naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch HBG537BB3, tekst van de handleiding

Pagina's 5–17 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–4verder op pagina 18 →

Pagina 5

Milieubescherming en besparing nl

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.

Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.

Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanente verkleuringen ontstaan.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het recept of de instellingsadviezen dat aangeven.

"Zo lukt het", Pagina 23

Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan bespaart u tot wel 20% energie.

Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen.

Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op.

Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.

De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.

Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bakken.

De binnenruimte is na de eerste keer bakken opgewarmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat vervolgens wordt gebakken korter.

Bij langere bereidingstijden het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. De restwarmte is voldoende om het gerecht verder te bereiden.

Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.

Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te worden.

Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooi- en.

Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voedsel te ontdooien.

Opmerking: Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzake ecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakelde toestand sprake van een andere toestand. Deze wordt hierna als spaarstand aangeduid.

Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het apparaat energie nodig voor:

Detectie van de bediening van de sensortoetsen Bewaking van de deuropening

Bewerking van de tijd (zonder display) Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nog van een "standby-stand", en daarom wordt de aanduiding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaarstand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden gebruikt.

4 Uw apparaat leren kennen

4.1 Bedieningselementen

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

5

Pagina 6

nl Uw apparaat leren kennen

Functiekeuzeknop

Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in.

De functiekeuzeknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts en links draaien.

Afhankelijk van het apparaattype is de functiekeuzeknop verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de functiekeuzeknop drukken.

"Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 6

1 Knoppen en display

De knoppen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Om een functie te kiezen, slechts licht op het betreffende veld drukken.

Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien.

"Knoppen en display", Pagina 6

Temperatuurknop

Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur voor de verwarmingsmethode in en kiest u instellingen voor andere functies.

De temperatuurknop kunt u vanuit de nulstand naar rechts draaien tot aan de aanslag, niet verder. Afhankelijk van het apparaattype kan de temperatuurknop worden verzonken. Voor het vergrendelingen of ontgrendelingen in de nulstand op de temperatuurknop drukken.

"Temperatuur en instelstanden", Pagina 7

4.2 Knoppen en display

Met de knoppen kunt u verschillende functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de instellingen. Als een functie actief is, brandt het desbetreffende symbool op de display. Het kloksymbool licht alleen op als u de tijd verandert.

SymboolFunctie
Tijd , timer , tijdsduur en einde selecteren.
Om de verschillende tijdfuncties te kiezen, meerdere keren op de toets drukken. "Tijdfuncties", Pagina 10
Instelwaarden verlagen. Instelwaarden verhogen.
Gewicht voor programma's kiezen. "Programma's", Pagina 12
Om het kinderslot te activeren of te deactiveren, ca. 3 seconden ingedrukt houden. "Kinderslot", Pagina 13

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

4.3 Verwarmingsmethoden en functies

Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen.

SymboolVerwarmingsmethodeGebruik en werkwijze
3D-heteluchtOp één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Eco heteluchtGekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.
Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de restwarmte. Kies een temperatuur tussen 120 °C en 230 °C.
Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)

Pagina 7

Uw apparaat leren kennen nl

SymboolVerwarmingsmethodeGebruik en werkwijze
PizzastandPizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld.
OnderwarmteGerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen.
Grill, groot oppervlak Grillstanden:
1 = laag
2 = gemiddeld
3 = hoog
Platte producten, zoals groenten, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet.
CirculatiegrillenGevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden.
Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Boven- en onderwarmteTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking.
De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen.
Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Overige functies

Hier vindt u een overzicht over andere functies op de functiekeuzeknop of in het menu van uw apparaat.

SymboolFunctieGebruik
Snel voorverwarmenHet kookcompartiment zonder accessoires snel voorverwarmen. "Snel voorverwarmen", Pagina 10
VerlichtingDe kookcompartiment zonder verwarming verlichten. "Verlichting", Pagina 8
Programma'sGeprogrammeerde instelwaarden voor verschillende gerechten gebruiken. "Programma's", Pagina 12

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

4.4 Temperatuur en instelstanden

Bij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen.

Opmerking: Bij temperatuurinstellingen boven 250 °C verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 10 minuten tot ca. 240 °C. Als uw apparaat het verwarmingstype boven-/onderwarmte of onderwarmte heeft, vindt de temperatuurverlaging daar niet plaats.

SymboolFunctieGebruik
NulstandHet apparaat warmt niet op.
50 - 275TemperatuurbereikDe temperatuur in °C in de binnenruimte instellen.
1, 2, 3 of
I, II, III
GrillstandenDe grillstanden instellen Grill, groot oppervlak 1 = laag
2 = gemiddeld
3 = hoog
Programma'sDe programmafunctie instellen. "Programma's", Pagina 12

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Opwarmindicatie

Het apparaat geeft aan wanneer het opwarmt.

De lijn onderin het display wordt,naarmate de binnenruimte opgewarmd raakt, in 3 stappen van links naar rechts rood gevuld. Tijdens de opwarmingsfasen bij gebruik wordt de lijn één stap korter.

Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra de 3 velden van de lijn rood gevuld zijn.

Opmerking: Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.

4.5 Binnenruimte

Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.

Rekjes

U kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rekjes in de binnenruimte schuiven.

Pagina 8

nl Accessoires

Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.

De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijderen.

"Rekjes", Pagina 20

Verlichting

De ovenlamp verlicht de binnenruimte.

Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting aan als het programma loopt. Bij het beëindigen van de werking schakelt de verlichting uit.

Met de stand ovenlamp op de functiekeuzeschakelaar kunt u de verlichting zonder verwarming inschakelen. De koelventilator draait ook bij de stand ovenlamp .

Koelventilator

De koelventilator schakelt tijdens gebruik automatisch in. De lucht ontsnapt via de deur.

LET OP

Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit.

Zelfreinigende oppervlakken

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben ze een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.

Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

"Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 16

Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit het kookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilator na bedrijf nog een bepaalde tijd na.

Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisinstellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten bereidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan stelt u een langere nalooptijd in.

"Basisinstelingen", Pagina 13

Apparaatdeur

Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking voortgezet.

5 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.

Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld.

De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.

AccessoiresGebruik
RoosterBakvormen
Ovenschalen
Servies
Vlees, bijv. braad- of grillstukken Diepvriesgerechten
BraadsledeVochtig gebak
Gebak
Brood
Grote braadstukken
Diepvriesgerechten
Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bij het grillen op het rooster.
BakplaatPlaatgebak
Kleine bakwaren

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

Voor het eerste gebruik nl

5.1 Vergrendelingsfunctie

De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoires kantelen wanneer ze worden uitgetrokken.

U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken, tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert alleen wanneer u het accessoire op de juiste manier in de binnenruimte schuift.

5.2 Accessoire in de binnenruimte schuiven

Het toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder te kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken.

RoosterHet rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven.
Plaat bijv. braadslede of bakplaatDe plaat met de afschuining gericht naar de ovendeur in de oven schuiven.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combineren

Om afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het rooster in combinatie met de braadslede gebruiken.

Rooster op braadslede

5.3 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

www.bosch-home.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

6 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

6.1 Eerste gebruik

U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.

Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Het display toont de ingestelde tijd.

6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

Verwarmingsmethode3D-hetelucht
Temperatuurmaximaal
Tijdsduur1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

9

Pagina 10

nl De Bediening in essentie

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen en uitschakelen

7.2 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.

Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

"Verwarmingsmethoden en functies", Pagina 6

Opmerking: U kunt op het apparaat de tijdsduur en het einde voor de werking instellen.

"Tijdfuncties", Pagina 10

Verwarmingsmethode wijzigen

U kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Temperatuur wijzigen

U kunt de temperatuur altijd wijzigen.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

8 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen kunt u met de functie snel voorverwarmen de opwarmtijd verkorten.

8.1 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Na enkele seconden start het snel voorverwarmen. Als het snel voorverwarmen eindigt, klinkt een signaal en dooft de indicatie voor voorverwarmen.

De meest geschikte verwarmingsmethoden zijn:

9 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

9.1 Overzicht van de tijdfuncties

Met de knop kiest u de verschillende tijdfuncties.

TijdfunctieGebruik
TimerDe timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Deze beïnvloedt het apparaat niet.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

TijdfunctieGebruik
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.
TijdU kunt de tijd instellen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Pagina 11

Tijdfuncties nl

9.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

KnopVoorgestelde waarde
5 minuten
10 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30 seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is.

Na enkele seconden start de timer en loopt de timertijd af.

Wanneer de timertijd is verstreken, klinkt een signaal en op het display staat de timertijd op nul.

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Wekker afbreken

U kunt de timertijd altijd afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen en gaat uit.

9.3 Tijdsduur instellen

De tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

KnopVoorgestelde waarde
10 minuten
30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten.

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

9.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Bij verwarmingssoorten met grillfunctie kan het einde niet worden ingesteld.

Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.

Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.

Vereisten

Een verwarmingsmethode en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

Er is een tijdsduur ingesteld.

Het display toont het berekende einde.

Na enkele seconden neemt het apparaat de instelling over en het display toont het ingestelde einde. Als de berekende starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

Einde wijzigen

Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen totdat de werking start en de tijdsduur verstrijkt.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde altijd wissen.

Vereiste: Op het display is gemarkeerd.

11

Pagina 12

nl Programma's

Na enkele seconden neemt het apparaat de wijziging over en begint het apparaat op te warmen. De tijdsduur loopt af.

9.5 Tijd instellen

Na de aansluiting van het apparaat of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. De tijd start bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Het display toont de ingestelde tijd.

Tijd wijzigen

U kunt de tijd altijd wijzigen.

Vereiste: De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan.

Na enkele seconden wordt de wijziging door het apparaat overgenomen.

10 Programma's

Met de programma's helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

10.1 Vormen voor programma's

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C.

Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium

Niet geglazuurde klei

Kunststof of kunststof grepen

10.2 Programmatabel

De programmanummers zijn aan bepaalde voedingswaren toegewezen.

Nr.VoedingswaarServiesInstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
01Kip, ongevuld panklaar, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kipnee2met de borst naar boven in de vorm leggen
02Kalkoenfilet van het stuk, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht kalkoenfiletBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
03Eenpansgerecht, met groente vegetarischhoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten)
04Goulash
Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente
hoge braadpan met dekselTotaalgewichtvolgens recept2Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden
05Gebraden gehakt, vers
Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees
Braadpan met dekselGewicht gehaktnee2-
06Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vleesBraadpan met dekselGewicht van het vleesVlees met vloeistof bedekken2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Pagina 13

Kinderslot nl

Nr.VoedingswaarServiesInstelgewichtVloeistof toevoegenInschuif-hoogteAanwijzingen
07Runderrollade gevuld met groente of vleesBraadpan met dekselGewicht van alle gevulde rolladesVleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water2Het vlees niet eerst aanbraden
08Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruidBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
09Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeauBraadpan met dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden
10Gebraden varkensnek zonder been, gekruidBraadpan met glazen dekselGewicht van het vleesBodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen2Het vlees niet eerst aanbraden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)

10.3 Programma instellen

Opmerking: Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer wijzigen.

Altijd op het volgende hogere gewicht instellen. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.

Het display toont de berekende tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.

Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.

Wanneer het programma is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

11 Kinderslot

Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.

11.1 Kinderslot activeren en deactiveren

Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .

Opmerking: Na een stroomuitval is het kinderslot gedeactiveerd.

12 Basisinstellingen

U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.

Pagina 14

nl Reiniging en onderhoud

12.1 Overzicht van de basisinstellingen

Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.

IndicatieBasisinstellingKeuze
Weergave van de tijd= Tijdsweergave uit = Tijd weergeven ¹
Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of timertijd= 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten
Geluidssignaal bij het indrukken van een knop= uit = aan ¹
Nalooptijd van de koelventilator= kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang
Wachttijd totdat een instelling is overgenomen= 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden
Kinderslot instelbaar= nee = ja ¹
Waterhardheid ²= onthard = zacht (tot 1,5 mmol/l) = gemiddeld (1,5 - 2,5 mmol/l) = hard (2,5 - 3,8 mmol/l) = zeer hard (> 3,8 mmol/l) ¹

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

12.2 Basisinstelling wijzigen

Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.

Opmerking: Na een stroomonderbreking worden de basisinstellingen naar de fabrieksinstelling teruggezet.

Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken

Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.

13 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

13.1 Reinigingsmiddelen

Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)

2 Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie

14 LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.

Pagina 15

Reiniging en onderhoud nl

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

13.2 Geschikte schoonmaakmiddelen

Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.

Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.

Voorzijde van het apparaat

OppervlakGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RVSWarm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden.
Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen.
Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneelWarm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Apparaatdeur
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Ruiten van de deurWarm zeepsop RVS-spiraalsponsGebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 17
DeurafschermingVan roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof:
Warm zeepsop
Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat.
Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 17
DeurgreepWarm zeepsopOm vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen.
DeurafdichtingWarm zeepsopNiet afnemen en niet schuren.
Binnenruimte
GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
Emaille oppervlakkenWarm zeepsop Azijnwater
Ovenreiniger RVS-spiraalspons
Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken.
Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open.
Opmerkingen
Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen.
Zelfreinigende oppervlakken-Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen", Pagina 16
Glazen kapje van de ovenlampWarm zeepsopGebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

Pagina 16

nl Reinigingsondersteuning

GebiedGeschikte schoonmaakmiddelenAanwijzingen
RekjesWarm zeepsop RVS-spiraalsponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken.
Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen.
"Rekjes", Pagina 20
ToebehorenWarm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalsponsBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken.
Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

13.3 Apparaat schoonmaken

Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.

"Reinigingsmiddelen", Pagina 14

"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 15

13.4 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen

De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken spetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af. Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.

LET OP

Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.

"Rekjes", Pagina 20

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen.

Opmerking: Op de zelfreinigende oppervlakken kunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en eiwitten in levensmiddelen worden niet afgebroken en blijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtige vlekken zijn resten van zouthoudende levensmiddelen, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn niet gevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebben geen invloed op het reinigende vermogen van de zelfreinigende oppervlakken.

"Rekjes", Pagina 20

14 Reinigingsondersteuning

De Reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor het tussendoor reinigen van het kookcompartiment. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.

14.1 Reinigingsondersteuning instellen

WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!

Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.

Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.

Pagina 17

Apparaatdeur nl

Gebruik geen gedestilleerd water.

Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.

Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.

14.2 Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen

LET OP

Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

15 Apparaatdeur

Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.

15.1 Apparaatdeur verwijderen

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.

Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.

Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.

De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen.

Blokkeerhendel opgeklapt

Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.

Blokkeerhendel dichtgeklapt

De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.

De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.

← pagina's 2–4verder op pagina 18 →Inhoud