is: kalkringen, waterringen, vetvlekken, verbrande voedselresten, glanzende metaalverkleuring. Reinig het oppervlak zoals hierboven beschreven. Gebruik een zachte doek en een oplossing van water en azijn om glanzende metaalachtige verkleuringen te verwijderen.
8. PROBLEEMOPLOSSING
Als u geen oplossing voor het onderstaande probleem kunt vinden, neem dan contact op met een geautoriseerd servicecentrum.
U kunt de kookplaat niet activeren/gebrui-ken.
- Controleer of de kookplaat correct is aangesloten op de elektrische voeding.
- Verzeker je ervan dat de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekering herhaaldelijk doorslaat of als u een constant piepgeluid hoort, neem dan contact op met een gekwalificeerde elektricien om de installatie te inspecteren.
- Zorg ervoor dat het bedieningspaneel schoon is en niet wordt belemmerd door kookgerei/vreemde voorwerpen.
De kookplaat schakelt na enige tijd vanzelf uit.
- Dit is geen storing. In bepaalde situaties schakelt de kookplaat automatisch uit om de veiligheid te waarborgen. Zie "Automatische uitschakeling".
De maximale warmteinstelling voor een van de kookzones is niet beschikbaar of
deze blijft veranderen tussen twee niveaus.
- Dit is geen storing. Zie "Stroommanagement".
- Verlaag de warmtestand van de andere kookzones die op dezelfde fase zijn aangesloten.
Hob²Hood werkt niet.
- Zorg ervoor dat niets het bedieningspaneel bedekt of het signaal blokkeert.
- Verplaats het kookgerei naar een andere kookzone of schakel de afzuigkap in de handmatige modus.
SenseBoil®/SenseFry werkt niet.
- Gebruik koud kookgerei op een kookzone zonder restwarmte.
- Stel het vermogensniveau van de kookplaat in op een hogere waarde. Zorg ervoor dat het gekozen vermogen aansluit op de zekeringenkast in huis. Zie "Energiebeperking".
en een cijfer verschijnen.
- Schakel de kookplaat uit, wacht enkele minuten en schakel ze dan weer in. Als het probleem aanhoudt, neem je contact op met een erkende servicedienst.
Het bedieningspaneel knippert.
NEDERLANDS 41
Pagina 42
- Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die gelijk is aan de grootte van de kookzone.
- Controleer dat het kookgerei geschikt is voor inductie.
en / / verschijnen tegelijkertijd.
- Controleer dat het kookgerei voldoet aan de vereisten van de functie. Zie "Sense-Boil®".
- Controleer dat het kookgerei is gevuld met de juiste hoeveelheid water.
- Vermijd gebruik van deze functie met andere vloeistoffen dan water.
9. TECHNISCHE GEGEVENS
9.1 Typeplaatje
Model NII84B30FB
Type 62 D4A 01 AA Inductie
Serienummer ..................... AEG
PNC 949 598 031 01 220 - 240 V / 400 V 2N, 50 Hz Gemaakt in. Duitsland 7.35 kW
9.2 Specificatie kookzones
Het vermogen van de kookzones kan enigszins afwijken van de onderstaande gegevens, afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei.
| Kookzone | Nominaal vermogen (max warmte-instelling) [W] | PowerBoost [W] | PowerBoost maximale duur [min] | Diameter van het kookgerei [mm] |
|---|---|---|---|---|
| Links voor | 2300 | 3200 | 10 | 125 - 210 |
| Links achter | 2300 | 3200 | 10 | 125 - 210 |
| Midden voor | 1400 | 2500 | 4 | 125 - 145 |
| Rechtsachter | 2300 | 3600 | 10 | 205 - 240 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
10. ENERGIEVERBRUIK
10.1 Productinformatie volgens EU Ecodesign-voorschriften
| Modelnummer | NII84B30FB |
|---|---|
| Type kookplaat | Inbouwkookplaat |
| Aantal kookzones | 4 |
| Verwarmingstechnologie | Inductie |
| Links voor Diameter van ronde kookzones (Ø) Links achter Midden voor Rechtsachter | 21.0 cm 21.0 cm 14.5 cm 24.0 cm |
| Links voor Energieverbruik per kookzone (EC electric Links achter cooking) Midden voor Rechtsachter | 180.8 Wh/kg 184.4 Wh/kg 180.2 Wh/kg 187.4 Wh/kg |
| Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) | 183.2 Wh/kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
42 NEDERLANDS
De energiemetingen betreffende het kookgebied worden geïdentificeerd door de markeringen van de respectievelijke kookzones.
Pagina 43
10.2 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken
| Stroomverbruik in uit-modus | 0.3 W |
| De maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken | 2 min |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
11. HET MILIEUPERSPECTIEF
Recycle materialen met het symbool . Gooi de verpakking in de juiste containers om het te recyclen. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi appa
raten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar de milieustraat bij je in de buurt of neem contact op met de gemeente.