ATAG VA6011PT, tekst van de handleiding
Pagina's 17–47 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 17
Gebruiksaanwijzing
- 3. Druk functietoets 2 in.
De LED-indicatie van functietoets 2 knippert. De indicatie L geeft de actuele instelling aan:
| Indicatie L brandt: | Glansmiddeltoevoer ingeschakeld (fabrieksinstelling) |
| Indicatie L brandt niet: | Glansmiddeltoevoer uitgeschakeld |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
- 4. Door functietoets 2 in te drukken wordt de glansmiddeltoevoer in-resp. uitgeschakeld.
- 5. Als de glansmiddeltoevoer goed is ingesteld, drukt u toets AAN/UIT in. De instelling voor de glansmiddeltoevoer wordt dan opgeslagen.
Glansmiddel doseren
Wanneer u naast een afwasmiddel een apart glansmiddel gebruikt, vult u het reservoir voor glansmiddel met glansmiddel:
- Vóór de eerste ingebruikname van de afwasautomaat.
- Wanneer op het bedieningspaneel de controle-indicatie H brandt. Het reservoir voor glansmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de machinedeur.
0 1. Deur openen.
- 2. Met uw vinger de ontgrendelingsknop van het voorraadreservoir indrukken.
- 3. Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.
Pagina 18
Gebruiksaanwijzing
- 4. Glansmiddel precies tot aan de stippellijn “max” doseren; dat komt overeen met ca. 140 ml.
- 5. Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
- 6. Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen. Anders wordt tijdens het afwassen te veel schuim gevormd.
Glansmiddeldosering instellen
3 Bij het afwassen wordt uit het voorraadreservoir glansmiddel in het spoelwater gespoeld. De dosering kunt u van 1-6 instellen. In de fabriek is de dosering op “4” ingesteld. Dosering alleen veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken of opgedroogde waterdruppels te zien zijn.
(zie onder “Wat is er aan de hand als ...”).
0 1. Machinedeur openen.
- 2. Met uw vinger de ontgrendelingsknop van het voorraadreservoir indrukken.
- 3. Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.
- 4. Dosering instellen.
- 5. Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
- 6. Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen.
Pagina 19
Gebruiksaanwijzing
Signaaltoon in-, uitschakelen
Het akoestische signaal kan melden:
- op welke waterhardheid de waterontharder is ingesteld;
- wanneer een afwasprogramma is beëindigd;
- wanneer er een probleem is met de afwasautomaat.
U schakelt de signaaltoon als volgt in/uit:
- 1. Druk toets AAN/UIT in.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
3 Als alleen de LED-indicatie van een programmatoets brandt, wordt dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden uitgeschakeld (RESET):
Houd de functietoetsen 2 en 3 gedurende ca. 1 seconde tegelijk ingedrukt.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
- 2. Druk tegelijk de functietoetsen 2 en 3 in en houd deze ingedrukt. De LED-indicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.
- 3. Druk functietoets 3 in.
De LED-indicatie van functietoets 3 knippert.
De indicatie L geeft de actuele instelling aan:
| Indicatie L brandt: | Signaaltoon ingeschakeld (fabrieksinstelling) |
| Indicatie L brandt niet: | Signaaltoon uitgeschakeld |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
- 4. Door functietoets 3 in te drukken verandert de instelling.
- 5. Als de indicatie L de gewenste instelling aangeeft, drukt u toets AAN/UIT in. De instelling wordt dan opgeslagen.
In het dagelijks gebruik
- Moet speciaal zout of glansmiddel worden bijgevuld?
- Bestek en servies in de machine zetten
- Reinigingsmiddel doseren
- Geschikt programma kiezen
- Afwasprogramma starten
19
Pagina 20
Gebruiksaanwijzing
Bestek en servies in de machine zetten
1 Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.
| Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies | |
|---|---|
| niet geschikt: | beperkt geschikt: |
| • bestek met heften van hout, hoorn, porselein of parelmoer • niet hittebestendige kunststof • ouder bestek met temperatuurgevoelige lijm • gelijmd servies of bestek • tin en koper • kristal • metaal dat kan roesten • houten planken • kunstnijverheidsartikelen | • Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is. • Versieringen die op het glazuur zijn aangebracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken. • Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak verkleuringen of vlekken op zilver. Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen. • Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
- Voordat u het servies in de machine zet, moet u:
- grove etensresten verwijderen.
- pannen met ingebrande etensresten weken.
- Let bij het in de machine zetten van servies en bestek op het volgende:
- servies en bestek mogen de sproeiarmen niet blokkeren.
- hol serviesgoed zoals kopjes, glazen, pannen enz. met de opening naar beneden neerzetten, zodat zich in de openingen geen water kan verzamelen
- servies en bestek mogen niet in elkaar liggen of elkaar afdekken
- om beschadiging te voorkomen mogen glazen elkaar niet raken
- kleine voorwerpen (bijv. deksels) in de bestekkorf leggen
Pagina 21
Gebruiksaanwijzing
Bestek rangschikken
1 Lange, scherpe bestekdelen die in de bestekkorf staan, kunnen vooral voor kinderen gevaarlijk zijn (zie Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid). Om ervoor te zorgen dat het water alle bestekdelen bereikt, moet u 0 1. het roostertje op de bestekkorf zetten
- 2. korte messen, vorken en lepels met het heft naar beneden in het roostertje van de bestekkorf zetten.
- 3. voor grotere bestekdelen, bijv. een garde, één helft van het roostertje weglaten.
Bij sommige modellen kunt u de bestekkorf openklappen.
1 Om ervoor te zorgen dat de bestekkorf bij het uit de machine nemen niet kan openklappen, moet u hem bij de tweedelige greep pakken.
0 1. Bestekkorf op tafel of aanrechtblad zetten.
- 2. De twee delen van de greep openklappen.
- 3. Bestek eruitnemen.
- 4. De twee delen van de greep weer dichtklappen.
Pagina 22
Gebruiksaanwijzing
Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten
Groot en sterk verontreinigd servies in de onderste korf zetten (maximale diameter van borden 29 cm).
Uw afwasautomaat beschikt over een van de volgende vier onderste korven:
Variant 1: Alle bordenrekken van de onderste korf zijn vast
Variant 2: De rechterbordenrekken van de onderste korf kunnen naar links worden neergeklapt
3 Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide rechterbordenrekken van de onderste korf naar links worden neergeklapt: 0 1. Rechter bordenrek aan de achterkant iets optillen.
- 2. Bordenrek naar links neerklappen.
Pagina 23
Gebruiksaanwijzing
3 Variant 3: De rechterbordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt
Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide rechterbordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt.
Variant 4: De beide achterste bordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt
Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide achterste bordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt
3
Pagina 24
Gebruiksaanwijzing
Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten
Klein, teer serviesgoed en lange, scherpe bestekdelen in de bovenste korf plaatsen.
- Servies op en onder de uitklapbare kopjesrekken versprongen neerzetten, zodat het water overal goed kan komen.
- U kunt de kopjesrekken omhoogklappen om hoog servies neer te zetten.
- Wijn-, champagne- en cognacglazen kunt u in de uitsparingen van de kopjesrekken zetten resp. hangen.
- Glazen, bekers enz. kunnen ook op de twee rijen spijltjes links in de bovenste korf worden gezet.
Pagina 25
Gebruiksaanwijzing
Bovenste korf in hoogte verstellen
| Maximale hoogte van het servies in de bovenste korf onderste korf | ||
|---|---|---|
| als de bovenste korf op de hoogste stand staat | 22 cm | 31 cm |
| als de bovenste korf op de laagste stand staat | 24 cm | 29 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
3 De hoogte kan ook versteld worden als de korven gevuld zijn.
Lager plaatsen van de bovenste korf:
0 1. Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
- 2. Bovenste korf aan de greep zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de laagste stand.
Hoger plaatsen van de bovenste korf:
0 1. Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
- 2. Bovenste korf aan de greep zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de hoogste stand.
Pagina 26
Gebruiksaanwijzing
Reinigingsmiddel doseren
1 Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor afwasautomaten.
Doseer reinigingsmiddel:
- Vóór het begin van een programma (niet bij het programma voorspoelen). Reinigingsmiddel wordt tijdens het programma automatisch ingespoeld.
2 Let op de aanwijzingen m.b.t. doseren en bewaren op de verpakking van het reinigingsmiddel.
Het reservoir voor reinigingsmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de deur.
0 1. Als het deksel gesloten is: ontgrendelingsknop (1) indrukken.
Het deksel springt open.
- 2. Reinigingsmiddel in het reservoir voor reinigingsmiddel doen. Als doseerhulpje dienen de markeringslijnen:
“20” komt overeen met ca. 20 ml reinigingsmiddel, “30” komt overeen met ca. 30 ml reinigingsmiddel.
- 3. Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
3
Bij zeer sterk verontreinigd servies bovendien reinigingsmiddel in het extra vakje (2) doseren. Dit reinigingsmiddel werkt al tijdens het voorspoelen.
Pagina 27
Gebruiksaanwijzing
Het gebruik van Gecombineerde afwastabletten.
Belangrijke aanwijzingen
Er zijn ook afwastabletten,die de functie van afwasmiddel, glansmiddel en zout gecombineerd hebben.
0 1. Als u gebruikt maakt van dit type afwasmiddel moet u eerst controleren of de hardheid van het leidingwater overeenkomt met de aanwijzingen op de verpakking en/of het middel geschikt is voor gebruik.
- 2. Als u dit type afwasmiddel gebruikt moeten de instructies van de producent strikt worden opgevolgd. Het afwasmiddel moet in het afwasmiddelenbakje worden gedaan en nergens anders. Dosering op een andere plek zal slechte afwasresultaten geven.
- 3. Wend u tot de producent van het afwasmiddel als de was en droogresultaten slechter zijn dan u gewend bent en leiden tot vlekvorming op bestek en servies (glas). (Kijk voor het adres op de verpakking).
Als u besluit om weer een normaal afwasmiddel te gebruiken, dan raden wij het volgende aan:
- vul zowel het zoutreservoir als het glansmiddelreservoir;
- stel de waterhardheid in op het maximum en start een normaal afwasprogramma zonder lading in de afwasmachine;
- stel de waterhardheid daarna opnieuw in overeenkomstig de hardheid van het leidingwater.
3 Bij klachten die direct verband houden met het gebruik van deze producten, kunnen wij niet aansprakelijk gesteld worden!
Pagina 28
Gebruiksaanwijzing
2 Geconcentreerde afwasmiddelen
Machine-afwasmiddelen zijn naar chemische samenstelling in twee groepen onder te verdelen:
- traditionele alkalische afwasmiddelen met bijtende bestanddelen
- licht alkalische geconcentreerde afwasmiddelen met natuurlijke enzymen
Het gebruik van afwasprogramma's met een temperatuur van 50 °C en geconcentreerde afwasmiddelen is milieuvriendelijk en verlengt de levensduur van het serviesgoed omdat de 50 °C-programma's speciaal ontworpen zijn voor een optimale vuiloplossende werking van de enzymen die geconcentreerde afwasmiddelen bevatten. Met een 50 °C-programma en een geconcentreerd afwasmiddel is het afwasresultaat even goed als met een 65 °C-programma en een normaal afwasmiddel.
Gecombineerde afwasmiddelen
Gecombineerde afwasmiddelen van verschillende merken,in diverse uitvoeringen,verschillen in oplossnelheid en lossen soms zo langzaam op,dat ze niet goed werken tijdens een programma met een korte tijdsduur. Wij raden u dan ook aan een normaal programma met voorspoelen te kiezen.
Bij klachten die direct verband houden met het gebruik van deze producten, kunnen wij niet aansprakelijk worden gesteld!
3
Pagina 29
Gebruiksaanwijzing
Afwasprogramma selecteren (Programmatabel)
Selecteer met behulp van deze tabel het geschikte afwasprogramma:
| Soort vaatwerk | Eet- en kookgerei | Servies zonder pannen | ||
|---|---|---|---|---|
| Soort vervuiling | • sterk vervuild • aangekoekte etensresten, met name eiwit en zetmeel | • normaal vervuild | • normaal vervuild | • net gebruikt normaal tot licht verontreinigd |
| met name geschikt voor gebruik van compacte reinigingsmiddelen. | ||||
| Geschikt afwasprogramma: | ||||
| a | c | e³) | p⁵) | |
| Programmaverloop 1) | Voorspoelen Reinigen 2x Spoelen Naspoelen Drogen | Voorspoelen Reinigen Spoelen Naspoelen Drogen | Voorspoelen Reinigen Spoelen Naspoelen Drogen | - Reinigen - Naspoelen - |
| Verbruikswaarden: 2) | ||||
| Duur ⁴) | 110 - 120 min. | 90 - 100 min. | 130 - 150 min. | 30 min. |
| Energie | 1,75 - 1,95 kWh | 1,15 - 1,35 kWh | 0,95 - 1,05 kWh | 0,8 kWh |
| Water | 20 - 22 liter | 17 - 19 liter | 14 - 16 liter | 9 liter |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
- 1) Sommige onderdelen van het afwasprogramma klinken stiller dan andere omdat het vaatwerk tijdens enkele onderdelen van het afwasprogramma gedurende een korte tijd sterker wordt gespoeld voor een betere reiniging.
- 2) De verbruikswaarden worden aangegeven als onder standaardcondities. De waarden zijn afhankelijk van de belading van de korven voor het vaatwerk. Afwijkingen zijn daarom in de praktijk mogelijk.
- 3) Testprogramma voor proefinstituut
- 4) Als de hardheid van het water op stand 10 is ingesteld, kan de looptijd van het programma in geringe mate toenemen.
- 5) Dit programma is niet geschikt voor servies met aangekoekte etensresten.
Pagina 30
Gebruiksaanwijzing
Afwasprogramma starten
0 1. Controleer of het servies en het bestek zodanig zijn geplaatst, dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien.
- 2. Waterkraan helemaal opendraaien.
- 3. Druk toets AAN/UIT in.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
- 4. Druk de programmatoets voor het gewenste programma in (zie “Programmatabel”).
De programmaindicatie gaat branden.
- 5. Sluit de afwasautomaat. Het afwasprogramma begint.
3 Als u na de start van het programma een akoestisch signaal hoort, leest u dan het hoofdstuk “Wat is er aan de hand als...”.
Afwasprogramma veranderen/onderbreken/afbreken
3
Verander of onderbreek een lopend afwasprogramma alleen als dat echt nodig is. Nadat u het apparaat weer heeft gesloten, wordt de binnengestroomde lucht sterk verhit en zet uit. Daardoor kan water in de kuip dringen en eventueel de beveiliging tegen wateroverlast in werking stellen.
Afwasprogramma veranderen
3
Als u het afwasprogramma voor het sluiten van de deur van de afwasautomaat wilt veranderen, drukt u kort de toets van het nieuwe afwasprogramma in.
Als u het afwasprogramma na de start van het programma wilt veranderen, gaat u als volgt te werk:
1 Als de deur van de afwasautomaat wordt geopend, kan er hete stoom vrijkomen. Verbrandingsgevaar! Doe de deur van de afwasautomaat voorzichtig open.
0 1. Open de deur van de afwasautomaat. Het afwasprogramma stopt.
- 2. Druk de toets van het nieuwe afwasprogramma in en houd deze ingedrukt.
De indicatie van het gestarte afwasprogramma gaat vervolgens knipperen.
Na enkele seconden brandt alleen de indicatie van het nieuwe afwasprogramma nog.
Pagina 31
Gebruiksaanwijzing
- 3. Laat de programmatoets los.
- 4. Sluit de afwasautomaat. Het nieuw gekozen afwasprogramma begint van voren af aan.
Afwasprogramma onderbreken door het openen van de deur van de afwasautomaat.
0 1. Open de deur van de afwasautomaat. Het afwasprogramma stopt.
- 2. Sluit de afwasautomaat. Het afwasprogramma gaat verder.
Afwasprogramma afbreken (RESET)
0 1. Open de deur van de afwasautomaat.
- 2. Druk gedurende ca. 1 seconde de functietoetsen 2 en 3 in en houd deze ingedrukt.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
- 3. Laat de functietoetsen los.
Het afwasprogramma wordt afgebroken.
- 4. Schakel de afwasautomaat uit met toets AAN/UIT.
Starttijdkeuze instellen of veranderen
Met de starttijdkeuze kunt u instellen of een afwasprogramma over 3, 6 of 9 uur moet beginnen.
Starttijdkeuze instellen:
0 1. Open de deur van de afwasautomaat.
- 2. Druk op de toets AAN/UIT.
De LED-indicaties van alle toetsen in het bedieningspaneel die u nu kunt kiezen branden.
- 3. Druk de toets Y net zo vaak in tot de indicatie ernaast het aantal uren aangeeft waarna het afwasprogramma moet beginnen.
- 4. Druk op de toets voor het gewenste afwasprogramma.
De LED-indicatie van het gekozen afwasprogramma en de indicatie naast het aantal uren branden.
- 5. Sluit de deur.
Na het verstrijken van de ingestelde uren start het afwasprogramma automatisch.
Starttijdkeuze veranderen:
Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u de ingestelde starttijdkeuze nog veranderen door te drukken op de toets Y.
Pagina 32
Gebruiksaanwijzing
Starttijdkeuze uitschakelen:
Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u de starttijdkeuze uitschakelen. Druk de toets Y net zo vaak in tot er geen enkele van de drie urenindicaties meer brandt. Het gekozen afwasprogramma begint gelijk na het sluiten van de deur van de afwasautomaat.
Afwasprogramma veranderen na starttijdkeuze: Zolang het afwasprogramma nog niet is begonnen, kunt u het afwasprogramma nog veranderen door te drukken op een programmatoets.
0 1. Druk op de toets van het nieuwe afwasprogramma en houd deze ingedrukt.
De indicatie van het reeds gekozen afwasprogramma gaat vervolgens knipperen.
Na enkele seconden brandt alleen de indicatie van het nieuwe afwasprogramma nog.
- 2. Laat de programmatoets los.
- 3. Sluit de deur.
Na het verstrijken van de ingestelde uren start het afwasprogramma automatisch.
Beladingsherkenning – AUTOMATIC
Als u een programma start, terwijl er in de bovenste en/of onderste korf maar weinig servies staat, past een intelligente elektronica de hoeveelheid water en de duur van het programma aan de hoeveelheid servies aan. Daardoor kunt u ook weinig servies snel en economisch afwassen. Bij halve belading (6 standaardcouverts) bespaart u zo’n 2 liter water en 0,2 kWh stroom.
Pagina 33
Gebruiksaanwijzing
Afwasautomaat uitschakelen
Wanneer het akoestische signaal is ingeschakeld, klinkt aan het einde van het afwasprogramma een zoemtoon van 15 seconden.
1 Als de deur direct na het einde van het programma wordt geopend, kan er hete stoom vrijkomen. Daarom:
0 1. Doe de deur voorzichtig open.
- 2. Schakel de afwasautomaat uit met toets AAN/UIT.
De indicaties doven.
Als de afwasautomaat niet wordt uitgeschakeld, klinkt de signaaltoon opnieuw na 3 minuten en na 6 minuten.
3 Machine uitruimen
- Heet servies is kwetsbaar. Laat het daarom afkoelen voordat u het uitruimt.
- Laat het servies aan het einde van het programma nog ca. 15 minuten in de afwasautomaat staan om beter te drogen en af te koelen.
- Ruim eerst de onderste korf en vervolgens de bovenste korf uit. Hierdoor voorkomt u dat restwater vanuit de bovenste korf op het servies in de onderste korf druppelt en watervlekken achterlaat.
Onderhoud en reiniging
1 In geen geval onderhoudsmiddelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen gebruiken.
- Bedieningselementen van de afwasautomaat alleen met een zachte doek en schoon warm water schoonmaken.
- Kuip, deurafdichting en watertoevoer regelmatig controleren en eventueel schoonmaken.
Pagina 34
Gebruiksaanwijzing
Schoonmaken van de zeven
3 De zeven in de kuipbodem zijn in hoge mate zelfreinigend. Toch moet u de zeven af en toe controleren en eventueel schoonmaken.
Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresultaat.
0 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
- 2. Het zeefsysteem van de afwasautomaat bestaat uit een grove/fijne zeef, microfilter en vlakke zeef. M.b.v. de greep van het microfilter het zeefsysteem ontgrendelen en uit de machine nemen.
- 3. Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen.
- 4. Grove/fijne zeef (1/2) aan het oogje pakken en uit het microfilter (3) trekken.
- 5. Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken.
- 6. Vlakke zeef (4) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.
- 7. Vlakke zeef weer in de kuipbodem zetten.
- 8. Grove/fijne zeef in het microfilter zetten en in elkaar drukken.
- 9. Zeefcombinatie weer inzetten en door rechtsom draaien van de greep vergrendelen. Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uitsteekt.
1 Zonder zeven mag de machine in geen geval gebruikt worden.
Pagina 35
Gebruiksaanwijzing
Wat is er aan de hand, als...
Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
...storingsmeldingen worden aangegeven.
Wanneer uw apparaat is uitgerust met een lichtsignaal op de vloer, dan knippert bij alle foutmeldingen een puntvormig lichtsignaal op de vloer.
3
Storingen worden alleen akoestisch gemeld wanneer de signaaltoon is ingeschakeld.
Als er indicaties knipperen of branden op het bedienings- en indicatiepaneel en/of als u signaaltonen hoort die in de onderstaande tabel zijn beschreven, kunt u de fout eventueel zelf oplossen:
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er is 1 kort waarschuwingssignaal te horen, dat doorlopend herhaald wordt, het programmalampje van het gekozen programma knippert, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds eenmaal: er stroomt geen water in de afwasautomaat. | De waterkraan is verstopt of verkalkt. | Kraan reinigen |
| De waterkraan is dicht. | Kraan opendraaien. | |
| Zeefje (indien aanwezig) in de slangaansluiting van de kraan is verstopt. | Zeefje in de slangaansluiting reinigen. | |
| De zeven in de kuipbodem zijn verstopt. | Druk de toets van het gestarte afwasprogramma in; breek vervolgens het afwasprogramma af met RESET; (zie hoofdstuk: Afwasprogramma starten); Reinig de zeven. (zie hoofdstuk: Zeven reinigen) | |
| Watertoevoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. |
Pagina 36
Gebruiksaanwijzing
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Er zijn 2 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, het programmalampje van het gekozen programma knippert, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds tweemaal. | De sifon is verstopt. | Sifon reinigen. |
| Waterafvoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. | |
| Er zijn 3 korte waarschuwingssignalen te horen, die doorlopend herhaald worden, de indicatie voor het einde van het afwasprogramma knippert steeds driemaal. | De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden. | Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Nadat de storing met 1 of 2 waarschuwingssignalen is opgelost, drukt u de toets van het gestarte afwasprogramma in. Het afwasprogramma gaat verder.
Als de storing opnieuw wordt aangegeven, neem dan contact op met de servicedienst.
Neem bij alle andere storingen die worden aangegeven contact op met de servicedienst en vermeld de storingscode (zie hoofdstuk Klantenservice).
3
Pagina 37
Gebruiksaanwijzing
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het programma begint niet. | De machinedeur is niet goed gesloten. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| Zekering in de huisinstallatie is niet in orde. | Zekering vervangen. | |
| Bij modellen met starttijdkeuze: U hebt een starttijd gekozen. | Als het servies direct moet worden afgewassen, starttijd annuleren. | |
| In de kuip zijn roestvlekken zichtbaar. | De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeeltjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwijder zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel. | Alleen geschikt bestek en servies afwassen. |
| Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien. | ||
| Fluitend geluid bij het afwassen. | Het fluiten kan geen kwaad. | Ander merk reinigingsmiddel gebruiken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
...het afwasresultaat niet bevredigend is.
Het servies wordt niet schoon.
- U hebt niet het juiste programma gekozen.
- Het servies is zodanig neergezet, dat het water niet overal kon komen. De servieskorven mogen niet overbeladen zijn.
- De zeven in de kuipbodem zijn niet schoon of verkeerd in de machine geplaatst.
- U hebt geen goed reinigingsmiddel gebruikt of te weinig gedoseerd.
- Bij kalkaanslag op het servies: het zoutreservoir is leeg of de wateronthardingsinstallatie is verkeerd ingesteld.
- De afvoerslang ligt niet goed.
Het servies is niet droog en glanst niet.
- U hebt geen goed glansmiddel gebruikt.
- Het glansmiddelreservoir is leeg.
Pagina 38
Gebruiksaanwijzing
Op glazen en servies zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of blauwachtige aanslag te zien.
- Glansmiddeldosering lager instellen.
Op glazen en servies zijn opgedroogde waterdruppels te zien.
- Glansmiddeldosering hoger instellen.
- Het reinigingsmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsmiddel.
Technische gegevens
| capaciteit: | 12 standaardcouverts inclusief dienbestek |
|---|---|
| toelaatbare waterdruk: | 1-10 bar (=10-100 N/cm² = 0.1-1.0 MPa) |
| elektrische aansluiting: | Gegevens over de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje aan de rechter binnenrand van de deur. |
| Afwasautomaten: vrijstaande toestellen | |
| afmetingen: | 850 x 600 x 600 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 54 kg |
| Geïntegreerde en onderbouwtoestellen | |
| afmetingen: | 820 – 880 x 596 x 570 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 50 kg |
| Volledig geïntegreerde toestellen | |
| afmetingen: | 820 – 880 x 596 x 546 - 550 (h x b x d in mm) |
| max. gewicht: | 50 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
; Dit toestel voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19.02.1973 – laagspanningsrichtlijn
- 89/336/EEG van 03.05.1989 (incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EEG) – EMC-richtlijn
Pagina 39
Gebruiksaanwijzing
Aanwijzingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet bij volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
De tests volgens EN 50242 moeten met vol zoutreservoir van de waterontharder, met vol voorraadreservoir voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
| Volle belading: | Halve belading: | |
|---|---|---|
| 12 standaardcouverts incl. dienbestek | 6 standaardcouverts incl. dienbestek, elke tweede plek vrijlaten | |
| Dosering reinigingsmiddel: | 5 g + 25 g (type B) | 20 g (type B) |
| Glansmiddelinstelling: | 4 (type III) | 4 (type III) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
Beladingsvoorbeelden: bovenste korf
onderste korf met bestekkorf bestekkorf
Pagina 40
Opstel- en aansluitaanwijzing
OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING
Opstellen van de afwasautomaat
- De afwasautomaat moet stevig en waterpas op een vlakke vloer worden opgesteld.
- Schroefvoeten met de schroefsleutel uitdraaien om oneffenheden in de vloer te compenseren en de hoogte van het apparaat aan andere meubelen aan te passen :
- met een schroevendraaier
- Bij onderbouw- en integreerbare en volledig integreerbare afwasautomaten moeten de voeten met een schroevendraaier vooraan aan het toestel afgesteld worden.
- Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen, opdat ze niet geknikt of platgedrukt worden.
- De afwasautomaat moet bovendien vast aan het doorlopende werkblad of aan de meubelen ernaast geschroefd worden. Deze maatregel is absoluut noodzakelijk, opdat de volgens de voorschriften vereiste kiepveiligheid gewaarborgd is.
Pagina 41: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 42
Opstel- en aansluitaanwijzing
Aansluiten van de afwasautomaat
Wateraansluiting
De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften.
- De afwasautomaat kan aan koud water en aan warm water tot max. 60 °C worden aangesloten.
- De afwasautomaat mag niet aan open heetwatertoestellen en doorstroomtoestellen worden aangesloten.
Toelaatbare waterdruk
| Minimaal toelaatbare waterdruk: 1 bar (=10 N/cm² =100 kPa) | Als de waterdruk lager dan 1 bar is, dient u uw installateur te raadplegen. |
| Maximaal toelaatbare waterdruk: 10 bar (=100 N/cm² =1 MPa) | Bij meer dan 10 bar waterdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
Toevoerslang aansluiten
1 De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
0 Toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 228-1:2000) aan een waterkraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De moer van de slangkoppeling alleen met de hand aandraaien.
3
- Om de mogelijkheden om in de keuken water te tappen niet te beperken, adviseren wij u een extra waterkraan te installeren of aan de aanwezige kraan een aftakking te bouwen.
Pagina 43
Opstel- en aansluitaanwijzing
3 Het volgende hoofdstuk geldt alleen voor afwasautomaten die op de slangkoppeling naar de waterkraan een veiligheidsventiel hebben:
Toevoerslang met veiligheidsventiel
Na het aansluiten van de dubbelwandige toevoerslang bevindt het veiligheidsventiel zich direct bij de waterkraan. Daarom staat de toevoerslang alleen gedurende de watertoevoer onder druk. Gaat de toevoerslang daarbij lekken, dan onderbreekt het veiligheidsventiel de watertoevoer en schakelt de afvoerpomp van de afwasautomaat in.
1 Let bij het aanleggen van de toevoerslang op de volgende punten:
- de afstand tussen de onderkant van het veiligheidsventiel en het standvlak van de afwasautomaat moet ten minste 30 cm bedragen;
- in de dubbelwandige toevoerslang zit de elektrische leiding voor het veiligheidsventiel. Toevoerslang of veiligheidsventiel niet onder water dompelen;
- wanneer de toevoerslang of het veiligheidsventiel is beschadigd, onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken;
- toevoerslang met veiligheidsventiel mag uitsluitend door een vakman/ klantenservice worden vervangen;
- toevoerslang zodanig aanleggen dat deze niet hoger ligt dan de onderkant van het veiligheidsventiel.
Pagina 44
Opstel- en aansluitaanwijzing
Waterafvoer
Afvoerslang
1 De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
- Aansluiting van de afvoerslang:
- maximaal toelaatbare hoogte: 0,85 meter.
- minimaal vereiste hoogte 40 cm boven de onderkant van de machine.
Verlengslangen
- Verlengslangen zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of onze service-afdeling. De binnendiameter van de verlengslangen moet 19 mm bedragen, opdat het functioneren van de machine niet gestoord wordt.
- Verlengslangen mogen maximaal 3 meter horizontaal liggen en de maximaal toelaatbare hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm.
Sifonaansluiting
- De tuit van de afvoerslang (Ø 19 mm) past op alle gangbare types sifons. De buitendiameter van de sifonaansluiting moet minimaal 15 mm zijn.
- De afvoerslang moet met de meegeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.
Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toestellen)
Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u een slanghouder gebruiken. Deze is te bestellen bij onze service-afdeling. 0 1. Slanghouder op de afvoerslang steken.
- 2. Zorg ervoor dat de afvoerslang niet van de gootsteenrand kan wegglijden. Als u een koord door het gat trekt, kunt u de houder aan de muur of aan de waterkraan bevestigen.
Pagina 45
Opstel- en aansluitaanwijzing
Beveiliging tegen wateroverlast
Ter voorkoming van schade door wateroverlast is de afwasautomaat uitgerust met een beveiliging tegen wateroverlast.
Bij storingen onderbreekt het veiligheidsventiel in het apparaat direct de watertoevoer en wordt de afvoerpomp ingeschakeld. Hierdoor kan het water niet naar buiten stromen of overlopen. Restwater dat zich in het apparaat bevindt wordt automatisch weggepompt.
1 De beveiliging tegen wateroverlast functioneert ook wanneer het apparaat is uitgeschakeld. Het apparaat moet echter wel zijn aangesloten op het elektriciteitsnet.
Wanneer het apparaat is ingeschakeld, is bij storingen tevens een zoemtoon hoorbaar.
Elektrische aansluiting
1 Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektroinstallateur worden uitgevoerd.
Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voorschriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden. Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voerende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn. Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt. Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcontact trekken.
Attentie: de stekker moet na opstelling van het apparaat bereikbaar blijven.
Is het toestel d.m.v. een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie met een inrichting die alle polen (N, L1) onderbreekt (bijv. aardlekschakelaar) met een contactopening van > 3 mm van het net worden gescheiden.
Pagina 46
Opstel- en aansluitaanwijzing
Aansluittechniek
Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is.
Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aanwezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoorschriften) maatgevend is.
2 aansluitstukken 45° of recht, dubbele uitwendig Ø 19 mm, lengte 30 mm waterkraan waterafvoer watertoevoer
aansluit-
water- aansluit- water- elektrische aansluiting toevoer snoer afvoer
snoer
Pagina 47
Klantenservice
KLANTENSERVICE
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u contact opnemen met ATAG.
Belangrijk!
Houd bij het opgeven van een storing altijd het type nummer - en S-nummer van uw toestel bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje (op de rechter binnenrand van de deur) en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren.
Type Nummer .................................................................................................................................
S-No .................................................................................................................................
Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.