ATAG HI9271M, tekst van de handleiding
Pagina's 20–40 van 82 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 20
BEDIENING Instellen
Timer / Kookwekker
De toets van elke kookzone heeft twee functies:
| De timerfunctie | De kookwekkerfunctie | |||
|---|---|---|---|---|
| Deze functie is te herkennen aan het rode pijltje naar boven ( ). | Deze functie is te herkennen aan het rode pijltje naar beneden ( ). | |||
| In de timerfunctie loopt de tijd op. | In de kookwekkerfunctie telt de tijd af. | |||
| De timer is niet te koppelen aan | De kookwekker is te koppelen | |||
| een kookzone. | aan een kookzone. Dit houdt in dat de kookzone uitschakelt als de ingestelde tijd afgelopen is. | |||
| De timerfunctie schakelt na het | De kookwekkerfunctie is te | |||
| drukken op de toets na | bereiken vanuit de timerfunctie | |||
| 3 seconden vanzelf in als u niets | door op de of toets te | |||
| doet. | drukken. | |||
| Let op | ||||
| • Per set van twee kookzones (voor en achter) is één timer/ | ||||
| kookwekker beschikbaar. In geval van een eventuele 5e kookzone (type HI8271M, HI9271M, HI9721I), heeft de 5e kookzone een eigen timer/kookwekker. • De timer/kookwekker kan per set van twee kookzones slechts aan | ||||
| één van beide kookzones gekoppeld worden. | ||||
| • De timer-/kookwekkerfunctie kan ook gebruikt worden zonder een bijbehorende kookzone te activeren. | ||||
| De timer inschakelen | ||||
| 1. Druk éénmaal op de toets van de kookzone. De display van de timer licht op en u ziet drie nullen knipperen. Daar onder verschijnt een en . | ||||
| Als u geen tijd instelt met de of toets gaat na 3 seconden automatisch de timer lopen. De timer loopt tot maximaal 9 uur en 59 minuten. licht op en de tijd loopt op. | ||||
| NL 20 | ||||
Pagina 21
| BEDIENING | Instellen | |||||
| 2. Druk nogmaals op de toets van de kookzone waarvan | ||||||
| brandt, om deze uit te schakelen. | ||||||
| De kookwekker inschakelen | ||||||
| 1. Druk éénmaal op de toets van de kookzone. 2. Druk op de of toets om van de timerfunctie naar de | ||||||
| kookwekkerfunctie te schakelen. Daarna kunt met de toets de gewenste kookduur instellen. Vervolgens kunt u met de toets de ingestelde tijd aanpassen. licht op. De tijd telt af. | ||||||
| 3. Druk nogmaals op de toets van de kookzone waarvan brandt, om deze weer uit te schakelen. Let op | ||||||
| • De kookwekker is gekoppeld aan de kookzone indien de | ||||||
| bijbehorende kookzone ingeschakeld is. | ||||||
| • Indien de kookwekker gekoppeld is aan een kookzone zal de | ||||||
| kookzone uitschakelen nadat de ingestelde tijd verstreken is. Het kookwekker alarm gaat af en geeft gedurende een kwartier in | ||||||
| afnemende mate een geluidssignaal, terwijl ‘0.00’ en blijven | ||||||
| knipperen. Druk nogmaals op de toets van de kookzone waarvan knippert, om het kookwekker alarm weer uit te schakelen. | ||||||
| De kookduur instellen | ||||||
| Schakel de kookwekker in. | ||||||
| Toets | Stappen van x per toetsaanraking | Tijdsduur | ||||
| x = 1 minuut | 0.00 tot ... | |||||
| x = 10 seconden | 5.00 - 0.00 | |||||
| x = 30 seconden | 9.00 - 5.00 | |||||
| x = 1 minuut | ... tot 9.00 | |||||
| Na 9 minuten en 0 seconden (“9.00”) verschijnt boven het display het woord “.min” en tellen de minuten verder op achter de punt. | ||||||
| Tip | ||||||
| U kunt de of toets ingedrukt houden om sneller de gewenste | ||||||
| kookduur in te stellen. | ||||||
| NL 21 | ||||||
Pagina 22
| BEDIENING | Instellen | ||
| Geluidssignaal | in- en uitschakelen | ||
| 1. 2. 3. | Druk tweemaal Houd daarna totdat u een Het geluidssignaal behalve bij en het geluidssignaal Gebruik dezelfde schakelen. | op de meest linker aan-/uittoets . tegelijkertijd de toets en de toets ingedrukt geluidssignaal hoort. is nu uitgeschakeld voor alle toetsbedieningen, de toets en de toets. Let wel: het kookwekker alarm bij foutmeldingen zijn niet uit te schakelen. toetscombinatie om het geluid weer in te |
Pagina 23
BEDIENING Koken
| Automatische | kookprogramma’s | ||
|---|---|---|---|
| Uw kookplaat is voorzien van 6 automatische kookprogramma’s. De | |||
| eventuele instellen met De kookprogramma’s tabellen zijn | eindtijd van een automatisch kookprogramma kunt u zelf behulp van de kookwekkerfunctie (zie pagina 20). zijn gebaseerd op gangbare hoeveelheden. De bedoeld als richtlijn, door de ruime marges kunt u het | ||
| gerecht naar | uw eigen wensen aanpassen. | ||
| Een automatisch | kookprogramma instellen | ||
| De kookzone 1. Druk Een reeks anderen. 2. Druk om naar Het gekozen van ‘automatisch’ | is ingeschakeld. op de toets. van zes iconen licht op, waarvan 1 icoon feller dan de nogmaals op de toets, of houd de toets ingedrukt de volgende menufunctie te gaan. kookprogramma start automatisch na 3 seconden. Een ‘A’ verschijnt in de display. | ||
| Indien er volgende , , | een automatisch kookprogramma actief is, kunt u met de toetsen terugkeren naar het handmatige kookproces: , . | ||
Pagina 24
BEDIENING Koken
De volgende automatische kookprogramma’s zijn beschikbaar:
(Aan)kookfunctie*/**
Brengt de inhoud van de pan aan de kook (100 °C) en houdt deze aan de kook. Er klinkt een geluidssignaal als de inhoud aan de kook is of als het gerecht moet worden toegevoegd. Deze functie werkt alleen zonder deksel op de pan.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone | De pan vullen tot: (begin kookproces) |
|---|---|---|---|---|---|
| Gekookte aardappelen | 1 - 3 | 200 - 500 g | Steelpan (Ø 200) | Ø 145 | 1,0 l incl. aardappelen |
| 3 - 5 | 500 - 800 g | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l incl. aardappelen | |
| 3 - 5 | 500 - 800 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l incl. aardappelen | |
| 6 - 8 | 1000 - 1400 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 | 2,5 l incl. aardappelen | |
| 9 - 15 | 1500 - 2200 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 | 3,5 l incl. aardappelen | |
| 9 - 15 | 1500 - 2200 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 dubbel | 3,5 l incl. aardappelen | |
| Gekookte | 1 - 3 | 150 - 250 g | Steelpan (Ø 200) | Ø 145 | 1,0 l incl. groenten |
| 3 - 4 | 300 - 500 g | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l incl. groenten | |
| 3 - 4 | 300 - 500 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l incl. groenten | |
| (harde) groenten | 4 - 6 | 500 - 750 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 | 2,5 l incl. groenten |
| 6 - 8 | 750 - 900 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 | 3,5 l incl. groenten | |
| 6 - 8 | 750 - 900 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 dubbel | 3,5 l incl. groenten | |
| Eieren | 2 - 6 | 2 - 6 eieren | Steelpan (Ø 200) | Ø 145 | 1,0 l incl. eieren |
| 8 - 12 | 8 - 12 eieren | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l incl. eieren | |
| Rijst | 1 | 100 g | Steelpan (Ø 200) | Ø 145 | 1,0 l alleen water ¹) |
| 2 - 4 | 200 - 400 g | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l alleen water ¹) | |
| 2 - 4 | 200 - 400 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,5 l alleen water ¹) | |
| 4 - 5 | 400 - 500 g | Hoge pan (Ø 240) | Ø 210 | 2,0 l alleen water ¹) | |
| Pasta | 1 - 2 | 100 - 200 g | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | 1,0 l alleen water ¹) |
| 2 - 3 | 200 - 300 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 | 2,0 l alleen water ¹) | |
| 4 - 6 | 400 - 600 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 | 3,0 l alleen water ¹) | |
| 4 - 6 | 400 - 600 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 dubbel | 3,5 l alleen water ¹) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
- 1) Na het geluidssignaal kan de rijst of pasta worden toevoegd.
* Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
** Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
Pagina 25
BEDIENING Koken
Sudderfunctie*
De temperatuur van het gerecht wordt constant tegen het kookpunt (90 °C - 95 °C) aangehouden. De sudderstand werkt het beste met een deksel op de pan. Dikkere gerechten moeten elke 15 minuten omgeroerd worden. De maximale suddertijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
| Gerecht | Hoeveelheid +/- | Pan | Zone |
|---|---|---|---|
| Saus of soep | 1 l | Lage pan (Ø 200) | Ø 145 |
| 1 l | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | |
| 1,5 l | Hoge pan (Ø 200) | Ø 180 | |
| 1 l | Lage pan (Ø 200) | Ø 210 | |
| 1,5 l | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 | |
| 2,5 l | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 | |
| 2.5 l | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 dubbel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Warmhoudfunctie*
De temperatuur van het gerecht wordt automatisch op een constante temperatuur van 70 °C - 75 °C gehouden. De warmhoudstand werkt het beste met een deksel op de pan. Grotere hoeveelheden en dikkere gerechten moeten af en toe geroerd worden. De maximale warmhoudtijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid +/- | Pan | Zone |
|---|---|---|---|---|
| Alle gerechten | 1 | 1000 g | Steelpan (Ø 200) | Ø 145 |
| 2 - 3 | 1500 g | Lage pan (Ø 200) | Ø 180 | |
| 4 | 2000 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 180 | |
| 4 | 2000 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 | |
| 8 | 4000 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 | |
| 8 | 4000 g | Grote pan (Ø 240) | Ø 260 dubbel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
- Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
Pagina 26
BEDIENING Koken
Wokfunctie*/**
De wokstand zorgt voor een optimale woktemperatuur, zowel voor de olie als voor het wokken. Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur, de olie kan in de pan en daarna het gerecht.
| Gerecht | Aantal personen | Maximale hoeveelheid vlees of vis / groente | Pan | Zone |
|---|---|---|---|---|
| Vlees, vis, groenten | 1 - 2 | 300 g / 300 g | Wokpan | Ø 145 |
| 1 - 2 | 300 g / 300 g | Wokpan | Ø 180 | |
| 3 - 4 | 600 g / 600 g | Wokpan | Ø 210 | |
| 3 - 4 | 600 g / 600 g | Wokpan | Ø 260 | |
| 1 - 2 | 300 g / 300 g | Wokpan | Ø 260 dubbel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Braadfunctie*/**
De braadstand zorgt voor een optimale braadtemperatuur. Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur. De olie of boter kan in de pan en daarna het gerecht.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone |
|---|---|---|---|---|
| Vlees, vis | 1 - 2 | 150 - 200 g | Koekenpan | Ø 145 |
| 2 - 3 | 200 - 400 g | Koekenpan | Ø 180 | |
| 4 - 5 | 400 - 500 g | Koekenpan | Ø 210 | |
| 5 - 6 | 500 - 600 g | Koekenpan | Ø 260 | |
| 5 - 6 | 500 - 600 g | Koekenpan | Ø 260 dubbel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
*
Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
**
Pagina 27
BEDIENING Koken
Gezond koken
Grillfunctie*/**
De grillstand zorgt voor een optimale grilltemperatuur. Er klinkt een geluidssignaal als de pan op temperatuur is.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone |
|---|---|---|---|---|
| Vlees, vis, groenten | 1 - 2 | 100 - 200 g | Grill pan / plaat | Ø 145 |
| 2 - 3 | 200 - 300 g | Grill pan / plaat | Ø 180 | |
| 3 - 4 | 300 - 400 g | Grill pan / plaat | Ø 210 | |
| 4 - 6 | 400 - 600 g | Grill pan / plaat | Ø 260 | |
| 4 - 6 | 400 - 600 g | Grill pan / plaat | Ø 260 dubbel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Rookpunt van verschillende oliesoorten
Om gezond te bakken, adviseert ATAG om de oliesoort af te stemmen op de baktemperatuur. Elke oliesoort heeft een ander rookpunt waarbij giftige gassen vrijkomen. In onderstaande tabel ziet u de rookpunten van verschillende oliesoorten.
| Olie | Rookpunt °C |
|---|---|
| Extra vierge olijfolie | 160 °C |
| Boter | 177 °C |
| Kokosolie | 177 °C |
| Raapzaadolie | 204 °C |
| Vierge olijfolie | 216 °C |
| Zonnebloemolie | 227 °C |
| Maisolie | 232 °C |
| Arachideolie | 232 °C |
| Rijstolie | 255 °C |
| Olijfolie | 242 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
*
Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
**
Pagina 28
BEDIENING Koken
Kookstanden
Het onderstaande overzicht is uitsluitend bedoeld als leidraad, omdat de instelwaarde afhankelijk is van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht en de pan.
Gebruik ‘boost’ en stand 12 voor:
- snel aan de kook brengen;
- slinken van bladgroenten;
- verhitten van olie en vet;
- onder druk brengen van een snelkookpan.
Gebruik stand 11 voor:
- aanbraden van vlees;
- bakken van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren.
Gebruik stand 10 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dik, gepaneerd vlees;
- uitbakken van spek of bacon;
- bakken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis.
Gebruik stand 8 en 9 voor:
- doorkoken;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken en garen van dun vlees.
Gebruik stand 1 t/m 7 voor:
- trekken van bouillon;
- bereiden van stoofvlees;
- smoren van groenten;
- smelten van chocolade;
- smelten van kaas.
Pagina 29
ONDERHOUD Reinigen
Dagelijkse reiniging
Hardnekkige vlekken
Atag Shine
Tip
Schakel, voordat u met schoonmaken begint, eerst het kinderslot in.
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
Voor de dagelijkse reiniging kunt u het beste een mild reinigingsmiddel en een vochtige doek gebruiken.
- Nadrogen met keukenpapier of een droge doek.
- Ook hardnekkige vlekken zijn met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel, te verwijderen.
- Verwijder waterkringen en kalkresten met schoonmaakazijn.
- Metaalsporen (ontstaan door schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale middelen verkrijgbaar.
- Verwijder overgekookte voedselresten met een glasschraper.
Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u verwijderen met een glasschraper.
Nooit gebruiken
- Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krasjes waarin zich kalk en vuil ophopen.
- Gebruik ook nooit scherpe voorwerpen, zoals staalwol en schuursponsjes.
ATAG heeft een serie schoonmaakmiddelen samengesteld onder de naam Atag Shine. Deze zijn te verkrijgen via de website ’www.atagservice.nl’. Hier vindt u ook diverse schoonmaak- en gebruikstips.
Pagina 30
STORINGEN Algemeen
Algemeen
Voor het telefoonnummer van de servicedienst kunt u de bijgeleverde garantiekaart raadplegen of kijken op ‘www.atagservice.nl’.
Indien u een barstje of scheurtje (hoe klein ook) op de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit, neem direct de stekker van de kookplaat uit het stopcontact, verbreek de (automatische) zekering(en) in de meterkast of zet de schakelaar in de meterkast op nul bij een vaste aansluiting. Neem vervolgens contact op met de servicedienst.
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw inductiekookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website ‘www.atagservice.nl’.
| SYMPTOOM | MOGELIJKE OORZAAK | OPLOSSING |
|---|---|---|
| Bij het in werking stellen verschijnt er tekst in de displays. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilatie blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | Afkoeling van de kookplaat. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen nieuw toestel. | Dit is normaal en verdwijnt na enkele keren koken. Ventileer de keuken. |
| U hoort een licht tikkend geluid op uw kookplaat. | Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. | Normale werking. |
| De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de kookpan. | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
Pagina 31
| STORINGEN Algemeen | |||
| SYMPTOOM | MOGELIJKE OORZAAK | OPLOSSING | |
| Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen. | De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter kleiner dan 12 cm. | Gebruik een goede pan (zie pagina 13 en 14). | |
| Een kookzone stopt plotseling met de werking en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Schakel het signaal uit met de of toets van de timer. | |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets in de display. | Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. | Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). | |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Verkeerde aansluiting van de kookplaat. | Controleer de elektrische aansluiting. | |
| Foutcode F00. | Het bedieningspaneel is | Bedieningspaneel schoon- | |
| vervuild of er ligt water op. | maken. | ||
| Foutcode F0 t/m F6 en FC. | De generator is defect. | Neem contact op met de servicedienst. | |
| Foutcode F7. | De omgevingstemperatuur is niet goed. | Zet alle warmtebronnen in de omgeving van de kookplaat uit. | |
| Foutcode F8 en F08. | Toestel oververhit. | Het toestel laten afkoelen en opnieuw beginnen met koken. | |
| Foutcode F9 en/of continu geluidssignaal. | Spanning te hoog en/of niet goed aangesloten. | Laat uw aansluiting wijzigen. | |
| Foutcode F99. | U hebt 2 of meerdere toetsen tegelijk bediend. | Bedien maar 1 toets tegelijk. | |
| Foutcode FA. | Spanning te laag. | Neem contact op met uw energiebedrijf. | |
| Foutcode FAN. | Luchtcirculatie niet goed. | Zorg dat de beluchtingsgaten onderin de kookplaat open zijn. | |
| Overige foutcodes. | Generator defect. | Neem contact op met de servicedienst. | |
Pagina 32
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
Veiligheidsvoorschriften installatie
- De aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften.
- Het toestel moet altijd geaard zijn.
- Alleen een erkend elektrotechnisch installateur mag dit toestel aansluiten.
- Gebruik voor het aansluiten een goedgekeurde kabel (bijvoorbeeld type HO7RR) met de juiste kabel diameters, behorend bij de aansluiting. De kabel ommanteling moet van rubber zijn.
- De aansluitkabel moet vrij hangen en mag niet door een lade worden aangestoten.
- Wilt u een vaste aansluiting maken, zorg er dan voor dat er een omnipolaire schakelaar met een contactafstand van minimaal 3 mm in de toevoerleiding wordt aangebracht.
- Het werkblad waarin de kookplaat wordt ingebouwd moet vlak zijn.
- De wanden en het werkblad rondom het toestel moeten minimaal tot 85 °C hittebestendig zijn. Ook al wordt het toestel zelf niet warm, door de warmte van een hete pan kan de wand verkleuren of vervormen.
- Schade ontstaan door verkeerd aansluiten, verkeerd inbouwen of verkeerd gebruik valt niet onder de garantie.
Benodigde vrije ruimte rondom kookplaat
| * HI6271F: min. 64 cm | Voor noodzakelijk. | een veilig | gebruik is voldoende ruimte Controleer of deze ruimte aanwezig | romdom is. | de |
| HI6271M: min. 65 cm | |||||
| HI6211M: min. 65 cm HI7271M: min. 78 cm HI7211M: min. 78 cm | |||||
| HI7271I: min. 77 cm HI8271M: min. 81 cm HI9271M: min. 91 cm | |||||
| HI9271I: min. 90 cm HI3271M: min. 33 cm | |||||
| NL 32 | |||||
Pagina 33
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
Inbouwmaten
In de volgende illustraties zijn de afmetingen van de uitsparingen aangegeven.
min.40
min.40
HI3271M HI6211M/HI6271M
min.40
HI6271F
min.40
HI7211M/HI7271M
x
y
min.40
x
y 6 R10-12 -1 y
HI7271I 516 x
Pagina 34
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
min.40
min.40
HI8271M
HI9271M
x
y
y
min.40
x
y
x
HI9271I
Wanneer de kookplaat breder is dan het kastje, met een werkblad met een dikte van minder dan 46 mm, moet u een uitsparing aan beide zijden in het kastje zagen, zodat het toestel vrij ligt van het kastje.
Inbouwmaten in corpus x<46 mm: y = 46 mm - x x>= 46 mm: y = 0 mm
Pagina 35
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
Aanvullende eisen voor het integreren (vlak inbouwen) van de kookplaat (HI7271I en HI9271I)
- De kookplaat kan alleen geïntegreerd worden ingebouwd boven enkele kast van minimaal 800/900 mm breedte afbeelding).
geïntegreerd inbouwen moet de kookplaat vanaf de
| min. 800 mm voor HI7271I | een (zie |
| min. 900 mm voor HI9271I | • Na het onderkant • Een |
| te |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
toegankelijk blijven voor het verlenen van service. eventuele lade of oven onder de kookplaat moet gemakkelijk verwijderen zijn.
- Dit toestel is met name geschikt voor integratie in een natuurstenen of betegeld werkblad.
- De kookplaat dient bij het integreren alleen aan de zijkant van de glasplaat te worden gekit en niet aan de onderzijde. Dit om de glasplaat zelf voor eventuele vervanging toegankelijk te houden. Voorzie hiervoor het oplegvlak in het werkblad van een laag plakband, bijvoorbeeld schilderstape.
- Meld eventuele transportschade voordat de kookplaat wordt ingekit. Daarna worden deze beschadigingen beschouwd als gevolg van het inbouwen en gebruiken.
- Beschadigingen die het gevolg zijn van het inbouwen of gebruik vallen buiten de garantie.
- Waterschade of andere schade aan het werkblad waarin de kookplaat is ingebouwd, valt buiten de garantie.
- Voorafgaand aan een eventueel bezoek door de servicemonteur moeten delen van het kastinterieur zoals ladeconstructies, legplanken, legroosters en geleiders zijn verwijderd.
- De servicedienst is alleen verantwoordelijk voor herstel en service van de kookplaat. Voor het weer opnieuw integreren (vlak inbouwen) dient u de keukenvakhandel te raadplegen.
- Gebruik voor het afkitten van de glasplaat hittebestendige kit van minimaal 160 °C.
- Gebruik voor het afkitten van de glasplaat in natuurstenen bladen speciaal voor deze materialen geschikte kit. Dit in verband met het verkleuren van natuursteen etc.
Pagina 36
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
Beluchting
De elektronica in het toestel heeft koeling nodig. Het toestel schakelt na korte tijd uit wanneer er onvoldoende lucht circuleert. Aan de onderzijde van het toestel bevinden zich de ventilatie-openingen. Door deze openingen moet koele lucht aangezogen kunnen worden. Aan de voorzijde en onderzijde is het toestel voorzien van uitblaasopeningen.
Inbouwen boven een oven, lade of vaste blende
B
Beluchting vindt plaats via plint (A) en achterzijde kast (B). Zaag de beluchtingsopeningen (min. 100 cm²) uit. Luchttoevoer A is overbodig wanneer er, samen met opening B, ergens anders een opening is waar lucht aangezogen kan worden.
Zorg ervoor dat de traverselat de luchtdoorvoer niet hindert. Schaaf of zaag de traverselat C zonodig schuin af.
Een lade mag de ventilatie-openingen aan de onderzijde van het toestel niet afsluiten. Bij een lade moet er aan de voorzijde een spleet gemaakt worden van minimaal de toestelbreedte. De afstand tussen lade A en de kookplaat moet minimaal 10 mm bedragen.
Pagina 37
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Elektrische aansluiting
Aansluitingen
rechterzones
middenzones
linkerzone
Veel voorkomende aansluitingen:
- 3 fasen met 1 nul aansluiting (3 1N, 400 V ~ / 50 Hz): º De spanning tussen de fasen en de nul is 230 V ~. Tussen de fasen staat een spanning van 400 V ~. Breng een verbindingsbrug aan tussen de aansluitpunten 4-5. Fase 3 wordt niet belast. Uw groepen moeten afgezekerd zijn met minimaal 16 A (3x). De aansluitkabel moet een aderdoorsnede hebben van minimaal 2,5 mm².
- 2 fasen met 2 nullen aansluiting (2 2N, 230V ~ / 50 Hz): º De spanning tussen de fasen en de nullen is 230 V ~. Uw groep moet afgezekerd zijn met minimaal 16 A (2x). De aansluitkabel moet een aderdoorsnede hebben van minimaal 2,5 mm².
Speciale aansluitingen:
- 1 fase aansluiting (1 1N, 230 V ~ / 50 Hz):
º De spanning tussen de fase en de nul is 230 V ~. Breng verbindings bruggen aan tussen de aansluitpunten 1-2 en 4-5. Uw groep moet afgezekerd zijn met minimaal 32 A. De aansluitkabel moet een aderdoorsnede hebben van minimaal 6 mm².
Aansluiting voor kookplaten met 5 kookzones:
- 3 fasen met 1 nul aansluiting (3 1N, 400 V ~ / 50 Hz):
º De spanning tussen de fasen en de nul is 230 V ~. Tussen de fasen staat een spanning van 400 V ~. Breng een verbindingsbrug aan tussen de aansluitpunten 4-5.
Uw groepen moeten afgezekerd zijn met minimaal 16 A (3x). De aansluitkabel moet een aderdoorsnede hebben van minimaal 2,5 mm².
Met de op het aansluitblok aanwezige bruggen, kunt u de vereiste doorverbindingen maken, zoals in deze illustraties staat aangegeven.
Zet de kabel vast met de trekontlasting en sluit het deksel.
Aansluitpunt, wandcontactdoos en stekker moeten te allen tijde bereikbaar blijven.
Pagina 38
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen
Inbouwen
Controleer of het keukenmeubel en de uitsparing voldoen aan de gestelde eisen ten aanzien van afmetingen en ventilatie.
Behandel van kunststof of houten werkbladen de kopse kanten met eventueel afdichtvernis, om uitzetten van het werkblad door vocht te voorkomen.
Leg het toestel omgekeerd op het aanrechtblad.
Monteer de aansluitkabel aan het toestel conform de gestelde eisen (zie pagina 37).
Verwijder de beschermfolie van het afdichtband en plak het band in de groef van de aluminium profi elen of op de rand van de glasplaat. Plak het afdichtband niet door de hoek, maar knip 4 stukken die goed aansluiten in de hoek.
Keer het toestel om en leg het in de uitsparing.
Sluit het toestel aan op het elektriciteitsnet. Het toestel is nu gebruiksklaar.
Controleer de werking. Indien het toestel fout is aangesloten, zal het een geluidssignaal geven of een foutcode in de displays laten zien.
Pagina 39
BIJLAGE Afvoeren toestel en verpakking
Afvoeren toestel en verpakking
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
Pagina 40
BIJLAGE Technische gegevens
Vermogens- en inbouwtabel
Deze toestellen voldoen aan alle relevante CE richtlijnen.
| Kookplaattype | HI6271F | HI6271M | HI6211M | HI7271M |
|---|---|---|---|---|
| Inductie | x | x | x | x |
| Aansluiting | 230V - 50Hz | 230V - 50Hz | 230V - 50Hz | 230V - 50Hz |
| Aantal fasen | 2 | 2 | 2 | 2 |
| Max. vermogen kookzones | ||||
| Linksmidden | ||||
| Linksvoor | 3,7 kW (Ø210) | 3,7 kW (Ø210) | 3,7 kW (Ø210) | 3,7 kW (Ø210) |
| Linksachter | 2,2 kW (Ø145) | 2,2 kW (Ø145) | 2,2 kW (Ø145) | 2,2 kW (Ø145) |
| Rechtsachter | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) |
| Rechtsvoor | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) | 3 kW (Ø180) |
| Aansluitwaarde | ||||
| L1 | 3,7 kW | 3,7 kW | 3,7 kW | 3,7 kW |
| L2 | 3,7 kW | 3,7 kW | 3,7 kW | 3,7 kW |
| L3 | ||||
| Totale aansluitwaarde | 7400 W | 7400 W | 7400 W | 7400 W |
| (Inbouw)maten | ||||
| Toestel breedte x diepte | 640 x 520 mm | 644 x 522 mm | 640 x 520 mm | 774 x 522 mm |
| Inbouwhoogte vanaf bovenkant werkblad | 46 mm | 43 mm | 46 mm | 43 mm |
| Zaagmaat breedte x diepte | 560 x 490 mm | 560 x 490 mm | 560 x 490 mm | 750 x 490 mm |
| Minimale afstand zaagmaat tot achterwand | 40 mm | 40 mm | 40 mm | 40 mm |
| Minimale afstand zaagmaat tot zijwand | 40 mm | 40 mm | 40 mm | 40 mm |