naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch GCM33AW40, tekst van de handleiding

Vriezer · Bosch · 16 pagina's in het Nederlands · pdf: 85 pagina's, 0,9 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.bosch-home.nl

Storingen op pagina 78

Pagina 78

Vanaf de titel; het begin van pagina 78 staat in de pdf.

Kleine storingen zelf opheffen

Voordat u contact opneemt met de servicedienst:

Controleer of u de storing aan de hand van de volgende instructies kunt verhelpen.

U moet de kosten voor de klantenservice zelf dragen, ook tijdens de garantieperiode!

Storing
Temperatuur wijkt sterk af van de instelling.
Mogelijke oorzaakOplossing
In bepaalde gevallen is het voldoende wanneer u het apparaat gedurende 5 minuten uitschakelt. Wanneer de temperatuur te hoog is, controleer dan na enkele uren, of een temperatuurverbetering heeft plaatsgevonden.
Wanneer de temperatuur te laag is, controleer dan de volgende dag de temperatuur nogmaals.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 78)

Pagina 79

nl

StoringMogelijke oorzaakOplossing
Binnenverlichting doet het niet.
Compressor schakelt steeds vaker en langer in.
Gloeilamp defect.
Frequent openen van deksel van de vrieskist.
Gloeilamp vervangen:
1. Netstekker lostrekken resp. zekering uitschakelen.
2. Lampafdekking fig. ( verwijderen.
3. Gloeilamp vervangen (vervangende lamp, 220-240 V wisselstroom, voet E14, Watt zie defecte lamp).
Deksel niet onnodig openen.
Indicatie “alarm” fig. /3 brandt. (in het apparaat is het te warm).Be- en ontluchtingsopeningen zijn bedekt. Fig. *
Frequent openen van deksel van de vrieskist.
Er zijn veel levensmiddelen geplaatst.
Hindernissen wegnemen.
Deksel niet onnodig openen.
Supervriezen inschakelen voor het plaatsen.
Be- en ontluchtingsopeningen zijn bedekt. Fig. *Hindernissen wegnemen.
Groen controlelampje fig. /4 brandt niet.Apparaat staat naast een warmtebron.
Apparaat is uitgeschakeld.
Minimale afstand aanhouden of isolatieplaten gebruiken.
Stekker in stopcontact steken.
Stroomuitval; de zekering is uitgeschakeld; De stekker zit niet goed vast.Controleer of er spanning aanwezig is, zekeringen controleren.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 79)

Pagina 80

nl

Storing
Versterkte ijsafzetting aan bovenrand van apparaat.
Mogelijke oorzaakOplossing
Dooiwaterpluggen niet goed geplaatst.Dooiwaterpluggen in de bodem en aan de voorzijde van het apparaat correct aanbrengen.
Transportbeveiligingen zijn niet verwijderdAlle vier de transportbeveiligingen fig. # verwijderen (zie hoofdstuk ”Apparaat plaatsen”).
Frequent openen van deksel van de vrieskist.Deksel niet onnodig openen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 80)

Servicedienst

U vindt de klantenservice bij u in de buurt in het telefoonboek of in het overzicht. Geef aan uw klantenservice het artikelnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat door.

U vindt deze op de typeplaat. Fig.

Help mee om onnodige voorrijdkosten te voorkomen door het artikel- en fabricagenummer door te geven. U bespaart de daaraan gekoppelde extra kosten.

Reparatieopdracht en advies bij storingen

De contactgegevens van alle landen vindt u in het bijgaande klantenservice-overzicht.

Pagina's 1–3: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 4

nl Inhoud

Veiligheids- en waarschuwingsinstructies . . . . . . . . . . Instructies betreffende het afvoeren . . Leveringsomvang . . . . . . . . . . . . . . . . . Apparaat opstellen . . . . . . . . . . . . . . . . Let op de kamertemperatuur en de ventilatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Apparaat aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . Apparaat leren kennen . . . . . . . . . . . . . Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . Apparaat in gebruik nemen . . . . . . . . . Waarschuwingsmeldingen . . . . . . . . . . Effectieve inhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . Vriesruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Max. vriesvermogen . . . . . . . . . . . . . . . Invriezen en bewaren . . . . . . . . . . . . . . Verse levensmiddelen bevriezen . . . . Super-invriezen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Diepvriesproduct ontdooien . . . . . . . . Uitrusting van het apparaat . . . . . . . . . Apparaat uitschakelen en stil zetten . Ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Apparaat reinigen . . . . . . . . . . . . . . . . . Energie besparen . . . . . . . . . . . . . . . . . Bedrijfsgeluiden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Kleine storingen zelf opheffen . . . . . . . Servicedienst . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Pagina's 5–65: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 66

nl

Veiligheids- en waarschuwingsinstructies

Voordat u het apparaat in gebruik neemt

Lees de gebruiks- en montagehandleiding zorgvuldig door! U vindt daar belangrijke informatie over het opstellen, gebruik en onderhoud van het apparaat.

De fabrikant is niet aansprakelijk, wanneer de aanwijzingen en waarschuwingen zoals vermeld in de gebruikersaanwijzing niet worden aangehouden. Bewaar alle documenten voor later gebruik of voor de volgende eigenaar.

Technische veiligheid

Het apparaat bevat in geringe hoeveelheid het milieuvriendelijk, maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop, dat de leidingen van het koelmiddelcircuit tijdens het transport of de montage niet beschadigd raken. Koelmiddel dat uit het apparaat spuit kan leiden tot oogletsel of kan ontsteken.

Bij beschadiging

open vuur of ontstekingsbronnen weg houden van het apparaat,

kamer gedurende enkele minuten goed ventileren,

apparaat uitschakelen en de netstekker lostrekken,

Contact opnemen met de servicedienst.

Hoe meer koelmiddel in een apparaat aanwezig is, des te groter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lekkage een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan.

Per 8 g koelmiddel moet de ruimte minimaal 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op de typeplaat in uw apparaat.

Wanneer de aansluitkabel van dit apparaat wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant, klantenservice of gelijksoortig gekwalificeerd persoon worden vervangen. Ondeskundige installatie en reparatie kan de gebruiker in gevaar brengen.

Reparaties mogen uitsluitend door de fabrikant, servicedienst of een soortgelijk gekwalificeerd persoon worden uitgevoerd.

Er mogen uitsluitend originele onderdelen van de fabrikant worden benut. Alleen voor deze onderdelen garandeert de fabrikant dat deze voldoen aan de veiligheidsvereisten.

Een verlenging van de aansluitkabel mag uitsluitend worden gekocht via de servicedienst.

Bij gebruik

Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv.

verwarmingstoestellen, elektrische ijsmakers). Explosiegevaar!

Nooit het apparaat met een stoomreiniger ontdooien of reinigen! De stoom kan bij de elektrische delen komen en leiden tot een kortsluiting. Gevaar voor elektrocutie!

Geen spitse of scherpe objecten gebruiken, om rijp- en ijslagen te verwijderen. U kunt daarmee de koelmiddelleidingen beschadigen. Ontsnappend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.

Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen bewaren.

Explosiegevaar!

Pagina 67

Sokkel, lades, deuren enz. niet als opstapje of als ondersteuning gebruiken.

Voor het ontdooien en schoonmaken de netstekker lostrekken of de zekering uitschakelen. Trek aan de stekker, nooit aan de kabel.

Middelen met een hoog alcoholpercentage alleen goed afgesloten en staand bewaren.

Kunststofdelen en deurafdichting niet met olie of vet verontreinigen.

Kunststofdelen en deurafdichting worden anders poreus.

Be- en ontluchtingsopeningen voor het apparaat nooit afdekking of afsluiten.

Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen:

Kwetsbaar zijn kinderen/personen met lichamelijke, geestelijke of zintuigelijk beperkingen, evenals personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat. Zorg ervoor dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.

Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.

Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.

Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.

Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.

In de vriesruimte geen vloeistoffen in flessen en verpakkingen opslaan (vooral koolzuurhoudende dranken). Flessen en verpakking kunnen uit elkaar barsten!

nl

Nooit bevroren goederen direct, nadat het uit de vriesruimte is genomen, in de mond nemen.

Gevaar voor lichamelijk letsel!

Voorkom langer contact met de handen met het bevroren product, ijs of de verdamperleidingen enz.

Gevaar voor lichamelijk letsel!

Kinderen in het huishouden

Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zijn geen speelgoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozen en folie!

Het apparaat is geen speelgoed voor kinderen!

Bij een apparaat met deurslot:

Sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!

Algemene bepalingen

Het apparaat is geschikt

voor het invriezen van levensmiddelen,

voor ijsbereiding.

Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.

Dit apparaat is bedoeld voor het huishoudelijk gebruik in een privé huishouden en de huiselijke omgeving.

Het apparaat is radio-ontstoord conform EU-richtlijn 2004/108/EC.

Het koelcircuit is op lekdichtheid gecontroleerd.

Dit object voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).

Pagina 68

nl

Instructies betreffende het afvoeren

x Verpakking afvoeren

De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en weer herbruikbaar. Help a.u.b. mee: voer de verpakking milieuvriendelijk af.

Informeer over de actuele afvoermethoden bij uw vakhandelaar of gemeente.

x Oud apparaat afvoeren

Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparaat is overeenkomstig de Europese Richtlijn 2012/19/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE) gemarkeerd.

De richtlijn schrijft het kader voor terugname en verwerking van oude apparaten in de EU voor.

! Waarschuwing

Bij versleten apparaten:

Verstikkingsgevaar!

Koelapparaten bevatten koelmiddelen en in de isolatie gassen. Koelmiddel en gassen moeten correct worden afgevoerd. Leiding van het koelmiddelcircuit tot en met het afvoeren niet beschadigen.

Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.

Neem bij vragen contact op met de dealer waar u het apparaat heeft gekocht of moet onze servicedienst.

De levering bestaat uit de volgende onderdelen:

Zelfstandig apparaat

Uitrusting (afhankelijk van het model)

Gebruiksaanwijzing

Servicebijlage

Garantiebijlagen

Informatie over het energieverbruik en geluiden

Zak met montagemateriaal.

Apparaat opstellen

Transport

Voor het transport zijn onder het apparaat lichtlopende rollen aangebracht. Fig. $

! Waarschuwing

Indien nodig het apparaat tegen wegrollen borgen.

Pagina 69

Transportborgingen verwijderen

Fig.

Verwijder de vier transportborgingen die zijn aangebracht tussen het deksel en het apparaat.

Opstellingsplaats

Een droge, ventileerbare ruimte is geschikt voor het opstellen. De opstellingsplaats mag niet aan direct zonlicht blootstaan en niet in de buurt van een warmtebron liggen zoals een open haard, radiator, enz. Wanneer opstelling naast een warmtebron niet te vermijden is, gebruik dan een geschikte isolatieplaat of houd de volgende minimale afstanden aan tot de warmtebron:

Tot elektrisch of gaskachels3 cm.
Tot olie- of kolengestookte
kachels30 cm.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 69)

Wanneer het apparaat tegen de muur wordt geplaatst, dan is bij de achterwand en zijwanden een minimale afstand van 70 mm noodzakelijk.

Ondergrond

De vloer op de opstellingsplaats mag niet meeveren, vloer eventueel versterken.

Apparaat met een waterpas horizontaal stellen.

Eventuele oneffenheden in de vloer compenseren.

nl

Let op de kamertemperatuur en de ventilatie

Kamertemperatuur

Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende ruimtetemperaturen worden

gebruikt.
De klimaatklasse typeplaat, Fig.
is te vinden op de /10.
KlimaatklasseToegestane kamertemperatuur
SN+10 °C ... 32 °C
N+16 °C ... 32 °C
ST+16 °C ... 38 °C
T+16 °C ... 43 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 69)

Aanwijzing!

Het apparaat is binnen de kamertemperatuurgrenzen van de opgegeven klimaatklasse volledig functioneel.

Wanneer een apparaat met klimaatklasse SN bij koudere kamertemperaturen wordt gebruikt, dan kan schade aan het apparaat tot een temperatuur van +5°C worden uitgesloten.

Pagina 70

nl

Ventilatie

Fig. *

De lucht bij de achterwand en zijwanden van het apparaat warmt op. De opgewarmde lucht moet ongehinderd kunnen wegtrekken. Het koelapparaat moet anders meer vermogen leveren. Dat verhoogt het stroomverbruik.

Daarom: nooit de be- en ontluchtingsopeningen afdekken of afsluiten!

Apparaat aansluiten

Na het opstellen van het apparaat minimaal 1 uur wachten, tot het apparaat in bedrijf wordt genomen. Tijdens het transport kan het gebeuren, dat in de compressor aanwezige olie zich in het koelsysteem afzet.

Voor de eerste ingebruikname de binnenruimte van het apparaat reinigen (zie hoofdstuk ”Apparaat reinigen”).

Elektrische aansluiting

De contactdoos moet dicht bij het apparaat zitten en ook na het opstellen van het apparaat vrij toegankelijk zijn.

Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I. Via een conform de voorschriften geïnstalleerde contactdoos met randaarde het apparaat op 220-240 V/50 Hz wisselspanning aansluiten. De contactdoos moet met een 10 A tot 16 A zekering zijn gezekerd.

Bij apparaten, die in niet-Europese landen worden gebruikt, moet worden gecontroleerd, of de opgegeven spanning en stroom overeenkomen met die van het elektriciteitsnet. Deze informatie kunt u vinden op de typeplaat, Fig. .

! Waarschuwing

Het apparaat mag in geen geval op een elektronische energiespaarstekker worden aangesloten.

Voor het gebruik van onze apparaten kunnen sinus- en netgestuurde omvormers worden gebruikt.

Netgestuurde omvormers worden bij zonne-energie installaties gebruikt, die direct op het openbare stroomnet worden aangesloten. Bij eilandoplossingen (bijv. schepen of berghutten), die geen directe aansluiting op het openbare stroomnet hebben, moeten sinusgeregelde omvormers worden gebruikt.

Pagina 71

Apparaat leren kennen

Klap a.u.b. de laatste pagina met de afbeeldingen uit. Deze gebruiksaanwijzing geldt voor meerdere modellen.

Afwijkingen van de afbeeldingen zijn mogelijk.

Fig.

* niet bij alle modellen

1‐5 Bedieningspaneel

6 Interieurverlichting *

7 Mand *

8 Opbergvak

9 Dooiwaterafvoer met afvoerplug

10 Typeplaat

11 Voorvriesvak *

12 Slot *

13 Uitneembare scheidingswand *

nl

Bedieningspaneel

Fig.

1 “eco”‐instelling

Wanneer het apparaat slechts voor een deel is gevuld (bij apparaten met scheidingswand maximaal tot de markering “e” op de scheidingswand) dan kan deze instelling worden gekozen om energie te besparen.

Voor het instellen van de vriestemperatuur, temperatuurkiezer met een munt verdraaien.

Stand 1: warmste temperatuur

Stand 6: koudste temperatuur

Het rode indicatielampje brandt, wanneer het in de vriesruimte te warm is.

Het groene indicatielampje brandt, wanneer het apparaat is ingeschakeld.

Voor in- en uitschakelen van het ”supervriezen”.

Het gele indicatielampje brandt, wanneer het ”supervriezen” is ingeschakeld.

Pagina 72

nl

Apparaat in gebruik nemen

Apparaat inschakelen

Door het apparaat aan te sluiten is het ook ingeschakeld, het groene lampje fig. /4 brandt.

Het brandende rode lampje fig. /3 geeft aan dat de temperatuur in het apparaat te hoog is. Pas diepvriesproducten in het apparaat plaatsen wanneer het rode lampje gedoofd is.

Temperatuur instellen

De temperatuurkiezer is af-fabriek op stand 4 ingesteld.

Om de temperatuur te wijzigen moet u temperatuurkiezer fig. /2 draaien.

Stand 1: warmste temperatuur

Stand 6: koudste temperatuur

Opgelet: Het duurt lang voordat een verandering van de temperatuurinstelling effect heeft.

Gebruiksinstructies

Mocht na het sluiten van de vrieskist het deksel niet gelijk weer geopend kunnen worden, wacht dan tot drie minuten, tot de gevormde onderdruk is vereffend.

Waarschuwingsmeldingen

Temperatuuralarm

Wanneer de temperatuur in de vriesruimte te hoog wordt (ca. -9 °C) en de diepvriesproducten gevaar lopen, dan gaat de “alarm”‐indicatie fig. "/3 branden.

Effectieve inhoud

Informatie over de effectieve inhoud vindt u op de typeplaat. Fig.

Vriesvolume volledig gebruiken

Om de maximale hoeveelheid diepvriesproducten te kunnen plaatsen, kunnen de manden uit het apparaat genomen worden.

Vriesruimte

De vriesruimte gebruiken

Voor het opslaan van diepvriesproducten.

Voor het maken van ijsblokjes.

Voor het bevriezen van levensmiddelen.

Aanwijzing!

Let er op dat het apparaat altijd gesloten is. Bij een open deksel ontdooien de diepvriesproducten. Er treedt veel ijsvorming op in het vriesvak. Bovendien: energieverlies door hoog stroomverbruik.

Pagina 73

Max. vriesvermogen

Informatie over de maximale invriescapaciteit in 24 uur vindt u op de typeplaat. Fig.

Invriezen en bewaren

Diepvriesproducten inkopen

De verpakking mag niet beschadigd zijn.

Houdbaarheidsdatum aanhouden.

Temperatuur in de verkoopkist moet -18 °C of kouder zijn.

Diepvriesproducten indien mogelijk in isolerende tas transporteren en zo snel mogelijk in de vriezer doen.

Let op bij het indelen

Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur op de bodem van het apparaat invriezen, daar worden ze heel snel en dus ook op de beste manier ingevroren. De levensmiddelen zo uitgespreid mogelijk op de bodem van het apparaat leggen. Al ingevroren levensmiddelen mogen niet met de vers in te vriezen levensmiddelen in contact komen.

nl

Verse levensmiddelen bevriezen

Gebruik voor het invriezen alleen verse levensmiddelen.

Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, moeten groenten voor het invriezen geblancheerd worden. Bij aubergines, paprika, courgettes en asperges is blancheren niet nodig.

Boeken over invriezen en blancheren vindt u in de boekwinkel.

Aanwijzing!

Laat in te vriezen levensmiddelen niet in contact komen met al bevroren levensmiddelen.

Geschikt om in te vriezen zijn:

Gebak, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groenten, fruit, kruiden, eieren zonder schaal, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en etensresten zoals soep, eenpansgerecht, klaargemaakt vlees en klaargemaakte vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete gerechten.

Niet geschikt om in te vriezen zijn: Groenten die doorgaans rauw worden gegeten, zoals sla, radijsjes, eieren in de schaal, druiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, zure-melk, zure room, crème fraîche en mayonaise.

Pagina 74

nl

Vriesproducten verpakken

Verpak levensmiddelen luchtdicht, zodat deze geen smaak verliezen of uitdrogen.

Als verpakking geschikt:

Kunststoffolie, polyethyleen slangfolie, aluminiumfolie, invriesdozen.

Deze producten vindt u in de vakhandel.

Niet geschikt als verpakking: Pakpapier, perkament, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte plastic winkeltassen.

Geschikt voor het afsluiten zijn:

Rubber ringen, kunststof clips, koudebestendige tape, etc.

Zakken en slangfolie van poly-ethyleen kunnen met een folielasapparaat worden gelast.

Houdbaarheid van het diepvriesproduct

De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddel.

Bij een temperatuur van -18 °C:

Vis, wordt, bereide gerechten, brood en gebak:

tot max. 6 maanden.

Kaas, gevogelte, vlees:

tot max. 8 maanden.

Groenten, fruit:

tot max. 12 maanden.

Super-invriezen

Levensmiddelen moeten zo snel mogelijk tot de kern worden bevroren. Daardoor blijven vitamines, voedingswaarde, uiterlijk en smaak behouden.

Om te zorgen dat bij het plaatsen van verse levensmiddelen geen ongewenste temperatuurtoename ontstaat, moet enkele uren voor het plaatsen van verse waren de ”super-vriezen” functie worden ingeschakeld.

Over het algemeen is 4-6 uur voldoende.

Wanneer de maximale invriescapaciteit gebruikt moet worden, dan heeft men 24 uur nodig.

Kleine hoeveelheden levensmiddelen (ca. 10 % van de invriescapaciteit) kunnen zonder "super-vriezen" worden ingevroren.

Voor het in-/uitschakelen van het ”super-vriezen”de toets “super” fig. /5 indrukken.

De inbedrijfstelling wordt door het oplichten van de “super”‐indicatie aangegeven fig. /5. De vriezer werkt nu continu. In de vriezer wordt een lage temperatuur bereikt.

Het supervriessysteem wordt na 2 dag automatisch uitgeschakeld.

Pagina 75

Diepvriesproduct ontdooien

Afhankelijk van het soort en het gebruiksdoel kan worden gekozen uit de volgende mogelijkheden:

Bij kamertemperatuur,

in de koelkast,

in elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator,

in magnetron.

Aanwijzing!

Ontdooide waren niet weer invriezen. Pas na het bereiden (koken of braden) kan het opnieuw worden ingevroren.

De maximale bewaartijd van het product niet meer volledig opgebruiken.

Uitrusting van het apparaat

Voorvriesvak

Fig. /11 (niet bij alle modellen) In het voorvriesvak worden de verse levensmiddelen bijzonder snel en daarmee op de beste manier ingevroren. De levensmiddelen zo uitgespreid mogelijk op de bodem en tegen de zijwanden van het voorvriesvak leggen.

Mand

Fig. )

Voor het bewaren van kleine diepvriesproducten.

Wanneer manden op de boden van het apparaat geplaatst moeten worden, eerst de grepen verwijderen of naar binnen klappen.

nl

Indien nodig kunnen extra manden bij de vakhandel worden gekocht onder vermelding van het apparaattype Fig. ,.

Uitneembare scheidingswand

Fig (niet bij alle modellen) De scheidingswand, dat vers in te vriezen levensmiddelen in het vriesvak met al ingevroren levensmiddelen van het bewaarvak in aanraking komen.

Wanneer men deze er uit trekt en op de bodem van de vrieskist legt, kunnen kleine producten, bijv. aardbeien, snel en afzonderlijk worden ingevroren. Bij het ontdooien kan deze voor het opvangen van het dooiwater onder het afvoerkanaal worden gelegd.

Apparaat uitschakelen en stil zetten

Apparaat uitschakelen

Netstekker lostrekken of zekering uitschakelen.

Apparaat stil zetten

Wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt:

75

Pagina 76

nl

Ontdooien

Een ijslaag op de wanden verslechterd de koude-afgifte aan de diepvriesproducten en verhoogt het stroomverbruik. Verwijder regelmatig de ijslaag.

Algemene tips

Bij het plaatsen of uitnemen van producten de vriezer zo kort mogelijk openen.

De vrieskist niet in vochtige ruimtes plaatsen. Een hoge luchtvochtigheid bevordert de ijsafzetting.

Verse levensmiddelen zo veel mogelijk luchtdicht verpakken.

! Attentie

IJslaag niet met messen of scherpe voorwerpen verwijderen. U kunt daarmee de koelmiddelleidingen beschadigen. Ontsnappend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.

Apparaat ontdooien

Ca. 4 uur voor het ontdooien "super-vriezen" inschakelen, zodat de levensmiddelen extra koud worden ingevroren.

Daarna de diepvriesproducten uit de vrieskist nemen en in meerdere lagen krantenpapier of een deken wikkelen en op een koele plek bewaren.

Deksel open laten en de stekker uit het stopcontact halen.

Externe afvoerplug fig. '/1 er uit trekken, vlakke schaal of wanneer beschikbaar de scheidingswand van het apparaat fig. '/2 uit het apparaat nemen voor het opvangen van het dooiwater onder de dooiwaterafvoeropening plaatsen fig. '/3 en vervolgens de interne afvoerstop fig. '/4 er uit trekken.

Na het ontdooien het apparaat reinigen en van binnen droog maken.

Dooiwaterafvoer met beide stoppen afdichten, scheidingswand plaatsen, apparaat aansluiten en diepvriesproducten er weer in plaatsen.

Ontdooihulpmiddelen

Om het ontdooien te versnellen, kan om de ijslaag te verwijderen een kunststof spatel worden gebruikt

! Waarschuwing

Nooit elektrische apparaten, ontdooisprays, of open vuur voor het ontdooien gebruiken zoals verwarmingsapparaten, stoomreinigers, kaarsen, petroleumlampen, etc.

Geen pan met heet water in het apparaat plaatsen om het ontdooien te versnellen.

Pagina 77

Apparaat reinigen

De vrieskist kan handig na het ontdooien worden gereinigd.

! Attentie

Nooit het apparaat met een stoomreiniger reinigen!

Gebruik geen zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaak- en oplosmiddelen.

Gebruik geen schurende of krassende sponzen. Op metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.

Nooit onderdelen in de vaatwasser reinigen. De delen kunnen vervormen!

Het schoonmaakwater mag niet in het bedieningspaneel of de verlichting komen.

Ga als volgt te werk:

Koelelement (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.

nl

Energie besparen

Apparaat in een koele, droge, goed geventileerde ruimte plaatsen! Het apparaat mag niet direct in de zon of in de nabijheid van een warmtebron staan (bijv. radiator, open haard). Gebruik eventueel een isolatieplaat.

Warme levensmiddelen eerst laten afkoelen, dan in het apparaat zetten!

Plaats de diepvriesproducten voor het ontdooien in uw koelruimte. De koude van het diepvriesproduct gebruiken voor het koelen van levensmiddelen.

Apparaat zo kort mogelijk openen!

IJslaag in vrieskast verslechterd de koude-afgifte aan de producten en verhoogt het stroomverbruik. Apparaat bij ijsafzetting ontdooien!

Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, dient de achterkant van het apparaat af en toe gereinigd te worden.

Wanneer slechts gemiddelde hoeveelheden levensmiddelen (ca. 40 %-60 % van de maximale invriescapaciteit), dan kunnen de producten na 6 uur "super-vriezen" worden geplaatst en kan het "super-vriezen" worden uitgeschakeld.

Wanneer het apparaat slechts deels (bij apparaten met scheidingswand niet hoger dan de markering “e” op de scheidingswand) met levensmiddelen is gevuld, de spaarstand “eco” gebruiken.

Pagina 78: zie Storingen hierboven.

Pagina 79: zie hierboven.

Pagina 80: zie hierboven.

Inhoud

Meer handleidingen: Bosch vriezer