Bosch CMG636BB1, tekst van de handleiding
Pagina's 28–41 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 28
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling werd gewijzigd. ▶ Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie. → "Basisinstellingen", Pagina 21 |
| De bedieningsring is uit de lagering in het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring werd ontgrendeld. 1. Leg de bedieningsring in de lagering op het bedieningspaneel. 2. Druk de bedieningsring in de lagering, zodat deze inklikt en gedraaid kan worden. |
| Bedieningsring kan slechts moeilijk worden gedraaid. | Er zit vuil onder de bedieningsring. De bedieningsring is afneembaar. Opmerking: Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. 1. Om de bedieningsring los te maken, drukt u op de buitenste rand ervan. • De bedieningsring kantelt en kan gemakkelijk worden beetgepakt. 2. Neem de bedieningsring uit de lagering. 3. De bedieningsring en de lagering op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Drogen met een zachte doek. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Laat de bedieningsring niet weken. Reinig de bedieningsring niet in de vaatwasmachine. |
| Bij het reinigen van de magnetron wordt de binnenruimte heet. | Droogfunctie is ingeschakeld. Wanneer er alleen van de magnetronfunctie gebruik wordt gemaakt, wordt bij de standen 600 W en max automatisch de bovenwarmte ingeschakeld om condens te voorkomen. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed. ▶ U kunt de basisinstelling voor de droogfunctie bij de magnetronfunctie wijzigen. → "Basisinstellingen", Pagina 21 ‒ Neem de informatie over de magnetron in acht. → "Magnetron", Pagina 16 |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | LED-lampje is defect. Opmerking: Verwijder de glazen afdekplaat niet. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 29 |
| Maximale gebruiksduur bereikt. | Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. Er verschijnt een aanwijzing op het display. Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen. 1. Om de werking voort te zetten drukt u op een willekeurig touchveld of draait u aan de bedieningsring. 2. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met uit. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, kunt u een tijdsduur instellen. → "Tijdsduur instellen", Pagina 15 |
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en weer in. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 29 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept, hoeveelheid en levensmiddel afhankelijk. ▶ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel informatie over de bereiding en de passende instelwaarden vindt u op onze homepage www.bosch-home.com. |
Pagina 29
Afvoeren nl
22 Afvoeren
22.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
23 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor opgeleide monteur worden vervangen.
23.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
24 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
24.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
24.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 1 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Bakt u op één niveau, gebruik dan inschuifhoogte 1.
| Bakken op 2 niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Braadslede | 3 |
| Bakplaat | 1 |
| Twee roosters met vormen erop | 3 |
| 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerkingen
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
Pagina 30
nl Zo lukt het
- Bereiding in combinatie met de magnetron is slechts op één niveau mogelijk.
24.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede een niveau onder het rooster in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
LET OP!
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
Instructie voor mensen met nikkelallergie
In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
24.4 Bereiding met magnetron
Als u gerechten met de magnetron klaar maakt, dan kunt u de bereidingstijd aanzienlijk verkorten.
Algemeen
- De bereidingsduur bij gebruik van de magnetron is gebaseerd op het totaalgewicht.
Wilt u een andere dan de opgegeven hoeveelheid klaarmaken, dan helpt de basisregel: Bij een dubbele hoeveelheid is bijna de dubbele bereidingsduur nodig.
- De producten geven warmte af aan het servies. Het servies kan zeer heet worden.
- In het belangrijkste deel van de gebruikershandleiding vindt u informatie, hoe u de magnetron en combi-magnetron instelt.
- → "CombiSpeed", Pagina 18
- → "Magnetron", Pagina 16
Koken of stomen met de magnetron
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken.
- Gebruik voor alle graanproducten, bijvoorbeeld voor rijst, een hoge vorm met deksel. Graan schuimt sterk tijdens het koken. Voeg vloeistof toe overeenkomstig de informatie in het insteladvies.
- Was de levensmiddelen en droog deze niet af. Voeg 1-3 eetlepels water of citroensap toe aan de gerechten.
- Verdeel de gerechten vlak in de vorm. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
- Gebruik zout en specerijen met mate. Bij het bereiden met de magnetron blijft de oorspronkelijke smaak in grote mate behouden.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 2-3 keer.
- Laat het voedsel na het bereiden 2-3 minuten rusten.
Pagina 31
Zo lukt het nl
24.5 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
24.6 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
24.7 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 1 | 160 - 180 | 90 | 30 - 40 |
| Cake, fijn | Langwerpige bakvorm | 1 | 150 - 170 | - | 60 - 80 |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160 - 170 | - | 65 - 85 |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 1. 160 - 180 2. 100 | 1. 180 2. 0 | 1. 30 - 40 2. 20 |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 170 ¹ | - | 30 - 50 |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150 - 160 | - | 50 - 60 |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 160 - 180 | - | 60 - 80 |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 170 - 190 | - | 15 - 30 |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160 - 170 | - | 30 - 40 |
| Koekjes | Bakplaat | 2 | 140 - 160 | - | 15 - 30 |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 130 - 150 | - | 20 - 35 |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 25 - 35 |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 1 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 40 - 50 |
| Brood, op de plaat 1500 g | Langwerpige bakvorm | 1 | 200 - 210 | - | 35 - 45 |
| Plat rond brood | Braadslede | 1 | 250 - 270 | - | 20 - 30 |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 1 | 180 - 200 | - | 25 - 35 |
| Pizza, vers | Bakplaat | 1 | 200 - 220 | - | 20 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
3 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
Pagina 32
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Pizza, vers, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 180 - 200 | - | 35 - 45 |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 1 | 210 - 230 | - | 20 - 30 |
| Quiche | Taartvorm , Zwart blik | 1 | 190 - 210 | - | 30 - 45 |
| Flammkuchen | Braadslede | 1 | 260 - 280 ¹ | - | 10 - 20 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 1 | 200 - 220 | - | 35 - 55 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 1 | 140 - 160 | 360 | 20 - 30 |
| Lasagne, diepvries, 400 g | Open vorm | 1 | 200 - 210 | 180 | 20 - 25 |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 1 | 170 - 180 | - | 50 - 65 |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 1 | 170 - 190 | 360 | 20 - 25 |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Open vorm | 1 | 200 - 220 | - | 60 - 70 |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Gesloten vorm | 1 | 230 - 250 | 360 | 25 - 35 |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 2 | 220 - 230 | - | 30 - 35 |
| Kleine kipdelen, 4 stuks à 250 g | Open vorm | 1 | 190 - 210 | 360 | 20 - 30 |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Open vorm | 1 | 160 - 170 | - | 120 - 150 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 180 - 200 | - | 120 - 130 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 180 - 200 | 180 | 55 - 65 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 180 - 190 | - | 120 - 140 |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Open vorm | 1 | 210 - 220 | - | 40 - 50 |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | - | 130 - 140 |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 200 - 220 | - | 140 - 160 |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 220 - 230 | - | 60 - 70 |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 240 - 260 | 180 | 30 - 40 |
| Burger, 3-4 cm hoog | Rooster | 2 | 3 | - | 20 - 30 ² |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Open vorm | 1 | 170 - 190 | - | 50 - 70 |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Gesloten vorm | 1 | 240 - 260 | 1. 360 2. 180 | 1. 30 2. 35 - 40 |
| Gebraden gehakt, 1 kg, + 50 ml water | Open vorm | 1 | 170 - 190 | 360 | 30 - 40 |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Open vorm | 1 | 170 - 190 | - | 20 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
3 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
Pagina 33
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Rooster | 2 | 2 | 90 | 15 - 20 |
| Groente, vers, 250 g | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 8 - 12 ³ |
| Gebakken aardappels, gehalveerd, 1 kg | Braadslede | 2 | 200 - 220 | 360 | 15 - 20 |
| Gekookte aardappels, in vieren gedeeld, 500 g | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 12 - 15 ³ |
| Rijst met lange korrel, 250 g + 500 ml water | Gesloten vorm | 1 | - | 1. 600 2. 180 | 1. 7 - 9 2. 13 - 16 |
| Gierst, heel, 250 g + 600 ml water | Gesloten vorm | 1 | - | 1. 600 2. 180 | 1. 8 - 10 2. 10 - 15 |
| Polenta of maïsgriesmeel, 125 g + 500 ml water* | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 6 - 8 ³ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
| 1 Het apparaat voorverwarmen. 2 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren. 3 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren. | |
| Dessert Popcorn bereiden met de magnetron WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden! De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen. ▶ Houd altijd de opgaven op de verpakking aan. ▶ Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte. 1. Gebruik een hittebestendige, vlakke glazen vorm, bijv. het deksel van een ovenschaal. Gebruik geen porseleinen of sterk gewelfde borden. 2. Leg de popcornzak volgens de aanwijzingen op de verpakking op de vorm. 3. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. 4. Afhankelijk van het product en de hoeveelheid moet de tijd mogelijk worden aangepast. 5. Verwijder de popcornzak na 1½ minuut en schud deze om zodat de popcorn niet aanbrandt. 6. De popcornzak weer terug plaatsen in de oven en verder laten poffen. Insteladvies voor desserts en compote | 7. Schakel wanneer nog slechts elke 2-3 seconden pofgeluiden te horen zijn het apparaat uit en neem de popcornzak uit de oven. 8. Veeg de binnenruimte na de bereiding schoon. Yoghurt maken 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen. 2. 1 liter melk (3,5 % vet) op 90°C verwarmen op de kookplaat en tot 40°C laten afkoelen. Bij houdbare melk is het verwarmen tot 40°C voldoende. 3. 150 g yoghurt op koelkasttemperatuur door de melk roeren. 4. De massa in kleinere vormen gieten, bijv. in kopjes of kleine glazen. 5. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfolie. 6. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruimte. 7. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. 8. Laat de yoghurt na de bereiding minimaal 12 uur lang rusten in de koelkast. |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte men | Verwar- Temperatuur in Magnetron- Tijdsduur mingsme- °C vermogen in in min. thode W → Pagina 10 |
| Pudding van pudding- Gesloten vorm 1 poeder | - 600 5 - 8 ¹ |
| Yoghurt Portievormen Bodem van de binnenruimte 1 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren. 2 Leg de gesloten zak op de vorm. | 40 - 45 - 8-9 uur |
Pagina 34
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Rijstepap, 125 g + 500 ml melk* | Gesloten vorm | 1 | - | 1. 600 2. 180 | 1. 10 2. 20 - 25 1 |
| Vruchtencompote, 500 g | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 9 - 12 |
| Popcorn voor de magnetron, 1 zak à 100 g ² | Open vorm | 1 | - | 600 | 4 - 6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
1 Het voedsel tussendoor 1 - 2 maal omroeren.
2 Leg de gesloten zak op de vorm.
24.8 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen
Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen of inkoken.
Langzaam garen
Bereid fijn vlees, bijv. zachte delen van rund, kalf, varken, lam, of gevogelte, langzaam bij lage temperatuur.
Gevogelte of vis langzaam garen
Opmerking: Een starttijdvoorkeuze met eindtijd is bij de verwarmingsmethode langzaam garen niet mogelijk.
Vereiste: De binnenruimte is koud.
- 1. Gebruik vers en hygiënisch perfect vlees, zonder bot.
- 2. De vorm op het rooster op niveau 1 in de binnenruimte plaatsen.
- 3. De binnenruimte en de vorm ca. 15 minuten voorverwarmen.
- 4. Het vlees op de kookplaat van alle kanten zeer heet aanbraden.
- 5. Het vlees direct op de voorverwarmde vorm in de binnenruimte van de oven doen.
Houd om ervoor te zorgen dat het klimaat in de binnenruimte gelijk blijft, de deur van de oven tijdens het langzaam garen gesloten.
- 6. Verwijder na het langzaam garen het vlees uit de binnenruimte.
Insteladvies voor langzaam garen
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwarmingsmethode → Pagina 10 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eendenborst, rosé à 300 g | Open vorm | 1 | 6 - 8 | 95 ¹ | 45 - 60 | |
| Varkenshaas, heel | Open vorm | 1 | 4 - 6 | 85 ¹ | 45 - 70 | |
| Runderfilet, 1 kg | Open vorm | 1 | 4 - 6 | 85 ¹ | 90 - 120 | |
| Kalfsmedaillons, 4 cm dik | Open vorm | 1 | 4 | 80 ¹ | 40 - 60 | |
| Lamsrack, zonder been, à 200 g | Open vorm | 1 | 4 | 85 ¹ | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Ontdooien
Ontdooi diepvriesproducten met uw apparaat.
Aanwijzingen voor het ontdooien
- Met de functie "Magnetron" kunt u diepgevroren fruit, groente, gevogelte, vlees, vis of gebak ontdooi- en.
- Neem het diepvriesproduct uit de verpakking om te ontdooien.
- Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
- De insteladviezen gelden voor gerechten met diepvriestemperatuur (-18 °C).
- Ontdooien lukt beter in meerdere stappen. De stappen zijn onder elkaar aangegeven in de aanbevelingen voor instellingen.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 1-2 keer.
Keer grote stukken meerdere malen. Deel het voedsel tussendoor in stukken.
Neem reeds ontdooide stukken uit de binnenruimte.
- Laat de ontdooide producten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.
Pagina 35
Zo lukt het nl
Insteladvies voor het ontdooien
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Brood, 500 g | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 |
| Brood, 500 g | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 |
| Broodjes | Rooster | 1 | 140 - 160 | 90 | 2 - 4 |
| Broodjes | Rooster | 1 | 140 - 160 | 90 | 2 - 4 |
| Gebak, vochtig, 500 g | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 2 2. 10 - 15 |
| Gebak, droog, 750 g | Open vorm | 1 | - | 90 | 10 - 15 |
| Vlees, heel, bijv. braadvlees, rauw vlees, 1 kg | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 15 2. 20 - 30 1 |
| Gehakt, gemengd, 500 g | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 1 |
| Kip, heel, 1,2 kg | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 10 2. 10 - 15 1 |
| Vis, heel, 300 g | Open vorm | 1 | - | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 1 |
| Kleinfruit, 300 g | Open vorm | 1 | - | 180 | 5 - 10 |
| Boter ontdooien, 125 g | Open vorm | 1 | - | 90 | 7 - 9 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
1 Keer het gerecht van 1/2 van de totale tijd.
Opwarmen met de magnetron
Met de magnetron kunt u voedingsproducten opwarmen of in één stap ontdooien en opwarmen.
Bereidingswijze voor het opwarmen met de magnetron
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron.
- Keer of roer het voedsel tussendoor 2-3 keer.
- Laat het voedsel na het bereiden 1-2 minuten rusten.
- De producten geven warmte af aan het servies. Het servies kan zeer heet worden.
- Let op de volgende punten wanneer u babyvoedsel opwarmt:
- Plaats flesjes zonder speen of deksel op het rooster.
- Schud of roer het babyvoedsel goed door na het verwarmen.
- Controleer absoluut de temperatuur van het babyvoedsel.
- Veeg de binnenruimte na het opwarmen droog.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof dan plotseling hevig overkoken en opspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.
LET OP!
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Pagina 36
nl Zo lukt het
Insteladvies voor het opwarmen met de magnetron
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Dranken verwarmen, 200 ml | Open vorm | 1 | - | 1000 | 1 - 3 ¹ |
| Babyvoeding verwarmen, bijv. flesjes melk, 150 ml | Open vorm | 1 | - | 360 | 1 - 3 ¹ |
| Groente, gekoeld, 250 g | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 3 - 8 |
| Bijgerechten, bijv. pasta, balletjes, aardappels, rijst gekoeld | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 5 - 10 |
| Soep, eenpansgerecht, 400 ml gekoeld | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 5 - 7 |
| Schotel, 1 portie gekoeld | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 4 - 8 |
| Ovenschotels, 400 g, bijv. lasagne, aardappelgratin | Open vorm | 1 | 180 - 200 | 180 | 20 -25 |
| Bijgerechten, 500 g, bijv. pasta, balletjes, aardappels, rijst diepvries | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 7 - 10 |
| Soep, eenpansgerecht, 200 ml diepvries | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 4 - 6 ¹ |
| Schotel, 1 portie diepvries | Gesloten vorm | 1 | - | 600 | 11 - 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
1 Het voedsel goed omroeren.
Warmhouden
Aanwijzingen voor het warmhouden
- Voorkom condensvorming wanneer u de verwarmingsmethode "Warmhouden" gebruikt. U hoeft de binnenruimte niet af te nemen.
- U kunt het voedsel afdekken om het uitdrogen te vermijden.
- Houd voedsel niet langer dan 2 uur warm.
- Houd er rekening mee dat vele gerechten bij het warmhouden verder garen.
24.9 Testgerechten
De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1:2013 of IEC 60350-1:2011 en conform EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
Bakken
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
- Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden zonder snel voorverwarmen.
- Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven temperatuur.
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus:
- Braadslede, hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Biscuitgebak
- Wanneer u op 2 niveaus bakt, de springvormen diagonaal boven elkaar op het rooster plaatsen.
Pagina 37
Zo lukt het nl
Insteladvies voor bakken
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 10 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Spritskoekjes | Bakplaat | 1 | 150 - 160 ¹ | 20 - 30 | |
| Spritskoekjes | Bakplaat | 1 | 140 - 150 ¹ | 25 - 35 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 1 | 160 ¹ | 25 - 35 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 1 | 150 ¹ | 20 - 30 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 1 | 150 ¹ | 20 - 30 | |
| Kleine cakes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 ¹ | 30 - 40 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160 - 170 ² | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160 - 170 ² | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
| 1 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. 2 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken. | |
| Insteladvies bij grillen | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in men mingsme- °C / grillstand thode → Pagina 10 | Tijdsduur in min. |
| Toast bruinen Rooster 3 3 | 3 - 6 |
| Bereiding met magnetron | |
| • Schuif wanneer u het rooster gebruikt, het rooster • Schakel voor het testen van alleen de magnetronmet het opschrift Microwave naar de apparaatdeur functie de droogfunctie in de basisinstellingen uit. en de kromming naar beneden gericht in de binnen- → Pagina 21 ruimte. Insteladvies voor het ontdooien met de magnetron | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Magnetronvermo-men mingsme- gen in W thode → Pagina 10 | Tijdsduur in min. |
| Vlees Open vorm 1 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 |
| Insteladvies voor het bereiden met de magnetron | |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Magnetronvermo-men mingsme- gen in W thode → Pagina 10 | Tijdsduur in min. |
| Kandeel Open vorm 1 1. 360 2. 180 | 1. 20 2. 20 - 25 |
| Biscuitgebak Open vorm 1 600 | 7 - 9 |
| Gehaktbrood Open vorm 1 600 | 22 - 27 |
Pagina 38
nl Montagehandleiding
Insteladvies voor het bereiden met de magnetron gecombineerd
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in mingsme- °C thode → Pagina 10 | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Aardappelgratin | Open vorm | 1 | 150 - 170 | 360 | 25 - 30 |
| Gebak | Open vorm | 1 | 190 - 210 | 180 | 12 - 18 |
| Kip | Open vorm | 1 | 180 - 200 | 360 | 25 - 35 ¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
1 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
25 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
25.1 Algemene montage-instructies
Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.
- De inbouwkast mag achter het apparaat geen achterwand hebben. Tussen de wand en de bodem van de kast of de achterwand van de kast erboven dient een afstand van minstens 35 mm te worden aangehouden.
- Ventilatiesleuven en aanzuigopeningen mogen niet worden afgedekt.
- Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. De monteur is aansprakelijk voor schade als gevolg van een verkeerde inbouw.
- Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
- Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
- De contactdoos van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak of buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.
- Draag werkhandschoenen ter voorkoming van snijwonden. Onderdelen die tijdens het inbouwen toegankelijk zijn, kunnen scherpe randen hebben.
- Maataanduidingen van de afbeeldingen in mm.
WAARSCHUWING ‒ Gevaar:
magnetisme!
In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals bijvoorbeeld pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Dragers van elektronische implantaten dienen een afstand van minstens 10 cm tot de bedieningselementen aan te houden.
Pagina 39
Montagehandleiding nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Gebruik geen meervoudige stekkerdozen.
- Gebruik uitsluitend verlengkabels die zijn gecertificeerd, een minimale aderdiameter van 1,5 mm² hebben en die voldoen aan de geldende landelijke veiligheidsvereisten.
- Neem contact op met de service wanneer het netsnoer te kort is.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
LET OP!
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.
- Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
25.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
25.4 Inbouw onder een kookplaat
Wordt het apparaat onder een kookplaat ingebouwd, dan moeten de minimale afmetingen in acht worden genomen, eventueel inclusief onderbouw.
25.3 Inbouw onder een werkblad
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw onder een werkblad in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.
- Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.
- Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.
- Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
Op basis van de vereiste minimale afstand wordt de minimale dikte van het werkblad berekend .
Pagina 40
nl Montagehandleiding
| Type kookplaat | a opbouw in mm | a vlak gemonteerd in mm | b in mm |
|---|---|---|---|
| Inductiekookplaat | 42 | 43 | 5 |
| Inductiekookplaat met doorlopend kookoppervlak | 52 | 53 | 5 |
| Gaskookplaat | 32 | 43 | 5¹ |
| Elektrische kookplaat | 32 | 35 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
1 Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
25.5 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw in een hoge kast in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.
- Om een voldoende ventilatie van het apparaat te waarborgen, is een ventilatie-opening van minimaal 200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sokkelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen. Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.
- Wanneer de bovenkast naast de element-achterwanden nog een achterwand heeft, dient deze verwijderd te worden.
- Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de toebehoren er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.
25.6 Hoekinbouw
Houd de inbouwmaten en de inbouwinstructies bij hoekinbouw aan.
- Om ervoor te zorgen dat de deur van het apparaat kan worden geopend, dient u zich bij de hoekinbouw te houden aan de minimale afmetingen. De maat is afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.
25.7 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
- Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
- De aansluitkabel moet op de achterzijde worden ingestoken tot een klik hoorbaar is. Een 3 m lange aansluitkabel is bij de service verkrijgbaar.
- De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de service verkrijgbaar.
- De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.
Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- Steek de stekker in het stopcontact met randaarde. Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de
Pagina 41
Montagehandleiding nl
vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
In de vast geplaatste elektrische installatie moet een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- 1. Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren.
Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd.
- 2. Volgens het aansluitschema aansluiten.
Zie voor de spanning het typeplaatje.
- 3. De aders van de elektrische aansluitleiding dienen overeenkomstig de kleurcodering te worden aangesloten:
‒ groen-geel = aarddraad ‒ blauw = neutraal- ("nul-") leiding ‒ bruin = fase (buitendraad)
25.8 Apparaat inbouwen
- 1. Het apparaat volledig inschuiven en centrisch uitlijnen.
- 2. Het apparaat vastschroeven.
- 3. Bij greeploze keuken met verticale greeplijst: ‒ Breng een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.
‒ Aluminiumprofielen voorboren, om een schroefverbinding te maken .
‒ Apparaat met adequate schroeven bevestigen .
Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten. Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.
25.9 Apparaat demonteren
- 1. Maak het apparaat spanningsloos.
- 2. Draai de bevestigingsschroeven los.
- 3. Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.