AEG ORC8M361DT, tekst van de handleiding
Pagina's 138–150 van 152 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 138
DEEL - 3. ETENSWAREN ORGANISEREN IN HET APPARAAT
Koelkast compartiment
- Het koelgedeelte is het gedeelte dat wordt aangegeven (op het typeplaatje) met .
- Om vochtigheid en dus een toename van vorst te verminderen mag u nooit vloeistoffen in onbedekte containers in de koelkast plaatsen. Vorst concentreert zich gewoonlijk op de koudste delen van de verdamper en na verloop van tijd zult u vaker moeten ontdooien.
- Plaats nooit warme etenswaren in de koelkast. Warme etenswaren moet u eerst laten afkoelen tot kamertemperatuur en moeten daarna zodanig geplaatst worden dat er voldoende luchtcirculatie mogelijk is in het koelkast compartiment.
- Niets mag in aanraking komen met de achterwand want dit veroorzaakt vorst en de verpakkingen kunnen aan de achterwand plakken. Open de deur van de koelkast niet te vaak.
- Rangschik het vlees en gereinigde vis (verpakt in pakketten of plastic folie) die u binnen 1-2 dagen zult gebruiken in de onderste sectie van de koelkast (boven de groentelade) want dit is de koudste sectie en dit garandeert de beste opslagvoorwaarden.
- U kunt groenten en fruit in het groentevak plaatsen zonder verpakking.
OPMERKING: Het meest efficiënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden onderin het apparaat zijn geplaatst en de schappen gelijkmatig verdeeld zijn. De stand van de deurschappen is niet van invloed op het energieverbruik.
NIET DOEN: Geen aardappelen, uien of knoflook in de koelkast bewaren. Vlees dat niet werd bereid na ontdooien niet weer invriezen.
Hieronder vindt u een aantal suggesties bij het plaatsen en opslaan van uw etenswaren in de koelkast.
| Etenswaren | Bewaartijd | Waar plaatsen in de koelkast |
|---|---|---|
| Groenten en fruit | 1 week | Groente lade |
| Vlees en vis | 2 - 3 Dagen | Verpakken in plastic folie of in plastic zakken/bakjes en plaats het op een van de plateau's |
| Verse kaas | 3 - 4 Dagen | Op de daarvoor bestemde plateau |
| Boter en margarine | 1 week | Op de daarvoor bestemde plateau |
| Producten in flessen Melk en Yoghurt | Tot de vervaldatum aanbevolen door de producent | Op de daarvoor bestemde plateau |
| Eieren | 1 maand | In de eierenhouder |
| Bereide etenswaren | 2 Dagen | Alle plateau's |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 138)
Vriesvakken
- Het diepvriesgedeelte is het gedeelte dat wordt aangegeven met .
- Gebruik het diepvriesgedeelte van uw koelkast voor het langdurig bewaren van ingevroren levensmiddelen en het maken van ijs.
- Zorg ervoor dat in te vriezen levensmiddelen niet tegen reeds ingevroren levensmiddelen aan komen te liggen.
Pagina 139
- U dient de levensmiddelen die u wilt invriezen (vlees, stukjes vlees, vis enz.) te verdelen in porties die u per keer kunt consumeren.
- Gebruik het snelvriesschap om thuisbereide gerechten sneller in te vriezen (en al het andere voedsel dat snel ingevroren moet worden) dankzij het hogere invriesvermogen van het snelvriesschap. Het snelvriesvak is de bovenste lade van het vriesgedeelte
- Vries ontdooide levensmiddelen niet opnieuw in. Dit kan uw gezondheid in gevaar brengen omdat het problemen als voedselvergiftiging kan veroorzaken.
- Plaats geen warme maaltijden in uw diepvriezer voordat deze zijn afgekoeld. Hierdoor kunnen reeds ingevroren levensmiddelen in de diepvriezer gaan ontdooien en rotten.
- Indien u reeds ingevroren levensmiddelen koopt, controleer of deze onder de juiste omstandigheden werden ingevroren en of de verpakking niet is beschadigd.
- Bij het bewaren van ingevroren levensmiddelen, dient u de bewaaromstandigheden zoals vermeld op de verpakking in acht te nemen. Mochten er geen instructies vermeld staan, dan dienen de levensmiddelen binnen de korst mogelijke tijdsperiode geconsumeerd te worden.
- Bevroren levensmiddelen dienen te worden verplaatst voordat ze ontdooien en dienen zo snel mogelijk in de snelvrieslade te worden geplaatst. Gebruik de deurschappen niet voor het invriezen.
- Als de verpakking van ingevroren levensmiddelen vochtig is geworden of een geur afgeeft, kan het zijn dat deze producten onder ongunstige omstandigheden werden opgeslagen en zijn gaan rotten. Deze soort levensmiddelen niet consumeren!
- De bewaartermijn van ingevroren levensmiddelen is afhankelijk van de omgevingstemperatuur, het frequent openen en sluiten van de deuren, thermostaatinstellingen, soort levensmiddel en de tijdsduur die is verstreken sinds de levensmiddelen werden gekocht tot het moment waar op ze in de vriezer werden geplaatst. Neem altijd de aanwijzingen op de verpakking in acht en overschrijd nooit de bewaartermijn.
- Tijdens langere perioden van stroomstoring, de deur of het diepvriesgedeelte niet openen. In een omgevingstemperatuur van 25°C handhaaft uw koelkast uw ingevroren levensmiddelen gedurende 13 uur. In hogere omgevingstemperaturen neemt deze periode af. In geval van stroomstoringen die langer duren, dient u de levensmiddelen niet opnieuw in te vriezen maar zo snel mogelijk te consumeren.
Indien u de deur van uw vriescompartiment direct opnieuw opent, nadat u deze heeft gesloten, kan het moeilijk zijn om hem open te krijgen. Dit is normaal en nadat het vriesgedeelte weer de evenwichtstoestand heeft bereikt, zal de deur weer gemakkelijk opengaan.
Belangrijk:
- Eenmaal ontdooide diepvriesproducten dienen te worden bereid zoals verse levensmiddelen. Indien deze ontdooide levensmiddelen niet kunnen worden bereid, mogen ze NIET meer worden ingevroren.
- De smaak van een aantal kruiden in bereide schotels (anijs, basilicum, waterkers, azijn, kruidenmix, gember, knoflook, ui, mosterd, tijm, marjolein, zwarte peper, enz.) verandert en versterkt bij langdurige opslag. Daarom adviseren wij u om een kleine hoeveelheid kruiden toe te voegen als u van plan bent om het gerecht in te vriezen, of u kunt eventueel de gewenste kruiden achteraf na ontdooiing toevoegen.
Pagina 140
- De opslagperiode van voedsel is afhankelijk van de gebruikte olie. Geschikte oliën zijn margarine, kalfsvet, olijfolie en boter en ongeschikte oliën zijn pinda-olie en varkensvet.
- Voedsel in vloeibare vorm dient in plastic bekers te worden ingevroren en het andere voedsel in plastic folie of zakken.
Hieronder vindt u een aantal suggesties bij het plaatsen en opslaan van uw etenswaren in de vriezer.
| Vlees en vis | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maand) |
|---|---|---|
| Biefstuk | Verpakt in folie | 6 - 8 |
| Lamsvlees | Verpakt in folie | 6 - 8 |
| Kalfsbraadstuk | Verpakt in folie | 6 - 8 |
| Kalfsvlees in blokjes | In kleine stukjes | 6 - 8 |
| Lamsvlees in blokjes | In stukjes | 4 - 8 |
| Gehakt | Verpakt zonder kruiden | 1 - 3 |
| Orgaanvlees (in stukjes) | In stukjes | 1 - 3 |
| Bolognese-worst/ salami | Moet worden verpakt zelfs als er een vel omzit | 1 - 3 |
| Kip en kalkoen | Verpakt in folie | 4 - 6 |
| Gans en eend | Verpakt in folie | 4 - 6 |
| Hert, konijn, wildzwijn | In porties van 2,5 kg en als filets | 6 - 8 |
| Zoetwatervissen (Zalm, Karper, Crane, Siluroidea) | Ontdoe de vis van de ingewanden en schubben, was en droog het; snij indien nodig de staart en kop af. | 2 |
| Magere vis; zeebaars, tarbot, tong | 4 | |
| Vette vis (tonijn, makreel, zeeforel, ansjovis) | 2 - 4 | |
| Schelpdieren | Schoongemaakt en in zakken | 4 - 6 |
| Kaviaar | In zijn verpakking, in aluminium of plastic bakje | 2 - 3 |
| Slakken | In zout water, in aluminium of plastic bakje | 3 |
| Opmerking: Ingevroren vlees dient als vers vlees te worden bereid nadat het werd ontdooid. Als vlees niet is bereid na te zijn ontdooid, mag dit nooit opnieuw worden ingevroren. | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 140)
| Groenten en fruit | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) |
|---|---|---|
| Snijbonen en bonen | Was en snij ze in kleine stukjes en kook ze in water | 10 - 13 |
| Bonen | Dop en was ze en kook ze in water | 12 |
Pagina 141
| Groenten en fruit | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) |
|---|---|---|
| Kool | Was en kook in water | 6 - 8 |
| Wortel | Was en snij in stukjes en kook in water | 12 |
| Paprika | Snij de steel eraf, snij doormidden en verwijder de zaadlijsten en kook in water | 8 - 10 |
| Spinazie | Was en kook in water | 6 - 9 |
| Bloemkool | Haal het blad eraf, snij het hart in stukjes en laat het even staan in water met wat citroensap | 10 - 12 |
| Aubergine | Wassen en in stukken van 2 cm snijden | 10 - 12 |
| Maïs | Was en verpak met steel of als maďskolf | 12 |
| Appel en peer | Schil en snij in plakken | 8 - 10 |
| Abrikoos en perzik | Snij doormidden en verwijder de pit | 4 - 6 |
| Aardbeien en bosbessen | Wassen en schoonmaken | |
| Gekookt fruit | Voeg 10% suiker aan het bakje toe | |
| Pruimen, kersen, zure bessen | Wassen en de steeltjes verwijderen | 8 - 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 141)
| Maximale bewaarperiode (maanden) | Ontdooiperiode op kamertemperatuur (in uren) | Ontdooiperiode in oven (in minuten) | |
|---|---|---|---|
| Brood | 4 - 6 | 2 - 3 | 4-5 (220-225 °C) |
| Koekjes | 3 - 6 | 1 - 1,5 | 5-8 (190-200 °C) |
| Gebak | 1 - 3 | 2 - 3 | 5-10 (200-225 °C) |
| Taart | 1 - 1,5 | 3 - 4 | 5-8 (190-200 °C) |
| Filodeeg | 2 - 3 | 1 - 1,5 | 5-8 (190-200 °C) |
| Pizza | 2 - 3 | 2 - 4 | 15-20 (200 °C) |
| Zuivelproducten | Voorbereiden | Maximale bewaarperiode (maanden) | Bewaarwijze |
| Pak (homogene) melk | In eigen verpakking | 2 - 3 | Pure melk - In eigen verpakking |
| Kaas, met uitzondering van witte kaas | In plakken | 6 - 8 | Oorspronkelijke verpakking kan gebruikt worden voor korte bewaarperiode. Voor langere perioden moet het in folie worden gewikkeld. |
| Boter, margarine | In eigen verpakking | 6 | - |
Pagina 142
DEEL - 4. SCHOONMAKEN EN ONDERHOUD
U moet de stekker van de koelkast uit het stopcontact verwijderen voor u begint schoon te maken.
U mag uw koelkast nooit wassen met stromend water.
Nooit ontvlambare, explosieve of corrosieve materialen zoals verdunners, gassen, zuren gebruiken om schoon te maken.
- U kunt de binnen- en buitenkant afnemen met een zachte doek of spons en een warm zeepsopje.
- Verwijder de onderdelen één voor één en reinig met zeepwater. Was ze niet in de vaatwasmachine.
- U moet de condensator minimum een maal per jaar schoonmaken met een borstel om energie te besparen en de productiviteit te verhogen.
Zorg ervoor dat de stekker van uw koelkast verwijderd is wanneer schoonmaakt.
u
Pagina 143
Ontdooien
- Uw koelkast ontdooit volledig automatisch. Het water dat gevormd wordt als gevolg van het ontdooiproces, loopt in de waterverzamelbak, stroomt in de verdampingsbak aan de achterzijde van uw koelkast en verdampt daar.
- Controleer voor het reinigen van de verdampingsbak of u de stekker uit het stopcontact hebt getrokken.
- Verwijder de verdampingsbak door de schroeven los te draaien zoals aangegeven. Maak de bak regelmatig schoon met water met een reinigingsmiddel. Zo voorkomt u geurvorming.
Vervangen van ledverlichting
Indien uw koelkast voorzien is van ledverlichting dient u contact op te nemen met de helpdesk. Deze mag namelijk uitsluitend worden vervangen door erkend personeel.
Opmerking: Het aantal en de locatie van de LED-lampen kunnen afhankelijk van het model verschillen.
DEEL - 5. TRANSPORT EN VERANDERING VAN PLAATS
Transport en verandering van de installatieplaats
- De originele verpakkingen en schuim kan worden bewaard voor transport achteraf (indien gewenst).
- U moet uw koelkast vastmaken met een dikke verpakking, banden of sterke touwen en de instructies op de verpakking volgen voor transport als u de koelkast opnieuw wilt transporteren.
- Verwijder de bewegende onderdelen (laden, accessoires, groentevakken, etc.) of bevestig ze in de koelkast tegen schokken met banden tijdens de herplaatsing of het transport.
U moet de koelkast steeds rechtop dragen.
De positie van de deur wijzigen
- Het is niet mogelijk de openingsrichting van de deur van uw koelkast te wijzigen als de handvaten op uw koelkastdeur bevestigd zijn.
- Op modellen zonder handvaten en modellen met handvaten op de zijkanten is het mogelijk om de draairichting van de deur van uw koelkast te veranderen.
- Als de openingsrichting van uw koelkast kan worden gewijzigd, moet u contact opnemen met de dichtstbijzijnde installateur om de openingsrichting laten wijzigen.
Pagina 144
VOORDAT U EEN BEROEP DOET OP DE DEEL - 6.
KLANTENSERVICE
Waarschuwingen:
Uw koelkast waarschuwt u wanneer de temperaturen van de koeler en het vriesvak incorrecte niveaus bereiken of wanneer een probleem optreedt in het apparaat. Waarschuwingscode verschijnen in de vries- en koelvakindicatoren.
| SOORT STORING | BETEKENIS | WAAROM | WAT MOET U DOEN |
|---|---|---|---|
| E01 | Sensorwaarschuwing | Neem voor hulp zo spoedig mogelijk contact op met een servicedienst. | |
| E02 | |||
| E03 | |||
| E06 | |||
| E07 | |||
| E08 | Waarschuwing lage spanning | De toevoerstroom naar het apparaat is onder de 170 V gedaald. | - Dit is geen apparaatstoring, deze fout helpt schade aan de compressor te voorkomen. - De spanning moet worden verhoogd tot de vereiste niveaus. Indien deze waarschuwing aanhoudt, dient er contact opgenomen te worden met een erkende monteur. |
| E09 | Diepvriesgedeelte is niet koud genoeg | Dit komt waarschijnlijk voor na een lange stroomstoring. Er werd warm voedsel in de koelkast gezet. De eerste keer dat het apparaat werd aangezet. | 1. Stel de vriestemperatuur in op een lagere waarde of de snelvriesstand. Dit zal de foutcode moeten laten verdwijnen op het moment dat de vereiste temperatuur bereikt is. Houd de deuren gesloten om de juiste temperatuur sneller te bereiken. 2. Verwijder producten die door deze storing zijn ontdooid. Deze dienen binnen een korte periode geconsumeerd te worden. 3. Leg geen verse producten in het vriesvak totdat de juiste temperatuur bereikt is en er geen foutmelding meer wordt gegeven. Indien deze waarschuwing aanhoudt, dient er contact opgenomen te worden met een erkende monteur. |
Pagina 145
| SOORT STORING | BETEKENIS | WAAROM | WAT MOET U DOEN | |
|---|---|---|---|---|
| E10 | Koelgedeelte is niet koud genoeg | Dit komt waarschijnlijk voor nadat: - een lange stroomstoring plaatshad; - er warm voedsel in de koelkast is gezet. - De eerste keer dat het apparaat werd aangezet | 1. Stel de koeltemperatuur in op een lagere waarde of de snelkoelstand. Dit zal de foutcode moeten laten verdwijnen op het moment dat de vereiste temperatuur bereikt is. Houd de deuren gesloten om de juiste temperatuur sneller te bereiken. 2. Zorg ervoor dat het gebied voor de luchtkanaalgaten vrij is en vermijd plaatsing van voedsel nabij de sensor. Indien deze waarschuwing aanhoudt, dient er contact opgenomen te worden met een erkende monteur. | |
| E11 | Het koelgedeelte is te koud | Diverse | 1. Controleer of de snelkoelstand geactiveerd is 2. Verminder de temperatuur van het koelvak 3. Controleer of de ventilatiegaten vrij en niet verstopt zijn Indien deze waarschuwing aanhoudt, dient er contact opgenomen te worden met een erkende monteur. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 145)
Als uw koelkast niet goed werkt, dan is dit mogelijk te wijten aan een klein probleem. Controleer eerst de volgende punten voordat u met een elektricien contact opneemt. Dat bespaart u tijd en geld.
Als uw koelkast niet werkt;
- Is er een stroompanne?
- Zit de stekker correct in het stopcontact?
- Is de zekering van het stopcontact waar de stekker werd ingevoerd of de hoofdzekering gesprongen?
- Is het stopcontact defect? Om dit te controleren, kunt u de stekker van de koelkast in een stopcontact waarvan u zeker bent dat het werkt.
Als u koelkast onvoldoende afkoelt;
- Is de temperatuur correct aangepast?
- Wordt de deur van uw koelkast regelmatig geopend en een poosje open gelaten?
- Is de deur van uw koelkast correct gesloten?
- Hebt u een schotel of etenswaren bovenop de koelkast geplaatst die in contact staan met de achterwand van uw koelkast waardoor de luchtcirculatie wordt geblokkeerd?
- Is uw koelkast te veel gevuld?
- Is er voldoende afstand tussen uw koelkast en de achter- en zijwanden?
- Valt de omgevingstemperatuur tussen de waarden die gepreciseerd zijn in de handleiding?
Pagina 146
Als de etenswaren in uw koelkast overmatig gekoeld zijn
- Is de temperatuur correct aangepast?
- Werden er recent vele etenswaren in de koelkast geplaatst? In dat geval kan uw koelkast te veel gekoeld worden in het koelvak omdat het langer duurt om deze etenswaren te koelen.
Als uw koelkast te luidruchtig is;
- Om het ingestelde koelniveau te handhaven, kan de compressor af en toe worden geactiveerd. Lawaai van uw koelkast op dat moment is normaal en te wijten aan de werking. Als het vereiste koelniveau bereikt is, zal het lawaai automatisch verminderen. Als het lawaai aanhoudt;
- Is uw apparaat stabiel? Zijn de voetjes correct aangepast?
- Staat er iets achter uw koelkast?
- Trillen de laden of schotels op de laden? Vervang de laden en/of schotels als dit het geval is.
- Trillen de voorwerpen bovenop uw koelkast?
Normale geluiden;
Krakend geluid (ijs kraakt):
- Tijdens automatisch ontdooien.
- Als het apparaat gekoeld of opgewarmd wordt (omwille van de expansie van het materiaal van het apparaat).
Kort kraken: Hoorbaar wanneer de thermostaat de compressor in- of uitschakelt. Lawaai van de compressor (normaal motorgeluid): Dit geluid wijst er op dat de compressor normaal werkt. De compressor kan meer lawaai maken gedurende een korte periode wanneer hij wordt ingeschakeld.
Borrelend geluid en spatten: Dit lawaai wordt veroorzaakt door het koelmiddel dat door de systeemleidingen stroomt.
Lawaai van stromend water: Normaal lawaai van stromend water naar de verdampingscontainer tijdens het ontdooien. Dit lawaai is hoorbaar tijdens het ontdooien. Lawaai van blazende lucht (normaal lawaai van de ventilator): Dit lawaai is hoorbaar in koelkasten zonder ijsafzetting tijdens de normale werking van het systeem omwille van de luchtcirculatie.
Als er vochtigheid accumuleert in de koelkast;
- Zijn alle etenswaren correct verpakt? Werden de containers gedroogd voor ze in de koelkast werden geplaatst?
- Worden de deuren van de koelkast regelmatig geopend? Vocht uit de kamer dringt binnen in de koelkast wanneer de deuren worden geopend. Het vocht zal sneller accumuleren als u de deuren regelmatig opent, in het bijzonder als de kamer een hoge vochtigheidsgraad heeft.
- De vorming van waterdruppels op de achterwand na automatisch ontdooien is normaal. (In statische modellen)
Pagina 147
Als de deuren niet correct worden geopend en gesloten:
- Beletten de etenswaren de sluiting van de deur?
- Werden de deurvakken, laden en rekken correct geplaatst?
- Zijn de deurpakkingen stuk of versleten?
- Staat uw koelkast op een vlakke ondergrond?
Als de randen van de koelkast warm zijn waarmee het deurscharnier in contact komt;
In het bijzonder tijdens de zomer (warm weer) kunnen de oppervlakte waarmee het scharnier in aanraking komt opwarmen tijdens de werking van de compressor. Dit is normaal.
Belangrijke opmerkingen:
- De compressor beveiligingsfunctie wordt ingeschakeld na plotse stroompannes of na het verwijderen van de stekker omdat het gas koelsysteem nog niet gestabiliseerd is. Uw koelkast start na 5 minuten, u hoeft zich nergens zorgen om te maken.
- Als u uw koelkast gedurende een lange periode niet zult gebruiken (bijv. de zomervakantie), moet u de stekker verwijderen uit het stopcontact. Maak uw koelkast schoon volgens Deel 4 en laat de deur open om vocht en geurtjes te vermijden.
- Als het probleem aanhoudt nadat u alle bovenstaande instructies hebt gevolgd, moet u de dichtstbijzijnde geautoriseerde onderhoudsdienst raadplegen.
- Het apparaat dat u hebt gekocht werd ontworpen voor gebruik bij u thuis en mag uitsluitend bij u thuis en voor de bepaalde doeleinden worden gebruikt. Het is niet geschikt voor commercieel of algemeen gebruik. Als de gebruiker het apparaat gebruikt op een wijze die niet compatibel is met deze functies benadrukken we dat de producent en de verdeler niet verantwoordelijk kan worden gesteld voor reparatiewerken en defecten in de garantieperiode.
Pagina 148
Aanwijzingen voor energiebesparing
- 1. Installeer het apparaat in een koele, goed geventileerde ruimte, maar niet in direct zonlicht en niet in de buurt van een warmtebron (radiator, fornuis, etc.). Zo niet moet u een isolerende plaat gebruiken.
- 2. Laat warme dranken en etenswaren eerst afkoelen buiten het apparaat.
- 3. Plaat ingevroren etenswaren in het koelvak. De lage temperatuur van de ingevroren etenswaren zullen het koelvak helpen koel houden wanneer ze ontdooien. Zo bespaart u energie. Als u de ingevroren etenswaren gewoon buiten de koelkast plaatst, verliest u energie.
- 4. Wanneer u dranken in de koelkast plaatst, moet u ze afdekken. Zo niet verhoogt de vochtigheid in het apparaat. Dit verhoogt de werkingstijd. Afdekken van dranken helpt de geur en smaak te bewaren.
- 5. Wanneer u etenswaren en dranken plaatst, moet u de deur van het apparaat zo kort mogelijk openen.
- 6. Houd de deksels gesloten van andere vakken met verschillende temperaturen in het apparaat (groentevak, koeler, ...etc).
- 7. De pakking van de deur moet schoon en vouwbaar zijn. Bij slijtage moet u de pakking vervangen (als de pakking kan worden losgemaakt) Als deze niet kan worden losgemaakt, moet u de deur vervangen.
- 8. Vak voor vers voedsel (koelkast): Het meest efficiënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden onderin het apparaat zijn geplaatst en de schappen gelijkmatig verdeeld zijn. De stand van de deurschappen is niet van invloed op het energieverbruik.
- 9. Vriesvak (diepvriezer): De interne configuratie van het apparaat is de configuratie die zorgt voor het meest efficiënte energiegebruik.
- 10. Verwijder de kou-accumulatoren niet uit de diepvrieskorf (indien aanwezig).
Pagina 149
DEEL - 7.
DE ONDERDELEN VAN HET APPARAAT EN DE COMPARTIMENTEN
B
- 10 11
Deze presentatie dient enkel als informatie over de onderdelen van het apparaat. Onderdelen kunnen variëren naar gelang het model van het apparaat.
A) Koelgedeelte
B) Vriesgedeelte
- 1) Display en bedieningspaneel
- 2) Wijnrek *
- 3) Kelkastplank
- 4) Chiller-gedeelte *
- 5) Glas boven de groentelade
- 6) Groentelade
- 7) Bovenste lade
- 8) Middenlade
- 9) Onderlade
- 10) Nivelleringsvoeten
- 11) Ijslade
- 12. Glasplaat *
- 13. Flessenhouder
- 14) Bovenste deurplank
- 15) Eierhouder
* In sommige modellen
Pagina 150
DEEL 8 TECHNISCHE GEGEVENS
De technische informatie staat vermeld op het typeplaatje op de binnenkant van het apparaat en op het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat met het apparaat wordt geleverd, voorziet in een weblink naar de informatie die betrekking heeft op de prestaties van het apparaat in de EPRELdatabase.
Bewaar het energielabel ter naslagwerk bij de gebruikershandleiding en alle andere documenten die met dit apparaat zijn geleverd.
U kunt dezelfde informatie over EPREL vinden via de link https://eprel.ec.europa.eu, de modelnaam en het productnummer dat u aantreft op het typeplaatje van het apparaat.
Gebruik de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
DEEL 9 INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN
Installatie en voorbereiding van het apparaat voor EcoDesign-keuring dienen te voldoen aan EN 62552. De ventilatievereisten, afmetingen van de nis en minimale vrije ruimte aan de achterkant dienen te voldoen aan de vereisten van DEEL 1 in deze gebruikershandleiding. Neem contact op met de fabrikant voor eventuele verdere informatie, waaronder laadplannen.