naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch KIS86HDD0, tekst van de handleiding

Pagina's 104–118 van 120 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 92–103

Pagina 104

nl Extra functies

Opmerking: Na ca. 15 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Superkoelen uitschakelen

De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.

8.2 Automatisch Supervriezen

Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen de levensmiddelen sneller tot in de kern. De automatische Supervriezen schakelt in als u verse levensmiddelen in de achter op de grote diepvrieslade geplaatste driepvriesschaal of van rechts beginnend in de vlakke diepvrieslade legt.

Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt "super" (vriesvak) en er kunnen meer geluiden ontstaan.

Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.

Automatische Supervriezen annuleren

De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.

8.3 Handmatig Supervriezen

Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk.

Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in.

Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.

"Voorwaarden voor invriesvermogen", Pagina 109

Opmerking: Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Handmatig Supervriezen inschakelen

"super" (vriesvak) brandt.

Opmerking: Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Handmatig Supervriezen uitschakelen

De voordien ingestelde temperatuur wordt op indicatie aangegeven.

8.4 Vakantiemodus

Als u langere tijd afwezig bent, kunt u het apparaat in de energiebesparende vakantiemodus schakelen.

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Terwijl de vakantiemodus is ingeschakeld, warmt het koelvak op. Door de verhoogde temperatuur kunnen bacteriën zich vermenigvuldigen en de levensmiddelen bederven.

Het apparaat stelt de temperaturen automatisch om.

Koelvak14 °C
VriesvakTemperatuur ongewijzigd

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 104)

Pagina 105

Vakantiemodus inschakelen

De temperatuurindicatie (koelvak) toont geen temperatuur.

Vakantiemodus uitschakelen

9 Alarm

9.1 Deuralarm

Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.

Er klinkt een waarschuwingssignaal.

Deuralarm uitschakelen

Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.

9.2 Temperatuuralarm

Wanneer het te warm is in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm geactiveerd.

Er klinkt een waarschuwingssignaal en "alarm" brandt.

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.

Alarm nl

Het temperatuuralarm kan in de volgende gevallen inschakelen:

Het apparaat wordt in gebruik genomen.

Levensmiddelen pas in het apparaat inruimen wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt.

Er worden grote hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd. Voor het in het apparaat inruimen van grote hoeveelheden levensmiddelen Supervriezen inschakelen.

De deur van het vriesvak is te lang geopend.

Controleer of het diepvriesproduct deels of geheel is ontdooid.

Temperatuuralarm uitschakelen

Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.

De temperatuurindicatie (vriesvak) geeft kort de warmste temperatuur weer die in het vriesvak heeft geheerst. Daarna toont de temperatuurindicatie (vriesvak) opnieuw de ingestelde temperatuur.

Vanaf dit moment wordt de warmste temperatuur opnieuw bepaald en in het geheugen opgeslagen. "alarm" brandt als de ingestelde temperatuur opnieuw is bereikt.

10 Home Connect

Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app te bedienen.

De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect dien-

105

Pagina 106

nl Home Connect

sten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com. Om Home Connect te kunnen gebruiken, dient u eerst de verbinding met het WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi ¹) en met de Home Connect app te configureren.

Na het inschakelen van het apparaat ten minste 2 minuten wachten tot de interne initialisatie van het apparaat is voltooid. Configureer pas dan Home Connect.

De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen en houd u aan de instructies in de Home Connect app.

Opmerkingen

Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. "Veiligheid", Pagina 93

De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.

10.1 Home Connect instellen

Vereiste: Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

Via de QR-code kunt u de Home Connect app installeren en uw apparaat verbinden.

10.2 Signaalsterkte controleren

Als er geen verbinding kan worden gemaakt, kunt u het beste de signaalsterkte controleren.

De temperatuurindicatie (koelvak) toont "Cn".

De temperatuurindicatie (diepvriesvak) geeft een waarde tussen "0" (geen ontvangst) en "3" (maximale ontvangst) weer.

Opmerking: De signaalsterkte moet minimaal "2" bedragen.

Ontvangst verbeteren

Als de signaalsterkte te laag is, kan de verbinding worden onderbroken.

1 Wi-Fi is een geregistreerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance.

106

Pagina 107

10.3 Update van de Home Connect software installeren

Het apparaat zoekt regelmatig naar updates voor de Home Connect software.

Opmerking: Als er updates beschikbaar zijn, toont de temperatuurindicatie (koelvak) "UP".

Om de update af te breken en de temperatuurindicatie (koelvak) op de ingestelde temperatuur terug te zetten, op een willekeurig touchveld drukken.

De temperatuurindicatie (koelvak) toont "Cn".

De temperatuurindicatie (diepvriesvak) toont een animatie.

De update wordt geïnstalleerd. Tijdens de installatie is het bedieningspaneel geblokkeerd.

Bij een succesvolle installatie toont de temperatuurindicatie (diepvriesvak) "On".

Home Connect nl

10.4 Home Connect instellingen resetten

Als het tot verbindingsproblemen van uw apparaat met uw thuisnetwerk (WiFi) komt of als u uw apparaat in een ander thuisnetwerk (WiFi) wilt aanmelden, kunt u de Home Connect instellingen terugzetten.

De temperatuurindicatie (koelvak) toont "Cn".

De temperatuurindicatie (diepvriesvak) toont gedurende ca. 15 seconden een animatie.

De temperatuurindicatie (vriesvak) geeft "OF" weer.

De Home Connect instellingen zijn gereset.

10.5 Bescherming persoonsgegevens

Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):

Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde

WiFi communicatiemodule).

Veiligheidscertificaat van de WiFicommunicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).

107

Pagina 108

nl Koelvak

De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudapparaat. Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.

Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.

Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.

11 Koelvak

In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewaren.

De temperatuur is van 2 °C tot 8 °C instelbaar.

Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

11.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak

Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.

Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt of afgedekt.

Om de luchtcirculatie niet te hinderen en het bevriezen van levensmiddelen te vermijden, de levens-

108

middelen niet direct tegen de achterwand plaatsen.

Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.

Houd de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.

11.2 Koudezones in het koelvak

Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

Koudste zone

De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eronder liggende legplateau.

Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.

Warmste zone

De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

11.3 Sticker "OK"

Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.

De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.

Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.

"Koelvaktemperatuur instelen", Pagina 103

Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren

Pagina 109

voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling

12 Vriesvak

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.

De temperatuur is van −16 °C tot −24 °C instelbaar.

Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.

12.1 Invriescapaciteit

Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.

Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje.

"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 100

Voorwaarden voor invriesvermogen

"Handmatig Supervriezen inschakelen", Pagina 104

Vriesvak nl

12.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken

Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak kunt doen.

12.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak

Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt.

Breng in te vriezen levensmiddelen niet in aanraking met ingevroren levensmiddelen.

De levensmiddelen naast elkaar in de diepvriesladen leggen.

Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.

12.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen

Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen.

Levensmiddelen per portie invriezen.

Bereide levensmiddelen zijn beter geschikt dan rauw eetbare levensmiddelen.

Groente vóór het invriezen wassen, kleiner maken en blancheren.

Fruit vóór het invriezen wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen.

Voor het invriezen geschikte levensmiddelen zijn bijv. bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, eieren zonder schaal,

109

Pagina 110

nl Ontdooien

kaas, boter, kwark, kant-en-klaargerechten en etensresten.

Voor het invriezen ongeschikte levensmiddelen zijn bijv. kropsla, radijsjes, eieren met schaal, druiven, rode appels en peren, yoghurt, zure room, crème fraîche en mayonaise.

Diepvrieswaren verpakken

Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.

12.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C

ProductBewaartijd
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banketTot 6 maanden
Gevogelte, vleesTot 8 maanden
Groente, fruitTot 12 maanden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 110)

De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18°C.

110

12.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.

Dierlijke levensmiddelen in het koelvak ontdooien, bijv. vis, vlees, kaas en kwark.

Brood bij kamertemperatuur ontdooien.

Levensmiddelen voor directe consumptie in de magnetron, in de oven of op de kookplaat bereiden.

13 Ontdooien

13.1 Ontdooien in het koelvak.

Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.

Het dooiwater loopt via de dooiwatergoot in het afvoergat naar de verdampingsschaal en hoeft niet worden afgeveegd.

Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen Pagina 112.

13.2 Ontdooien in het vriesvak

Het diepvriesvak ontdooit niet automatisch. Een laag rijp in het vriesvak

Pagina 111

vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.

Vriesvak ontdooien

Het vriesvak regelmatig ontdooien.

"Handmatig Supervriezen inschakelen", Pagina 104

De levensmiddelen bereiken hierdoor heel lage temperaturen en u kunt de levensmiddelen langer op kamertemperatuur bewaren.

Pagina 103

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Heet water, spatwater en stoom kunnen tot verbranding leiden.

Zet om het ontdooien te versnellen een pan met heet, niet kokend water op een panonderzetter in het vriesvak.

Reiniging en onderhoud nl

Pagina 103

14 Reiniging en onderhoud

De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.

14.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging

Pagina 103

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Pagina 112

Pagina 113

14.2 Apparaat schoonmaken

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.

Pagina 112

nl Reiniging en onderhoud

Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.

LET OP

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen.

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

Pagina 103

14.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.

Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.

Fig. 7

14.4 Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.

Plateau verwijderen

Fig. 8

Uittrekbaar legplateau verwijderen

Fig. 9

Deurrek verwijderen

Fig. 10

Groente- en fruitlade verwijderen

Fig. 11

Pagina 113

Storingen verhelpen nl

Diepvrieslade verwijderen

Fig. 12

14.5 Apparaatonderdelen demonteren

Als u uw apparaat grondig wilt reinigen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren.

Legplateau boven de fruit- en groentelade verwijderen

Fig. 13

15 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
▸ Voer de apparaatzelftest uit. Pagina 116
Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Het apparaat is te vaak geopend.
▸ Open de apparaatdeur niet onnodig.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 113)

Pagina 114

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat.
▸ Het vriesvak regelmatig ontdooien. Pagina 111
▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag.Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achterwand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid.
▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▸ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af.
▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
▸ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden.
Home Connect functioneert niet correct.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Ga naar www.home-connect.com.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 114)

Pagina 115

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
"E" of "d" verschijnt op het temperatuurdisplay.De elektronica heeft een fout geconstateerd.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 103
2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
3. Sluit het apparaat na 5 minuten weer aan.
4. Als de melding nog altijd verschijnt, neem dan contact op met de klantenservice.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Temperatuurindicatie (vriesvak) knippert.Temperatuur in het vriesvak was te hoog.
1. Druk op alarm.
De temperatuurindicatie (vriesvak) geeft kort de warmste temperatuur weer die in het vriesvak heeft geheerst. Daarna toont de temperatuurindicatie (vriesvak) opnieuw de ingestelde temperatuur.
2. Druk op alarm.
De temperatuurindicatie (vriesvak) knippert niet meer.
Er klinkt een waarschuwingssignaal, het temperatuurdisplay (vriesvak) knippert en "alarm" brandt.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Druk op alarm.
Schakel het alarm uit.
Deur van het apparaat is open.
▸ Sluit de deur van het apparaat.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.
▸ Overschrijd het vriesvermogen niet.
"Invriescapaciteit", Pagina 109
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 103
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. Pagina 103
▸ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
▸ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Bodem van het koelvak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.
▸ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. Pagina 112

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 115)

Pagina 116

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Bodem van het koelvak is nat.
Het apparaat borrelt, zoemt of gorgelt of klikt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.
▸ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.
▸ Haal flessen of containers van elkaar.
Supervriezen is ingeschakeld.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
15.1 Stroomuitval15.2 Apparaatzelftest uitvoe-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 116)

Tijdens een stroomuitval stijgt de ren temperatuur in het apparaat, hierdoor Uw apparaat beschikt over een appaverkort de bewaartijd en de kwaliteit raatzelftest, welke storingen weervan de diepvriesproducten vermin- geeft, die uw service kan verhelpen. dert. 1. Het apparaat uitschakelen. Op onze website van uw apparaat Pagina 103 vindt in de technische gegevens de 2. Het apparaat na 5 minuten op-bewaartijd van de diepvriesproducten nieuw inschakelen. Pagina 103 in geval van een storing. 3. Binnen 10 seconden na het in-Opmerkingen schakelen super (vriesvak) gedu-Het apparaat tijdens een stroomuit- rende 3 tot 5 seconden ingedrukt val zo weinig mogelijk openen en houden tot er een akoestisch siggeen andere levensmiddelen inrui- naal weerklinkt.

men. De apparaatzelftest start. De kwaliteit van de levensmiddelen Tijdens de apparaatzelftest weeronmiddellijk na de stroomuitval klinkt tussendoor een lang akoes-controleren. tisch signaal.

Pagina 117

orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.

Als na het einde van de apparaatzelftest 5 akoestische signalen klinken en "super" (vriesvak) gedurende 10 seconden knippert, neem dan contact op met de service.

16 Opslaan en afvoeren

16.1 Apparaat buiten gebruik stellen

Pagina 103

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Pagina 110

Pagina 111

16.2 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

Opslaan en afvoeren nl

WAARSCHUWING

Brandgevaar!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

17 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims

117

Pagina 118

nl Technische gegevens

die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 100

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

eprel.ec.europa.eu/ ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

19 Conformiteitsverklaring

Hiermee verklaart BSH Hausgeräte GmbH, dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.

Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.

2,4-GHz-band (2400–2483,5 MHz): max. 100 mW

18 Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 100

Dit product bevat een lichtbron van energieklasse F. De lichtbron is leverbaar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.

Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps://

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

118

← pagina's 92–103Inhoud