Bosch GSN51AWCV, tekst van de handleiding
Pagina's 16–28 van 28 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 16
nl Vriesvak
catie opnieuw de ingestelde temperatuur.
Vanaf dit moment wordt de warmste temperatuur opnieuw bepaald en in het geheugen opgeslagen. "alarm" brandt als de ingestelde temperatuur opnieuw is bereikt.
10 Vriesvak
In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.
De temperatuur is van −16 °C tot −26 °C instelbaar.
Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.
Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.
10.1 Invriescapaciteit
Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.
Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12
Voorwaarden voor invriesvermogen
- 1. Ca. 24 uur vóór het inladen van verse levensmiddelen, Supervriezen inschakelen.
"Handmatig Supervriezen inschakelen", Pagina 15
- 2. De levensmiddelen eerst in het bovenste vak bewaren.
- 3. Wanneer het bovenste vak niet groot genoeg is, de resterende hoeveelheid in het vak eronder inruimen.
10.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken
Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak kunt doen.
- 1. Alle uitrustingsdelen verwijderen. Pagina 18
- 2. De levensmiddelen rechtstreeks op de plateaus en de bodem van het vriesvak stapelen.
10.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak
Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt.
Breng in te vriezen levensmiddelen niet in aanraking met ingevroren levensmiddelen.
De levensmiddelen naast elkaar in de diepvriesladen leggen.
Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
10.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen
Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen.
Levensmiddelen per portie invriezen.
Bereide levensmiddelen zijn beter geschikt dan rauw eetbare levensmiddelen.
Groente vóór het invriezen wassen, kleiner maken en blancheren.
Fruit vóór het invriezen wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen.
Voor het invriezen geschikte levensmiddelen zijn bijv. bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, eieren zonder schaal,
Pagina 17
kaas, boter, kwark, kant-en-klaargerechten en etensresten.
Voor het invriezen ongeschikte levensmiddelen zijn bijv. kropsla, radijsjes, eieren met schaal, druiven, rode appels en peren, yoghurt, zure room, crème fraîche en mayonaise.
Diepvrieswaren verpakken
Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.
- 1. De levensmiddelen in de verpakking leggen.
- 2. De lucht eruit drukken.
- 3. De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.
- 4. De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.
10.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C
| Product | Bewaartijd |
|---|---|
| Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket | Tot 6 maanden |
| Gevogelte, vlees | Tot 8 maanden |
| Groente, fruit | Tot 12 maanden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18°C.
Ontdooien nl
10.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren
VOORZICHTIG
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.
- Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.
- Het voedsel pas na koken of braden opnieuw invriezen.
- De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
Dierlijke levensmiddelen in het koelvak ontdooien, bijv. vis, vlees, kaas en kwark.
Brood bij kamertemperatuur ontdooien.
Levensmiddelen voor directe consumptie in de magnetron, in de oven of op de kookplaat bereiden.
11 Ontdooien
11.1 Ontdooien in het vriesvak
Door het volledig automatische “NoFrost”-systeem blijft het vriesvak vorstvrij. Ontdooien is niet nodig.
12 Reiniging en onderhoud
De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.
12.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging
- 1. Het apparaat uitschakelen. Pagina 14
17
Pagina 18
nl Reiniging en onderhoud
- 2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- 3. Alle levensmiddelen eruit halen en op een koele plaats bewaren. Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.
- 4. Verwijder alle uitrustingsdelen en accessoires uit het apparaat.
Pagina 18
12.2 Apparaat schoonmaken
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.
- Het afwaswater mag niet in de verlichting of in de bedieningselementen terechtkomen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
- 1. Apparaat voorbereiden voor reiniging. Pagina 17
- 2. Het apparaat, de uitrustingsdelen, de accessoires en de deurafdichtingen met een vaatdoek, lauw water en een beetje pH-neutraal afwasmiddel reinigen.
- 3. Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
- 4. De uitrustingsdelen plaatsen.
- 5. Het apparaat elektrisch aansluiten. Pagina 10
- 6. Het apparaat inschakelen.
Pagina 13
- 7. Doe de levensmiddelen in het apparaat.
12.3 Onderdelen eruit halen
Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.
Klep van het vriesvak verwijderen
- 1. De daaronder liggende klep van het vriesvak openen of de daaronder liggende houder voor diepvriesproducten er uit nemen.
- 2. De houder aan één zijde losmaken en licht naar voren trekken .
Pagina 19
Storingen verhelpen nl
- 3. De houder aan de andere zijde losmaken en licht naar voren trekken.
- 4. De klep van het vriesvak naar voren verwijderen.
Diepvrieslade verwijderen
- 1. De diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. De diepvrieslade vooraan optillen en eruit halen .
Vriesvaklegplateau verwijderen
- Het vriesvaklegplateau uittrekken en verwijderen.
Verwijder ijsblokjesbereider
- 1. De diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken.
- 2. De klem aan de linkerkant van de lade door samendrukken losmaken en de ijsblokjesbereider verwijderen .
13 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Pagina 20
nl Storingen verhelpen
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. 1. Houd alarm 9 tot 11 seconden ingedrukt tot een geluidssignaal te horen is. 2. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt. |
| LED-verlichting functioneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| De koelmachine schakelt vaker en langer in. | Het apparaat is te vaak geopend. ▸ Open de apparaatdeur niet onnodig. |
| Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. | |
| Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. ▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat. ▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. ▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. |
Pagina 21
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| "E" of "d" verschijnt op het temperatuurdisplay. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14 2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. 3. Sluit het apparaat na 5 minuten weer aan. 4. Als de melding nog altijd verschijnt, neem dan contact op met de klantenservice. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| Het alarmsignaal is te horen. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Druk op alarm. Schakel het alarm uit. |
| Deur van het apparaat is open. ▸ Sluit de deur van het apparaat. | |
| Er klinkt een waarschuwingssignaal, het temperatuurdisplay knippert en "alarm" brandt. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Druk op alarm. Schakel het alarm uit. |
| Deur van het apparaat is open. ▸ Sluit de deur van het apparaat. | |
| Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. | |
| Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd. ▸ Overschrijd het vriesvermogen niet. "Invriescapaciteit", Pagina 16 | |
| "alarm" brandt en "PI" verschijnt op het temperatuurdisplay. | Stroom was uitgevallen. ▸ Druk op alarm. |
| Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer. | De deur van het vriesvak was te lang geopend. Er zit heel veel ijs op de verdamper (koudegenerator) in het NoFrost-systeem. Vereiste: De diepvrieswaren zijn goed geïsoleerd en worden op een koele plaats bewaard. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14 2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. 3. Breng het apparaat weg van de muur. |
Pagina 22
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer. | 4. Laat de deur van het apparaat open. Na ca. 20 minuten begint het dooiwater in de dooiwateropvangschaal aan de achterwand van het apparaat te lopen. 5. Om te voorkomen dat de dooiwateropvangschaal overloopt: het dooiwater met een spons opzuigen. De verdamper is ontdooid als er geen dooiwater meer in de dooiwateropvangschaal loopt. 6. Reinig de binnenruimte van het apparaat. Pagina 18 7. Schakel het apparaat weer in. Pagina 13 |
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14 2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. Pagina 13 ▸ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw. ▸ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw. |
| Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakgeluiden. | Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Het automatische ontdooisysteem treedt in werking. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat produceert geluiden. | Het apparaat staat niet waterpas. ▸ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas en de stelvoeten. |
| Apparaat is niet vrijstaand. ▸ Houd de minimum afstanden van het apparaat aan. Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. ▸ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. | |
| Serviesgoed raakt elkaar. ▸ Zet het serviesgoed verder uit elkaar. |
Pagina 23
Opslaan en afvoeren nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat produceert geluiden. | Supervriezen is ingeschakeld. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| 13.1 Stroomuitval | er een akoestisch signaal weer- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Tijdens een stroomuitval stijgt de klinkt.
temperatuur in het apparaat, hierdoor De apparaatzelftest start. verkort de bewaartijd en de kwaliteit Tijdens de apparaatzelftest weervan de diepvriesproducten vermin- klinkt tussendoor een lang akoes-dert. tisch signaal.
Op onze website van uw apparaat Wanneer na het einde van de ap-vindt in de technische gegevens de paraatzelftest 2 akoestische signa-bewaartijd van de diepvriesproducten len weerklinken en de temperatuurin geval van een storing. display de ingestelde temperatuur weergeeft, dan zijn de tempera-Opmerkingen tuursensoren van uw apparaat in Het apparaat tijdens een stroomuit- orde. Het apparaat gaat over op val zo weinig mogelijk openen en de normale werking.
geen andere levensmiddelen inrui- Als na het einde van de apparaatmen. zelftest 5 akoestische signalen De kwaliteit van de levensmiddelen klinken en "super" gedurende 10 onmiddellijk na de stroomuitval seconden knippert, neem dan concontroleren. tact op met de service.
- Diepvriesproducten die ontdooid en warmer dan 5 °C zijn, weg-
gooien. 14 Opslaan en afvoeren
- Licht ontdooide diepvriesproducten koken of bakken en ofwel 14.1 Apparaat buiten gebruik verbruiken of opnieuw invriezen. stellen
13.2 Apparaatzelftest uitvoeren
Uw apparaat beschikt over een apparaatzelftest, welke storingen weergeeft, die uw service kan verhelpen.
- 1. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 14
- 2. Het apparaat na 5 minuten opnieuw inschakelen. Pagina 13
- 3. Binnen 10 seconden na het inschakelen super gedurende 3 tot 5 seconden ingedrukt houden tot
- 1. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 14
- 2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- 3. Alle levensmiddelen verwijderen.
- 4. Het apparaat reinigen. Pagina 18
- 5. Om de ventilatie van het interieur te waarborgen het apparaat geopend laten.
23
Pagina 24
nl Servicedienst
14.2 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
WAARSCHUWING
Brandgevaar!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electri-
24
cal and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
15 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document
Pagina 25
Technische gegevens nl
over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
15.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
16 Technische gegevens
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps:// eprel.ec.europa.eu/ ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
Het aantal lichtbronnen is modelafhankelijk.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
25
Pagina's 26–27: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 28
Hartelijk dank voor uw aanschaf van een huishoudapparaat van Bosch!
Registreer nu uw nieuwe apparaat bij MyBosch en profiteer direct van:
- Slimme aanbevelingen en tips voor uw apparaat
- Opties voor verlenging van de garantie
- Kortingen op accessoires en reserveonderdelen
- Digitale gebruikershandleiding en alle apparaatgegevens onder handbereik
- Eenvoudige toegang tot de huishoudapparatenservice van Bosch
Gratis en eenvoudige registratie – ook op mobiele apparaten: www.bosch-home.com/welcome
Heeft u hulp nodig? Dan bent u hier aan
het juiste adres.
Voor deskundig advies over uw Bosch huishoudapparaten, hulp bij problemen of een reparatie door Bosch-experts.
Ervaar alles over de diverse manieren waarop Bosch u ondersteuning bieden: www.bosch-home.com/service
De contactgegevens van alle landen vindt u in het bijgevoegde service-overzicht.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34 81739 München, GERMANY www.bosch-home.com
A Bosch Company
*9002023779*
9002023779 (060423) nl