Bosch HBG578EB7, tekst van de handleiding
Pagina's 14–28 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–13verder op pagina 29 →
Pagina 14
nl Programma's
| Nr. | Gerecht | Vormen | Gewichtsbereik Instelgewicht | Vloeistof toevoegen | Inschuif-hoogte | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| ongeschilde, kruimige aardappels | ||||||
| 09 | Eenpansgerecht, met groente vegetarisch | hoge braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Groente met een lange bereidingstijd (bijv. wortelen) in kleinere stukken snijden dan groente met een korte bereidingstijd (bijv. tomaten) |
| 10 | Eenpansgerecht, met vlees | hoge braadpan met deksel | 0,5-3,0 kg Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 11 | Goulash Rund- of varkensvlees in blokjes, met groente | hoge braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Totaalgewicht | volgens recept | 2 | Eerst het vlees erin doen en daarop de groente leggen Het vlees niet eerst aanbraden |
| 12 | Vis, heel panklaar, gekruid | Braadpan met deksel | 0,3-1,5 kg Gewicht van de vis | Bodem van de braadpan bedekken | 2 | - |
| 13 | Kip, ongevuld panklaar, gekruid | Braadpan met glazen deksel | 0,6-2,5 kg Gewicht kip | nee | 2 | met de borst naar boven in de vorm leggen |
| 14 | Stukken kip panklaar, gekruid | Braadpan met deksel | 0,1-0,8 kg Gewicht van het zwaarste deel | Bodem van de braadpan bedekken | 2 | - |
| 15 | Kalkoenfilet van het stuk, gekruid | Braadpan met glazen deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht kalkoenfilet | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | - |
| 16 | Eend, ongevuld panklaar, gekruid | Braadpan zonder deksel | 1,0-2,7 kg Gewicht eend | nee | 2 | - |
| 17 | Gans, niet gevuld panklaar, gekruid | Braadpan zonder deksel | 2,5-3,5 kg Gewicht gans | nee | 2 | - |
| 18 | Gestoofd rundvlees bijv. klapstuk, schouderstuk, fricandeau of gemarineerd vlees | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | Vlees met vloeistof bedekken | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 19 | Rosbief, medium panklaar, gekruid | Braadpan zonder deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | nee | 2 | met de vetzijde naar boven in de vorm leggen Het vlees niet eerst aanbraden |
| 20 | Runderrollade gevuld met groente of vlees | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van alle gevulde rollades | Vleesrolletjes bedekken bijv. met bouillon of water | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 21 | Gebraden gehakt, vers Gehakt van rund-, varkens- of lamsvlees | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht gehakt | nee | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
Pagina 15
Programma's nl
| Nr. | Gerecht | Vormen | Gewichtsbereik Instelgewicht | Vloeistof toevoegen | Inschuif-hoogte | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 22 | Lamsbout, medium zonder been, gekruid | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 23 | Lamsbout, doorbakken zonder been, gekruid | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 24 | Gebraden kalfsvlees, doorregen bijv. rug of heup | Braadpan met deksel | 0,5-3,0 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 25 | Gebraden kalfsvlees, mager bijv. lendestuk of fricandeau | Braadpan met deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 26 | Reebout zonder been, gezouten | Braadpan met deksel | 0,5-2,0 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | - |
| 27 | Konijn, heel panklaar, gekruid | Braadpan met glazen deksel | 1,0-2,5 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | - |
| 28 | Gebraden varkensnek zonder been, gekruid | Braadpan met glazen deksel | 0,5-3,0 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
| 29 | Gebraden varkensvlees met korstje bijv. schouder, gekruid en zwoerd ingesneden | Braadpan met glazen deksel | 0,5-3,0 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | met de kant van het vet naar boven in de vorm leggen, het zwoerd goed zouten |
| 30 | Gebraden varkenshaas gekruid | Braadpan met glazen deksel | 0,5-2,5 kg Gewicht van het vlees | Bodem van de braadpan bedekken, eventueel tot 250 g groente toevoegen | 2 | Het vlees niet eerst aanbraden |
Pagina 16
nl Kinderslot
10.4 Programma instellen
Opmerking: Na de programmastart kunt u het programma en het gewicht niet meer wijzigen.
- 1. Programma's met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. Het gewenste programma met de toets of instellen.
- 3. Stel het gewicht van uw gerecht in met de temperatuurknop.
Altijd op het volgende hogere gewicht instellen. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Om de tijdsduur van het programma op te vragen, op de toets drukken. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
Na enkele seconden start het programma en de tijdsduur loopt af.
Wanneer het programma is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Wanneer het programma is beëindigd:
- Druk op een willekeurige knop om het signaal voortijdig te beëindigen.
- Om een duur voor het nagaren in te stellen, op de toets drukken. Het apparaat warmt verder op met de instellingen van het programma.
- Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen.
11 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen.
11.1 Kinderslot activeren en deactiveren
Vereiste: De functiekeuzeknop staat op de nulstand .
- Houd de toets ingedrukt tot op het display verschijnt.
- Om het kinderslot te deactiveren, de toets ingedrukt houden tot op het display dooft.
12 Warmhouden gedurende een langere periode
U kunt met uw apparaat gerechten tot max. 70 uur tussen de 85°C en 140°C met Boven- en onderwarmte warmhouden, zonder dat u het apparaat hoeft in- of uit te schakelen.
12.1 Warmhouden gedurende een langere periode instellen
Opmerkingen
Wanneer u de apparaatdeur tijdens gebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaat verder. Na de start kunt u niet meer wijzigen of onderbreken. U kunt het einde niet verschuiven.
Vereiste: De basisinstelling is geactiveerd.
"Basisinstelingen", Pagina 16
- 1. Programma's met de functiekeuzeknop instellen. Op het display verschijnt .
- 2. Stel de temperatuur in met de temperatuurknop.
- 3. Op de toets drukken tot op het display is gemarkeerd.
- 4. De tijdsduur met de knop of instellen.
Na enkele seconden begint het apparaat op te warmen en de duur verstrijkt.
- 5. Wanneer de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul. Het apparaat houdt op met verwarmen en reageert weer zoals gebruikelijk.
- Het apparaat uitschakelen.
Na ca. 10 tot 20 minuten schakelt het apparaat automatisch uit.
13 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
13.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
Pagina 17
Home Connect nl
| Indicatie | Basisinstelling | Keuze |
|---|---|---|
| Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of timertijd | = 10 seconden = 30 seconden ¹ = 2 minuten | |
| Wachttijd totdat een instelling is overgenomen | = 3 seconden ¹ = 6 seconden = 10 seconden | |
| Geluidssignaal bij het indrukken van een knop | = uit = aan ¹ | |
| Helderheid van de displayverlichting | = donker = gemiddeld = helder ¹ | |
| Weergave van de tijd | = Tijdsweergave uit = Tijd weergeven ¹ | |
| Kinderslot instelbaar | = nee = ja ¹ = ja, met deurvergrendeling | |
| Verlichting van de binnenruimte bij gebruik | = nee = ja ¹ | |
| Nalooptijd van de koelventilator | = kort = gemiddeld ¹ = lang = extra lang | |
| Telescooprails achteraf aangebracht ² | = nee ¹ (bij rekjes en enkelvoudig telescoopsysteem) = ja (bij 2- en 3-voudig telescoopsysteem) | |
| Warmhouden gedurende een langere periode | = nee ¹ = ja | |
| Automatisch snel voorverwarmen vanaf 200°C | = nee = ja ¹ | |
| Alle waarden naar de fabrieksinstelling terugzetten | = nee ¹ = ja | |
| .. | Home Connect Instellingen | "Home Connect ", Pagina 17 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
13.2 Basisinstelling wijzigen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. De knop ca. 4 seconden ingedrukt houden. Op het display verschijnt de eerste basisinstelling, bijv. .
- 2. De instelling met de temperatuurknop wijzigen.
- 3. Met de knop of naar de volgende basisinstelling gaan.
- 4. Om wijzigingen op te slaan, de knop ca. 4 seconden lang ingedrukt houden.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken
- Het apparaat met de functiekeuzeknop in- en uitschakelen.
Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
14 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Ho-
me Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nage-
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
2 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
17
Pagina 18
nl Home Connect
leefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.
"Veiligheid", Pagina 2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.
- 1. Scan de volgende QR-code.
14.1 Home Connect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
14.2 Home Connect Instellingen
In de basisinstellingen van uw apparaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen.
| Instelling | Selectie of weergave | Toelichting |
|---|---|---|
| Verbinding met het netwerk - Niet verbonden - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - Verbonden | en zijn weergaven die u niet kunt instellen. | |
| Verbinding met de Home Connect app - Gereed - Verbinden - Verbonden | en zijn weergaven die u niet kunt instellen. | |
| Wifi - Uit - Activeren - Aan | Als wifi is geactiveerd, kunt u Home Connect gebruiken. Bij netwerkgebonden stand-by heeft het apparaat maximaal 2 W nodig. is een weergave die u niet kunt instellen. | |
| Start op afstand - Gedeactiveerd - Handmatig ¹ - Permanent | Bij gedeactiveerde start op afstand kunt u alleen de bedrijfstoestand van het apparaat in de app weergeven. Bij een handmatige start op afstand moet u de start op afstand elke keer activeren voordat u het apparaat via de app kunt starten. Als u binnen 15 minuten na de activering van start op afstand of het gebruikseinde de ovendeur opent, dan wordt de start op afstand gedeactiveerd. Bij permanente start op afstand kunt u het apparaat altijd op afstand starten en bedienen. | |
| Software-update - Update beschikbaar - Update starten | De instelling wordt alleen weergegeven wanneer er een update beschikbaar is. is een weergave die u niet kunt instellen. | |
| Diagnose op afstand - Niet toegestaan ¹ - Toegestaan | De instelling wordt alleen weergegeven als de service probeert om toegang tot het apparaat te verkrijgen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
14.3 Apparaat met Home Connect app bedienen
Met de Home Connect app kunt u het apparaat op afstand instellen en starten.
1 Fabrieksinstelling
18 WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
Pagina 19
Reiniging en onderhoud nl
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Vereisten
Het apparaat is ingeschakeld.
Het apparaat is met het thuisnetwerk en met de Home Connect app verbonden.
Om het apparaat via de app te kunnen instellen, moet de handmatige of permanente start op afstand in de basisinstelling zijn geselecteerd.
- 1. Om de start op afstand te activeren, de functiekeuzeknop op zetten.
- 2. Een instelling in de app invoeren en naar het apparaat sturen.
14.4 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het betreffende huishoudapparaat te vinden.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
- In de eerste stap van de download.
- In de tweede stap de installatie op uw apparaat. Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de app kunnen software-updates ook automatisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
14.5 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.
14.6 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
15 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
15.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
Pagina 20
nl Reiniging en onderhoud
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
15.2 Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | Warm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakken | Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden. Verzorgingsmiddel voor roestvrij staal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Apparaatdeur | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop RVS-spiraalspons | Gebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 22 |
| Deurafscherming | Van roestvaststaal: RVS-reiniger van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 22 |
| Deurgreep | Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen. |
| Binnenruimte | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Emaille oppervlakken | Warm zeepsop Azijnwater Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraalspons gebruiken. Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open. Tip: Gebruik bij voorkeur de reinigingsfunctie. "Pyrolyse", Pagina 21 Opmerkingen Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | Warm zeepsop Inox schuurspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken. |
Pagina 21
Pyrolyse nl
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Tip: Voor het reinigen de rekjes verwijderen. "Rekjes", Pagina 26 | ||
| Uittreksysteem | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen. Niet in de vaatwasser reinigen. Tip: Voor het reinigen het telescoopsysteem verwijderen. "Rekjes", Pagina 26 |
| Toebehoren | Warm zeepsop Ovenreiniger RVS-spiraalspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of inox schuurspons gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
15.3 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: Houd de aanwijzingen voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aan.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 19
- 1. Het apparaat met heet zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 20 "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 20
- 2. Drogen met een zachte doek.
16 Pyrolyse
Met de reinigingsfunctie Pyrolyse reinigt de binnenruimte zich vrijwel zelfstandig.
Reinig de binnenruimte om de 2 tot 3 maanden met de reinigingsfunctie. U kunt de reinigingsfunctie desgewenst vaker gebruiken.
De reinigingsfunctie heeft ca. 2,7 - 4,8 kilowattuur nodig.
16.1 Apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden
Om een goed reinigingsresultaat te verkrijgen, dient u het apparaat zorgvuldig voor te bereiden.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten.
- Verwijder altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte voordat de reiniging start.
- Toebehoren nooit meereinigen.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
- Voorkant van het apparaat vrijhouden.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur.
- De dichting niet schuren en niet afnemen.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. "Rekjes", Pagina 26
- 3. Verwijder grove verontreiniging uit de binnenruimte. Grove verontreinigingen kunnen inbranden en daardoor alleen nog met moeite worden verwijderd.
- 4. De binnenkant van de apparaatdeur en de randoppervlakken bij de deurafdichting met zeepsop en een zachte doek reinigen.
De deurafdichting niet verwijderen en niet schuren. Verwijder sterke verontreinigingen op de binnenruit met ovenreiniger.
- 5. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
16.2 Reinigingsfunctie instellen
Ventileer de keuken zolang de reinigingsfunctie actief is.
Pagina 22
nl Apparaatdeur
WAARSCHUWING ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden.
- Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren.
- Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven.
- Kinderen en huisdieren uit de buurt houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur openen.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen.
- Nooit de apparaatdeur aanraken.
- Het apparaat laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsfunctie.
Vereiste: Het apparaat voor de reinigingsfunctie voorbereiden. Pagina 21
- 1. Pyrolyse met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. De reinigingsgraad met de temperatuurkeuzeknop instellen.
| Reinigingsgraad | Mate van reiniging | Tijdsduur in uren |
|---|---|---|
| 1 | Licht | Ca. 1:15 |
| 2 | Gemiddeld | Ca. 1:30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
| Reinigingsgraad | Mate van reiniging | Tijdsduur in uren |
|---|---|---|
| 3 | Hoog | Ca. 2:00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Bij sterkere of oudere verontreiniging een hogere reinigingsstand kiezen.
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
Na enkele seconden start de reinigingsfunctie en de tijdsduur verstrijkt.
Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur van de binnenruimte vanaf een bepaalde temperatuur. Op het display verschijnt .
Als de reinigingsfunctie is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 3. Het apparaat uitschakelen.
Wanneer het apparaat voldoende is afgekoeld, ontgrendelt de apparaatdeur en dooft.
- 4. Het apparaat gebruiksklaar maken. Pagina 22
16.3 Apparaat na de reinigingsfunctie gebruiksklaar maken
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Achtergebleven as in het kookcompartiment en bij de apparaatdeur verwijderen.
"Reiniging en onderhoud", Pagina 19
- 3. Witte aanslag met citroenzuur verwijderen.
Opmerking: Witte aanslag op de emaille vlakken kan door te grove verontreinigingen ontstaan. Deze levensmiddelresten zijn ongevaarlijk. De aanslag heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat.
- 4. De rekjes inhangen.
"Rekjes", Pagina 26
17 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
Opmerking: Meer informatie:
17.1 Apparaatdeur verwijderen
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
22
- 1. De apparaatdeur helemaal openen .
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen.
Blokkeerhendel opgeklapt
Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.
Blokkeerhendel dichtgeklapt
Pagina 23
Apparaatdeur nl
De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
17.2 Apparaatdeur inhangen
- 1. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.
- 2. Schuif de apparaatdeur met beide handen tot de aanslag.
- 3. De apparaatdeur helemaal openen.
- 4. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen.
De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 5. Sluit de deur van het apparaat.
17.3 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag.
- 4. Druk op het linker en rechter drukvlak , totdat het hoorbaar klikt.
Pagina 24
nl Apparaatdeur
- 5. Schuif de twee schuifkappen in de richting van de pijl naar boven .
- 6. De binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 7. Al naar gelang het apparaattype de linker en rechter metalen strip in de richting van de pijl open klappen .
- 8. De eerste en tweede binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 9. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.
- 10. De apparaatdeur reinigen.
- 11. De deurruiten drogen en weer inbouwen.
Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van
24
RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.
17.4 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking
Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.
De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.
Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .
Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.
- 1. De eerste tussenruit in de onderste houder schuiven en aan de bovenkant aanleggen.
Pagina 25
Apparaatdeur nl
De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.
- 2. De tweede tussenruit in de middelste houder schuiven en boven aanleggen.
- 3. Al naar gelang het apparaattype de metalen strip links en rechts dichtklappen. .
- 4. De binnenste ruit onder in de houder schuiven en boven aanleggen.
De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.
- 5. De binnenste ruit boven aandrukken . Schuif twee schuifkappen in de richting van de pijl naar beneden.
- 6. De apparaatdeur helemaal openen.
- 7. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen
- 8. Sluit de deur van het apparaat.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
Pagina 26
nl Rekjes
18 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.
18.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 19
18.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
De rekjes passen alleen links of rechts.
Let er bij beide telescooprails op dat deze naar voren uitgeschoven kunnen worden.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
3
4
19 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Tip: Verbind uw apparaat permanent met de Home Connect app om automatisch software-updates te verkrijgen. Zo worden fouten verholpen, prestatieverbeteringen doorgevoerd en nieuwe functies geüpload.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 28
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
19.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. |
Pagina 27
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. |
| Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. "Basisinstelingen", Pagina 16 | |
| Op het display knippert de tijd. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Stel de tijd opnieuw in. "Tijd instelen", Pagina 13 |
| Apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt en er verschijnt een . | Demomodus is geactiveerd. 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten door de laatste basisinstelling in de waarde te wijzigen. "Basisinstelingen", Pagina 16 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 16 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat. "Pyrolyse", Pagina 21 |
| Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld. | Kinderslot is geactiveerd. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 16 |
| Op het display knippert en het apparaat start niet. | Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus. 1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen. 2. Start de werking opnieuw. |
| Op het display verschijnt . | Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. ▸ Schakel het apparaat uit. U kunt zo nodig opnieuw instellen. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. "Tijdfuncties", Pagina 11 |
| Op het display verschijnt een melding met , bijv. - . | Elektronicastoring 1. Druk op de toets . ▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding. 2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 28 |
| Home Connect functioneert niet correct. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Ga naar www.home-connect.com. |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk. ▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel overige informatie over de bereiding en de passende instelwaarden en recepten vindt u in de Home Connect app of op onze homepage www.bosch-home.com. |
| Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid. | Kookcompartiment was te sterk verontreinigd. ▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment. |
Pagina 28
nl Afvoeren
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid. | ▸ Let op de reiniging en het onderhoud van uw apparaat. "Reiniging en onderhoud", Pagina 19 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
19.2 Ovenlamp vervangen
Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.
Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 - 43 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik alleen deze lampen. Pak nieuwe halogeenlampen alleen met een schone, droge doek vast. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.
- Wees voorzichtig bij het inbouwen of uitbouwen van de glazen afdekking.
- Gebruik handschoenen of een theedoek.
Vereisten
Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.
De binnenruimte is afgekoeld.
Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.
- 1. Leg een theedoek in de binnenruimte om beschadiging te voorkomen.
- 2. Draai het glazen kapje er naar links uit .
- 3. Trek de halogeenlamp zonder deze te draaien er uit .
- 4. Plaats de nieuwe halogeenlamp en duw deze stevig in de fitting.
Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.
- 5. Afhankelijk van het type apparaat is het glazen kapje voorzien van een afdichtring. De afdichtring plaatsen.
- 6. Het glazen kapje erin schroeven.
- 7. Verwijder de theedoek uit de binnenruimte.
- 8. Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.
20 Afvoeren
20.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
21 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.