AEG SCE818F6TS, tekst van de handleiding
Pagina's 17–24 van 76 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 17
NEDERLANDS 17
- Zorg ervoor dat de verpakking niet beschadigd is - het voedsel kan bedorven zijn. Als de verpakking gezwollen of nat is, is deze mogelijk niet in de optimale omstandigheden opgeslagen en is het ontdooien mogelijk al begonnen.
- Om het ontdooiproces te beperken, koopt u diepvriesproducten aan het einde van uw boodschappen en vervoert u ze in een thermische en geïsoleerde koeltas.
- Plaats de diepvriesproducten onmiddellijk na terugkomst uit de winkel in de vriezer.
- Als voedsel zelfs gedeeltelijk ontdooid is, mag u het niet opnieuw invriezen.
Consumeer het zo snel mogelijk.
- Respecteer de vervaldatum en de bewaarinformatie op de verpakking.
6.5 Houdbaarheid voor vriescompartiment
| Soort voedsel | Houdbaarheid (maanden) |
|---|---|
| Brood | 3 |
| Fruit (met uitzondering van citrusvruchten) | 6 - 12 |
| Groenten | 8 - 10 |
| Restjes zonder vlees | 1 - 2 |
| Zuivelproducten: | |
| Boter Zachte kaas (zoals mozzarella) Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas, cheddar) | 6 - 9 3 - 4 6 |
| Vis/Zeevruchten: | |
| Vette vis (zoals zalm, makreel) Magere vis (zoals kabeljauw, bot) Garnalen Gepelde mosselen en mosselen Gekookte vis | 2 - 3 4 - 6 12 3 - 4 1 - 2 |
| Vlees: | |
| Gevogelte Rundvlees Varkensvlees Lamsvlees Worst Ham Restjes met vlees | 9 - 12 6 - 12 4 - 6 6 - 9 1 - 2 1 - 2 2 - 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
6.6 Tips voor het koelen van vers voedsel
- Een goede temperatuurinstelling die de conservering van vers voedsel garandeert is een temperatuur lager dan of gelijk aan +4°C.
Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid van voedsel.
- Bedek het voedsel met een verpakking om de versheid en het aroma te behouden.
Pagina 18
18 www.aeg.com
- Gebruik altijd gesloten recipiënten voor vloeistoffen en voor voedsel, om smaken of geuren in het vak te voorkomen.
- Om kruisbesmetting tussen gekookt en rauw voedsel te voorkomen, bedekt je het gekookte voedsel en scheidt je het van het rauwe.
- Het wordt aanbevolen om het voedsel in de koelkast te ontdooien.
- Plaats geen warm voedsel in het apparaat. Zorg ervoor dat het is afgekoeld bij kamertemperatuur voordat je het in het apparaat plaatst.
- Om voedselverspilling te voorkomen, moet de nieuwe voorraad voedsel altijd achter de oude worden geplaatst.
6.7 Tips voor het koelen van voedsel
- Het vak voor vers voedsel is het vak met de markering (op het typeplaatje)
met .
- Vlees (alle soorten): verpakken in geschikt materiaal en op de glazen plaat leggen, boven de groentelade.
Bewaar vlees maximaal 1-2 dagen.
- Groente en fruit: grondig reinigen (het zand verwijderen) en in een speciale lade (groentelade) bewaren.
- Het is raadzaam om exotische vruchten zoals bananen, mango’s, papaja’s, etc. niet in de koelkast te bewaren.
- Groenten zoals tomaten, aardappelen, uien en knoflook mogen niet in de koelkast worden bewaard.
- Boter en kaas: in een luchtdicht bakje leggen of in aluminiumfolie of plastic zakjes wikkelen, om zoveel mogelijk lucht uit te sluiten.
- Flessen: afsluiten met een dop en op de flessenplank van de deur plaatsen of (indien beschikbaar) in het flessenrek.
- Om het afkoelen van de producten te versnellen, is het raadzaam om de ventilator aan te zetten. De activering van DYNAMICAIR maakt een grotere homogenisatie van de interne temperaturen mogelijk.
- Raadpleeg altijd de houdbaarheidsdatum van de producten, om te weten hoelang ze bewaard kunnen worden.
7. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 De binnenkant schoonmaken
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wast u de binnenkant en de interne accessoires met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product weg te nemen. Droog daarna grondig af.
LET OP!
Gebruik geen reinigingsmiddelen, schuurpoeders, chloor of reinigers op oliebasis. Deze beschadigen de afwerking.
LET OP!
De toebehoren en onderdelen van het apparaat zijn niet geschikt om in een afwasmachine gewassen te worden.
7.2 Periodieke reiniging
Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt:
- 1. Maak de binnenkant en de accessoires schoon met lauw water en wat neutrale zeep.
- 2. Controleer de afdichtingen regelmatig en wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon en vrij van resten zijn.
- 3. Afspoelen en goed afdrogen.
Pagina 19
NEDERLANDS 19
7.3 Ontdooien van de koelkast
Rijp wordt tijdens normaal gebruik automatisch van de verdamper van het koelgedeelte verwijderd. Het dooiwater wordt via een gootje afgevoerd naar een speciale opvangbak aan de achterkant van het apparaat, boven de compressor, waar het verdampt.
Het is belangrijk om het afvoergaatje voor het dooiwater midden in het afvoerkanaal van het koelgedeelte regelmatig te reinigen, om te voorkomen dat het water overloopt en op het voedsel in de koelkast terechtkomt.
Gebruik hiervoor de buisreiniger die is meegeleverd met het apparaat.
7.4 De vriezer ontdooien
Het vriesvak is vorstvrij. Dit betekent dat er geen rijp gevormd wordt als het vriesvak werkt, noch op de binnenwanden, noch op het voedsel.
7.5 Periode dat het apparaat niet gebruikt wordt
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:
- 1. Koppel het apparaat los van de stroomtoevoer.
- 2. Verwijder alle etenswaren.
- 3. Reinig het apparaat en alle accessoires.
- 4. Laat de deuren geopend om onaangename luchtjes te voorkomen.
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat te doen als...
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | Het apparaat werd uitgeschakeld. | Schakel het apparaat in. |
| De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Steek de stekker goed in het stopcontact. | |
| Er staat geen spanning op het stopcontact. | Sluit het apparaat aan op een ander stopcontact. Neem contact op met een erkend elektrotechnisch installateur. |
Pagina 20
20 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat is lawaaiig. | Het apparaat staat niet stabiel. | Controleer of het apparaat stabiel staat. |
| Er is een hoorbaar of zichtbaar alarm. | De kast werd onlangs ingeschakeld. | Zie 'Alarm Deur geopend' of 'Alarm Hoge temperatuur'. |
| De temperatuur in het apparaat is te hoog. | Zie 'Alarm Deur geopend' of 'Alarm Hoge temperatuur'. | |
| De deur is open blijven staan. | Sluit de deur. | |
| De compressor werkt voortdurend. | De temperatuur is verkeerd ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk 'Bedieningspaneel'. |
| Er werden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. | Wacht een paar uur en controleer dan de temperatuur opnieuw. | |
| De temperatuur in de ruimte is te hoog. | Zie ‘Installeren’. | |
| De temperatuur van de voedingsproducten in het apparaat was te hoog. | Laat voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt. | |
| De deur is niet goed gesloten. | Zie de sectie ‘De deur sluiten’. | |
| De Frostmatic-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over ‘Frostmatic-functie’. | |
| De Coolmatic-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over ‘Coolmatic-functie’. | |
| De compressor start niet onmiddellijk na het drukken op "Frostmatic" of "Coolmatic", of na het veranderen van de temperatuur. | De compressor start niet direct. | Dit is normaal en geen storing. |
| De deur is niet goed gemonteerd of dekt het ventilatierooster af. | Het apparaat staat niet waterpas. | Raadpleeg de montage-instructies. |
| Deur gaat moeilijk open. | Je probeerde de deur direct nadat je die sloot opnieuw te openen. | Wacht even met de deur openen nadat je die hebt gesloten. |
| De verlichting werkt niet. | De stand-bystand van de verlichting is ingeschakeld. | Sluit en open de deur. |
| De lamp is defect. | Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. |
Pagina 21
NEDERLANDS 21
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er is te veel bevroren rijp en ijs. | De deur is niet goed gesloten. | Zie de sectie ‘De deur sluiten’. |
| Het deurrubber is vervormd of vuil. | Zie de sectie ‘De deur sluiten’. | |
| De voedingsproducten is niet goed verpakt. | Verpak de voedingsproducten beter. | |
| De temperatuur is verkeerd ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk 'Bedieningspaneel'. | |
| Apparaat is volledig geladen en is ingesteld op de laagste temperatuur. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk 'Bedieningspaneel'. | |
| De ingestelde temperatuur in het apparaat is te laag en de omgevingstemperatuur is te hoog. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk 'Bedieningspaneel'. | |
| Er stroomt water over de achterwand van de koelkast. | Tijdens automatisch ontdooi- en smelt rijp op de achterwand. | Dit is correct. |
| Er condenseert teveel water op de achterwand van de koelkast. | De deur werd te vaak geopend. | Open de deur alleen als het nodig is. |
| De deur is niet volledig gesloten. | Zorg ervoor dat de deur volledig gesloten is. | |
| Het bewaarde voedsel was niet ingepakt. | Verpak voedsel in geschikt materiaal voordat je het in het apparaat plaatst. | |
| Er stroomt water in de koelkast. | Opgeborgen voedingsproducten voorkomen dat het water in de wateropvangbak loopt. | Zorg ervoor dat voedingsproducten de achterwand niet raken. |
| De waterafvoer is verstopt. | Reinig de waterafvoer. | |
| Er stroomt water op de vloer. | De smeltwaterafvoer is niet aangesloten op de verdampschaal boven de compressor. | Sluit de smeltwaterafvoer aan op de verdampschaal. |
Pagina 22
22 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De temperatuur kan niet worden ingesteld. | De "Frostmatic functie" of "Coolmatic-functie" is ingeschakeld. | Schakel de "Frostmatic functie" of "Coolmatic-functie" handmatig uit, of wacht totdat de functie automatisch deactiveert om de temperatuur in te stellen.. Raadpleeg de rubriek over "Frostmatic functie" of "Coolmatic functie". |
| De temperatuur in het apparaat is te laag/te hoog. | De temperatuur is niet correct ingesteld. | Stel een hogere/lagere temperatuur in. |
| De deur is niet goed gesloten. | Zie de sectie ‘De deur sluiten’. | |
| De temperatuur van de voedingsproducten is te hoog. | Laat de voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt. | |
| Er worden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. | Berg minder voedingsproducten in een keer op. | |
| De deur werd vaak geopend. | Open de deur alleen als dat nodig is. | |
| De Frostmatic-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over ‘Frostmatic-functie’. | |
| De Coolmatic-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over ‘Coolmatic-functie’. | |
| Er wordt geen koude lucht gecirculeerd in het apparaat. | Zorg ervoor dat er koude lucht in het apparaat circuleert. Zie ‘Nuttige aanwijzingen en tips’. | |
| DEMO op het display. | Het apparaat staat in demonstratiemodus. | Houd de OK -toets ongeveer 10 seconden ingedrukt tot een lang geluid klinkt en het display even uitschakelt. |
| Er verschijnt een of of -symbool in plaats van getallen op het temperatuurdisplay. | Storing van de temperatuursensor. | Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. (Het koelsysteem blijft de voedingsproducten koelen, maar de temperatuurinstelling kan niet worden gewijzigd). |
Pagina 23
NEDERLANDS 23
Bel, wanneer het advies niet tot resultaten leidt, de dichtstbijzijnde servicedienst voor dit merk.
8.2 Het lampje vervangen
Het apparaat is uitgerust met een ledbinnenlampje dat een lange levensduur heeft.
Alleen een onderhoudsmonteur mag de verlichting vervangen. Neem contact op met de klantenservice.
8.3 De deur sluiten
- 1. Maak de afdichtingen van de deur schoon.
- 2. Stel de deur, indien nodig, af. Raadpleeg 'Installatie-instructies'.
- 3. Vervang, indien nodig, de defecte deurafdichtingen. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
9. GELUIDEN
CLICK!
BLUBB!
SSSRRR!
BRRR!
HISSS!
10. TECHNISCHE GEGEVENS
De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en op het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties
van het apparaat in de EU-EPRELdatabase. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Pagina 24
24 www.aeg.com
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de koppeling htps:/eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat.
Zie de koppeling www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
11. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN
De installatie en voorbereiding van het toestel voor elke EcoDesign-verificatie moet in overeenstemming zijn met EN 62552. De ventilatievoorschriften, de afmetingen van de uitsparingen en de minimale open afstanden aan de
achterzijde moeten voldoen aan de voorschriften van deze gebruikershandleiding in hoofdstuk 3. Neem contact op met de fabrikant voor verdere informatie, inclusief laadplannen.
12. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het
symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.