Bosch CBG855NS0, tekst van de handleiding
Pagina's 16–29 van 36 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 4–15verder op pagina 30 →
Pagina 16
nl Basisinstellingen
14 Basisinstellingen
U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.
14.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Taal | Zie de keuze op het apparaat. |
| Tijd | Tijd in 24 uursformaat. |
| Geluidssignaal | Korte duur (30 seconden) Gemiddelde duur (1 minuut)¹ Lange duur (5 minuten) |
| Toetssignaal | Ingeschakeld Uitgeschakeld (geluid bij blijft)¹ |
| Helderheid display | 5 standen |
| Tijdsweergave | Uit Digitaal¹ |
| Verlichting | In gebruik uit In gebruik aan¹ |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu Verwarmingsmethoden¹ AutoPilot |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld¹ Ingeschakeld |
| Merklogo | Indicaties¹ Niet weergeven |
| Nalooptijdventilator | Aanbevolen¹ Minimaal |
| Telescoopsysteem 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken) | Niet achteraf aangebracht (bij rekjes en 1-voudig uit- treksysteem) ¹ Achteraf aangebracht (bij 2‑ en 3‑voudig uittreksysteem) afhankelijk van het apparaat- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Sabbatinstelling | Ingeschakeld Uitgeschakeld¹ |
| Fabrieksinstelling 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken) | Terugzetten Niet resetten¹ afhankelijk van het apparaat- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
14.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. ca. 3 seconden ingedrukt houden.
- 2. De aanwijzingen op het display met bevestigen.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling.
- 3. De basisinstelling met de bedieningsring wijzigen.
- 4. Op drukken.
- Op het display verschijnt de volgende basisinstelling.
- 5. De basisinstellingen met doorlopen en indien nodig met de bedieningsring wijzigen.
- 6. Om de wijzigingen op te slaan, ca. 3 seconden ingedrukt houden.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken
- Op drukken.
- Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
14.3 Tijd instellen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. ca. 3 seconden ingedrukt houden.
- 2. De aanwijzingen op het display met bevestigen.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling.
- 3. Op drukken.
- Op het display verschijnt de basisinstelling "Tijd".
- 4. De tijd wijzigen met de bedieningsring.
- 5. Om de wijziging op te slaan, ca. 3 seconden ingedrukt houden.
15 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
15.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
Pagina 17
Reiniging en onderhoud nl
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 18
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | • Warm zeepsop • Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken | Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | • Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | • Warm zeepsop | Gebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 21 |
| Deurafscherming | • Van roestvaststaal: RVS-reiniger • Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 21 |
| Roestvrijstalen binnenlijst van de deur | RVS-reiniger | Verkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | • Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Deurafdichting | • Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
Pagina 18
nl Reiniging en onderhoud
Binnenruimte
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Emaillen oppervlakken | • Warm zeepsop • Azijnwater • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten. Opmerkingen • Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. • De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. • Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Zelfreinigende oppervlakken | - | Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. → "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 18 |
| Glazen kapje van de ovenlamp | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 20 |
| Telescoopsysteem | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen. Niet in de vaatwasser reinigen. Opmerking: Voor een grondige reiniging het uittreksysteem verwijderen. → "Rekjes", Pagina 20 |
| Accessoires | • Warm zeepsop • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
15.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 16
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 17
- 2. Drogen met een zachte doek.
15.3 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen
Achterwand, plafond en zijwanden van de binnenruimte zijn zelfreinigend en hebben een ruw oppervlak.
LET OP!
Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.
- Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlekken zichtbaar zijn, de ovenruimte met de reinigingsfunctie reinigen.
- Als op het display een verzoek tot reiniging verschijnt, de binnenruimte met de reinigingsfunctie reinigen.
Pagina 19
Reinigingsfunctie EcoClean nl
- Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven.
- Gebruik de reinigingsfunctie.
→ "Reinigingsfunctie EcoClean", Pagina 19
16 Reinigingsfunctie EcoClean
Gebruik regelmatig de reinigingsfunctie "EcoClean" zodat het reinigingsvermogen van de zelfreinigende oppervlakken behouden blijft en er geen schade ontstaat. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.
De volgende oppervlakken zijn zelfreinigend:
- Achterwand
- Plafond
- Zijwanden
LET OP!
Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.
- Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlekken zichtbaar zijn, de ovenruimte met de reinigingsfunctie reinigen.
- Als op het display een verzoek tot reiniging verschijnt, de binnenruimte met de reinigingsfunctie reinigen.
- Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven.
16.1 Reinigingsadvies
Het apparaat registreert het type en de duur van de werking van het apparaat en adviseert indien nodig om de reinigingsfunctie te gebruiken.
Als u het apparaat inschakelt, verschijnt een aanwijzing op het display om de reinigingsfunctie te gebruiken. Start zo snel mogelijk de reinigingsfunctie.
U kunt uw apparaat zoals gebruikelijk gebruiken. Het reinigingsadvies verschijnt echter zo lang op het display tot u de reinigingsfunctie volledig hebt uitgevoerd. Opmerking: Is het apparaat voortijdig verontreinigd, bijv. door vethoudend gevogelte of vlees, of als er donkere vlekken op de zelfreinigende oppervlakken ontstaan, wacht dan niet met de reinigingsfunctie tot de aanwijzing op het display verschijnt. Hoe vaker u de reinigingsfunctie gebruikt, hoe langer het reinigingsvermogen van de zelfreinigende oppervlakken behouden blijft.
16.2 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
LET OP!
Ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken beschadigt de oppervlakken.
- Geen ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken gebruiken. Wanneer er toch ovenspray op deze oppervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reinigingshulp gebruiken.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. → "Rekjes", Pagina 20
- 3. Grove verontreinigingen met zeepsop en een zachte doek verwijderen:
- van de bodem van de binnenruimte
- van de apparaatdeur binnen
- van de glazen afdekplaat van de ovenlamp Zo voorkomt u niet verwijderbare vlekken.
- 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
16.3 Reinigingsfunctie instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Vereiste: → "Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden", Pagina 19.
- 1. Op drukken.
- Op het display verschijnt de tijdsduur. De tijdsduur van 1 uur kan niet worden gewijzigd.
- 2. Op drukken.
- Op het display verschijnt een aanwijzing voor de voorbereidingen die nodig zijn voor het reinigen.
- 3. In werking stellen met .
Opmerking: Open de apparaatdeur niet tijdens de reinigingsfunctie. Het reinigingsresultaat zou niet meer kloppen en de werking wordt afgebroken.
- De reinigingsfunctie start en de tijdsduur loopt af. De opwarmlijn verschijnt niet.
- Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Het apparaat uitschakelen met .
- 5. → "Apparaat na de reinigingsfunctie uitvegen", Pagina 20.
Pagina 20
nl Reinigingsondersteuning
16.4 Apparaat na de reinigingsfunctie uitvegen
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. De binnenruimte met een vochtige doek uitvegen. Opmerking: Op de zelfreinigende oppervlakken kunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en eiwitten in levensmiddelen worden niet afgebroken en
blijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtige vlekken zijn resten van zouthoudende levensmiddelen, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn niet gevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebben geen invloed op het reinigende vermogen van de zelfreinigende oppervlakken.
- 3. De rekjes inhangen.
→ "Rekjes", Pagina 20
17 Reinigingsondersteuning
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
17.1 Reinigingsondersteuning instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.
- 1. Verwijder de accessoires uit de binnenruimte.
- 2. 0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten.
Gebruik geen gedestilleerd water.
- 3. Op drukken.
- 4. De verwarmingsmethode onderwarmte met de bedieningsring instellen.
- 5. Op drukken.
- 6. De temperatuur met de bedieningsring op 80 °C instellen.
- 7. Op drukken.
- 8. De tijdsduur met de bedieningsring op 4 minuten instellen.
- 9. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 10. Het apparaat met uitschakelen en de binnenruimte ca. 20 minuten laten afkoelen.
17.2 Binnenruimte nareinigen
LET OP!
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingsondersteuning de binnenruimte uitvegen en volledig laten drogen.
Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.
- 1. De deur van het apparaat openen en het restwater met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte reinigen met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 3. Kalkranden verwijderen met een in azijn gedrenkte doek. Vervolgens met schoon water afnemen en droogwrijven met een zachte doek, ook onder de deurafdichting.
- 4. Om de binnenruimte te laten drogen, de deur van het apparaat in grendelstand (ca. 30°) ca. 1 uur openen.
18 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte grondig te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen de rekjes worden verwijderd.
18.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 16
Pagina 21
Apparaatdeur nl
18.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
- De rekjes passen alleen links of rechts.
- Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
19 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
19.1 Apparaatdeur verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
•
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de
| apparaatdeur helemaal De blokkeerhendel op het nier opklappen. | opengeklapt. linker en rechter schar- |
| Blokkeerhendel opgeklapt | Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen. |
| Blokkeerhendel dichtgeklapt | De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
De blokkeerhendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
Pagina 22
nl Apparaatdeur
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op en vlakke ondergrond leggen.
19.2 Apparaatdeur inhangen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur recht op de beide scharnieren schuiven . De deur van het apparaat tot aan de aanslag schuiven.
- 2. De apparaatdeur helemaal openen.
- 3. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen .
- De blokkeerhendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 4. Sluit de apparaatdeur.
19.3 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier opklappen .
- De blokkeerhendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten .
- 4. De deurafdekking links en rechts van buiten drukken , tot deze losklikt.
- 5. De deurafdekking verwijderen .
- 6. De binnenruit er uit trekken vlakke ondergrond leggen.
- 7. De tussenruit er uit trekken vlakke ondergrond leggen.
en voorzichtig op een
en voorzichtig op een
Pagina 23
Apparaatdeur nl
- 8. De apparaatdeur openen en de deurafdichting verwijderen.
- 9. Zo nodig kunt u de condensstrip voor het reinigen verwijderen.
‒ Open de deur van het apparaat.
‒ De condensstrip naar boven klappen en uitnemen.
- 10. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.
- 11. De condensstrip met een doek en warm zeepsop reinigen.
- 12. De apparaatdeur reinigen.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 17
- 13. De deurruiten drogen en weer inbouwen.
19.4 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De condensstrip loodrecht in de houder plaatsen en naar onderen draaien.
- 3. De tussenruit in de linker en rechter houder schuiven.
- 4. De tussenruit boven aandrukken, tot deze in de linker en rechter houder zit.
- 5. De apparaatdeur openen en de deurafdichting inhangen.
Pagina 24
nl Storingen verhelpen
- 6. De binnenruit in de linker houder schuiven.
- 7. De binnenruit boven aandrukken totdat deze in de linker en rechter houder zit.
- 8. De deurafdekking aanbrengen en aandrukken, tot deze hoorbaar vastklikt.
- 9. De apparaatdeur helemaal openen.
- 10. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen .
- De blokkeerhendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 11. Sluit de apparaatdeur.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
20 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
20.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Zekering is defect. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Op het display verschijnt "Sprache Deutsch". | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Stel de opties voor het eerste gebruik in. – Taal – Tijd |
| Werking start niet of wordt onderbroken. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Controleer de aanwijzingen die op het display verschijnen. → "Informatie weergeven", Pagina 12 |
| Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 26 |
Pagina 25
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Het apparaat warmt niet op. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen, op het display verschijnt . 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de → "Basisinstellingen", Pagina 16. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Open en sluit na een stroomuitval de apparaatdeur één keer. • Het apparaat controleert zichzelf en is klaar voor gebruik. | |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling werd gewijzigd. ▶ Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie. → "Basisinstellingen", Pagina 16 |
| De bedieningsring is uit de lagering in het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring werd ontgrendeld. 1. Leg de bedieningsring in de lagering op het bedieningspaneel. 2. Druk de bedieningsring in de lagering, zodat deze inklikt en gedraaid kan worden. |
| Bedieningsring kan slechts moeilijk worden gedraaid. | Er zit vuil onder de bedieningsring. De bedieningsring is afneembaar. Opmerking: Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. 1. Om de bedieningsring los te maken, drukt u op de buitenste rand ervan. • De bedieningsring kantelt en kan gemakkelijk worden beetgepakt. 2. Neem de bedieningsring uit de lagering. 3. De bedieningsring en de lagering op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Drogen met een zachte doek. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Laat de bedieningsring niet weken. Reinig de bedieningsring niet in de vaatwasmachine. |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | Halogeenlamp is defect. ▶ Vervang de ovenlamp. → "Ovenlamp vervangen", Pagina 26 |
| Maximale gebruiksduur bereikt. | Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. Er verschijnt een aanwijzing op het display. Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen. 1. Om de werking voort te zetten drukt u op een willekeurig touchveld of draait u aan de bedieningsring. 2. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met uit. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, kunt u een tijdsduur instellen. → "Tijdsduur instellen", Pagina 13 |
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en weer in. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 26 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept, hoeveelheid en levensmiddel afhankelijk. ▶ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel informatie over de bereiding en de passende instelwaarden vindt u op onze homepage www.bosch-home.com. |
Pagina 26
nl Afvoeren
20.2 Ovenlamp vervangen
Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.
Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 25 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik uitsluitend originele lampen. Pak nieuwe halogeenlampen uitsluitend beet met een schone, droge doek. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder stroom.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
Vereisten
- Het apparaat moet zijn losgekoppeld van de voedingsspanning.
- De binnenruimte is afgekoeld.
- Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.
- 1. Leg een theedoek in de binnenruimte om beschadiging te voorkomen.
- 2. Het glazen kapje er naar links uitdraaien .
- 3. Trek de halogeenlamp zonder te draaien er uit .
- 4. De nieuwe halogeenlamp plaatsen en stevig in de fitting drukken.
Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.
- 5. Afhankelijk van het type apparaat is het glazen kapje voorzien van een afdichtring. De afdichtring plaatsen.
- 6. Het glazen kapje erin schroeven.
- 7. Verwijder de theedoek uit de binnenruimte.
- 8. Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.
21 Afvoeren
Wij leggen u hier uit hoe u afgedankte apparaten op de juiste manier afvoert.
21.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
22 Servicedienst
Als u vragen hebt over het gebruik, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G.
Pagina 27
Zo lukt het nl
22.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
23 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
23.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
23.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 1 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Bakt u op één niveau, gebruik dan inschuifhoogte 1.
| Bakken op 2 niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Braadslede Bakplaat | 3 1 |
| Twee roosters met vormen erop | 3 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerking: Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
23.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede met opgelegd rooster een niveau onder de aangegeven inschuifhoogte in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Pagina 28
nl Zo lukt het
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill gerechten die knapperig moeten worden.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
23.4 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
23.5 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
23.6 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 8 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, fijn | Langwerpige bakvorm | 1 | 150 - 170 | 60 - 80 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 170 - 180 | 60 - 80 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 170 ¹ | 30 - 50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 160 | 50 - 60 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 160 - 180 | 60 - 80 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 180 - 200 | 30 - 45 | |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 170 - 190 | 15 - 30 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160 - 170 | 30 - 40 | |
| Koekjes | Bakplaat | 2 | 140 - 160 | 15 - 30 | |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 130 - 150 | 20 - 35 | |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | 1. 10 - 15 2. 25 - 35 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | 1. 10 - 15 2. 40 - 50 | |
| 1 Het apparaat voorverwarmen. 2 Het gerecht na 2/3 van de totale | tijd keren. |
Pagina 29
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 8 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Brood, op de plaat 1500 g | Langwerpige bakvorm | 1 | 200 - 210 | 35 - 45 | |
| Plat rond brood | Braadslede | 1 | 250 - 270 | 20 - 30 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 1 | 180 - 200 | 25 - 35 | |
| Pizza, vers | Bakplaat | 1 | 200 - 220 | 20 - 30 | |
| Pizza, vers, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 180 - 200 | 35 - 45 | |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 1 | 210 - 230 | 20 - 30 | |
| Quiche | Taartvorm , Zwart blik | 1 | 190 - 210 | 30 - 45 | |
| Flammkuchen | Braadslede | 1 | 260 - 280 ¹ | 10 - 20 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 1 | 200 - 220 | 35 - 55 | |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 1 | 170 - 180 | 50 - 65 | |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 1 | 200 - 220 | 60 - 70 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 2 | 220 - 230 | 30 - 35 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 1 | 160 - 180 | 120 - 150 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Rooster | 1 | 180 - 200 | 120 - 130 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 180 - 190 | 120 - 140 | |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Rooster | 1 | 210 - 220 | 40 - 50 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | 130 - 140 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | 140 - 160 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Rooster | 1 | 220 - 230 | 60 - 70 | |
| Burger, 3-4 cm hoog | Rooster | 2 | 3 | 20 - 30 ² | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Rooster | 1 | 170 - 190 | 50 - 70 | |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel 1 Het apparaat voorverwarmen. 2 Het gerecht na 2/3 van de totale | Rooster tijd keren. | 1 | 170 - 190 | 20 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Yoghurt
Maak yoghurt met uw apparaat.
Yoghurt maken
- 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen.
- 2. 1 liter melk (3,5 % vet) op 90°C verwarmen op de kookplaat en tot 40°C laten afkoelen.
Bij houdbare melk is het verwarmen tot 40°C voldoende.
- 3. 150 g yoghurt op koelkasttemperatuur door de melk roeren.
- 4. De massa in kleinere vormen gieten, bijv. in kopjes of kleine glazen.
- 5. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfolie.
- 6. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruimte.
- 7. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- 8. Laat de yoghurt na de bereiding minimaal 12 uur lang rusten in de koelkast.