Bosch DBB67AM60, tekst van de handleiding
Afzuigkap · Bosch · 14 pagina's in het Nederlands · pdf: 20 pagina's, 1,4 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.bosch-home.nl
Deze handleiding geldt ook voor: DBB97AM60.
Storingen op pagina 8
Pagina 8
Vanaf de titel; het begin van pagina 8 staat in de pdf.
9 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 9
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
9.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▸ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
Pagina 9
Afvoeren nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| LED-verlichting functioneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenservice of een erkend vakman (elektromonteur). ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 9 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
10 Afvoeren
10.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
11 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
11.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model: aan de binnenkant van het apparaat (daarvoor de vetfilter demonteren).
op de bovenkant van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
12 Accessoires
Accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in de vakhandel of op internet. Gebruik alleen originele accessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afgestemd.
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de pre-
cieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Pagina 9
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in onze catalogus, in de online-shop of kunt u navragen bij de klantenservice.
www.bosch-home.com
Pagina 10
nl Montagehandleiding
13 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
13.1 Montagevideo
Wanneer u deze QR-code scant met uw smartphone, dan kunt u een video van de totale montage van het apparaat bekijken.
13.2 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
10
13.3 Veiligheidsafstanden
Neem de veiligheidsafstanden van het apparaat in acht.
13.4 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door an-
Pagina 11
Montagehandleiding nl
dere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- Wanneer een afzuigkap wordt geïnstalleerd met een haard die afhankelijk is van de ruimtelucht, dan moet de stroomtoevoer van de afzuigkap zijn voorzien van een geschikte veiligheidsschakeling.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- De luchtafvoer niet in een rookkanaal of rookgasafvoer leiden dat in bedrijf is.
- Voer de luchtafvoer niet in een schacht die dient voor het ontluchten van opstelruimtes voor haarden.
- Moet de luchtafvoer in een rook- of afvoergasschoorsteen worden geleid die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden.
- Werk in de buurt van het apparaat nooit met open vuur (bijv. flamberen).
- Installeer het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen), wanneer een gesloten, niet afneembare afdekking aanwezig is. Er mogen geen vonken wegspringen.
- Om warmteophoping te voorkomen dienen de voorgeschreven veiligheidsafstanden te worden aangehouden.
- Houd de informatie van uw kookapparaten aan. Wanneer er in de installatie-instructies van de kookapparaten een afwijkende afstand staat, altijd de grootste afstand in acht nemen. Wanneer gaskooktoestellen en elektrische kooktoestellen samen worden gebruikt, dan geldt de grootste aangegeven afstand.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Is het toestel niet naar behoren bevestigd, dan kan het naar beneden vallen.
- Alle bevestigingsschroeven moeten vast worden gemonteerd.
Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen. Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. Pagina 9
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
Pagina 12
nl Montagehandleiding
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Als het apparaat is ingebouwd, moet de stekker van het netsnoer vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
13.5 Algemene aanwijzingen
Neem deze algemene aanwijzingen bij de installatie in acht.
Bij de installatie moeten de actuele geldige bouwvoorschriften en de voorschriften van de plaatselijke stroom- en gasleverancier in acht worden genomen. Bij het afvoeren van afvoerlucht moeten de officiële en wettelijke voorschriften, zoals bijv. de plaatselijke bouwverordeningen, in acht worden genomen. Om het apparaat in het geval van service ongehinderd te bereiken, een gemakkelijk toegankelijke montageplaats kiezen.
De oppervlakken van het apparaat zijn gevoelig. Bij de montage beschadigingen vermijden.
13.6 Aanwijzingen voor de elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de stroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De netstekker van de netaansluitkabel moet na de inbouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
- Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
- De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien worden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het apparaat te installeren.
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen.
De aansluitgegevens zijn te vinden op het typeplaatje. Pagina 9
De aansluitleiding is ca. 1,30 m lang.
Dit apparaat voldoet aan de ontstoringsvoorschriften van de EG.
Het apparaat is conform de beschermingsklasse 1. Daarom het apparaat alleen met een aarddraadaansluiting gebruiken.
Het apparaat tijdens de montage niet op de voedingsspanning aansluiten.
Ervoor zorgen dat de bescherming tegen aanraking door de inbouw is gegarandeerd.
13.7 Aanwijzingen m.b.t. de inbouwsituatie
Dit apparaat in een keukenkast monteren.
Voor de montage van extra speciale accessoires de daarbij meegeleverde installatiehandleiding aanhouden.
De breedte van de afzuigkap moet minstens overeenkomen met de breedte van het kooktoestel.
Om de kookdamp optimaal op te vangen, het apparaat in het midden boven de kookplaat monteren.
13.8 Aanwijzingen m.b.t. de luchtafvoerleiding
De fabrikant van het apparaat geeft geen garantie bij klachten die te wijten zijn aan het buizentraject.
Een korte, rechte afvoerbuis met een zo groot mogelijke buisdiameter gebruiken.
Lange, ruwe afvoerbuizen, vele buisbochten of kleine buisdiameters verminderen het afzuigvermogen en verhogen het ventilatorgeluid.
Een afvoerbuis van niet brandbaar materiaal gebruiken.
Om het teruglopen van condens te vermijden, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval monteren.
Vierkante buizen
Platte buizen waarvan de binnendoorsnede met de diameter van de ronde buizen overeenkomt:
diameter 150 mm komt overeen met ca. 177 cm². diameter 120 mm komt overeen met ca. 113 cm². Gebruik bij een afwijkende buisdiameter een afdichtstrip.
Geen platte buizen met scherpe bochten gebruiken.
Ronde buizen
Ronde buizen met een binnendiameter van 150 mm (aanbevolen) of minstens 120 mm gebruiken.
13.9 Aanwijzing voor de luchtafvoerfunctie
Voor de luchtafvoerfunctie moet een terugslagklep worden ingebouwd.
Opmerkingen
Wanneer bij het apparaat geen terugslagklep is meegeleverd, dan kan men een terugslagklep in de vakhandel verkrijgen.
Pagina 13
Montagehandleiding nl
Wanneer de afvoerlucht door de buitenwand wordt geleid, dan moet een telescopische muurcassette worden gebruikt.
13.10 Installatie
Meubel controleren
- 1. Controleren of het inbouwmeubel horizontaal staat en voldoende draagvermogen heeft.
Het maximale gewicht van het apparaat bedraagt 12 kg.
Belast het apparaat met maximaal 10 kg per zijde. Opmerking: De aanwijzingen van de meubelfabrikanten m.b.t. het draagvermogen van het inbouwmeubel in acht nemen.
- 2. Controleren of het inbouwmeubel tot 90 °C hittebestendig is.
- 3. Controleren of het inbouwmeubel ook na de uitsnijwerkzaamheden nog stabiel is.
Meubel voorbereiden
Vereiste: Het meubel is geschikt voor de inbouw.
- 1. Om schade te vermijden, de kookplaat afdekken.
- 2. De kastdeur uit de scharnieren tillen.
- 3. Maak de uitsparing voor de luchtafvoerbuis in de kast.
- 4. De uitsparing voor de luchtafvoerbuis in het tussenschot maken.
- Maak de inkeping voor de voedingskabelaansluiting.
- 5. Controleren of het inbouwmeubel ook na de uitsnijwerkzaamheden nog stabiel is.
- 6. De montagehulpen aan de binnenkant van de kast aanbrengen en de bevestigingspunten aftekenen .
- 7. De bevestigingspunten met een priem voorsteken.
- 8. Bij een wanddikte van 16 mm: plaats de rails op de montagehulpen en schroef ze vast op de zijwanden van de kast .
PZ2
- 9. Bij een wanddikte van 18 mm en 19 mm: schroef de de rails zonder montagehulp vast.
Pagina 14
nl Montagehandleiding
Apparaat voorbereiden
Opmerking
Vermijd bij de installatie van het apparaat beschadigingen van de gevoelige oppervlakken.
Gebruik bij een kastdiepte (buitenmaat) van 320 mm tot 340 mm de smalle kantlijst.
Gebruik bij een kastdiepte (buitenmaat) van 340 mm tot 360 mm de brede kantlijst.
- 1. Schroef de onderste kantlijst op het apparaat.
20
- 2. Hang de bovenste kantlijst er in.
- 3. Hang bij een kastdiepte (buitenmaat) van 330 mm tot 360 mm de kanaaldiepte compensatie op.
Apparaat monteren
- 1. Leg de netstekker aan de zijkant op het apparaat.
- 2. Het apparaat minstens tot de helft in de rails schuiven en de netstekker door de uitsparing voeren .
- 3. Schuif het apparaat tot aan de aanslag in de kast.
- 4. De buizen plaatsen.
- 5. Opmerking: Plaats het kanaal voorzichtig, om geen krassen op het apparaat te veroorzaken.
Pagina 15
Montagehandleiding nl
- 6. Duw het kanaal met beide handen licht tegen de ventilatorkast en zover naar binnen schuiven tot het kanaal vastklikt .
- 7. Duw met één hand tegen het apparaat en open de glazen ruit voorzichtig.
- 8. Opmerking: Let er op dat de voorkant van het apparaat na het vastschroeven niet uitsteekt buiten de voorkant van de kast.
- 9. Draai de stifttappen door de uitsparing in de rail en schroef ze handvast aan, tot het apparaat vlak tegen de kast zit.
- 10. Steek de afdekkingen er in.
- 11. De vetfilters verwijderen.
- 12. Opmerking: Kasten, die vrij aan de wand hangen of slechts aan één zijde aan een ander kast grenzen, moeten door extra schroeven gestabiliseerd worden. Wanneer uw kast van beide zijden door andere kasten wordt ondersteund, kan kunt u deze stap overslaan.
- 13. Draai, om de kastwanden te stabiliseren, met een schroevendraaier rechts en links de schroeven er in.
- 14. Steek de netstekker er in.
- 15. Verwijder de beschermfolie van de vetfilters en plaats de vetfilters in het apparaat.
- 16. Hang de kastdeur weer in de scharnieren.
Apparaat demonteren
- 1. Haal de netstekker er uit.
- 2. De kastdeur uit de scharnieren tillen.
- 3. De vetfilters verwijderen.
- 4. Wanneer de kastwanden met 2 houtschroeven werd gestabiliseerd, draai dan beide schroeven er uit.
- 5. Opmerking: Alvorens u het apparaat demonteert, voorwerpen van het plateau verwijderen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
U kunt online aanvullende informatie en uitleg vinden. Scan de QR-code op de titelpagina.
Inhoudsopgave
| GEBRUIKERSHANDLEIDING | 8 Reiniging en onderhoud ........................................ 6 |
| 1 Veiligheid ................................................................. 2 | 9 Storingen verhelpen ............................................... 8 |
| 2 Materiële schade voorkomen ................................. 4 | 10 Afvoeren ................................................................ 9 |
| 3 Milieubescherming en besparing .......................... 5 | 11 Servicedienst ........................................................ 9 |
| 4 Functies .................................................................... 5 | 12 Accessoires ........................................................... 9 |
| 5 Uw apparaat leren kennen ...................................... 5 | |
| 13 MONTAGEHANDLEIDING .................................. 10 | |
| 6 Voor het eerste gebruik .......................................... 6 | 13.4 Veilige montage ............................................... 10 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 2)
7 De Bediening in essentie ........................................ 6
1 Veiligheid
| Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht. | gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit |
| 1.1 Algemene aanwijzingen | resulterende gevaren hebben begrepen. |
| • Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig | Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. |
| door. | Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet |
| • Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor vol- | worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. |
| gende eigenaren. | Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 |
| • Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan. | jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen. |
| 1.2 Bestemming van het apparaat | 1.4 Veilig gebruik |
| Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. | WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar! |
| Houd het speciale installatievoorschrift aan. | De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont- |
| De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een | branden. |
| deskundige montage volgens de montage- | ▸ Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. |
| handleiding. De installateur is verantwoordelijk | ▸ De vetfilters regelmatig reinigen. |
| voor een goede werking op de plaats van opstelling. | ▸ Nooit in de omgeving van het apparaat met open vuur werken (bijv. flamberen). |
| Gebruik het apparaat uitsluitend: om kookdamp af te zuigen. voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau. | ▸ Het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen) installeren wanneer de vuurbron een afgesloten, niet verwijderbare afscherming heeft. Er mogen geen vonken wegspringen. |
| Gebruik het apparaat niet: | Hete olie en heet vet ontvlammen erg snel. |
| met een externe kookwekker. | ▸ Hete olie en vet permanent in het oog houden. |
| 1.3 Inperking van de gebruikers | ▸ Nooit brandende olie of vet met water blussen. Kookplaat uitschakelen. Vlammen voor- |
| Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met | zichtig met deksel, blusdeken of iets dergelijks doven en laten afkoelen. |
| 2 |
Pagina 3
Veiligheid nl
Gaskookplaten waar geen pan op staat, ontwikkelen tijdens het gebruik grote hitte. Een ventilatieapparaat dat daarop is aangebracht kan beschadigd of in brand raken.
- Gaskookplaten alleen met erop geplaatste pan gebruiken.
Bij gelijktijdig gebruik van meerdere gaskookzones ontwikkelt zich grote hitte. Een ventilatieapparaat dat daarop is aangebracht kan beschadigd of in brand raken.
- Gaskookplaten alleen met erop geplaatste pan gebruiken.
- De hoogste ventilatorstand instellen.
- Twee gaskookplaten nooit langer dan 15 minuten gelijktijdig op de hoogste vlam gebruiken. Twee gaskookzones komen overeen met één grote brander.
- Nooit grote branders met meer dan 5 kW met grootste vlam langer dan 15 minuten gebruiken, bijv. wok.
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-
gezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Door het gebruik van een gaskooktoestel ontstaan er warmte, vocht en verbrandingsproducten in de opstellingsruimte.
- Bij gebruik van een gaskooktoestel de afzuigkap inschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
3
Pagina 4
nl Materiële schade voorkomen
Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan de ogen beschadigen (risicogroep 1).
- Niet langer dan 100 seconden direct in de ingeschakelde LED-lampen kijken.
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 9
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. Pagina 9
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
2 Materiële schade voorkomen
LET OP
Condenswater kan leiden tot corrosie.
- Om de condensvorming te vermijden, het apparaat bij het koken inschakelen.
Als er vocht in de bedieningselementen dringt, kan er schade ontstaan.
- Nooit bedieningselementen met een natte doek reinigen.
Verkeerde reiniging beschadigt de oppervlakken.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reinigen in de slijprichting.
- Nooit bedieningselementen met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal reinigen.
Teruglopend condenswater kan het apparaat beschadigen.
- Het afvoerluchtknaal moet vanaf het apparaat met minstens 1° helling zijn geïnstalleerd.
Als u designelementen verkeerd belast, kunnen deze afbreken.
- Niet aan designelementen trekken.
- Geen voorwerpen op designelementen plaatsen of eraan ophangen.
Beschadiging van het oppervlak doordat de beschermfolie niet verwijderd is.
- De beschermfolie voor het eerste gebruik verwijderen van alle apparaatonderdelen.
Gelakte oppervlakken zijn gevoelig.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
"Apparaat schoonmaken", Pagina 6
- Gelakte oppervlakken tegen krassen beschermen.
Pagina 5
Milieubescherming en besparing nl
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kookdamp aan.
Een lagere ventilatiestand betekent minder energieverbruik.
Gebruik de intensiefstand alleen wanneer dit nodig is.
Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ventilatiestand.
De geuren verdelen zich minder in de ruimte.
Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langer nodig is.
Als de verlichting is uitgeschakeld, verbruikt deze geen energie.
De filter met de opgegeven intervallen reinigen of vervangen.
De effectiviteit van het filter blijft behouden.
Het kookdeksel erop plaatsen.
De kookdampen en de condens verminderen.
Gebruik de extra functies alleen indien nodig.
Het uitschakelen van de extra functies reduceert het stroomverbruik.
Productinformatie conform (EU) 65/2014 en (EU) 66/2014 vindt u onder het energielabel en op het internet op de productpagina van uw apparaat.
4 Functies
U kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodus of in de luchtcirculatiemodus.
4.1 Gebruik met afvoerlucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.
De lucht mag niet worden afgevoerd in een schoorsteen die wordt gebruikt voor afvoergassen van apparaten bestemd voor het verbranden van gas of andere brandstoffen (dit geldt niet voor ventilatieapparatuur).
Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.
4.2 Gebruik met circulatielucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een geurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.
Monteer een geurfilter om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van de circulatiefunctie. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in onze catalogus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.
"Accessoires", Pagina 9
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Bedieningselementen
Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Pagina 6
nl Voor het eerste gebruik
| Apparaat in- of uitschakelen | Ventilatorstand 3 inschakelen |
|---|---|
| Ventilatorstand 1 inschakelen | Intensiefstand inschakelen |
| Ventilatorstand 2 inschakelen | Verlichting inschakelen of uitschakelen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Functie instellen
Uw apparaat is standaard op afvoerluchtfunctie ingesteld.
Opmerking: Voor het gebruik in de circulatiefunctie hebt u bijkomend toebehoren nodig.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
Opmerking: Bij een uitgeklapte glazen ruit kunt u het apparaat met in- en uitschakelen.
Vereiste: De glazen ruit is ingeklapt.
- Klap de glazen ruit tot aan de aanslag uit.
Het apparaat start in ventilatiestand 2 en de verlichting gaat aan.
7.2 Apparaat uitschakelen
- De glazen ruit tot aan de aanslag inklappen of op drukken.
De ventilatie schakelt uit en de verlichting schakelt uit.
7.3 Ventilatorstand instellen
, of indrukken.
7.4 Intensiefstand inschakelen
- Druk op .
Het apparaat schakelt na ca. 6 minuten automatisch in de ventilatorstand 3.
7.5 Intensiefstand uitschakelen
, of indrukken.
De intensiefstand wordt vroegtijdig beëindigd.
7.6 Verlichting inschakelen
De verlichting kunt u onafhankelijk van de ventilatie inschakelen en uitschakelen.
- Kies indien nodig één van de opties:
- Druk op wanneer de glazen ruit is uitgeklapt.
- Wanneer de glazen ruit is ingeklapt, raak dan het bedieningspaneel met de handpalm in het midden aan.
De verlichting gaat aan.
7.7 Verlichting uitschakelen
- Kies indien nodig één van de opties:
- Druk op wanneer de glazen ruit is uitgeklapt.
- Wanneer de glazen ruit is ingeklapt, raak dan het bedieningspaneel met de handpalm in het midden aan.
De verlichting gaat uit.
8 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
8.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice of in de online-shop.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de
6
gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
- Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
8.2 Apparaat schoonmaken
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de
Pagina 7
Reiniging en onderhoud nl
spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- 2. Afhankelijk van het oppervlak als volgt schoonmaken:
- Roestvrijstalen oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop in slijprichting reinigen.
- Gelakte oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop reinigen.
- Aluminium met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Kunststof met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Glas met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
- 4. Bij roestvrijstalen oppervlakken een schoonmaakmiddel voor roestvrij staal heel dun opbrengen met een zachte doek.
Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de onlineshop.
8.3 Bedieningselementen en lampen reinigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- 2. Met een vochtig vaatdoekje en heet zeepsop reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
8.4 Vetfilter verwijderen
- 1. Open de glazen klep tot aan de aanslag.
- 2. Schakel het apparaat uit.
- 3. LET OP ‒ Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende kookplaat beschadigen.
- Met een hand onder de vetfilter grijpen.
Open de vergrendelingen op de vetfilters.
- 4. De vetfilters uit de houders nemen.
Om naar beneden druppelend vet te vermijden, de vetfilters horizontaal houden.
8.5 Vetfilter met de hand reinigen
De vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Regelmatig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetafscheidingsgraad. Wij adviseren de vetfilters elke 2 maanden te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
Vereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd.
"Accessoires", Pagina 7
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- 2. De vetfilters in een warm zeepsop weken.
Gebruik bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de webshop.
- 3. De vetfilters met een borstel reinigen.
- 4. De vetfilters grondig uitspoelen.
- 5. De vetfilters laten afdruppelen.
8.6 Vetfilters in de vaatwasmachine reinigen
De vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Regelmatig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetafscheidingsgraad. Wij adviseren de vetfilters elke 2 maanden te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
LET OP
De vetfilters kunnen door inklemmen in de vaatwasser worden beschadigd.
- De vetfilters niet inklemmen.
Opmerking: Bij de reiniging van de vetfilter in de vaatwasmachine kunnen lichte verkleuringen optreden. De verkleuringen hebben geen invloed op de werking van de vetfilters.
Vereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd.
"Accessoires", Pagina 7
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
Pagina 8: zie Storingen hierboven.
Pagina 9: zie hierboven.
Pagina 10: zie hierboven.
Pagina 11: zie hierboven.
Pagina 12: zie hierboven.
Pagina 13: zie hierboven.
Pagina 14: zie hierboven.
Pagina 15: zie hierboven.