AEG V64IIB30IB, tekst van de handleiding
Pagina's 50–63 van 228 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 64 →
Pagina's 1–49: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 50
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE..........................................................................50
- 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................53
- 3. INSTALLATIE................................................................................................55
- 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................ 58
- 5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK......................................... 59
- 6. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................. 60
- 7. EXTRA FUNCTIES....................................................................................... 65
- 8. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 67
- 9. ONDERHOUD EN REINIGING.....................................................................70
- 10. PROBLEEMOPLOSSING........................................................................... 71
- 11. TECHNISCHE GEGEVENS........................................................................73
- 12. ENERGIEZUINIGHEID............................................................................... 74
- 13. MILIEUBESCHERMING..............................................................................75
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe
Pagina 51
beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
Pagina 52
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven (zelfs bij de automatische kookfuncties). Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
Pagina 53
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren 2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
- Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren.
- Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
Pagina 54
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
- Als de E3-code op het scherm verschijnt, koppelt u de kookplaat onmiddellijk los en controleert u of de elektrische aansluiting en de netspanning correct zijn.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te vermijden.
- Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
Pagina 55
| 2.4 Onderhoud en reiniging | bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke |
| • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat. | apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van |
| • Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. | het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn |
| • Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen | niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten. |
| schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven. | 2.6 Verwijdering |
| WAARSCHUWING! | |
| 2.5 Service | Gevaar voor letsel of verstikking. |
| • Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele | • Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat. |
| reserveonderdelen. | • Haal de stekker uit het stopcontact. |
| • Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn | • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)
3. INSTALLATIE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoer
- De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F die bestand is tegen een temperatuur van 90 °C of hoger. Een enkele draad moet een
minimale doorsnede hebben volgens de onderstaande tabel. Neem contact op met onze serviceafdeling. Het vervangen van de verbindingskabel mag alleen worden gedaan door een gekwalificeerde elektricien.
WAARSCHUWING!
Alle elektrische aansluitingen moeten door een gekwalificeerde elektricien worden aangelegd.
LET OP!
Aansluitingen via contactpluggen zijn verboden.
LET OP!
Boor of soldeer de draaduiteinden niet. Het is verboden.
LET OP!
Sluit de kabel niet aan zonder de huls voor het kabeluiteinde.
Pagina 56
Eenfasige aansluiting
- 1. Verwijder de huls voor het kabeluiteinde van de zwarte en bruine draden.
- 2. Verwijder een deel van de isolatie van de bruine en zwarte kabeluiteinden.
- 3. Sluit de uiteinden van zwarte en bruine kabels aan.
- 4. Breng een nieuwe draadeindhuls aan op het uiteinde van de gedeelde draad (speciaal gereedschap vereist).
| 400V2N~ N L1 L2 | 220-240 V~ N L | |
|---|---|---|
| Tweefasige aansluiting: 400 V2N~ | Eenfasige aansluiting: | 220 - 240 V~ |
| 5x1,5 mm² of 4x2,5 mm² | 5x1,5 mm² of 3x4 mm² | |
| Groen - geel | Groen - geel | |
| N Blauw en blauw | N | Blauw en blauw |
| L1 Zwart | L | Zwart en bruin |
| L2 Bruin | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 56)
3.4 De afdichting bevestigen - Geïntegreerde installatie
- 1. Reinig de sponningen in het werkblad.
- 2. Snijd de meegeleverde 3x10 mm afdichtingsstreep in vier strepen. De strepen moeten dezelfde lengte hebben als de sponningen.
- 3. Knip de uiteinden van de strepen in een hoek van 45°. Ze moeten nauwkeurig in de hoeken van de sponningen passen.
- 4. Bevestig de strepen aan de rabbels. Rek de strippen niet uit. Plak de uiteinden van de strippen niet over elkaar heen.
Dicht na plaatsing van de kookplaat de kier tussen het werkblad en het glaskeramiek met siliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen niet onder het glaskeramiek komen.
keramische plaat. Rek het niet uit. Zorg dat de uiteinden van de afdichtstrip zich in het midden van een van de zijden van de kokplaat bevinden.
- 3. Tel een paar millimeter bij de af te knippen lengte van de afdichtstrip.
- 4. Duw de twee uiteinden van de afdichtstrip samen.
3.6 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.
3.5 De afdichting bevestigen - Installatie aan bovenkant
- 1. Reinig het werkblad rond het uitgesneden gebied.
- 2. Bevestig de meegeleverde 2x6 mm afdichtstrip tegen de onderrand van de kookplaat langs de buitenrand van de
Pagina 57
GEÏNTEGREERDE INSTALLATIE
min.
500mm
min.
50mm
Als het apparaat boven een lade wordt geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
INSTALLATIE OP DE BOVENKANT
▸
- min.
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG Induction Hob - Worktop installation
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - inbouwinstallatie" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
Pagina 58
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG induction hob flush installation
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling van het kookoppervlak
1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel
Raadpleeg ‘Technische gegevens’ voor gedetailleerde informatie over de maten van de kookzones.
4.2 Indeling bedieningspaneel
| Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt. | |
| Tip Functie toets | Omschrijving |
| 1 Aan / Uit | Het apparaat in- en uitschakelen. |
| 2 Pauze | De functie in- en uitschakelen. |
| 3 Timer | De functie instellen. |
| 4 - / | De tijd verlengen of verkorten. |
Pagina 59
| Tiptoets | Functie | Omschrijving | |
|---|---|---|---|
| 5 | - | Timerdisplay | De tijd in minuten weergeven. |
| 6 | SenseFry | SenseFry. Voor het bakken met automatisch geregelde warmteniveaus, speciaal voor verschillende soorten voedsel. | |
| 7 | SenseBoil® | SenseBoil®. Om de temperatuur van het water automatisch aan te passen, zodat het niet kookt zodra het kookpunt is bereikt. | |
| 8 | Bridge | De functie in- en uitschakelen. | |
| 9 | Hob²Hood | De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. | |
| 10 | - | Bedieningsstrip | Het instellen van de kookstand. |
| 11 | PowerBoost | Het inschakelen van de functie. | |
| 12 | Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting | Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)
4.3 Indicatielampjes op de display
| Indicatielampje | Omschrijving |
|---|---|
| + cijfer | Er is een storing. |
| / / | OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm houden/restwarmte. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)
5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Energiebeperking
Energiebeperking bepaalt hoeveel stroom de kookplaat in totaal gebruikt, binnen de grenzen van de zekeringscapacitiet van de huisinstallatie.
De kookplaat is standaard op het hoogst mogelijke vermogensniveau ingesteld.
Om het vermogensniveau te verlagen of verhogen:
- 1. Open het menu: houd 3 seconden ingedrukt. Houd vervolgens ingedrukt.
- 2. Druk op de timer aan de voorzijde tot verschijnt.
- 3. Druk op / op de timer aan de voorkant om het vermogensniveau in te stellen.
- 4. Druk op om af te sluiten.
Vermogensniveaus
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.
LET OP!
Zorg ervoor dat het gekozen vermogen aansluit op de zekeringenkast in huis.
Pagina 60
| • | P25 — 2500 W | |
| LET OP! | • | P30 — 3000 W |
| Als het vermogen lager is dan of gelijk is | • | P35 — 3500 W |
| aan 2000 W, kunt u SenseBoil® / | • | P40 — 4000 W |
| SenseFry niet activeren. | • | P45 — 4500 W |
| • | P50 — 5000 W | |
| • P73 — 7350 W | • | P60 — 6000 W |
| • P15 — 1500 W | ||
| • P20 — 2000 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 60)
6. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 In- en uitschakelen
Houd ingedrukt om de kookplaat in of uit te schakelen.
6.2 Pandetectie
Deze functie geeft de aanwezigheid van kookgerei op de kookplaat aan en schakelt de kookzones uit als er tijdens een kooksessie geen kookgerei wordt gedetecteerd.
Als je kookgerei op een kookzone plaatst voordat je een kookstand selecteert, verschijnt het indicatielampje boven 0 op de regelbalk.
Als je kookgerei uit een geactiveerde kookzone verwijdert en deze tijdelijk opzij zet, gaan de indicatielampjes boven de bijbehorende regelbalk knipperen. Als je het kookgerei niet binnen 120 seconden terugplaatst op de geactiveerde kookzone, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Plaats het kookgerei weer op de kookzones binnen de aangegeven time-out om het koken te hervatten.
6.3 De kookzones gebruiken
Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone"). Zorg ervoor dat het kookgerei geschikt is voor inductiekookplaten. Kijk voor meer informatie op types kookgerei in het hoofdstuk 'Hints en tips'.
U kunt met de functie Bridge groot kookgerei op twee kookzones tegelijkertijd koken. Het kookgerei dient het midden van beide zones te bedekken, maar niet voorbij de gebiedsmarkering komen. Als het kookgerei tussen beide middenzones wordt geplaatst, wordt de functie Bridge niet geactiveerd.
Pagina 61
6.4 Warmte-instelling
- 1. Druk op de gewenste warmte-instelling op de regelbalk.
De indicatielampjes boven de regelbalk verschijnen tot het geselecteerde warmteniveau.
- 2. Druk op 0 om een kookzone uit te schakelen.
6.5 PowerBoost
Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand.
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.
Om de functie voor een kookzone in te
schakelen: raak aan.
De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.
6.6 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)
WAARSCHUWING!
/ / Zolang het indicatielampje zichtbaar is, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicatielampjes verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt:
- doorgaan met koken,
- warm houden,
- restwarmte.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
6.7 timer opties
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te geven hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de wartme-instelling voor de geselecteerde kookzone in en stel daarna de functie in.
- 1. Druk op . 00 verschijnt op het timerdisplay.
- 2. Druk op of op om de tijd in te stellen (00-99 minuten).
- 3. Druk op om de timer te starten of wacht 3 seconden. De timer begint af te tellen.
Om de tijd te wijzigen: selecteer de
kookzone met en druk op of .
Om de functie uit te schakelen: selecteer
de kookzone met en druk op . De resterende tijd telt terug tot 00.
De timer is klaar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Schakelt de kookzone uit. Druk op een willekeurig symbool om het signaal en te knipperen te stoppen.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als kookwekker terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. De kookstand toont 00.
Pagina 62
- 1. Druk op .
- 2. Druk op of om de tijd in te stellen. De timer is klaar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Druk op een willekeurig symbool om het signaal en te knipperen te stoppen.
Om de functie uit te schakelen: tik op en
druk op . De resterende tijd telt terug tot
00.
6.8 Stroommanagement
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones. De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
- Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt (zie het typeplaatje) wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- De warmte-instelling van de als eerste gekozen kookzone heeft altijd prioriteit.
Het resterende vermogen zal tussen de overige kookzones worden verdeeld, in omgekeerde volgorde van selectie.
- Voor kookzones met verminderd vermogen knippert het bedieningspaneel tweemaal en toont het de maximaal mogelijke warmte-instellingen.
- Wacht totdat het display stopt met knipperen of verlaag de opwarmstand van de geselecteerde kookzone als laatste. De kookzones blijven werken met de verlaagde warmte-instelling. Wijzig indien nodig handmatig de warmte-instellingen van de kookzones.
6.9 SenseFry
Met deze functie kunt u een geschikt warmteniveau instellen om uw voedsel te braden. De kookplaat behoudt de temperatuur tijdens het koken. U kunt kiezen uit drie SenseFry niveaus: laag (2), gemiddeld (5), hoog (8). Zodra het warmteniveau is ingesteld, is er geen handmatige temperatuuraanpassing nodig.
LET OP!
Gebruik alleen koud kookgerei.
Laat de kookplaat niet onbeheerd achter terwijl de functie in werking is.
- 1. Plaats een pan zonder olie/vet op een van de koude kookzones aan de linkerkant. U kunt een enkele kookzone gebruiken of beide zones verbinden met Bridge.
Als u slechts één pan op één kookzone plaatst, start de functie automatisch.
- 2. Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
- 3. Raak aan om de functie te activeren. Het indicatielampje boven het symbool gaat aan. De kookstand is 2 standaard ingesteld.
- 4. Selecteer een braadniveau door
herhaaldelijk op te drukken.
Er verschijnt een knipperende indicator boven het geselecteerde niveau voor elke kookzone waarop u de functie momenteel kunt gebruiken.
- 5. Raak ergens op de schuifregelaar van de gekozen kookzone aan.
U kunt het SenseFry niveau aanpassen door op een van de bijbehorende warmte-instellingsniveaus te drukken, zoals weergegeven in de onderstaande tabel.
| SenseFry vermogensniveau | Warmte-instellingsniveaus |
|---|---|
| Laag | 2 |
| Medium | 5 |
| Hoog | 8 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 62)
De functie start.
Zodra de functie start, verschijnen de indicatielampjes boven de schuifregelaar en begint de animatie te draaien.
Als u binnen 5 seconden geen pan op een van de kookzones plaatst, wordt de functie automatisch uitgeschakeld.
- 6. Stel indien nodig een timerfunctie in. Zodra de pan de beoogde temperatuur bereikt, klinkt een akoestisch signaal. U kunt nu olie en voedsel in de pan doen.
Pagina 63
Druk op 0 op de bedieningsbalk of druk op
om de functie te stoppen .
Als u een instelt Timer met aftelfunctie op een van de kookzones en de ingestelde tijd is verstreken voordat de beoogde temperatuur is bereikt, wordt de functie automatisch uitgeschakeld.
Tips en advies:
- U kunt indien nodig het standaard warmteniveau wijzigen.
- Gebruik voor dikke stukken voedsel of rauwe aardappelen een deksel tijdens de eerste 10 minuten bakken.
- Het opwarmen van zware en/of grote pannen kan langer duren.
- Gebruik dun metalen kookgerei op de lage en middelhoge warmtestanden om oververhitting en schade van het kookgerei te voorkomen.
- Gebruik geen dun geëmailleerd kookgerei.
Het kan oververhit en beschadigd raken.
Juiste pannen voor de SenseFryfunctie
Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Om te controleren of de pan correct is:
- 1. Zet uw pan ondersteboven.
- 2. Plaats een liniaal op de bodem van de pan.
- 3. Probeer een muntstuk van 1, 2 of 5 eurocent (of een muntstuk met een vergelijkbare dikte, ongeveer 1,7 mm) tussen de liniaal en de bodem van de pan te plaatsen.
- a. De pan is onjuist geplaatst als u de munt tussen de liniaal en de pan kunt plaatsen.
- b. De pan is correct geplaatst als u de munt tussen de liniaal en de pan kunt plaatsen.
6.10 SenseBoil®
De functie past de temperatuur van het water automatisch aan zodat de pan niet overkookt zodra het kookpunt is bereikt.
Wanneer er nog restwarmte ( / /
) op de kookzone die u wilt gebruiken aanwezig is, klinkt er een akoestisch signaal en zal de functie niet starten. De functie werkt niet met kookgerei met anti-aanbaklaag.
LET OP!
Gebruik de functie niet met leeg kookgerei.
Laat de kookplaat niet onbeheerd achter terwijl de functie in werking is.
- 1. Plaats pannen gevuld met 1 - 5 l koud water op de beschikbare kookzones waarvoor u de functie wilt starten. Als u slechts één pan op één kookzone plaatst, start de functie automatisch.
- 2. Raak aan om de kookplaat in te schakelen.
aan om de functie te activeren.
- 3. Raak
Er verschijnt een knipperend indicatielampje hierboven voor elke kookzone waarop u de functie momenteel kunt gebruiken.