Bosch HVA541NS0, tekst van de handleiding
Pagina's 48–54 van 56 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 48
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijft hij lang mooi en intact. Hieronder wordt uitgelegd hoe u de oven op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Kans op een elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd worden, dient u zich te houden aan de volgende aanwijzingen.
Gebruik
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen
- geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen
- geen harde schuur- of schoonmaaksponsjes
- geen hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten.
Was nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik goed uit.
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Buitenzijde apparaat | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Roestvrij staal | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan gemakkelijk corrosie ontstaan. Bij de klantenservice of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Aluminium en kunststof | Glasreiniger: met een zachte doek schoonmaken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Oppervlakken van email (glad oppervlak) | Om het schoonmaken te vergemakkelijken kunt u de verlichting van de binnenruimte inschakelen en eventueel de apparaatdeur verwijderen. Een in de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel of azijnwater met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen. Gebruik een vochtig doekje met schoonmaakmiddel om ingebrande voedselresten te laten weken. Bij sterke verontreiniging raden wij u ovenreiniger in gelvorm aan. Deze kan direct op de betreffende plek worden opge-bracht. De binnenruimte na de reiniging open laten om te drogen. |
| Zelfreinigende oppervlakken (ruw oppervlak) | Houd u aan de aanwijzingen in het hoofdstuk: Zelfreinigende oppervlakken |
| Ruiten van de deur | Glasreiniger: met een zachte doek schoonmaken. Geen schraper gebruiken. |
| Glazen afscherming van de ovenlamp | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. |
| Dichting Niet afnemen! | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. |
| Inschuifrails | Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
Binnenruimte voorzien van laagje email
De binnenruimte is voorzien van een laagje zelfreinigend emaille.
De vlakken worden automatisch gereinigd terwijl de oven in gebruik is. Grotere spetters verdwijnen vaak pas nadat de oven meerdere malen is gebruikt.
Zelfreinigende oppervlakken
De zijwanden zijn voorzien van een laagje email. Maak deze vlakken nooit schoon met ovenreiniger. Een lichte verkleuring van het email heeft geen invloed op de zelfreiniging.
Pagina 49
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur uitnemen.
Ruiten van de deur verwijderen
- 1. Ovendeur volledig openen.
- 2. Beide scharnieren links en rechts met de veiligheidspen blokkeren.
Aanwijzing: De veiligheidspennen dienen volledig in de gaten van de scharnieren gestoken te zijn.
- 3. Het onderste deel van de binnenste ruit licht optillen totdat de veiligheidspennen loskomen uit de houder (1).
- 4. Het bovenste deel van de binnenste ruit voorzichtig optillen todat de veiligheidspennen loskomen uit de houder (2).
Attentie!
Bij het optillen van de binnenste ruit kan de middelste ruit eraan blijven vastzitten. Zorg ervoor dat de middelste ruit niet naar beneden valt.
- 5. Binnenste ruit verwijderen.
- 6. Middelste ruit verwijderen.
Aanwijzing: De middelste ruit is niet bevestigd met veiligheidspennen, maar wordt door rubberen lagers in de juiste positie gehouden.
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Deurruiten inbrengen
- 1. Middelste ruit terugplaatsen.
Aanwijzingen
- De middelste ruit is correct ingebracht wanneer het low-e-symbool leesbaar is.
- Let erop dat de ruit goed bevestigd is. Alle rubberen lagers moeten vlak tegen de buitenste ruit liggen.
- 2. Binnenste ruit terugplaatsen.
Aanwijzing: Alle vier de veiligheidspennen moeten in de daarvoor bestemde houders klikken.
- 3. Veiligheidspennen verwijderen en ovendeur sluiten.
Pagina 50
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Bij bijzonder sterke vervuiling kan de ovendeur worden verwijderd om hem beter te kunnen reinigen. Gewoonlijk is dit echter niet nodig.
Apparaatdeur verwijderen
- 1. Ovendeur volledig openen.
- 2. Beide scharnieren links en rechts met de veiligheidspen blokkeren (a).
Aanwijzing: De veiligheidspennen dienen volledig in de gaten van de scharnieren gestoken te zijn.
- 3. Ovendeur met beide handen aan de zijkant vastpakken en tot op ongeveer 30° sluiten (b).
- 4. Ovendeur licht optillen en eruit trekken.
Aanwijzing: Ovendeur niet volledig sluiten. De scharnieren kunnen verbogen worden en er kan schade aan het email ontstaan.
Apparaatdeur inbrengen
- 1. Ovendeur met beide handen aan de zijkant vastpakken.
- 2. Scharnieren in de openingen van de oven plaatsen (a).
Aanwijzing: De keep aan de onderkant van de scharnieren moet inklikken in de omlijsting van de oven (b).
- 3. Deur naar beneden laten zakken.
- 4. Veiligheidspennen verwijderen.
Risico van letsel!
Wanneer de ovendeur er per ongeluk uitvalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier niet met uw hand aanraken. Contact opnemen met de servicedienst.
Inhangroosters inbrengen en verwijderen
De inhangroosters kunt u verwijderen om ze gemakkelijker schoon te maken.
Inhangrooster verwijderen
De inhangroosters zijn steeds met drie punten aan de zijwanden in de binnenruimte bevestigd.
- 1. Inhangrooster aan de voorkant beetpakken en naar het midden van de binnenruimte trekken.
De voorste haak van het inhangrooster komt los uit het gat.
- 2. Inhangrooster verder openklappen en uit de achterste gaten van de zijwand trekken.
- 3. De emailbekleding van de binnenruimte vasthouden.
- 4. Inhangroosters verwijderen uit de binnenruimte.
Inhangrooster inbrengen
- 1. De emailbekleding van de binnenruimte vasthouden.
- 2. De haken van het inhangrooster in de achterste gaten van de zijwand steken.
- 3. De voorste haak van het inhangrooster in het gat drukken.
Pagina 51
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Neem alstublieft de volgende aanwijzingen in acht voor u de servicedienst belt.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Aanwijzing/Oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | Zekering defect | Kijk in de meterkast of de fornuiszekering in orde is. |
| Stroomstoring. | Controleer of de keukenverlichting werkt. | |
| Het is niet mogelijk om de oven uit te schakelen. | De elektronica is defect. | Zekering uitschakelen. Contact opnemen met de servicedienst. |
| Elke seconde klinkt een pieptoon. | De temperatuursensor is defect. | Functiekeuzeknop op de nulstand draaien. Wanneer de pieptoon blijft klinken nadat de verwarmingsmethode opnieuw is ingesteld, het apparaat uitschakelen en de servicedienst hiervan op de hoogte brengen. |
| Twee keer per seconde klinkt een pieptoon. | De temperatuur in de oven is te hoog. | |
| De tijdsindicatie knippert. | Stroomuitval | Tijd opnieuw instellen. |
| De oven warmt niet op. | Zekering defect | Zekering controleren of vervangen. |
| Functiekeuzeknop is niet ingesteld. | Functiekeuzeknop instellen. | |
| Het glas van de deur is gebroken. | Apparaat uitschakelen. Contact opnemen met de servicedienst. | |
| Vruchtensap of eiwitvlekken op geëmailleerde vlakken. | Vochtige sappen van gebak of vlees. | Onschuldige verandering van het email, niet te herstellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)
Risico van een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de servicedienst.
Wanneer uw apparaat op ondeskundige wijze wordt gerepareerd, kunnen er aanzienlijke risico's voor u ontstaan.
Ovenlamp vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige reservelampen kunt u kopen bij de klantenservice of in speciaalzaken. Vermeld a.u.b. het E-nummer en het FD-nummer van uw apparaat. Gebruik geen andere lampen.
Kans op een elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
- 1. Binnenruimte laten afkoelen.
- 2. Apparaatdeur openen.
- 3. Theedoek in de binnenruimte leggen, om schade te voorkomen.
- 4. Inhangrooster verwijderen.
- 5. Glazen kapje verwijderen.Daarvoor het kapje met de hand van voren openen. Kan het kapje moeilijk worden verwijderd, gebruik er dan een lepel bij.
- 6. Ovenlamp eruit halen.
- 7. Ovenlamp vervangen door een van hetzelfde type: Spanning: 230 V;
Vermogen: 40 W;
Fitting: G9;
Temperatuurbestendigheid: 300 °C
- 8. Glazen kapje van de ovenlamp terugplaatsen.
- 9. Inhangrooster aanbrengen.
- 10. Theedoek weer verwijderen.
- 11. Zekering weer inschakelen.
- 12. Controleren of de ovenverlichting weer functioneert.
Pagina 52
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. U vindt het typeplaatje met de nummers aan de onderkant van de binnenruimte als de ovendeur geopend is. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-Nr FD-nr.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
Voor alle landen vindt u hier of in de bijgesloten lijst de contactgegevens van de klantendienst die het dichtst bij u in de buurt is gevestigd.
Reparatieorder en advies bij storingen
D
01801 22 33 55 (0,039 €/min. vanaf een vast telefoonnummer, voor mobiele telefoon max. 0,42 €/min.)
CH
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde vaklui die over de originele onderdelen voor uw apparaat beschikken.
Servicedienst
Energie en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen
- Verwarm de oven alleen voor wanneer dit in het recept vermeld staat.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de warmte bijzonder goed op.
- Open de ovendeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
- Bakt u meerdere taarten tegelijk, dan kunt u ze het beste naast elkaar plaatsen. Omdat de oven nog warm is, kunt u voor de tweede taart een kortere baktijd aanhouden. U kunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen.
- Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Acrylamide in levensmiddelen
Acrylamide ontstaat vooral bij met hoge verhitting klaargemaakte graan- en aardappelproducten, zoals bijv. aardappelchips, frites, toast, broodjes, brood of fijne bakwaren (koekjes, taaitaai, speculaas).
| Tips voor een acrylamidearme bereiding van gerechten | |
|---|---|
| Algemeen | ■ Zo kort mogelijke bereidingstijden aanhouden. ■ Gerechten goudgeel, niet te donker laten worden. ■ Grote, dikke gerechten bevatten minder acrylamide. |
| Bakken | Met boven- en onderwarmte, max. 200 °C. Met 3D-hetelucht of hetelucht max. 180 °C. |
| Koekjes | Met boven- en onderwarmte, max. 190 °C. Met 3D-hetelucht of hetelucht max. 170 °C. Ei of eigeel vermindert de vorming van acrylamide. |
| Oven-frites | Gelijkmatig en in één laag over de plaat verdelen. Minstens 400 g per plaat bakken, zodat de frites niet uitdrogen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
52
Pagina 53
Tips
Hier vindt u vele tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in speciaalzaken kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of servies uit de binnenruimte neemt.
Bakken
Bakvormen
- Gebruik vooral lichte bakvormen en -platen.
- Zet de bakvormen altijd in het midden van het bak- en braadrooster.
Tips voor het bakken
| Zo stelt u vast of de cake goed doorbakken is. | Prik ca. 10 minuten voor het einde van de in het recept vermelde baktijd met een stokje in het hoogste punt van het gebak. Wanneer er geen deeg meer aan de prikker zit, is het gebak klaar. |
| Het gebak zakt in. | Voeg de volgende keer minder vloeistof toe of stel de oventemperatuur 10 graden lager in. Houd rekening met de omroertijden in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | De rand van de springvorm niet invetten. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het gebak wordt te donker aan de bovenkant. | Plaats het verder naar binnen, kies een lagere temperatuur en bak het iets langer. |
| Het gebak is te droog. | Als het gebak klaar is, prikt u er met een prikker kleine gaatjes in. Vervolgens druppelt u er vruchtensap of alcohol over. Stel de temperatuur de volgende keer 10 graden hoger in en houd kortere baktijden aan. |
| Het brood of het gebak (bijv. kwarktaart) ziet er goed uit, maar is van binnen klef (zacht, doortrokken met waterstrepen) | Gebruik de volgende keer wat minder vloeistof en bak iets langer bij een wat lagere temperatuur. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor. Bestrooi het met amandelen of paneermeel en doe dan de bovenlaag erop. Houd u aan de recepten en baktijden. |
| Het gebak is ongelijkmatig bruin geworden. | Kies een wat lagere temperatuur, dan wordt het gebak gelijkmatiger bruin. Bakpapier dat uitsteekt kan de luchtcirculatie beïnvloeden. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed op de plaat past. |
| Het vruchtengebak is te licht aan de onderkant. | Plaats het gebak de volgende keer één niveau lager. |
| Het sap van de vruchten stroomt over. | Gebruik, indien beschikbaar, de volgende keer de diepere braadslede. |
| Klein gebak van gistdeeg plakt bij het bakken aan elkaar. | Tussen de gebakstukken dient een afstand van ca. 2 cm te zijn. Zo is er voldoende plaats en kan het gebak goed rijzen en helemaal bruin worden. |
| Bij het bakken van vochtig gebak ontstaat er condenswater. | Bij het bakken kan waterdamp ontstaan. Deze komt vrij via de deur. De waterdamp kan neerslaan op het bedieningspaneel of op het meubilair en als condens neerdruppelen. Dit is normaal. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
Braden en grillen
Vormen
U kunt alle vormen gebruiken die hittebestendig zijn. Zet de vorm altijd midden op het rooster. Voor grote stukken vlees is ook de geëmailleerde bakplaat geschikt.
Tips voor het braden
- Een lage temperatuur zorgt ervoor dat het gerecht gelijkmatiger bruin wordt.
- Doe bij mager vlees 2 tot 3 eetlepels en bij stoofvlees 8 tot 10 eetlepels vloeistof, afhankelijk van de grootte.
- Steek bij eend of gans het vel onder de vleugels vast, dan kan het vet weglopen.
- Gevogelte wordt bijzonder knapperig bruin als u het tegen het einde van de bereidingstijd bestrijkt met boter, zout water of sinaasappelsap.
- Keer stukken vlees na de helft van de bereidingstijd.
- Als het vlees klaar is, moet het nog 10 minuten in de uitgeschakelde, gesloten oven blijven liggen. Zo wordt het vleessap beter verdeeld.
- Bij het braden van grotere vleesstukken kan er meer stoom ontstaan en neerslag op de ovendeur terechtkomen. Dit is normaal en heeft geen invloed op de werking. Wrijf na het braden de ovendeur en het kijkvenster droog met een doekje.
- Braadt u direct op het rooster, plaats dan ook de geëmailleerde bakplaat op inschuifhoogte 1, zodat het vet kan worden opgevangen.
Tips voor het grillen
- Gebruik zoveel mogelijk stukken van gelijke dikte voor het grillen. Ze moeten minstens 2 tot 3 cm dik zijn. Zo worden ze gelijkmatig bruin en blijven ze lekker mals.
- Leg de te grillen producten op het midden van het rooster. Giet een beetje water op de geëmailleerde bakplaat en plaats hem op de inschuifhoogte eronder, zodat het vet wordt opgevangen. Plaats hem nooit direct op de bodem van de binnenruimte.
- Besprenkel het vlees met wat olie voordat u het op het rooster onder de grill legt.
- Keer dunner vlees na de helft van de grilltijd en dikker vlees vaker tijdens het grillen. Gebruik hierbij een grilltang, dan doorboort u het vlees niet en blijft het vleessap in het vlees.
- Donkere vleessoorten, zoals lams- en rundvlees, worden sneller en beter bruin dan licht varkens- en kalfsvlees.
53
Pagina 54
Tips voor het braden
| Hoe kunt u vaststellen of het vlees klaar is. | Gebruik de vleesthermometer (verkrijgbaar in de speciaalzaak) of doe de “lepeltest". Druk met de lepel op het vlees. Voelt het stevig aan, dan is het klaar. Geeft het mee, dan heeft het nog wat tijd nodig. |
| Het vlees is te donker en de korst is op enkele plaatsen verbrand. | Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur. |
| Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is aangebrand. | Neem de volgende keer kleiner braadgerei en voeg wat meer vloeistof toe. |
| Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is te licht en te waterig. | Gebruik de volgende keer groter braadgerei en voeg minder vloeistof toe. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
Voor u in onze kookstudio getest
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode, temperatuur en inschuifhoogte het meest geschikt zijn voor uw gerecht.
Aanwijzingen
- De opgegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in speciaalzaken kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of servies uit de binnenruimte neemt.
Bij alle vermeldingen wordt ervan uitgegaan dat de oven voorverwarmd is.
| Gerecht | Gewicht (kg) | Inschuiven | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|
| Lasagne | 3-4 | 1 | 200-230 | 50-60 | |
| Pastaschotel | 2 | 1 | 220-230 | 40-45 | |
| Gebraden kalfsvlees | 1,5 | 2 | 180-190 | 70-80 | |
| Varkenslende | 1 | 2 | 180-190 | 50-60 | |
| Gebraden haas | 1,5 | 2 | 180-190 | 70-80 | |
| Gegrillde kip | 1 | 2 | 180-190 | 50-60 | |
| Gegrillde kip | 2 | 2 | 180-190 | 80-90 | |
| Braadworst | 1 | 3 | 7 | max. | 7-9 eerste kant 5-6 tweede kant |
| Varkenskotelet | 2 | 4 | max. | 12-15 eerste kant 5-7 tweede kant | |
| Verse vis | 1,5 | 2 | 160-170 | 50-60 | |
| Verse pizza | 2 | 1 | max. | 9-11 | |
| Brood | 2 | 2 | 190-200 | 40-50 | |
| Biscuittaart | 1 | 2 | 150-160 | 50-60 | |
| Marmeladetaartjes | 1 | 2 | 160-170 | 40-50 | |
| Brioche | 1 | 2 | 160-170 | 25-30 | |
| Muffins | 15 stuks per 30 g | 2 | 170 | 25 |