ATAG VA6011HT, tekst van de handleiding
Vaatwasser · ATAG · 45 pagina's in het Nederlands · pdf: 48 pagina's, 0,7 MB
Storingen op pagina 35
Pagina 35
Gebruiksaanwijzing
Wat is er aan de hand, als...
Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
...storingsmeldingen worden aangegeven.
Wanneer uw apparaat is uitgerust met een lichtsignaal op de vloer, dan knippert bij alle foutmeldingen een puntvormig lichtsignaal op de vloer.
3
Storingen worden alleen akoestisch gemeld wanneer de signaaltoon is ingeschakeld.
Als er indicaties knipperen of branden op het bedienings- en indicatiepaneel en/of als u signaaltonen hoort die in de onderstaande tabel zijn beschreven, kunt u de fout eventueel zelf oplossen:
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er is 1 kort waarschuwingssignaal te horen, dat doorlopend herhaald wordt, het programmalampje van het gekozen programma knippert: het controlelampje ^ brandt: het multidisplay geeft storingscode Å10 aan: er stroomt geen water in de afwasautomaat. | De waterkraan is verstopt of verkalkt. | Kraan reinigen. |
| De waterkraan is dicht. | Kraan opendraaien. | |
| Zeefje (indien aanwezig) in de slangaansluiting van de kraan is verstopt. | Zeefje in de slangaansluiting reinigen. | |
| De zeven in de kuipbodem zijn verstopt. | Druk de toets van hef gestarte afwasprogramma in; breek vervolgens het afwasprogramma af met RESET; (zie hoofdstuk: Afwasprogramma starten); reinig de zeven. (zie hoofdstuk: Zeven reinigen) | |
| Watertoevoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. |
Pagina 36
Gebruiksaanwijzing
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er zijn 2 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, het programmalampje van het gekozen programma knippert, het multidisplay geeft storingscode Å20 aan. | De sifon is verstopt. | Sifon reinigen. |
| Watertoevoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. | |
| Er zijn 3 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, het multidisplay geeft storingscode Å30 aan. | De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden. | Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Nadat storingÅ10 ofÅ20 is opgelost, drukt u de toets van het gestarte afwasprogramma in. Het afwasprogramma gaat verder. Als de storing opnieuw wordt aangegeven, neem dan contact op met de servicedienst.
Neem bij alle andere storingen die worden aangegeven contact op met de servicedienst en vermeld de storingscode (zie hoofdstuk Klantenservice).
3
Pagina 37
Gebruiksaanwijzing
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het programma begint niet. | De machinedeur is niet goed gesloten. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| Zekering in de huisinstallatie is niet in orde. | Zekering vervangen. | |
| Bij modellen met starttijdkeuze: U hebt een starttijd gekozen. | Als het servies direct moet worden afgewassen, starttijd annuleren. | |
| In de kuip zijn roestvlekken zichtbaar. | De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeeltjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwijder zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel. | Alleen geschikt bestek en servies afwassen. |
| Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien. | ||
| Fluitend geluid bij het afwassen. | Het fluiten kan geen kwaad. | Ander merk reinigingsmiddel gebruiken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
...het afwasresultaat niet bevredigend is.
Het servies wordt niet schoon.
- U hebt niet het juiste programma gekozen.
- Het servies is zodanig neergezet, dat het water niet overal kon komen. De servieskorven mogen niet overbeladen zijn.
- De zeven in de kuipbodem zijn niet schoon of verkeerd in de machine geplaatst.
- U hebt geen goed reinigingsmiddel gebruikt of te weinig gedoseerd.
- Bij kalkaanslag op het servies: het zoutreservoir is leeg of de wateronthardingsinstallatie is verkeerd ingesteld.
- De afvoerslang ligt niet goed.
Het servies is niet droog en glanst niet.
- U hebt geen goed glansmiddel gebruikt.
- Het glansmiddelreservoir is leeg.
Pagina 38
Gebruiksaanwijzing
Op glazen en servies zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of blauwachtige aanslag te zien.
- Glansmiddeldosering lager instellen.
Op glazen en servies zijn opgedroogde waterdruppels te zien.
- Glansmiddeldosering hoger instellen.
- Het reinigingsmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsmiddel.
Technische gegevens
| capaciteit: | 12 standaardcouverts inclusief dienbestek |
|---|---|
| toelaatbare waterdruk: | 1-10 bar (=10-100 N/cm² = 0.1-1.0 MPa) |
| elektrische aansluiting: | Gegevens over de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje aan de rechter binnenrand van de deur. |
| Afwasautomaten: vrijstaande toestellen | |
| afmetingen: | 850 x 600 x 600 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 54 kg |
| Geïntegreerde en onderbouwtoestellen | |
| afmetingen: | 820 – 880 x 596 x 570 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 50 kg |
| Volledig geïntegreerde toestellen | |
| afmetingen: | 820 – 880 x 596 x 546 - 550 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 50 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
; Dit toestel voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19.02.1973 – laagspanningsrichtlijn
- 89/336/EEG van 03.05.1989 (incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EEG) – EMC-richtlijn
Pagina 39
Gebruiksaanwijzing
Aanwijzingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet bij volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
De tests volgens EN 50242 moeten met vol zoutreservoir van de waterontharder, met vol voorraadreservoir voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
| Volle belading: | Halve belading: | |
|---|---|---|
| 12 standaardcouverts incl. dienbestek | 6 standaardcouverts incl. dienbestek, elke tweede plek vrijlaten | |
| Dosering reinigingsmiddel: | 5 g + 25 g (type B) | 20 g (type B) |
| Glansmiddelinstelling: | 4 (type III) | 4 (type III) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Beladingsvoorbeelden: bovenste korf *
* Verplaats het rek voor kopjes zo nodig van rechts naar links. Let er daarbij op dat u het rek op dezelfde hoogte inhangt!
onderste korf met bestekkorf bestekkorf
Pagina 40
Opstel- en aansluitaanwijzing
OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING
Opstellen van de afwasautomaat
- De afwasautomaat moet stevig en waterpas op een vlakke vloer worden opgesteld.
- Schroefvoeten met de schroefsleutel uitdraaien om oneffenheden in de vloer te compenseren en de hoogte van het apparaat aan andere meubelen aan te passen :
- met een schroevendraaier
- Bij onderbouw- en integreerbare en volledig integreerbare afwasautomaten moeten de voeten met een schroevendraaier vooraan aan het toestel afgesteld worden.
- Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen, opdat ze niet geknikt of platgedrukt worden.
- De afwasautomaat moet bovendien vast aan het doorlopende werkblad of aan de meubelen ernaast geschroefd worden. Deze maatregel is absoluut noodzakelijk, opdat de volgens de voorschriften vereiste kiepveiligheid gewaarborgd is.
Pagina 41: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 42
Opstel- en aansluitaanwijzing
Aansluiten van de afwasautomaat
Wateraansluiting
De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften.
- De afwasautomaat kan aan koud water en aan warm water tot max. 60 °C worden aangesloten.
- De afwasautomaat mag niet aan open heetwatertoestellen en doorstroomtoestellen worden aangesloten.
Toelaatbare waterdruk
| Minimaal toelaatbare waterdruk: 1 bar (=10 N/cm² =100 kPa) | Als de waterdruk lager dan 1 bar is, dient u uw installateur te raadplegen. |
| Maximaal toelaatbare waterdruk: 10 bar (=100 N/cm² =1 MPa) | Bij meer dan 10 bar waterdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
Toevoerslang aansluiten
1 De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
0 Toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 228-1:2000) aan een waterkraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De toevoerslang is uitgerust met een kunststof of metalen aansluitmoer.
- De kunststof aansluitmoer van de slangverbinding mag alleen met de hand worden vastgedraaid.
- De metalen aansluitmoer van de slangverbinding moet met een stuk gereedschap worden vastgedraaid. Controleer vervolgens visueel de dichtheid (verzeker u ervan dat de waterkraan niet druppelt).
3
- Om de mogelijkheden om in de keuken water te tappen niet te beperken, adviseren wij u een extra waterkraan te installeren of aan de aanwezige kraan een aftakking te bouwen.
Pagina 43
Opstel- en aansluitaanwijzing
3 Het volgende hoofdstuk geldt alleen voor afwasautomaten die op de slangkoppeling naar de waterkraan een veiligheidsventiel hebben:
Toevoerslang met veiligheidsventiel
Na het aansluiten van de dubbelwandige toevoerslang bevindt het veiligheidsventiel zich direct bij de waterkraan. Daarom staat de toevoerslang alleen gedurende de watertoevoer onder druk. Gaat de toevoerslang daarbij lekken, dan onderbreekt het veiligheidsventiel de watertoevoer en schakelt de afvoerpomp van de afwasautomaat in.
1 Let bij het aanleggen van de toevoerslang op de volgende punten:
- de afstand tussen de onderkant van het veiligheidsventiel en het standvlak van de afwasautomaat moet ten minste 30 cm bedragen;
- in de dubbelwandige toevoerslang zit de elektrische leiding voor het veiligheidsventiel. Toevoerslang of veiligheidsventiel niet onder water dompelen;
- wanneer de toevoerslang of het veiligheidsventiel is beschadigd, onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken;
- toevoerslang met veiligheidsventiel mag uitsluitend door een vakman/ klantenservice worden vervangen;
- toevoerslang zodanig aanleggen dat deze niet hoger ligt dan de onderkant van het veiligheidsventiel.
Pagina 44
Opstel- en aansluitaanwijzing
Waterafvoer
Afvoerslang
1 De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
- Aansluiting van de afvoerslang:
- maximaal toelaatbare hoogte: 0,85 meter.
- minimaal vereiste hoogte 40 cm boven de onderkant van de machine.
Verlengslangen
- Verlengslangen zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of onze service-afdeling. De binnendiameter van de verlengslangen moet 19 mm bedragen, opdat het functioneren van de machine niet gestoord wordt.
- Verlengslangen mogen maximaal 3 meter horizontaal liggen en de maximaal toelaatbare hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm.
Sifonaansluiting
- De tuit van de afvoerslang (Ø 19 mm) past op alle gangbare types sifons. De buitendiameter van de sifonaansluiting moet minimaal 15 mm zijn.
- De afvoerslang moet met de meegeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.
Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toestellen)
Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u een slanghouder gebruiken. Deze is te bestellen bij onze service-afdeling. 0 1. Slanghouder op de afvoerslang steken.
- 2. Zorg ervoor dat de afvoerslang niet van de gootsteenrand kan wegglijden. Als u een koord door het gat trekt, kunt u de houder aan de muur of aan de waterkraan bevestigen.
Pagina 45
Opstel- en aansluitaanwijzing
Beveiliging tegen wateroverlast
Ter voorkoming van schade door wateroverlast is de afwasautomaat uitgerust met een beveiliging tegen wateroverlast.
Bij storingen onderbreekt het veiligheidsventiel in het apparaat direct de watertoevoer en wordt de afvoerpomp ingeschakeld. Hierdoor kan het water niet naar buiten stromen of overlopen. Restwater dat zich in het apparaat bevindt wordt automatisch weggepompt.
1 De beveiliging tegen wateroverlast functioneert ook wanneer het apparaat is uitgeschakeld. Het apparaat moet echter wel zijn aangesloten op het elektriciteitsnet.
Wanneer het apparaat is ingeschakeld, is bij storingen tevens een zoemtoon hoorbaar.
Elektrische aansluiting
1 Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektroinstallateur worden uitgevoerd.
Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voorschriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden. Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voerende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn. Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt. Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcontact trekken.
Attentie: de stekker moet na opstelling van het apparaat bereikbaar blijven.
Is het toestel d.m.v. een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie met een inrichting die alle polen (N, L1) onderbreekt (bijv. aardlekschakelaar) met een contactopening van > 3 mm van het net worden gescheiden.
Pagina 46
Opstel- en aansluitaanwijzing
Aansluittechniek
Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is.
Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aanwezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoorschriften) maatgevend is.
2 aansluitstukken 45° of recht, dubbele uitwendig Ø 19 mm, lengte 30 mm waterkraan waterafvoer watertoevoer
aansluit-
water- aansluit- water- elektrische aansluiting toevoer snoer afvoer
snoer
Pagina 47
Klantenservice
KLANTENSERVICE
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u contact opnemen met ATAG.
Belangrijk!
Houd bij het opgeven van een storing altijd het type nummer - en S-nummer van uw toestel bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje (op de rechter binnenrand van de deur) en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren.
Type Nummer .................................................................................................................................
S-No .................................................................................................................................
Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Geachte klant,
Lees deze informatie zorgvuldig door.
Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina’s van dit boekje! Bewaar het boekje goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef het door aan een eventuele volgende eigenaar van het toestel.
1 Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.
0 Dit symbool of genummerde aanwijzingen voeren u stap voor stap door de bediening van het toestel.
- 3 Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel.
- 2 Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.
Mocht er een storing optreden, dan vindt u onder "Wat is er aan de hand, als..." aanwijzingen om kleine storingen zelf op te heffen.
Mochten deze aanwijzingen niet voldoende zijn, neem dan contact op met onze service-afdeling.
Bij technische problemen kunt u altijd contact opnemen met onze service-afdeling.
Zie ook hoofdstuk "Klantenservice" op de achterzijde van dit boekje.
- 3 Uw afwasautomaat heeft het nieuwe spoelsysteem "IMPULSSPOELEN".
Om een beter reinigingsresultaat te bereiken, worden bij dit spoelsysteem tijdens een programma het motortoerental en de sproeidruk gevarieerd. Daarom varieert ook het geluidsniveau van het lopende programma.
Gedrukt op milieuvriendelijk geproduceerd papier. Wie milieubewust denkt, handelt ook zo ...
2
Pagina 3
Inhoud
INHOUD
Gebruiksaanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Afvalverwerking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Economisch en milieubewust afwassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Frontaanzicht apparaaten bedienings- en indicatieveld . . . . . . . . . . . .
Bedienings- en indicatieveld . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Vóór het in gebruik nemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Waterontharder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Waterontharder instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Speciaal zout voor de waterontharder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Zoutdosering instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Speciaal zout doseren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Glansmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Glansmiddeltoevoer in-/uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Glansmiddel doseren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Glansmiddeldosering instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Signaaltoon in-, uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
In het dagelijks gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Bestek en servies in de machine zetten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Bestek rangschikken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten . . . . . . . . . . . . Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten . . . . . . . . . . . . . . Bovenste korf in hoogte verstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Reinigingsmiddel doseren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Het gebruik van Gecombineerde afwastabletten. . . . . . . . . . . . . . . . . . Geconcentreerde afwasmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Gecombineerde afwasmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Automatische programma's . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Afwasprogramma selecteren (Programmatabel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Afwasprogramma starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Afwasprogramma veranderen/onderbreken/afbreken . . . . . . . . . . . . . . Starttijdkeuze instellen of veranderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Beladingsherkenning – AUTOMATIC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Afwasautomaat uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Pagina 4
Inhoud
Onderhoud en reiniging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Schoonmaken van de zeven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Wat is er aan de hand, als... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ...storingsmeldingen worden aangegeven. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat. . . . . . . . . . . . . ...het afwasresultaat niet bevredigend is. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Aanwijzingen voor testinstituten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Opstel- en aansluitaanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Opstellen van de afwasautomaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Montage van de Meubeldeur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Aansluiten van de afwasautomaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Wateraansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Toelaatbare waterdruk . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Toevoerslang aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Waterafvoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Beveiliging tegen wateroverlast . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Aansluittechniek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Klantenservice . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Pagina 5
Gebruiksaanwijzing
GEBRUIKSAANWIJZING
1 Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
De veiligheid van elektrische toestellen van ATAG voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Toch zien wij ons als fabrikant genoodzaakt, u en uw eventuele medegebruikers op het volgende te wijzen:
Opstelling, aansluiting, in gebruik nemen
- De afwasautomaat mag alleen rechtop vervoerd worden.
- Controleer de afwasautomaat op transportschade. Een beschadigd toestel in geen geval aansluiten. Wend u in geval van schade tot de leverancier.
- Controleer vóór het in gebruik nemen of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
- Hoe de afwasautomaat moet worden opgesteld en aangesloten, leest u in het hoofdstuk "Installatie". Meerwegstekkers, koppelingen en verlengsnoeren mogen niet gebruikt worden. Brandgevaar door oververhitting.
Veiligheid van kinderen
- Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toezicht en laat kinderen niet met de machine spelen – ze zouden zichzelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten (verstikkingsgevaar!).
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styropor kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar!
- Reinigingsmiddelen kunnen verwondingen aan ogen, mond en keelholte veroorzaken en zelfs tot verstikking leiden! Let op de aanwijzingen op de verpakking van reinigingsmiddelen.
- Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Als zich nog resten van reinigingsmiddel in de machine bevinden, bestaat verwondingsgevaar!
- Als u de afwasautomaat afdankt: stekker uit het stopcontact trekken, aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Deurslot onbruikbaar maken, zodat de deur niet meer dicht kan.
Pagina 6
Gebruiksaanwijzing
Algemene veiligheid
- Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot onze service-afdeling. Alleen originele ATAG-onderdelen voldoen aan alle eisen!
- De afwasautomaat nooit in gebruik nemen, als aansluitsnoer of toe- of afvoerslang beschadigd zijn of als bedieningspaneel, bovenblad of sokkel zo beschadigd zijn, dat de binnenkant van het toestel toegankelijk is.
- Als het aansluitsnoer beschadigd of te kort is, moet dit door onze service-afdeling vervangen worden.
- Stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
- Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het toestel zijn uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
- Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.
- Scherpe messen en ander scherp bestek in de bovenste korf leggen of met de scherpe kant naar beneden in de bestekkorf zetten.
Gebruik volgens de voorschriften
- Gebruik de afwasautomaat alleen om huishoudservies af te wassen. Als de machine voor verkeerde doeleinden wordt gebruikt of foutief wordt bediend, wordt eventuele schade niet door de garantiebepalingen gedekt.
- Controleer vóór het gebruik van speciaal zout, reinigingsmiddel en glansmiddel, of volgens de fabrikant van deze producten gebruik ervan in huishoud-afwasautomaten toegestaan is.
- Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doen. Explosiegevaar!
- De beveiliging tegen wateroverlast is een betrouwbaar systeem. Aan de volgende voorwaarden moet echter voldaan worden:
- Ook als het toestel uitgeschakeld is moet het aan het net aangesloten zijn.
- De afwasautomaat moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.
- Waterkraan altijd dichtdraaien als de afwasautomaat langere tijd niet gebruikt wordt, bijv. bij vakantie.
Pagina 7
Gebruiksaanwijzing
- Ga niet op de open deur staan of zitten, de machine zou dan kunnen kantelen.
- In geval van storing eerst de waterkraan dichtdraaien, dan de machine uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Bij vaste aansluiting: zekering in de huisinstallatie uitschakelen.
2 Afvalverwerking
Verpakkingsmateriaal
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen van de afwasautomaat zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen hergebruikt worden.
- De kunststof delen zijn voorzien van een internationaal gebruikte codering:
- >PE< voor polyethyleen, bijv. de folieverpakking
- >PS< voor polystyreen, bijv. de hoekbeschermers (volkomen CFK-vrij)
- >POM< voor polyoxymetheen, bijv. kunststof klemmen
- Het karton is van oud papier gemaakt en wij adviseren u dit ook weer in een container voor oud papier te deponeren.
Oude machine
Als u de afwasautomaat afdankt, lever hem dan in bij uw vakhandelaar of informer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor afvalverwerking in uw woonplaats.
2 Economisch en milieubewust afwassen
- Sluit de afwasautomaat alleen aan warm water aan, als u een hiervoor geschikte warmwaterinstallatie hebt.
- Stel de waterontharder correct in.
- Spoel het servies niet onder stromend water af.
- Als u met geringe belading afwast, berekent de beladingsherkenning de benodigde hoeveelheid water en wordt de programmaduur verkort. Het meest economisch wast u altijd af met volle belading.
- Kies een programma aan de hand van soort servies en mate van verontreiniging.
- Doseer niet meer reinigingsmiddel, speciaal zout en glansmiddel dan door de fabrikant van deze middelen en in deze gebruiksaanwijzing wordt aangegeven.
7
Pagina 8
Gebruiksaanwijzing
Frontaanzicht apparaaten bedienings- en indicatieveld
plafondsproeier
rubber afdichting voor aankoppeling van de watertoevoer naar de sproeiarm
sproeiarmen waterhardheidsschakelaar
voorraadreservoir voor speciaal zout voorraadreservoir voor glansmiddel
reservoir voor reinigingsmiddel
bedienings- en indicatieveld typeplaatje zeven
Pagina 9
Gebruiksaanwijzing
Bedienings- en indicatieveld
| Multidisplay Functietoetsen Controle- Toets AAN/UIT indicaties 1 2 3 4 | |
| Starttijd instellen Bedieningspaneel Op het bedieningspaneel vindt u de programmatoetsen met LED-indicaties en de toets om de starttijd in te stellen. Functietoetsen: Naast het gedrukte afwasprogramma resp. de starttijdkeuze kunt u met deze toetsen nog de volgende functies instellen: | |
| Functietoets 1 Waterontharder instellen | |
| Functietoets 2 Glansmiddeltoevoer in-, uitschakelen | |
| Functietoets 3 Signaaltoon in-, uitschakelen | |
| Functietoets 4 - niet gereserveerd - | |
| Multidisplay kan aangeven, – welke starttijd is ingesteld. – wat de geschatte resterende looptijd is van een lopend afwasprogramma. – welk probleem er is met de afwasautomaat. – op welke hardheidsgraad de waterontharder is ingesteld. – of de glansmiddeltoevoer is in- /uitgeschakeld. – of de signaaltoon is in- /uitgeschakeld. Controle-indicaties betekenen: | |
| J Afwaszout bijvullen | |
| H Glansmiddel bijvullen | |
| ^ Waterkraan opendraaien | |
| De controle-indicaties branden nooit tijdens het verloop van een afwasprogramma. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
3
9
Pagina 10
Gebruiksaanwijzing
Vóór het in gebruik nemen
Voordat u de afwasautomaat in gebruik neemt, moeten alle klemmen waarmee de korven voor het transport zijn vastgezet verwijderd worden.
Daarna gaat u als volgt te werk:
- 1. Waterontharder instellen
- 2. Speciaal zout voor de waterontharder doseren
- 3. Glansmiddel doseren
3 Wanneer u 3-in-1 afwasmiddeltabletten gebruikt, hoeft u geen glansmiddel en afwaszout te doseren.
Pagina 11
Gebruiksaanwijzing
Waterontharder
Om kalkneerslag op servies en in de afwasautomaat te voorkomen, moet het servies met zacht, d.w.z. kalkarm water worden gespoeld. Daartoe heeft de afwasautomaat een waterontharder waarin leidingwater met een hardheid vanaf 4º d (Duitse graad) met behulp van speciaal zout wordt ontkalkt.
3
Het lokale waterbedrijf kan u nader informeren over de hardheid van het water en het hardheidsbereik in uw omgeving.
De waterontharder wordt mechanisch met de hardheidsbereikschakelaar en tevens elektronisch met de toets op het bedieningspaneel ingesteld.
| Waterhardheid | Instelling van de hardheidsstand | Aanduiding op het multidispla y | Aantal signaaltonen ¹ | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in °d ² | in mmol/l ³ | bereik | mechanisch | elektronisch | ||
| 51 - 70 43 - 50 37 - 42 29 - 36 23 - 28 | 9,0 - 12,5 7,6 - 8,9 6,5 - 7,5 5,1 - 6,4 4,0 - 5,0 | IV | 1 | 10 ⁴ 9 8 7 6 | 10L 9L 8L 7L 6L | 10 9 8 7 6 |
| 0* | ||||||
| 19 - 22 15 - 18 | 3,3 - 3,9 2,6 - 3,2 | III | 5 4* | 5L 4L | 5 4 | |
| 11 - 14 | 1,9 - 2,5 | II | 3 | 3L | 3 | |
| 4 - 10 | 0,7 - 1,8 | I/II | 2 | 2L | 2 | |
| minder dan 4 | minder dan 0,7 | I | 1 geen zout nodig | 1L | 1 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
- 1) Alleen als het akoestische signaal is ingeschakeld.
- 2) (°d) Duitse graad, meeteenheid voor de waterhardheid
- 3) (mmol/l) millimol per liter, internationale eenheid voor waterhardheid
- 4) Bij deze instelling kan de looptijd van het programma in geringe mate toenemen.
*) fabrieksinstelling
Pagina 12
Gebruiksaanwijzing
Waterontharder instellen
Waterontharder aan de hand van de tabel voor de waterhardheid in uw omgeving instellen:
De afwasautomaat moet zijn uitgeschakeld.
Mechanische instelling:
0
- 1. Open de deur van de afwasautomaat.
- 2. Neem de onderste korf uit de afwasautomaat.
- 3. Draai de hardheidsbereikschakelaar op 0 of 1 (zie tabel).
- 4. Plaats de onderste korf weer terug.
Elektronische instelling:
- 5. Druk toets AAN/UIT in.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
3 Als alleen de LED-indicatie van een programmatoets brandt, wordt dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden uitgeschakeld (RESET):
Houd de functietoetsen 2 en 3 gedurende ca. 1 seconde tegelijk ingedrukt.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
- 6. Druk tegelijk de functietoetsen 2 en 3 in en houd deze ingedrukt. De LED-indicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.
- 7. Druk functietoets 1in.
De LED-indicatie van functietoets 1 knippert.
Het multidisplay geeft de ingestelde hardheidsstand aan.
Ook het aantal signaaltonen dat u hoort (alleen wanneer het akoestische signaal is ingeschakeld) komt overeen met de ingestelde hardheidsstand.
- 8. Door functietoets 1 in te drukken wordt de hardheidsstand met 1 verhoogd.
(Uitzondering: na hardheidsstand 10 volgt hardheidsstand 1).
- 9. Als de hardheidsstand goed is ingesteld, drukt u de AAN/UIT toets in. De hardheidsstand wordt dan opgeslagen.
Pagina 13
Gebruiksaanwijzing
Speciaal zout voor de waterontharder
3 Als de hardheid van het water in uw omgeving lager is dan 4 °d, dan hoeft u het water in uw afwasautomaat niet te ontharden en heeft u geen afwaszout of zoutvervanger nodig.
U kunt het water op 2 manieren ontharden:
- Als u een reinigingsmiddel gebruikt, dat al zoutvervanger bevat, vult u het reservoir voor reinigingsmiddel uitsluitend met dit reinigingsmiddel.
- In dit geval moet de waterontharder mechanisch op 0 en elektronisch op 1 zijn ingesteld, zodat er geen afwaszout wordt toegevoegd.
- Als u apart reinigingsmiddel en speciaal zout gebruikt, doseer dan het zout in het voorraadreservoir voor zout.
- In dit geval moet de waterontharder mechanisch op 0 of 1 en elektronisch tussen 2 en 10 (afhankelijk van de hardheid van het water in uw buurt) zijn ingesteld, zodat het zout uit het voorraadreservoir wordt gedoseerd.
1 Gebruik voor uw afwasautomaat uitsluitend speciaal zout. Doe nooit andere soorten zout (bijv. keukenzout) of een reinigingsmiddel voor afwasautomaten in het voorraadreservoir. Daarmee ontregelt u de waterontharder.
Verzeker uzelf ervan dat u, op het moment van het bijvullen met zout, inderdaad een pak speciaal zout in uw handen heeft.
Zoutdosering instellen
3
Veel apparaten zijn uitgerust met de extra functie 3 in 1.
Wanneer u 3-in-1 afwasmiddeltabletten gebruikt en de extra functie 3 in 1 in combinatie met het afwasprogramma kiest, hoeft de zoutdosering niet te worden veranderd (zie “Extra functie 3 in 1“).
0 1. Stel de waterontharder mechanisch en elektronisch in op de gewenste hardheid:
| Mechanische instelling: | Elektronische instelling: | Indicatie multidisplay | Zoutdosering |
|---|---|---|---|
| 0 | 1 | IL | Geen afwaszout doseren. |
| 0 - 1 | 2-10 | 2L tot 10L | Zoutdosering via zoutreservoir (fabrieksinstelling) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
13
Pagina 14
Gebruiksaanwijzing
3
Indien voor de toepassing van reinigingsmiddel incl. zout de waterontharder elektronisch op ‘1’ wordt ingesteld, dan wordt daarmee de controle-indicatie voor speciaal zout uitgeschakeld.
Speciaal zout doseren
Als u apart reinigingsmiddel en speciaal zout gebruikt, doseert u zout:
- voor het eerste gebruik van de afwasautomaat,
- als op het bedieningspaneel de controle-indicatie voor speciaal zout J oplicht.
0 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
- 2. Dop van het zoutreservoir linksom losdraaien.
- 3. Alleen de eerste keer dat u de machine in gebruik neemt: zoutreservoir met water vullen.
- 4. Meegeleverde trechter op de opening van het zoutreservoir zetten.
Speciaal zout via de trechter in het zoutreservoir gieten. Inhoud afhankelijk van de korrelgrootte 1,0-1,5 kg.
Doe niet te veel speciaal zout in het reservoir.
3 Het bij het vullen verplaatste water loopt uit het zoutreservoir naar de bodem van de kuip. Dit kan geen kwaad, omdat het water bij de start van het volgende programma weggepompt wordt.
- 5. Zoutresten van de opening van het zoutreservoir wegvegen.
- 6. Dop rechtsom zo ver mogelijk vastdraaien, omdat er anders zout in het spoelwater terechtkomt. Glaswerk kan daardoor dof worden. Daarom na het doseren van zout een programma laten lopen. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorreltjes weggespoeld.
3
Afhankelijk van de korrelgrootte van het zout kan het enkele uren duren, voordat het zout in het water is opgelost en de controle-indicatie zout J weer uitgaat. De instelling van de waterontharder en daarmee het zoutverbruik zijn afhankelijk van de plaatselijke waterhardheid.
Verder lezen op pagina 15Inhoud