ATAG CX4611C, tekst van de handleiding
Pagina's 3–28 van 128 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 29 →
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUD
Uw oven
Eerste gebruik
Gebruik
Bediening
Instellingen
Onderhoud
Storingen
Milieuaspecten
Inleiding
Beschrijving van de oven
Geleiderails/Telescopische geleiderails Accessoires
Deur
Koelventilator
Bedieningspaneel
Algemeen gebruik bedieningspaneel
Vóór het eerste gebruik
Magnetrons
Richtlijnen voor kookgerei
Let op!
Beschrijving van de knoppen en toetsen Beschrijving van de hoofdfuncties Beschrijving van de subfuncties Plusmenu
Kookfuncties gebruiken
Instellingenmenu
Oven reinigen
Reinigingsfunctie (stoomreiniging) Geleiderails verwijderen en reinigen Ovenlamp vervangen
Algemeen
Oven en verpakking afdanken
Pagina 4
UW OVEN
Inleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor deze oven. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan.
In deze handleiding leest u hoe u deze oven het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van de oven van pas kan komen.
Lees vóór gebruik van de oven de afzonderlijk bijgeleverde veiligheidsinstructies!
Lees deze handleiding door voordat u de oven in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik.
De installatie-instructies worden afzonderlijk meegeleverd.
Pagina 5
UW OVEN
Beschrijving van de oven
Bedieningspaneel Niveaus in de oven Deur
Deurgreep
1 Niveau 4
Niveau 3
Niveau 2
Niveau 1
2 Geleiderails/Telescopische geleiderails
- Afhankelijk van het model beschikt de oven over vier of vijf geleiderails (niveau 1 t/m 4/5).
Niveau 1 wordt voornamelijk gebruikt in combinatie met onderwarmte. De twee bovenste niveaus worden voornamelijk gebruikt voor de grillfunctie.
- Plaats het ovenrooster, de bakplaat of de stoomschaal tussen de glijders van de geleiderails.
- Afhankelijk van het model kan een aantal inschuifniveaus zijn voorzien van volledig uittrekbare telescopische geleiderails.
▷ Trek de telescopische geleiderails geheel uit de ovenruimte en plaats hierop het ovenrooster, de bakplaat of de stoomschaal. Schuif vervolgens de telescopische geleiderails met ovenrooster / bakplaat / stoomschaal terug in de ovenruimte.
▷ Sluit de ovendeur pas wanneer de telescopische geleiderails helemaal in de ovenruimte geschoven is.
Pagina 6
UW OVEN
Accessoires
Uw oven wordt geleverd met een reeks accessoires. Welke dit zijn, is afhankelijk van het model. Gebruik alleen originele accessoires; deze zijn speciaal geschikt voor gebruik met uw oven. Wees er zeker van dat de gebruikte accessoires bestand zijn tegen de temperatuurinstellingen van de gekozen ovenfunctie.
Opmerking: niet alle accessoires zijn geschikt of beschikbaar voor elke oven (dit kan ook per land verschillen). Geef bij aankoop altijd het juiste typenummer van de oven door. Bekijk de verkoopbrochure of bezoek de website voor meer informatie over de accessoires.
Opmerking: een accessoire NOOIT op de bodem van de oven plaatsen!
| Accessoires die mogelijk worden bijgeleverd (afhankelijk van het model) | |
|---|---|
| Geëmailleerde bakplaat; wordt gebruikt voor gebak en cakes. • Gebruik de geëmailleerde bakplaat niet voor magnetronfuncties! • Geschikt voor pyrolysereiniging. | |
| Ovenrooster; wordt voornamelijk gebruikt voor de grillfunctie. Een stoomschaal of een pan met voedsel kan ook op het ovenrooster worden geplaatst. • Het ovenrooster is uitgerust met een veiligheidsnok. Til het rooster een klein beetje op aan de voorkant om het uit de oven te halen. • Gebruik het ovenrooster niet voor magnetronfuncties! | |
| Diepe geëmailleerde bakplaat; te gebruiken voor het braden van vlees en het bakken van vochtig gebak. • Plaats de diepe bakplaat tijdens een kookproces niet op het laagste niveau, behalve wanneer u deze gebruikt als een druipbak tijdens het grillen, roosteren of roosteren met een spitrooster (indien beschikbaar). • Gebruik de diepe geëmailleerde bakplaat niet voor magnetronfuncties! • Geschikt voor pyrolysereiniging. | |
| Glazen bakplaat; voor gebruik in de magnetron en oven. • NIET geschikt voor pyrolysereiniging. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
Deur
- De deurschakelaars onderbreken de werking van de oven wanneer de deur wordt geopend terwijl de oven in gebruik is. De werking van de oven wordt hervat nadat de deur is gesloten. Koelventilator
- De oven is uitgerust met een koelventilator die de behuizing en het bedieningspaneel koelt.
Pagina 7
UW OVEN
Bedieningspaneel
11
10
- 1. Functieknop (in ‘Uit’-stand)
- 2. Ontdooien
- 3. Automatische programma’s
- 4. Snel voorverwarmen
- 5. Ovenfuncties
- 6. Magnetronfuncties
- 7. Functies combimagnetron
- 8. Verwarmen
- 9. Reinigen
- 10. Display
- 11. Keuzeknop
- 12. Aan/uit-toets en stoptoets (annuleren)
- 13. Verlichtingstoets
- 14. Navigatietoets <
- 15. Navigatietoets >
- 16. Plustoets
- 17. Bevestigingstoets (voeg 30 seconden magnetrontijd toe / beschikbaar bij gebruik van de ‘Magnetron’-functie)
De toetsen reageren het best als u deze kort indrukt met een groot gedeelte van uw vingertop. Telkens als u tijdens gebruik een toets aanraakt, klinkt er een korte toon.
Pagina 8
UW OVEN
Algemeen gebruik bedieningspaneel
Geactiveerd gebied (grijze achtergrond)
Een functie en instellingen instellen
- 1. Raak de aan/uit-toets aan en houd deze ingedrukt om de oven in te schakelen.
- 2. Draai aan de functieknop om een hoofdfunctie in te stellen.
De hoofdfuncties zijn zichtbaar rondom de functieknop en in het display.
Het functiepictogram wordt groter weergegeven. Het ‘actieve gebied’ (herkenbaar aan een grijze achtergrond) beweegt naar rechts.
- 3. Draai aan de keuzeknop om een subfunctie in te stellen.
Het ‘actieve gebied’ toont de verschillende subfuncties. Scroll omhoog of omlaag om de verschillende functies te bekijken. Indien een gekozen hoofdfunctie geen subfunctie heeft, dan verschijnt in het actieve gebied de volgende beschikbare instelling.
- 4. Raak de keuzeknop (of de navigatietoets >) aan om de gekozen subfunctie of instelling te bevestigen.
Het ‘actieve gebied’ (grijze achtergrond) beweegt naar rechts.
- 5. Draai aan de keuzeknop om de volgende beschikbare instelling te wijzigen (naar links = verlagen, naar rechts = verhogen) en bevestig uw keuze door de keuzeknop aan te raken of de navigatietoets > aan te raken.
- Als alle elementen op het scherm zijn ingesteld, bevestigt u deze instellingen door de bevestigingstoets aan te raken.
- Wanneer de bevestigingstoets knippert, kunt u de oven starten met de standaardinstellingen.
- Raak de navigatietoets < aan om het actieve gebied naar links te verplaatsen om een reeds gemaakte instelling te wijzigen. Wijzig de instelling door aan de keuzeknop te draaien en deze aan te raken.
- Raak de stoptoets aan om één stap terug in het menu te gaan.
Volg de instructies op het display.
Pagina 9
UW OVEN
Feedbackbalk
Temperatuur 14:30
Klok
Kookwekker
Bereidingstijd
Eindtijd
Actief gebied (grijze achtergrond)
Pictogram hoofdfunctie
- Op het display worden circa 1,5 seconde lang het pictogram en de naam van de geactiveerde functie weergegeven.
- De feedbackbalk toont welke instelling u wijzigt.
Uitgestelde start
- Stel een gewenste bereidingstijd en eindtijd in om op een later tijdstip te beginnen met koken.
Display
Wanneer de oven in werking is, ziet u de volgende informatie op het display:
- Temperatuur en/of magnetronvermogen
- Actieve (sub)functie
- Kookwekkertijd (wanneer ingesteld / zie ‘Plusmenu’)
- Bereidingstijd (bereidingstijd oplopend of aflopend wanneer de bereidingstijd is ingesteld)
- Eindtijd (wanneer de bereidingstijd is ingesteld)
Stand-by-stand
Het stand-by-scherm toont de tijd, de datum en de timer (indien ingesteld). De oven gaat over op de stand-by-stand nadat de functieknop naar 0 (‘Uit’-stand) is gedraaid.
Oven inschakelen
- Raak de aan/uit-toets aan en houd deze ingedrukt om de oven in te schakelen.
- De oven kan ook worden ingeschakeld door de functieknop naar een functie te draaien.
Oven uitschakelen
- Raak de stoptoets aan en houd deze ingedrukt om de oven handmatig uit te schakelen.
- Standaard wordt de oven na 30 minuten inactiviteit uitgeschakeld.
Pagina 10
EERSTE GEBRUIK
Vóór het eerste gebruik
- Reinig de binnenkant van de oven en de accessoires met heet water en afwasmiddel.
Gebruik geen agressieve schoonmaakmiddelen, schuursponsjes en dergelijke.
- De oven geeft een specifieke geur af wanneer deze voor de eerste keer wordt gebruikt; dat is normaal. Zorg voor goede ventilatie tijdens het eerste gebruik.
Wanneer de oven voor het eerst wordt aangesloten op de netspanning of nadat de oven langere tijd zonder stroom is geweest, moet u de ‘Taal’, ‘Datum’ en ‘Tijd’ instellen.
De taal instellen
Talen
English
12:00
Nederlands
Français
Wanneer u de tekst op het display liever in een andere taal wilt zien, kunt u de taal van uw voorkeur instellen. De standaardinstelling is Engels.
- 1. Draai aan de keuzeknop en kies de gewenste taal uit de weergegeven lijst.
- 2. Bevestig de instelling door de bevestigingstoets aan te raken.
Het volgende scherm wordt weergegeven.
De datum en tijd instellen
Language Jaar
English
12:00 Uren
11
12:00
Français 2017 01
Nederlands 2018
13
- 1. Draai aan de keuzeknop en wijzig de eerste instelling (Jaar).
- 2. Bevestig deze instelling door de navigatietoets > of de keuzeknop aan te raken.
- 3. Draai aan de keuzeknop en wijzig de volgende instelling (Maand).
- 4. Bevestig deze instelling door de navigatietoets > of de keuzeknop aan te raken.
- 5. Draai aan de keuzeknop en wijzig de laatste instelling (Dag).
- 6. Bevestig deze instelling door de bevestigingstoets aan te raken.
Het volgende scherm wordt weergegeven. Stel nu de uren en minuten in met de keuzeknop en navigatietoets. Bevestig uw instelling door de bevestigingstoets aan te raken.
Pagina 11
EERSTE GEBRUIK
Alle opstartinstellingen zijn nu ingesteld en op het display wordt het stand-by-scherm weergegeven. De oven is nu gebruiksklaar.
De taal, tijd en datum kunnen worden aangepast in het instellingenmenu (zie het hoofdstuk ‘Instellingenmenu’). Het instellingenmenu kan worden geopend vanuit het beginscherm via het plusmenu.
Pagina 12
GEBRUIK
Magnetrons
Microgolven zijn hoogfrequente, elektromagnetische golven. De energie maakt het mogelijk om gerechten te bereiden of op te warmen zonder de vorm of kleur te beïnvloeden.
Kookprincipe
- De door de magnetron opgewekte microgolven worden gelijkmatig verspreid door een distributiesysteem. Daardoor wordt het gerecht gelijkmatig gegaard.
- Het voedsel absorbeert de microgolven tot een diepte van circa 2,5 cm. Het garen gaat daarna nog door, omdat de warmte in het gerecht is verspreid.
- De bereidingstijden variëren en hangen af van het gerecht dat u gebruikt en de eigenschappen van het voedsel:
▷ Hoeveelheid en dichtheid ▷ Hoeveelheid vocht ▷ Begintemperatuur (of het voedsel wel of niet gekoeld is)
Let op!
Het gerecht wordt gegaard van binnenuit naar buiten door middel van warmtedistributie. Het garen gaat nog door wanneer u het gerecht uit de oven haalt. De rusttijden in recepten moeten daarom worden nageleefd om te zorgen voor:
- Gelijkmatige verwarming tot in het midden van het gerecht.
- Gelijke temperaturen in alle delen van het gerecht.
Instelling magnetronvermogen
| Vermogen | Gebruik |
|---|---|
| 1000 W | • Snel verwarmen van dranken, water en gerechten met een hoog vochtgehalte. • Bereiden van verse of diepgevroren groenten. |
| 750 W | • Voorbereiden en verwarmen van dranken en gerechten. |
| 600 W | • Smelten van chocola. Bereiden van vis en schaaldieren. • Verwarmen op twee niveaus. • Bereiden van gedroogde bonen bij lage temperatuur. • Verwarmen of bereiden van verfijnde gerechten met eieren. |
| 360 W | • Bereiden van zuivelproducten of jam bij lage temperatuur. |
| 180 W | • Snel ontdooien van gerechten. • Boter of ijs zacht maken. |
| 90 W | • Ontdooien van roomhoudende cake. |
Pagina 13
GEBRUIK
Richtlijnen voor kookgerei
Kookgerei dat u gebruikt voor de magnetron mag de microgolven niet blokkeren. Metalen zoals roestvrij staal, aluminium en koper weerkaatsen microgolven. Daarom dient u geen metalen kookgerei of bestek te gebruiken. Kookgerei waarvan wordt aangegeven dat het veilig is voor de magnetron kan wel worden gebruikt. Raadpleeg de volgende richtlijnen voor meer informatie over geschikt kookgerei en gebruik altijd een glazen bakplaat op niveau 1 als u de magnetronfunctie gebruikt.
| Kookgerei | Magnetronveilig | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Aluminiumfolie Porselein en aardewerk Wegwerpservies gemaakt van polyester of karton Fastfoodverpakkingen • Polystyreenbekers • Papieren zakken of krantenpapier • Gerecycled papier of metalen randjes Glaswerk • Ovenschalen • Fijn glaswerk • Glazen potten Metaal | Kan in kleine hoeveelheden worden gebruikt om te voorkomen dat bepaalde delen van het gerecht te gaar worden. Er kan zich vonkontlading voordoen indien de folie zich te dicht bij de ovenwand bevindt of als er te veel folie wordt gebruikt. Porselein, aardewerk, geglazuurd aardewerk en ivoorporselein zijn over het algemeen geschikt, behalve wanneer deze een metalen rand hebben. Diepvriesmaaltij den zijn soms verpakt in wegwerpservies. Kan worden gebruikt voor het verwarmen van voedsel. Polystyreen kan smelten als het te heet wordt. Kan vlam vatten. Kan vonkontlading veroorzaken. Kan worden gebruikt, behalve wanneer het een metalen rand heeft. Kan worden gebruikt voor het verwarmen van voedsel of dranken. Dun glas kan breken of versplinteren als het plotseling wordt verhit. De deksel moet worden verwijderd. Alleen geschikt voor verwarmen. Kan vonkontlading of brand veroorzaken. | |
| Papier • Borden, bekers, keukenpapier • Gerecycled papier | Voor korte bereidingstijden en verwarmen. Voor het absorberen van overtollig vocht. Kan vonkontlading veroorzaken. | |
| Plastic | Gebruik alleen hittebestendig thermoplastisch materiaal. Andere soorten plastic kunnen kromtrekken of verkleuren bij hoge temperaturen. Gebruik geen melamineplastic. Alleen indien bestand tegen koken en ovenbestendig. Mag niet luchtdicht zijn. Indien nodig inprikken met een vork. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
: Aanbevolen : Voorzichtig : Onveilig
Pagina 14
GEBRUIK
Let op!
Waarschuwing!
- Verwarmen van vloeistoffen in de magnetron kan tot gevolg hebben dat de vloeistof vertraagd tot het kookpunt komt. Dit houdt in dat de vloeistof explosief tot het kookpunt kan komen nadat deze is verwijderd uit de magnetron. Brandwonden kunnen hier het gevolg van zijn. U kunt dit vertraagde ontstaan van het kookpunt tegengaan door in de vloeistof een plastic of glazen lepel te plaatsen voordat u de vloeistof in de magnetron verwarmt.
- Wees voorzichtig met babyvoeding:
▷ Schud of roer de inhoud van flesjes of potjes met babyvoeding nadat deze zijn opgewarmd.
▷ Controleer vóór consumptie zorgvuldig de temperatuur van de voeding om brandwonden te voorkomen.
- Bestek en servies kunnen heet zijn na gebruik in de magnetron.
Beschrijving van de knoppen en toetsen
Functieknop
| Een functie selecteren | ||
|---|---|---|
| Draai aan deze knop om de gewenste • Zie ‘Beschrijving van de functies’ | voor | functie te selecteren. meer informatie. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
| Keuzeknop | |
|---|---|
| Een subfunctie kiezen Draai aan deze knop om een subfunctie te kiezen. • Zie ‘Algemeen gebruik bedieningspaneel’ voor meer informatie. | |
| De instellingen wij zigen Draai aan deze knop om de instellingen in het actieve gebied te wijzigen. • Zie ‘Algemeen gebruik bedieningspaneel’ voor meer informatie. | |
| Naar de volgende instelling gaan Raak deze knop aan om naar de volgende instelling te gaan. • De volgende te wijzigen instelling zal zich in het grijze actieve gebied bevinden. | |
| Aan/uit-toets | en stoptoets |
| De oven in- of uitschakelen Raak de toets aan en houd deze enkele seconden vast om de oven in of uit te schakelen. |
Pagina 15
| GEBRUIK | |||||||||
| Handeling annuleren of teruggaan naar het menu | |||||||||
| Raak deze toets aan om een handeling te annuleren of één stap | terug | te | gaan | ||||||
| in het menu. | |||||||||
| Verlichtingstoets | |||||||||
| De verlichting in- of uitschakelen | |||||||||
| Raak deze toets aan om de ovenverlichting in of | uit | te schakelen. | |||||||
| Navigatietoetsen | |||||||||
| Naar rechts navigeren | |||||||||
| Raak de navigatietoets > aan om de instelling te | bevestigen | en het actieve | |||||||
| gebied naar rechts te verplaatsen. | |||||||||
| Naar links navigeren | |||||||||
| Raak de navigatietoets < aan om het actieve gebied | naar links te verplaatsen. | ||||||||
| De kinderslotfunctie in- of uitschakelen | |||||||||
| Raak de navigatietoetsen tegelijkertijd aan en houd kinderslotfunctie in of uit te schakelen. | deze ingedrukt om de | ||||||||
| • Het bedieningspaneel van de oven kan worden kinderslot om onbedoeld gebruik van de oven | vergrendeld met het te voorkomen. | ||||||||
| Plustoets | |||||||||
| Het instellingenmenu openen (zie ‘Instellingen’) | |||||||||
| Raak deze toets aan in de stand-by-stand of te verlaten: • Kookwekker • Algemeen | om het instellingenmenu te openen | ||||||||
| • Display • Koken | |||||||||
| • Systeem | |||||||||
| Extra opties openen (zie ‘Plusmenu’) | |||||||||
| Raak tijdens werking van de oven van de extra opties die op dat moment | deze toets mogelijk | aan voor het openen of verlaten zijn: | |||||||
| • Kookwekker • Snel voorverwarmen | |||||||||
| Bevestigingstoets | |||||||||
| Bevestigingstoets | |||||||||
| Voor het bevestigen van alle witte | instellingen/elementen | op het scherm. | |||||||
| Magnetrontij d toevoegen | |||||||||
| Voeg 30 seconden magnetrontijd | (magnetronfunctie) | toe. | |||||||
| NL 15 | |||||||||
Pagina 16
GEBRUIK
Beschrijving van de hoofdfuncties
Kies de gewenste functie aan de hand van de tabellen. Raadpleeg ook de bereidingsinstructies op de verpakking van het gerecht. Sommige hoofdfuncties hebben subfuncties.
In de ‘Magnetronfunctie’: gebruik geen metalen kookgerei of bestek en verwarm de oven niet voor. Wees er zeker van dat de gebruikte accessoires bestand zijn tegen de temperatuurinstellingen van de gekozen ovenfunctie.
Hoofdfuncties (te selecteren met de functieknop)
| Functie | Beschrijving | |
|---|---|---|
| Oven • Gebruik een van de beschikbare functies voor grillen, bakken of braden. • Er zijn subfuncties beschikbaar (raadpleeg de ovenfunctietabel). | 2 | |
| Snel voorverwarmen • Met deze functie bereikt de ovenruimte snel de gewenste temperatuur. Gebruik deze stand niet met een gerecht in de ovenruimte. | ||
| Programma's • Gebruik automatische programma’s voor bakken en braden door een gerecht te kiezen uit de lijst met voorgeprogrammeerde gerechten. | ||
| Ontdooien • Deze functie gebruikt microgolven. Gerechten worden snel en efficiënt ontdooid. | ||
| Magnetron • Voor het bereiden en ontdooien van voedsel worden microgolven gebruikt. Gerechten worden snel en efficiënt bereid zonder dat de kleur of vorm van het voedsel wordt aangetast. • Standaardinstellingen kunnen worden gewijzigd in het instellingenmenu. • Zet de glazen schaal op niveau 1. • Aanbevolen vermogen: 750 W | 1 | |
| Combimagnetron • Gebruik een van de functies voor (snel) bereiden van maaltijden. • Er zijn subfuncties beschikbaar (raadpleeg de tabel van de combimagnetronfuncties). |
Pagina 17
GEBRUIK
| Functie | Beschrijving |
|---|---|
| Verwarmen • Gebruik een van de functies om gerechten te verwarmen. • Er zijn subfuncties beschikbaar (raadpleeg de tabel met opwarmfuncties). | |
| Reinigen • Met een vochtige doek verwijdert u eenvoudig vet en vuil van de ovenwanden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Beschrijving van de subfuncties
Ovenfuncties (te selecteren met de keuzeknop)
| Functie | Beschrijving | |
|---|---|---|
| Hete lucht • Het gerecht wordt verwarmd door hete lucht die vanuit de achterzijde van de oven wordt aangevoerd. • Deze functie maakt gebruik van gelijkmatige verhitting en is ideaal voor bakken. • Plaats de bakplaat of het ovenrooster in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 180 °C • Voorverwarmen wordt aanbevolen. | 2 | |
| Hete lucht + onderwarmte • Het gerecht wordt verwarmd met zowel hete lucht vanaf de achterzijde van de oven als met het verwarmingselement op de bodem. • Deze functie wordt gebruikt voor een knapperig en bruin resultaat bij o.a. het bakken van pizza, vochtig gebak, vruchtentaarten, bladerdeeg en kruimeldeeg. • Plaats de bakplaat of het ovenrooster in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 200 °C • Voorverwarmen wordt aanbevolen. | 2 | |
| Bovenwarmte + onderwarmte • Verwarmen met de verwarmingselementen aan boven- en onderzijde. • Deze stand kan worden gebruikt voor traditioneel bakken en braden. • Plaats de bakplaat of het ovenrooster in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 200 °C • Voorverwarmen wordt aanbevolen. | 2 |
Pagina 18
GEBRUIK
| Grote grill • Verwarmen met het element voor bovenwarmte en het grillelement. • Deze stand kan worden gebruikt voor schotels en bakwaren die een kenmerkende bodemkorst of gratinering nodig hebben. Gebruik deze stand net vóór het einde van de bak- of braadtijd. • Plaats het ovenrooster in het bovenste gedeelte van de oven en de bakplaat in het midden van de oven. • Houd voortdurend oog op het bereidingsproces. Door de hoge temperatuur kan het gerecht snel aanbranden. • Maximaal toegestane temperatuur: 240 °C | 4 2 |
| Grillen • Verwarmen met het grillelement. • Deze stand kan worden gebruikt voor het grillen van een klein aantal belegde boterhammen, saucijsjes en voor het roosteren van brood. • Plaats het ovenrooster in het bovenste gedeelte van de oven en de bakplaat in het midden van de oven. • Houd voortdurend oog op het bereidingsproces. Door de hoge temperatuur kan het gerecht snel aanbranden. • Maximaal toegestane temperatuur: 240 °C | 4 2 |
| Grote grill + ventilator • Verwarmen met de elementen voor bovenwarmte. De warmte wordt door de ventilator verspreid. • Deze stand kan worden gebruikt voor het grillen van vlees, vis en groenten. • Plaats het ovenrooster in het bovenste gedeelte van de oven en de bakplaat in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 170 °C • Houd voortdurend oog op het bereidingsproces. Door de hoge temperatuur kan het gerecht snel aanbranden. • Voorverwarmen wordt aanbevolen. | 4 2 |
| Bovenwarmte • Verwarmen met alleen het element voor bovenwarmte. • Deze stand kan worden gebruikt wanneer u de bovenlaag van uw gerecht wilt bakken/braden. • Plaats de bakplaat of het ovenrooster in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 150 °C | 2 |
Pagina 19
GEBRUIK
| Onderwarmte • Verwarmen met alleen het element voor onderwarmte. • Deze stand kan worden gebruikt voor schotels en bakwaren die een kenmerkende bodemkorst of gratinering nodig hebben. • Plaats de bakplaat of het ovenrooster in het onderste gedeelte van de oven. • Gebruik deze stand net vóór het einde van de bak- of braadtijd. • Aanbevolen temperatuur: 160 °C | |
| Onderwarmte + Ventilator • Verwarmen met het onderste verwarmingselement. De warmte wordt door de ventilator verspreid. • Deze stand wordt gebruikt voor het bakken van gistdeeggebak en het conserveren van fruit en groenten. • Plaats een niet te hoge bakplaat in het onderste gedeelte van de oven, zodat hete lucht ook over de bovenkant van het voedsel kan circuleren. • Aanbevolen temperatuur: 180 °C | 2 |
| Pro roosteren • Verwarmen met het bovenste verwarmingselement in combinatie met het grillelement en hete lucht. • Deze stand kan worden gebruikt voor het braden van alle soorten vlees. Aanbevolen temperatuur: 180 °C | |
| ECO hete lucht • Verwarmen met behulp van hete lucht. ECO hete lucht gebruikt minder energie maar geeft hetzelfde resultaat als de hetelucht-instelling. De bereiding duurt enkele minuten langer. • Deze stand kan worden gebruikt voor het braden van vlees en het bakken van deegwaren. Plaats de bakplaat in het midden van de oven. • Aanbevolen temperatuur: 180 °C • Bij deze instelling wordt gebruik gemaakt van de restwarmte (verwarming is niet de hele tijd aan) om een laag energieverbruik te verkrijgen (in overeenstemming met energieklasse EN 60350-1). In deze stand wordt de werkelijke temperatuur in de oven niet weergegeven. | 2 |
Pagina 20
GEBRUIK
Combimagnetronfuncties (te selecteren met de keuzeknop)
| Functie | Beschrijving |
|---|---|
| Hetelucht + Magnetron • Dit systeem biedt een combinatie van magnetron en hetelucht; daardoor zal de bereidingstijd korter zijn. • Gebruik deze functie voor alle soorten vlees, stoofpotten, groenten, taarten, cakes, brood en schotels die gegratineerd dienen te worden (d.w.z. voedsel dat een langere bereidingstijd nodig heeft). • Zet de glazen schaal op niveau 1. • Aanbevolen temperatuur: 160 °C • Aanbevolen vermogen: 600 W | |
| Grill + Ventilator + Magnetron • Het voedsel wordt bereid met een combinatie van microgolven en de grill met ventilator. • Gebruik deze combinatie voor kleinere porties vlees, vis en groenten. • Het bereiden gaat snel en het voedsel krijgt een lekker bruin, knapperig korstje. • Zet de glazen schaal op niveau 1. • Aanbevolen temperatuur: 200 °C • Aanbevolen vermogen: 600 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Opwarmfuncties (te selecteren met de keuzeknop)
| Functie | Beschrijving |
|---|---|
| Borden verwarmen • Deze functie wordt gebruikt om servies te verwarmen, zodat het geserveerde gerecht langer warm blijft. | |
| Warm houden • Deze functie wordt gebruikt om reeds bereide gerechten warm te houden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Plusmenu
Raak de Plustoets aan om extra functies te kiezen (nadat u een hoofdfunctie en instellingen hebt gekozen).
- Selecteer een functie door aan de keuzeknop te draaien en uw keuze te bevestigen met de bevestigingstoets.
- U verlaat het plusmenu door de stoptoets of de plustoets aan te raken. Op het display wordt het voorgaande scherm weer getoond.
Pagina 21
GEBRUIK
| Plusmenu | Beschrijving |
|---|---|
| Kookwekker De kookwekker kan onafhankelijk van de oven worden gebruikt. • Wanneer de kookwekker afgaat, verschijnt er een pop-upbericht en klinkt er een geluidssignaal. • Raak de stoptoets aan om het signaal uit te schakelen en het pop-upmenu te sluiten. • Het geluid stopt automatisch na circa twee minuten. • Stel de tijd in op 0:00 om de wekker te deactiveren. | |
| Snel voorverwarmen • Schakel standaard aan/uit snel voorverwarmen in (alleen beschikbaar in ovenfuncties). |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Beginnen met snel voorverwarmen
- Er verschijnt een pop-up wanneer een programma wordt gestart en snel voorverwarmen in het instellingenmenu is ingesteld op standaard ‘Aan’. Na 15 seconden verdwijnt de pop-up automatisch. In het voortgangsscherm wordt het pictogram voor snel voorverwarmen weergegeven. De tijd wordt gedimd weergegeven.
- Er verschijnt een bericht als de ingestelde temperatuur is bereikt. Plaats het gerecht en het programma start automatisch wanneer de deur wordt gesloten.
Pagina 22
BEDIENING
Kookfuncties gebruiken
Raadpleeg ‘Algemeen gebruik bedieningspaneel’ voor informatie over de algemene werking van de oven.
- 1. Raak de aan/uit-toets aan om de oven in te schakelen.
- 2. Draai aan de functieknop om een hoofdfunctie te selecteren.
▷ Raadpleeg ‘Beschrijving van de functies’ om de gewenste (beschikbare) functie te selecteren.
- 3. Draai aan de keuzeknop om een subfunctie te selecteren (indien beschikbaar) of een instelling te wijzigen.
▷ De eerste subfunctie-instelling is actief (indien beschikbaar).
- 4. Start direct de geselecteerde functie (met vooraf ingestelde waarden) door de bevestigingstoets aan te raken (deze toets knippert als het mogelijk is het programma te starten).
Beschikbare functies of instellingen die kunnen worden gewijzigd:
- de functie (subfunctie of functie combimagnetron);
- de oventemperatuur;
- het magnetronvermogen (wanneer de (combi)magnetronfunctie wordt gebruikt);
- de bereidingstijd.
De volgende subfunctie of instelling wordt actief (indien beschikbaar). Ga terug naar een eerdere selectie of instelling door de navigatietoets < aan te raken.
Selecteer desgewenst nog een instelling (bijvoorbeeld ‘Snel voorverwarmen’) met het plusmenu. Zie ‘Plusmenu’ voor meer informatie.
- 5. Raak de bevestigingstoets aan om de bereiding van uw maaltijd met de gekozen instellingen te starten.
Aan het eind van de bereiding kunt u:
- Stoppen met de bereiding ▷ Raak de bevestigingstoets aan.
Het einde-display wordt gesloten en het stand-by-scherm wordt weergegeven. Na 10 minuten inactiviteit schakelt het display over naar stand-by.
- Extra tijd toevoegen ▷ Raak de navigatietoets > aan om ‘Extra tijd toevoegen’ te selecteren.
De tijdinstelling wordt actief en kan direct worden gewijzigd door aan de keuzeknop te draaien. ▷ Raak de bevestigingstoets aan.
▷ Het voorgaande proces wordt opnieuw geactiveerd.
Pagina 23
BEDIENING
Instellingen wijzigen tijdens de voortgang
- Als u tijdens de voortgang op de navigatietoetsen drukt, wordt het actieve gebied weergegeven. De geselecteerde instelling kan nu worden gewijzigd. Na bevestiging met de bevestigingstoets wordt het voortgangsscherm met de gewijzigde instellingen weergegeven.
- Na 5 seconden inactiviteit worden de voortgangsinstellingen geannuleerd en keert het display terug naar het voortgangsscherm.
Pagina 24
INSTELLINGEN
Instellingenmenu
Het instellingenmenu is alleen beschikbaar door de plustoets in te drukken wanneer de oven in
stand-by staat.
Kookwekker (een alarmtijd instellen)
Algemeen
- Taal van het display
- Tijd ▷ Tijd instellen ▷ Uurweergave ▷ Klokafmeting
- Datum ▷ Datum jj-mm-dd ▷ Datumweergave
- Geluid ▷ Volume (laag-midden-hoog) ▷ Toetsgeluid (aan/uit) ▷ Welkomstgeluid (aan/uit)
Display
- Helderheid laag, midden, hoog
- Ovenverlichting ▷ Autom. uitschakelen na 1 min.
▷ Handmatig uitschakelen
- Nachtstand ▷ Start- en eindtijd voor minder helderheid van display:
▷ Stel starttijd in op eerste display en stel eindtijd in op tweede display
- Toestel naar stand-by ▷ Autom. uitschakelen na 1 uur ▷ Altijd Aan*
Koken
- Programma-intensiteit ▷ Laag / midden / hoog
- Voorverwarmingsinstelling ▷ Standaard aan/uit
- Quick start magnetron ▷ Vermogen en tijd magnetron
Systeem
- Toestelinformatie ▷ Toestelnaam en SW-versie
- Fabrieksinstellingen ▷ Terug naar fabrieksinstellingen
*Overschakelen naar handmatig uitschakelen verhoogt het energieverbruik.
Deze functie wordt gereset (het display wordt automatisch uitgeschakeld) indien de oven handmatig wordt uitgeschakeld (of wanneer er een
stroomonderbreking plaatsvindt).
Pagina 25
ONDERHOUD
Oven reinigen
Reinig de oven regelmatig om te voorkomen dat vet- en voedseldeeltjes zich ophopen, vooral op de interne en externe oppervlakken, de deur en de afdichting.
- Activeer het kinderslot (om te voorkomen dat de oven per ongeluk wordt ingeschakeld).
- Reinig de oppervlakken aan de buitenkant met een zachte doek en warm water met zeep.
- Neem vervolgens de oppervlakken af met een schone, vochtige doek en maak deze droog.
- Verwijder spatten en vlekken op de oppervlakken van de binnenkant met een doek en een sopje.
- Neem vervolgens de oppervlakken af met een schone, vochtige doek en maak deze droog.
Let erop dat er geen water in de ventilatieopeningen komt. Gebruik nooit schurende schoonmaakmiddelen of chemische oplosmiddelen. Zorg er altijd voor dat de afdichting van de deur schoon is. Zo voorkomt u ophoping van vuil en kunt u de deur goed sluiten.
Reinigingsfunctie (stoomreiniging)
Met stoomreiniging en een vochtige doek kunt u vet en vuil gemakkelijk van de ovenwanden verwijderen.
Met stoom reinigen
- Reinig alleen met stoom als de oven volledig is afgekoeld. Het is moeilijker om vet en vuil te verwijderen als de oven heet is.
- Het programma duurt 30 minuten. Voedselresten op de geëmailleerde wanden zijn na 30 minuten voldoende ingeweekt, zodat u deze met een vochtige doek kunt verwijderen.
- 1. Verwijder alle accessoires uit de oven.
- 2. Giet 0,15 liter water op de bodem van de ovenruimte.
- 3. Selecteer ‘Reinigen’ met de functieknop.
- 4. Raak de bevestigingstoets aan om met stoomreinigen te starten.
Tijdens het reinigingsproces mag de deur niet worden geopend.
Pagina 26
ONDERHOUD
Geleiderails verwijderen en reinigen
Gebruik conventionele schoonmaakmiddelen om de geleiderails te reinigen.
- 1. Verwijder de schroef met een schroevendraaier.
- 2. Verwijder de geleiderails uit de gaten in de achterwand.
Bewaar de afstandshouders van de geleiderails zorgvuldig. Plaats na het reinigen de afstandshouders terug. Dit voorkomt dat bij gebruik vonken ontstaan.
De ovenlamp vervangen
De lamp in deze oven is alleen geschikt voor verlichting in deze oven. De lamp is niet geschikt voor verlichting van de kamers in uw huis.
De lampen (2x) (halogeen G9, 230 V, 25 W) zijn verbruiksartikelen en vallen daarom niet onder de garantie. Om een lamp te vervangen, verwijdert u eerst de bakplaat, het ovenrooster en de geleiderails.
Maak de oven spanningsloos door de stekker uit het stopcontact te halen of de stroomonderbreker in de meterkast uit te schakelen.
Opmerking: de lamp kan erg heet zijn! Voorkom brandwonden. Gebruik daarom handschoenen of andere bescherming bij het vervangen van de lamp.
- 1. Draai de vier schroeven van het afdekplaatje los. Verwijder het afdekplaatje en het glas.
- 2. Verwijder de lamp en vervang deze door een nieuwe.
- 3. Verwijder de afdichting van het afdekplaatje niet. De afdichting mag niet loskomen van het afdekplaatje. De afdichting moet perfect in de uitsparing van de ovenwand passen.
Pagina 27
STORINGEN
Algemeen
Raadpleeg het onderstaande overzicht met oplossingen als u problemen hebt met uw oven. Neem contact op met de afdeling klantenservice als de problemen zich blijven voordoen.
Het eten blijft rauw
- Controleer of de timer is ingesteld en of u de bevestigingstoets hebt aangeraakt.
- Is de deur wel goed gesloten?
- Controleer of er geen zekering is doorgebrand en er geen stroomonderbreker is geactiveerd.
Het eten is te gaar of niet gaar genoeg
- Controleer of de juiste bereidingstijd is ingesteld.
- Controleer of het juiste vermogen is ingesteld.
De toetsen reageren niet; het display reageert niet op de toetsen.
- Koppel de oven gedurende een paar minuten los van de stroomvoorziening (verwijder de netstekker uit het stopcontact of schakel de stroomonderbreker uit). Sluit de oven vervolgens weer aan en schakel deze in.
Vonkvorming in de ovenruimte.
- Controleer of de afdekplaatjes van de lampen correct zijn geplaatst en of alle afstandshouders op de geleiderails zijn geplaatst.
Een stroomstoring kan tot gevolg hebben dat het display wordt gereset.
- Haal de stekker uit het stopcontact en steek de stekker er vervolgens weer in.
- Stel de tijd opnieuw in.
Er is condensatie aanwezig in de oven.
- Dit is normaal. Veeg de oven na gebruik schoon.
De ventilator blijft nog werken nadat de oven is uitgezet.
- Dit is normaal. De ventilator blijft nog enige tijd werken nadat de oven is uitgezet.
Bij de deur en aan de buitenkant van de oven is een luchtstroom voelbaar.
- Dit is normaal.
Licht reflecteert op de deur en aan de buitenkant van de oven.
- Dit is normaal.
Pagina 28
STORINGEN
Er ontsnapt stoom via de deur of de ventilatieopeningen.
- Dit is normaal.
Er klinken klikgeluiden wanneer de oven in werking is, vooral bij ontdooien.
- Dit is normaal.
De stroomonderbreker wordt regelmatig uitgeschakeld.
- Raadpleeg een servicemonteur.
Het display toont een foutcode, FOUT XX ...(XX geeft het nummer van de fout aan).
- Er is een storing in de elektronische module. Koppel de oven enkele minuten los van de stroomvoorziening. Sluit de oven vervolgens weer aan en stel de huidige tijd in.
- Raadpleeg een servicemonteur als de fout blijft optreden.
Oven opbergen en repareren
- Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door een bevoegde servicemonteur. Haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de klantenservice van ATAG als onderhoud nodig is.
Houd de volgende informatie bij de hand wanneer u belt:
- Het modelnummer en serienummer (vermeld op de binnenzijde van de ovendeur)
- Garantiegegevens
- Een duidelijke omschrijving van het probleem
Kies een schone, droge plaats als u de oven tijdelijk moet opbergen, aangezien stof en vocht de oven kunnen beschadigen.