Bosch HBA537BS0, tekst van de handleiding
Pagina's 6–19 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–5verder op pagina 20 →
Pagina 6
nl Uw apparaat leren kennen
Functiekeuzeknop
Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in.
De functiekeuzeknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts en links draaien.
Afhankelijk van het apparaattype is de functiekeuzeknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de functiekeuzeknop drukken.
→ "Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 6
Temperatuurkiezer
Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur voor de verwarmingsmethode in en kiest u instellingen voor andere functies.
De temperatuurknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts draaien tot aan de aanslag, niet verder.
Afhankelijk van het apparaattype is de temperatuurknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de temperatuurknop drukken.
→ "Temperatuur en instelstanden", Pagina 7
4.2 Toetsen en display
Met de knoppen kunt u verschillende functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de instellingen.
Als een functie actief is, brandt het desbetreffende symbool op de display. Het kloksymbool licht alleen op als u de tijd verandert.
| Symbool | Functie | Gebruik |
|---|---|---|
| Tijdfuncties | Tijd , timer , tijdsduur en einde selecteren. Om de verschillende tijdfuncties te kiezen, meerdere keren op de toets drukken. Bij welke functie de instelling op het display wordt weergegeven, is te zien aan de rode balk boven of onder het desbetreffende symbool. | |
| Min Plus | Instelwaarden verlagen. Instelwaarden verhogen. | |
| Gewicht | Gewicht voor programma's kiezen. | |
| Kinderslot | Kinderslot activeren of deactiveren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
4.3 Verwarmingsmethoden en functies
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.
| Symbool | Verwarmingsmethode | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|
| 3D hetelucht | Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. | |
| Eco hetelucht | Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op een niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fases bereid met behulp van restwarmte. Kies een temperatuur tussen 120°C en 230°C. Houd de deur van het apparaat tijdens het garen gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt. | |
| Pizzastand | Pizza's of gerechten klaarmaken die warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. | |
| Onderwarmte | Gerechten nabakken of au bain-marie koken. De warmte komt van onderen. | |
| Grill, groot | Platte grillstukken, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. |
Pagina 7
Uw apparaat leren kennen nl
| Symbool | Verwarmingsmethode | Gebruik en werkwijze |
|---|---|---|
| Circulatiegrillen | Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. | |
| Boven- en onderwarmte | Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus. | |
| Meer functies | ||
| Hier vindt u | een overzicht van bijkomende functies van uw apparaat. | |
| Symbool | Functie | Gebruik |
| Snel voorverwarmen | De binnenruimte zonder accessoires snel voorverwarmen. → "Snel voorverwarmen", Pagina 10 | |
| Ovenlamp | De binnenruimte zonder verwarming verlichten. → "Verlichting", Pagina 8 | |
| Programma's | Geprogrammeerde instelwaarden voor verschillende gerechten gebruiken. → "Programma's", Pagina 12 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
4.4 Temperatuur en instelstanden
Bij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen.
Opmerking: Bij temperatuurinstellingen boven 250 °C verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 10 minuten tot ca. 240 °C. Als uw apparaat het verwarmingstype boven-/onderwarmte of onderwarmte heeft, vindt de temperatuurverlaging daar niet plaats.
| Symbool | Functie | Gebruik |
|---|---|---|
| Nulstand | Het apparaat warmt niet op. | |
| 50 - 275 | Temperatuurbereik | De temperatuur in °C in de binnenruimte instellen. |
| 1, 2, 3 of I, II, III | Grillstanden | De grillstanden instellen voor Grill, groot en Grill, klein (afhankelijk van het type apparaat). 1 = zwak 2 = gemiddeld 3 = sterk |
| Programma's | De programmafunctie instellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
Opwarmindicatie
Het apparaat geeft aan wanneer het opwarmt.
De lijn onderin het display wordt,naarmate de binnenruimte opgewarmd raakt, in 3 stappen van links naar rechts rood gevuld. Tijdens de opwarmingsfasen wordt de lijn één stap korter.
Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra de 3 velden van de lijn rood gevuld zijn.
Opmerking: Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.
→ "Accessoires", Pagina 8
Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.
De accessoires kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.
→ "Rekjes", Pagina 17
4.5 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Rekjes
U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte plaatsen.
Pagina 8
nl Accessoires
Zelfreinigende oppervlakken
De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben ze een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.
Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.
→ "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 16
Verlichting
De ovenlamp verlicht de binnenruimte.
Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting aan als het programma loopt. Wordt de werking met de functieschakelaar beëindigd, dan gaat de verlichting uit.
Met de stand Ovenlamp van de functiekeuzeknop kunt u de verlichting zonder verwarming inschakelen. Opmerking: De koelventilator draait ook bij de stand
Ovenlamp.
Koelventilator
De koelventilator schakelt tijdens gebruik automatisch in. De lucht ontsnapt via de deur.
LET OP!
Dek de ventilatiesleuven boven de deur van het apparaat niet af. Het apparaat raakt oververhit.
- Houd de ventilatiesleuven vrij.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat het apparaat na gebruik sneller afkoelt.
Apparaatdeur
Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking voortgezet.
5 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.
| Accessoires | Gebruik |
|---|---|
| Rooster | • Bakvormen • Ovenschalen • Vormen • Vlees, bijv. braad- of grillstukken • Diepvriesgerechten |
| Braadslede | • Vochtig gebak • Gebak • Brood • Grote braadstukken • Diepvriesgerechten • Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
5.1 Vergrendelingsfunctie
De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.
U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.
5.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven
Het accessoire altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.
- 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst.
- 2. Het accessoire altijd tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte plaatsen.
Pagina 9
Voor het eerste gebruik nl
| Rooster | Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven. |
| Plaat bijv. braadslede of bakplaat | De plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
- 3. Het accessoire volledig inschuiven, zodat deze de apparaatdeur niet raakt.
Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.
Accessoires combineren
Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.
- 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beide afstandshouders achter op de rand van de braadslede liggen.
- 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbij boven de bovenste geleidingsstang.
Rooster op braadslede
5.3 Meer accessoires
Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.
U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:
www.bosch-home.com
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Eerste gebruik
U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.
Tijd instellen
Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.
Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.
- 1. De tijd met de toets of instellen.
- 2. Op de toets drukken.
- Het display toont de ingestelde tijd.
Tip: Of de tijd op het display wordt weergegeven, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 14 vastleggen.
6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- 1. De accessoires en de verpakkingsresten zoals piepschuimbolletjes uit de binnenruimte verwijderen.
- 2. Vóór het voorverwarmen de gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek afvegen.
- 3. Zolang het apparaat opwarmt, de ruimte ventileren.
- 4. De verwarmingsmethode en de temperatuur instellen.
→ "De Bediening in essentie", Pagina 10
| Verwarmingsmethode | 3D hetelucht |
|---|---|
| Temperatuur | maximaal |
| Bereidingstijd | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
- 5. Het apparaat na de opgegeven duur uitschakelen.
- 6. Wachten tot de binnenruimte is afgekoeld.
- 7. De gladde oppervlakken met zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel reinigen.
Pagina 10
nl De Bediening in essentie
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
- De functiekeuzeknop op een stand buiten de nulstand draaien.
- Het apparaat is ingeschakeld.
7.2 Machine uitschakelen
- De functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
- Het apparaat is uitgeschakeld.
7.3 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen
- 1. De verwarmingsmethode met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. De temperatuur of grillstand met de temperatuurknop instellen.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.
- 3. Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
Tips
- De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.
→ "Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 6
- U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.
→ "Tijdfuncties", Pagina 10
Verwarmingsmethode wijzigen
U kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen.
- De gewenste verwarmingsmethode met de functiekeuzeknop instellen.
Temperatuur wijzigen
U kunt de temperatuur altijd wijzigen.
- De gewenste temperatuur met de temperatuurknop instellen.
8 Snel voorverwarmen
Om tijd te besparen kunt u met de functie snel voorverwarmen de opwarmtijd verkorten.
Gebruik snel voorverwarmen alleen bij ingestelde temperaturen van boven de 100 °C.
Na het snel voorverwarmen het best volgende verwarmingsmethoden gebruiken:
3D hetelucht
Boven- en onderwarmte
8.1 Snel voorverwarmen instellen
Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.
- 1. Snel voorverwarmen met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. De gewenste temperatuur met de temperatuurknop instellen.
- Na enkele seconden start het snel voorverwarmen.
- Als het snel voorverwarmen eindigt, klinkt een signaal en dooft de indicatie voor voorverwarmen.
- 3. Een geschikte verwarmingsmethode met de functiekeuzeknop instellen.
- 4. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen.
9 Tijdfuncties
Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.
9.1 Overzicht van de tijdfuncties
Met de toets kiest u de verschillende tijdfuncties.
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Wekker | De wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet. |
| Tijdsduur | Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Einde | Voor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op de gewenste tijd klaar is. |
| Tijd | U kunt de tijd instellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
9.2 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. De timertijd met de knop of instellen.
Pagina 11
Tijdfuncties nl
| Toets | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| 5 minuten | |
| 10 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30 seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is.
- Na enkele seconden start de timer en loopt de timertijd af.
- Als de timer verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de timertijd op nul.
- 3. Wanneer de timertijd is verstreken:
‒ Druk op een willekeurige toets om de timer uit te schakelen.
Wekker wijzigen
U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De wekkertijd met de toets of wijzigen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Wekker afbreken
U kunt de wekkertijd altijd afbreken.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De wekkertijd met de toets weer op nul zetten.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen en gaat uit.
9.3 Tijdsduur instellen
De duur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.
Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. De duur met de toets of instellen.
| Toets | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| 10 minuten | |
| 30 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.
- Als de duur verstreken is, weerklinkt een signaal en op het display staat de duur op nul.
- 3. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal vroegtijdig te beëindigen, op een willekeurige toets drukken.
‒ Om opnieuw een duur in te stellen, op de toets drukken.
‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur altijd wijzigen.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De duur met de toets of wijzigen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Tijdsduur afbreken
U kunt de duur altijd afbreken.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- De duur met de toets weer op nul zetten.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en wordt zonder duur verder opgewarmd.
9.4 Einde instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.
Opmerkingen
- Bij verwarmingssoorten met grillfunctie kan het einde niet worden ingesteld.
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
- Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- Er is een tijdsduur ingesteld.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. Druk op de knop of .
- Het display toont het berekende einde.
- 3. Het einde met de knop of verplaatsen.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de instelling over en het display toont het ingestelde einde.
- Als de berekende starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt.
- Als de tijdsduur verstreken is, weerklinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal vroegtijdig te beëindigen, op een willekeurige knop drukken.
‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op de knop drukken.
‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
Einde wijzigen
Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen als de werking start en de duur verstrijkt.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- Het einde met de toets of verplaatsen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
Einde afbreken
U kunt het ingestelde einde altijd wissen.
Vereiste: Op het display is gemarkeerd.
- Het einde met de toets naar de actuele tijd plus ingestelde duur terugzetten.
- Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en begint het apparaat op te warmen. De tijdsduur loopt af.
Pagina 12
nl Programma's
9.5 Tijd instellen
Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.
Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.
- 1. De tijd met de toets of instellen.
- 2. Op de toets drukken.
- Het display toont de ingestelde tijd.
Tip: Of de tijd op het display wordt weergegeven, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 14 vastleggen.
Tijd wijzigen
U kunt de tijd altijd wijzigen.
Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.
- 1. Druk net zo vaak op de knop totdat op het display is gemarkeerd.
- 2. De tijd met de toets of wijzigen.
- Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.
10 Programma's
Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
10.1 Vormen voor programma's
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.
Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium
- Niet geglazuurde klei
- Kunststof of kunststof grepen
10.2 Programmatabel
De programmanummers zijn aan bepaalde gerechten toegewezen. Het gewicht kan in een bereik tussen 0,5 kg en 2,5 kg worden ingesteld.
| Nr. | Gerecht | Vormen | Instelgewicht | Vloeistof toevoegen | Inschuif-hoogte | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 01 | Kip, ongevuld panklaar, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht kip | nee | 2 | met de borst naar boven in de vorm leggen |
| 02 | Kalkoenfilet van het stuk, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht kalkoenfilet | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 03 | Eenpansgerecht, met groente vegetarisch | hoge braadpan met deksel | Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten) |
| 04 | Goulash Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente | hoge braadpan met deksel | Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden |
| 05 | Gebraden gehakt, vers Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees | Braadpan met deksel | Gewicht gehakt | nee | 2 | - |
Pagina 13
Programma's nl
| Nr. | Gerecht | Vormen | Instelgewicht | Vloeistof toevoegen | Inschuif-hoogte | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 06 | Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vlees | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Vlees met vloeistof bedekken | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 07 | Runderrollade gevuld met groente of vlees | Braadpan met deksel | Gewicht van alle gevulde rollades | Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 08 | Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruid | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 09 | Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeau | Braadpan met deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 10 | Gebraden varkensnek zonder been, gekruid | Braadpan met glazen deksel | Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
10.3 Gerecht voor programma voorbereiden
Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.
- 1. Het gerecht wegen.
Het gewicht van het gerecht is nodig om het programma juist in te stellen.
- 2. Het gerecht in de vorm doen.
- 3. De vorm op het rooster plaatsen.
Plaats de vorm altijd in de onverwarmde binnenruimte.
10.4 Programma instellen
Het apparaat kiest het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur. U hoeft alleen het gewicht in te stellen.
Opmerkingen
- Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
- Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer veranderen.
- 1. Programma's met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. Programma's met de temperatuurknop instellen.
- 3. Het gewenste programma met de toets of instellen.
- 4. Op de toets drukken.
- 5. Het gewicht van uw gerecht met de toets of instellen. Altijd op het volgende hogere gewicht instellen.
‒ Het display toont de berekende tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
‒ Bij sommige programma's kan het einde met de toets worden verschoven.
→ "Einde instellen", Pagina 11 ‒ Om het programma te wijzigen, op de toets drukken.
- Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.
- Als het programma is beëindigd, weerklinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 6. Als het programma is beëindigd:
‒ Om het signaal vroegtijdig te beëindigen, op een willekeurige toets drukken.
‒ Om een duur voor het nagaren in te stellen, op de toets drukken. Het apparaat warmt verder op met de instelling van het programma.
‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
Pagina 14
nl Kinderslot
11 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
Opmerkingen
- Of het kinderslot kan worden ingesteld, kunt u in de basisinstellingen → Pagina 14 instellen.
- Na een stroomuitval is het kinderslot gedeactiveerd.
11.1 Kinderslot activeren en deactiveren
Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .
- Om het kinderslot te activeren, de knop ingedrukt houden, tot in het display verschijnt.
‒ Om het kinderslot te deactiveren, de toets ingedrukt houden tot op het display dooft.
12 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
12.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
| Indicatie | Basisinstelling | Keuze |
|---|---|---|
| Indicatie van de tijd | = tijdsweergave uit = tijd weergeven¹ | |
| Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekkertijd | = 10 seconden = 30 seconden¹ = 2 minuten | |
| Toetssignaal bij het indrukken van een toets | = uit = aan¹ | |
| Nalooptijd van de koelventilator | = kort = gemiddeld = lang¹ = extra lang | |
| Wachttijd totdat een instelling is overgenomen | = 3 seconden¹ = 6 seconden = 10 seconden | |
| Kinderslot instelbaar | = nee = ja¹ | |
| Waterhardheid² | = onthard = zacht (tot 1,5 mmol/l) = gemiddeld (1,5 - 2,5 mmol/l) = hard (2,5 - 3,8 mmol/l) = zeer hard (> 3,8 mmol/l)¹ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
2 Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie
12.2 Basisinstelling wijzigen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. De toets ca. 4 seconden lang ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling, bijv. .
- 2. De instelling met de toets of wijzigen.
- 3. Met de toets naar de volgende basisinstelling gaan.
- 4. Om wijzigingen op te slaan, de toets ca. 4 seconden lang ingedrukt houden.
Opmerking: Na een stroomonderbreking worden de basisinstellingen naar de fabrieksinstelling teruggezet.
12.3 Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken
- De functiekeuzeknop draaien.
- Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
Pagina 15
Reiniging en onderhoud nl
13 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
13.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 16
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | • Warm zeepsop • Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken | Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | • Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | • Warm zeepsop | Gebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 18 |
| Deurafscherming | • Van roestvaststaal: RVS-reiniger • Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 18 |
| Deurgreep | • Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen. |
| Deurafdichting | • Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
Pagina 16
nl Reiniging en onderhoud
Binnenruimte
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Emaillen oppervlakken | • Warm zeepsop • Azijnwater • Ovenreiniger | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten. Opmerkingen • Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. • De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. • Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Zelfreinigende oppervlakken | - | Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. → "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 16 |
| Glazen kapje van de ovenlamp | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 17 |
| Accessoires | • Warm zeepsop • Ovenreiniger | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
13.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 15
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 15
- 2. Drogen met een zachte doek.
13.3 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen
De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken spetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af. Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.
LET OP!
Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.
- Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlekken zichtbaar zijn, de ovenruimte opwarmen.
- Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. → "Rekjes", Pagina 17
- 3. Grove verontreinigingen met zeepsop en een zachte doek verwijderen:
- van de gladde emaillen oppervlakken
- van de apparaatdeur binnen
Pagina 17
Reinigingsondersteuning nl
- van de glazen afdekplaat van de ovenlamp Zo voorkomt u niet verwijderbare vlekken.
- 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
- 5. 3D hetelucht met de functiekeuzeknop instellen.
- 6. Maximale temperatuur met de temperatuurknop instellen.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.
- 7. Na 1 uur het apparaat uitschakelen.
- 8. Wanneer het apparaat goed is afgekoeld, de binnenruimte met een vochtige doek afnemen.
Opmerking: Op de zelfreinigende oppervlakken kunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en eiwitten in levensmiddelen worden niet afgebroken en blijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtige vlekken zijn resten van zouthoudende levensmiddelen, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn niet gevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebben geen invloed op het reinigende vermogen van de zelfreinigende oppervlakken.
- 9. De rekjes inhangen.
→ "Rekjes", Pagina 17
14 Reinigingsondersteuning
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning maakt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop los. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
14.1 Reinigingsondersteuning instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.
- 1. Verwijder de accessoires uit de binnenruimte.
- 2. 0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten.
Gebruik geen gedestilleerd water.
- 3. De verwarmingsmethode Onderwarmte met de functiekeuzeknop instellen.
- 4. 80°C met de temperatuurknop instellen.
- 5. Op de toets drukken tot op het display is gemarkeerd.
- 6. De duur met de toets of op 4 minuten instellen.
- Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.
- Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 7. Het apparaat uitschakelen en de binnenruimte ca. 20 minuten laten afkoelen.
14.2 Binnenruimte nareinigen
LET OP!
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingsondersteuning de binnenruimte uitvegen en volledig laten drogen.
Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.
- 1. De deur van het apparaat openen en het restwater met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte schoonmaken met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 3. Kalkranden verwijderen met een in azijn gedrenkte doek. Vervolgens met helder water afnemen en droogwrijven met een zachte doek, ook onder de deurdichting.
- 4. Als de binnenruimte voldoende is gereinigd:
‒ Om de binnenruimte te laten drogen, de deur van het apparaat in grendelstand (ca. 30°) ca. 1 uur openen.
‒ Om de binnenruimte snel te drogen, het apparaat met een geopende deur ca. 5 minuten met 3D hetelucht en 50 °C opwarmen.
15 Rekjes
en verwijderen.
Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.
15.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken
Pagina 18
nl Apparaatdeur
- 3. Het rekje reinigen.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 15
15.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
- De rekjes passen alleen links of rechts.
- Let er bij beide rekjes op dat de gebogen stangen aan de voorkant zitten.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
16 Apparaatdeur
Om ervoor te zorgen dat uw apparaat lang mooi blijft en goed blijft werken, kunt u de deur van het apparaat er uit halen en reinigen.
16.1 Apparaatdeur verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
2.
•
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de
| apparaatdeur helemaal De blokkeerhendel op het nier opklappen. | opengeklapt. linker en rechter schar- |
| Blokkeerhendel opgeklapt | Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen. |
| Blokkeerhendel dichtgeklapt | De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
De blokkeerhendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
Pagina 19
Apparaatdeur nl
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op en vlakke ondergrond leggen.
16.2 Apparaatdeur inhangen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur recht op de beide scharnieren schuiven . De deur van het apparaat tot aan de aanslag schuiven.
- 2. De apparaatdeur helemaal openen.
- 3. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen .
- De blokkeerhendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 4. De apparaatdeur sluiten.
16.3 Ruit van de deur verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen .
- De blokkeerhendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten .
- 4. De deurafdekking links en rechts van buiten drukken , tot deze losklikt.
- 5. De deurafdekking verwijderen .
- 6. De binnenruit eruit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.