Bosch CMG856RS1, tekst van de handleiding
Pagina's 15–27 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–14verder op pagina 28 →
Pagina 15
Voor het eerste gebruik nl
Voor het eerste gebruik
Voordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren: Reinig daarnaast de binnenruimte en de toebehoren.
Eerste gebruik
Na de stroomaansluiting of een stroomonderbreking verschijnen op het display de instellingen voor het eerste gebruik. Het kan enkele seconden duren tot de melding verschijnt.
Aanwijzing: U kunt deze instellingen op elk moment weer in de basisinstellingen wijzigen.
"Basisinstellingen" op pagina 24
Taal instellen
Als eerste verschijnt de taal. De taal “Deutsch” is standaard ingesteld.
- 1. Met de bedieningsring de gewenste taal instellen.
- 2. Om te bevestigen op het volgende tekstveld tippen. De volgende instelling verschijnt.
Tijd instellen
De tijd start bij “12:00 uur”.
- 1. Op het tekstveld op “Tijd” tippen.
- 2. Met de bedieningsring de tijd instellen.
- 3. Om te bevestigen op het tekstveld “Instellingen afsluiten” tippen.
Op het display verschijnt een melding dat het eerste gebruik is afgesloten
Binnenruimte en toebehoren reinigen
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de toebehoren te reinigen.
Binnenruimte reinigen
Om de geur van het nieuwe te verwijderen, warmt u de lege, gesloten binnenruimte op.
Let erop dat zich geen verpakkingsresten, zoals korreltjes piepschuim, in de binnenruimte bevinden. Neem voor het opwarmen de gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek. Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.
Voer de opgegeven instellingen uit. In het volgende hoofdstuk kunt u lezen hoe u een verwarmingsmethode en temperatuur instelt. "Apparaat bedienen" op pagina 16
| Instellingen | |
|---|---|
| Verwarmingsmethode | Boven- en onderwarmte |
| Temperatuur | 240 °C |
| Tijdsduur | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Schakel het apparaat na de opgegeven tijdsduur uit met de toets on/off .
Wanneer de binnenruimte afgekoeld is, reinigt u de gladde oppervlakken met zeepsop en een schoonmaakdoekje.
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren grondig met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel.
Pagina 16: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 17
Tijdfuncties nl
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat uit met de toets on/off .
Aanwijzing: U kunt op het apparaat ook de tijdsduur en het einde van de werking instellen. "Tijdfuncties" op pagina 17
Wijzigen
Na de start blijft de temperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de temperatuur direct veranderd en overgenomen.
Om de verwarmingstijd te veranderen onderbreekt u eerst het gebruik met de toets start/stop en tipt u op het tekstveld van de verwarmingsmethode. De keuzelijst verschijnt. Tip op de gewenste verwarmingsmethode. Op het display verschijnt de bijbehorende voorgestelde temperatuur.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Snel voorverwarmen
Met de functie Snel voorverwarmen kunt bij enkele verwarmingsmethoden de opwarmtijd verkorten.
Geschikte verwarmingsmethoden voor het snel voorverwarmen zijn:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
Om een gelijkmatig resultaat te krijgen, plaatst u het gerecht en de accessoires pas in de binnenruimte wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
Instellen
Let erop dat u een geschikte verwarmingsmethode en een ingestelde temperatuur van minstens 100 °C. kiest. Anders kan de functie Snel voorverwarmen niet worden geactiveerd.
- 1. Verwarmingsmethode en temperatuur instellen.
- 2. Op het tekstveld “Snel voorverwarmen” tippen. In het tekstveld staat “aan”. Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkt een signaal en er verschijnt een aanwijzing op het display. In het tekstveld staat “uit”. Plaats het gerecht in de binnenruimte.
Aanwijzing: De functie Tijdsduur start tegelijk met het snel voorverwarmen. Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
Afbreken
Om het snel voorverwarmen te beëindigen tipt u opnieuw op het tekstveld “Snel voorverwarmen”. In het tekstveld staat “uit”.
Tijdfuncties
| Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties. | |
| Tijdfunctie | Gebruik |
| • Tijdsduur | Na afloop van een ingestelde tijdsduur eindigt de werking automatisch. |
| • Einde | Voer een tijdsduur en een gewenste eindtijd in. Het apparaat start automatisch, zodat de werking op het gewenste tijdstip beëindigd is. |
| • Kookwekker | De kookwekker functioneert als een eierwekker. Hij loopt onafhankelijk van de werking van het apparaat en andere tijdfuncties.Na afloop van de ingestelde tijd schakelt het apparaat niet automatisch in of uit. |
| U kunt tijdsduur en | einde na het instellen van een |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
functie via de touch-displays oproepen. De kookwekker heeft een eigen veld en kan op elk moment worden ingesteld.
Na afloop van een tijdsduur of wekkertijd klinkt een signaal. U kunt het signaal voortijdig beëindigen door op een veld of touch-display te tippen.
Aanwijzing: In de basisinstellingen kunt u instellen hoelang een signaal klinkt. "Basisinstellingen" op pagina 24
Tijdsduur instellen
U kunt voor uw gerecht op het apparaat de bereidingsduur instellen. Zo wordt de bereidingsduur niet ongewild overschreden en u hoeft andere werkzaamheden niet te onderbreken om het gebruik te beëindigen.
Instellen
Afhankelijk van de richting waarin u de bedieningsring eerst draait, begint de tijdsduur bij een voorgestelde waarde: links 10 minuten, rechts 30 minuten.
De tijdsduur kan tot een uur in stappen van een minuut worden ingesteld, daarna in stappen van 5 minuten.
U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen.
Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:00 uur, tijdsduur 45 minuten.
- 1. Functie en temperatuur of stand instellen.
- 2. Tip voor de start op het tekstveld “Tijdsduur”. Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 3. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen. De eindtijd wordt automatisch berekend.
| P V | |
| P V |
Pagina 18
nl Tijdfuncties
- 4. Starten met de toets start/stop . De tijdsduur loopt af.
| P V P V | |
| P V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
U kunt via het tekstveld “Tijdsduur” opnieuw een tijdsduur instellen of met de toets start/stop de werking voortzetten zonder tijdsduur.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Om de tijdsduur te veranderen tipt u op het tekstveld “Tijdsduur”. De tijdsduur staat in de focus en kan met de bedieningsring worden gewijzigd. De wijziging wordt direct overgenomen.
Wilt u de tijdsduur afbreken, zet hem dan weer helemaal terug op nul. Nadat de wijziging is overgenomen wordt de werking zonder tijdsduur voortgezet.
Einde instellen
U kunt het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt op een later tijdstip zetten. U kunt het gerecht bijv. 's morgens in de binnenruimte plaatsen en zo instellen dat het 's middags klaar is.
Aanwijzingen
- Let erop dat levensmiddelen niet te lang in de binnenruimte staan en bederven.
- Stel geen einde meer in wanneer de werking al gestart is. Het bereidingsresultaat zou dan niet meer kloppen.
Instellen
Het einde van de tijdsduur kan maximaal 23 uur en 59 minuten worden uitgesteld.
Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:00 uur, de ingestelde tijdsduur is 45 minuten en het gerecht moet om 12:00 uur klaar zijn.
- 1. Functie en temperatuur of stand instellen.
- 2. Tijdsduur instellen.
- 3. Tip voor de start op het tekstveld “Einde”.
Op het display staat de berekende eindtijd wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de eindtijd op een later tijdstip zetten.
| P V | ||
| P V | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
- 5. Starten met de toets start/stop .
Op het display staat het tijdstip waarop het apparaat start.
| P V | |
| P V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Het apparaat bevindt zich in de wachtstand. Wanneer het apparaat start, loopt op het display de tijdsduur af.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
U kunt via het tekstveld “Tijdsduur” opnieuw een tijdsduur instellen of met de toets start/stop de werking voortzetten zonder tijdsduur.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Na de start kan de eindtijd niet meer veranderd worden.
Wilt u tijdsduur en einde wissen, onderbreek de werking dan met de toets start/stop . U kunt de werking dan zonder tijdsduur en einde voortzetten.
Pagina 19
De magnetron nl
Kookwekker instellen
De wekker loopt parallel met de andere instellingen.U kunt hem op elk moment instellen, ook wanneer het apparaat uitgeschakeld is. Hij heeft een eigen signaal. Zo hoort u of de wekker of een tijdsduur afgelopen is.
Instellen
De wekkertijd begint altijd bij nul minuten.
Hoe hoger de waarde, des te groter worden de tijdstappen bij het instellen.
U kunt maximaal 24 uur instellen.
- 1. Tip op het veld .
Het symbool is rood verlicht. Op het display staat de wekkertijd wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de wekkertijd instellen.
- 3. Met veld starten.
Aanwijzing: Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.
De wekkertijd loopt af.
De wekker blijft zichtbaar op het display wanneer het apparaat uitgeschakeld is: Wanneer het apparaat in werking is, staan de instellingen van de actieve functie op de voorgrond. Wanneer u op het veld tipt, wordt de wekkertijd enkele seconden weergegeven.
Wanneer de wekkertijd beëindigd is, klinkt er een signaal en verschijnt er een aanwijzing op het display. Het symbool is niet meer verlicht.
Tip: Geldt de ingestelde wekkertijd voor de looptijd van het apparaat, gebruik dan de tijdsduur. De tijd is zichtbaar op de voorgrond en het apparaat gaat automatisch uit.
Wijzigen en afbreken
Om de wekkertijd te veranderen tipt u op het veld . De wekkertijd staat wit in de focus en kan met de bedieningsring worden veranderd.
Wilt u de wekkertijd afbreken, zet de wekkertijd dan weer helemaal op terug. Als de verandering is overgenomen is het symbool niet meer verlicht.
De magnetron
Met de magnetron kunt u de gerechten bijzonder snel bereiden, verwarmen of ontdooien. U kunt de magnetron alleen, of in combinatie met een andere verwarmingsmethode gebruiken.
Om de magnetron optimaal te kunnen gebruiken, dient u de aanwijzingen voor de vormen in acht te nemen. Zie ook de opgaven in de toepassingstabellen aan het einde van de gebruiksaanwijzing.
Vormen
Niet alle vormen zijn geschikt voor de magnetron. Gebruik alleen vormen die geschikt zijn voor de magnetron. Dan worden de gerechten warm en raakt het apparaat niet beschadigd.
Geschikt zijn hittebestendige vormen van glas, glaskeramiek, porselein of temperatuurbestendige kunststof. Deze materialen laten microgolven door. U kunt ook keramiek gebruiken, wanneer dit volledig geglazuurd is en geen barsten vertoont.
U kunt ook servies gebruiken.Zo hoeft u de gerechten niet over te brengen. Gebruik alleen servies met goud- of zilverdecor wanneer de fabrikant garandeert dat het geschikt is voor de magnetron.
Om te bakken en voor gecombineerd gebruik kunt u normale bakvormen van metaal gebruiken. Zo wordt het gebak ook aan de onderkant bruin.
Metalen vormen zijn niet geschikt voor andere toepassingen. Metaal laat geen microgolven door. In gesloten metalen vormen blijven de gerechten koud.
Attentie!
Het ontstaan van vonken: metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm verwijderd zijn van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur. Vonken kunnen de binnenste deurruit aantasten.
Vormtest
Schakel de magnetron nooit in als er geen gerecht in staat. De enige uitzondering hierop is de korte vormtest.
Wanneer u niet zeker weet of een vorm geschikt is voor de magnetron, doet u deze test:
- 1. Plaats de lege vorm ½ - 1 minuut bij maximaal vermogen in het apparaat.
- 2. Controleer tussentijds de temperatuur van de vorm. De vorm moet koud of handwarm blijven.
Wordt hij heet of ontstaan er vonken, dan is hij niet geschikt.
Breek de test af.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Pagina 20
nl De magnetron
Meegeleverde accessoires
Voor gebruik met alleen de magnetron is uitsluitend het meegeleverde rooster geschikt. Door het gebruik van de braadslede of bakplaat kunnen vonken ontstaan en de binnenruimte wordt beschadigd.
Bij gebruik in combinatie met de magnetron of de functie Gerechten kunt u ook gebruikmaken van de braadslede, de bakplaat of andere meegeleverde accessoires.
Bij gebruik met de magnetron kunt u de accessoires, indien niet anders aangegeven, het best op hoogte 1 plaatsen.
Magnetronstanden
U kunt m.b.v. diverse standen verschillende magnetronvermogens gebruiken, geschikt voor uiteenlopende soorten gerechten en manieren van bereiden.
Voor gebruik van de magnetron is altijd een tijdsduur nodig. U kunt de voorgestelde tijdsduur overnemen of in het betreffende bereik veranderen.
| Stand | Gebruik | maximale tijdsduur |
|---|---|---|
| 90 W | voor het ontdooien van kwetsbare gerechten | 1 uur 30 min. |
| 180 W | voor het ontdooien en verder bereiden | 1 uur 30 min. |
| 360 W | voor het bereiden van vlees en het opwarmen van kwetsbare gerechten | 1 uur 30 min. |
| 600 W | voor het opwarmen en bereiden van gerechten | 1 uur 30 min. |
| max. | voor het verwarmen van vloeistoffen | 30 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
De maximale instelling is bestemd voor het verwarmen van vloeistoffen. Ter bescherming van het apparaat wordt het maximale vermogen van de magnetron na enige tijd gereduceerd. Nadat het apparaat enige tijd is afgekoeld is het volle vermogen weer beschikbaar.
Magnetron instellen
Lees voordat u de magnetron instelt de aanwijzingen over de juiste vormen.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Magnetron”.
- 3. Tip op het tekstveld met het gewenste magnetronvermogen.
Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. Bij de magnetron verschijnt de opwarmlijn niet.
Het apparaat start.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.De actuele functie van het apparaat wordt beëindigd. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Na de start blijft de tijdsduur in de focus.Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de tijdsduur direct veranderd en overgenomen.
Om het magnetronvermogen te veranderen de werking met de toets start/stop onderbreken. Op het tekstveld van het gewenste vermogen tippen en de werking met de toets start/stop voortzetten. De tijdsduur blijft behouden.
Wanneer u de magnetron wilt afbreken, de werking met de toets start/stop onderbreken en een andere functie kiezen.
CombiSpeed instellen
Bij enkele verwarmingsmethoden kunt u de magnetron erbij inschakelen.
Geschikte verwarmingsmethoden zijn:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- 7 Circulatiegrillen
- • Grill, groot
- • Grill, klein
Bij CombiSpeed zijn de magnetron-vermogens 90 watt, 180 watt en 360 watt beschikbaar.
Lees voordat u CombiSpeed instelt de informatie over de juiste vormen.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “CombiSpeed”.
- 3. Tip op het tekstveld met de gewenste verwarmingsmethode.
- 4. Tip op het tekstveld met het gewenste magnetronvermogen.
Op het display staat de temperatuur of de stand wit in de focus.
- 5. Met de bedieningsring de temperatuur of stand instellen.
- 6. Tip op het tekstveld “Tijdsduur”.
Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 7. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 8. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat start.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.De actuele functie van het apparaat wordt beëindigd. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Na de start blijft de temperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de temperatuur of de stand veranderd en overgenomen.
Om de tijdsduur te veranderen op het tekstveld “Tijdsduur” tippen en de wijziging doorvoeren met de bedieningsring. De wijziging wordt direct overgenomen.
Pagina 21
Braadthermometer nl
Om de verwarmingstijd of het magnetronvermogen te veranderen dient u de werking eerst met de toets start/ stop te onderbreken. Op het tekstveld met de verwarmingsmethode of het gewenste magnetronvermogen tippen en de wijziging doorvoeren.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode of het magnetronvermogen, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Wilt u CombiSpeed afbreken, onderbreek de werking dan met de toets start/stop en kies een andere functie.
Drogen
U dient de binnenruimte na afloop van het programma droog te maken, zodat er geen vocht achterblijft.
Drogen starten
Tijdens het drogen wordt de binnenruimte verwarmd, zodat er vocht in de binnenruimte verdampt. Open vervolgens de apparaatdeur, zodat de waterdamp uit de binnenruimte verdwijnt.
Attentie!
Schade aan het email: start geen programma of functie wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt. Dit water dient voor gebruik te worden verwijderd.
- 1. Het apparaat af laten koelen.
- 2. Grove verontreiniging in de binnenruimte direct verwijderen en het vocht van de bodem afnemen.
- 3. Zo nodig met de toets on/off het apparaat inschakelen.
- 4. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 5. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 6. Tip op het tekstveld “Drogen”.
De tijdsduur wordt weergegeven. Deze kan niet worden veranderd.
- 7. Starten met de toets start/stop .
Het drogen wordt gestart en na 10 minuten automatisch beëindigd.
- 8. Apparaatdeur openen en 1 tot 2 minuten open laten, zodat het vocht uit de binnenruimte kan ontsnappen.
De binnenruimte handmatig schoonmaken
- 1. Apparaat laten afkoelen.
- 2. Vervuiling uit de binnenruimte verwijderen.
- 3. Binnenruimte met een spons droogmaken.
- 4. Apparaatdeur 1 uur open laten, zodat de binnenruimte helemaal droog wordt.
Braadthermometer
Met de braadthermometer kunt u het eindresultaat exact op uw wensen afstellen. Hij meet de temperatuur binnen in het gerecht. Zodra de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het apparaat automatisch uit.
Verwarmingsmethoden
Niet alle verwarmingsmethoden zijn geschikt voor gebruik met de braadthermometer.
Wanneer u de braadthermometer in de binnenruimte heeft gestoken staan u de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.
| 4D hetelucht | |
| Boven- en onderwarmte | |
| Hetelucht Eco | |
| Boven- en onderwarmte Eco | |
| 7 | Circulatiegrillen |
| Pizzastand |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Aanwijzingen
- De braadthermometer meet de temperatuur binnen in het gerecht tussen 30 °C en 99 °C..
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde braadthermometer. Deze kunt u als accessoire bij de klantenservice bestellen.
- Verwijder de braadthermometer na gebruik altijd uit de binnenruimte. Bewaar deze nooit in de binnenruimte.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer die bestemd is voor het toestel.
Temperatuur van de binnenruimte
Stel de temperatuur niet hoger in dan 250°C, zodat de braadthermometer niet beschadigd raakt.
De ingestelde temperatuur van de binnenruimte moet minstens 10°C hoger zijn dan de ingestelde kerntemperatuur.
De braadthermometer in het gerecht steken
Steek de braadthermometer in het gerecht voordat u het in de binnenruimte plaatst.
De braadthermometer heeft drie meetpunten. Zorg ervoor dat het middelste meetpunt in het gerecht steekt.
Attentie!
Wanneer u ook de magnetron inschakelt, moet de punt van de braadthermometer in het gerecht steken.
Vlees: bij grotere stukken steekt u de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
Bij kleinere stukken steekt u hem aan de zijkant in, op de dikste plaats.
Pagina 22
nl Braadthermometer
Gevogelte: steek de braadthermometer in door de dikste plaats van de borst van het gevogelte tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm. Draai het gevogelte vervolgens en leg het met de borstzijde naar beneden op het rooster.
Vis: steek de braadthermometer in achter de kop, in de richting van de middelste graten tot de aanslag. Hele vis met behulp van een halve aardappel in de ''zwemstand'' op het rooster plaatsen.
Product keren: Wilt u het product keren, verwijder de braadthermometer dan niet. Controleer na het keren van het product of de braadthermometer goed geplaatst is.
Verwijdert u de braadthermometer tijdens het gebruik, dan worden alle instellingen teruggezet en moeten vervolgens opnieuw worden uitgevoerd.
Attentie!
Zorg ervoor dat het snoer van de braadthermometer niet ingeklemd raakt.
Gebruik geen gesloten vormen.
Om te voorkomen dat de braadthermometer beschadigd raakt door een te intensieve hitte, moet de afstand tussen grillelement en braadthermometer enkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Kerntemperatuur instellen
De braadthermometer moet in de bus links in de binnenruimte zijn gestoken.
- 1. Tip op het tekstveld met de gewenste verwarmingsmethode.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de temperatuur van de binnenruimte wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de temperatuur van de binnenruimte instellen.
- 3. Tip op het tekstveld “Kerntemperatuur”.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de kerntemperatuur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de kerntemperatuur instellen.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijd op het display geeft aan hoelang het apparaat al in werking is.
Het apparaat begint op te warmen.
Op het display staat de kerntemperatuur wit in de focus, links de actuele en rechts de ingestelde temperatuur, bijv. “ 15|80°C”. De opwarmlijn geeft ook de kerntemperatuur aan.
Als de ingestelde kerntemperatuur in het product bereikt is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display is de actuele kerntemperatuur gelijk aan de ingestelde, bijv. “ 80|80°C”. Het aflopen van de tijd wordt onderbroken.
Schakel het apparaat uit met de toets on/off en neem de thermometer uit de bus.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Binnenruimte, toebehoren en braadthermometer worden zeer heet. Neem hete toebehoren en de braadthermometer altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Wijzigen
Na de start staat de kerntemperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de kerntemperatuur direct veranderd en overgenomen.
Wilt u de temperatuur van de binnenruimte wijzigen, tip dan eerst op het tekstveld “Temperatuur”.
Om de verwarmingstijd te veranderen dient u de werking eerst met de toets start/stop te onderbreken.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Afbreken
Wilt u het proces afbreken, neem dan de braadthermometer uit de bus en het vlees. Met de toets start/stop kunt u de werking zonder braadthermometer voortzetten.
Pagina 23
Kinderslot nl
Kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen
Gebruik geen diepvriesproducten.De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
Uitgebreide opgaven over de verwarmingsmethode en temperatuur vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 35
| Levensmiddelen Gevogelte | Kerntemperatuur in °C |
|---|---|
| Kip | 80-85 |
| Kipfilet | 75-80 |
| Eend | 80-85 |
| Eendenborst, rosé | 55-60 |
| Kalkoen | 80-85 |
| Kalkoenfilet | 80-85 |
| Gans | 80-90 |
| Varkensvlees | |
| Varkensnek | 85-90 |
| Varkensfilet, rosé | 62-70 |
| Varkensrug, doorbakken | 72-80 |
| Rundvlees | |
| Rosbief of rundvlees, kort gebakken | 45-52 |
| Rosbief of runderfilet, rosé | 55-62 |
| Rosbief of runderfilet, doorbakken | 65-75 |
| Kalfsvlees | |
| Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager | 75-80 |
| Gebraden kalfsvlees, schouder | 75-80 |
| Kalfsschenkel | 85-90 |
| Lamsvlees | |
| Lamsbout, rosé | 60-65 |
| Lamsbout, doorbakken | 70-80 |
| Lamsrug, rosé | 55-60 |
| Vis | |
| Vis, heel | 65-70 |
| Visfilet | 60-65 |
| Diversen | |
| Gebraden gehakt, alle vleessoorten | 80-90 |
| Gerechten opwarmen, regenereren | 65-75 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Kinderslot
Om te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot.
Het bedieningsveld wordt geblokkeerd en er kan niets worden ingesteld. Het apparaat kan alleen met de toets on/off worden uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren of deactiveren terwijl het apparaat uitgeschakeld is.
Druk ca. 4 seconden lang op het veld .
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging. Wanneer het apparaat ingeschakeld is, is het veld rood verlicht. Is het apparaat uitgeschakeld, dan is het veld niet verlicht.
Pagina 24
nl Basisinstellingen
Basisinstellingen
Er zijn verschillende instellingen beschikbaar om uw apparaat optimaal en eenvoudig te kunnen bedienen. U kunt nu deze instellingen naar wens wijzigen:
Basisinstellingen wijzigen
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld met de gewenste instelling. De rode balk aan de zijkant van het tekstveld laat zien welke instelling is gekozen.
Op het display staat de bijbehorende waarde.
- 4. De waarde naar wens met de bedieningsring wijzigen.
- 5. Tip op het tekstveld van de volgende instelling. De bijbehorende waarde verschijnt op het display en kan met de bedieningsring worden gewijzigd.
- 6. De instellingen doorlopen en naar wens wijzigen met de bedieningsring.
Om te bladeren in de instellingen op het tekstveld “Andere instellingen” tippen.
- 7. Ter bevestiging op het veld menu tippen.
Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 8. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Afbreken
Wilt u de instellingen niet opslaan, tip dan op het veld menu en vervolgens op het tekstveld “Niet opslaan”. Er verschijnt een melding op het display dat de eerste instellingen niet opgeslagen zijn.Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Lijst met basisinstellingen
Afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat zijn niet alle basisinstellingen beschikbaar.
| Instelling | Keuze | |
|---|---|---|
| Taal | Andere talen mogelijk | |
| Tijd | Tijd in 24 h formaat | |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten Niet terugzetten* | |
| Geluidssignaal | Korte duur (30 sec.) Gemiddelde duur (1 min.)* Gemiddelde duur (5 min.) | |
| Geluidsvolume | Schaal met 5 standen | |
| Toetssignaal | Ingeschakeld Uitgeschakeld* (geluid bij on/off | blijft) |
| Display-helderheid | 5 standen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
| Tijdsindicatie | Uit Digitaal* Analoog |
|---|---|
| Verlichting | In gebruik uit In gebruik aan* |
| Automatisch voortzetten | Niet automatisch voortzetten* Bij deur sluiten (Alleen voor de functie Magnetron) |
| Kinderslot | Alleen toetsblokkering* Deurvergendeling en toetsblokkering |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu Verwarmingsmethoden* Magnetron CombiSpeed Assist |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld* Ingeschakeld |
| Merklogo | Indicaties* Niet weergeven. |
| Ventilator-nalooptijd | Aanbevolen* Minimaal |
| Sabbatinstelling Ingeschakeld Uitgeschakeld* * Fabrieksinstelling (afhankelijk van het apparaattype kunnen de fabrieksinstellingen afwijken) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
--------
Aanwijzing: Wijzigingen aan de instellingen van de taal, het toetssignaal en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere gaan pas in nadat de instellingen zijn opgeslagen.
Stroomuitval
De door u gewijzigde instellingen blijven ook na een stroomuitval behouden.
Alleen de instellingen voor het eerste gebruik moet u bij een langere stroomonderbreking opnieuw uitvoeren. Het apparaat kan een korte stroomonderbreking overbruggen.
Tijd wijzigen
Wilt u de tijd aanpassen, bijv. veranderen van zomer- in wintertijd, wijzig dan de basisinstelling.
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
Op het display de te kiezen functies.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld “Tijd”.
Op het display verschijnt de tijd.
- 4. Met de bedieningsring de tijd wijzigen.
- 5. Ter bevestiging op het veld menu tippen. Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 6. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Pagina 25
Sabbatinstelling nl
Sabbatinstelling
Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen.De gerechten in de oven blijven warm, zonder dat u deze hoeft in of uit te schakelen.
Sabbatinstelling starten
Voordat u de sabbatinstelling kunt gebruiken, dient u deze in de basisinstelling te activeren.
"Basisinstellingen" op pagina 24
Is de basisinstelling aangepast, dan wordt de sabbatinstelling bij de verwarmingsmethoden als laatste weergegeven.
Het apparaat warmt op met boven- en onderwarmte. Er kan een temperatuur tussen 85 °C en 140 °C worden ingesteld.
De functie Verwarmingsmethoden moet gekozen zijn. De keuzelijst van de verwarmingsmethoden verschijnt in de touch-displays.
- 1. Tip op het tekstveld “Sabbatinstelling”.
Op het display staat de voorgestelde waarde voor de temperatuur wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de gewenste temperatuur instellen.
- 3. Tip voor de start op het tekstveld “Tijdsduur”. Op het display staat de voorgestelde waarde voor de tijdsduur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de gewenste tijdsduur instellen.
Aanwijzing: De eindtijd wordt automatisch berekend maar kan niet worden uitgesteld.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur van de sabbatinstelling beëindigd is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
Aanwijzing: Wanneer u de apparaatdeur opent, wordt de werking niet onderbroken.
Wijzigen en afbreken
Na de start kunnen de instellingen niet meer worden gewijzigd.
Wilt u de sabbatinstelling afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Schoonmaakmiddelen
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Let op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar.
Attentie!
Oppervlakteschade
Gebruik geen
- scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,
- sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,
- harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
- hogedrukreiniger of stoomreiniger of
- speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging.
Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit.
Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst. Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
| Bereik | Schoonmaken |
|---|---|
| Buitenzijde apparaat | |
| Voorzijde van roestvrij staal | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Knststof | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Gelakte oppervlakken | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. |
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
Pagina 26
nl Schoonmaakmiddelen
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden. |
| Binnenzijde apparaat | |
| Emaillen oppervlakken en zelfreinigende oppervlakken | Let op de aanwijzingen voor de oppervlakken van de binnenruimte aan het einde van de tabel. |
| Glazen kapje van de binnenruimteverlichting | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. |
| Deurdichting Niet afnemen! | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. |
| Deurafscherming van roestvrij staal | Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal: Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken. |
| Ramen van roestvrij staal aan de binnenkant van de deur | Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal: Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Verkleuringen kunnen hier niet mee worden verwijderd. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. |
| Rekjes | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
| Uittreksysteem | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal gebruiken. |
| Braadthermometer | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
--------
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen.Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Oppervlakken in de binnenruimte
Achterwand, plafond en zijwanden van de binnenruimte zijn zelfreinigend. Dit kunt u zien aan het ruwe oppervlak.
De bodem van de binnenruimte is geëmailleerd en heeft een gladoppervlak.
Emaillen vlakken reinigen
Reinig de gladde emaillen vlakken met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop of azijnwater. Met een zachte doek nadrogen.
Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke verontreiniging een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken.
De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen.
Aanwijzing: Door voedselresten kan een witte aanslag ontstaan.Dit is een normaal verschijnsel en de werking wordt hierdoor niet beïnvloed.U kunt de voedselresten zo nodig met citroenzuur verwijderen.
Zelfreinigende oppervlakken schoonmaken
De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spatten van het bakken en braden worden door deze laag opgezogen en afgebroken terwijl het apparaat in gebruik is.
Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zichzelf niet meer voldoende reinigen en er donkere vlekken ontstaan, kunnen ze met de reinigingsfunctie worden schoongemaakt. Volg hiervoor de aanwijzingen in het betreffende hoofdstuk op. "Reinigingsfunctie" op pagina 27
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenreiniger op deze oppervlakken komt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Pagina 27
Reinigingsfunctie nl
Apparaat schoon houden
Om te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen.
Tips
- De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden.
- Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk.
- Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken.
- Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan.
Reinigingsfunctie
Met de reinigingsfunctie “EcoClean” worden de zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte gereinigd.
EcoClean
De zelfreinigende oppervlakken (achterwand, plafond en zijwanden) zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spetters tijdens het bakken, braden en grillen worden door deze laag opgezogen en afgebroken als de oven in bedrijf is. Als de oppervlakken niet meer voldoende worden gereinigd en er donkere vlekken ontstaan, kunnen de oppervlakken m.b.v. de reinigingsfunctie worden gereinigd.
Aanwijzing: De toepassingen worden door het apparaat geregistreerd. Het apparaat geeft aan wanneer er een reiniging wordt aanbevolen. Deze melding wordt weergegeven tot de reiniging volledig is uitgevoerd.
Wanneer u hieraan geen gehoor geeft, kan er schade aan de zelfreinigende oppervlakken ontstaan.
Is uw apparaat al voortijdig sterk vervuild of ziet u donkere vlekken op de achterwand, wacht dan niet met de reiniging tot deze melding verschijnt. Hoe vaker de reiniging namelijk wordt uitgevoerd, des te langer is gegarandeerd dat de zelfreinigende oppervlakken gereinigd kunnen worden. U kunt uw apparaat op elk moment naar wens reinigen m.b.v. de reinigingsfunctie.
Voor de reiniging
Neem de rekjes, uitschuifrails, toebehoren en vormen uit de binnenruimte.
De bodem van de binnenruimte en de binnendeur van het apparaat reinigen
Verwijder grove verontreiniging die zich op de bodem en bij de verlichting van de binnenruimte en op de binnendeur van het apparaat bevindt.Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden.
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenspray op deze oppervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reingingshulp gebruiken.