naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch CSG636BS3, tekst van de handleiding

Pagina's 2–13 van 48 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← begin van de handleidingverder op pagina 14 →

Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 2

nl Veiligheid

Inhoudsopgave

GEBRUIKERSHANDLEIDING

26.1 Algemene montage-instructies......................... 41

1 Veiligheid

Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.

1.1 Algemene aanwijzingen

1.2 Bestemming van het apparaat

Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

om voedsel en dranken te bereiden.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.

1.3 Inperking van de gebruikers

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.

Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

Pagina 3

Veiligheid nl

1.4 Veiliger gebruik

Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.

→ "Accessoires", Pagina 10

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

Accessoires of vormen worden zeer heet.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

Het apparaat en de delen ervan die aangeraakt kunnen worden kunnen scherpe randen hebben.

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten en kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren.

→ "Materiële schade vermijden", Pagina 5

Pagina 4

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar:

magnetisme!

In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

1.5 Stoom

Houd deze instructie aan wanneer een een stoomfunctie gebruikt.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Wanneer het apparaat de volgende keer wordt gebruikt kan het water in de tank sterk worden verhit.

Er ontstaat hete damp in de binnenruimte.

Tijdens het uitnemen van de accessoires kan hete vloeistof over de rand stromen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Door hete oppervlakken in de binnenruimte kunnen dampen van brandbare vloeistoffen vlam vatten (explosieve verbranding). De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

Pagina 5

Materiële schade vermijden nl

2 Materiële schade vermijden

2.1 Algemeen

LET OP!

Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.

Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Wanneer er wordt afgekoeld terwijl de apparaatdeur open staat, raken aangrenzende meubelfronten op den duur beschadigd.

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

2.2 Stoom

Volg deze aanwijzingen op wanneer u de stoomfunctie gebruikt.

LET OP!

Bakvormen van silicone zijn niet geschikt voor gecombineerd gebruik met stoom.

Bij gebruik met de stoommethoden ontstaat veel waterdamp. Condens, dat zich in de lekgoot onder de binnenruimte verzamelt, kan overstromen en aangrenzende meubels beschadigen.

Wanneer er kalkoplosmiddel op het bedieningspaneel of andere gevoelige oppervlakken terechtkomt raken deze beschadigd.

Pagina 6

nl Milieubescherming en besparing

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooien.

Opmerking:

Het apparaat verbruikt:

in gebruik met ingeschakeld display max. 1 W in gebruik met uitgeschakeld display max. 0,5 W

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningspaneel

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

5

De toetsen links en rechts van het bedieningspaneel hebben een drukpunt. De toetsen dienen te worden ingedrukt. Bij apparaten zonder roestvrijstalen front zijn de toetsen eveneens touchvelden.

Touchvelden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.

Op de touchdisplays ziet u actuele keuzemogelijkheden. Om een functie te kiezen, direct op het betreffende veld drukken. Afhankelijk van de keuze veranderen de tekstvelden.

U kunt de bedieningsring onbegrensd naar links of rechts draaien. Licht op de bedieningsring drukken en in de gewenste richting bewegen.

Op het display ziet u actuele instelwaarden of teksten met aanwijzingen.

Pagina 7

Uw apparaat leren kennen nl

4.2 Knoppen

Met de toetsen links en rechts aan het bedieningspaneel schakelt u uw apparaat of de werking in en uit.

ToetsFunctieGebruik
on/offApparaat in- of uitschakelen.
start/stopKort indrukken: werking starten of onderbreken. Ca. 3 seconden ingedrukt houden: werking afbreken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.3 Touchvelden

Met de touchvelden selecteert u verschillende functies direct. Het touchveld van de actueel gekozen functie brandt rood.

TouchveldFunctieGebruik
MenuFunctiekeuze-menu openen. → "Functies", Pagina 8
TimerWekker selecteren.
InformatieExtra informatie bij een functie of instelling laten weergeven.
KinderslotCa. 4 seconden ingedrukt houden: kinderslot activeren of deactiveren.
Bedieningspaneel openenBedieningspaneel openen om de watertank te verwijderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.4 Touch-displays

De touchdisplays zijn zowel indicaties als bedieningselementen.

De touchdisplays zijn in meerdere tekstvelden onderverdeeld. De tekstvelden tonen u actuele keuzemogelijkheden en reeds uitgevoerde instellingen. Om een functie te kiezen, op het betreffende veld drukken. De gekozen functie wordt aan de zijkant van het tekstveld gekenmerkt door een rode, verticale balk. De waarde hiervoor wordt op het display → Pagina 7 in het wit geaccentueerd.

Een kleine rode pijl aan de zijkant van het tekstveld geeft aan naar welke functie u terug kunt bladeren.

4.5 Bedieningsring

Met de bedieningsring wijzigt u de instelwaarden die op het display worden weergegeven en bladert u in de touchdisplays.

Wanneer u bij een instelling de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de bedieningsring opnieuw terug.

4.6 Display

Het display toont u de actuele instelwaarden op verschillende niveaus.

Waarde op de voorgrond

De waarde op de voorgrond is in het wit geaccentueerd. U kunt de waarde met de bedieningsring direct wijzigen. Na het starten van een functie is de temperatuur of de stand op de voorgrond.

Waarde op de achtergrondWaarden op de achtergrond zijn in het grijs weergegeven. Om de waarde met de bedieningsring te wijzigen, kiest u voordien de gewenste functie.
VergrotingZolang u met de bedieningsring een waarde wijzigt, wordt alleen deze waarde vergroot weergegeven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Ringlijn

Aan de buitenkant van het display bevindt zich de ringlijn.

Wanneer u een waarde wijzigt, toont de ringlijn u waar u zich in de keuzelijst bevindt. Afhankelijk van het instelgebied en de lengte van de keuzelijst is de ringlijn ononderbroken of verdeeld in segmenten.

Tijdens het gebruik toont de ringlijn de voortgang en wordt de ringlijn per seconde rood gevuld.

Bij een aflopende tijdsduur verdwijnt er elke seconde een segment van de ringlijn.

Temperatuurindicatie

De opwarmingslijn en de restwarmte-indicatie tonen u de temperatuur in de binnenruimte.

Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.

Na het starten van de functie wordt de witte lijn onder de temperatuur rood gevuld naarmate de binnenruimte opgewarmd raakt. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van de gerechten bereikt zodra de lijn geheel rood gevuld is.

Bij instelstanden, bijv. bij grillstanden, is de opwarmingslijn direct rood gevuld.

Pagina 8

nl Functies

Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft de ringlijn de restwarmte in de binnenruimte weer. Hoe geringer de restwarmte wordt, des te donkerder kleurt de ringlijn, en op een geven moment verdwijnt hij helemaal.

4.7 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.

→ "Accessoires", Pagina 10

Uw apparaat heeft 3 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

→ "Rekjes", Pagina 26

Zelfreinigende oppervlakken

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.

Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

→ "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 23

Verlichting

Een of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruimte.

Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer dan 15 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodra het gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëindigd, schakelt de verlichting uit.

Koelventilator

De koelventilator schakelt afhankelijk van de temperatuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnapt via de deur.

LET OP!

De ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet afdekken. Het apparaat raakt oververhit.

De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking niet automatisch voortgezet.

Watertank

De watertank hebt u nodig voor de stoommethoden. De watertank bevindt zich achter het bedieningspaneel. → "Watertank vullen", Pagina 16

1 Tankdeksel

2

Opening voor het vullen en leegmaken

Handgreep voor het verwijderen en inschuiven van de watertank

3

5 Functies

Hier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere functies van uw apparaat.

Om het menu te openen op drukken.

FunctieGebruik
Verwar-mingsmethodenFijn afgestemde verwarmingsmethoden voor een optimale bereiding van uw gerechten kiezen.
→ "Verwarmingsmethoden", Pagina 9

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Functie

Assist

Stoom

Gebruik

Geprogrammeerde, aanbevolen instellingen voor verschillende gerechten gebruiken.

→ "Assist", Pagina 19

Met stoommethoden gerechten behoedzaam bereiden.

→ " Stoom", Pagina 16

Pagina 9

Functies nl

FunctieGebruik
ReinigenReinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen.
→ "Reinigingsondersteuning", Pagina 24 → "Ontkalken", Pagina 24

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

FunctieGebruik
BasisinstellingenBasisinstellingen aanpassen. Basisinstellingen → Pagina 21

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

5.1 Verwarmingsmethoden

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.

Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.

Bij temperatuurinstellingen boven 275 °C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten tot ca. 275 °C resp. grillstand 1.

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
4D hete lucht30 - 250 °COp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Boven- en onderwarmte30 - 250 °CTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven.
Hetelucht Eco30 - 250 °CGekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 125 - 250 °C.
Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.
Boven- en onderwarmte Eco30 - 250 °CGekozen gerechten voorzichtig garen.
De warmte komt van boven en van onderen.
Het meest doeltreffend is de verwarmingsmodus tussen 150-250 °C.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.
Circulatiegrillen30 - 250 °CGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, grootGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren.
Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
Grill, kleinGrillstanden: 1 = zwak
2 = gemiddeld 3 = sterk
Kleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren.
Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet.
Pizzastand30 - 250 °CPizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben.
Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.
Langzaam garen70 - 120 °CKort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en langzaam garen.
De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van boven en van onderen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Pagina 10

nl Accessoires

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurbereikGebruik en werkwijze Eventuele extra functies
Onderwarmte30 - 250 °CGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
Warm houden60 - 100 °CGegaarde gerechten warmhouden.
Servies voorverwarmen30 - 70 °CServies voorverwarmen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

5.2 Stoommethoden

Hier vindt u een overzicht van de stoommethoden en het gebruik ervan.

SymboolVerwarmingsmethodeTemperatuurGebruik
Stomen30 - 100 °CGroente, vis en bijgerechten klaarmaken. Fruit uitpersen. Levensmiddelen blancheren.
Regenereren80 - 180 °CBordgerechten en bakwaren behoedzaam opnieuw opwarmen. Door de toegevoerde stoom drogen de gerechten niet uit.
Deeg-rijsstand30 - 50 °CLaten rijzen van deeg, rijpen van yoghurt.
Het deeg rijst duidelijk sneller dan bij kamertemperatuur. Het oppervlak van het deeg droogt niet uit.
Ontdooien30 - 60 °CGroente, vlees, vis en fruit behoedzaam ontdooien.
Door de vochtigheid droogt u gerechten niet uit en vervormt u ze niet.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

6 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

AccessoiresGebruik
RoosterBakvormen
Ovenschalen
Vormen
Vlees, bijv. braad- of grillstukken Diepvriesgerechten
BraadsledeVochtig gebak
Gebak
Brood
Grote braadstukken
Diepvriesgerechten
Afdruipende vloeistof opvangen, bijv. vet bij het grillen op het rooster of water bij het gebruik met stoom.
Stoombak zonder gaatjes, grootte SBereiden van:
Rijst
Peulvruchten
Granen
De stoomschaal op het rooster plaatsen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Pagina 11

Accessoires nl

AccessoiresGebruik
Stoombak met gaatjes, grootte S• Groente stomen.
• Kleinfruit uitpersen.
• Ontdooien.
De stoomschaal op het rooster plaatsen.
Stoombak met gaatjes, grootte XLGrote hoeveelheden stomen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

6.1 Aanwijzingen bij het toebehoren

Sommig toebehoren is alleen voor bepaalde functies geschikt.

Stoomschalen

De stoomschalen zijn voor de zuivere stoommethoden tot 120 °C geschikt.

Voor hogere temperaturen of andere verwarmingsmethoden zijn de stoomschalen niet geschikt. De schalen verkleuren en vervormen permanent.

6.2 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

Rooster

Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.

Plaat De plaat met de afschuining gericht bijv. braad- naar de ovendeur in de oven slede of schuiven.

bakplaat

6.3 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

Stoombak met gaatjes, grootte XL

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Pagina 12

nl Voor het eerste gebruik

Rooster op braadslede

6.4 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

www.bosch-home.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

7 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Kalibreer het apparaat. Reinig het apparaat en de accessoires.

7.1 Vóór het eerste gebruik

Informeer voor de eerste ingebruikneming bij uw waterbedrijf naar de waterhardheid van uw leidingwater. Om ervoor te zorgen dat het apparaat u er op het juiste moment aan kan herinneren dat u dient te ontkalken, dient u de juiste waterhardheid in te stellen.

LET OP!

Wanneer een verkeerde waterhardheid is ingesteld, dan kan het apparaat u niet tijdig aan het ontkalken herinneren.

Schade aan het apparaat door gebruik van ongeschikte vloeistoffen.

Kans op functiestoringen bij het gebruik van gefilterd of gedemineraliseerd water. Het apparaat vraagt eventueel om na te vullen terwijl de watertank vol is, of de stoomfunctie wordt na ongeveer 2 minuten afgebroken.

Tip: Gebruikt u mineraalwater, stel dan waterhardheid op “zeer hard“ in. Gebruikt u mineraalwater, gebruik dan uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur.

Tip: Wanneer uw leidingwater sterk kalkhoudend is, adviseren wij u onthard water te gebruiken. Gebruikt u uitsluitend onthard water, stel dan het waterhardheidbereik in op "onthard".

InstellingWaterhardheid in mmol/ lDuitse hardheid °dHFranse hardheid °fH
00 (onthard)¹---
01 (zacht)tot 1,5tot 8,4tot 15
02 (gemiddeld)1,5-2,58,4-1415-25
03 (hard)2,5-3,814-21,325-38
04 (zeer hard)²hoger dan 3,8hoger dan 21,3hoger dan 38

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

1 Alleen instellen wanneer er uitsluitend onthard water wordt gebruikt.

2 Ook voor mineraalwater instellen. Uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur gebruiken.

7.2 Eerste keer in gebruik nemen

Na het aansluiten op het elektriciteitsnetwerk of na een langere stroomuitval dient u de instellingen voor de eerste ingebruikname van uw apparaat uit te voeren. Het kan enkele seconden duren tot op het display de instellingen verschijnen.

Mogelijke instellingen:

Pagina 13

De Bediening in essentie nl

7.3 Het apparaat kalibreren en reinigen voor het eerste gebruik

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u het te kalibreren en de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Opmerking: De kooktemperatuur van het water is afhankelijk van de luchtdruk. Bij het kalibreren stelt het apparaat zich tijdens het eerste stomen in op de drukverhoudingen op de plaats van opstelling.

Tijdens het kalibreren de apparaatdeur niet openen. Het kalibreren wordt anders afgebroken.

Vereiste: De binnenruimte is koud of op kamertemperatuur.

→ "Watertank vullen", Pagina 16

VerwarmingsmethodeStomen
Temperatuur100 °C
Bereidingstijd30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

→ "De Bediening in essentie", Pagina 13

‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Volgende instellingen uitvoeren:

Verwarmingsmethode4D hetelucht
Temperatuurmaximaal
Bereidingstijd30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

→ "De Bediening in essentie", Pagina 13

‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.

Opmerking: Na een stroomuitval blijft de kalibrering behouden.

Om het apparaat na een verhuizing aan de nieuwe opstellingslocatie aan te passen, zet u de basisinstellingen naar de fabrieksinstelling terug. De eerste ingebruikneming en de kalibrering opnieuw uitvoeren.

8 De Bediening in essentie

8.1 Apparaat inschakelen

8.2 Apparaat uitschakelen

Schakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaat het automatisch uit.

8.3 In werking stellen

Elke functie moet u starten.

LET OP!

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

8.4 Werking onderbreken of afbreken

U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.

‒ Kort op drukken.

‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.

← begin van de handleidingverder op pagina 14 →Inhoud