Bosch HBG734AB1, tekst van de handleiding
Pagina's 13–26 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–12verder op pagina 27 →
Pagina 13
Snel voorverwarmen nl
9 Snel voorverwarmen
Om tijd te besparen, kan het snel voorverwarmen bij ingestelde temperaturen boven 100°C de opwarmingsduur verkorten.
Bij deze verwarmingsmethoden is snel voorverwarmen mogelijk:
3D hetelucht
Boven- en onderwarmte
9.1 Snel voorverwarmen instellen
Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, plaatst u uw gerecht pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte.
Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
- 1. Een geschikte verwarmingsmethode en een temperatuur vanaf 100 °C instellen.
Vanaf een ingestelde temperatuur van 200 °C wordt het snel voorverwarmen automatisch ingeschakeld.
- 2. Druk op "Snel voorverwarmen".
Het symbool is rood verlicht.
- 3. Start de werking met .
Het snel voorverwarmen start.
Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkt er een signaal. Het symbool wisselt weer naar wit.
- 4. Plaats het gerecht in de binnenruimte.
Snel voorverwarmen afbreken
- 1. Op het display op drukken.
- 2. Druk op "Snel voorverwarmen". Het symbool wisselt weer naar wit.
10 Tijdfuncties
Voor gebruik kunt u de tijdsduur en de tijdstip, waarop de werking moet eindigen, instellen. De timer kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.
| Tijdfunctie | Gebruik |
|---|---|
| Tijdsduur | Wanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
| Einde | Voor de tijdsduur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is. |
| Timer | De timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
10.1 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking kunt u instellen tot 24 uur.
Vereiste: Een functie en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Op "Tijdsduur" drukken.
- 2. Druk om de tijdsduur in te stellen, op de betreffende tijdswaarde, bijv. uurindicatie "h" of minutenindicatie "m".
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- 3. De tijdsduur met de instelring instellen.
Reset indien nodig de instelwaarde met .
- 4. Om de ingestelde tijdsduur te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- 1. Stop de werking met .
- 2. Op de tijdsduur drukken.
- 3. De tijdsduur met de instelring wijzigen.
- 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
Tijdsduur afbreken
U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.
- 1. Stop de werking met .
- 2. Op de tijdsduur drukken.
- 3. Reset de tijdsduur met .
Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat de tijdsduur terug naar de vooringestelde waarde.
- 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
10.2 Einde instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moet zijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven.
Opmerkingen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u de tijd niet meer als de werking eenmaal is gestart. Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
Een functie en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
Er is een tijdsduur ingesteld.
- 1. Druk op "Eindtijd".
Pagina 14
nl Gerechten
- 2. Om de tijd in te stellen op de uurindicatie of de minutenindicatie drukken.
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- 3. De tijd met de instelring verschuiven.
Reset indien nodig de instelwaarde met .
- 4. Om de ingestelde tijd te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
Het display toont de tijdsduur tot aan de start. Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
Einde wijzigen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt u de ingestelde eindtijd alleen wijzigen voordat de werking gestart is en de tijdsduur afloopt.
- 1. Stop de werking met .
- 2. Op de eindtijd drukken.
- 3. De eindtijd met de instelring wijzigen.
- 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
Einde annuleren
U kunt de ingestelde eindtijd altijd wissen.
- 1. Stop de werking met .
- 2. Op de eindtijd drukken.
- 3. De eindtijd met resetten.
Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat het tijdstip, waarop de tijdsduur eindigt, terug op de het volgende mogelijk tijdstip.
- 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken.
- 5. Start de werking met .
10.3 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de wekker tot 24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Druk op .
- 2. Druk om de timer in te stellen, op het display op de betreffende tijdswaarde, bijv. minutenindicatie "m" of secondenindicatie "s".
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
- 3. De timer met de instelring instellen.
Reset indien nodig de instelwaarde met .
- 4. Om de timer te starten, op het display op drukken. De timer loopt af.
Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft de timer op het display zichtbaar.
Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellingen van de lopende werking op het display. De timer wordt in de statusindicatie weergegeven.
Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de timer is beëindigd.
Timer wijzigen
U kunt de timer altijd wijzigen.
- 1. Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met selecteren.
- 2. Op drukken.
- 3. De timer met de instelring wijzigen.
- 4. Bevestig met .
Timer annuleren
U kunt de timer altijd annuleren.
- 1. Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met selecteren.
- 2. Druk op .
- 3. De timer met resetten.
11 Gerechten
Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
11.1 Vormen voor gerechten
Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt: licht gekleurd, glanzend aluminium niet geglazuurde klei
Kunststof of kunststof grepen
11.2 Instelmogelijkheden van de gerechten
Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat, al naar gelang het gerecht, verschillende instellingen.
Op het display ziet u de gebruikte instellingen. Bepaalde instellingen kunt u aanpassen. Volg de aanwijzingen op het display.
Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.
Tips en aanwijzingen bij de instellingen
Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:
Geschikte inschuifhoogte
Pagina 15
Favorieten nl
Geschikte accessoires of vormen
Toevoegen van vloeistof
Tijdstip voor het keren of omroeren Zodra dit tijdstip bereikt is, klinkt er een signaal.
Druk op "Info" om informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.
Programma's
Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.
Om een optimaal bereidingsresultaat te behalen, moet u tevens het gewicht, de dikte of de mate van gaarheid instellen. U kunt alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in.
11.3 Overzicht van de gerechten
Welke gerechten voor u ter beschikking staan, ziet u op het apparaat wanneer u de functie oproept. De selectie van gerechten is afhankelijk van de uitrusting van uw apparaat.
Opmerking: In de basisinstellingen kunt u de weergegeven gerechten regionaal specialiseren.
"Basisinstelingen", Pagina 16
Gerechten
Pavlova
Muffins
Scones
Afbakbroodjes of baguette
Ovenschotel, pittig, vers, gegaarde ingrediënten Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog Lasagne, vers
Fruit crumble
Kip, gehalveerd
Stukken kip
Eend, ongevuld
Ganzenbouten
Babykalkoen, ongevuld
Kalkoenfilet
Turkey, crown - Britse wijze
Gebraden varkenshals zonder been Gebraden varkensvlees met korstje, bijv. schouder Gebraden varkenshaas
Pork Loin joint - Britse wijze
Pork Roast joint - Britse wijze
Pork Belly - Britse wijze
Rosbief, kort gebakken
Rosbief, medium
Gestoofd rundvlees
Beef Slow roast joint - Britse wijze Beef Top side, top rump - Britse wijze Gebraden kalfsvlees, doorregen
Gebraden kalfsvlees, mager
Lamsbout met been, doorbakken Lamsbout zonder been, medium
Lamb Shoulder, boned and rolled - Britse wijze Gebraden gehakt van vers gehakt Osso buco van kalfsvlees
Eenpansgerecht met vlees
Vis, heel, bakken
Pizza, diepvries met dikke bodem, 1 stuks Pizza diepvries, met dunne bodem, 1 stuks Frites, diepvries
Aardappels in de oven, heel
Eenpansgerecht + groente
11.4 Gerecht instellen
- 1. Druk in het menu op "Gerechten".
- 2. Druk op het gewenste gerecht.
Op het display verschijnen de instellingen bij het gerecht.
- 3. Indien nodig de instellingen aanpassen.
Al naar gelang het gerecht kunt u slechts bepaalde instellingen aanpassen.
"Instelmogelijkheden van de gerechten", Pagina 14
- 4. Druk op "Info" voor informatie over bijvoorbeeld accessoires en inschuifhoogte.
- 5. Start de werking met .
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
Als het gerecht klaar is, klinkt een signaal. Het apparaat warmt niet meer op.
- 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met wanneer het gerecht klaar is.
11.5 Automatische uitschakelfunctie
De automatische uitschakelfunctie bij de gerechten zorgt ervoor dat u ontspannen kunt bakken en braden. Wanneer het gebruik is beëindigd, dan houdt het apparaat automatisch op met verwarmen.
Haal om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken uw gerecht uit de binnenruimte wanneer de werking is beëindigd.
12 Favorieten
In de favorieten kunt u uw instellingen opslaan en opnieuw gebruiken.
Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype/software-versie moet u deze functie eerst op uw apparaat downloaden. Kijk in de Home Connect app voor meer informatie.
12.1 Favorieten opslaan
U kunt tot 10 verschillende functies als uw favorieten opslaan.
- Om een functie als favoriet op te slaan, moet u de Home Connect app gebruiken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.
Pagina 16
nl Kinderslot
12.2 Favorieten kiezen
Wanneer u favorieten heeft opgeslagen, dan kunt u deze voor het instellen van de werking kiezen.
- 1. In het menu op "Favorieten" drukken.
- 2. Druk op de gewenste favorieten.
- 3. Indien gewenst kunt u de instellingen wijzigen.
- 4. Start de werking met .
Het display geeft de instelwaarden weer.
Opmerking
Let op de informatie bij de verschillende functies:
12.3 Favorieten wijzigen
U kunt uw opgeslagen favorieten altijd wijzigen, sorteren, of verwijderen.
- Om de favorieten te wijzigen, moet u de Home Connect app gebruiken. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.
13 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
13.1 Kinderslot activeren
U kunt het kinderslot activeren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.
- Houd ca. 4 seconden lang ingedrukt om het kinderslot te activeren.
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
Het bedieningspaneel is geblokkeerd. Het apparaat kan alleen met worden uitgeschakeld.
Als het apparaat is ingeschakeld, brandt . Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, is niet verlicht.
13.2 Kinderslot deactiveren
U kunt het kinderslot op elk gewenst moment deactiveren.
- 1. Op een willekeurige plaats op het display drukken.
- 2. Om het kinderslot te deactiveren:
- De aanwijzing in het display opvolgen, zodat de ring zich volledig wordt gevuld.
- Of ca. 4 seconden lang ingedrukt houden. Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
14 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
14.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
Meer informatie over de afzonderlijke basisinstellingen krijgt u op het display met "Info".
| Basisinstellingen | Keuze |
|---|---|
| Taal | Zie de keuze op het apparaat. |
| Home Connect | De oven met een mobiel eindapparaat verbinden en op afstand besturen. "Home Connect ", Pagina 18 |
| Tijd | Tijd in het 24h-formaat. |
| Display | Keuze |
| Helderheid | Standen 1, 2, 3, 4 en 5 ¹ |
| Tijdsweergave | Aan, qua tijd gelimiteerd Aan (deze instelling verhoogt het energieverbruik) Uit ¹ |
| Kloktype | Digitaal ¹ Analoog |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
| Display | Keuze |
|---|---|
| Afstelling | Display horizontaal en verticaal stellen. |
| Geluid | Keuze |
| Sensortoetstoon | Aan ¹ Uit |
| Geluidssignaal | Zeer korte tijdsduur (eenmaal) Korte tijdsduur (ca. 5 seconden) Middellange tijdsduur (ca. 10 seconden) ¹ Lange tijdsduur (ca. 30 seconden) |
| Apparaatinstellingen | Keuze |
| Nalooptijd ventilator | Minimaal Aanbevolen ¹ Lang Zeer lang |
| Uittreksysteem | Niet achteraf aangebracht (bij rekjes en 1-voudig uittreksysteem) ¹ Achteraf aangebracht (bij 2‑ en 3‑voudig uittreksysteem) |
| Verlichting | Bij het bereiden en bij het openen van de deur ¹ Alleen bij het openen van de deur Altijd uit |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
16
Pagina 17
Basisinstellingen nl
| Personalisering | Keuze |
|---|---|
| Merklogo | Displays ¹ Niet weergeven |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu ¹ Verwarmingsmethoden Gerechten Favorieten |
| Verstreken bereidingstijd | Niet weergeven Displays ¹ |
| Regionale gerechten | Alle ¹ Europese gerechten Gerechten volgens Britse wijze |
| Gerechten | Alle ¹ Geen varkensvlees Alleen koosjer |
| Kinderslot | Beschikbaar ¹ Gedeactiveerd |
| Automatisch snel voorverwarmen | Uit Aan ¹ |
| Fabrieksinstellingen | Keuze |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten |
| Info | Indicatie |
| Apparaatinformatie | Technische informatie over het apparaat weergeven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
- 4. De tijd met de instelring instellen.
- 5. Schakel met terug naar het menu om de basisinstellingen te verlaten of schakel het apparaat uit met .
De tijd is opgeslagen.
14.2 Basisinstellingen wijzigen
- 1. In het menu op "Basisinstellingen" drukken.
- 2. Druk op het gewenste basisinstellingsbereik.
- 3. Druk op de gewenste basisinstelling.
- 4. Druk op de gewenste keuze voor de basisinstelling. De wijziging wordt bij de meeste basisinstellingen direct overgenomen.
- 5. Om nog meer basisinstellingen te wijzigen, met teruggaan en een andere basisinstelling kiezen.
- 6. Schakel met terug naar het menu om de basisinstellingen te verlaten of schakel het apparaat uit met .
De wijzigingen zijn opgeslagen.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
14.3 Tijd instellen
- 1. Druk in het menu op "Basisinstellingen".
- 2. Druk op "Tijd".
- 3. Om de tijd in te stellen op de uurindicatie of de minutenindicatie drukken.
De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd.
1 Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)
17
Pagina 18
nl Home Connect
15 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app, basisinstellingen aan te passen of de actuele gebruikstoestand te bewaken.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.
Opmerkingen
Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient.
"Veiligheid", Pagina 2
De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het apparaat max. 2 W nodig.
15.1 Home Connect instellen
Vereisten
Het apparaat is verbonden met het stroomnet en ingeschakeld.
U beschikt over een mobiel eindapparaat met een actuele versie van het iOS- of Android-besturingssysteem, bijvoorbeeld een smartphone.
Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevinden zich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uw thuisnetwerk.
- 1. Scan de volgende QR-code.
Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.
- 2. De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
15.2 Home Connect Instellingen
In de basisinstellingen van uw apparaat kunt u voor Home Connect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen. Welke instellingen het display toont, hangt ervan af of Home Connect geconfigureerd is en of het apparaat met het thuisnetwerk is verbonden.
| Basisinstelling | Mogelijke instellingen | Toelichting |
|---|---|---|
| Home Connect Assistent | Assistent starten Verbinding verbreken | Via de Home Connect Assistent kunt u uw apparaat verbinden met de Home Connect app. Opmerking: Wanneer u de Home Connect Assistent voor de eerste keer gebruikt, dan is alleen de instelling "Assistent starten" beschikbaar. |
| WiFi | Aan Uit | Met WiFi kunt u de netwerkverbinding van uw apparaat uitschakelen. Wanneer u eenmaal succesvol bent verbonden, dan kunt u WiFi deactiveren en verliest u niet uw gedetailleerde gegevens. Zodra u WiFi opnieuw activeert, dan maakt uw apparaat automatisch verbinding. Opmerking: Bij netwerkgebonden standby verbruikt het apparaat maximaal 2 Watt. |
| Status afstandsbediening | Bewaking Handmatige start op afstand Permanente start op afstand | Bij bewaking kunt u alleen de bedrijfstoestand van het apparaat in de app weergegeven. Wanneer u omschakelt van bewaking of permanente start op afstand naar handmatige start op afstand, dan moet u de start op afstand elke keer activeren. U kunt de deur van het apparaat binnen 15 minuten openen, nadat u het starten op afstand heeft geactiveerd. Het starten op afstand wordt daardoor niet gedeactiveerd. Na het verstrijken van de 15 minuten wordt met het openen van de apparaatdeur de handmatige start op afstand gedeactiveerd. Bij permanente start op afstand kunt u het apparaat altijd op afstand starten en bedienen. Wanneer u het apparaat vaak op afstand bedient, dan is het zinvol om Starten op afstand op permanent in te stellen. |
Pagina 19
Home Connect nl
15.3 Apparaat met Home Connect app bedienen
Met de Home Connect app kunt u het apparaat op afstand instellen en starten.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
In de binnenruimte bewaarde brandbare voorwerpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Vereisten
Het apparaat is uitgeschakeld.
Het apparaat is met het thuisnetwerk en met de Home Connect app verbonden.
Om het apparaat via de app te kunnen instellen, moet de handmatige of permanente start op afstand in de basisinstelling Afstandsbedieningsniveau zijn geselecteerd.
- 1. Druk op om de handmatige start op afstand te activeren.
De bevestiging op de bakoven is uitsluitend nodig, wanneer u van bewaking of permanenten start op afstand overschakelt naar handmatige start op afstand. Bij permanente start op afstand is geen bevestiging op de bakoven noodzakelijk.
- 2. Een instelling in de Home Connect app invoeren en naar het apparaat sturen.
Opmerkingen
Wanneer u de ovenfunctie direct op het apparaat start, wordt Starten op afstand automatisch geactiveerd. U kunt de instellingen via de Home Connect app wijzigen of een nieuw programma starten. U kunt de deur van het apparaat binnen 15 minuten openen, nadat u het starten op afstand heeft geactiveerd. Het starten op afstand wordt daardoor niet gedeactiveerd. Na het verstrijken van de 15 minuten wordt met het openen van de apparaatdeur de handmatige start op afstand gedeactiveerd.
15.4 Software-update
Met de functie software-update wordt de software van uw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhelpen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates alsmede voor extra functies en diensten. Hierdoor kunnen weergaven alsmede de bediening in het display enigszins wijzigen.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Home Connect gebruiker bent, de app op uw mobiele eindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding met de Home Connect server hebt gemaakt.
Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt u hierover via de Home Connect app geïnformeerd en kunt u de software-update via de app starten. Na het
succesvol downloaden kunt u de installatie via de Home Connect app starten als u in uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Home Connect app geïnformeerd. De actuele softwareversie is in de Home Connect app onder de apparaatinformatie van het apparaat te vinden.
Opmerkingen
De software-update bestaat uit twee stappen.
- In de eerste stap van de download.
- In de tweede stap de installatie op uw apparaat. Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoon blijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke instellingen in de app kunnen software-updates ook automatisch worden gedownload.
De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de installatie kunt u uw apparaat niet gebruiken.
In geval van een veiligheidsrelevante update is het raadzaam deze zo snel mogelijk te installeren.
15.5 Afstandsdiagnose
De klantenservice kan via de diagnose op afstand toegang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de desbetreffende wens tot de klantenservice richt, uw apparaat met de Home Connect server verbonden is en de diagnose op afstand in het land waarin u het apparaat gebruikt, beschikbaar is.
Tip: Meer informatie alsook aanwijzingen over de beschikbaarheid van de diagnose op afstand in uw land vindt u in het gedeelte service/support van de lokale website: www.home-connect.com.
15.6 Bescherming persoonsgegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie): Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).
Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat.
Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
Pagina 20
nl Reiniging en onderhoud
16 Reiniging en onderhoud
16.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Verschillende reinigingsmiddelen met elkaar gemengd kunnen chemisch reageren.
- Geen reinigingsmiddelen mengen.
- Verwijder resten van reinigingsmiddelen volledig. Het zout dat in nieuwe absorberende vaatdoekjes zit kan oppervlakken beschadigen.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
"Apparaat schoonmaken", Pagina 21
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | Warm zeepsop Speciale RVS-onderhoudsmiddelen voor warme oppervlakken | Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen oppervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken | Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Glas | Warm zeepsop | Geen glasschraper gebruiken. |
| Apparaatdeur | ||
| Gedeelte | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop Ovenreiniger Inox Schuurspons | Geen glasschraper gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Deurafscherming | Van roestvaststaal: RVS-reiniger Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kookplaat. Gebruik geen onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Roestvaststalen binnenlijst van de deur | RVS-reiniger | Verkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvaststaal. Geen reinigingsmiddelen voor RVS gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Deurafdichting | Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
Pagina 21
Reiniging en onderhoud nl
Binnenruimte
| Gedeelte | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Emaille oppervlakken | Warm zeepsop Azijnwater Ovenreiniger Inox Schuurspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken. Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open. Opmerkingen Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Zelfreinigende oppervlakken | - | Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. "Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren", Pagina 21 |
| Glazen kapje van de ovenlamp | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | Warm zeepsop Inox Schuurspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. "Rekjes", Pagina 26 |
| Telescoopsysteem | Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel. Om het smeervet niet te verwijderen, kunt u de telescooprails het beste in ingeschoven toestand reinigen. Niet in de vaatwasser reinigen. Opmerking: Voor een grondige reiniging de telescooprails verwijderen. "Rekjes", Pagina 26 |
| Toebehoren | Warm zeepsop Ovenreiniger Inox Schuurspons | Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of Inox Schuurspons gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
16.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 20
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
- Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 20
- 2. Drogen met een zachte doek.
Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren
De achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken spetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af. Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnenruimte dan gericht op.
Pagina 22
nl Reinigingsondersteuning
LET OP
Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig worden gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de oppervlakken.
- Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlekken zichtbaar zijn, de ovenruimte opwarmen.
- Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger op de zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, direct afdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven.
- 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte.
- 2. De rekjes losmaken en uit de binnenruimte nemen. "Rekjes", Pagina 26
- 3. Grove verontreinigingen met zeepsop en een zachte doek verwijderen:
- van de gladde emaille oppervlakken
- van de apparaatdeur binnen
- van de glazen afdekplaat van de ovenlamp Zo voorkomt u niet verwijderbare vlekken.
- 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnenruimte moet leeg zijn.
- 5. Verwarmingsmethode 3D-hete lucht instellen.
- 6. Maximale temperatuur instellen.
- 7. In werking stellen.
- 8. Na 1 uur het apparaat uitschakelen.
- 9. Wanneer het apparaat goed is afgekoeld, de binnenruimte met een vochtige doek afnemen.
Opmerking: Op de zelfreinigende oppervlakken kunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en eiwitten in levensmiddelen worden niet afgebroken en blijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtige vlekken zijn resten van zouthoudende levensmiddelen, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn niet gevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebben geen invloed op het reinigende vermogen van de zelfreinigende oppervlakken.
- 10. De rekjes inhangen.
"Rekjes", Pagina 26
17 Reinigingsondersteuning
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
17.1 Reinigingsondersteuning instellen
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Opmerking: De ovenlamp brandt niet tijdens de reinigingsondersteuning.
Vereiste: De binnenruimte is volledig afgekoeld.
- 1. Verwijder de accessoires uit de binnenruimte.
- 2. LET OP ‒ Gebruik van gedestilleerd water in de binnenruimte leidt tot corrosie.
- Geen gedestilleerd water gebruiken.
0,4 l water met een druppel afwasmiddel mengen en in het midden op de bodem van de binnenruimte gieten.
- 3. In het menu op "Reiniging" drukken.
- 4. Op "Reinigingsondersteuning" drukken.
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 5. Op drukken.
Op het display verschijnt een aanwijzing voor de noodzakelijke voorbereidingen voor de reinigingsondersteuning.
18 Drogen
Om achterblijvende vochtigheid te vermijden, droogt u de binnenruimte na de reinigingsondersteuning.
- 6. De aanwijzing bevestigen.
De reinigingsondersteuning start en de tijdsduur loopt af.
Wanneer de reinigingsondersteuning is beëindigd, klinkt er een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 7. Schakel het apparaat uit met .
- 8. .
"Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen", Pagina 22
17.2 Binnenruimte na de reinigingsondersteuning reinigen
LET OP
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Na de reinigingsondersteuning de binnenruimte uitvegen en volledig laten drogen.
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Het resterende water in de binnenruimte met een goed opnemende sponsdoek opnemen.
- 3. Reinig gladde emailoppervlakken in de binnenruimte met een schoonmaakdoekje of zachte borstel. Verwijder hardnekkige resten met een schuursponsje van roestvrij staal.
- 4. Verwijder kalkranden met een in azijn gedrenkte doek en daarna met schoon water afnemen.
- 5. De binnenruimte drogen met een zachte doek.
- 6. Om de binnenruimte volledig te laten drogen, de apparaatdeur ca. 1 uur open laten of de droogfunctie gebruiken.
"Drogen instelen", Pagina 23
Pagina 23
Apparaatdeur nl
LET OP
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
18.1 Binnenruimte drogen
U kunt de binnenruimte laten drogen of de functie drogen gebruiken.
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Verontreiniging uit de binnenruimte verwijderen.
- 3. Water in de binnenruimte opvegen.
- 4. Droog de binnenruimte.
- Laat om de binnenruimte te drogen de deur van het apparaat 1 uur open staan.
- Om de functie drogen te gebruiken, "Droogfunctie" instellen.
"Drogen instelen", Pagina 23
Drogen instellen
Vereiste:
"Binnenruimte drogen", Pagina 23
- 1. In het menu op "Reiniging" drukken.
- 2. Op "Droogfunctie" drukken.
De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 3. Op drukken.
Op het display verschijnt een aanwijzing voor de voorbereidingen die nodig zijn voor het drogen.
- 4. De aanwijzing bevestigen.
Het drogen start en de tijdsduur loopt af.
Als het drogen beëindigd is, klinkt er een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- 5. Schakel het apparaat uit met .
- 6. Om de binnenruimte volledig te drogen, de deur van het apparaat 1 tot 2 minuten geopend laten.
19 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
19.1 Apparaatdeur verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen.
Blokkeerhendel opgeklapt
Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen.
Blokkeerhendel dichtgeklapt
De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
De blokkeerhendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
19.2 Apparaatdeur inhangen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur recht op de beide scharnieren schuiven . De deur van het apparaat tot aan de aanslag schuiven.
Pagina 24
nl Apparaatdeur
- 2. De apparaatdeur helemaal openen.
- 3. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen .
De blokkeerhendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 4. Sluit de apparaatdeur.
19.3 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De vastzethendel op het linker en rechter scharnier opklappen .
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. De apparaatdeur tot aan de aanslag sluiten .
- 4. De deurafscherming links en rechts van buiten drukken , tot deze losklikt.
- 5. De deurafscherming verwijderen .
- 6. De binnenruit er uit trekken vlakke ondergrond leggen.
- 7. De tussenruit er uit trekken vlakke ondergrond leggen.
en voorzichtig op een
en voorzichtig op een
- 8. Al naar gelang het apparaattype de apparaatdeur openen en de deurafdichting verwijderen, indien aanwezig.
- 9. Zo nodig kunt u de condensstrip voor het reinigen verwijderen.
- Open de deur van het apparaat.
Pagina 25
Apparaatdeur nl
- De condensstrip naar boven klappen en er uit trekken.
- 10. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.
- 11. Reinig de condensstrip met een doek en heet zeepsop.
- 12. De apparaatdeur reinigen.
"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 20
- 13. De deurruiten drogen en weer inbouwen.
"Deurruiten inbouwen", Pagina 25
19.4 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De condensstrip loodrecht in de houder en naar onderen draaien.
plaatsen
- 3. De tussenruit in de linker en rechter houder schuiven.
- 4. De tussenruit boven aandrukken, tot deze in de linker en rechter houder zit.
- 5. Al naar gelang het apparaattype de apparaatdeur openen en de deurafdichting aanbrengen, indien aanwezig.
- 6. Opmerking: Let er bij het inschuiven van de ruit op dat de glanzende zijde van de ruit buiten is gericht en de uitsparing links en rechts boven is.
Pagina 26
nl Rekjes
De binnenruit in de linker houder schuiven.
- 7. De binnenruit boven aandrukken totdat deze in de linker en rechter houder zit.
- 8. De deurafscherming aanbrengen en aandrukken, tot deze hoorbaar vastklikt.
- 9. De apparaatdeur helemaal openen.
- 10. De vastzethendel op linker en rechter scharnier dichtklappen .
De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 11. De apparaatdeur sluiten.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
20 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte grondig te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen de rekjes worden verwijderd.
20.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 20
26
20.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
De rekjes passen alleen links of rechts.
Let er bij beide rekjes op dat de gebogen stangen aan de voorkant zitten.
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .