naslaan.comZoekenAlle merken

ATAG DX6211L, tekst van de handleiding

Pagina's 21–51 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–20verder op pagina 52 →

Pagina 21

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Bovenste oven

Alleen het bovenste verwarmingselement is in werking. De verdeelplaat moet gebruikt worden.

Hetelucht

Maxigrill

Hetelucht + Bovenwarmte

De onderste sectie kan gelijktijdig met de bovenste sectie in werking gesteld worden (zie dubbeloven).

Onderste oven

Alleen het onderste verwarmingselement is in werking. De verdeelplaat moet gebruikt worden.

Hetelucht Hetelucht + Onderwarmte

De bovenste sectie kan gelijktijdig met de onderste sectie in werking gesteld worden (zie dubbeloven).

Pagina 22

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Dubbeloven

De bovenste en onderste sectie zijn gelijktijdig in werking. Het is mogelijk om in te stellen welke van de twee het eerste activeert. Wanneer één van de gerechten klaar is in dubbelovenstand, dan kan de kookduur of temperatuur van de andere sectie gewijzigd worden. Kies met behulp van de sectiekeuzeknop de sectie (boven of onder) die geactiveerd moet blijven. De verdeelplaat moet gebruikt worden.

Dubbeloven, bovenste oven

Hetelucht

Maxigrill

Hetelucht + Bovenwarmte

Dubbeloven, onderste oven

Hetelucht Hetelucht + Onderwarmte

Pagina 23: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 24

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Temperatuur instellen in de grote, bovenste, en onderste oven

1 Druk op de temperatuurtoets

2 Draai aan de Functieknop om de temperatuur in stappen van 5 °C in te stellen.

Grote oven (Maxigrill en kleine grill)40 °C – 250 °C (40 °C – 300 °C)
Bovenste oven40 °C – 250 °C
Onderste oven40 °C – 250 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Temperatuur instellen in de Dubbeloven

1 Druk één maal op de temperatuurtoets (Bovenste oven). Druk tweemaal op de temperatuurtoets (onderste oven).

2 Draai aan de Functieknop om de temperatuur in stappen van 5 °C in te stellen.

Dubbel oven

40 °C~250 °C (ruimte 20 °C~80 °C) 200 °C-250 °C

(Maxigrill)

Pagina 25

De oven gebruiken (vervolg)

NL

De oven uitschakelen

Om de oven uit te schakelen moet u de sectiekeuzeknop in de ‘UIT’-stand draaien.

Instellen van de eindtijd in de grote, bovenste, en onderste oven.

U kunt de eindtijd ook tijdens het bakken of braden wijzigen.

1 Druk op de eindtijdtoets.

Voorbeeld: de huidige tijd is 12:00.

3 Druk op de eindtijdtoets.

De oven houdt automatisch de geselecteerde eindtijd aan tenzij er binnen 5 seconden nogmaals op de eindtijdtoets gedrukt wordt

2 Draai aan de Funktieknop om de gewenste eindtijd in te stellen.

Pagina 26

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Instellen van de eindtijd in de dubbeloven

U kunt de eindtijd ook tijdens het bakken of braden wijzigen.

De eindtijd voor de bovenste- en onderste oven kan geselecteerd worden met behulp van de eindtijdtoets en de Functieknop.

1 Druk twee maal op de eindtijdtoets (onderste oven).

Voorbeeld: de huidige tijd is 12:00.

3 Druk op de eindtijdtoets.

De oven houdt automatisch de geselecteerde eindtijd aan tenzij er binnen 5 seconden nogmaals op de eindtijdtoets gedrukt wordt.

2 Draai aan de Functieknop om de gewenste eindtijd in te stellen.

Pagina 27

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Instellen van de kookduur in de grote-, bovenste-, en onderste oven.

U kunt de kookduur ook tijdens het bakken of braden wijzigen.

1 Druk op de kookduurtoets.

3 Druk op de kookduurtoets.

De oven houdt automatisch de geselecteerde kookduur aan tenzij er binnen 5 seconden nogmaals op de kookduurknop gedrukt wordt.

2 Draai aan de Functieknop om de gewenste kookduur in te stellen.

Pagina 28

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Instellen van de kookduur in de dubbeloven

U kunt de kookduur ook tijdens het bakken of braden wijzigen.

De kookduur voor de bovenste- en onderste oven kan geselecteerd worden met behulp van de kookduurtoets en de Functieknop.

1 Druk twee maal op de kookduurtoets (onderste oven).

3 Druk op de kookduurtoets.

De oven houdt automatisch de geselecteerde eindtijd aan tenzij er binnen 5 seconden nogmaals op de kookduurknop gedrukt wordt.

2 Stel met de Functieknop de gewenste kookduur in.

Pagina 29

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Uitgestelde starttijd

Voorbeeld 1 - Kookduur wordt eerst ingesteld

Als de eindtijd wordt ingesteld nadat de kookduur is ingesteld (zie pagina 23), dan worden de kookduur en de eindtijd berekend en zal de oven wanneer nodig een latere starttijd instellen.

1 Druk op de eindtijdtoets.

Voorbeeld: de huidige tijd is 15:00 uur en de gewenste kookduur is 5 uur. Het gerecht is om 20:00 uur klaar.

2 Stel met de Functieknop de gewenste eindtijd in.

Voorbeeld: De gewenste kookduur duurt 5 uur en het gerecht moet om 20:30 uur klaar zijn.

3 Druk op de eindtijdtoets.

Pagina 30

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Uitgestelde starttijd

Voorbeeld 2 - Eindtijd wordt eerst ingesteld

Als de kookduur wordt ingesteld nadat de eindtijd is ingesteld, dan worden de kookduur en de eindtijd berekend en zal de oven wanneer nodig een latere starttijd instellen.

1 Druk op de kookduurtoets.

Voorbeeld: de huidige tijd is 15:00 uur en de gewenste eindtijd is 17:00 uur.

2 Stel met de Functieknop de gewenste eindtijd in.

Voorbeeld: De gewenste kookduur is 1,5 uur en het gerecht moet om 17:00 klaar zijn.

3 Druk op de eindtijdtoets.

Pagina 31

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Kookwekker

1 DE OVEN IS UIT!

Druk op de kookwekkertoets. Het symbool ‘ ‘ gaat knipperen.

3 Druk nogmaals op de kookwekkertoets om de kookwekker te starten. Wanneer de tijd verstreken is hoort u een signaal.

2 Stel met de Functieknop de gewenste tijd in

Bijvoorbeeld: 5 minuten.

Verlichting aan/uit

1
Druk op de verlichtingstoets.●De verlichting schakelt aan en uit in de aangegeven volgorde, ongeacht de oven-
1e Bovenste enfunctie.
onderste oven●De verlichting schakelt automatisch uit na
2e Bovenste oven 3e Onderste oven 4e Uit2 minuten.
31

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)

Pagina 32

De oven gebruiken (vervolg)

NL

Kinderslot

1 Druk de Temperatuurtoets en de Gewichttoets tegelijk in. Houd deze 3 seconden ingedrukt.

2 Een symbool verschijnt in de display. Druk de Temperatuurtoets en de

Gewichttoets nog een keer tegelijk in om te ontgrendelen. Houd deze 3 seconden ingedrukt.

Geluidssignaal uitschakelen

1 Druk op de Menuknop en draai de Functieknop. op ‘Geluid’.

2 Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

3 Draai aan de Functieknop om de instelling te wijzigen (aan of uit).

4 Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen op te slaan.

Pagina 33

Ovenfuncties

NL

1. Boven- en onderwarmte

Boven- en onderwarmte is geschikt voor het bakken en braden op 1 niveau. Zowel het bovenals het onderelement zijn ingeschakeld. U kunt de oven het beste voorverwarmen voordat u gerechten in de oven plaatst.

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Diepvrieslasagne (500-1000g)
Vis, heel (bijv. dorade) (300-1000 g), beide zijden 3-4 keer insnijden, besprenkelen met olie. Vis, fi let (500-1000 g), beide zijden 3-4 keer insnijden, besprenkelen met olie. Diepgevroren vleesproducten (350-1000 g), met ham-, kaas- of champignonvulling, besprenkelen met olie. Diepgevroren groente, wortel, rode biet of aardappel, gesneden (350- 1000 g), besprenkelen met olie. Karbonade (500-1000 g), bestrooien met zout en peper, besprenkelen met olie. Gebakken aardappelhelften (500-1000g)
Diepgevroren rollade met champignonvulling (500-1000 g), besprenkelen met olie. Biscuitgebak (250-500g)
Gemarmerde cake (500-1000g)
Gistdeeg met vruchtenvulling of kruimeltaart (1000-1500g)
Muffi ns (500-800 g)
3Ovenrooster180 - 20040-50 15-20 13-20 25-35 20-30 40-50 30-45 40-50 20 - 30 40 - 50 25 - 35 25 - 30
3Grillrooster / Diepe braadslede240
3Bakplaat200
3Bakplaat200
3Bakplaat200
3 / 2Grillrooster / Diepe braadslede200
3Bakplaat180 - 200
3Bakplaat180 - 200
2Ovenrooster160 - 180
2Ovenrooster170 - 190
2Bakplaat160 - 180
2Ovenrooster190 - 200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)

33

Pagina 34

Ovenfuncties (vervolg)

NL

2. Bovenwarmte met hetelucht

Het bovenelement en het element in de achterzijde van de oven zijn ingeschakeld. Ventilatoren laten de hete lucht circuleren. U kunt de oven het beste voorverwarmen voordat u gerechten in de oven plaatst.

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Beenham (1000 g), bestrijken met olie en kruiden. Schouderkarbonade in aluminiumfolie (1000-1500 g,) marineren.
Kip, heel (800-1300 g), bestrijken met olie en kruiden. Vissticks of vleessnacks(400- 800g,) bestrooien met zout en peper besprenkelen met olie.
Gevogelte, delen (500-1000 g, bestrijken met olie en kruiden. Vis, gebraden (500-1000 g), gebruik een ovenvaste schaal, bestrijken met olie en kruiden. Rundvlees (800-1200 g), Bestrijken met olie en kruiden. Eendenborst (300-500g)
3Grillrooster / Diepe braadslede180 - 20050-65 80 - 120 45 - 65 15 - 35 25 - 35 30 - 40 45 - 60 25 - 35
2Bakplaat180 - 230
2Grillrooster / Diepe braadslede190 - 200
3Grillrooster / Diepe braadslede180 - 200
4Grillrooster / Diepe braadslede200 - 220
2Ovenrooster180 - 200
2Grillrooster / Diepe braadslede Een kopje water toevoegen200 - 220
4Grillrooster / Diepe braadslede Een kopje water toevoegen180 - 200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)

Pagina 35

Ovenfuncties (vervolg)

NL

3. Hetelucht

Met deze ovenfunctie kunt u bakken of braden tot op maximaal 3 niveaus. Hetelucht is ook geschikt voor het braden. De verwarmingselementen boven- en onderin en in de achterwand verwarmen de lucht die door een ventilator in de ovenruimte wordt geblazen. U kunt de oven het beste voorverwarmen voordat u gerechten in de oven plaatst.

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Lamsbout (350-700 g), bestrijken met olie en kruiden. Gebakken banaan (3-5 stuks), insnijden met een mes, 10-15 g, chocolade toevoegen, 5-10 g, gehakte noten en suikerwater toevoegen. In aluminiumfolie rollen.
Gebakken appel, 5-8 stuks, 150-200 g per stuk klokhuis verwijderen, gebruik een ovenvaste schaal.
Hamburgers (300-600 g), besprenkelen met olie.
Gehaktbrood met eiervulling (500-1000 g), bestrijken met olie en kruiden. Diepvrieskroketten (500-1000g)
Diepgevroren ovenfrites (300-700g)
Diepvries Pizza (300-1000g)
Appel- en amandelcake (500-1000 g)
Croissants van kant-en-klaar deeg (200-400g)
3Grillrooster / Diepe braadslede190 - 20040-50 15-25 15-25 18-25 50-65 25 - 35 20 - 30 15 - 25 35 - 45 15 - 25
3Ovenrooster220 - 240
3Ovenrooster200 - 220
3Bakplaat190 - 200
3Bakplaat180 - 200
2Bakplaat180 - 200
2Bakplaat180 - 200
2Ovenrooster200 - 220
2Ovenrooster170 - 190
3Bakplaat180 - 200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)

Pagina 36

Ovenfuncties (vervolg)

NL

4. Maxigrill

De maxigrill is uitermate geschikt voor het grillen van grotere hoeveelheden vlakke gerechten, zoals biefstuk, schnitzel en vis. De maxigrill is tevens geschikt voor het bereiden van toast. Beide bovenelementen en het grillelement zijn ingeschakeld wanneer u deze ovenfunctie kiest. Het is aan te bevelen de oven voor te verwarmen wanneer u de maxigrill gebruikt.

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Worstjes (dik) 5-10 stuks
Worstjes (dun) 8-12 stuks
Toast 5-10 stuks Tosti’s 4-6 stuks Gevulde pannenkoek (200- 500g)
Biefstuk (400-800 g)
4Grillrooster / Diepe braadslede2205 - 8 keren 5 - 8 4 - 6 keren 4 - 6 1 - 2 keren 1 - 2 4 - 8 20 - 30 8 - 10 keren 5 - 7
4Grillrooster / Diepe braadslede220
5Ovenrooster240
4Grillrooster / Diepe braadslede200
3Bakplaat200
4Grillrooster / Diepe braadslede240

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)

Pagina 37

Ovenfuncties (vervolg)

NL

5. Kleine grill

Deze functie is bedoeld voor het grillen van kleinere hoeveelheden vlakke gerechten zoals biefstuk, schnitzel, vis en toast. Plaats de gerechten in het midden op het rooster. Alleen het bovenelement is ingeschakeld

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Camembert smelten (2 – 4 elk 75 g), de oven niet voorverwarmen.
Diepvries stokbrood met beleg (tomaat-mozzarella of ham & kaas)
Vissticks, diepvries (300-700 g), de oven niet voorverwarmen, besprenkelen met olie. Visburger, diepvries (300-600 g,) de oven niet voorverwarmen, besprenkelen met olie. Pizza, diepvries (300-500 g), de oven niet voorverwarmen.
3Ovenrooster20010 - 12 15 - 20 15 - 25 20 - 35 23 - 30
3Grillrooster / Bakplaat200
3Grillrooster / Bakplaat200
3Bakplaat180 - 200
3Grillrooster / Bakplaat180 - 200

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

Pagina 38

Ovenfuncties (vervolg)

NL

6. Onderwarmte met hetelucht

Onderwarmte met hetelucht geeft gebak een krokante en goed doorbakken bodem terwijl de vulling veel vocht bevat. Bijvoorbeeld pizza, appeltaart, quiche Lorraine en kwarktaart. U kunt de oven het beste voorverwarmen.

GerechtNiveauToebehorenTemperatuur (°C)Tijd (min.)
Appeltaart, diepvries (350-700g) Bladerdeeg, met diepvriesvulling (300-600 g,) bestrijken met eidooier, de oven niet voorverwarmen. Gehaktballen in saus (250-500 g), gebruik een ovenvaste schaal. Vlaai van bladerdeeg (500-1000 g), bestrijken met eidooier.
Cannelloni (250-500 g), Gebruik een ovenvaste schaal. Gebak van gistdeeg met vulling (600-1000 g), bestrijken met eidooier.
Pizza, zelfgemaakt (500-1000g)
Brood, zelfgekneed (700-900g)
3Ovenrooster180-20015 - 20 20 - 25 25 - 35 15 - 23 22 - 30 20 - 30 15 - 25 45 - 55
3Bakplaat180-200
3Ovenrooster180-200
3Bakplaat180
3Ovenrooster180
3Bakplaat180-200
2Bakplaat200 - 220
2Ovenrooster170 - 180

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)

Pagina 39

Ovenfuncties (vervolg)

NL

7. Dubbeloven

In de dubbeloven kunt u gelijktijdig twee verschillende gerechten bereiden in uw oven. Als u zowel de bovenste als de onderste sectie van de oven gebruikt kunt u per gerecht verschillende temperaturen, ovenfuncties en kookduur instellen. U kunt bijvoorbeeld op hetzelfde moment biefstuk grillen en groenten bakken. Na het inschuiven van de verdeelplaat kunt u de groenten in de onderste sectie bakken en de biefstuk grillen in de bovense sectie.

Schuif altijd de verdeelplaat in niveau 3 voordat u begint met bakken of braden.

Voorbeeld 1: Gerechten bereiden met verschillende temperaturen

SectieGerechtNiveauOvenfunctieTemperatuur (°C)ToebehorenTijd (min.)
BOVENSTE ONDERSTEDiepvriespizza (300-400g)4Hetelucht200-220Ovenrooster15 - 25 50 - 60
Cake (500-700g)1Hetelucht170 - 180Bakplaat

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)

Let op: Gerechten in koude oven plaatsen.
Voorbeeld 2: Gerechten bereiden met verschillende ovenfuncties
Sectie Gerecht
Niveau
Temperatur Ovenfunctie (°C)ToebehorenTijd (min.)
Stukjes kipfilet BOVENSTE 4 (400-600g)Bovenwarmte 200-220 + heteluchtGrillrooster + Diepe braadslede25 - 35
Aardappel ONDERSTE gratin 1 (500-1000g)Hetelucht 170-180Ovenrooster30 - 40

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)

Let op: Gerechten in koude oven plaatsen.

Pagina 40

Ovenfuncties (vervolg)

NL

8. Automatische kookprogramma’s

Uw oven heeft verschillende automatische kookprogramma’s voor de Grote Oven, de Onderste oven, de Bovenste oven en de Dubbeloven.Op de volgende pagina’s vindt u meer informatie over de automatische kookprogramma’s

U kunt ook eigen gerechten inprogrammeren. Zie pagina 48 + 49 voor meer informatie.

Automatisch kookprogramma instellen

1 Draai aan de Sectiekeuzeknop om de gewenste sectie in te stellen.

2 Kies ‘Auto’ met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.

3 Kies een categorie met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.

4 Kies een gerecht met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.

5 Kies een gewicht met de Functieknop. (U kunt het gewicht aanpassen door op de Gewicht toets te drukken en daarna aan de Functieknop te draaien. Druk opnieuw op de Gewicht toets om te bevestigen).

6 Druk op toets ‘Volgende’ om het automatische kookprogramma te bevestigen.

Pagina 41

Ovenfuncties (vervolg)

NL

9. Automatische kookprogramma’s voor de Grote oven

In de onderstaande tabel vindt u 27 automatische bak- en braadprogramma’s voor ovengerechten. Tevens zijn de hoeveelheden aangegeven waarop het programma is gebaseerd en aanbevelingen om het beste resultaat te krijgen. Het programma kiest zelf de meest geschikte ovenfunctie en kookduur. Plaats de gerechten altijd in een niet voorverwarmde, koude oven

De automatische kookprogramma’s voor de Grote oven zijn ingedeeld in 7 categorieën:

Categorie 1-7 zijn voorgeprogrammeerd, categorie 8 bevat de door uzelf geprogrameerde kookprogramma’s (zie pagina 48 - 49).

Categorie: Kant en klaar

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
1Pizza, diepvriesItaliaans Amerikaans0.3 - 0.4 0.4 - 0.5Ovenrooster2
Leg de bevroren pizza op het midden van het ovenrooster. Stand 1 is voor dunne Italiaanse pizza, stand 2 voor dikke Amerikaase pizza.
2Ovenfrites, diepvriesDun Dik0.3 - 0.5 0.6 - 0.8Bakplaat2
Verdeel de diepvriesfrites over de bakplaat. Stand 1 is voor dunne Franse frites, stand 2 is voor dikke frites. Gebruik bakpapier. Keer de frites na het verstrijken van 2/3 van de kookduur.
3Aardappelkroketten, diepvriesKlein Groot0.3 - 0.5 0.6 - 0.8Bakplaat2
Verdeel de aardappelkroketten egaal over de bakplaat. Keer de aardappelkroketten na het verstrijken van 2/3 van de kookduur
4Lasagne, kant-en-klaarKlein Groot0.3 - 0.5 0.8 - 1.0Ovenrooster3
Doe de lasagne in een passende ovenschaal. Plaats de schaal in het midden van de oven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 41)

Pagina 42

Ovenfuncties (vervolg)

NL

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
5BiefstukDun Dik0.3 - 0.6 0.6 - 0.8Grillrooster / Diepe braadslede4 3
Leg 2-6 stukken vlees naast elkaar op het grillrooster. Stand 1 is voor dunne biefstuk, stand 2 voor dikkere stukken vlees. Het vlees keren na het geluidssignaal.
6RosbiefKlein Middelgroot0.6 - 0.8 0.9 - 1.1Grillrooster / Diepe braadslede2 1
Marineer de rosbief en leg het op het grillrooster. Schenk een kopje water in de diepe braadslede. Keer het vlees zodra u het signaal hoort. Nadat de kookduur verstreken is, het vlees in aluminiumfolie wikkelen en 5-10 minuten laten rusten.
7RolladeKlein Groot0.6 - 0.8 0.9 - 1.1Grillrooster / Diepe braadslede2 1
Leg de gemarineerde rollade op het grillrooster. Het vlees keren zodra het signaal klinkt.
8LamskoteletDun Dik0.3 - 0.4 0.5 - 0.6Grillrooster / Diepe braadslede4 3
Leg de gemarineerde lamskotelet op het grillrooster. Het vlees keren zodra het signaal klinkt. Stand 1 is voor dunne koteletten, stand 2 voor dikke.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)

Categorie:Vlees
Categorie:Gevogelte
Nr.Gerecht Portie Gewicht/kg Toebehoren Niveau
92 stuks 0.5 - 0.7 Grillrooster / 4
Kippenbouten
4 stuks 1.0 - 1.2 Diepe braadslede 3
Bestrijk de kip met kruiden en olie. Leg de delen naast elkaar op het grillrooster.
101 hele 1.0 - 1.1 Grillrooster / 2
Hele kip
1 hele 1.2 - 1.3 Diepe braadslede 1
Bestrijk de gekoelde kip met olie en kruiden. Daarna met op het grillrooster plaatsen. Omkeren wanneer er een geluidssignaal klinkt.
11Dik 0.3 - 0.5 Grillrooster / 4
Eendenborstfi let
Zeer dik 0.6 - 0.8 Diepe braadslede 3
De eendenborstfi let voorbereiden en met het vet naar boven op het grillrooster leggen. Stand 1 is voor dunne eendenborst, stand 2 voor dikke.
12Klein 0.6 - 0.8 Grillrooster / 2
Kalkoenrollade
Groot 0.9 - 1.1 Diepe braadslede 1
Leg de rollade op het grillrooster. Keren zodra het signaal klinkt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)

Pagina 43

Ovenfuncties (vervolg)

NL

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
13Vis, gestoomd2 vissen 4 vissen0.5 - 0.7 0.8 - 1.0Ovenrooster2
Leg de schoongemaakte vis (bijv. forel, schelvis, kabeljauw) in een passende, glazen ovenschaal. Voeg hier een laagje water met 3-4 eetlepels citroensap of witte wijn aan toe. Doe het deksel op de schaal en zet de schaal op het ovenrooster.
14Vis, gegrild2 vissen 4 vissen0.5 - 0.7 0.8 - 1.0Grillrooster / Diepe braadslede4 3
Leg de vissen om en om op het grillrooster. Stand 1 is voor 2 vissen, stand 2 is voor 4 vissen. Het programma is afgestemd op hele vis, bijvoorbeeld forel of snoek.
15ZalmsteaksDun Dik0.3 - 0.4 0.7 - 0.8Grillrooster / Diepe braadslede4 3
Leg de zalmsteaks op het ovenrooster. Keren zodra u het signaal hoort.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)

Categorie:Vis
Categorie:Groenten
Nr.Gerecht Portie Gewicht/kg Toebehoren Niveau
16Klein 1. 0.4 - 0.5
Aardappel Bakplaat 2
Groot 2. 0.8 - 1.0
Was de aardappelen en snijd ze doormidden. Bestrijk ze met olie en kruiden. Verdeel de aardappelen over de bakplaat. Stand 1 is voor kleine aardappelen, stand 2 voor grote (200 gram per stuk).
17Geroosterde Gesneden 1. 0.4 - 0.5
Diepe braadslede 4 groente Gesneden 2. 0.8 - 1.0
Verdeel de groente zoals gesneden courgette, paprika, aubergine, champignon en cherrytomaat in de diepe braadslede. Besprenkelen met een mengsel van olie en kruiden.
18Klein 1. 0.4 - 0.6
Groentegratin Ovenrooster 2
Groot 2. 0.8 - 1.0
Bereid de groentegratin in een ovenvaste schaal. Zet de ovenschaal op het ovenrooster in het midden van de oven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)

Pagina 44

Ovenfuncties (vervolg)

NL

Categorie: Deegwaren

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
19CakeRechthoekig0.7 - 0.8Ovenrooster2
Doe het deeg in een ingevette cakevorm van ca. 30 cm lengte.
20Appeltaart24 cm rond blik1.2 - 1.4Ovenrooster1
Bak de appeltaart in een ronde springvorm met een diameter van 24 cm.
21TulbandKlein
Middelgroot Groot
0.5 - 0.6 0.7 - 0.8 0.9 - 1.0Ovenrooster2
Doe het deeg in een ingevette bakvorm.
22Bodem voor een open vruchtentaart (gebaseerd op cakebeslag)grote taart 6 gebakjes0.3 - 0.4 0.2 - 0.3Ovenrooster2
De eerste instelling is voor één grote vruchtentaart, de tweede instelling is voor 5-6 kleine gebakjes.
23Biscuitdeegmiddelgroot klein0.4 - 0.5 0.2 - 0.3Ovenrooster2
Doe deeg in een rond, metalen bakblik. De eerste instelling is voor een bakblik met een diameter van 26 cm, de tweede instelling is voor een klein bakblik met een diameter van 18 cm.
24Muffins12 klein 12 groot0.5 - 0.6 0.7 - 0.8Ovenrooster2
Doe het muffi ndeeg in een bakvorm die geschikt is voor 12 muffins. Zet de vorm op het rooster. Stand 1 is geschikt voor muffins met een gewicht van 45 gram, stand 2 is geschikt voor muffins met een gewicht van 65 gram.
25BroodWit
Volkoren
0.7 - 0.8 0.8 - 0.9Ovenrooster2
Dit programma is geschikt voor 500 gram volkoren meel. Volg de instructies op de verpakking van het meel. Bak het (zuur)deeg in een vorm. U kunt de bovenzijde in de lengterichting insnijden met een mes en bestrijken met water.
26Pizza, zelfgemaaktDun Dik1.0 - 1.2 1.3 - 1.5Bakplaat2
Stand 1 is geschikt voor een dunne pizza. Stand 2 is geschikt voor een grotere dikke pizza. Het aangegeven gewicht is inclusief beleg. Door aansluitend 5 minuten onderwarmte met hetelucht te kiezen krijgt de bodem een meer krokante korst.
27Rijzen van gistdeegPizza deeg Cake/brood deeg0.3 - 0.5 0.6 - 0.8Ovenrooster2
Stand 1, 0.2-0.4 kg, is vooral geschikt voor pizzadeeg of het voorrijzen van brooddeeg. Het deeg afdekken met vershoudfolie. Stand 2, 0.4-0.6 kg is speciaal voor brooddeeg. Stand 3, 0.6-0.8 kg is voor zuurdeeg. Kneed het deeg met de hand, doe het in een vorm en dek de vorm af met vershoudfolie.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)

Pagina 45

Ovenfuncties (vervolg)

NL

10. Automatische kookprogramma’s voor de bovenste oven

Kies uit 5 voorgeprogrammeerde ontdooiprogramma’s voor de bovenste oven. Onderstaande tabel bevat hoeveelheden waarop het programma is gebaseerd. Het programma kiest zelf de meest geschikte ovenfunctie en kookduur. Plaats de gerechten altijd in een niet voorverwarmde, koude oven

De automatische kookprogramma’s voor de bovenste oven zijn verdeeld in 2 categoriën:

De eerste categorie is voorgeprogrammeerd, categorie 2 bevat de door u geprogrammeerde gerechten (zie pagina 48 + 49).

Categorie: Bevroren

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
1Broodjes4 stuks0.2 - 0.3Ovenrooster4
8 stuks0.4 - 0.5Ovenrooster4
2Bevroren PizzaKlein0.1 - 0.2Ovenrooster5
Middelgroot0.3 - 0.4Ovenrooster5
3Bevroren Pizza Snacks6 stuks0.2 - 0.3Ovenrooster5
12 stuks0.4 - 0.5Ovenrooster5
4Bevroren vissticks10 stuks0.2 - 0.3Bakplaat5
15 stuks0.4 - 0.5Bakplaat5
5Bevroren ovenpatatKleine zak0.4 - 0.5Bakplaat5
Grote zak0.6 - 0.7Bakplaat5

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)

Pagina 46

Ovenfuncties (vervolg)

NL

11. Automatische kookprogramma’s voor de onderste oven

Kies uit 5 voorgeprogrammeerde ontdooiprogramma’s voor de onderste oven. Onderstaande tabel bevat hoeveelheden waarop het programma is gebaseerd. Het programma kiest zelf de meest geschikte ovenfunctie en kookduur.

De automatische kookprogramma’s voor de onderste oven zijn verdeeld in 3 categoriën.

Categorie 1 en 2 zijn voorgeprogrammeerd, categorie 3 bevat de door u geprogrammeerde gerechten (zie pagina 48 + 49).

Categorie: Kant en klaar

Nr.GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
1Bevroren zalm in bladerdeeg2 stuks0.2 - 0.3Bakplaat1
4 stuks0.5 - 0.6Bakplaat1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)

Categorie: Deegwaren
Nr. GerechtPortieGewicht/kgToebehorenNiveau
2 Quiche, zelfgemaakt (oven voorverwarmen)Kleine ronde schaal0.5 - 0.6Ovenrooster1
Grote ronde schaal0.9 - 1.0Ovenrooster1
3 Pizza, zelfgemaaktRond0.2 - 0.6Bakplaat1
Vierkante schaal0.8 - 1.2Bakplaat1
4 MuffinsKlein0.5 - 0.6Ovenrooster1
Groot0.7 - 0.8Ovenrooster1
5 Zoet bladerdeeg met fruit4 stuks / klein0.2 - 0.3Bakplaat1
4 stuks / middelgroot0.4 - 0.5Bakplaat1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)

Pagina 47

Ovenfuncties (vervolg)

NL

12. Automatische kookprogramma’s voor de dubbeloven

Kies uit 5 voorgeprogrammeerde ontdooiprogramma’s voor de dubbeloven. Onderstaande tabel bevat hoeveelheden waarop het programma is gebaseerd. Het programma kiest zelf de meest geschikte ovenfunctie en kookduur.

Nr.GerechtBovensteOndersteGewicht/ kgToebehorenNiveau
1Kippenbouten & aardappelgratinKippenbouten0.3 - 0.5Grillrooster / Diepe braadslede4
0.8 - 1.0Grillrooster / Diepe braadslede4
Aardappelgratin0.4 - 0.6Ovenrooster1
0.8 - 1.0Ovenrooster1
2Geroosterde groenten & pizza broodGeroosterde groenten0.4 - 0.5Diepe braadslede4
0.7 - 0.8Diepe braadslede4
Pizza brood0.1 - 0.2Bakplaat1
0.3 - 0.4Bakplaat1
3Geroosterde vis & aardappelschijfjesGeroosterde vis0.3 - 0.5Grillrooster / Diepe braadslede4
0.6 - 0.8Grillrooster / Diepe braadslede4
Aardappel schijfjes0.3 - 0.4Bakplaat1
0.5 - 0.6Bakplaat1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)

4Geroosterde eendenborst-fi let & gebakken appelsGeroosterde Eenden-borstfi let0.3 - 0.5Grillrooster / Diepe braadslede4
0.6 - 0.8Grillrooster / Diepe braadslede4
Gebakken appels0.4 - 0.5Ovenrooster1
0.9 - 1.0Ovenrooster1
5Muffins & zelfgemaakte pizzaMuffins0.5 - 0.6Ovenrooster4
0.7 - 0.8Ovenrooster4
Zelfgemaakte Pizza0.2 - 0.6Bakplaat1
0.8 - 1.2Bakplaat1

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)

Pagina 48

Ovenfuncties (vervolg)

NL

13. Eigen gerecht toevoegen

U kunt 10 eigen kookprogramma’s maken voor de Grote oven, de Bovenste oven en de Onderste oven en opslaan als ‘eigen gerecht’.

Een eigen gerecht toevoegen

1 Druk op de Menu Toets en kies ‘Eigen gerechten’ met de Functieknop2 Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.
3 Kies ‘Toevoegen’ met de Functieknop.4 In de display ziet u ‘Kies naam’. Draai
Druk toets ‘Volgende’ in om de instellingen te bevestigen.aan de Functieknop om de eerste letter van de naam van uw gerecht te kiezen. Druk op toets ‘Volgende’ en kies de volgende letter, etc. Wacht, nadat de hele naam van het gerecht ingevoerd is op ‘twee pijltjes’ in de display. Druk op toets ‘Volgende’ om de instelling te bevestigen.
5 Kies ‘Grote oven’, Bovenste oven’ of ‘Onderste oven’ met de Functieknop.6 Kies een ovenfunctie met de Functieknop. Alleen de functies van de
Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.gekozen ovensectie zijn beschikbaar!

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)

Pagina 49

Ovenfuncties (vervolg)

NL

7 Druk op de Kookduur Toets om de 8 Druk op de Temperatuur Toets indien kookduur in te stellen. Draai aan de u de temperatuur wilt wijzigen. Draai

Functieknop om de tijd in te stellen en aan de Functieknop om de temperadruk opnieuw op de Kookduur Toets. tuur aan te passen en druk daarna opnieuw op de Temperatuur Toets om te bevestigen.

9 Druk op toets ‘Volgende’ om te bevestigen dat alle instellingen gekozen zijn. Uw eigen kookprogramma is nu toegevoegd aan de automatische kookprogramma’s van de Grote oven, de Bovenste oven en de Onderste oven.

Toets te drukken.

Pagina 50

Ovenfuncties (vervolg)

NL

14. Eigen gerecht kiezen

1 Draai aan de Sectiekeuzeknop om de gewenste ovensectie te kiezen.

2 Kies ‘Auto’ met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

3 Kies ‘Eigen gerechten’ met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

4 Kies een gerecht met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om het koken te starten.

Pagina 51

Ovenfuncties (vervolg)

NL

15. Eigen gerecht verwijderen

1 Druk op de Menu Toets en kies ‘Eigen gerechten’ met de Functieknop.

2 Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

3 Kies ‘Verwijderen’ met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

4 Kies met de Functieknop de ovensectie waarvan u een eigen kookprogramma wilt verwijderen (Grote oven, Bovenste oven of Onderste oven). Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

5 Kies de naam van het eigen gerecht dat u wilt verwijderen met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen.

6 Kies ‘Verwijderen’ met de Functieknop. Druk op toets ‘Volgende’ om de instellingen te bevestigen. Het gerecht is nu verwijderd!

← pagina's 2–20verder op pagina 52 →Inhoud