AEG NIK95I08FB, tekst van de handleiding
Pagina's 2–16 van 80 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 17 →
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................4
- 3. INSTALLATIE..................................................................................................7
- 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT.......................................................... 8
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................. 10
- 6. EXTRA FUNCTIES....................................................................................... 13
- 7. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 18
- 8. ONDERHOUD EN REINIGING.....................................................................21
- 9. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................. 22
- 10. TECHNISCHE GEGEVENS........................................................................24
- 11. ENERGIEZUINIGHEID............................................................................... 25
- 12. MILIEUBESCHERMING..............................................................................26
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te
Pagina 3
worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
Pagina 4
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Pagina 5
2.1 Installeren
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
- Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren.
- Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
Pagina 6
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te vermijden.
- Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
Pagina 7
- Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen,
vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLATIE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoer
- De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90°C of hoger.
Neem contact op met de servicedienst.
Het aansluitsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde elektricien.
3.4 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.
min.
500mm
min.
50mm
Als het apparaat boven een lade wordt geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
Pagina 8
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG Induction Hob - Worktop installation
min.
- 28
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling van het kookoppervlak
1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel
3 Flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties
Pagina 9
4.2 Indeling bedieningspaneel
4
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tiptoets | Functie | Omschrijving | |
|---|---|---|---|
| 1 | Aan / Uit | Het apparaat in- en uitschakelen. | |
| 2 | Timer | De functie instellen. | |
| 3 | / | - | De tijd verlengen of verkorten. |
| 4 | - | Timerdisplay | De tijd in minuten weergeven. |
| 5 | PowerSlide | De functie in- en uitschakelen. | |
| 6 | Flex Bridge (Flexible Bridge) | Om over te schakelen tussen drie modi van de functie. | |
| 7 | Pauze | De functie in- en uitschakelen. | |
| 8 | Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting | Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. | |
| 9 | Bridge | De functie in- en uitschakelen. | |
| 10 | Hob²Hood | De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. | |
| 11 | PowerBoost | Het inschakelen van de functie. | |
| 12 | - | Bedieningsbalk | Het instellen van de kookstand. |
Pagina 10
4.3 Indicatielampjes op de display
| Indicatielampje | Omschrijving |
|---|---|
| + cijfer | Er is een storing. |
| / / | OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm houden/restwarmte. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- en uitschakelen
Houd ingedrukt om de kookplaat in of uit te schakelen.
5.2 Pandetectie
Deze functie geeft de aanwezigheid van kookgerei op de kookplaat aan en schakelt de kookzones uit als er tijdens een kooksessie geen kookgerei wordt gedetecteerd.
Als je kookgerei op een kookzone plaatst voordat je een kookstand selecteert, verschijnt het indicatielampje boven 0 op de regelbalk.
Als je kookgerei uit een geactiveerde kookzone verwijdert en deze tijdelijk opzij zet, gaan de indicatielampjes boven de bijbehorende regelbalk knipperen. Als je het kookgerei niet binnen 120 seconden terugplaatst op de geactiveerde kookzone, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Plaats het kookgerei weer op de kookzones binnen de aangegeven time-out om het koken te hervatten.
5.3 De kookzones gebruiken
Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone"). Zorg ervoor dat het kookgerei geschikt is voor inductiekookplaten. Kijk voor meer informatie op types kookgerei in het hoofdstuk 'Hints en tips'.
U kunt met de functie Bridge groot kookgerei op twee kookzones tegelijkertijd koken. Het kookgerei dient het midden van beide zones te bedekken, maar niet voorbij de gebiedsmarkering komen. Als het kookgerei tussen beide middenzones wordt geplaatst, wordt de functie Bridge niet geactiveerd.
Pagina 11
5.4 Warmte-instelling
- 1. Druk op de gewenste warmte-instelling op de regelbalk.
De indicatielampjes boven de regelbalk verschijnen tot het geselecteerde warmteniveau.
- 2. Druk op 0 om een kookzone uit te schakelen.
5.5 PowerBoost
Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand.
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.
Om de functie voor een kookzone in te
schakelen: raak aan.
De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.
5.6 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)
WAARSCHUWING!
/ / Zolang het indicatielampje zichtbaar is, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicatielampjes verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt:
- doorgaan met koken,
- warm houden,
- restwarmte.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.7 timer opties
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te geven hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de wartme-instelling voor de geselecteerde kookzone in en stel daarna de functie in.
- 1. Druk op . 00 verschijnt op het timerdisplay.
- 2. Druk op of op om de tijd in te stellen (00-99 minuten).
- 3. Druk op om de timer te starten of wacht 3 seconden. De timer begint af te tellen.
Om de tijd te wijzigen: selecteer de
kookzone met en druk op of .
Om de functie uit te schakelen: selecteer
de kookzone met en druk op . De resterende tijd telt terug tot 00.
De timer is klaar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Schakelt de kookzone uit. Druk op een willekeurig symbool om het signaal en te knipperen te stoppen.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als kookwekker terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. De kookstand toont 00.
Pagina 12
- 1. Druk op .
- 2. Druk op of om de tijd in te stellen. De timer is klaar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Druk op een willekeurig symbool om het signaal en te knipperen te stoppen.
Om de functie uit te schakelen: tik op en
druk op . De resterende tijd telt terug tot
00.
5.8 Stroommanagement
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones (verbonden met dezelfde fase). De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
- Kookzones zijn gegroepeerd volgens de locatie en het aantal fasen van de kookplaat. Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading. Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- De warmte-instelling van de als eerste gekozen kookzone heeft altijd prioriteit. Het resterende vermogen zal tussen de overige kookzones worden verdeeld, in omgekeerde volgorde van selectie.
- Voor kookzones met verminderd vermogen knippert het bedieningspaneel tweemaal en toont het de maximaal mogelijke warmte-instellingen.
- Wacht totdat het display stopt met knipperen of verlaag de opwarmstand van de geselecteerde kookzone als laatste. De kookzones blijven werken met de verlaagde warmte-instelling. Wijzig indien nodig handmatig de warmte-instellingen van de kookzones.
Zie de afbeelding voor mogelijke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdeeld.
5.9 Menustructuur
De tabel toont de basismenustructuur.
Gebruikersinstellingen
| Symbool | Instellingen | Mogelijke opties |
|---|---|---|
| b | Geluid | Aan / Uit (--) |
| H | Afzuigkapmodus | 0 - 6 |
| E | Alarm / foutgeschiedenis | De lijst met recente alarmen / fouten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
Om gebruikersinstellingen in te voeren: 3
seconden ingedrukt houden . Houd
vervolgens ingedrukt. De instellingen verschijnen op de timer van de linker kookzones.
Navigeren door het menu: het menu bestaat uit het instellingssymbool en een waarde. Het symbool verschijnt op de timer aan de achterkant en de waarde verschijnt op de timer aan de voorkant. Om tussen de
instellingen te navigeren, druk je op op de timer aan de voorzijde. Druk op of op de timer aan de voorzijde om de instellingswaarde te wijzigen.
Om het menu te verlaten: druk op .
OffSound Control
Je kunt de geluiden in / uitschakelen in Menu > Gebruikersinstellingen.
Zie "Menustructuur".
Pagina 13
| Wanneer de geluiden uit zijn, kun je het | • | de timer gaat uit, |
| geluid nog steeds horen als: | • | druk je op een inactief symbool. |
| • u aanraakt, |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
6. EXTRA FUNCTIES
6.1 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- alle kookzones zijn uitgeschakeld,
- je na het inschakelen van de kookplaat geen kookstand of ventilatorsnelheid instelt,
- je iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Er klinkt een signaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het object of reinig het bedieningspaneel.
- het apparaat te heet wordt (bijv. als een steelpan droogkookt). Laat de kookzone afkoelen voordat je de kookplaat weer gebruikt.
- je een kookzone niet uitschakelt of de kookstand wijzigt. Na enige tijd wordt de kookplaat uitgeschakeld.
De relatie tussen de kookstand en de tijd waarna het apparaat wordt uitgeschakeld:
| Warmte-instelling | De kookplaat wordt uitgeschakeld na |
|---|---|
| 1 - 2 | 6 uur |
| 3 - 4 | 5 uur |
| 5 | 4 uur |
| 6 - 9 | 1,5 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
6.2 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werking is kunnen en worden gebruikt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld.
De functie stopt de timerfuncties niet.
- 1. Om de functie in te schakelen: druk op
.
De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1.
- 2. Om de functie uit te schakelen, druk op
.
De vorige kookstand verschijnt.
6.3 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werking is. Dit voorkomt een onbedoelde wijziging van de kookstand
Stel eerst de kookstand.
.
Om de functie in te schakelen: druk op Om de functie uit te schakelen: druk
nogmaals op .
De functie wordt uitgeschakeld, als je de kookplaat uitschakelt.
6.4 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt onbedoeld gebruik van de kookplaat .
Om de functie te activeren: druk op . Stel
geenin. Houd 3 seconden ingedrukt tot het indicatielampje boven het symbool verschijnt.
Schakel de kookplaat uit met .
Als je de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief. Het
indicatielampje hierboven brandt.
Om de functie uit te schakelen: druk op .
Stel geen kookstandin. Houd 3 seconden ingedrukt totdat het indicatielampje boven het symbool verdwijnt. Schakel de kookplaat uit
met .
Koken met de functie ingeschakeld: druk
op en druk vervolgens 3 seconden op
Pagina 14
tot het indicatielampje boven het symbool verdwijnt. Je kunt de kookplaat bedienen. Als
je de kookplaat uitschakelt met de - functie, werkt weer.
6.5 Bridge
De functie werkt als de pan de middelpunten van beide zones bedekt. Raadpleeg "De kookzones gebruiken" voor meer informatie over de juiste plaatsing van kookgerei.
De functie verbindt twee rechter kookzones en ze werken als één kookzone.
Stel eerst de kookstand in voor één van de kookzones aan de rechterkant.
Om de functie te activeren: raak aan. Raak een van de regelsensoren aan om de warmte-instelling in te stellen of te wijzigen.
Om de functie uit te schakelen: raak aan. De kookzones werken onafhankelijk van elkaar.
6.6 Flexibele inductiekookzone
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Flex Bridge-functie
De flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties. De gebieden kunnen worden gecombineerd in twee kookzones met verschillende maten, of in één grote kookzone. U kiest de combinatie van de secties door de modus te kiezen die van toepassing is op de grootte van het kookgerei dat u wilt gebruiken. Er zijn drie modi:
Standard, Big Bridge, en Max Bridge.
Gebruik de twee regelbalken aan de linkerkant om de warmte-instelling in te stellen.
Schakelen tussen de modi
.
Druk op om tussen de modi te schakelen De warmte-instellingsniveaus worden behouden.
Diameter en positie van het kookgerei
Kies de modus die van toepassing is op de grootte en de vorm van het kookgerei. Het kookgerei moet het gekozen gebied zoveel mogelijk bedekken.
Plaats kookgerei met een bodem kleiner dan 160 mm diameter centraal op een één deel van de kookzone. Je kunt een grillpan gebruiken voor de grote en de Max Bridge modi
100-160mm
Plaats kookgerei met een bodem groter dan 160 mm diameter centraal tussen twee gedeelten.
Pagina 15
> 160 mm
Flex Bridge Standaardmodus
Deze modus wordt standaard geactiveerd wanneer je de functie activeert. Het verbindt de gebieden in twee afzonderlijke kookzones. Je kunt de kookstand voor elk gebied afzonderlijk instellen. Gebruik de twee bedieningsbalken aan de linkerkant.
Flex Bridge Big Bridge-modus
Om de modus te activeren, drukt u op tot
u de juiste modusindicator ziet . Deze modus verbindt de drie achterste secties in één kookzone. Het voorste gedeelte is niet verbonden en blijft werken als afzonderlijke kookzone. Je kunt de kookstand voor elk gebied afzonderlijk instellen. Gebruik de twee bedieningsbalken aan de linkerkant.
Juiste positie voor kookgerei:
Onjuiste positie kookgerei:
Juiste positie voor kookgerei:
Zorg ervoor dat je het kookgerei op de drie aangesloten secties plaatst. Als je kookgerei gebruikt dat kleiner is dan twee gedeelten, knippert de regelbalk en schakelt de zone na 2 minuten uit.
Pagina 16
Onjuiste positie kookgerei:
Flex Bridge Max Bridge mode (Maximale overbrugging)
Om de modus te activeren, drukt u op tot
u de juiste modusindicator ziet . Deze modus verbindt alle secties in één kookzone. Gebruik een van de twee regelbalken aan de linkerkant om de warmte-instelling in te stellen.
Juiste positie voor kookgerei:
Zorg ervoor dat je het kookgerei op de vier aangesloten secties plaatst. Als u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan drie gedeelten, knippert de regelbalk en schakelt de zone na 2 minuten uit.
Onjuiste positie kookgerei:
PowerSlide
Met deze functie kun je de temperatuur aanpassen door het kookgerei naar een andere positie op de inductiekookzone te verplaatsen.
- De functie verdeelt de inductiekookzone in drie zones met verschillende warmte-instellingen. De kookplaat detecteert de positie van het kookgerei en past de kookstand aan die overeenkomt met de positie.
- Je kunt de pan in de voorste, de middelste of de achterste positie zetten. Als je het kookgerei in de voorste positie plaatst, krijg je de hoogste warmte-instelling. Om het te verminderen, verplaatst u het kookgerei naar de middelste of achterste positie.
- Als je de functie voor het eerst activeert, krijg je de volgende standaard warmte-instellingen: 9 voor de voorste positie, 6 voor de middelste positie en 3 voor de achterste positie.
- U kunt de warmte-instelling voor elke positie afzonderlijk wijzigen. De kookplaat zal jouw instellingen onthouden voor de volgende keer dat je de functie activeert.
- Het display van de kookstand op de bedieningsbalk linksvoor toont de kookstand voor deze functie. Gebruik de bedieningsstrip linksvoor om de standaard warmte-instelling te wijzigen.
De bedieningsbalk linksachter is uitgeschakeld terwijl de functie in werking is.