Bosch CSG7364B1, tekst van de handleiding
Pagina's 2–13 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina 1verder op pagina 14 →
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de QR-code op de titelpagina.
Inhoudsopgave
GEBRUIKERSHANDLEIDING
1 Veiligheid ................................................................. 2
2 Materiële schade vermijden ................................... 5
3 Milieubescherming en besparing .......................... 6
4 Uw apparaat leren kennen ...................................... 6
5 Functies .................................................................... 8
6 Accessoires ........................................................... 10
7 Voor het eerste gebruik ........................................ 12
8 De Bediening in essentie ...................................... 14
9 Snel voorverwarmen ............................................. 15
10 Tijdfuncties .......................................................... 16
11 Stoom ................................................................... 17
12 Kerntemperatuurmeter ....................................... 20
13 Gerechten ............................................................ 22
14 Favorieten ............................................................ 24
15 Kinderslot ............................................................ 25
- 16 Basisinstellingen ................................................
- 17 Home Connect ...................................................
- 18 Reiniging en onderhoud ....................................
- 19 Reinigingsondersteuning ..................................
- 20 Ontkalken ............................................................
- 21 Drogen .................................................................
- 22 Apparaatdeur ......................................................
- 23 Rekjes ..................................................................
- 24 Storingen verhelpen ...........................................
- 25 Afvoeren ..............................................................
- 26 Servicedienst ......................................................
- 27 Informatie over vrije software en opensourcesoftware ...............................................................
- 28 Conformiteitsverklaring .....................................
- 29 Zo lukt het ............................................................
30 MONTAGEHANDLEIDING .................................. 30.1 Algemene montage-instructies ......................
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Definitie van de signaalwoorden
Hier vindt u de betekenis van de in deze handleiding gebruikte signaalwoorden.
WAARSCHUWING
Neem deze aanwijzingen in acht om mogelijk ernstig of dodelijk letsel te vermijden.
LET OP
Neem deze aanwijzingen in acht om schade aan het apparaat of andere materiële schade te vermijden.
Opmerking: Dit wijst u op belangrijke informatie.
1.2 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.3 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om voedsel en dranken te bereiden.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Pagina 3
Veiligheid nl
1.4 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.5 Veiliger gebruik
Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.
"Accessoires", Pagina 10
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.
- Plaats nooit bakpapier bij het voorverwarmen en tijdens het bereiden los op het accessoire.
- Bakpapier altijd op maat maken en verzwaren met een vorm.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
Accessoires of vormen worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen. Het apparaat en de delen ervan die aangeraakt kunnen worden kunnen scherpe randen hebben.
- Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen.
- Draag indien mogelijk veiligheidshandschoenen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten en kan de apparaatdeur open-
Pagina 4
nl Veiligheid
springen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. "Materiële schade vermijden", Pagina 5
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Neem contact op met de klantenservice. Pagina 40
Na de installatie van het apparaat mogen de openingen in de achterwand van het apparaat niet toegankelijk zijn.
- Houd het speciale installatievoorschrift aan.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
1.6 Stoom
Houd deze instructie aan wanneer een een stoomfunctie gebruikt.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Wanneer het apparaat de volgende keer wordt gebruikt kan het water in de tank sterk worden verhit.
- Na gebruik van de stoomfunctie moet de tank altijd worden leeggemaakt.
Er ontstaat hete damp in de binnenruimte.
- Tijdens het gebruik van de stoomfunctie mag u niet met uw handen in de binnenruimte komen.
Tijdens het uitnemen van de accessoires kan hete vloeistof over de rand stromen.
- Hete accessoires voorzichtig verwijderen, met de ovenwant.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Door hete oppervlakken in de binnenruimte kunnen dampen van brandbare vloeistoffen vlam vatten (explosieve verbranding). De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.
- Doe geen ontvlambare vloeistoffen (bijv. alcoholhoudende dranken) in de watertank.
- Vul de watertank uitsluitend met water of de door ons aanbevolen ontkalkingsoplossing.
Pagina 5
Materiële schade vermijden nl
1.7 Braadthermometer
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.
- Gebruik alleen de braadthermometer die voor dit apparaat bestemd is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De kerntemperatuurmeter is puntig.
- Ga voorzichtig om met de kerntemperatuurmeter.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP
Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat er warmteophoping door voorwerpen op de bodem van de binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
- Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welke soort dan ook op de bodem van de binnenruimte leggen.
- Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van minder dan 50°C ingesteld is.
Door siliconevormen, of silicone houdende bakfoliën, afdekkingen of accessoires kan de baksensor beschadigd raken. Ook wanneer de baksensor niet actief is, kan er schade ontstaan.
- Geen siliconevormen of silicone houdende bakfoliën, afdekkingen of accessoires gebruiken.
Silicone-gecoat bakpapier mag worden gebruikt.
- Nooit voorwerpen van silicone in de binnenruimte bewaren.
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Laat na het gebruik de binnenruimte drogen.
- Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte.
- Bewaar geen gerechten in de binnenruimte.
- Klem niets tussen de apparaatdeur.
Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.
- De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken.
- Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.
- Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.
- Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen.
- Geen vormen of accessoires op de apparaatdeur plaatsen.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.
- Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen.
Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanente verkleuringen ontstaan.
- Aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in contact komen met de deurruit.
2.2 Stoom
Volg deze aanwijzingen op wanneer u de stoomfunctie gebruikt.
LET OP
Vormen met roestplekken kunnen corrosie veroorzaken in de binnenruimte. De kleinste plekken kunnen al corrosie in de binnenruimte veroorzaken.
- Gebruik geen vormen die roestplekken vertonen. Door afdruipende vloeistof raakt de bodem van de binnenruimte vervuild.
- Plaats bij het stomen met een bak met gaatjes altijd de bakplaat, de braadslede of de bak zonder gaatjes eronder. Lekkende vloeistof wordt opgevangen. Heet water in de watertank kan het stoomsysteem beschadigen.
- Vul de watertank uitsluitend met koud water.
Pagina 6
nl Milieubescherming en besparing
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
Bij gebruik met de stoommethoden ontstaat veel waterdamp. Condens, dat zich in de lekgoot onder de binnenruimte verzamelt, kan overstromen en aangrenzende meubels beschadigen.
- Open tijdens het gebruik de apparaatdeur niet of zo weinig mogelijk.
Wanneer er kalkoplosmiddel op het bedieningspaneel of andere gevoelige oppervlakken terechtkomt raken deze beschadigd.
- Kalkoplossingsmiddel direct met water verwijderen.
Wanneer de watertank in de vaatwasser wordt gereinigd veroorzaakt dit schade.
- De watertank niet reinigen in de vaatwasmachine.
- Reinig de watertank met een zachte doek en een in de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel.
Wanneer meerdere keren stoom achter elkaar wordt gebruikt, zonder steeds de binnenruimte en de condensbak daarna droog te maken, dan kan het verzamelde water overlopen en meubelfronten resp. meubelbodems beschadigen.
- Veeg na elke stoomgebruik de binnenruimte en de condensbak droog.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het recept of de instellingsadviezen dat aangeven.
"Zo lukt het", Pagina 41
Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan bespaart u tot wel 20% energie.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.
Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.
De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.
Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.
De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewarmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat vervolgens wordt gebakken korter.
4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.
Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. De restwarmte is voldoende om het gerecht verder te bereiden.
Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te worden.
Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooi- en.
Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voedsel te ontdooien.
Het display in de basisinstellingen uitschakelen. "Basisinstelingen", Pagina 25
Er wordt energie bespaard wanneer het display wordt uitgeschakeld.
Opmerking: Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzake ecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakelde toestand sprake van een andere toestand. Deze wordt hierna als spaarstand aangeduid.
Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het apparaat energie nodig voor:
Detectie van de bediening van de sensortoetsen Bewaking van de deuropening
Bewerking van de tijd (zonder display) Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nog van een "standby-stand", en daarom wordt de aanduiding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaarstand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden gebruikt.
Pagina 7
Uw apparaat leren kennen nl
1
- 2 2
Display met instelring
Via het display stelt u met behulp van de digitale instelring het apparaat in.
U ziet de actuele instelwaarden, keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten.
"Display", Pagina 7
Knoppen
Met de knoppen stelt u de verschillende functies direct in.
"Knoppen", Pagina 7
4.2 Knoppen
Met de knoppen kiest u de verschillende functies direct.
| Knop | Functie |
|---|---|
| Apparaat in- of uitschakelen. "De Bediening in essentie", Pagina 14 | |
| Functiekeuze-menu openen. "Functies", Pagina 8 | |
| Functie favorieten direct kiezen. "Favorieten", Pagina 24 | |
| Eén instelling terug gaan. | |
| Werking starten of onderbreken. "De Bediening in essentie", Pagina 14 | |
| Timer selecteren. "Wekker instelen", Pagina 17 | |
| Ca. 4 seconden ingedrukt houden: kinderslot activeren. "Kinderslot", Pagina 25 | |
| Bedieningspaneel openen om de watertank te verwijderen. "Watertank vulen", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
4.3 Display
Het display is in verschillende gebieden onderverdeeld.
Digitale instelring
Met de digitale instelring op het display verandert u de instelwaarden.
Wanneer u bij een instelling de minimale of maximale waarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het display staan. Draai indien nodig de waarde met de instelring weer terug.
Fijne instelwaarden
Om fijne instelwaarden in te stellen, bijv. op de minuut nauwkeurige tijd, het betreffende gebied in de instelring ca. 1 - 2 seconden ingedrukt houden. De fijnere instelwaarden worden in punten weergegeven.
Statusindicatie
Van boven op het display wordt statusinformatie weergegeven.
| Symbool | Betekenis |
|---|---|
| Timer is geactiveerd. "Wekker instelen", Pagina 17 | |
| Kinderbeveiliging is geactiveerd. "Kinderslot", Pagina 25 | |
| WiFi-signaalsterkte voor Home Connect. Hoe meer lijntjes van het symbool gevuld zijn, des te beter is het signaal. Wanneer het symbool is doorgestreept , dan is er geen WiFi-signaal. Wanneer er een "x" bij symbool is, dan is er geen verbinding met de Home Connect server. "Home Connect ", Pagina 27 | |
| Start op afstand met Home Connect is geactiveerd. "Home Connect ", Pagina 27 | |
| Diagnose op afstand met Home Connect voor onderhoud is geactiveerd. "Home Connect ", Pagina 27 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Instelbereik
In het midden van het display is het instelbereik. In het instelbereik ziet u actuele keuzemogelijkheden en reeds uitgevoerde instellingen.
Het menu en andere instelmogelijkheden zijn horizontaal aangebracht. Keuzelijsten bij functies zijn verticaal gerangschikt. Om in het instelbereik te bladeren, veegt u over het display. Om een functie te kiezen, op de functie in het display drukken.
"Functie instelen", Pagina 14
Mogelijke symbolen in het instelbereik
| Symbool | Betekenis |
|---|---|
| Instelwaarde bevestigen. | |
| Instelwaarde resetten. | |
| Tijdens het gebruik instelwaarde wijzigen. | |
| Gebruik verlengen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Opmerking: Een blauwe markering "new" of een blauwe stip bij een functie geeft aan dat met de Home Connect app een nieuwe functie, een nieuwe favoriet of een update op uw apparaat werd gedownload.
4.4 Binnenruimte
Verschillende functies in de binnenruimte ondersteunen bij het gebruik uw apparaat.
Rekjes
U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte schuiven.
"Accessoires", Pagina 10
7
Pagina 8
nl Functies
Uw apparaat heeft 3 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.
De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.
"Rekjes", Pagina 36
Zelfreinigende oppervlakken
De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.
Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.
"Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren", Pagina 30
Verlichting
Een of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruimte.
Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de verlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer dan ca. 18 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodra het gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëindigd, schakelt de verlichting uit.
Koelventilator
De koelventilator schakelt afhankelijk van de temperatuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnapt via de deur.
LET OP
Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit.
- Dek de ventilatiesleuven niet af.
Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit het kookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilator na bedrijf nog een bepaalde tijd na.
Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisinstellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten bereidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan stelt u een langere nalooptijd in.
"Basisinstelingen", Pagina 25
Apparaatdeur
Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur, dan wordt de werking automatisch voortgezet.
Watertank
De watertank hebt u nodig voor de stoom-verwarmingsmethoden.
De watertank bevindt zich achter het bedieningspaneel. "Watertank vulen", Pagina 17
Tankdeksel
Opening voor het vullen en leegmaken
Handgreep voor het verwijderen en inschuiven
5 Functies
Hier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere functies van uw apparaat.
Om het menu te openen op drukken.
| Functie | Gebruik |
|---|---|
| Verwar-mingsmethoden | Fijn afgestemde verwarmingsmethoden voor een optimale bereiding van uw gerechten kiezen. "Verwarmingsmethoden", Pagina 9 "De Bediening in essentie", Pagina 14 |
| Stoom | Met stoomverwarmingsmethoden gerechten behoedzaam bereiden. "Stoom", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
8 Functie
Favorieten
Gerechten
Reiniging
Gebruik
Eigen opgeslagen instellingen gebruiken. "Favorieten", Pagina 24
Geprogrammeerde, aanbevolen instellingen voor verschillende gerechten gebruiken.
"Gerechten", Pagina 22
Reinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen.
"Reinigingsondersteuning", Pagina 31 "Ontkalken", Pagina 31 "Drogen", Pagina 32
Pagina 9
Functies nl
| Functie | Gebruik |
|---|---|
| Basisinstellingen | Basisinstellingen aanpassen. "Basisinstelingen", Pagina 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
Home Connect
Met Home Connect kunt u de oven met een mobiel eindapparaat verbinden en op afstand bedienen om de volledige functionaliteit van het apparaat te benutten.
Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Home Connect app extra of uitgebreide functies voor uw apparaat benutten. Informatie daarover kunt u vinden in de app.
"Home Connect ", Pagina 27
5.1 Verwarmingsmethoden
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.
Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.
Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt de waarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied.
Bij grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten naar grillstand 1.
| Symbool | Verwarmingsmethode | Temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|---|
| 4D-hetelucht | 30 - 250°C | Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. | |
| Boven- en onderwarmte | 30 - 250°C | Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. | |
| Milde hetelucht | 125-250 °C | Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt. | |
| Air Fry | 30 - 250°C | Knapperig garen op een niveau met weinig vet. Bijzonder geschikt voor normaal in vet gefrituurde gerechten, bijv. frites. De ventilator wervelt met hoge snelheid de hitte van de grillelementen rond het gerecht. De afvoerlucht wordt versterkt uit de binnenruimte getrokken. | |
| Milde boven- en onderwarmte | 150-250 °C | Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus. | |
| Circulatiegrillen | 30 - 250°C | Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. | |
| Grill, groot | Grillstanden: 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk | Platte producten, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. | |
| Grill, klein | Grillstanden: 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk | Kleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. | |
| Pizzastand | 30 - 250°C | Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen nodig hebben. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
9
Pagina 10
nl Accessoires
| Symbool | Verwarmingsmethode | Temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|---|
| Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. | |||
| Langzaam garen | 70 - 120°C | Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en langzaam garen. De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van boven en van onderen. | |
| Onderwarmte | 30 - 250°C | Gerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen. | |
| Warmhouden | 50 - 100°C | Gerechten die al klaar zijn warmhouden. | |
| Servies voorverwarmen | 30 - 90°C | Servies voorverwarmen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
Stoommethoden
De stoommethoden vindt u in het menu onder "Stoom".
| Symbool | Verwarmingsmethode | Temperatuurbereik | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|---|
| Ontdooien | 30 - 60°C | Bevroren etenswaar voorzichtig ontdooien. | |
| Regenereren | 80 - 180°C | Schotels en bakwaren behoedzaam opnieuw opwarmen. Door de toegevoerde stoom drogen de gerechten niet uit. | |
| Stomen Plus | 30 - 120°C | Voorzichtig stomen van groente, vlees, vis en granen. Fruit uitpersen. Levensmiddelen blancheren. Om de bereidingstijd te verkorten kunnen stevige levensmiddelen bij temperaturen hoger dan 100°C worden gestoomd. | |
| Deeg laten rijzen | 30 - 50°C | Gistdeeg laten rijzen. Het deeg rijst duidelijk sneller dan bij kamertemperatuur. Het oppervlak van het deeg droogt niet uit. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
5.2 Temperatuur
Tijdens het opwarmen kunt u op het display bij de meeste verwarmingsmethoden de actuele temperatuur in de binnenruimte vanaf ca. 30°C en de ingestelde temperatuur naast elkaar aflezen, bijv. 120|210 °C. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale moment om de gerechten in de oven te doen bereikt, zodra de aangegeven temperatuur in de binnenruimte en de ingestelde temperatuur gelijk zijn.
Opmerking: Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.
Restwarmte-indicatie
Als het apparaat is uitgeschakeld, geeft een rode lijn rond de bedieningsring de restwarmte in de binnenruimte aan. Hoe verder de temperatuur daalt, hoe donkerder de ring wordt. Vanaf ca. 60°C gaat de ring helemaal uit.
6 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.
| Accessoires | Gebruik |
|---|---|
| Rooster | Bakvormen Ovenschalen Vormen Vlees, bijv. braad- of grillstukken Diepvriesgerechten |
Pagina 11
Accessoires nl
| Accessoires | Gebruik |
|---|---|
| Braadslede | Vochtig gebak Gebak Brood Grote braadstukken Diepvriesgerechten Afdruipende vloeistof opvangen, bijv. vet bij het grillen op het rooster of water bij het gebruik met stoom. |
| Stoombak zonder gaatjes, grootte M | Bereiden van: Rijst Peulvruchten Granen Zet de stoombak niet op het rooster. |
| Stoombak met gaatjes, grootte M | Groente stomen. Kleinfruit uitpersen. Ontdooien. Zet de stoombak niet op het rooster. |
| Stoombak met gaatjes, grootte XL | Grote hoeveelheden stomen. |
| Braadthermometer | Nauwkeurig braden of garen. "Kerntemperatuurmeter", Pagina 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
6.1 Aanwijzingen bij het toebehoren
Sommig toebehoren is alleen voor bepaalde functies geschikt.
Stoomschalen
De stoomschalen zijn voor de zuivere stoommethoden tot 120 °C geschikt.
Voor hogere temperaturen of andere verwarmingsmethoden zijn de stoomschalen niet geschikt. De schalen verkleuren en vervormen permanent.
6.2 Vergrendelingsfunctie
De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.
U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.
6.3 Accessoire in de binnenruimte schuiven
Het toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.
- 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst.
- 2. De accessoire altijd tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte plaatsen.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat De plaat met de afschuining gericht bijv. braad- naar de ovendeur in de oven schuislede of ven.
bakplaat
Stoombak met gaatjes, grootte XL
- 3. Het toebehoren er volledig inschuiven, zodat het de apparaatdeur niet raakt.
Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.
Pagina 12
nl Voor het eerste gebruik
Accessoires combineren
Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.
- 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beide afstandshouders achter op de rand van de braadslede liggen.
- 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbij boven de bovenste geleidingsstang.
Rooster op braadslede
6.4 Meer accessoires
Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.
U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:
www.bosch-home.com
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
7 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Kalibreer het apparaat. Reinig het apparaat en de accessoires.
7.1 Bepaal vóór het eerste gebruik de waterhardheid
Informeer voordat u de eerste inbedrijfstelling uitvoert, bij uw lokale waterbedrijf naar de waterhardheid van uw leidingwater. Om ervoor te zorgen dat het apparaat u er op het juiste moment aan kan herinneren om te ontkalken, dient u de juiste waterhardheid in te stellen.
LET OP
Wanneer een verkeerde waterhardheid is ingesteld, dan wordt de stoomfunctie beïnvloed en kan het apparaat u niet tijdig aan het ontkalken herinneren.
- Waterhardheid correct instellen.
Schade aan het apparaat door gebruik van ongeschikte vloeistoffen.
- Geen gedestilleerd water of andere vloeistoffen gebruiken.
- Gebruik uitsluitend vers, koud leidingwater, onthard water of mineraalwater zonder koolzuur.
Kans op functiestoringen bij het gebruik van gefilterd of gedemineraliseerd water. Het apparaat vraagt eventueel om na te vullen terwijl de watertank vol is, of de stoomfunctie wordt na ongeveer 2 minuten afgebroken.
- Meng gefilterd of gedemineraliseerd water eventueel met mineraalwater zonder koolzuur, in de verhouding één op één.
Opmerkingen
Gebruikt u mineraalwater, stel dan waterhardheid op “zeer hard“ in. Gebruikt u mineraalwater, gebruik dan uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur.
Wanneer uw leidingwater sterk kalkhoudend is, adviseren wij u onthard water te gebruiken. Gebruikt u uitsluitend onthard water, stel dan het waterhardheidbereik in op "onthard".
| Instelling | Waterhardheid in mmol/l | Duitse hardheid °dH | Franse hardheid °fH |
|---|---|---|---|
| 0 (onthard) ¹ | - | - | - |
| 1 (zacht) | tot 1,5 | tot 8,4 | tot 15 |
| 2 (gemiddeld) | 1,5-2,5 | 8,4-14 | 15-25 |
| 3 (hard) | 2,5-3,8 | 14-21,3 | 25-38 |
| 4 (zeer hard) ² | hoger dan 3,8 | hoger dan 21,3 | hoger dan 38 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
1 Alleen instellen wanneer er uitsluitend onthard water wordt gebruikt.
2 Ook voor mineraalwater instellen. Uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur gebruiken.
12
Pagina 13
Voor het eerste gebruik nl
7.2 Eerste keer in gebruik nemen
Nadat je het apparaat op het lichtnet hebt aangesloten, moet je de instellingen voor de eerste ingebruikname van het apparaat vastleggen. Het kan enkele minuten duren tot op het display de instellingen verschijnen.
- 1. Schakel het apparaat in met .
De eerste instelling verschijnt.
- 2. Druk wanneer het nodig is de instelling te veranderen, op een waarde in de lijst of wijzig de waarde met de instelring.
Mogelijke instellingen:
- Taal
- Home Connect "Home Connect ", Pagina 27
- Tijd "Tijd instelen", Pagina 26
- Waterhardheid "Bepaal vóór het eerste gebruik de waterhardheid", Pagina 12
- 3. Op drukken en naar de volgende instelling gaan.
- 4. De instellingen doorlopen en wijzigen indien gewenst. Na de laatste instelling verschijnt een aanwijzing op het display dat de eerste ingebruikname is afgesloten.
- 5. Om ervoor te zorgen dat het apparaat zich vóór het eerste verwarmen controleert, de deur van het apparaat een keer openen en sluiten.
7.3 Apparaat reinigen voordat u het voor de eerste keer gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- 1. Verwijder de productinformatie en de accessoires uit de binnenruimte. Verwijder verpakkingsresten, zoals korreltjes piepschuim en tape aan binnen- en buitenzijde van het apparaat.
- 2. Veeg gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek.
- 3. Reinig de accessoires grondig met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel.
7.4 Apparaat voor het eerste gebruik kalibreren
De kooktemperatuur van het water is afhankelijk van de luchtdruk. Bij de kalibratie stelt zich het apparaat in op de drukomstandigheden van de locatie, op basis van de hoogte boven het zeeniveau.
Verzoek in het display om te kalibreren
Als u het apparaat inschakelt, verschijnt een aanwijzing op het display om het apparaat te kalibreren. U kunt de aanwijzing sluiten en uw apparaat zoals gebruikelijk gebruiken. Het verzoek verschijnt echter na elke keer inschakelen, totdat de kalibratie is afgerond.
Een verkeerde kalibratie heeft invloed op de stoomfunctie.
Opmerking: Al naar gelang de softwareversie van uw apparaat moet u deze functie eerst op uw apparaat downloaden. Kijk in de Home Connect app voor meer informatie.
Of kalibreer uw apparaat handmatig, door het apparaat met een leeg kookcompartiment 30 minuten te laten stomen.
"Stoom", Pagina 17
Apparaat automatisch kalibreren
De automatische kalibratie is nauwkeuriger dan de handmatige. Het apparaat is 30 minuten lang met de stoomfunctie in gebruik.
Opmerking: Open de apparaatdeur niet tijdens de kalibratie. Het kalibreren wordt afgebroken.
Vereisten
Het apparaat is gereinigd.
"Apparaat reinigen voordat u het voor de eerste keer gebruikt", Pagina 13
De binnenruimte is koud.
Accessoires zijn verwijderd.
- 1. Het apparaat inschakelen.
- 2. Kies in het verzoek dat op het display verschijnt de automatische optie.
- 3. Vul de watertank.
"Watertank vulen", Pagina 17
- 4. In werking stellen.
Het kalibreren start. Hierbij ontstaat veel stoom. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 5. Laat het apparaat afkoelen en laat vervolgens de bodem van de binnenruimte goed drogen.
- 6. Het apparaat uitschakelen.
- 7. Het apparaat drogen.
"Na elk gebruik met stoom", Pagina 20
Apparaat handmatig kalibreren
U kunt de basisinstelling van de hoogte boven zeeniveau ook direct instellen.
- 1. Het apparaat inschakelen.
- 2. Kies in het verzoek dat op het display verschijnt de automatische optie.
Op het display verschijnt de basisinstelling voor de hoogte boven zeeniveau.
- 3. Stel de hoogte boven zeeniveau in.
"Basisinstelingen", Pagina 25
7.5 Apparaat voordat u het voor het eerst gebruikt verwarmen
Verwarm het apparaat een keer, voordat u daarmee voor de eerste keer gerechten bereidt.
Vereisten
Het apparaat is gereinigd.
"Apparaat reinigen voordat u het voor de eerste keer gebruikt", Pagina 13
Accessoires zijn verwijderd.
- 1. Het apparaat inschakelen.
- 2. Volgende instellingen uitvoeren:
| Verwarmingsmethode | Heteluchtfunctie |
|---|---|
| Temperatuur | maximaal |
| Tijdsduur | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
"De Bediening in essentie", Pagina 14
- 3. In werking stellen.
- Ventileer de keuken zolang het apparaat verwarmt.
13