Bosch HRG578BB7, tekst van de handleiding
Pagina's 26–40 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 13–25verder op pagina 41 →
Pagina 26
nl Apparaatdeur
heid. Ter herinnering verschijnt het symbool voor ontkalken op het display, zodra er nog ca. 5 of minder gebruikssessies met stoom mogelijk zijn. Als u het ontkalken niet uitvoert, kunt u geen werking met stoom meer instellen.
Het ontkalken bestaat uit meerdere stappen, welke op het display worden weergegeven en duurt ca. 80 - 110 minuten:
Stap 1: Ontkalken (ca. 60 minuten)
Stap 2: Eerste spoelcyclus (ca. 8 minuten)s Stap 3: Tweede spoelcyclus (ca. 8 minuten) Stap 4: Derde spoelcyclus(ca. 8 minuten)
Vanwege hygiënische redenen moet u het ontkalken volledig uitvoeren. Als het ontkalken wordt onderbroken, kunt u geen werking meer instellen.
18.1 Ontkalken voorbereiden
LET OP
De inwerkingstijden tijdens het ontkalken zijn afgestemd op het door ons aanbevolen vloeibare ontkalkingsmiddel. Andere ontkalkingsmiddelen kunnen schade aan het apparaat veroorzaken.
- Gebruik voor het ontkalken uitsluitend het door ons aanbevolen vloeibare ontkalkingsmiddel.
Wanneer er kalkoplosmiddel op het bedieningspaneel of andere gevoelige oppervlakken terechtkomt raken deze beschadigd.
- Kalkoplossingsmiddel direct met water verwijderen.
Opmerking: Vul tijdens het hele ontkalkingsproces niet meer dan 150 ml vloeistof in de watertank.
- 1. Meng voor de ontkalkingsoplossing ontkalkingsmiddel en water:
| Ontkalkingsmiddelversie | Ontkalkingsmiddel | Water |
|---|---|---|
| Flesinhoud 500 ml | 50 ml | 100 ml |
| Flesinhoud 250 ml | 100 ml | 50 ml |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Tip: Het door ons aanbevolen vloeibare ontkalkingsmiddel kunt u verkrijgen in de webshop of via de klantenservice. Geef bij de aankoop de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
- 2. Verwijder de watertank en vul deze met de ontkalkingsoplossing.
"Watertank vulen", Pagina 14
- 3. Plaats het met ontkalkingsoplossing gevulde waterreservoir in het apparaat.
18.2 Ontkalken instellen
Vereiste:
"Ontkalken voorbereiden", Pagina 26
19 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
- 1. De reinigingsfuncties met de functiekeuzeknop instellen.
- 2. Net zo vaak op de knop of drukken, tot op het display Ontkalken gemarkeerd is.
Het display toont de tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 3. Aan de temperatuurknop draaien.
Op het display verschijnt .
Na enkele seconden start het ontkalken. De tijdsduur loopt af en op het display verschijnt .
Wanneer het ontkalken is beëindigt, verschijnt op het display en .
- 4. Om het apparaat te spoelen, voor elk van de drie spoelcycli ( , , ):
- Het waterreservoir eruit nemen .
- Het waterreservoir grondig reinigen.
- Het waterreservoir met 150 ml water vullen .
- De watertank plaatsen.
Na enkele seconden start de spoelcyclus en loopt de tijdsduur af.
Wanneer een spoelcyclus is beëindigd, verschijnt op het display .
- 5. Wanneer de laatste spoelcyclus is afgerond, staat de tijdsduur op nul.
- Het waterreservoir legen, drogen en weer plaatsen. "Watertank legen", Pagina 15
- Het apparaat uitschakelen.
18.3 Ontkalken onderbroken
Wanneer het ontkalken wordt onderbroken, bijvoorbeeld door een stroomstoring of door het uitschakelen van het apparaat, dan moet u het apparaat spoelen. Het apparaat is voor andere toepassingen geblokkeerd. Op het display verschijnt en .
- 1. De watertank legen en grondig met water reinigen.
- 2. De lege watertank plaatsen.
- 3. De reinigingsfuncties met de functiekeuzeknop instellen.
- 4. Net zo vaak op de knop of drukken, tot op het display Ontkalken gemarkeerd is.
Het display toont de tijdsduur. De tijdsduur kan niet worden gewijzigd.
- 5. Aan de temperatuurknop draaien.
Op het display verschijnt .
Na enkele seconden pompt het apparaat de resterende vloeistof in het waterreservoir.
- 6. Om het stoomsysteem te spoelen, de drie spoelcycli van het ontkalken uitvoeren.
"Ontkalken instelen", Pagina 26
- 7. Het ontkalken start opnieuw.
Pagina 27
Apparaatdeur nl
Opmerking: Meer informatie:
19.1 Apparaatdeur verwijderen
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype zijn de deurgrepen verschillend.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.
- Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, resp. bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
1.
2.
| De apparaatdeur helemaal openen . De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen. | |
| Blokkeerhendel opgeklapt | Het scharnier is beveiligd en kan niet dichtklappen. |
| Blokkeerhendel dichtgeklapt | De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag . De apparaatdeur met beide handen links en rechts vastpakken en er naar boven uit trekken .
- 4. De apparaatdeur voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
19.2 Apparaatdeur inhangen
- 1. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Opmerking: Let erop dat u de apparaatdeur zonder weerstand op de scharnieren schuift.
- 2. Schuif de apparaatdeur met beide handen tot de aanslag.
- 3. De apparaatdeur helemaal openen.
Pagina 28
nl Apparaatdeur
- 4. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen.
De vastzethendels zijn dichtgeklapt. De apparaatdeur is beveiligd en kan niet worden verwijderd.
- 5. Sluit de deur van het apparaat.
19.3 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking: Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip die kan worden opengeklapt.
- 1. De apparaatdeur helemaal openen.
- 2. De blokkeerhendel op het linker en rechter scharnier opklappen
De vastzethendels zijn opgeklapt. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen.
- 3. Sluit de apparaatdeur tot de aanslag.
- 4. Druk op het linker en rechter drukvlak , totdat het hoorbaar klikt.
- 5. Schuif de twee schuifkappen in de richting van de pijl naar boven .
- 6. De binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 7. Al naar gelang het apparaattype de linker en rechter metalen strip in de richting van de pijl open klappen .
- 8. LET OP ‒ Het reinigen van de ruiten in de vaatwasser veroorzaakt schade.
- Reinig de glazen ruiten niet in de vaatwasser.
De eerste en tweede binnenruit schuin naar boven er uit trekken en voorzichtig op een vlakke ondergrond leggen.
- 9. WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
De gedemonteerde ruiten van beide zijden met glasreiniger en een zachte doek reinigen.
Pagina 29
Apparaatdeur nl
- 10. De apparaatdeur reinigen.
- 11. De deurruiten drogen en weer inbouwen.
Opmerking: Tijdens de reinigingsfunctie verkleurt de binnenlijst van de apparaatdeur of andere delen van RVS van de apparaatdeur. Deze verkleuringen hebben geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De verkleuringen kunnen met een reinigingsmiddel voor RVS worden verwijderd.
19.4 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Opmerking
Al naar gelang het apparaattype heeft het apparaat een metalen strip om dicht te klappen, of twee verschillende tussenruiten.
De tussenruiten zijn met een driehoeksymbool gemarkeerd.
Eerst de tussenruit met een niet gevulde driehoek inbouwen, daarna de tussenruit met een gevulde driehoek .
Let er bij de tussenruiten op dat de pijl zich linksboven bevindt.
- 1. De eerste tussenruit in de onderste houder schuiven en aan de bovenkant aanleggen.
De tussenruit positioneert zich automatisch door de draaibeweging van de afstandshouder.
- 2. De tweede tussenruit in de middelste houder schuiven en boven aanleggen.
- 3. Al naar gelang het apparaattype de metalen strip links en rechts dichtklappen. .
Pagina 30
nl Rekjes
- 4. De binnenste ruit onder in de houder schuiven en boven aanleggen.
De tekst "Pyro" moet boven, zoals in de afbeelding, leesbaar zijn.
- 5. De binnenste ruit boven aandrukken . Schuif twee schuifkappen in de richting van de pijl naar beneden.
- 6. De apparaatdeur helemaal openen.
- 7. De blokkeerhendel op linker en rechter scharnier dichtklappen
- 8. Sluit de deur van het apparaat.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
20 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen deze worden verwijderd.
20.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant licht optillen en losmaken .
- 2. Het rekje naar voren trekken en verwijderen.
- 3. Het rekje reinigen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 23
20.2 Rekjes inhangen
Opmerkingen
De rekjes passen alleen links of rechts.
Let er bij beide rekjes op dat de gebogen stangen aan de voorkant zitten.
Pagina 31
Storingen verhelpen nl
- 1. Het rekje in het midden van de achterste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en naar achteren drukken .
- 2. Het rekje in de voorste bus steken , tot het rekje aansluit op de wand van de binnenruimte en vervolgens naar beneden duwen .
21 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Tip: Verbind uw apparaat permanent met de Home Connect app om automatisch software-updates te verkrijgen. Zo worden fouten verholpen, prestatieverbeteringen doorgevoerd en nieuwe functies geüpload.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 34
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
21.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat minimaal 30 seconden los van het elektriciteitsnet, door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. "Basisinstelingen", Pagina 20 | |
| Op het display knippert de tijd. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Stel de tijd opnieuw in. "Tijd instelen", Pagina 14 |
| Apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt en er verschijnt een . | Demomodus is geactiveerd. 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten door de laatste basisinstelling in de waarde te wijzigen. "Basisinstelingen", Pagina 20 |
Pagina 32
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Werking met stoomondersteuning start niet. | Watertank is leeg. ▸ Vul de watertank. "Watertank vulen", Pagina 14 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Kinderslot vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 19 |
| Apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display brandt . | Reinigingsfunctie vergrendelt de apparaatdeur. ▸ Het apparaat laten afkoelen tot op het display uitgaat. "Pyrolyse", Pagina 24 |
| Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld. | Kinderslot is geactiveerd. ▸ Deactiveer het kinderslot met de toets . "Kinderslot", Pagina 19 |
| Op het display knippert en het apparaat start niet. | Binnenruimte is te heet voor de gekozen modus. 1. Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen. 2. Start de werking opnieuw. |
| Op het display verschijnt . | Maximale gebruiksduur is bereikt. Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. ▸ Schakel het apparaat uit. U kunt zo nodig opnieuw instellen. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. "Tijdfuncties", Pagina 12 |
| Op het display verschijnt een melding met , bijv. - . | Elektronicastoring 1. Druk op de toets . ▸ Indien nodig stelt u de tijd opnieuw in. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de foutmelding. 2. Als de foutmelding opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de servicedienst. Geef de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. "Servicedienst", Pagina 34 |
| Op het display verschijnt - . | Er zit teveel water in het stoomsysteem. Het water kan niet in de watertank worden teruggepompt. 1. Leeg de watertank en plaats de lege watertank. "Watertank legen", Pagina 15 2. Stel de tijd opnieuw in. "Tijd instelen", Pagina 14 3. Voer "Ontkalken onderbroken" volledig uit. "Ontkalken onderbroken", Pagina 26 |
| Op het display brandt continu. | Watertank is leeg. ▸ Vul de watertank. "Watertank vulen", Pagina 14 |
| Watertank niet geheel ingeschoven. ▸ Schuif de watertank er volledig in. | |
| Watertank is lek. ▸ U dient een nieuwe watertank te bestellen. | |
| Sensor is defect. ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 34 | |
| Op het display brandt . | Het apparaat is verkalkt. ▸ Voer het ontkalken volledig uit. "Ontkalken", Pagina 25 |
| Op het display verschijnt . | Tijdens het ontkalken werd de stroomtoevoer onderbroken of het apparaat uitgeschakeld. ▸ Voer "Ontkalken onderbroken" volledig uit. "Ontkalken onderbroken", Pagina 26 |
| Het apparaat bromt tijdens het gebruik en na het uitschakelen. | Functiecontrole van de pomp veroorzaakt geluid tijdens het gebruik. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
Pagina 33
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Tijdens gebruik met stoomondersteuning ontsnapt stoom uit de ventilatiesleuven. | Er ontsnapt stoom vanwege fysieke redenen. ▸ Wacht tot het bereiden met stoomondersteuning eindigt. Na het einde van het bereiden met stoomondersteuning ontsnapt na korte tijd geen stoom meer. |
| Home Connect functioneert niet correct. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Ga naar www.home-connect.com. |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept-, hoeveelheid- en levensmiddel-afhankelijk. ▸ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel overige informatie over de bereiding en de passende instelwaarden en recepten vindt u in de Home Connect app of op onze homepage www.bosch-home.com. |
| Resultaat van de reinigingsfunctie is niet naar tevredenheid. | Kookcompartiment was te sterk verontreinigd. ▸ Verwijder grove verontreinigingen vóór het uitvoeren van de reinigingsfunctie uit het kookcompartiment. ▸ Let op de reiniging en het onderhoud van uw apparaat. "Reiniging en onderhoud", Pagina 23 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
21.2 Ovenlamp vervangen
Wanneer de verlichting in de oven is uitgevallen, vervang dan de ovenlamp.
Opmerking: Hittebestendige 230V-halogeenlampen, 40 - 43 watt, kunt u verkrijgen bij de servicedienst of in speciaalzaken. Gebruik alleen deze lampen. Pak nieuwe halogeenlampen alleen met een schone, droge doek vast. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp staan de contacten van de lampfitting onder spanning.
- Zorg er vóór het vervangen van de lamp voor dat het apparaat is uitgeschakeld, om een mogelijke elektrische schok te voorkomen.
- Tevens de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De glazen afdekking kan door externe invloeden reeds gebroken zijn of bij inbouw of uitbouw door te veel druk breken.
- Wees voorzichtig bij het inbouwen of uitbouwen van de glazen afdekking.
- Gebruik handschoenen of een theedoek.
Vereisten
Het apparaat moet zijn losgekoppeld van het elektriciteitsnet.
De binnenruimte is afgekoeld.
Een nieuwe halogeenlamp ter vervanging is beschikbaar.
- 1. Leg een theedoek in de binnenruimte om beschadiging te voorkomen.
- 2. Draai het glazen kapje er naar links uit .
- 3. Trek de halogeenlamp zonder deze te draaien er uit .
- 4. Plaats de nieuwe halogeenlamp en duw deze stevig in de fitting.
Let op de stand van de pinnen van de halogeenlamp.
- 5. Afhankelijk van het type apparaat is het glazen kapje voorzien van een afdichtring. De afdichtring plaatsen.
- 6. Het glazen kapje erin schroeven.
- 7. Verwijder de theedoek uit de binnenruimte.
- 8. Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.
Pagina 34
nl Afvoeren
22 Afvoeren
22.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
23 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G.
De informatie conform verordening (EU) 65/2014, (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
23.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
24 Conformiteitsverklaring
Hiermee verklaart BSH Hausgeräte GmbH, dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4-GHz-band (2400–2483,5 MHz): max. 100 mW 5-GHz-band (5150–5350 MHz + 5470–5725 MHz): max. 50 mW
| BE | BG | CZ | DK | DE | EE | IE | el | ES |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| FR | HR | IT | CY | LI | LV | LT | LU | HU |
| MT | NL | AT | PL | PT | RO | SI | SK | FI |
| SE | NO | CH | TR | IS | UK (NI) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.
Pagina 35
Zo lukt het nl
| AL GA MD ME | MK | RS | UK | UA |
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
25 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
Tip: Veel overige informatie over de bereiding en de passende instelwaarden en recepten vindt u in de Home Connect app of op onze homepage www.bosch-home.com.
25.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Wanneer u toch wilt voorverwarmen, schuif de accessoire dan pas na het voorverwarmen in de binnenruimte. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
LET OP
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
Instructie voor mensen met nikkelallergie
In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
Geschikte accessoires kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of op het internet kopen.
"Meer accessoires", Pagina 11
25.2 Aanwijzingen voor het bakken
Gebruik bij het bakken de aangegeven inschuifhoogtes.
| Bakken op één niveau | Hoogte |
|---|---|
| hoog gebak of vorm op het rooster | 2 |
| plat gebak resp. op bakplaat | 3 |
| Bakken op twee niveaus | Hoogte |
| Braadslede Bakplaat | 3 1 |
| Vormen op het rooster: | Hoogte |
| eerste rooster tweede rooster | 3 1 |
| Bakken op drie niveaus | Hoogte |
| Bakplaat Braadslede | 5 3 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
| Bakken op drie niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Bakplaat | 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
Opmerkingen
Gebruik voor het bakken op meerdere niveaus hete lucht. Gebak dat gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
Bakken met stoom is alleen in één niveau mogelijk.
25.3 Aanwijzingen voor het braden en grillen
De instelwaarden gelden voor ongevuld vlees, braadklaar gevogelte en vlees en vis op koelkasttemperatuur, die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
Hoe groter het gevogelte, het vlees of de vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.
Keer gevogelte, vlees en vis na ca. 1/2 tot 2/3 van de opgegeven tijd.
Let er bij het keren van gevogelte op dat eerst de borstzijde resp. de kant van het vel onder ligt.
Braden en stoven met stoom
Bij gerechten met stoomondersteuning en een lange duur kan de watertank leeg raken. Vul de watertank bij indien nodig.
U moet het braadstuk of de vis niet omkeren.
Braden en grillen op het rooster
Het braden op het rooster is bijzonder geschikt voor groot gevogelte of meerdere stukken tegelijk
Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot 1/2 liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten.
Nooit met een geopende apparaatdeur grillen. Leg het te grillen stuk op het rooster. Plaats bovendien de braadslede, met de schuine kant naar de apparaatdeur, ten minste één inschuifhoogte eronder. Zo wordt afdruipend vet opgevangen.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan. Vormen van glas zijn het meest geschikt.
Open vorm
Gebruik een hoge braadvorm. De vorm op het rooster plaatsen.
Pagina 36
nl Zo lukt het
Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Gesloten vorm
De vorm op het rooster plaatsen.
Vlees, gevogelte en vis kunnen ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik daarvoor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer hete vormen van glas op een koude of natte ondergrond worden geplaatst, kan het glas barsten.
- Plaats hete glazen vormen op een droge onderzetter.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
25.4 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-170 | - | 50-70 | |
| Cake, eenvoudig | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-160 | - | 70-90 | |
| Cake, fijn (in rechthoekige vorm) | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 2 | 150-170 | - | 60-80 | |
| Cake, 2 niveaus | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 3+1 | 140-150 | - | 70-85 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 170-190 | - | 55-80 | |
| Gebak van gistdeeg in de springvorm | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 160-170 | - | 25-35 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150-160 | 1 | 40-45 | |
| Cakerol | Braadslede | 3 | 190-200 ¹ | 1 | 10-15 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 2 | 160-180 | - | 55-95 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 180-200 | - | 30-55 | |
| Muffins | Muffinplaat | 2 | 170-190 | - | 20-40 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Braadslede | 3 | 160-180 | - | 25-35 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Braadslede | 3 | 160-170 | 1 | 20-30 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Braadslede | 3 | 160-170 | - | 25-45 | |
| Koekjes | Braadslede | 3 | 140-160 | - | 15-25 | |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140-160 | - | 15-25 | |
| Koekjes, 3 niveaus | Braadslede + | 5+3+1 | 140-160 | - | 15-25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
1 Het apparaat voorverwarmen.
36
Pagina 37
Zo lukt het nl
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2x Bakplaat | ||||||
| Schuimgebak | Braadslede | 3 | 80-90 ¹ | - | 120-150 | |
| Brood, 1000 g (in rechthoekige vorm en op de plaat) | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210-220 ¹ 2. 180-190 ¹ | 1. 3 2. 0 | 1. 10-15 2. 40-50 | |
| Pizza, vers - op de bakplaat | Braadslede | 3 | 180-200 | - | 20-30 | |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 2 | 250-270 | - | 8-13 | |
| Quiche | Taartvorm of Zwart blik | 2 | 190-210 | - | 25-35 | |
| Börek | Braadslede | 1 | 180-200 | - | 40-50 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Vuurvaste schaal | 2 | 150-170 | 1 | 40-45 | |
| Kip, 1,3 kg, ongevuld | Open vorm | 2 | 220-230 | 1 | 60-70 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Open vorm | 3 | 220-230 | 1 | 35-45 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 2 | 1. 2. 3. | 1. 140-150 2. 140-150 3. 180-190 | 1. 1 2. 0 3. 0 | 1. 30-40 2. 70-80 3. 40-50 |
| Varkensrug, mager, 1 kg | Vlakke glazen vorm | 2 | 180 | - | 90-120 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 160-170 | 1 | 130-150 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 190-200 | - | 120-150 | |
| Runderfilet, medium, 1 kg ² | Braadslede + Rooster | 3 | 210-220 | - | 40-50 ³ | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ⁴ | Gesloten vorm | 2 | 200-220 | - | 130-150 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 180-200 | 1 | 50-60 | |
| Burger, 3-4 cm hoog ⁵ | Rooster | 4 | 3 | - | 25-30 ⁶ | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,0 kg ingebonden ⁷ | Open vorm | 2 | 170-190 | 1 | 70-80 ⁸ | |
| Vis, gebraden, heel 300 g, bijv. forel | Braadslede | 2 | 170-180 | 1 | 20-30 | |
| Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forel | Gesloten vorm | 2 | 170-190 | - | 30-40 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 De braadslede onder het rooster inschuiven.
3 Het gerecht na 1/2 - 2/3 van de totale tijd keren.
4 In het begin vloeistof in de vorm doen, gebraad moet minstens voor 2/3 in vloeistof liggen
5 De braadslede op inschuifhoogte 2 eronder plaatsen.
6 Het gerecht na 2/3 van de totale tijd keren.
7 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.
8 Keer het voedsel niet.
37
Pagina 38
nl Zo lukt het
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalm | Gesloten vorm | 2 | 180-200 | - | 55-65 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
Dessert
Yoghurt maken
- 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen.
- 2. De eerder voorbereide yoghurtmassa in kleine vormen gieten, bijv. in kopjes of kleine glazen.
- 3. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfolie.
- 4. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruimte.
- 5. Stel het apparaat in overeenkomstig de instellingsaanbevelingen.
- 6. De yoghurt na de bereiding in de koelkast laten afkoelen.
Insteladviezen voor desserts
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Yoghurt | Portievormen | Bodem van de binnenruimte | 40-45 | - | 8-9 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
25.5 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen
Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen.
Langzaam garen
Voor alle fijne stukken, die rosé of tot in de perfectie bereid moeten worden. Vlees en gevogelte blijven bij langzaam garen bij lage temperaturen sappig en mals.
Voedingswaar langzaam garen
Vereisten
De binnenruimte is koud.
Gebruik vers, en hygiënisch onberispelijk vlees. Het beste kunnen stukken zonder been en zonder veel bindweefsel worden gebruikt.
- 1. De binnenruimte en de vorm ca. 15 minuten voorverwarmen.
- 2. Het vlees op de kookplaat van alle kanten zeer heet aanbraden.
- 3. Het vlees direct op de voorverwarmde vorm in de binnenruimte van de oven doen.
- 4. Houd de deur van het apparaat gesloten om een gelijkmatig bereidingsklimaat te krijgen.
Insteladvies voor langzaam garen
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eendenborst, à 300 g | Open vorm | 2 | 6-8 | 95 ¹ | 60-70 | |
| Varkenshaas, heel | Open vorm | 2 | 4-6 | 85 ¹ | 75-100 | |
| Runderfilet, 4-6 cm dik, 1 kg | Open vorm | 2 | 6-8 | 85 ¹ | 90-150 | |
| Kalfsmedaillons, 4 cm dik | Open vorm | 2 | 4 | 80 ¹ | 50-70 | |
| Lamsrack, zonder been, à 200 g | Open vorm | 2 | 4 | 85 ¹ | 30-70 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 38)
Regenereren
Warm gerechten voorzichtig op met stoom. De gerechten smaken en zien eruit als vers klaargemaakt. U kunt ook bakproducten van de vorige dag opbakken.
Aanwijzingen voor het regenereren
Gebruik open, hitte- en stoombestendige vormen. Gebruik een platte, brede vorm. Door een koude vorm duurt het regenereren langer.
1 Het apparaat voorverwarmen.
38
Plaats de vorm op het rooster.
Leg het voedsel, dat u niet in de vorm bereidt, direct op het rooster op niveau 2 , bijv. broodjes.
Dek het voedsel niet af.
Open tijdens het regenereren de deur van de binnenruimte niet, omdat er veel stoom ontsnapt.
Veeg de binnenruimte en de druipgoot na het regenereren droog.
Pagina 39
Zo lukt het nl
Insteladvies voor opwarmen en regenereren
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Schotel, 1 portie | Open vorm | 2 | 120-130 | 15-25 | |
| Pizza, gebakken | Rooster | 2 | 170-180 ¹ | 5-15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
25.6 Testgerechten
De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1 te vergemakkelijken.
Bakken
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden zonder snel voorverwarmen.
Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven temperatuuur.
Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus:
- Braadslede, hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Vormen op het rooster:
Eerste rooster: hoogte 3
Tweede rooster: hoogte 1
Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus:
- Bakplaat: hoogte 5
- Braadslede, hoogte 3
- Bakplaat: hoogte 1
Biscuitgebak
- Wanneer u op 2 niveaus bakt, de springvormen steeds midden boven elkaar op de roosters plaatsen.
- Als alternatief voor een rooster kunt u ook de door ons aangeboden Air Fry plaat gebruiken.
Insteladviezen voor het bakken
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Sprits | Braadslede | 3 | 140-150 ² | - | 25-35 | |
| Sprits | Braadslede | 3 | 140 ² | - | 28-38 | |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 ² | - | 30-40 | |
| Sprits, 3 niveaus | Braadslede + 2x Bakplaat | 5+3+1 | 130-140 ² | - | 35-55 | |
| Small Cakes | Braadslede | 3 | 150 ² | - | 25-35 | |
| Small Cakes | Braadslede | 3 | 150 ² | - | 20-30 | |
| Small Cakes | Braadslede | 3 | 170 | - | 20-30 | |
| Small Cakes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 150 ² | - | 25-35 | |
| Small Cakes, 3 niveaus | Braadslede + 2x Bakplaat | 5+3+1 | 140 ² | - | 30-40 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160-170 ³ | - | 25-35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160-170 | - | 30-40 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 150-160 | 1 | 30-35 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
3 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
39
Pagina 40
nl Montagehandleiding
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte Verwar- Temperatuur in Stoom-mingsme- °C stand thode | Tijdsduur in min. | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Biscuitgebak, 2 niveaus | Springvorm Ø 26 cm | 3+1 | 150-160 ¹ | - | 35-50 |
| Apple Pie, 2 stuks | 2x Springvorm Ø 20 cm | 2 | 180-190 | - | 75-90 |
| Grillen Insteladviezen bij het grillen | |||||
| Voedingswaar | Toebehoren / vormen | Hoogte Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C / Grillstand | Tijdsduur in min. | |
| Toast bruinen | Rooster | 5 | 3 ² | 5-6 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
26 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
26.1 Algemene montage-instructies
Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.
- Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. De monteur is aansprakelijk voor schade als gevolg van een verkeerde inbouw.
- Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
- Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
- De installatie van het apparaat is voor een hoogte van minder dan 850 mm van de vloer toegestaan.
- Het apparaat op een horizontaal gesteld vlak plaatsen.
- De contactdoos van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak of buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.
1 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
2 Het apparaat niet voorverwarmen.
40