AEG SFB61221AF, tekst van de handleiding
Koelkast · AEG · 15 pagina's in het Nederlands · pdf: 52 pagina's, 0,5 MB
Storingen op pagina 13
Pagina 13
Vanaf de titel; het begin van pagina 13 staat in de pdf.
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat moet u doen als ...
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | Het apparaat is uitgeschakeld. | Schakel het apparaat in. |
| De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Steek de stekker goed in het stopcontact. | |
| Er staat geen spanning op het stopcontact. | Sluit een ander elektrisch apparaat op het stopcontact aan. Bel een gekwalificeerd elektricien. | |
| Het apparaat maakt lawaai. | Het apparaat is niet stevig en stabiel geplaatst. | Controleer of het apparaat stabiel staat. |
| Het lampje werkt niet. | Het lampje staat in stand-by. | Sluit en open de deur. |
Pagina 14
14 www.aeg.com
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het lampje is stuk. | Neem contact op met de dichtsbijzijnde klantenservice. | |
| De compressor werkt continu. | De temperatuur is fout ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk 'Bediening'. |
| Er zijn grote hoeveelheden voedsel tegelijk in de vriezer geplaatst. | Wacht een paar uur en controleer dan nogmaals de temperatuur. | |
| De kamertemperatuur is te hoog. | Zie het typeplaatje voor de klimaatklasse. | |
| Het voedsel dat in het apparaat werd geplaatst, was te warm. | Laat voedsel afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het opslaat. | |
| De deur is niet goed gesloten. | Zie 'De deur sluiten'. | |
| De functie FROSTMATIC is ingeschakeld. | Raadpleeg functie "FROST-MATIC”. | |
| Er is te veel vorst en ijs. | De deur is niet correct gesloten of de deurpakking is vervormd/vies. | Zie 'De deur sluiten'. |
| De dop van de waterafvoer bevindt zich niet op de juiste plaats. | Plaats de dop voor de waterafvoer op de juiste manier. | |
| De producten zijn niet op de juiste wijze verpakt. | Pak de producten beter in. | |
| De temperatuur is fout ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk 'Bediening'. | |
| De compressor start niet onmiddellijk na het drukken op "FROSTMATIC", of na het veranderen van de temperatuur. | Dit is normaal, er is geen storing. | De compressor start na enige tijd. |
| Er loopt water over de achterkant van de koelkast. | Tijdens het automatische ontdooiproces, ontdooit de rijp tegen de achterwand. | Dat is juist. |
| Er loopt water in de koelkast. | De waterafvoer is verstopt. | Reinig de waterafvoer. |
| Producten verhinderen dat het water in de wateropvangbak loopt. | Zorg ervoor dat de producten de achterwand niet raken. |
Pagina 15
NEDERLANDS 15
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er ligt water op de vloer. | De dooiwaterafvoer is niet aangesloten op de verdamperbak boven de compressor. | Maak de dooiwaterafvoer vast op de verdamperbak. |
| De temperatuur kan niet worden ingesteld. | De "FROSTMATIC-functie" is ingeschakeld. | Schakel "FROSTMATICfunctie" handmatig uit of wacht tot de functie automatisch reset om de temperatuur in te stellen. Raadpleeg "FROSTMATIC-functie". |
| De temperatuur in het apparaat is te laag/hoog. | De temperatuurknop is niet goed ingesteld. | Stel een hogere/lagere temperatuur in. |
| De deur is niet goed gesloten. | Zie 'De deur sluiten'. | |
| De temperatuur van het voedsel is te hoog. | Laat het voedsel afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het conserveert. | |
| Er worden veel producten tegelijk bewaard. | Conserveer minder producten tegelijk. | |
| De dikte van de rijp is meer dan 4-5 mm. | Ontdooi het apparaat. | |
| De deur is te vaak geopend. | Open de deur alleen als het nodig is. | |
| De functie FROSTMATIC is ingeschakeld. | Raadpleeg functie "FROST-MATIC”. | |
| Er is geen koude luchtcirculatie in het apparaat aanwezig. | Zorg ervoor dat er koude luchtcirculatie in het apparaat is. | |
| Er bevindt zich teveel condenswater op de achterwand van de koelkast. | De deur is te vaak geopend. | Open de deur alleen als het nodig is. |
| De deur is niet volledig gesloten. | Zorg ervoor dat de deur volledig gesloten is. | |
| Het bewaarde voedsel was niet ingepakt. | Verpak voedsel in geschikt materiaal voordat u het in het apparaat plaatst. | |
| Deur gaat niet makkelijk open. | U probeerde de deur na het sluiten meteen weer te openen. | Wacht een paar seconden tussen het sluiten en weer openen van de deur. |
Pagina 16
16 www.aeg.com
Bel, wanneer het advies niet tot resultaten leidt, de dichtstbijzijnde klantenservice voor dit merk.
8.2 Het lampje vervangen
Het apparaat is uitgerust met een ledbinnenlampje dat een lange levensduur heeft.
Alleen een onderhoudsmonteur mag de verlichting vervangen. Neem contact op met de klantenservice.
8.3 De deur sluiten
- 1. Maak de afdichtingen van de deur schoon.
- 2. Stel de deur, indien nodig, af.
Raadpleeg de montageaanwijzingen.
- 3. Vervang, indien nodig, de defecte deurafdichtingen. Neem contact op met de erkende servicedienst.
9. TECHNISCHE GEGEVENS
9.1 Technische gegevens
| Afmetingen van het apparaat | |
| Hoogte | 1219 mm |
| Breedte | 540 mm |
| Diepte | 550 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| Spanning (Voltage) | 230 - 240 V |
|---|---|
| Frequentie | 50 Hz |
| Maximale bewaartijd bij stroomuitval | 12 h |
| De technische gegevens | staan op het |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
typeplaatje aan de binnen- of buitenkant van het apparaat en op het energielabel.
10. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het
symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
2 www.aeg.com
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE.........................................................................................2
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................................5
- 3. INSTALLATIE................................................................................................................7
- 4. BEDIENING..................................................................................................................8
- 5. DAGELIJKS GEBRUIK..................................................................................................9
- 6. AANWIJZINGEN EN TIPS.........................................................................................10
- 7. ONDERHOUD EN REINIGING.................................................................................11
- 8. PROBLEEMOPLOSSING...........................................................................................13
- 9. TECHNISCHE GEGEVENS........................................................................................16
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, onderhouds- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens bij de hand hebt: Model, productnummer, serienummer.
De informatie staat op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu‑informatie
Wijzigingen voorbehouden.
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste
Pagina 3
NEDERLANDS 3
gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen.
- Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar mogen het apparaat laden en lossen op voorwaarde dat ze goed zijn geïnstrueerd.
- Dit apparaat mag worden gebruikt door personen met zware en complexe beperkingen, indien ze duidelijk zijn geïnstrueerd.
- Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, mits zij voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Houd alle verpakkingen uit de buurt van kinderen en verwijder ze op gepaste wijze.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en soortgelijke toepassingen, zoals:
- boerderijen, personeelskeukens in winkels, kantoren of andere werkomgevingen;
- Door gasten in hotels, motels, bed&breakfasts en andere woonomgevingen.
- Neem de volgende instructies in acht om besmetting van voedsel te voorkomen:
- open de deur niet gedurende lange perioden;
Pagina 4
4 www.aeg.com
- reinig regelmatig oppervlakken die in contact kunnen komen met voedsel en toegankelijke afwateringssystemen;
- bewaar rauw vlees en vis in geschikte recipiënten in de koelkast, zodat het niet in contact komt met of druppelt op andere levensmiddelen.
- WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen altijd vrij van obstructies; dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
- WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve die middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen.
- WAARSCHUWING: Let op dat u het koelcircuit niet beschadigt.
- WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische apparaten in de koelkast, tenzij deze door de fabrikant worden aanbevolen.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Als het apparaat lange tijd leeg is, schakel het dan uit, ontdooi, reinig en droog het en laat de deur open om te voorkomen dat er schimmel in het apparaat ontstaat.
- Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
- Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
Pagina 5
NEDERLANDS 5
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde structuur installeert omwille van veiligheidsredenen.
- Volg de installatie-instructies op die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Zorg ervoor dat rond het apparaat lucht kan circuleren.
- Bij de eerste installatie of na het omdraaien van de deur moet u minstens 4 uur wachten voordat u het apparaat op de stroom aansluit.
Hierdoor kan de olie terug in de compressor stromen.
- Trek de stekker uit het stopcontact voordat u handelingen aan het apparaat uitvoert (bijv. het omdraaien van de deur).
- Installeer het apparaat niet in de nabijheid van radiatoren, fornuizen, ovens of kookplaten.
- Stel het apparaat niet bloot aan regen.
- Installeer het apparaat niet op een plaats met direct zonlicht.
- Installeer dit apparaat niet in ruimtes die te vochtig of te koud zijn.
- Til de voorkant van het apparaat op als u hem wilt verplaatsen, om krassen op de vloer te voorkomen.
2.2 Aansluiting op het elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
WAARSCHUWING!
Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het stroomsnoer niet klem zit of wordt beschadigd.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen meerwegstekkers en verlengsnoeren.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Zorg dat u de elektrische onderdelen (hoofdstekker, kabel, compressor) niet beschadigt. Neem contact met de erkende servicedienst of een elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.
- De stroomkabel moet lager blijven dan het niveau van de stopcontact.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar op letsel, brandwonden of elektrische schokken.
Het apparaat bevat ontvlambaar gas, isobutaan (R600a), een aardgas met een hoge ecologische compatibiliteit. Zorg ervoor dat u het koelcircuit dat isobutaan bevat, niet beschadigt.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Plaats geen elektrische apparaten (bijv. ijsmachines) in het apparaat
Pagina 6
6 www.aeg.com
tenzij uitdrukkelijk geschikt verklaard door de fabrikant.
- Als er schade aan het koelcircuit optreedt, zorg er dan voor dat er zich geen vlammen en andere ontstekingsbronnen in de kamer bevinden. Lucht de ruimte indien dit gebeurt.
- Zet geen hete items op de kunststofonderdelen van het apparaat.
- Plaats geen koolzuurhoudende dranken in het vriesvak. Dit zal extra druk in de drankfles veroorzaken.
- Bewaar geen ontvlambare gassen en vloeistoffen in het apparaat.
- Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Raak de compressor of condensator niet aan. Ze zijn heet.
- Zorg ervoor dat u nooit met natte of vochtige handen items uit het vriesvak verwijderd of aanraakt.
- Vries ontdooide voedingswaren nooit opnieuw in.
- Bewaar de voedingswaren volgens de instructies op de verpakking.
- Wikkel het voedsel in eender welk contactmateriaal voor voedsel alvorens het in het vriesvak te plaatsen.
2.4 Binnenverlichting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken.
- De soort lamp die in dit apparaat gebruikt wordt, is uitsluitend geschikt voor huishoudelijke apparaten.
Gebruik het niet voor de verlichting in huis.
2.5 Onderhoud en reiniging
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
- Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen. Enkel bevoegde personen mogen de eenheid onderhouden en herladen.
- Controleer regelmatig de afvoer van het apparaat en reinig het indien nodig. Indien de afvoer verstopt is, zal er water op de bodem van het apparaat liggen.
2.6 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zijn beschikbaar gedurende 7 jaar nadat het model is stopgezet: thermostaten, temperatuursensoren, printplaten, lichtbronnen, deurklinken, deurscharnieren, trays en manden.
Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
- Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10 jaar nadat het model is stopgezet.
2.7 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
- Verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat.
- Het koelcircuit en de isolatiematerialen van dit apparaat zijn ozonvriendelijk.
- Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen. Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.
Pagina 7
NEDERLANDS 7
- Veroorzaak geen schade aan het deel van de koeleenheid dat zich naast de warmtewisselaar bevindt.
3. INSTALLATIE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
WAARSCHUWING!
Raadpleeg het installatie-instructiedocument om uw apparaat te installeren.
WAARSCHUWING!
Zet het apparaat vast in overeenstemming met de installatie-instructies om een risico op instabiliteit van het apparaat te voorkomen.
3.1 Locatie
Installeer, om de beste prestatie te garanderen, het apparaat van hittebronnen vandaan, zoals radiatoren, boilers, direct zonlicht enz. Zorg er voor dat lucht vrij aan de achterkant van het apparaat kan circuleren.
3.2 Plaatsing
Installeer het apparaat op een droge, goed geventileerde plaats binnen waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse die vermeld is op het typeplaatje van het apparaat.
| Klimaatklasse | Omgevingstemperatuur |
|---|---|
| SN | +10°C tot + 32°C |
| N | +16°C tot + 32°C |
| ST | +16°C tot + 38°C |
| T | +16°C tot + 43°C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Bij bepaalde modeltypes kunnen er functionele problemen ontstaan als deze temperaturen niet worden gerespecteerd. De juiste werking van het apparaat kan enkel gegarandeerd worden als het opgegeven temperatuurbereik wordt gerespecteerd. Als u twijfels hebt over waar het apparaat te installeren, raadpleeg dan de verkoper, de klantenservice of de dichstsbijzijnde erkende servicedienst.
3.3 Elektrische aansluiting
- Zorg er vóór het aansluiten voor dat het voltage en de frequentie op het typeplaatje overeenkomen met de stroomtoevoer in uw huis.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. De netsnoerstekker is voorzien van een contact voor dit doel. Als het stopcontact niet geaard is, sluit het apparaat dan aan op een afzonderlijk aardepunt, in overeenstemming met de geldende regels. Raadpleeg hiervoor een gekwalificeerd elektricien.
- De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden als bovenstaande veiligheidsvoorschriften niet opgevolgd worden.
- Dit apparaat voldoet aan de EEG - richtlijnen.
3.4 Ventilatievereisten
De luchtcirculatie achter het apparaat moet voldoende zijn.
Pagina 8
8 www.aeg.com
min.
200 cm²
LET OP!
Raadpleeg de montage-instructies voor de installatie.
min.
200 cm²
4. BEDIENING
4.1 Bedieningspaneel
4.2 Inschakelen
- 1. Steek dan de stekker in het stopcontact.
- 2. Raak de toets van de temperatuurregelaar aan als alle leds uit zijn.
4.3 Uitschakelen
Blijf de toets van de temperatuurregelaar 3 seconden aanraken.
Alle indicatielampjes zijn uit.
4.4 Temperatuurregelaar
Druk om het apparaat te bedienen op de temperatuurregelaar totdat de LED die bij de vereiste temperatuur hoort oplicht. De selectie loopt van 2°C tot 8°C.
1 Temperatuurindicatie LED
2 FROSTMATIC-indicatielampje
3 FROSTMATIC-toets
4 Temperatuurknop
AAN-/UITtoets
Koudste instelling: +2°C. Warmste instelling: +8°C. Een gemiddelde instelling is over het algemeen het meest geschikt.
Houd bij de instellingskeuze rekening met het feit dat de temperatuur in het apparaat afhankelijk is van:
- de kamertemperatuur
- de frequentie waarmee de deur wordt geopend
- de hoeveelheid etenswaren die wordt bewaard
- de plek van het apparaat.
- 1. Raak de temperatuurregelaar aan. Het huidige temperatuurindicatielampje knippert. Bij elke aanraking van de
Pagina 9
NEDERLANDS 9
temperatuurregelaar gaat de instelling een stand vooruit. Het relevante LED knippert een tijdje.
- 2. Druk op de temperatuurregalaar tot de vereiste temperatuur is geselecteerd.
4.5 FROSTMATIC-functie
De FROSTMATIC-functie versnelt het invriezen van vers voedsel en beschermt voedsel dat reeds is geconserveerd tegen ongewenste opwarming.
Druk op deze toets om de functie FROSTMATIC te activeren.
Het FROSTMATIC-lampje verschijnt. Deze functie stopt automatisch na 28 uur.
U kunt de FROSTMATIC-functie voordat hij automatisch eindigt, uitschakelen door te drukken op de FROSTMATICknop. Het FROSTMATIC-lampje gaat uit.
De functie wordt uitgeschakeld door een andere ingestelde temperatuur te selecteren.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Invriezen van vers voedsel
Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en om diepvriesvoedsel langere tijd te bewaren.
Om vers voedsel in te vriezen, activeer de FROSTMATIC-functie ten minste 24 uur voordat u het in te vriezen voedsel in het vriesvak legt.
De maximale hoeveelheid voedsel die in 24 uur ingevroren kan worden, staat vermeld op het typeplaatje, een etiket dat zich aan de binnenkant van het apparaat bevindt.
Het invriesproces duurt 24 uur. voeg tijdens deze periode geen ander voedsel toe om in te vriezen.
Wanneer het invriesproces is voltooid, de vereiste temperatuur weer instellen (zie "FROSTMATIC-functie").
5.2 Het bewaren van ingevroren voedsel
Als u het apparaat voor het eerst of na een periode dat het niet gebruikt is inschakelt, dient u het apparaat minstens 2 uur te laten werken met de FROSTMATIC functie ingeschakeld.
In het geval van onbedoelde ontdooiing, bijvoorbeeld als de stroom langer is uitgevallen dan de duur die op de kaart met technische kenmerken onder "tijdsduur" is vermeld, moet het ontdooide voedsel snel geconsumeerd worden of onmiddellijk bereid worden en dan weer worden ingevroren (nadat het afgekoeld is).
5.3 Ontdooien
Diepgevroren of ingevroren voedsel kunt u, voordat het gebruikt wordt, in het koelvak of op kamertemperatuur laten ontdooien, afhankelijk van de hoeveelheid tijd die hiervoor nodig is.
Kleine stukken kunnen zelfs rechtstreeks vanuit de vriezer gekookt worden: in dit geval duurt het koken langer.
5.4 Het plaatsen van de deurplateaus
Om het bewaren van voedselverpakkingen van verschillende afmetingen mogelijk te maken, kunnen de schappen op verschillende hoogtes worden geplaatst.
- 1. Trek het schap enigszins omhoog totdat het loskomt.
- 2. Opnieuw plaatsen zoals gewenst.
Pagina 10
10 www.aeg.com
5.5 Verplaatsbare legrekken
De wanden van de koelkast zijn voorzien van een aantal glijschoenen zodat de
schappen op de gewenste plaats gezet kunnen worden.
Verwijder de glasplaat boven de groentelade niet om een goede luchtcirculatie te garanderen.
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
6.1 Normale bedrijfsgeluiden:
De volgende geluiden zijn normaal tijdens de werking:
- Een zacht gorgelend en borrelend geluid als het koelmiddel door leidingen wordt gepompt.
- Een zoemend en kloppend geluid van de compressor als het koelmiddel wordt rondgepompt.
- Een plotseling krakend geluid uit de binnenkant van het apparaat veroorzaakt door thermische uitzetting (een natuurlijk en ongevaarlijk natuurkundig fenomeen).
- Een zacht klikkend geluid van de thermostaat als de compressor aan of uit gaat.
6.2 Tips voor energiebesparing
- Eco modus / standaardinstelling bewaart verse en diepvriesproducten en bespaart energie.
- Eco modus / standaardinstelling bewaart vers voedsel en bespaart energie.
- Compartiment voor vers voedsel (koelkast): Het meest efficiënte gebruik van energie is verzekerd in de configuratie met de lades in het onderste deel van het apparaat en
met de rekken gelijkmatig verdeeld. De positie van de deurbakken heeft geen invloed op het energieverbruik.
- De deur niet vaker openen of open laten staan dan strikt noodzakelijk.
6.3 Tips voor het koelen van vers voedsel
- Zet geen warm voedsel of verdampende vloeistoffen in de koelkast.
- Dek het voedsel af of verpak het, in het bijzonder als het een sterke geur heeft.
- Plaats het voedsel zodanig dat de lucht er vrijelijk omheen kan circuleren.
6.4 Tips voor het koelen
Nuttige tips:
- Vlees (alle soorten): in plastic zakken verpakken en op het glazen schap leggen, boven de groentelade.
Bewaar vlees maximaal 1-2 dagen.
- Gekookte etenswaren, koude gerechten: bedekken en op een schap leggen.
- Fruit en groeten: goed wassen en in een speciale lade leggen. Bananen, aardappelen, uien en knoflook
Pagina 11
NEDERLANDS 11
moeten als deze niet verpakt zijn niet in de koelkast worden bewaard.
- Boter en kaas: in speciale luchtdichte bakjes leggen of in aluminiumfolie of plastic zakjes wikkelen om zoveel mogelijk lucht uit te sluiten.
- Flessen: afsluiten met een dop en in de deur plaatsen of (indien beschikbaar) in het flessenrek.
6.5 Tips voor het invriezen
- Vries alleen verse en grondig schoongemaakte levensmiddelen van uitstekende kwaliteit in.
- Verdeel voor efficiënter invriezen en ontdooien het voedsel in kleine porties.
- Wikkel het voedsel in aluminiumfolie of plastic. Zorg ervoor dat de verpakking luchtdicht is.
- Om te voorkomen dat de temperatuur van al ingevroren voedsel toeneemt, dient u vers voedsel hier niet direct naast te plaatsen.
- Smalle pakjes zijn makkelijker te bewaren dan dikke. Zout maakt voedsel minder lang houdbaar.
- IJsblokjes, ingevroren water of waterijsjes niet meteen nadat ze uit de vriezer zijn gehaald opeten.
Gevaar voor bevriezing.
- Het is aan te bevelen de invriesdatum op elk pakje te vermelden, dan kunt u zien hoe lang het al bewaard is.
6.6 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel
- Verzeker u ervan dat de commercieel ingevroren levensmiddelen op geschikte wijze door de winkelier werden bewaard.
- Zorg ervoor dat de ingevroren levensmiddelen zo snel mogelijk van de winkel naar uw vriezer gebracht worden.
- Als voedsel eenmaal ontdooid is, bederft het snel en kan het niet opnieuw worden ingevroren.
- Bewaar het voedsel niet langer dan de door de fabrikant aangegeven bewaarperiode.
7. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Algemene waarschuwingen
LET OP!
Voordat u welke onderhoudshandeling dan ook verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de koeleenheid. Onderhoud en hervullen mag alleen uitgevoerd worden door bevoegde technici.
De toebehoren en onderdelen van het apparaat zijn niet geschikt om in een afwasmachine gewassen te worden.
7.2 De binnenkant schoonmaken
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wast u de binnenkant en de interne accessoires met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product weg te nemen. Droog daarna grondig af.
LET OP!
Gebruik geen reinigingsmiddelen, schuurpoeders, chloor of reinigers op oliebasis. Deze beschadigen de afwerking.
Pagina 12
12 www.aeg.com
7.3 Periodieke reiniging
LET OP!
Trek niet aan leidingen en/of kabels aan de binnenkant van het apparaat en verplaats of beschadig ze niet.
LET OP!
Let op dat u het koelsysteem niet beschadigt.
Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt:
- 1. Maak de binnenkant en de accessoires schoon met lauw water en wat neutrale zeep.
- 2. Controleer de afdichtingen regelmatig en wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon en vrij van resten zijn.
- 3. Spoel ze af en maak ze grondig droog.
- 4. Maak indien toegankelijk de condensor en de compressor aan de achterkant van het apparaat schoon met een borstel.
Dit zal de prestatie van het apparaat verbeteren en het elektriciteitsverbruik reduceren.
7.4 Het ontdooien van de koelkast
Rijp wordt elke keer als de compressormotor tijdens normale werking stopt, automatisch van de verdamper van het koelvak verwijderd. Het dooiwater loopt via een gootje in een speciale opvangbak aan de achterkant van het apparaat, boven de compressormotor, waar het verdampt.
Het is belangrijk om het afvoergaatje van het dooiwater in het midden van het koelvak regelmatig schoon te maken om te voorkomen dat het water overloopt en op het voedsel in de koelkast gaat druppelen.
7.5 De vriezer ontdooien
LET OP!
Gebruik nooit scherpe metalen hulpmiddelen om de rijp van de verdamper te krabben, deze zou beschadigd kunnen raken. Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve die middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen.
Stel ongeveer 12 uur voordat u gaat ontdooien een lagere temperatuur in om voldoende koudereserve op te bouwen in geval van onderbrekingen tijdens de werking.
Een zekere hoeveelheid rijp zal zich altijd vormen op de schappen van de vriezer en rond het bovenste vak.
Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mm bereikt heeft.
- 1. Trek de stekker uit het stopcontact of schakel het apparaat uit.
- 2. Verwijder al het ingevroren voedsel, wikkel het in een paar lagen krantenpapier en leg het op een koele plaats.
Pagina 13: zie Storingen hierboven.
Pagina 14: zie hierboven.
Pagina 15: zie hierboven.
Pagina 16: zie hierboven.