ATAG VA6111LT, tekst van de handleiding
Pagina's 17–20 van 21 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 17
Onderhoud
Reinig de buitenkant van het apparaat en het bedieningspaneel met een vochtig doekje. In geen geval agressieve reinigingsmiddelen of schuurmiddelen gebruiken. Gebruik ook nooit oplosmiddelen (aceton, tri, enz.).
Maak de deurafdichting, het afwasmiddelbakje en het glansmiddelreservoir regelmatig schoon met een vochtige doek.
Laat de machine elke drie maanden een 65°C-programma afwerken, zonder servies, met afwasmiddel.
Schoonmaken van de zeven
De zeven moeten regelmatig worden gecontroleerd en schoongemaakt. Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresultaat.
Belangrijk! Zorg ervoor dat de machine uitgeschakeld is voordat de filters worden schoongemaakt.
- 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
- 2. Het zeefsysteem van de afwasautomaat bestaat uit een groffe zeef (1), een microfilter (2) en een vlakke zeef (3).
- 7. Vlakke zeef (3) weer in de kuipbodem zetten.
- 8. Groffe zeef (1) in het microfilter (2) zetten en in elkaar drukken.
- 9. Zeefcombinatie weer inzetten en vergrendelen door de greep rechtsom te draaien. Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uitsteekt.
Belangrijk!
Gebruik de machine nooit zonder de zeven.
Zorg er bovendien voor dat de zeven correct op hun plaats zitten.
Probeer NOOIT de sproeiarmen te verwijderen.
Als etensresten de openingen in de sproeiarmen hebben verstopt, verwijder deze dan met een cocktailprikker.
Als de machine een lange tijd niet gebruikt wordt
- 3. Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen.
Wordt de machine gedurende een lange tijd niet gebruikt, dan:
- 1. Kraan dichtdraaien.
- 2. Stekker uit het stopcontact trekken.
- 3. Deur op een kier laten staan om het ontstaan van een onaangename geur te vermijden.
- 4. Binnenkant en accessoires reinigen.
Bescherming tegen vorst
Plaats de afwasmachine nooit in een ruimte waar de temperatuur onder het vriespunt kan zakken. Mocht dat toch het geval zijn, maak de machine dan leeg, draai de kraan dicht, verwijder de waterafvoerslang en laat deze leeg lopen.
Vervoeren van de machine
- 4. Groffe zeef (1) aan het oogje pakken en uit het microfilter
- (2) trekken.
- 5. Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken.
- 6. Vlakke zeef (3) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.
Als u de machine gaat vervoeren (bijv. bij verhuizing):
- 1. Stekker uit het stopcontact trekken.
- 2. Waterkraan dichtdraaien.
- 3. Watertoevoerslang van de waterkraan losschroeven en leeg laten lopen.
- 4. De machine samen met de slangen vervoeren.
Zorg ervoor dat de machine tijdens het transport rechtop staat.
Pagina 18
Wat te doen als...
Met behulp van de volgende aanwijzingen kunt u zelf de meeste kleine storingen van de afwasmachine verhelpen.
...de afwasmachine een alarmsignaal geeft
De afwasmachine begint niet of stopt halverwege en u hoort een serie geluiddsignalen met korte tussenpauzen.
Open de deur van de afwasmachine.
Het optreden van een alarm wordt aangegeven door:
- voortdurend knipperen van het controlelampje van het lopende programma, - een combinatie van knipperen en pauzes van het controlelampje einde programma en door onderbroken geluidssignalen (zoals beschreven in de tabel).
Controleer het volgende.
| Foutcode / Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| - voortdurend knipperen van het controlelampje van het lopende programma - 1 onderbroken geluidssignaal - 1 knippersignaal van het controlelampje "einde programma" De machine neemt geen water in. | Waterkraan verstopt of verkalkt. | Waterkraan schoonmaken. |
| Waterkraan is dicht. | Waterkraan opendraaien. | |
| Verstopte of vuile zeef (indien aanwezig) van de watertoevoerslang. | Zeef van de watertoevoerslang controleren. | |
| Watertoevoerslang niet goed geïnstalleerd of geknikt. | Installatie van de watertoevoerslang controleren. | |
| - voortdurend knipperen van het controlelampje van het lopende programma - 2 onderbroken geluidssignalen - 2 knippersignalen van het controlelampje "einde programma" De afwasmachine loost geen water. | Afvoer verstopt. | Afvoer ontstoppen. |
| Waterafvoerslang niet goed geïnstalleerd of geknikt. | Installatie van de waterafvoerslang controleren. | |
| - voortdurend knipperen van het controlelampje van het lopende programma - 3 onderbroken geluidssignalen - 3 knippersignalen van het controlelampje "einde programma" | De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden. | Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen met de service-afdeling. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Wanneer de controles zijn uitgevoerd, druk dan op de toets programmakeuze/annuleren en sluit de deur van de afwasmachine. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het werd onderbroken. Als er opnieuw een alarmmelding verschijnt, neem dan contact op met onze service-afdeling.
Stel u in verbinding met de service-afdeling als de machine een alarmmelding geeft die niet in bovenstaande tabel beschreven is.
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De machine start niet | De machinedeur is niet goed dicht. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| De zekering in de huisinstallatie is niet in orde. | Vervang de zekering. | |
| Voor afwasmachines met uitgestelde start functie: er is een uitgestelde start ingesteld. | Als u het programma direct wilt starten, de uitgestelde start annuleren | |
| Sissend geluid tijdens het afwassen | Dit duidt niet op een storing. | Gebruik een ander merk afwasmiddel. |
Pagina 19
...het afwasresultaat niet bevredigend is
Het serviesgoed is niet schoon
G U heeft geen geschikt afwasprogramma gekozen.
G Het serviesgoed is verkeerd gerangschikt en het water heeft niet alle delen ervan kunnen bereiken. De korven moeten niet te vol geladen worden.
G De sproeiarmen kunnen niet draaien omdat zij belemmerd worden door verkeerd gerangschikt serviesgoed.
G De bodemzeven zijn vuil of verkeerd geplaatst.
G Er is geen of te weinig afwasmiddel gebruikt.
G Als het vaatwerk kalkvlekken vertoont, dan is het zoutreservoir leeg of de waterontharder van de afwasmachine niet goed ingesteld.
G De waterafvoerslang is niet goed geïnstalleerd.
G De dop van het zoutreservoir is niet goed gesloten.
Het serviesgoed is nat en dof
G Er is geen glansmiddel gebruikt. G Het glansmiddelreservoir is leeg.
Het serviesgoed vertoont strepen, doffe vlekken of een blauwe waas.
G Stel de glansmiddeldosering lager in.
Het serviesgoed vertoont waterkringen.
G Stel de glansmiddeldosering hoger in.
G Het afwasmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de producent van het afwasmiddel.
Kunt u de oorzaak van een storing niet zelf opsporen en verhelpen, neem dan contact op met onze service-afdeling. Houd merk, modelnummer (Mod.) en serienummer (S.N.) van uw machine bij de hand; de service-afdeling zal u erom vragen. U vindt de nummers op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur.
Om deze nummers snel bij de hand te hebben, raden wij u aan ze hieronder in te vullen.
Modelnummer :. . . . . . . . . . Serienummer. : . . . . . . . . . .
Service en onderdelen
Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd.
Er mogen alleen originele onderdelen worden gebruikt. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden.
Pagina 20
Toelichtingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet met een volledige standaard lading en het vergelijkingsprogramma worden uitgevoerd (zie "Programma-overzicht").
Voor de test volgens EN 50242 moet het zoutreservoir van de waterontharder gevuld zijn met zout en het glansmiddelreservoir gevuld met glansmiddel en het vergelijkingsprogramma worden uitgevoerd (zie "Programma-overzicht").
| Capaciteit: | 12 standaard couverts |
|---|---|
| Glansmiddelreservoir: | stand 4 (Type III) |
| Dosering afwasmiddel: | 5 g + 25 g (Type B) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
Bovenste korf *)
*)Eventueel de aan de linkerkant beschikbare kopjesrekken evenals de eventueel beschikbare bestekhouder verwijderen.
Bestekkorf
Onderste korf met bestekkorf *)
*)Eventueel aan de linkerkant aanwezige kopjesrekken en eventueel aanwezige bierglashouders inclusief frame verwijderen.